B Memo update uitvoeringsstrategie
Tekst van het document
MEMO VOOR DE RAAD: UPDATE UITVOERINGSSTRATEGIE maart 2021 Registratienummer: 1542426 Bijlage bij Raadsvoorstel met registratienummer 1542424
Inleiding Op 20 januari 2021 heeft de commissie SOB op het verzoek van het College besloten de behandeling van de evaluatie van de pilot, de uitvoeringsstrategie voor de proeftuin en de bijbehorende subsidieverordening uit te stellen. Het College heeft in haar memo van 20 januari 2021 aangegeven dat zij de conclusies van een (concept) rapport van Motivaction mee wil wegen en aan de Raad wil sturen, voordat de Raad besluiten neemt. Ook heeft het College aangegeven de mogelijkheden te willen verkennen van de verruiming van de Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE). Per 1 januari heeft het Rijk de ISDE-subsidie aangepast en daarmee beschikbaar gesteld voor aansluiting op een warmtenet. Het is een subsidie die eigenaren/bewoners kunnen aanvragen. Ook zijn wij nagegaan wat de Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) voor het project kan betekenen. Dit is een subsidie die verhuurders van woningen aan kunnen vragen. Op 16 maart heeft de het College enkele vervolgbesluiten genomen en het definitieve rapport van Motivaction naar u toegezonden. In onderstaande tabel staat een overzicht van alle actuele stukken rondom de proeftuin. Stuk Evaluatie Pilot Uitvoeringsstrategie Memo update uitvoeringsstrategie Raadsvoorstel Subsidieverordening Rapport Motivacation Begrotingswijziging
Behandeld in het College 15 december 2020 15 december 2020 16 maart 2021 Gewijzigd op 16 maart 2021 Gewijzigd op 16 maart 2021 Ter Kennisname op 16 maart 2021 Gewijzigd op 16 maart 2021
Behandeling in de Raad Ter Kennisname Vaststellen in Raad april Toegezonden als bijlage bij Raadsvoorstel Vaststellen in Raad april Vaststellen in Raad april Ter Kennisname Vaststellen in Raad april
Onderzoek Motivaction Vorig jaar is in het kader van de voorbereiding van de Transitie Visie Warmte (TVW) onderzoek gedaan naar de perceptie van ‘de Purmerender’ over de warmtetransitie. Dit onderzoek is uitgevoerd door Motivaction in de zomer van 2020, in een workshop aan ambtenaren toegelicht in augustus 2020 en in concept besproken in november 2020. In de maanden daarna heeft er een verdiepingsslag plaats gevonden. Het doel van het onderzoek was tweeledig: 1) Een beeld te krijgen van de diversiteit van bewonersgroepen en de manier waarop ze het beste benaderd kunnen worden. Dit geheel is toegespitst op aardgasvrij wonen. 2) Inzage te krijgen in de huidige perceptie van aardgasvrij wonen bij die bewoners die nog aan de vooravond van de warmtetransitie staan.
Diversiteit en benaderingswijze bewonersgroepen Motivaction onderscheidt vijf relevante bevolkingsgroepen, waarvan er in beginsel drie neutraal tegenover aardgasvrij wonen staan, één positief en één negatief. Uit de analyse van Motivaction komt naar voren dat in Purmerend de groep, die van nature positief staat tegenover energietransitie in de eigen woning, relatief klein is. Energietransitie is in heel Nederland lastig, maar in Purmerend daardoor wellicht nog wat meer dan gemiddeld. Motivaction pleit in haar rapport voor een brede communicatie-aanpak, gericht op de wensen en voorkeuren van bewoners. Met name de communicatie vanuit een burenrelatie, praktisch, concreet en persoonlijk, is passend bij de bewonersgroep die in de meeste wijken veel voorkomt. Het sturen op ontzorgen en faciliteren zijn daarbij belangrijke aspecten. Andere belangrijke adviezen die passen bij structuurzoekers zijn: dichtbij, laagdrempelig en stap voor stap.
Huidige perceptie onder de bevolking In het tweede deel van het rapport geeft Motivaction de enquêteresultaten weer. Het College beschouwt de antwoorden van de bewoners op de vragen als 0-meting. Een aantal antwoorden valt in het bijzonder op: •
•
•
•
Ongeveer de helft van de ondervraagden staat negatief tegenover het aardgasvrij maken van de woning, vanwege de hoge kosten. Ook plaatst een grote groep van de ondervraagden grote vraagtekens bij de vraag of de alternatieven wel duurzaam genoeg zijn. 47% van de eigenaren is niet bereid om mee te betalen. Daar staat tegenover dat 11% bereid is om meer dan 5.000 euro bij te dragen. 23% van de huiseigenaren is positief over stadsverwarming als alternatieve vorm om het huis te verwarmen. 53% van de huiseigenaren is negatief over stadsverwarming. Zij vinden dat je met stadsverwarming je keuzemogelijkheid voor leverancier verliest en een grote groep is bang dat hierdoor de energiekosten zullen oplopen. De participatie / informatiebehoefte is hoog. 49% van de ondervraagden geeft aan dat het niet duidelijk is welke stappen zij moeten zetten om hun woning aardgasvrij te maken.
Het beeld dat uit de enquêteresultaten naar voren komt, komt overeen met onze ervaringen in de pilot. In de pilot hebben wij ervaren dat mensen behoefte hebben aan kennis. Pas na intensief contact en op basis van meer (financieel) inzicht in mogelijke alternatieven heeft 89% voor stadsverwarming gekozen en zijn drie eigenaren overgestapt op een all electric variant (zie evaluatie). Het Motivactionrapport ondersteunt daarmee het uitgangspunt van het College en de bestuurlijke partners, dat bewoners de keuze moeten hebben tussen alternatieven en dat de subsidie voor all electric moet blijven bestaan. Zonder keuzevrijheid en eerlijk vergelijkingsmateriaal, zullen mensen niet snel voor aansluiting op een warmtenet kiezen, terwijl dat voor veel woningen wel de meest haalbare en betaalbare optie is. Ook onderstreept het rapport Motivaction het belang van het uitgangspunt dat er geen eigen financiële bijdrage aan bewoners wordt gevraagd in de proeftuin. Wij verwachten dat er in deze fase van de energietransitie onvoldoende draagvlak is om ‘van het gas af te gaan’ als eigenaren zelf financieel moeten bijdragen. Het percentage dat wil overstappen op een collectieve voorziening als stadsverwarming zal dan naar verwachting onder de gewenste 75-85% zakken. En dat betekent direct dat er in een blok geen enkele woning op een warmtenet wordt aangesloten. Als eigenaren om
financieel-juridische redenen bij moeten dragen, dan moet dat dus volledig gecompenseerd worden (zie passage over de ISDE en SAH-subsidie). Uiteindelijke mag het de eigenaren niets kosten. Voor volgende wijken, kunnen in de toekomst andere afwegingen worden gemaakt, bijvoorbeeld als blijkt dat daar geen rijksubsidie voor beschikbaar komt of als er andere financieringsvormen voor eigenaren zijn geïntroduceerd.
ISDE en SAH-subsidie We hebben geïnventariseerd wat de (on)mogelijkheden en onzekerheden zijn van de ISDE en SAHsubsidies. De ISDE-subsidie kan aangevraagd worden door eigenaren, die hun woning zelf bewonen. De SAH-subsidie kan aangevraagd worden door eigenaren, die hun woning(en) verhuren. Voordat wij de subsidieregelingen beschrijven, merken wij op dat wij op 19 februari jl. hebben vernomen dat het Rijk de ISDE-subsidie hoogstwaarschijnlijk per 1 april 2021 wederom zal wijzigen. Vanaf die datum mag de ISDE-subsidie gestapeld worden met gemeentelijke subsidies. Wij hebben hierover contact gehad met het Rijk. Wij gaan er in deze notitie én de subsidieverordening vanuit dat deze wijziging er komt en dat de ISDE-subsidie dus kan worden gecombineerd met een gemeentelijke subsidie voor een kooktoestel en pannen. Indien deze aangekondigde wijziging er niet komt, zullen wij de kooktoestellen en pannen in natura moeten verstrekken. De subsidieverordening moet dan worden aangepast, zodat de Raad in april het juiste besluit kan nemen.
ISDE voor aansluiting op warmtenet: De ISDE-subsidie voor een aansluiting op het warmtenet is een vast bedrag per woning van 3325 euro. Hierbij geldt onder andere het volgende: •
• • • •
De geest van de ISDE-regeling is dat eigenaren zelf financieel moeten bijdragen. Het is echter geen weigeringsgrond. Met andere woorden: juridisch is het geen vereiste dat bewoners hun eigen geld investeren in het aardgasvrij maken van hun woning. De subsidie mag vanaf 1 april 2021 gestapeld worden met andere subsidies. Eigenaren kunnen de gemeente (of een andere partij) machtigen de subsidie aan te vragen. De subsidie wordt achteraf verstrekt op basis van een factuur. Kookgaswoningen zijn uitgesloten, omdat het er om gaat dat de woning op een warmtenet wordt aangesloten. Kookgaswoningen zijn dat al.
We hebben uitgewerkt wat deze bepalingen voor de proeftuin betekenen. In de proeftuin kan gebruik worden gemaakt van de ISDE-subsidie. Dat betekent het volgende: • • • • •
De BAK (bijdrage aansluitkosten) bij SVP wordt gesplitst. De bewoners krijgen een rekening van 3325 euro per woning en de rest wordt bij de gemeente in rekening gebracht. De bewoners machtigen de gemeente om de ISDE-subsidie aan te vragen. Alleen als de bewoners de Rijksubsidie hebben ontvangen, moeten zij de rekening van SVP voldoen. De gemeente staat richting SVP garant dat de facturen worden voldaan, indien de Rijkssubsidie onverhoopt niet aan de eigenaren wordt verstrekt. Er moeten met SVP afspraken worden gemaakt over het moment van betaling.
•
Het proces richting bewoners / eigenaren wordt complexer. Hun bereidheid om mee te werken aan aardgasvrij hangt nog sterker dan in de pilot af van het vertrouwen dat ze in de gemeente en de partners hebben.
De bovenstaande werkwijze wordt op dit moment met de partners in detail uitgewerkt en ligt dus nog niet exact vast. Het uitgangspunt voor de verdere uitwerking is dat de uiteindelijke werkwijze zo simpel mogelijk wordt, zo min mogelijk administratieve lasten met zich meebrengt en eigenaren zo goed mogelijk ontzorgt. Een van de dingen die daarom nog nader uitgezocht moet worden is of de ISDE-subsidie rechtstreeks kan worden overgeboekt naar de gemeente (of een collectieve externe voorziening) in plaats van naar alle individuele eigenaren. Op basis van het aantal woningen in de proeftuin hebben we uitgerekend dat de ISDE-subsidie op deze manier maximaal 1,06 miljoen euro kan opleveren als alle eigenaren/bewoners aardgasvrij worden via een aansluiting op het warmtenet. Aan de hoogte van dit bedrag kleeft een aantal onzekerheden. Zo is de ISDE-subsidie niet oneindig beschikbaar. Het totaal bedrag is gemaximeerd en we weten niet in welk tempo elders in het land aanspraak wordt gedaan op deze subsidiepot. Ook hebben we in deze fase nog geen rekening gehouden in de berekening met regelgeving rondom de BTW.
SAH De SAH-subsidie is geen vast bedrag per woning. De SAH vergoedt 40% van de aanpassingen in de woning tot een maximum van € 1.200,--. Dit geldt zowel voor kookgaswoningen als woningen die nieuw worden aangesloten op een warmtenet. De SAH vergoedt daarnaast 30% van de aansluitkosten van een woning op het warmtenet, tot een maximum van € 3.800,-- per woning. We hebben gekeken wat dat voor de proeftuin financieel betekent. Op basis van de kostenramingen in de uitvoeringsstrategie komen we uit op een bedrag van ongeveer 3219 euro per woning en 1200 euro voor kookgaswoningen. Er zullen echter verschillen zijn per woning. Bij elkaar opgeteld gaat het om maximaal 1,1 miljoen euro als alle eigenaren/verhuurders kiezen voor aardgasvrij. Ook hier kleven nog grote onzekerheden aan. We weten bijvoorbeeld pas wat de kosten zijn (en dus de hoogte van de subsidie), als de woningen zijn geïnventariseerd. Daarnaast is ook deze subsidiemogelijkheid eindig en kent deze subsidie net als de ISDE een plafond voor heel Nederland. Ook hebben we in deze fase nog geen rekening gehouden in de berekening met regelgeving rondom de BTW. De SAH-subsidie kent een aantal bepalingen, die effect hebben op de werkwijze in de proeftuin als de toepassing van de SAH gewenst is. • • •
De eigenaar/verhuurder kan de SAH subsidie aanvragen en moet aan alle subsidievoorwaarden voldoen. De SAH-subsidie mag gestapeld worden met andere subsidies. De eigenaar/verhuurder moet facturen overleggen richting het Rijk voor zowel de werkzaamheden in de woningen als voor de aansluiting op het warmtenet.
Concreet bekent dit: • •
SVP brengt de BAK bij de eigenaar/verhuurder in rekening. Onder regie van de gemeente (bij particulieren) of zelfstandig (in het geval van woningbouwcorporaties) worden de werkzaamheden binnen uitgevoerd. De aannemer of gemeente verstuurt hiervoor een factuur aan de eigenaar/verhuurder.
• •
• •
Nadat de eigenaar SAH-subsidie heeft ontvangen, worden de facturen betaald. Voor het resterende bedrag kan de particuliere eigenaar/verhuurder subsidie aanvragen bij de gemeente vanuit het budget voor de proeftuin. Hiervoor moet de subsidieverordening worden aangepast. Woningbouwcorporaties kunnen aanspraak maken op de DAEB. De gemeente staat richting SVP garant dat de facturen worden voldaan, indien de Rijkssubsidie onverhoopt niet aan de eigenaren wordt verstrekt. Het proces richting eigenaren / verhuurders wordt complexer. Hun bereidheid om mee te werken aan aardgasvrij hangt nog sterker dan in de pilot af van het vertrouwen dat ze in de gemeente en de partners hebben.
Conclusie rondom ISDE en SAH Alles overwegende heeft het College besloten om in te zetten op uitvoering van de proeftuin, met gebruikmaking van de ISDE en SAH. De onzekerheden en de grotere complexiteit richting de bewoners, wegen wat ons betreft minder zwaar dan de potentiële financiële voordelen. Als er meer geld beschikbaar komt, betekent dat dat we een groter gedeelte van de proeftuin kunnen uitvoeren. Wij hebben aan het ministerie gemeld dat wij voornemens zijn om gebruik te maken van beide subsidiemogelijkheden en zullen ook het raadsbesluit hierover melden.
Subsidieverordening In de concept subsidieverordening en de concept uitvoeringsstrategie, die op 15 december 2020 door het College zijn vastgesteld, wordt nog uitgegaan van 500 euro als vergoeding voor elektrisch koken. Dit zou hetzelfde bedrag zijn als Intermaris vergoedde aan haar huurders. Intermaris heeft het bedrag verhoogd naar 525 euro. Wij verhogen dat bedrag dus ook voor particuliere huiseigenaren.
Projectadministratie / voortgang In de uitvoeringsstrategie zijn in hoofdstuk 9 onzekerheden en planningsrisico’s benoemd. In het overzicht is opgenomen dat er een projectadministratie moet worden opgezet, die past bij de omvang en complexiteit van de proeftuin. Daar zijn inmiddels stappen in gezet. De financiële administratie bij dit project is nu zo ingericht dat eenvoudig kan worden achterhaald hoeveel panden er zijn aangepast en tegen welke kosten. Bij deze professionaliseringsslag hoort dat de budgetten van het project overzichtelijker worden opgenomen in de begroting. Concreet betekent dit dat in het raadsvoorstel en de bijbehorende begrotingswijziging het projectbudget nu beter onderbouwd in verschillende jaarschijven wordt weggezet en niet indicatief over drie jaarschijven wordt verdeeld. Het budget voor het eerste blok (142 panden), het regelstation en de resterende kookgaswoningen zijn in de begrotingswijziging verwerkt in jaarschijf 2021. Het budget voor de overige blokken is opgenomen in de latere jaarschijven. In de uitvoeringsstrategie staat dat Intermaris reeds is begonnen om kookgaswoningen van het gas af te halen. Bij Turap II heeft u in november 2020 daarom een budget van 170.100 euro vrijgemaakt. Inmiddels zijn de werkzaamheden in het wooncomplex aan de Merwedestraat afgerond en is dit bedrag aan Intermaris overgemaakt.
Het projectbudget moet dus met een gelijk bedrag worden verlaagd. Daar staat tegenover dat 104 kookgaswoningen van het gas af zijn gehaald. Dit is in het raadsvoorstel en de bijbehorende begrotingswijziging verwerkt.
Communicatie / participatie van bewoners De benadering van bewoners is van cruciaal belang bij de uitvoering van de proeftuin. Ten opzichte van de situatie in de pilot moet het traject richting bewoners significant worden bijgesteld. Hetzelfde niveau van ontzorging als in de pilot is niet reëel op het schaalniveau van het resterende deel van de proeftuin. Dat staat ook in de uitvoeringsstrategie gemeld. Daarnaast spelen er drie nieuwe aspecten: •
• •
De eigenaren zullen Rijkssubsidie aan moeten vragen, c.q. ze moeten de gemeente daartoe machtigen. Daarnaast zullen ze één of twee factuur gaan ontvangen. Vertrouwen in de overheid en haar partners is nog belangrijker geworden. In december hadden we nog hoop dat we bewoners ‘live’ zouden kunnen benaderen, maar inmiddels ziet het er naar uit dat (een deel van) de contacten digitaal moet verlopen. We weten daarnaast niet of bewoners open staan voor inspectie/inventarisatie in hun woning tijdens de coronacrisis.
Al met al zijn dit drie aspecten, die het proces richting bewoners sterk beïnvloeden en effect kunnen hebben op de bereidwilligheid van eigenaren om aardgasvrij te gaan wonen. Ook kan dit effect hebben op de doorlooptijd, die bewoners nodig hebben om een keuze te kunnen maken. De enige manier om hier echter meer helderheid over te krijgen, is te gaan doen. Als in de komende maanden blijkt dat bijstelling noodzakelijk is, zullen we de Raad daarover informeren.
Start uitvoering blokgerichte aanpak Direct na vaststelling van de uitvoeringsstrategie door de Raad, kan het traject richting bewoners worden gestart. Wij verwachten hier ongeveer 5 maanden (incl. inventariseren van de woningen) voor nodig te hebben. Daarna moeten we een business case opstellen en afspraken maken met SVP. Al met al verwachten we in het najaar daadwerkelijk met de uitvoering in de woningen en in de aanleg van het warmtenet in de straat te kunnen beginnen. De uitvoeringsstrategie zegt dat de uitvoering niet start voor de zomer van 2021. Het uitzoekwerk rondom de ISDE en SAH subsidies heeft voor enige vertraging gezorgd. Dit staat echter los van het feit dat de uitvoeringsstrategie later door de Raad wordt vastgesteld. Het uitzoekwerk had sowieso plaats moeten vinden, voordat we de bewoners concreet benaderen. Voor wat betreft de SAHsubsidie staat dit ook in hoofdstuk 9 van de uitvoeringsstrategie zo vermeld.
Coördinatie binnen. De uitvoeringsstrategie laat nog in het midden of de coördinatie van de werkzaamheden binnen door de gemeente moet worden uitgevoerd, door SVP of door een aannemer. Omdat we het belangrijk vinden dat bewoners weten dat ze een keuze hebben en vanwege de sociale situatie achter de voordeur, is besloten om de coördinatie niet bij SVP neer te leggen. Daarnaast verwachten we op dit moment niet dat een aannemer en onderaannemers de coördinatie goedkoper uit kunnen voeren. Bij het eerste blok houden we de situatie zoals die in de pilot was: de gemeente coördineert. Het motto van de uitvoeringsstrategie is: leren door te realiseren. Op dit punt willen we samen met de aannemer leren. Dat betekent dat we van blok tot blok steeds meer verantwoordelijkheid voor coördinatie bij de aannemer neer willen leggen.