b.-globaal-overzicht-wijzigingen-reintegratieverordening-participatiewet
Tekst van het document
Globaal overzicht wijzigingen re-integratieverordening Participatiewet Zaanstreek-Waterland 2025 Artikel 1 Begrippen In lijn gebracht met de model verordening van de VNG: • De titel wijzigt in ‘Algemene bepalingen’. • Dit artikel wordt aangevuld met een aantal begrippen en voorzieningen ter verduidelijking. Artikel 2 Budget en subsidieplafonds In de nieuwe re-integratieverordening is dit artikel vervallen. Het budgetplafond gaf aan dat de gemeente om de financiële risico’s te beheersen, in een beleidsplan een verdeling kon maken van de middelen over de verschillende voorzieningen. Dit is in de praktijk in Purmerend niet gebeurd en ook niet nodig gebleken. Dit is bovendien niet in lijn met hoe wettelijk invulling moet worden gegeven aan de benodigde ondersteuning op maat (artikel 3 lid 3 nieuwe verordening). De financiële middelen alleen vormen geen voldoende afwijzingsgrond, wel kan gekozen worden voor de goedkoopst adequate voorziening voor de betreffende persoon. Omdat dit artikel komt te vervallen wijzigt ook de nummering van de artikelen die volgen.
Artikel 2 Evenwichtige verdeling en financiering Titel wijzigt in ‘Evenwichtige verdeling en evaluatie’ en is daarmee in lijn gebracht met modelverordening van de VNG. Dit is nu artikel 2 geworden. Artikel 3 Algemene bepalingen over voorzieningen In lijn gebracht met de wettelijke eisen en de modelverordening van de VNG: • Er zijn weigeringsgronden toegevoegd. Deze komen voort uit het in de wet gecreëerde expliciete aanvraagrecht voor ondersteuning op maat. • Toegevoegd is hoe de gemeente invulling geeft aan benodigde ondersteuning op maat: afgestemd op de individuele behoeften en mogelijkheden van de persoon wordt een voorziening gekozen die een verantwoorde oplossing biedt. Zijn er meerdere adequate opties om de klant te ondersteunen, dan zullen de kosten van de oplossingen doorslaggevend zijn. Deze afweging wordt per individuele persoon gemaakt. • In de nieuwe verordening wordt opgenomen dat het college bij het aanbieden van een voorziening rekening houdt met andere voorzieningen binnen het sociale domein, zoals de Wmo. Dit vraagt om samenwerking binnen het gehele maatschappelijk domein. Doel is een integrale ondersteuning bij de arbeidsinschakeling van de persoon en continuïteit in de ondersteuning bij overgangen van onderwijs naar werk, werk naar onderwijs, en van werk naar werk.
Ook biedt deze bepaling een grondslag voor het uitwisselen van de noodzakelijke informatie binnen het maatschappelijk domein om tot deze integrale aanpak te komen. Wij passen in de praktijk al een integrale aanpak toe.
Artikel 4 Werkervaringsplaats Toegevoegd is de mogelijkheid om bij uitzondering een werkervaringsplaats te verlengen. De praktijk laat namelijk zien dat 6 maanden niet altijd voldoende is. Het is in sommige situaties een ontdekkingstocht naar wat past en wat niet past en wat iemand nodig heeft om te re-integreren. Extra tijd doet er dan toe. Te meer omdat de ontwikkeling van mensen niet altijd lineair is. Hierom wordt in de nieuwe verordening de mogelijkheid gecreëerd om de werkervaringsplaats bij uitzondering te verlengen met maximaal nog eens zes maanden. Deze uitzondering is wat betreft duur en doel in afstemming en overeenstemming met de inwoner voorafgaand aan de verlenging besproken en vastgelegd (maatwerk). Artikel 5 Sociale activering In lijn gebracht met de wet en de modelverordening van de VNG: • Voor het instrument sociale activering is in de nieuwe verordening toegevoegd dat deze activiteiten uitsluitend aangeboden worden als hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt. Dit sluit aan bij de aard van de activiteiten. Deze bepaling is niet nieuw, en werd in de huidige verordening al in de toelichting benoemd. Artikel 6 Scholing en begeleiding Enkele technische wijzigingen ten behoeve van leesbaarheid en verwijzingen, maar inhoudelijk wijzigt dit artikel niet.
Toegevoegd naast het begrip kans-sector is het begrip kansberoep. Ook het UWV hanteert deze term. Artikel 7 Participatieplaats Enkele technische wijzigingen ten behoeve van de leesbaarheid, maar inhoudelijk wijzigt dit artikel niet. Artikel 8 Participatievoorziening beschut werk Dit artikel is geactualiseerd en vereenvoudigd en onderdelen zijn verplaatst naar de toelichting. Inhoudelijk wijzigt dit artikel niet. In lijn met de modelverordening worden enkele voorbeelden gegeven van voorzieningen die het college kan aanbieden ter overbrugging van de periode tot plaatsing op een beschut werkplek. Artikel 9 Ondersteuning bij leer- werktraject Er is een verwijzing naar een wetsartikel toegevoegd. Inhoudelijk geen wijzigingen.
Artikel 10 Persoonlijke ondersteuning bij werk Om te voldoen aan de wet is dit artikel nu nader uitgewerkt in een nieuw hoofdstuk in de re-integratieverordening en is de verwijzing naar nadere regels verwijderd en vervangen door de verwijzing naar het nieuwe hoofdstuk 3A. Hiermee is de bevoegdheid verschoven van college naar raad. Met deze wijziging komen de ‘Nadere regels jobcoaching’ te vervallen. Artikel 11 Werkvoorzieningen Dit artikel komt te vervallen en is nu opgenomen als onderdeel van hoofdstuk 3A. In hoofdstuk 3A wordt ook nadere toelichting gegeven op deze voorzieningen. Hiermee wordt de bevoegdheid verschoven van college naar raad. Met deze wijziging voldoen we aan de wet. Omdat dit artikel is komen te vervallen, wijzigt de nummering van de artikelen die hierna volgen. Artikel 11 Aansprakelijkheid en ongevallen verzekering Ongewijzigd. Artikel 12 Proefplaatsing De proefplaatsing was in onze regio al in de verordening opgenomen, maar wordt nu ook wettelijk verplicht, met vanuit de wet bepaalde termijnen en doelgroep. Het doel van deze verplichting vanuit het rijk is om meer harmonisatie tot stand te brengen; voor de termijn is aangesloten bij de wetgeving die wordt uitgevoerd door UWV.
Dit artikel is in lijn gebracht met de wettelijke eisen: termijn was in beginsel maximaal drie maanden, en wordt twee maanden met de mogelijkheid tot verlenging met maximaal vier maanden. Aan de nieuwe verordening wordt, in lijn met de modelverordening, toegevoegd dat het onwenselijk is dat de persoon een proefplaatsing krijgt als diegene voor dezelfde werkgever al eerder onbeloonde werkzaamheden heeft verricht om verdringing en stapeling van onbetaalde arbeid tegen te gaan. Het doel van een proefplaatsing is namelijk om te bepalen of iemand voor een bepaalde functie geschikt is en de werkzaamheden in voldoende mate aankan. In bovenstaande situatie kunnen we aannemen dat de werkgever hier al voldoende zicht op heeft en is een proefplaatsing niet een adequate oplossing. Artikel 13 Jongerenvoucher Voor de duidelijkheid toegevoegd dat het een subsidie betreft. Verder ongewijzigd. Artikel 14 Stimuleringssubsidie Er is toelichting gegeven op het doel van een stimuleringssubsidie, inhoudelijk ongewijzigd. Artikel 15 Tegemoetkoming opstartkosten regulier werk
Ongewijzigd. Artikel 16 Onkostenvergoeding vrijwilligerswerk Ongewijzigd. Artikel 17 Premie arbeidsinschakeling Ongewijzigd. Artikel 18 Detacheringsbanen Ongewijzigd. Artikel 19 Overige voorzieningen Ongewijzigd. Nieuw artikel 20 Innovatie Dit is een nieuw artikel dat het college de mogelijkheid biedt om nieuwe initiatieven ten behoeve van re-integratie eerst in de praktijk te testen of ze het gewenste effect hebben. Nieuw hoofdstuk 3A Specifieke bepalingen doelgroep breed offensief Hoofdstuk 3A van de nieuwe verordening gaat nader in op de re-integratie instrumenten die beschikbaar zijn voor de doelgroep van het Breed Offensief. Dit hoofdstuk is in lijn gebracht met de modelverordening van het VNG. Nieuw artikel 21a Specifiek aanvraagproces loonkostensubsidie Vanuit de wet wordt vereist dat het administratieve proces voor het verstrekken van loonkostensubsidie is vormgegeven. Hierdoor weten werkgevers beter waar ze aan toe zijn. In de arbeidsmarktregio Zaanstreek-Waterland is vooruitlopend op de vaststelling van de verordening gekozen om loonkostensubsidie te verstrekken volgens het reeds geïmplementeerde preferente proces loonkostensubsidie.
In het proces is ook een aanvraagmogelijkheid opgenomen voor situaties waarin een werkgever of (potentiële) werknemer denken dat de inzet van loonkostensubsidie kan helpen bij een duurzame arbeidsinzetbaarheid, maar waarin de gemeente niet het initiatief neemt. De aanvraag en het besluit verstevigen de rechtspositie
van de (potentiële) werknemer en werkgever. Het proces borgt verder eisen vanuit wetgeving rondom beslistermijn, loonkostensubsidie bij verhuizing, en loonkostensubsidie tijdens dienstverband. Er was voorheen een aparte verordening loonkostensubsidie. Dit onderwerp wordt nu opgenomen binnen de nieuwe re-integratieverordening en de verordening loonkostensubsidie wordt ingetrokken In de praktijk zien we dat de aanvraag en verstrekking van loonkostensubsidie en de loonwaardemeting die daaraan is gekoppeld doorgaans in nauw overleg gebeurt tussen de werkzoekende, de werkgever en de ondersteuner vanuit Werkom /gemeente. Nieuw artikel 21b Voorwaarden toekenning persoonlijke ondersteuning bij werk en werkvoorzieningen Nieuw artikel. Voorwaarden rondom persoonlijke ondersteuning bij werk waren al vervat in de Nadere regels jobcoaching. Deze regels zijn nu in de nieuwe re-integratieverordening, in Paragraaf 3A.2 en 3A.3 opgenomen. De inhoud is dus niet nieuw maar doordat dit een verordeningsplicht is geworden is de bevoegdheid van college naar raadsbevoegdheid over gegaan. Nieuw artikel 21c Aanvraagprocedure persoonlijke ondersteuning bij werk en werkvoorzieningen Nieuw artikel. Hiermee wordt het mogelijk voor zowel (aspirant) werknemer als (aspirant) werkgever een aanvraag in te dienen, conform de wet.
Ten opzichte van de Nadere regels jobcoaching betekent dit een verruiming van de aanvraagmogelijkheid; in de nadere regels kon een aanvraag worden gedaan door werkgever (subsidie) óf werknemer (externe jobcoach). In de nieuwe verordening is voor alle werkvoorzieningen een aanvraagmogelijkheid voor werkgever én werknemer opgenomen (naast de ambtshalve toekenning). Er bestond al de mogelijkheid om een vervoersvoorziening of werkplekaanpassing aan te vragen. In de praktijk zien we dat dit doorgaans in onderlinge afstemming gebeurt tussen alle betrokkenen. Nieuw artikel21d Inhoud beschikking persoonlijke ondersteuning bij werk en werkvoorzieningen Nieuw artikel dat duidelijkheid biedt aan de aanvrager. In de praktijk wordt dit al op deze wijze gedaan. Nieuw artikel 21e Persoonlijke ondersteuning bij werk Nieuw artikel in de verordening, voorheen opgenomen in Nadere regels jobcoaching. Conform de wetgeving wordt in de verordening duidelijk onderscheid gemaakt tussen jobcoaching in natura en subsidies voor jobcoaching. Nieuw artikel 21f Specifieke voorwaarden toekenning persoonlijke ondersteuning bij werk Nieuw artikel in de verordening, in lijn met de modelverordening. Nieuw is het stellen van een maximum termijn van 26 weken waarbinnen de aanvraag voor persoonlijke ondersteuning bij werk binnen moet zijn na ingaan van de dienstbetrekking.
Het vaststellen van een termijn houdt verband met de aard van de voorziening: deze moet namelijk voor
de persoon noodzakelijk zijn om de opgedragen taken te kunnen uitvoeren. Voor de termijn is aangesloten bij de termijn die voor de aanvraag van loonkostensubsidie tijdens het dienstverband wordt gehanteerd. Het artikel biedt wel mogelijkheid om ook buiten deze termijn, in bijzondere situaties, maatwerk te leveren. Nieuw artikel 21g Kwaliteitseisen voor jobcoach/interne werkbegeleider Nieuw artikel en een nieuwe wettelijke eis dat in de verordening aangegeven moet worden welke kwaliteitseisen het college stelt aan de jobcoach en hoe deze eisen worden geborgd. In de praktijk verandert er niets. De kwaliteitseisen waren al in de Nadere regels opgenomen en hier wordt in de praktijk al aan voldaan. Nieuw artikel 21h Duur, intensiteit en kosten van de persoonlijke ondersteuning bij werk Nieuw artikel en een nieuwe wettelijke eis dat in de verordening regels uitgewerkt moeten worden ten aanzien van de duur en intensiteit. De uitwerking van dit artikel is gebaseerd op de ‘Nadere regels jobcoaching’ en geactualiseerd. Nieuw artikel 21i jobcoaching in natura Nieuw artikel en nieuwe wettelijke eis dat in de verordening moet worden geregeld hoe het college zorgdraagt voor het verstrekken van jobcoaching in natura. De uitwerking van dit artikel is gebaseerd op de bestaande ‘Nadere regels jobcoaching’ en geactualiseerd.
Nieuw artikel 21j Subsidie voor het organiseren van persoonlijke ondersteuning bij werk Nieuw artikel en nieuwe wettelijke eis dat in de verordening moet worden geregeld hoe het college zorgdraagt voor het verstrekken van persoonlijke ondersteuning d.m.v. subsidieverstrekking. De uitwerking van dit artikel is gebaseerd op de bestaande ‘Nadere regels jobcoaching’ en geactualiseerd. Nieuw artikel 21k Specifieke voorwaarden toekenning vervoersvoorziening Nieuw artikel en nieuwe wettelijke eis dat in de verordening moet worden geregeld hoe het college zorgdraagt voor het verstrekken van een vervoersvoorziening. De voorziening zelf is niet nieuw en was voorheen opgenomen in artikel 12. Voorwaarden rondom deze werkvoorziening waren voorheen een collegebevoegdheid. Door de verordeningsplicht wordt dit nu een raadsbevoegdheid. Het artikel is nu nader uitgewerkt. In de praktijk zien we dat dit bij uitstek vraagt om maatwerk. Nieuw artikel 21l Specifieke voorwaarden noodzakelijke intermediaire activiteit bij motorische beperking Nieuw artikel en nieuwe wettelijke eis dat in de verordening moet worden geregeld hoe het college zorgdraagt voor het verstrekken van een noodzakelijke intermediaire activiteit bij een motorische handicap.
De voorziening zelf is niet nieuw en was voorheen opgenomen in de toelichting van artikel 12, de voorwaarden voor toekenning zijn in dit artikel wel nader uitgewerkt. Voorwaarden rondom deze werkvoorziening waren voorheen een collegebevoegdheid. Door de verordeningsplicht wordt dit nu een raadsbevoegdheid. Het artikel is nu nader uitgewerkt. In de praktijk zien we dat dit bij uitstek vraagt om maatwerk.
Nieuw artikel 21m Specifieke voorwaarden meeneembare voorzieningen Nieuw artikel en nieuwe wettelijke eis dat in de verordening moet worden geregeld hoe het college zorgdraagt voor het verstrekken van meeneembare voorzieningen. De voorziening zelf is niet nieuw en was voorheen opgenomen in artikel 12, de voorwaarden voor toekenning zijn in dit artikel wel nader uitgewerkt. Voorwaarden van deze werkvoorziening waren voorheen een collegebevoegdheid. Door de verordeningsplicht wordt dit nu een raadsbevoegdheid. In de praktijk zien we dat dit bij uitstek vraagt om maatwerk. Nieuw artikel 21n Specifieke voorwaarden werkplekaanpassingen De voorziening zelf is niet nieuw en was voorheen opgenomen in artikel 12. Voorwaarden rondom deze werkvoorzieningen waren voorheen een collegebevoegdheid. Door de verordeningsplicht wordt dit nu een raadsbevoegdheid. Het artikel is nu nader uitgewerkt. In de praktijk zien we dat dit bij uitstek vraagt om maatwerk. Artikel 22 Intrekken oude verordening en overgangsrecht Juridische wijzigingen ten behoeve van intrekking van de oude verordeningen en overgangsrecht. Artikel 23 Inwerkingtreding en citeertitel De inwerkingtreding en citeertitel zijn geactualiseerd.