C Bijlage-2-bestemmingsplan-Middenpad-naast-41-incl-toelichting-regels-verbeelding
Tekst van het document
Pagina 24 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Het ecologisch onderzoek gaat ook in op de inspectie van de schuur. Voor meer informatie over de aanwezigheid van vleermuizen wordt verwezen naar hoofdstuk 3.1, subkop ‘Vleermuizen’, bladzijde 11 van het ecologisch onderzoek. Gebiedsbescherming Tevens is beoordeeld of het plan nadelige effecten kan hebben op nabijgelegen natuurgebieden. Op basis van de site van het ministerie van LNV wordt duidelijk dat er geen Natura-2000 gebieden of andere natuurgebieden in de directe omgeving zijn. Ten zuidoosten, op ca. 1,4 km afstand ligt het meest nabijgelegen Natuur Netwerk Nederland gebied. Het betreft de jachthaven van watersportvereninging ‘’t Neckerhop’. Ten zuidwesten, op ca. 2,1 km, ligt het Natura 2000 gebied ‘Polder Zeevang’. Ten noordoosten, op ca. 3,2 km afstand, ligt het Natura 2000 gebied ‘Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder’. Gezien deze afstanden is het niet aannemelijk dat het voorgenomen plan van één woning, nadelige effecten heeft op deze natuurgebieden. Volledigheidshalve is er een stikstofberekening uitgevoerd om dit aan te tonen, zie navolgende paragraaf.
Figuur 7. Foto bestaande situatie plangebied (bron: Google Streetview)
Figuur 8. Foto bestaande bebouwing (bron: Ruben Wennekers architecten)
Pagina 25 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
4.4.2 Stikstofdepositie Op 15 juni 2015 is het Programma Aanpak Stikstof (PAS) vastgesteld. Het PAS bevat maatregelen die leiden tot een afname van stikstofdepositie en maatregelen die leiden tot een versterking van de natuurwaarden in de Natura 2000-gebieden. Een gedeelte van de toekomstige afname van stikstofdepositie kan vervolgens worden opgevuld door economische activiteiten die leiden tot een toename van stikstofdepositie. In de praktijk blijkt echter de afname van stikstofdepositie als gevolg van de maatregelen niet gegarandeerd te kunnen worden. Daarom heeft op 29 mei 2019 de Raad van State een uitspraak gedaan. Hierin oordeelt de Raad dat het PAS niet als basis voor toestemming voor activiteiten mag worden gebruikt. Het uitgangspunt is sindsdien nog steeds dat voor nieuwe initiatieven aangetoond moet worden dat er geen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden als gevolg van stikstofemissies en deposities ontstaan als gevolg van het initiatief. Het instrument waarmee de stikstof berekend kan worden is de AERIUS Calculator (update juni 2022). Planspecifiek Het plangebied maakt geen onderdeel uit van een beschermd gebied zoals het Natuur Netwerk Nederland, Natura 2000, weidevogelgebied of strategische natuur.
Om vervolgens te beoordelen of de beoogde ontwikkeling geen belasting voor nabijgelegen natuurgebieden oplevert door extra stikstofbelasting is een Aeriusberekening uitgevoerd, zie bijlage 2. De conclusie van het onderzoek luidt: De berekening is gedaan op 13 december 2023 met de actuele Aeriuscalculator (versie 2023.0.1). Het effect op Natura 2000-gebieden is 0,00 mol N/ha/j. Er kan worden geconcludeerd dat er wordt voldaan aan de norm. Het plan, zoals beschreven in paragaaf 1.2, kan op basis van voorliggende Aeriusberekening doorgang vinden. Het aspect ‘Ecologie’ vormt gezien bovenstaande conclusies geen beperking voor de beoogde ontwikkeling.
Bodemkwaliteit Het is wettelijk geregeld (Wbb en bouwverordening) dat bouw pas kan plaatsvinden als de bodem geschikt is (of geschikt is gemaakt) voor het beoogde doel. Een nieuwe bestemming mag pas worden opgenomen, als is aangetoond dat de bodem geschikt (of geschikt te maken) is voor de nieuwe of aangepaste bestemming. Indien sprake is van een verdachte locatie dient onderzocht te worden in welke mate de bodem verontreinigd is en wat voor gevolgen een eventuele bodemverontreiniging heeft voor de uitvoerbaarheid van het plan. Planspecifiek De bestemming van de planlocatie wijzigt niet. De bodem is dus reeds geschikt voor het beoogde gebruik. Een bodemonderzoek is voor de bestemmingsplanprocedure met de verantwoording of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening niet noodzakelijk.
Luchtkwaliteit Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door de Wet milieubeheer luchtkwaliteitseisen (ook wel Wet luchtkwaliteit genoemd, Wlk). De Wlk bevat grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijn stof, lood, koolmonoxide en benzeen. Hierbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk langs wegen vooral de grenswaarden voor stikstofdioxide (jaargemiddelde) en fijn stof (jaar- en daggemiddelde) van belang. De grenswaarden van de laatstgenoemde stoffen zijn in onderstaande tabel weergegeven. Pagina 26 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Tabel 2. Grenswaarden maatgevende stoffen Wet luchtkwaliteit.
Toetsing van
Grenswaarde
Stof Stikstofdioxide (NO2)
jaargemiddelde concentratie 40 µg / m³ Uurgemiddelde (mag max. 18 keer per jaar worden 200 µg / m³ overschreden) Fijn stof (PM10) jaargemiddelde concentratie 40 µg / m³ 24-gemiddelde concentratie (mag max. 35 keer per jaar 50 µg / m³ worden overschreden) Fijn stof (PM2,5) jaargemiddelde concentratie 25 µg / m³ In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt bij het opstellen van ruimtelijke plannen, uit oogpunt van de bescherming van de gezondheid van de mens, rekening gehouden met de luchtkwaliteit. In het Besluit NIBM (Niet in Betekenende Mate) en de bijbehorende regeling is exact bepaald in welke gevallen een project vanwege de beperkte gevolgen voor de luchtkwaliteit niet aan de grenswaarden hoeft te worden getoetst. Dit kan het geval zijn wanneer een project een effect heeft van minder dan 3% van de jaargemiddelde grenswaarde NO2 en PM10. Planspecifiek Een plan voldoet in de regel aan het NIBM-criterium als het minder dan 1.500 woningen betreft dan wel als er sprake is van een BVO van maximaal 100.000 m 2. Voorliggend plan blijft ruim onder het criterium. Nader onderzoek in het kader van luchtkwaliteit is dan ook niet noodzakelijk. Voorts is de huidige situatie en toekomstige ten aanzien van de luchtkwaliteit in beeld gebracht. Hiervoor is de site https://www.nslmonitoring.nl geraadpleegd.
Figuur 9: Concentratie stikstof in 2020, plangebied nabij pijl (bron: NSL Monitoringstool)
Figuur 10: Concentratie stikstof in 2030, plangebied nabij pijl (bron: NSL Monitoringstool)
Pagina 27 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Figuur 11: Concentratie PM10 fijnstof in 2020, plangebied nabij pijl (bron: NSL Monitoringstool)
Figuur 12: Concentratie PM10 fijnstof in 2030, plangebied nabij pijl (bron: NSL Monitoringstool)
Figuur 13: Concentratie PM 2,5 fijnstof in 2020, plangebied nabij pijl (bron: NSL Monitoringstool)
Figuur 14: Concentratie PM 2,5 fijnstof in 2030, plangebied nabij pijl (bron: NSL Monitoringstool)
De concentraties blijven op basis van de NSL-monitoringstool onder de wettelijk vereiste gemiddelde concentraties. De WHO en GGD hanteren advieswaarden voor fijn stof (PM 10) van 20 microgram per kuub, en 10 microgram per kuub voor PM 2,5 wat lager ligt dan de wettelijke grenswaarden. Voorliggend plan is getoetst aan het wettelijk vereiste, waaraan voldaan wordt. Ook wordt in de omgeving voldaan aan de advieswaarden van de WHO en de GGD. Gelet op het bovenstaande vormt het aspect luchtkwaliteit geen beletsel voor dit plan
Externe Veiligheid Sommige activiteiten brengen risico's op zware ongevallen met mogelijk grote gevolgen voor de omgeving met zich mee. Externe veiligheid richt zich op het beheersen van deze risico's. Het gaat daarbij om onder meer de productie, opslag, transport en het gebruik van gevaarlijke stoffen. Dergelijke activiteiten kunnen een beperking opleggen aan de omgeving. Door voldoende afstand tot de risicovolle activiteiten aan te houden kan voldaan worden aan de normen. Aan de andere kant is de ruimte schaars Pagina 28 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
en het rijksbeleid erop gericht de schaarse ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten. Het ruimtelijk beleid en het externe veiligheidsbeleid moeten dus goed worden afgestemd. De wetgeving rond externe veiligheid richt zich op de volgende risico’s: • risicovolle (Bevi-)inrichtingen; (Bevi staat voor Besluit externe veiligheid inrichtingen) • vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen; • vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor. Daarnaast wordt er in de wetgeving onderscheid gemaakt tussen de begrippen kwetsbaar en beperkt kwetsbaar en plaatsgebonden risico en groepsrisico. Deze begrippen worden hieronder toegelicht. Kwetsbaar en beperkt kwetsbaar Kwetsbaar zijn onder meer woningen, onderwijs- en gezondheidsinstellingen, en kinderopvang- en dagverblijven, en grote kantoorgebouwen (>1500 m²). Beperkt kwetsbaar zijn onder meer kleine kantoren, winkels, horeca en parkeerterreinen. De volledige lijst wat onder (beperkt) kwetsbaar wordt verstaan is in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) opgenomen. Plaatsgebonden risico en groepsrisico Het plaatsgebonden risico wordt uitgedrukt in een contour van 10-6 als grenswaarde. Het realiseren van kwetsbare objecten binnen deze contour is niet toegestaan. Het realiseren van beperkt kwetsbare objecten binnen deze contour is in principe ook niet toegestaan.
Echter, voor beperkte kwetsbare objecten is deze 10-6 contour een richtwaarde. Mits goed gemotiveerd kan worden afgeweken van deze waarde tot de 10-5 contour. Bij groepsrisico is niet een contour bepalend, maar het aantal mensen dat zich gedurende een bepaalde periode binnen de effectafstand van een risicovolle activiteit ophoudt. Bij groepsrisico wordt gewerkt met een oriëntatiewaarde en niet met een grenswaarde. Hoe meer mensen dicht op de bron zijn bij een bepaalde calamiteit, hoe groter het effect. Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) stelt dat bij elk bestemmingsplan, waar een relevant groepsrisico aanwezig is, dit risico moet worden verantwoord, ook wanneer dit onder de oriëntatiewaarde ligt. Hierbij geldt hoe hoger het groepsrisico des te zwaarder de verantwoording is. Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Voor (de omgeving van) de meest risicovolle bedrijven is het 'Besluit externe veiligheid inrichtingen' (Bevi) van belang. Het Bevi legt veiligheidsnormen op aan bedrijven die een risico vormen voor mensen buiten de inrichting. Het Bevi is opgesteld om de risico's, waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld vanwege risicovolle bedrijven, te beperken. Het besluit heeft tot doel zowel individuele als groepen burgers een minimaal (aanvaard) beschermingsniveau te bieden.
Via een bijhorende ministeriële regeling (Revi) worden diverse veiligheidsafstanden tot kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten gegeven. Aanvullend op het Bevi zijn in het Vuurwerkbesluit en het Activiteitenbesluit (Besluit algemene regels inrichtingen milieubeheer) veiligheidsafstanden genoemd die rond minder risicovolle inrichtingen moeten worden aangehouden. Het Bevi is gericht aan het bevoegd gezag inzake de Wet milieubeheer en de Wet ruimtelijke ordening en heeft onder meer tot doel om bij nieuwe situaties toetsing aan de risiconormen te waarborgen. Voor de toepassing van het Bevi, wordt een nieuw ruimtelijk besluit gezien als een nieuwe situatie. Vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor Het toetsingskader voor het onderdeel transportroutes gevaarlijke stoffen is het Besluit transportroutes externe veiligheid (Btev). Dit besluit is op 1 april 2015 in werking getreden. Bepaald moet worden of binnen de invloedsfeer van deze transportassen gevoelige functies mogelijk zijn. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in plaatsgebonden risico en groepsrisico. Voor sommige transportassen wordt rekening gehouden met het Plasbrandaandachtsgebied (PAG). Het PAG is het gebied tot 30 meter van
Pagina 29 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
de transportas waarin, bij de realisering van kwetsbare objecten, rekening dient te worden gehouden met de effecten van een plasbrand. Transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen Het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) en de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb) zijn op 1 januari 2011 in werking getreden. Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. Op basis van het Bevb wordt het voor gemeenten verplicht om bij de vaststelling van een bestemmingsplan, op basis waarvan de aanleg van een buisleiding of een kwetsbaar object of een risicoverhogend object mogelijk is, de grenswaarde voor het PR in acht te nemen en het GR te verantwoorden. Het Bevb vervangt hiermee de circulaires Zonering langs hogedruk aardgasleidingen (1984) en Zonering langs transportleidingen voor brandbare vloeistoffen (1991). Planspecifiek Om te beoordelen of er risico’s Externe Veiligheidsrisico’s zijn, is de risicokaart van de provincie geraadpleegd. De risicokaart toont dat er geen Bevi-inrichtingen, transportroutes gevaarlijke stoffen en buisleidingen aanwezig zijn nabij het plangebied. Het plan ligt niet binnen plaatsgebonden risicocontouren van risicobronnen.
Figuur 15. Uitsnede risicokaart. Plangebied nabij pijl
Bestrijdbaarheid van de omvang van een ramp of zwaar ongeval Bij een calamiteit, waarbij toxische stoffen (kunnen) vrijkomen, zal de brandweer inzetten op het beperken of voorkomen van effecten. Deze inzet zal voornamelijk plaatsvinden bij de bron. De brandweer richt zich dan niet direct op het bestrijden van effecten in of nabij het plangebied. De mogelijkheden voor bestrijdbaarheid worden daarom niet verder in beschouwing genomen. Mogelijkheden tot zelfredzaamheid Bij een calamiteit, waarbij toxische stoffen (kunnen) vrijkomen, is het belangrijk dat de aanwezigen in het plangebied worden geïnformeerd hoe te handelen bij dat incident. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde waarschuwings- en alarmeringspalen (WAS-palen) of NL-alert. Bij het genoemde incidentscenario is het advies om te schuilen in een gebouw en de ramen, deuren en ventilatieopeningen te sluiten. In het plangebied zijn voldoende mogelijkheden aanwezig om dit advies tijdig op te volgen. Gezien bovenstaande conclusies zijn van uit het aspect Externe veiligheid geen aanvullende randvoorwaarden van toepassing op het plan. Het aspect Externe Veiligheid vormt geen belemmering voor het plan. Pagina 30 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Archeologie en cultuurhistorie Het archeologisch en cultuurhistorisch erfgoed wordt binnen Nederland als waardevol beschouwd. De Erfgoedwet, vastgesteld in 2016, regelt op welke wijze omgegaan dient te worden met archeologisch erfgoed in Nederland. In 1992 ondertekende Nederland mede het zogenaamde Verdrag van Valetta (Malta). Dit verdrag heeft als doel de bescherming van het archeologisch erfgoed van Europa te bevorderen. In Nederland heeft dit geleid tot een herziening van de toenmalige Monumentenwet 1988 alsmede een aanvulling op of wijziging van bepaalde artikelen in enkele andere wetten. Deze Wijzigingswet is beter bekend als de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMZ), die op 1 september 2007 van kracht werd. Vanaf de inwerkingtreding van deze (wijzigings-)wet zijn gemeenten verplicht rekening te houden met archeologische waarden in de bestemmingsplannen. Deze wetten zijn vervangen door de Erfgoedwet, echter overgangsrecht in de Erfgoedwet regelt dat bepaalde bepalingen uit de Monumentenwet (die dus niet in de Erfgoedwet staan) nog van kracht zijn tot de Omgevingswet van kracht is. Planspecifiek De gemeente heeft haar gemeentelijk archeologiebeleid voor de locatie verwoord in de Beleidsnota Archeologie Gemeente Beemster 2003.
Het beleid is geformuleerd vanuit de overtuiging dat de gemeente het publieke belang van het kwetsbare en waardevolle archeologische erfgoed wil behartigen. De gemeentelijke archeologienota vormt een nadere uitwerking van het (inter)nationaal en provinciaal archeologiebeleid. Binnen de rode contouren in figuur 16 bevinden zich in de bodem waarschijnlijk de resten van enkele molengangen en buitenplaatsen uit de 17e eeuw. De resten zullen voornamelijk bestaan uit fundamenten van windmolens, kaden, hoofd- en bijgebouwen, voormalige vijvers en watergangen, gebruiksvoorwerpen en sporen van tuinaanleg. Zij leveren met name informatie over de vroegste windmolentechnologie en over de ruimtelijke, bouwkundige en tuin-architectonische ontwikkeling van de buitenplaatsen en het dagelijks leven van bewoners en personeel. De locatie is echter gelegen buiten deze rode contour.
Figuur 16. Uitsnede archeologische beleidskaart, Plangebied nabij blauwe puntlocatie.
Pagina 31 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
In de archeologienota is een archeologieregime voor het "overig grondgebied" opgenomen. Gelet op de lage trefkans is het opnemen van een regime voor het "overig grondgebied" door de gemeenteraad niet van toepassing verklaard. Dit zou namelijk onnodig kosten met zich meebrengen voor aanvrager en gemeente, aangezien hierdoor een archeologisch onderzoek verplicht zou worden terwijl de trefkans laag is. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor de voorgenomen woningbouw binnen het plangebied van dit bestemmingsplan. Op basis van voorgaande conclusie vormt het aspect archeologie geen belemmering voor voorliggend plan.
Waterhuishouding Het aspect water is van groot belang binnen de ruimtelijke ordening. Door verstandig om te gaan met het water kan verdroging en wateroverlast (waaronder ook risico van overstromingen e.d.) voorkomen worden en de kwaliteit van het water hooggehouden worden. Op Rijksniveau en Europees niveau zijn de laatste jaren veel plannen en wetten gemaakt met betrekking tot water. De belangrijkste hiervan zijn het Waterbeleid voor de 21e eeuw, de Waterwet en het Nationaal Waterplan. 4.9.1 Nationaal waterbeleid Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21ste eeuw heeft in augustus 2000 advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. De adviezen van de commissie staan in het rapport ‘Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21ste eeuw’ (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt. In het Waterbeleid voor de 21 e eeuw worden twee principes (drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd: • vasthouden, bergen en afvoeren: dit houdt in dat overtollig water zoveel mogelijk bovenstrooms wordt vastgehouden in de bodem en in het oppervlaktewater. Vervolgens wordt zo nodig het water tijdelijk geborgen in bergingsgebieden en pas als vasthouden en bergen te weinig opleveren wordt het water afgevoerd.
• schoonhouden, scheiden en zuiveren: hier gaat het erom dat het water zoveel mogelijk schoon wordt gehouden. Vervolgens worden schoon en vuil water zoveel mogelijk gescheiden en als laatste komt het zuiveren van verontreinigd water aan het bod. Waterwet Centraal in de Waterwet staat een integraal waterbeheer op basis van de ‘watersysteembenadering’. Deze benadering gaat uit van het geheel van relaties binnen watersystemen. Denk hierbij aan de relaties tussen waterkwaliteit, -kwantiteit, oppervlakte- en grondwater, maar ook aan de samenhang tussen water, grondgebruik en watergebruikers. Het doel van de waterwet is het integreren van acht bestaande wetten voor waterbeheer. Door middel van één watervergunning regelt de wet het beheer van oppervlaktewater en grondwater en de juridische implementatie van Europese richtlijnen, waaronder de Kaderrichtlijn Water. Via de Waterwet gelden verschillende algemene regels. Niet alles is onder algemene regels te vangen en daarom is er de integrale watervergunning. In deze integrale watervergunning zijn zes vergunningen uit eerdere wetten (inclusief keurvergunning) opgegaan in één aparte watervergunning. Nationaal Waterplan Op basis van de Waterwet is het Nationaal Waterplan vastgesteld door het kabinet.
Het Nationaal Waterplan geeft op hoofdlijnen aan welk beleid het Rijk in de periode 2016-2021 voert om te komen tot een duurzaam waterbeheer. Het Nationaal Waterplan richt zich op bescherming tegen overstromingen, Pagina 32 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
beschikbaarheid van voldoende en schoon water en de diverse vormen van gebruik van water. Het geeft maatregelen die in de periode 2016-2021 genomen moeten worden om Nederland ook voor toekomstige generaties veilig en leefbaar te houden en de kansen die water biedt te benutten. 4.9.2 Regionaal waterbeleid Waterschap Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier Het beleid van Waterschap Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) is vastgelegd in het Waterprogramma 2016-2021. In dit plan zijn beleid en wetgeving van hogere overheden en van HHNK zelf nader uitgewerkt. Hoofddoel van het plan is om het beheergebied klimaatbestendig te maken, toegespitst op de thema’s waterveiligheid, wateroverlast, watertekort, schoon en gezond water en crisisbeheersing. Planspecifiek Bestaand watersysteem Uit de interactieve legger van het waterschap blijkt dat de watergang aan de noord-, zuid- en oostzijde van het plangebied een secundaire watergang is. Het gewone onderhoud van de watergang is voor de aangrenzende eigenaren. Bijzonder onderhoud is voor de gemeente en of het waterschap. Het gewone en het bijzondere onderhoud moet in de toekomstige situatie gecontinueerd kunnen worden. Het perceel grenst aan twee zijden aan een watergang. Deze watergang is in beheer en onderhoud bij de gemeente. Om het onderhoud rijdend te kunnen uitvoeren, is de bereikbaarheid van het water essentieel.
Langs de watergang is daarom een obstakelvrije (geen bouwwerken/ opstallen en opgaande houtige beplanting) strook van 5 meter nodig. Dit is vergelijkbaar met de ten westen van het plangebied gelegen woningen die recent gerealiseerd zijn.
Figuur 17. Uitsnede Legger waterschap. Tabel 3. Tabel 3a primaire en 3b secundaire watergang. Onderhoudsplicht watergangen Algemeen Code OAF-QJ-11778 Categorie secundair Onderhoudsplicht Buitengewoon onderhoud Waterschap Baggeren Waterschap Gewoon nat onderhoud Waterschap Gewoon droog onderhoud Aanliggend eigenaar
Pagina 33 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Algemeen Code OAF-C-2157 Categorie secundair Onderhoudsplicht Buitengewoon onderhoud Gemeente Baggeren Gemeente Gewoon nat onderhoud Aanliggend eigenaar Gewoon droog onderhoud Aanliggend eigenaar
Verhard oppervlak In de bestaande situatie is het oppervlak grotendeels onverhard. Op het terrein staat één schuur met enige verharding. Het perceel heeft een oppervlakte van ca. 914 m2. De bestaande schuur met omliggende bestrating is ca. 75 m2. De nieuw te bouwen woning krijgt een oppervlakte van ca. 100 m2. Daarnaast is het aannemelijk dat nog circa 75 m2 aan tuin verharding erbij zal komen. De toename van verharding komt daarmee op 100 + 75 – 75 = 100 m2 . Het waterbeleid van het waterschap schrijft een watercompensatie in stedelijk gebied voor wanneer verhard oppervlakte toeneemt, met als ondergrens 800 m2. Omdat de ondergrens van 800 m2 niet wordt overschreden is er geen compensatie in de vorm van bijvoorbeeld open water noodzakelijk. Door het waterschap is aangegeven dat niet kan worden uitgesloten periodiek wateroverlast ontstaat bij piekbuien. Daarom adviseert het waterschap om hemelwater zo lang mogelijk op eigen terrein vast te houden. Initiatiefnemer is daarom van plan om infiltratiekratten of anders een wadi op eigen terrein aan te leggen om zo bij te dragen aan het voorkomen van wateroverlast.
Hemelwater en vuilwater afvoer Het hemelwater wordt naar de nabijgelegen watergang afgevoerd. Het vuilwater zal aangesloten worden op het bestaande riool van het perceel. Zoals bovenstaand ook vermeld is initiatiefnemer voornemens om het hemelwater op eigen terrein langer vast te houden door middel van infiltratiekratten of anders een Wadi. Voor de definitieve uitwerking van de infiltratiekratten dan wel de Wadi geldt dat wanneer dit boven de rioolpersleiding gebeurt, dit in overleg met het hoogheemraadschap uitgewerkt moet worden in verband met bepaalde restricties bij graven boven persleidingen. Materialen Bij het de nieuwbouw van de woningen zullen zo min mogelijk uitloogbare materialen worden toegepast. Kunststof en EPDM zijn daarin de oplossingen voor zink en lood. Het plan is ook ingediend in de digitale watertoets, zie bijlage 3. Bij het indienen van de watertoets is nog uitgegaan van eerdere planvorming die uitging van twee woningen op het perceel. Bij dat plan was de conclusie dat er geen watercompensatie noodzakelijk is. Het voorliggende bestemmingsplan gaat uit van een enkele woning. Daarmee wordt het te realiseren oppervlakte ook minder. Gevolg is dat er nog steeds geen watercompensatie nodig is voor de beoogde ontwikkeling. Een tweede conclusie is dat nog wel overleg over het plan plaats moet vinden. Dit gaat o.a.
over het persriool wat onder de planlocatie doorgaat. Dit overleg heeft plaatsgevonden wat geresulteerd heeft in het verminderen van het aantal woningen en de exacte aanwijzing van het bouwvlak. Gezien bovenstaande vormt het aspect water geen belemmering voor onderhavig plan.
Pagina 34 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Verkeer en parkeren Onderdeel van een goede ruimtelijke ordening is het effect van een beoogd nieuw project op de verkeersstructuur en het parkeren in en rondom het plangebied. Planspecifiek Om te bepalen hoeveel parkeerplaatsen noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van één woning in het plan is gebruik gemaakt van de CROW-parkeercijfers(de CROW-publicatie 381 de opvolger van publicatie 317). Voor de vrijstaande woningen is uitgegaan van ‘rest bebouwde kom, weinig stedelijk’, hierbij hoort de parkeernorm van 1,8 – 2,6 parkeerplaats. Dat komt neer op een gemiddelde parkeernorm van 2,2 parkeerplaats per woning. De totale parkeereis komt hiermee op 2,2 pp. Gezien de omvang van het perceel is meer dan voldoende ruimte om het parkeerplaats op eigen terrein te realiseren.
Pagina 35 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
5 Juridische planbeschrijving Plansystematiek Dit bestemmingsplan heeft tot doel een juridisch-planologische regeling te scheppen voor de bebouwing en het gebruik van de gronden binnen het plangebied. Het bestemmingsplan is gericht op het mogelijk maken van woningen. Bij het opstellen van voorliggend bestemmingsplan is aansluiting gezocht op het aangrenzende bestemmingsplan ‘Appels en Perenpad’ en bij de in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening geformuleerde uitgangspunten. Gestreefd is naar uniformering en standaardisering van bestemmingen en planregels. De Wet ruimtelijke ordening biedt mogelijkheden voor het opstellen van verschillende bestemmingsplanvormen, van zeer gedetailleerd tot zeer globaal. Voor iedere bestemming is een toegesneden bebouwingsregeling opgenomen. In het kader van de landelijke uniformering en standaardisering voldoet het plan aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012.
Opzet van de regels Overeenkomstig de SVBP2012 zijn de regels van voorliggend bestemmingsplan onderverdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsregels opgenomen. Hoofdstuk 3 en 4 bevatten de algemene regels respectievelijk de overgangs- en slotregels. Hierna wordt de inhoud van de regels per hoofdstuk kort toegelicht. In paragraaf 6.3 wordt nader ingegaan op de bestemmingen die in het bestemmingsplan zijn opgenomen. Hoofdstuk 1 - Inleidende regels Dit hoofdstuk bevat twee artikelen. In het eerste artikel zijn de begrippen opgenomen die van belang zijn voor de toepassing van het plan. Het tweede artikel betreft de wijze van meten, waarin wordt aangegeven hoe bij de toepassing van de bestemmingsregels wordt gemeten. Hoofdstuk 2 - Bestemmingsregels In dit hoofdstuk zijn regels gegeven voor de binnen het plangebied voorkomende bestemmingen, zoals die zijn aangegeven op de verbeelding. Per bestemming zijn in de bestemmingsomschrijving de toegelaten gebruiksvormen van de gronden aangegeven. Daarnaast is per bestemming bepaald welke vormen van bebouwing zijn toegestaan. In beginsel zijn hoofdgebouwen uitsluitend toegestaan binnen de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken, waarbij dient te worden voldaan aan de voorgeschreven maatvoering (met name de maximale goot- en/of bouwhoogte).
De verschillende bestemmingen bevatten, indien nodig, specifieke gebruiksregels. Per bestemming is daarnaast bepaald in welke gevallen burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bestemmingsplan. In paragraaf 6.3 wordt nader ingegaan op de afzonderlijke bestemmingen. Hoofdstuk 3 - Algemene regels Dit hoofdstuk bevat de volgende algemene regels: • de anti-dubbeltelbepaling; • algemene bouwregels; • algemene aanduidingsregels; • algemene afwijkingsregels; • algemene wijzigingsregels; • overige regels.
Pagina 36 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Hoofdstuk 4 - Overgangs- en slotregels Hoofdstuk 4 van de regels bevat twee artikelen. In het eerste artikel is het overgangsrecht opgenomen, zoals dat ingevolge het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven. Het tweede artikel bevat de slotregel. In de slotregel is aangegeven hoe de regels kunnen worden aangehaald.
De bestemmingen In het plangebied zijn verschillende bestemmingen weergegeven. Hieronder wordt een nadere beschouwing gegeven van deze bestemmingen. Artikel 5 Tuin. In het bestemmingsplan zijn de voortuinen bestemt als Tuin. Deze bestemming heeft als doel om de beoogde kwalitatieve uitstraling te behouden door de voortuinen groen te houden en vrij van bebouwing. De regels voor Tuin zijn overeenkomstig de regels van het naastgelegen bestemmingsplan ‘Appels en perenpad’. Artikel 6 Wonen De gronden met de bestemming 'Wonen-' zijn bestemd om de nieuw beoogde woningen planologisch mogelijk te maken. De regels voor Wonen zijn gebaseerd op de regels van het naastgelegen bestemmingsplan ‘Appels en perenpad’. De planregels zijn echter aangepast om de bouwmogelijkheden van het plan en de beoogde uitstraling van het plan mogelijk te maken.
Pagina 37 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
6 Maatschappelijk en economische uitvoerbaarheid Naast ruimtelijke uitvoerbaarheid wordt de beoogde ontwikkeling van het plangebied ook getoetst aan economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid.
Economische uitvoerbaarheid Op grond van de Grondexploitatiewet dient een exploitatieplan te worden vastgesteld bij het vaststellen van het bestemmingsplan of ander ruimtelijk plan, tenzij de economische uitvoerbaarheid anderszins is gegarandeerd. Het kostenverhaal van de gemeente vindt plaats via een anterieure overeenkomst. Het opstellen van een exploitatieplan is daarom niet verplicht. Vanuit het plan vloeien geen overige kosten of risico’s voort die voor rekening van de gemeente zijn. De economische uitvoerbaarheid van het plan is daarmee verzekerd.
Maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.2.1 Omgevingsdialoog In voorbereiding op de formele procedure heeft initiatiefnemer de omwonenden benaderd om het planvoornemen toe te lichten. Het verslag van de omgevingsdialoog is toegevoegd als bijlage 4. 6.2.2 (Verslag inspraak en artikel 3.1.1 Bro overleg) Het ontwerpbestemmingsplan is in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1. Besluit ruimtelijke ordening (Bro) toegezonden worden aan organisaties die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Naar aanleiding van de reactie van het hoogheemraadschap zijn er tekstuele verduidelijkingen in de waterparagraaf opgenomen. In het voortraject is het plan, in overleg met het waterschap, aangepast naar aanleiding van de aanwezige drukriolering op het terrein. 6.2.3 (Verslag zienswijzen) Het plan heeft de ontwerpfase in het kader van art 3.8 Wro en volgens afdeling 3.4 van de Awb ter inzage gelegen gedurende 6 weken tot 4 december 2023. Hierbij is de gelegenheid geboden voor het indienen van zienswijzen. Er zijn geen zienswijzen op het plan ingediend.
Pagina 38 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
7 Bijlagen 1. Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder Middenpad te Zuidoostbeemster, Weel geluidadvies, Referentie: PLA.20.13, 28 december 2021 2. Aeriusberekening Middenpad naast 41 te Zuidoostbeemster, Plannen-makers, PM20052, 13 december 2023. 3. Toetsresultaat Watertoets, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, dossiercode 20210107-12-25210, 7-1-2021 4. Participatieverslag van de naaste buren aan het Middenpad; 5. Quickscan Wet Natuurbescherming, Blom Ecologie, kenmerk: 2022-0681, 8 juli 2022.
Pagina 39 Bestemmingsplan Zuidoostbeemster, Middenpad naast 41
Bijlage 1
Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder Middenpad te Zuidoostbeemster
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai op basis van de Wet geluidhinder voor de bouw van een woning aan het Middenpad te Zuidoostbeemster, gemeente Purmerend.
Rapporttitel: Akoestisch onderzoek Wet geluidhinder Middenpad te Zuidoostbeemster Referentie: PLA.20.13 Datum: 7 januari 2021, wijziging 28 december 2021
Opdrachtgever: Contactpersoon:
Behandeld door:
Weel geluidadvies van Noordtkade 18 B 1013 BZ Amsterdam tel. mob. e-mail: Kvk: 51299739
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 2
1.
Inleiding.
In opdracht van Plannen-Makers is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar de geluidbelasting op de gevels van een nieuw te bouwen woning aan het Middenpad in Zuidoostbeemster. De woning wordt gebouwd binnen de invloedszone van de Purmerenderweg en binnen de geluidzone van de A7. De berekende geluidbelasting op de gevels van de woning wordt getoetst aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder. Tevens wordt de geluidbelasting getoetst aan het Hogere waardenbeleid van de gemeente Purmerend, waar Zuidoostbeemster onder valt, voor zover de rekenresultaten daar aanleiding toe geven. Indien de voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai wordt overschreden wordt ingegaan op maatregelen om de geluidbelasting te verlagen.
Figuur 1: locatie in Zuidoostbeemster.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 3
2.
Situatiebeschrijving.
Aan het Middenpad in Zuidoostbeemster ligt een perceel waar een vrijstaande woning op wordt gerealiseerd. Het Middenpad is een doodlopende weg. In de directe nabijheid ligt de Purmerenderweg, de doorgaande weg in dit gebied. De rijksweg A7 ligt op 550 meter van het perceel. Andere geluidbronnen gedefinieerd in de Wet geluidhinder zijn er niet. Het gebied bestaat rijtjeswoningen en vrijstaande woningen in een polderlandschap.
3.
Wettelijk kader.
Het onderhavige onderzoek wordt uitgevoerd op basis van de Wet geluidhinder, de geluidbelasting wordt uitgerekend met de Standaard Rekenmethode II zoals beschreven in het Reken- en Meetvoorschrift geluidhinder 2012.
Wegverkeerslawaai. Het onderzoek wordt uitgevoerd op basis van de Wet geluidhinder. Dit plan ligt binnen een door de Wet geluidhinder vastgestelde geluidzone als het gaat om wegverkeerslawaai. Het perceel ligt binnen de zone van de A7, deze meet 600 meter. De Purmerenderweg is niet gezoneerd, het is een 30 km/uur-weg. Overigens is het weg met een wat hogere etmaalintensiteit. Vanuit het aspect “goede ruimtelijke ordening” moet de invloed van deze weg worden vastgesteld. Op basis van de ligging binnen de zone van de A7 is een akoestisch onderzoek voor wegverkeerslawaai verplicht. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai op de gevel van een geluidsgevoelige bestemming bedraagt 48 dB (art. 82 lid 1 van de Wet geluidhinder). Van de berekende geluidbelasting op die gevel mag, alvorens getoetst wordt aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder nog 5 dB worden afgetrokken wegens het stiller worden van het wegverkeer in de toekomst (artikel 110g van de Wet geluidhinder). Deze aftrek geldt voor gezoneerde wegen met een maximum snelheid tot 70 km/uur. De maximale ontheffingswaarde bedraagt voor dit plan bedraagt 53 dB, ook weer na aftrek van de bovengenoemde 5 dB. De waarde van 53 dB geldt voor nog te bouwen woningen binnen de bebouwde kom, in buitenstedelijk gebied, die nog niet zijn geprojecteerd (art. 83 lid 1 van de Wet geluidhinder).
Ook het gebied binnen de bebouwde kom wat ligt binnen een zone van een buitenstedelijke weg geldt als buitenstedelijk. De geluidbelasting wordt berekend met de Standaard Rekenmethode II uit het Rekenen Meetvoorschrift geluidhinder 2012. Bijlage 1 licht de belangrijkste begrippen met betrekking tot de wetgeving op het gebied van geluidhinder kort toe.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 4
De geluidbelasting op de gevel van een woning wordt voor wat betreft de toetsing aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder altijd getoetst per weg.
Figuur 2: Situering van de woning.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 5
4.
Verkeersgegevens.
Voor de relevante wegen heeft de gemeente Purmerend verkeersgegevens beschikbaar gesteld in de vorm van tellingen van het deel van de Purmerenderweg ten noorden en het deel van de Purmerenderweg ten zuiden van het Middenpad. Het gaat om verkeerstellingen, weergegeven per uur voor een etmaal. In de tellingen zijn de gegevens over het etmaal al verkregen door deze te middelen over een weekdag over de periode waarin is geteld. De tellingen dateren van 2017. Voor de autonome groei tot 2031 is een percentage gehanteerd van 1,5%. De uurtellingen zijn gesommeerd per etmaalperiode (dag, avond en nacht) en omgerekend naar het peiljaar 2031. Tabel 1 toont het drukste deel van de Purmerenderweg, dat is het zuidelijke deel. Voor een compleet overzicht zie de bijlage met de invoergegevens. Het Middenpad is akoestisch niet relevant; deze weg is doodlopend. De geluidbelasting vanwege het wegverkeer op de A7 is verhoogd met de wettelijke plafondcorrectie van 1,5 dB. De data van de A7 zijn afkomstig van een download van het ministerie van I&W.
Tabel 1: verkeersgegevens 2031, etmaalintensiteit en percentages. Achtereenvolgens: Middenpad (boven) en A7 westbaan, A7 oostbaan op de volgende pagina.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 6
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 7
De omschrijving van de in de tabel genoemde categorieën luidt:
5.
▪
categorie lv (lichte motorvoertuigen): motorvoertuigen op drie of meer wielen, met uitzondering van de in categorie mv en categorie zv bedoelde motorvoertuigen;
▪
categorie mv (middelzware motorvoertuigen): gelede en ongelede autobussen, alsmede andere motorvoertuigen die ongeleed zijn en voorzien van een enkele achteras waarop vier banden zijn gemonteerd;
▪
categorie zv (zware motorvoertuigen): gelede motorvoertuigen, alsmede motorvoertuigen die zijn voorzien van een dubbele achteras, met uitzondering van autobussen. Gebruikte documenten.
De tekening (figuur 2) is ontleend aan architectenbureau Ruben Wennekers. De verkeersgegevens zijn geleverd door de gemeente Purmerend.
6.
Modellering.
De contouren van het plan zijn met de omgeving gemodelleerd tot een rekenmodel waarin alle voor de geluidoverdracht relevante kenmerken zijn gedigitaliseerd. Het rekenmodel bevat gebouwen, waarneempunten, harde en (gedeeltelijk) zachte bodemgebieden en hoogtelijnen. Alle grote gebieden met gras zijn als 100% absorberende bodem ingevoerd. Het woongebied tussen de A7 en het project is ingevoerd met een bodemfactor van 20%. Het gebied langs de Purmerenderweg met vrijstaande woningen is ingevoerd met een bodemabsorptiefactor van 60%. De weg is ingevoerd als hard gebied evenals het perceel waar de woning op wordt gebouwd. Er is rekening gehouden met hoogteverschillen vanwege de ligging van de A7. Met name bij de kruising met het Noordhollands Kanaal ligt de A7 circa 7 meter boven het plaatselijke maaiveld. De modellering is aangepast met hoogtelijnen. De geluidschermen (blauw in figuur 4) zijn ook afkomstig van de gegevens van de download van het ministerie. De nokhoogte van de nieuwe woning bedraagt circa 9 meter, de bijbehorende waarneemhoogten zijn 1,5, 4,5 en 7,5 meter ten opzichte van het maaiveld. Bijlage 4 toont de invoer. Bijlage 2 toont de afdruk van het gehele invoermodel.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 8
7.
Rekenresultaten.
Met het programma “Winhavik” versie 9.1.1 is op basis van de Standaard Rekenmethode II de geluidbelasting berekend op de gevels van de woning. Conform de systematiek van de Wet geluidhinder wordt de geluidbelasting per weg berekend. De getoonde geluidbelasting in de navolgende figuren is inclusief aftrek artikel 110g. De nummering van de waarneempunten is te zien in bijlage 3.
Purmerenderweg. De geluidbelasting vanwege het wegverkeer op de Purmerenderweg bedraagt maximaal Lden=40 dB inclusief de aftrek artikel 110g Wet geluidhinder. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai wordt niet overschreden.
Figuur 3: geluidbelasting Purmerenderweg, hoogste waarde.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 9
A7. De geluidbelasting vanwege het wegverkeer op de A7 bedraagt maximaal Lden=48 dB inclusief de aftrek artikel 110g Wet geluidhinder. Die voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai wordt niet overschreden.
Figuur 4: geluidbelasting A7, hoogste waarde. Boven ingezoomd, onder met A7.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 10
8.
Toetsing aan het Hogere waardebeleid.
Toetsing aan het Hogere waardebeleid is niet nodig; de voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai wordt niet overschreden.
9.
Conclusie.
De geluidbelasting op voorgevel van een nieuw te realiseren woning aan het Middenpad bedraagt maximaal Lden= 48 dB ten gevolge van het wegverkeer op de A7 en Lden=40 dB ten gevolge van het wegverkeer op de Purmerenderweg. De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai wordt niet overschreden. Het plan voldoet aan de voorkeursgrenswaarde van de Wet geluidhinder.
Ing. C.M. Weel
Bijlagen: 1. toelichting bij enkele definities Wet geluidhinder (wegverkeerslawaai) 2. Afdruk van het invoermodel 3. Rekenresultaten in tabelvorm. 4. invoergegevens
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 11
Bijlage 1: Wegverkeerslawaai - de belangrijkste begrippen toegelicht. Voorkeursgrenswaarde De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai bedraagt sinds 1 januari 2007 48 dB. Dat betekent dat elke berekende geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai tot en met 48 dB toelaatbaar is. Indien de geluidbelasting meer bedraagt dan 48 dB, maar minder dan de maximale ontheffingswaarde, dan kan onder voorwaarden ontheffing van de voorkeursgrenswaarde worden aangevraagd. Daarbij speelt het Hogere Waardenbeleid dat de gemeente kan opstellen een belangrijke rol. Maximale ontheffingswaarde In de gevallen waarin de berekende geluidbelasting meer bedraagt dan maximale ontheffingswaarde is ontheffing niet mogelijk. Dat betekent dat er doorgaans, maar niet in alle gevallen, niet gebouwd mag worden. Aanvullend onderzoek is dan noodzakelijk. De hoogte van de maximale ontheffingswaarde is afhankelijk van de situatie. Men onderscheidt: • stedelijk gebied • buitenstedelijk gebied • bestaande situaties • nieuwe situaties • bestaande weg • nieuwe weg Verder kunnen er allerlei specifieke uitzonderingen bestaan die van invloed zijn op de maximale ontheffingswaarde, bijvoorbeeld bedrijfswoningen. Buitenstedelijk gebied.
De definitie van een buitenstedelijk gebied luidt: Het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII voor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het “Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990“, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 12
Zone. In onderstaande tabel staat de omvang van een zone van een verkeersweg, gerekend vanaf de wegas, vermeld. De zone ligt aan elke zijde van de weg. Weg in stedelijk gebied buitenstedelijk gebied
Aantal rijstroken Een of twee Drie of meer Een of twee Drie of vier Vijf of meer
Zonebreedte [m] 200 350 250 400 600
Langs een weg waar een maximum rijsnelheid geldt van 30 km/uur ligt geen zone. Dit geldt ook voor wegen op een woonerf.
Geluidbelasting in dB. De geluidbelasting in dB wordt berekend aan de hand van de bijdragen van de bron in de dagperiode van 7:00 tot 19:00, de avondperiode van 19:00 tot 23:00 en de nachtperiode van 23:00 tot 7:00. Deze rekenwijze geldt voor wegverkeerslawaai en railverkeerslawaai, niet voor industrielawaai. De formule voor de berekening van Lden is als volgt: Lden = 10 log *1/24 (12* 10log(Lday/10)+ 4*log((Lev+5)/10) + 8*log((Lnight+10)/10))) De bijdragen van de dag-, de avond- en de nachtperiode worden energetisch gemiddeld, waarbij de geluidniveaus in de avond- en nachtperiode zwaarder meewegen doordat de ondervonden geluidhinder in deze perioden ernstiger is dan in de dagperiode.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 13
Bijlage 2: Afdruk van het invoermodel – waarneempuntnummers
Gehele model. Blauw=geluidscherm. Paars=hoogtelijn.groen=absorptiegebied
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 14
Deels ingezoomd
Ingezoomd met waarneempuntnummers.
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 15
Bijlage 3: Rekenresultaten in tabelvorm.
0=alle wegen, altijd exclusief aftrek 1=A7 2=Purmerenderweg waarneempuntnummer groepnr 1 0 1 1 1 2 1 0 1 1 1 2 1 0 1 1 1 2 2 0 2 1 2 2 2 0 2 1 2 2 2 0 2 1 2 2 3 0 3 1 3 2 3 0 3 1 3 2 3 0 3 1 3 2 4 0 4 1 4 2 4 0 4 1 4 2 4 0 4 1 4 2
groep totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
totaal
hoogte 1.50 1.50 1.50 4.50 4.50 4.50 7.50 7.50 7.50 1.50 1.50 1.50 4.50 4.50 4.50 7.50 7.50 7.50 1.50 1.50 1.50 4.50 4.50 4.50 7.50 7.50 7.50 1.50 1.50 1.50 4.50 4.50 4.50 7.50 7.50 7.50
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Lden ex 46.75 46.47 34.79 48.48 48.29 34.63 50.63 50.47 36.29 47.33 45.55 42.60 48.22 46.79 42.73 48.80 47.14 43.81 46.39 42.14 44.35 46.90 43.36 44.36 47.97 44.47 45.40 46.18 45.68 36.55 48.15 47.87 36.00 50.43 50.23 36.96
aftrek 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5 0 2 5
Lden incl 47 44 30 48 46 30 51 48 31 47 44 38 48 45 38 49 45 39 46 40 39 47 41 39 48 42 40 46 44 32 48 46 31 50 48 32
Pagina 16
Bijlage 4: invoergegevens.(volgende pagina’s)
Akoestisch onderzoek Middenpad Zuidoostbeemster Weel geluidadvies
Pagina 17
1
Weel Geluidadvies
Projectgegevens projectnaam: opdrachtgever: adviseur: databaseversie: situatie: uitsnede:
2 woningen Middenpad
911 eerste situatie basismodel
omschrijving
verkeerslawaai
rekenhart:
17.2.0 (build2) kenhart17;rmg2019
þ þ
aut. berekening gemiddeld maaiveld: alleen absorptiegebieden( geen hz-lijnen): standaard bodemabsorptie: rekenresultaat binnengelezen (datum): rekenresultaat binnengelezen (tijd):
12:10
maximum aantal reflecties: minimum zichthoek reflecties: maximum sectorhoek: vaste sectorhoek: methode aftrek110g:
%
28-12-2021 1 graden 2 graden 5 graden 2 per wnp per weg RMG2012/2014
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
28-12-2021 12:13
2
Weel Geluidadvies
Gebouwen noklijn nr adres 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
z,gem m,gem 5.4 5.4 5.4 5.4 3.4 5.4 4.4 5.4 -0.6 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 5.4 6.4 5.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 6.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 4.4 5.4 4.4 4.9 4.9 4.9 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4
-3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6
noksoort 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn
reflectie gevel gekoppeld nokhoogte 1 nokhoogte 2
1
2
3
4 vl/rl
il
------------------------------------------------
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨
¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨
------------------------------------------------
soort geb.
kenmerk
28-12-2021 12:13
3
Weel Geluidadvies noklijn nr adres 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
z,gem m,gem 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 4.4 3.4 3.4 4.4 4.4 3.4 3.4 3.4 3.4 5.4 4.9 7.4 4.9 4.9 4.9 4.9 4.9 4.9 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4 5.4
-3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -3.6
noksoort 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn 0=geen noklijn
reflectie gevel gekoppeld nokhoogte 1 nokhoogte 2
1
2
3
4 vl/rl
il
--------------------------------------------------
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80 80
¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨
¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨
--------------------------------------------------
soort geb.
kenmerk
28-12-2021 12:13
4
Weel Geluidadvies
Bebouwing nr 1
z,gem m,gem 10.0
0.0
lengte
adres
252
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
reflectie
kenmerk
80
28-12-2021 12:13
5
Weel Geluidadvies
Schermen reflectie [%] nr 112 128 141 298 660 873 1146 1208 1337 1467 1937 2135 2364 2690 2847 2957 3140 3694 3700 3728 4032 4289 4380 4841 5492 5665
z,gem m,gem 8.1 8.1 9.0 10.7 10.0 10.3 8.4 8.8 7.8 9.5 2.0 7.8 4.0 4.7 3.1 10.5 9.8 9.9 9.6 2.9 9.9 9.6 6.6 0.4 4.1 7.2
3.7 5.0 4.5 7.9 6.1 7.8 5.4 4.9 3.5 6.8 -2.5 4.7 1.6 1.5 1.3 7.7 6.5 7.8 6.5 -1.5 6.8 7.7 2.5 -2.5 0.8 4.0
lengte type 240 31 31 88 111 1 7 214 119 55 171 304 12 15 12 137 135 12 11 1004 7 20 232 15 360 90
scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp scherp
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
schermverhogingen
links rechts 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
zwevend
gekoppeld
vl/rl
il
¨ þ þ þ ¨ ¨ ¨ þ ¨ þ ¨ þ ¨ ¨ ¨ þ ¨ ¨ þ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨
¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨ ¨
kenmerk
28-12-2021 12:13
6
Weel Geluidadvies
Bodemlijnen nr
z,gem
lengte
type
1 2 3 4 5
-3.6 -3.6 -3.6 -3.6 -5.5
3086 2334 2322 1995 1416
hoogtelijn hoogtelijn hoogtelijn hoogtelijn hoogtelijn
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
kenmerk
28-12-2021 12:13
7
Weel Geluidadvies
Waarneempunten met rekenresultaten (*) IL: inc. maatregel, VL:inc aftrek, RL: inc prognosetoeslag
nr
z1
m1 adres
1
0.0
-3.6
2
3
4
0.0
0.0
0.0
-3.6
-3.6
-3.6
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
huisnr type afw.toets refl kenmerk gevel
gevel
gevel
gevel
rhart groep VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL VL
totaal (0) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (1) (2) (2) (2) totaal (0) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (1) (2) (2) (2) totaal (0) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (1) (2) (2) (2) totaal (0) totaal (0) totaal (0) (1) (1) (1) (2) (2) (2)
sh
wnh
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5 1.5 4.5 7.5
dag avond nacht
Lden
af Lden(*) Letm
44.68 46.31 48.46 44.29 46.06 48.23 34.01 33.85 35.53 45.66 46.44 47.05 43.36 44.54 44.87 41.81 41.94 43.02 45.11 45.49 46.56 39.79 40.97 42.08 43.60 43.61 44.65 44.05 45.94 48.27 43.35 45.55 47.99 35.81 35.27 36.23
46.75 48.48 50.63 46.47 48.29 50.47 34.79 34.63 36.29 47.33 48.22 48.80 45.55 46.79 47.14 42.60 42.73 43.81 46.39 46.90 47.97 42.14 43.36 44.47 44.35 44.36 45.40 46.18 48.15 50.43 45.68 47.87 50.23 36.55 36.00 36.96
47 48 51 44 46 48 30 30 31 47 48 49 44 45 45 38 38 39 46 47 48 40 41 42 39 39 40 46 48 50 44 46 48 32 31 32
41.85 43.48 45.67 41.55 43.28 45.48 30.18 30.05 31.81 42.51 43.31 43.87 40.63 41.76 42.07 37.97 38.09 39.18 41.70 42.13 43.22 36.93 38.10 39.27 39.94 39.94 40.98 41.12 43.08 45.51 40.53 42.75 45.28 32.21 31.69 32.66
38.68 40.49 42.64 38.46 40.35 42.52 25.59 25.40 27.01 38.97 39.97 40.52 37.55 38.85 39.23 33.40 33.54 34.62 37.69 38.33 39.39 34.32 35.58 36.67 35.01 35.03 36.08 38.19 40.20 42.41 37.83 40.01 42.26 27.17 26.60 27.54
2 2 2 5 5 5
2 2 2 5 5 5
2 2 2 5 5 5
2 2 2 5 5 5
48.68 50.49 52.64 48.46 50.35 52.52 35.59 35.40 37.01 48.97 49.97 50.52 47.55 48.85 49.23 43.40 43.54 44.62 47.69 48.33 49.39 44.32 45.58 46.67 45.01 45.03 46.08 48.19 50.20 52.41 47.83 50.01 52.26 37.17 36.60 37.54
(^) VL: ex. optrektoeslag
af Letm(*)
2 2 2 5 5 5
2 2 2 5 5 5
2 2 2 5 5 5
2 2 2 5 5 5
49 50 53 46 48 51 31 30 32 49 50 51 46 47 47 38 39 40 48 48 49 42 44 45 40 40 41 48 50 52 46 48 50 32 32 33
dag(^) avond(^) nacht(^) 44.68 46.31 48.46 44.29 46.06 48.23 34.01 33.85 35.53 45.66 46.44 47.05 43.36 44.54 44.87 41.81 41.94 43.02 45.11 45.49 46.56 39.79 40.97 42.08 43.60 43.61 44.65 44.05 45.94 48.27 43.35 45.55 47.99 35.81 35.27 36.23
41.85 43.48 45.67 41.55 43.28 45.48 30.18 30.05 31.81 42.51 43.31 43.87 40.63 41.76 42.07 37.97 38.09 39.18 41.70 42.13 43.22 36.93 38.10 39.27 39.94 39.94 40.98 41.12 43.08 45.51 40.53 42.75 45.28 32.21 31.69 32.66
38.68 40.49 42.64 38.46 40.35 42.52 25.59 25.40 27.01 38.97 39.97 40.52 37.55 38.85 39.23 33.40 33.54 34.62 37.69 38.33 39.39 34.32 35.58 36.67 35.01 35.03 36.08 38.19 40.20 42.41 37.83 40.01 42.26 27.17 26.60 27.54
28-12-2021 12:13
8
Weel Geluidadvies
Rijlijnen snelheden
Intensiteiten nr z,gem
lengte wegdek
hellingcor. groep
omschrijving
kenmerk
art 110g
etm.intens. % periode
%
6465.0 þ dag avond nacht 7043.0 þ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 dag
6.76 2.75 .99 6.71 3.28 .80
1
-3.6
147 01 glad asfalt/DAB
(2)
Purmerenderweg tn
vlicht
2
-3.6
118 01 glad asfalt/DAB
(2)
Purmerenderweg tz
vlicht
409
4.9
151 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
654
7.4
78 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
1524
1.8
156 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
3086
7.0
209 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
3379
4.7
6 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
3453
7.3
63 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
3489
4.9
117 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
5536
1.6
172 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
6246
4.8
179 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
6434
7.5
279 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
6458
-1.6
1464 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
6534
5.9
14 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
6850
7.5
1 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
7316
-2.5
284 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
7451
-1.4
1003 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
licht middel 95.00 95.00 95.00 95.00 95.00 95.00 486.14 262.32 121.64 816.92 457.44 161.09 486.14 262.32 121.64 1830.84 1031.02 553.42 181.28 95.49 45.58 486.14 262.32 121.64 1830.84 1031.02 553.42 293.71 173.39 55.09 181.28 95.49 45.58 2030.38 1265.33 349.31 1635.06 917.26 480.19 1830.84 1031.02 553.42 1830.84 1031.02 553.42 656.00 369.66 115.33 1769.82
3.00 3.00 3.00 3.00 3.00 3.00 5.51 1.26 1.31 4.69 1.70 .79 5.51 1.26 1.31 101.41 22.09 52.25 1.44 .67 .45 5.51 1.26 1.31 101.41 22.09 52.25 1.76 .76 .22 1.44 .67 .45 120.90 34.25 23.60 103.25 22.89 51.09 101.41 22.09 52.25 101.41 22.09 52.25 12.14 4.45 2.24 132.49
zwaar 2.00 2.00 2.00 2.00 2.00 2.00 4.33 1.78 1.41 3.79 2.28 .94 4.33 1.78 1.41 75.82 21.62 36.08 1.37 .69 .46 4.33 1.78 1.41 75.82 21.62 36.08 1.76 .88 .45 1.37 .69 .46 76.71 28.66 27.96 77.27 21.85 34.96 75.82 21.62 36.08 75.82 21.62 36.08 9.81 6.07 2.56 83.92
motor
.00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00 .00
licht middel zwaar motor 30 30 30 30 30 30 65 65 65 80 80 80 50 50 50 115 115 115 80 80 80 80 80 80 115 115 115 50 50 50 65 65 65 115 115 115 115 115 115 115 115 115 115 115 115 80 80 80 115
30 30 30 30 30 30 65 65 65 80 80 80 50 50 50 100 100 100 80 80 80 80 80 80 100 100 100 50 50 50 65 65 65 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 80 80 80 100
30 30 30 30 30 30 65 65 65 75 75 75 50 50 50 90 90 90 75 75 75 75 75 75 90 90 90 50 50 50 65 65 65 90 90 90 90 90 90 90 90 90 90 90 90 75 75 75 90
28-12-2021 12:13
9
Weel Geluidadvies snelheden
Intensiteiten nr z,gem
lengte wegdek
hellingcor. groep
omschrijving
kenmerk
art 110g
etm.intens. % periode
¨
7744
0.8
24 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
8919
4.0
172 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
9204
0.8
5 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
9396
2.8
54 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
9468
-0.3
139 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
10119
7.0
58 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
10556
7.8
14 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
12341
5.5
444 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
12645
7.7
14 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
13775
2.7
74 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
14447
2.9
1 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
14686
1.4
128 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
15295
3.0
58 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
16008
7.7
1 83 dunne deklagen A CROW316
(1)
vlicht
16434
6.0
56 71 1-laags zoab CROW316
(1)
vlicht
18595
7.6
77 01 glad asfalt/DAB
(1)
vlicht
WinHavik 9.1.1(build 0) (c) dirActivity-software
avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht .0 ¨ dag avond nacht