CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

B Concept Kwaliteitsplan Waterlandkwartier

Commissie Stedelijke Ontwikkeling en Beheer 7 oktober 2021, gemeente PurmerendBij agendapunt: Kaders kwaliteitsplan Waterlandkwartier6.805 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

T F

A R

AANZET KWALITEITSPLAN

D

WATERLANDKWARTIER PURMEREND September 2021

BURA

Raamwerk kwaliteitsplan Waterlandkwartier Dit document is het raamwerk voor het kwaliteitsplan Waterlandkwartier. Het bevat een opzet voor het kwaliteitsplan en indicatie van de inhoud. In de komende periode wordt dit raamwerk verder uitgewerkt in samenwerking met de Gemeente Purmerend en haar adviseurs. Onderdeel van de uitwerking is een participatietraject waarbij bewoners en geinteresseerden hun input voor en commentaar op de inhoud van het kwaliteitsplan kunnen geven. Draft Alle teksten in dit raamwerk zijn in draft. De doelstellingen, plekken en richtlijnen liggen ter discussie voor. De onderzoeksvragen en teksten in roze weergegeven moeten verder uitgewerkt worden in gesprekken met experts of belanghebbenden of vragen extra uitwerking of onderzoek.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 2

Inhoudsopgave 1. KWALITEITSPLAN 2. DE ESSENTIE VAN HET WATERLANDKWARTIER 3. PURMERMIX 4. ROBUUST RAAMWERK 5. NIEUWE MOBILITEIT 6. GEZOND & DUURZAAM 7. GROEIKERN VAN DE TOEKOMST

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 3

1

KWALITEITSPLAN

4

Kwaliteitsplan In 2021 is het masterplan voor het Waterlandkwartier vastgesteld. Het Waterlandkwartier is straks een hoogstedelijk en gemengd gebied. Het Waterlandkwartier vormt straks samen met de binnenstad het centrumgebied van Purmerend met centraal in het gebied een OV knooppunt. Het Waterlandkwartier moet uitdragen en uitstralen waar Purmerend voor staat. In dit gebied komen belangrijke opgaven als wonen, duurzame mobilitiet, klimaatadaptatie, leefbaarheid en werken bij elkaar. Het is een gebied voor de inwoners van Purmerend en voor de regio. Het ambitieniveau is dan ook hoog hoog. Het kwaliteitsplan gaat dieper in op beoogde ruimtelijke kwaliteit en ambities voor de ontwikkeling van het Waterlandkwartier. Het is een verdiepingsslag van het masterplan en schetst de beoogde ruimtelijke kwaliteit voor stedenbouw, architectuur, openbare ruimte, programma en duurzaamheid in het Waterlandkwartier. Het kwaliteitsplan geeft houvast, is richtinggevend en dient als inspiratiebron voor ondernemers, ontwikkelaars en architecten. Het kwaliteitsplan borgt de gewenste integrale ruimtelijke (beeld)kwaliteit en samenhang binnen het Waterlandkwartier, ook bij gefaseerde realisatie door meerdere bouwpartners. Het kwaliteitsplan Waterlandkwartier geldt (na vaststelling) als toetsingkader voor welstand danwel gedelegeerd supervisor

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 5

Doelstellingen, spelregels en richtlijnen Om sturing te geven aan de ontwikkeling van het Waterlandkwartier maken we gebruik van doelstellingen, spelregels en richtlijnen. Met de doelstellingen zijn de intenties van het masterplan geformuleerd. Ze beschrijven wat we met de ontwikkeling van het Waterlandkwartier voor ogen hebben. De doelstellingen worden de geborgd met spelregels en richtlijnen. De spelregels zijn kaders waarin men zich moet houden en waarvan louter met een goede bewijslast en in samenwerking met de gemeente Purmerend, beperkt kan worden afgeweken. Voor een aantal doelstellingen en spelregels zijn aanvullende richtlijnen opgesteld die een voorkeursrichting voor ontwikkelingen in het Waterlandkwartier. In specifieke situaties kunnen richtlijnen anders worden uitgewerkt dan voorgeschreven, mits het geen afbreuk doet aan de onderliggende ambities voor het Waterlandkwartier. Doelstelling:

beoogde kwaliteit

Spelregels:

kader (eis)

Richtlijnen:

voorkeursrichting (doel behalen)

Ho.

1.

Doelstelling

1. 2. 3.

2.

Spelregel

Richtlijn

1.1 1.2 2.1

2.1A 2.1B 2.1C 1.A 1.B 1.C

1. 2. 3.

3.1 3.2 3.3

3.1A 3.1B

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 6

2

DE ESSENTIE VAN HET WATERLANDKWARTIER

7

Overzicht doelstellingen (samenvatting) Purmermix

Robuust ruimtelijk raamwerk

Nieuwe mobiliteit

Gezond en duurzaam

Doelstelling 1

Het Waterlandkwartier wordt een gemengd hoogstedelijk gebied met een programmaverdeling van 50% wonen en 50% niet-wonen

Doelstelling 2

In het Waterlandkwartier komt tenminste een grote culturele trekker/icoon

Doesltelling 3

Bestaande voorzieningen in het Waterlandkwartier blijven behouden en versterkt en nieuwe voorzieningen worden toegevoegd

Doesltelling 4

Met de ontwikkeling van het Waterlandkwartier wordt gebouwd aan het lineaire centrum van Purmerend

Doelstelling 1

Het Waterlandkwartier fungeert als één wijk, met een robuust raamwerk en een veelheid aan panden

Doelstelling 2

Het Waterlandkwartier krijgt een aantrekkelijk groen beeld en ademt de sfeer uit van hoogstedelijk wonen en werken in het groen

Doesltelling 3

De openbare en collectieve ruimte biedt volop ruimte voor spelen, sporten, verblijven en ontmoeten

Doelstelling 1

Het Waterlandkwartier wordt een aantrekkelijke, levendige en groene wijk waarin de voetganger en fietser centraal staan. De auto is welkom, maar is te gast in deze wijk

Doelstelling 2

Het station transformeert tot een multimodaal knooppunt voor alle vervoerssoorten

Doesltelling 3

Parkeren - collectief en geclusterd - hoogwaardig fietsparkeren voor bewoners, gebruikers en bezoekers

Doelstelling 1

Het Waterlandkwartier is een natuurinclusieve wijk, waarin elke ruimte in het gebied, zowel dak, gevel, grond en water, wordt gebruikt om bij te dragen aan de biodiversiteit en beleving van de stadsnatuur

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 8

Gezond en duurzaam

Groeikern van de toekomst

Doelstelling 2

Het Waterlandkwartier is een stuk stad dat gericht is op een gezonde leefstijl en waar pleinen en parken liggen die mensen uitnodigen en uitdagen om er te bewegen, te ontmoeten en te ontspannen. De voetgangers en fietsers staan centraal.

Doesltelling 3

Het Waterlandkwartier wordt een klimaatadaptieve wijk met een schoon en aangenaam leefklimaat, dat bestand is tegen, bodemdaling, hevige regenval en extreme temperatuurschommelingen

Doelstelling 1

Bouwblokken, stroken en gebouwen in het Waterlandkwartier zijn gekader en samengesteld uit meerdere panden. De binnenterreinen van de bouwblokken zijn collectief en toegankelijk

Doelstelling 2

De hoogte van bebouwing en de dichtheid van de bouwvelden neemt af richting de omliggende wijken

Doesltelling 3

Bebouwing in het Waterlandkwartier bestaat uit een groeikern onderbouw en een 21ste eeuwse bovenbouw A) De onderbouw is samengesteld uit bestaande en nieuwe panden, wordt getypeerd door een jaren zeventig ‘groeikernen’ architectuur en heeft een levendige plint B) De bovenbouw in het Waterlandkwartier vormt een eigentijdse 21ste eeuwse skyline. De hogere gebouwen zijn slank, licht, hebben een eenvoudig silhouet en zijn contrasterend met de onderbouw

Doelstelling 4

Het Waterlandkwartier is een levendige en aantrekkelijke wijk op ooghoogte met menselijke maat en schaal

Doestelling 5

Daken en binnenterreinen worden zo groen mogelijk ingericht

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 9

3

PURMERMIX

10

Purmermix Doelstelling 1: Het Waterlandkwartier wordt een gemengd hoogstedelijk gebied met een programmaverdeling van 50% wonen en 50% niet-wonen Dit komt tot stand door de toevoeging van: + 1.800 woningen (verdeling 30|30|40) + 23.500 m2 extra werkprogramma + 15.000 m2 flexibel programma (maatschappelijke voorzieningen, kleinschalige detailhandel en horeca) Doelstelling 2: In het Waterlandkwartier komt tenminste een grote culturele trekker/ icoon • Gezocht wordt naar clustering/synergie van culturele voorzieningen Doelstelling 3: Bestaande voorzieningen in het Waterlandkwartier blijven behouden en versterkt en nieuwe voorzieningen worden toegevoegd » bibliotheek, zorg, opvang, basisschool, Waterlands archief, etc. » kans voor HBO-onderwijs » Kleinschalige woongerelateerde functies Doelstelling 4: Met de ontwikkeling van het Waterlandkwartier wordt gebouwd aan het lineaire centrum » De nieuwe wijk zoekt aansluiting met de omliggende gebieden » De binnenstad vormt samen met het Waterlandkwartier het centrumgebied van Purmerend

Focus op werken

Multimodaal knooppunt

Focus op wonen

Kansen voor bijzonder programma

Stationsknoop Sfeergebieden

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 11

Niet woonprogramma Onderzoeksvragen: • Wat voor niet-woonprogramma is gewenst en rendabel in het Waterlandkwartier: • Welke maatschappelijke voorzieningen blijven in het gebied en of kunnnen aan het gebied worden toegevoegd? • Hoe krijgen we het juiste niet-woonprogramma in het gebied en hoe ontwikkelen we een vruchtbaar ecosysteem voor bedrijvigheid in het Waterlandkwartier • Welk type niet-woonprogramma past in welk deel van het gebied, gelet op de functie van de binnenstad

Categorisering niet-woonprogramma: Commerciele voorzieningen Niet woonprogramma

Werkplekken/incubators Maatschappelijke voorzieningen

Richtlijn 1.A Voor de nieuw toe te voegen werkfuncties geldt ook dat de ondersteunende voorzieningen, zoals vergader- en lunchfaciliteiten, niet in het gebouw zitten maar in de plinten in de omgeving. • Daarmee ontstaat een milieu waarin kruisbestuiving tussen kleine en grote bedrijven, startende ondernemers en gevestigde orde bedrijven mogelijk wordt. AFSTEMMING MET: • STIPO BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 12

Karaktervolle plekken Doelstelling 4: Het Waterlandkwartier is een levendig en divers gebied met karaktervolle plekken De plekkenkaart geeft een overzicht van het gewenste karakter (progamma’s in de panden en plinten, beeld en programmering o.r.) van de verschillende straten en plekken in het Waterlandkwartier Onderzoeksvragen: • Karakterschets in de verschillende zones van het plan (openbare ruimte en programma

UPDATE PLEKKENKAART Legenda Ruimtelijke tyopologie drukke

pleinen

Geanimeerde plint, veel entrees en veel bezoekers

stadsboulevard buurtpleinen

Levendige plint, regelmatig entrees en bezoekers

parken

Actieve plint, voldoende entrees en bezoekers

parallelle routes groene waterkanten rustige

Programma

AFSTEMMING MET: • STIPO

woonstraten BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 13

Plekkenkaart - voorbeeld Wijkpleinen (8 en 10)

17

9

De wijkpleinen zijn de hotspots van Merwede, waar Merwede samenkomt en waar Utrecht en Merwede elkaar ontmoeten. De grootste dichtheid aan voorzieningen, werken en cultuur, aan winkels en alle soorten horeca is hier te vinden, aan alle zijden van het plein. Alle gevels nodigen uit om binnen te komen, en de programma’s binnen maken gebruik van het plein. De pleinen zijn aangename plekken om te verblijven maar bieden daarnaast de ruimte voor diverse manifestaties in de open lucht. Ze zijn gekoppeld aan de grote fietsroutes door het gebied, gelegen nabij het OV en nauw verbonden met grootschalig groen. Levendigheid op een dinsdagmorgen in de herfst is natuurlijk anders dan levendigheid op een zomerse zaterdag namiddag, maar op welk moment dan ook, op de pleinen gebeurt het.

21

6 10

18

7

2

19 11

23 24 25

12

3

13 20 1

Ruimtelijke tyopologie

14

8

Parken Wijkpleinen Buurtpleinen Legenda

Fietsstraten

Hof Ruimtelijke typologie

5

Parken

Stadsnissen

Stadsnissen Hof

15

Stadslanen Dwaalspoor

Buurtpleinen Wijkpleinen

Programma

Fietsstraten

Stadsboulevards

Geanimeerde plint, veel entrees en veel bezoekers

Dwaalspoor

Programma

Levendige plint, regelmatig entrees en bezoekers

Geanimeerde plint – veel entrees – veel bezoekers

22

16

Actieve plint, voldoende entrees en bezoekers

Levendige plint – regelmatig een entree – regelmatig bezoekers

Actieve plint – voldoende entrees –

Open plint, hier en daar een entree, nu en dan bezoekers

voldoende bezoekers

Open plint – hier en daar een entree – nu en dan bezoekers

25 Plekken in Merwede

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 14

Dichtheid en programma Spelregel 1.1 Het maximale bouwvolume voor de bouwvelden is bepaald • Voor elk blok is een FSI en een maximale FSI bepaald. De maximale FSI kan onder bepaalde voorwaarden worden gerealiseerd. • Het bouwvolume (BVO) bevat, conform de NEN-norm al het bovengronds programma. De oppervlakte van buitenruimten zoals loggia’s, balkons, niet gesloten galerijen, dakterrassen en dergelijke worden niet tot de BVO van een gebouw gerekend. Spelregel 1.2 Elk bouwveld bevat een levendige mix aan (woon)programma’s, woningtypen en woonvormen • • • •

variatie in woontypen (woningen, appartementen, studio’s, ..) variatie in woonpgramma (sociaal, doorstroom en vrij) mix van wonen en niet-wonen (werken en flexibel programma) bijzondere woningplattegronden, circulatieruimten, ...

Spelregel 1.3 Aan de straatzijde krijgen panden zoveel mogelijk een levendige programmering van de plint. Deze worden ingevuld met commerciële en maatschappelijke functies, gebouwentrees en actieve woon(-werk) ruimten. Bij de wijk- en buurtpleinen zo veel mogelijk multifunctionele ruimtes, entrees en directe toegankelijkheid vanuit het plein naar de plinten.

laag dichtheid

hoog dichtheid

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 15

delijke plint

en dwaalspoor

Doorlopend maaiveld

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 16

Dichtheid en programma

AFSTEMMING MET: • STIPO

Richtlijn 1.2A In de bouwvelden wordt programma horizontaal en verticaal gemengd

Richtlijn 1.3A Plinten zijn door het gehele gebied minimaal 3,5 meter hoog (vrije hoogte)

Richtlijn 1.3B Er is extra aandacht voor de hoeken bij de uitwerking van de levendige plint.

• Woon en niet-woon programma’s worden gestapeld of naast elkaar gerealiseerd in de bouwvelden

• met uitzondering van plekken waar mag worden verwacht dat deze voornamelijk de functie wonen hebben.

• Op de hoeken komen entrees en de levenidige plint kan hier uit meerdere verdiepingen bestaan

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 17

Dichtheid en programma Onderzoeksvragen: • Hoe willen we sturen op het gewenst programma in het Waterlandkwartier? Moeten we het niet-woonprogramma vastleggen per bouwkavel? • Wat is het ontwikkelpotentieel van de verschillende bouwkavels (vastleggen bandbreedte FSI per bouwkavel)? • Hoe willen we MobiliteitsHUB’s, publieke fietsenstallingen en parkeergarages (en hun capaciteit) vastleggen in het Waterlandkwartier? • Mogelijk kunnen we sturen op de doelen door het belonen van goed gedrag (goede verdeling wonen en niet-wonen) met het toekennen van meer ontwikkelbare m2 (BVO) FSI = Floor space index De FSI geeft de verhouding tussen het bebouwde bruto vloeroppervlak en de oppervlakte van het terrein.

bouwkavels FSI 1 2 3 4 5 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19

FSI max

BVO

BVO max

BVO Niet-wonen

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 18

4

ROBUUST RAAMWERK

19

Robuust Raamwerk Doelstelling 1: Het Waterlandkwartier fungeert als één wijk, met een robuust raamwerk en een veelheid aan panden » De wijk heeft een raamwerk dat gevormd wordt door een grid van parallele routes en haaks daarop staande verbindingen » Binnen dit raamwerk bevinden zich bouwblokken, stroken en gebouwen die elk opgebouwd zijn uit meerdere panden » De panden verschillen van elkaar, maar vertonen gelijkenissen in architectuur, vorm en bouwhoogte Doelstelling 2: Het Waterlandkwartier krijgt een aantrekkelijk groen beeld en ademt de sfeer uit van hoogstedelijk wonen en werken in het groen » De openbare en collectieve ruimte in het Waterlandkwartier wordt zo groen mogelijk ingericht. (Groen op gevels, daken en balkons) » Beperken van het oppervlakte verharde ruimte Doelstelling 3: De openbare en collectieve ruimte biedt volop ruimte voor spelen, sporten, verblijven en ontmoeten » de hoge dichtheid van het Waterlandkwartier maakt dat elk stuk openbare ruimte waardevol is en voor meerdere functies (recreatie, klimaatadaptatie, groen,..) wordt gebruikt AFSTEMMING MET: • LOLA? BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 20

Waterlandkwartier

Één wijk

Robuust raamwerk

Bouwblokken gebouwen en stroken

Panden

Het waterlandkwartier fungeert als een wijk

Een robuust raamwerk van parallele routes, verbindingen, pleinen en plekken vormt de basis van het Waterlandkwartier

Het waterlandkwartier is opgebouwd uit 20 bouwvlakken. Er zijn drie typen bouwvlakken: • bouwblokken • stroken • gebouwen

De stroken, bouwblokken en gebouwen zijn samengesteld uit meerdere panden, veelal schouder aan schouder.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 21

Stadsblokken, stroken en gebouwen 1. Stadsblok rond (verhoogde) binnentuin

2. Strook

3. Gebouw

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 22

Robuust Raamwerk

trafo openbareopenbare

ouwveld

ruimte

ruimte

trafo

trafo

bouwveld

bouwveld

Richtlijn 2.A De openbare ruimte wordt, zo veel mogelijk, gevrijwaard van zaken die ook in de bouwvelden gesitueerd kunnen worden

Richtlijn 2.B In het waterlandkwartier wordt gebruik gemaakt van gevarieerde en gelaagde beplanting

• Beperkte hoeveelheid fietsparkeren in de openbare ruimte • trafo’s, hellingbanen en opstelruimte worden inpandig opgenomen

• Verschillende soorten en groottes • Gevarieerd bomenbestand (soorten, groottes en leeftijd)

Richtlijn 2.C Het groen in het waterlandkwartier draagt aantoonbaar bij aan de stedelijke biodiversiteit • Versterking ecologisch netwerk van de stad • Ecologische plekken in de wijk

AFSTEMMING MET: • LOLA? BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 23

5

NIEUWE MOBILITEIT

24

Nieuwe mobiliteit Doelstelling 1: Het Waterlandkwartier wordt een aantrekkelijke, levendige en groene wijk waarin de voetganger en fietser centraal staan. De auto is welkom, maar is te gast in deze wijk Het Waterlandkwartier biedt veel ruimte voor de fietser en voetganger. Auto’s worden bij de entrees van het gebied opgevangen in centrale collectieve parkeervoorzieningen. De auto verdwijnt uit het straatbeeld. Doelstelling 2: Het station transformeert tot een multimodaal knooppunt voor alle vervoerssoorten. Het nieuwe multimodale knooppunt koppelt het NS-station aan het (HOV) R-net busnetwerk, de regionale buslijnen en het hoofdfietsnetwerk Doelstelling 3: Parkeren - collectief en geclusterd - hoogwaardig fietsparkeren voor bewoners, gebruikers en bezoekers

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 25

Fietsparkeren Spelregel 1.1 Fietsenbergingen bevinden zich in de plint, zijn ruim opgezet, en zijn goed bereikbaar • De fietsenstalling ligt voornamelijk op maaiveld. Een Beperkt of eenvoudig te overwinnen hoogteverschil (hellingbaan van 10%, met een maximum van 18% voor hellingen met een beperkt hoogteverschil en trappen* is toegestaan. Bij een fiestenberging met een maximumhelling moet ook een fietslift** aanwezig zijn voor mensen met een fysieke beperking) • De hellingsbaan voor een fietsenstalling ligt altijd in het blok • De fietsenstalling heeft voldoende vrije hoogte • De fietsenstaling is voor bewoners bereikbaar via het gebouw of het binnenterrein • De Purmerendse bouwbrief is leidend • De fietsenstalling heeft een heldere entree en is goed verlicht Richtlijn 1.1A In de fietsenbergingen is voldoende ruimte voor speciale fietsen • Van de fietsparkeerplaatsen moet circa 20% geschikt zijn voor speciale fietsen (cargobikes, fietsen met mandjes, e-scooters) Richtlijn 1.1B In de fietsenbergingen worden fietsen voornamelijk op de vloer gestald • De fietsenberging bevat tenminste 35% enkellaags parkeerplaatsen en maximaal 65% dubbel laags fietsparkeren BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 26

Parkeren

Spelregel 8 Parkeergarages zijn publiek toegankelijk, zijn ruim opg

Spelregel 1.2 Parkeergarages zijn publiek toegankelijk, zijn ruim opgezet, en zijn goed bereikbaar • De hellingsbaan voor een parkeergarage ligt altijd in het blok • De parkeergarage heeft voldoende vrije hoogte • Parkeergebouwen zijn zo veel mogelijk transformeerbaar en/of tijdelijk --Richtlijn 1.2A Parkeren is niet direct gekoppeld aan de woning In- en uitgangen voor bewoners, bezoekers en gebruikers van de parkeergarages bevinden zich in de openbare en collectieve ruimte. Woningen worden niet direct ontsloten vanuit de parkeergarage.

nu

straat

tijdelijk, toekomst h blok

nu

straat

Richtlijn 1.2B In de parkeergarages is voldoende ruimte voor het parkeren van deelauto’s

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 27

6

GEZOND & DUURZAAM

28

Integrale duurzaamheid Doelstelling 1: Het Waterlandkwartier is een natuurinclusieve wijk, waarin elke ruimte in het gebied, zowel dak, gevel, grond en water, wordt gebruikt om bij te dragen aan de biodiversiteit en beleving van de stadsnatuur. Doelstelling 2: Het Waterlandkwartier is een stuk stad dat gericht is op een gezonde leefstijl en waar pleinen en parken liggen die mensen uitnodigen en uitdagen om er te bewegen, te ontmoeten en te ontspannen. De voetgangers en fietsers staan centraal. Doelstelling 3: Het Waterlandkwartier wordt een klimaatadaptieve wijk met een schoon en aangenaam leefklimaat, dat bestand is tegen, bodemdaling, hevige regenval en extreme temperatuurschommelingen. Doelstelling 4: Het Waterlandkwartier wordt een duurzame en circulaire wijk. AFSTEMMING MET: • LOLA? • Adviseur? BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 29

Klimaatadaptatie & natuurinclusiviteit Spelregel: ?

Onderzoeksvraag: • Hoe leggen we de uitbouw van het veerkrachtig watersysteem vast in spelregels en richtlijnen en wat is daarbij de rol van de bebouwing en binnentuinen in het Waterlandkwartier (vasthouden/verwerken water op kavel) • Hoe voorkomen we hittestress bij de verdichting en herinrichting van het Waterlandkwartier? En hoe maken we dit concreet?

AFSTEMMING MET: • LOLA? • Adviseur? BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 30

Microklimaat Spelregel: Straten, pleinen en binnenterreinen worden goed bezond Bij ontwikkelingen in de bouwvelden wordt rekening gehouden met de toetreding van zonlicht tot het straatniveau en de binnenterreinen • meetbaar maken met concrete eis Spelregel: Het geveloppervlak van bestaande en nieuwe panden goed bezond Bij ontwikkelingen in de bouwvelden wordt rekening gehouden met de toetreding van zonlicht tot het straatniveau en de binnenterreinen • meetbaar maken met concrete eis Spelregel: In de openbare en collectieve ruimte mogen geen plekken voorkomen waar windhinder optreed. • meetbaar maken met het gebruik van criteria Spelregel: Bij de uitwerking van projecten in het Waterlandkwartier wordt de geluidsbelasting op de gevel beperkt • voldoen aan de wettelijke normen • Het behalen van deze ambitie is mede afhankelijk van het (trein)verkeer, positie van laad en losplekken, station en het materiaalgebruik in de openbare ruimte

Onderzoeksvraag: Leggen we in het Waterlandkwartier specifieke normen op, om een goed microklimaat te garanderen of hanteren we de wettelijke normen?

AFSTEMMING MET: • Adviseur? BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 31

Energie Spelregel: Nieuwbouw in het Waterlandkwartier is gasvrij ?

Onderzoeksvraag: • Leggen we in het Waterlandkwartier specifieke normen op voor energie of hanteren we de wettelijke normen (BEN)? • Is er een mogelijkheid voor een collectief (WK) warmtesysteem voor het Waterlandkwartier?

AFSTEMMING MET: • Adviseur? BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 32

Circulariteit en afval Spelregel: Bij alle nieuwbouwprojecten wordt een materialenpaspoort opgemaakt Ontwikkelende partijen leggen verantwoording af over het gebruik van grondstoffen en de hergebruiks-mogelijkheden van materialen Spelregel: Bij nieuwbouw wordt de verwachtte gebruiksduur kritisch bekeken en worden gebouwen flexibel en transformeerbaar gebouwd om de levensduur te vergroten ? Onderzoeksvragen • Welk afvalsysteem (containers in gebouwen/openbare ruimte) en welke afvalstromen passen we toe in het Waterlandkwartier en wat betekend dit voor de bouwprojecten?

AFSTEMMING MET: • Adviseur? BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 33

7

GROEIKERN VAN DE TOEKOMST

34

Groeikern van de toekomst Het stedenbouwkundig concept voor de ontwikkeling van het Waterlandkwartier is gebaseerd op de principes van de groeikernen architectuur, vertaald naar de eenentwintigste-eeuwse stad. Uitgangspunten uit de architectuur van de jaren zeventig komen terug in de ambities van vandaag. Er wordt in het Waterlandkwartier gebouwd in hoge dichtheid met meervoudig ruimtegebruik, levendige plinten een aantrekkelijke en betekenisvolle openbare ruimte en aandacht voor de menselijke maat en de stad op ooghoogte.

Bovenbouw (21ste eeuwse skyline)

Onderbouw (groeikern) levendige plint

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 35

Doelstellingen

1. Samengesteld, pandsgewijs, gekaderd en toegankelijk

3. Bebouwing bestaat uit een duidelijke onder- en bovenbouw

4. Stad op ooghoogte

2. Aflopend in dichtheid en hoogte

5. Daken en binnenterreinen worden zo groen mogelijk ingericht BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 36

Groeikern van de toekomst Doelstelling 1: Bouwblokken, stroken en gebouwen in het Waterlandkwartier zijn gekader en samengesteld uit meerdere panden. De binnenterreinen van de bouwblokken zijn collectief en toegankelijk » Rooilijnen » Blokopeningen » Schouder aan schouder

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 37

Rooilijnen en blokopeningen Spelregel 1 De positie van de rooilijnen zijn gegeven en de bebouwing staat grotendeels in de rooilijn • Rooilijnen zijn bepaald; van deze rooilijnen kan op bepaalde plekken beperkt worden afgeweken (max. 20% van de gevelzijde van een bouwblok. • Op de hoeken van een bouwveld staat een gebouw • Binnen het volume van de panden kan afgeweken worden van de rooilijn • Leesbaarheid bouwblokken, balken en openbare ruimte Spelregel 2 De bouwblokken zijn niet geheel gesloten en publiek toegankelijk • • • • •

doorwaadbaar (collectief binnenterrein) zonlicht en transparantie per bouwblok is een minimaal aantal openingen gegeven tweetal doorsteken verplicht bebouwde en onbebouwde openingen

Spelregel 3 Grote bouwblokken hebben een publieke doorsteek • doorwaadbaarheid garanderen • openingen zijn beperkt in afmeting (4-8 meter) • Gebouwen in het bouwblok kunnen een voordeur of entree hebben aan de doorsteek

Openingen in het bouwblok opening, exacte positie bepaald opening, nader te bepalen positie aan deze zijde Rooilijn alle panden in de rooilijn > 80% panden in de rooilijn BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 38

Rooilijnen en blokopeningen

≤ x%

Richtlijn 1A Panden staan grotendeels in de rooilijn

Richtlijn 1B Op de hoeken van het blok staat een gebouw.

• Gebouwen kunnen beperkt worden teruggelegd van de gevelzijde (inclusief openingen)

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 39

Rooilijnen en blokopeningen

tot circa 10 meter

tot circa 10 meter

tenminste 5 meter kleiner dan de straten

Richtlijn 2A Onbebouwde openingen

Richtlijn 2B Bebouwde openingen

• Openingen maken de samengestelde bouwblokken doorwaadbaar • Zijn beperkt in afmeting (kleiner dan de straten; tot circa 10 meter)

• Waar onbebouwde openingen niet gewenst zijn vanuit wandvorming of geluidsbelasting kunnen bebouwde openingen toegepast worden • bebouwde openingen zijn tenminste 5 meter hoog

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 40

Entree en gebouwkorrel Spelregel 4 Een bouwblok, strook en gebouw bestaat uit meerdere panden. • Elke zijde van een bouwblok of strook bestaat uit verschillende panden. De panden zijn (in het onderbouw) breder dan hoog met een maximale breedte van 50 meter.

h

w ≤ 50 meter

w>h

Spelregel 5 De adressen en hoofdentrees van de panden bevinden zich altijd aan de openbare zijde. • Adressen en hoofdentrees bevinden zich anan de openbare ruimte of de publieke doorsteek.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 41

richtlijn 4.1: Panden staan veelal schouder aan schouder

Richtlijn 4.2: en functioneel gebouw kan worden uitgewerkt als twee of meerdere architectonische panden: de hybride • Panden kunnen de ontsluiting van het naastgelegen gebouw ‘lenen’

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 42

Groeikern van de toekomst Doelstelling 2: De hoogte van bebouwing en de dichtheid van de bouwvelden neemt af richting de omliggende wijken » De Waterlandlaan is een stedelijke boulevard en een logische plek om een belangrijk deel van het programma in het Waterlandkwartier te situeren (ontsluiting, zichtbaarheid programma, profiel Waterlandlaan, stedelijke rug)

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 43

Bouwhoogte Spelregel 6 De dakhoogte is gevarieerd met een maximale hoogte van 4 tot 6 bouwlagen • De dakhoogte varieert in een gevelzijde • De maximale dakhoogte varieert van 6 aan de Waterlandland en Gorslaan, 5 bouwlagen nabij de Waterlandlaan, tot 4 bouwlagen aan de randen van het Waterlandkwartier Spelregel 7 Boven de dakhoogte zijn optoppingen en hogere gebouwen mogelijk • optopping van max 2 tot 3 bouwlagen • hogere gebouwen van max 8 tot 14 bouwlagen • uitzondering op de regel zijn de twee stedelijke accenten max. 18 bouwlagen • gebouwdelen boven de dakhoogte worden aan de straatzijde teruggelegd, met uitzondering van de twee stedelijke accenten (in specifieke gevallen is het mogelijk een hoger gebouw of optopping geen setback te geven. Dit zal per geval besproken en afgewogen worden) » optopping = setback van tenminste 3 meter » hogere gebouwen = setback van tenminste 5 meter Spelregel 8 ‘Hogere gebouwen’, stedelijke accenten en optoppingen verschillen zichtbaar in vorm en bouwhoogte • Voor hogere gebouwen en stedelijke accenten gelden specifieke richtlijnen

Stedelijke accenten zoekgebied stedelijke accent Hogere gebouwen max. 14 bouwlagen max. 11 bouwlagen max. 8 bouwlagen Dakhoogte max. 6 bouwlagen max. 5 bouwlagen max. 4 bouwlagen BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 44

Bouwhoogte

Stedelijke accenten zoekgebied stedelijke accent

Hogere gebouwen max. 14 bouwlagen (43m) max. 11 bouwlagen (34m) max. 8 bouwlagen (25m)

Dakhoogte max. 6 bouwlagen (19m) max. 5 bouwlagen (16m) max. 4 bouwlagen (12m)

Afwijking Voor kwalitatieve doeleinden (hogere plint- of verdiepingshoogte) kan met instemming beperkt van de maximale bouwhoogtes worden afgeweken, voor zover de afwijking niet leidt tot een extra bouwlaag. Hierbij geldt een afwijking van 5% van de hoogte als richtlijn en wordt enkel bij hoge uitzondering een afwijking van maximaal 10% gehonoreerd.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 45

Bouwhoogte Stedelijk accent

Hogere gebouwen (binnen de zone waarin speciale richtlijnen gelden) Bovenbouw (21ste eeuwse skyline) Optopping (2 tot 3 lagen boven de dakhoogte; speciale richtlijnen zijn niet van toepassing)

Setback (Scheiding tussen boven- en onderbouw)

max.

Onderbouw (groeikern)

Dakhoogte (en maximale dakhoogte)

Schaalverkleining

Plint

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 46

Richtlijnen voor bovenbouw (optoppingen, hogere gebouwen en stedelijke accenten) bovenbouw >5 lagen optopping 1-3 lagen

lager dan de goothoogte ≥3M

setback niet nodig

Richtlijn 7A Optoppingen en hogere gebouwen staan op één onderbouw pand

Richtlijn 6 De bovenbouw verschilt voldoende in bouwhoogte en verschijningsvorm • hoge gebouwen die in de buurt van elkaar staan verschillen in zichtbaar van elkaar in hoogte en verschijningsvorm

B

B

B

B

B <B

B =B

≥5M

setback ≥3M

setback ≥5M

Richtlijn 7B Gebouwdelen boven de dakhoogte (bovenbouw) worden aan de straatzijde teruggelegd. • optopping = setback van minimaal 3 meter • hoger gebouw = setback van minimaal 5 meter • stedelijke accenten zijn uitgezonderd

Richtlijn 7C Een optopping is minder breed als de onderbouw waarop zij staat BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 47

Richtlijnen voor bovenbouw (optoppingen, hogere gebouwen en stedelijke accenten)

station

Richtlijn 8A Voor het oppervlakte van een hoger gebouw en stedelijk accent geldt een maximale diagonaal • diagonaal = max ?? (in onderzoek)

Richtlijn 8B Hogere gebouwen en stedelijke accenten staan op voldoende afstand van elkaar • Hogere gebouwen en stedelijke accenten staan op tenminste 40 meter (hart gebouw tot gevel volgende gebouw) afstand van elkaar

Richtlijn 8C De stedelijke accenten in het Waterlandkwartier krijgen een publiek toegankelijk programma in bovenste bouwlaag/bouwlagen

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 48

Groeikern van de toekomst Doelstelling 3: Bebouwing in het Waterlandkwartier bestaat uit een groeikern onderbouw en een 21ste eeuwse bovenbouw. » Inpassing bestaande bebouwing in de onderbouw » Hogere gebouwen en stedelijke accenten lopen door tot in het binnenterrein Het stedenbouwkundig concept voor de ontwikkeling van het Waterlandkwartier is gebaseerd op de principes van de groeikernen architectuur, vertaald naar de eenentwintigste-eeuwse stad. Uitgangspunten uit de architectuur van de jaren zeventig komen terug in de ambities van vandaag. De bebouwing bestaat uit een ‘groeikern onderbouw’ en een ‘eenentwintigste-eeuwse skyline bovenbouw’ bestaande uit optoppingen en hoger gebouwen, die in hoogte afnemen richting de omliggende woonwijken. De onderbouw staat stevig met de voeten op de grond en refereert in haar architectuur naar de jaren zeventig. De bovenbouw, ook wel de eenentwintigste-eeuwse skyline, is duidelijk anders. Zij wordt gekenmerkt door lichte en transparante volumes van glas, hout, beton en groene gevels en elementen.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 49

Onderbouw - groeikern Doelstelling 3A. De onderbouw is samengesteld uit bestaande en nieuwe panden, wordt getypeerd door een jaren zeventig ‘groeikernen’ architectuur en heeft een levendige plint. De onderbouw bestaat uit panden die veelal breder dan hoog zijn. Typerend is de schaalverkleining in de gevel, waarmee een verticale geleding wordt verkregen door middel van detaillering, verkleiningen van bouwmassa’s, setbacks, erkers en dergelijke. De architectuur is robuust, veelal van baksteen en eerlijke, hernieuwbare materialen. De onderbouw krijgt aan de straatzijde zo veel mogelijk een levendige plint. De plint wordt daarbij ingevuld met commerciële, maatschappelijke of culturele functies, entrees tot de gebouwen en actieve woon/werkruimten. Plinten zijn door het gehele gebied minimaal 3,5 meter hoog, om functiewijziging en flexibiliteit in invulling mogelijk te maken, met uitzondering van plekken waarvan mag worden verwacht dat de plint voornamelijk een woonfunctie zal hebben.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 50

Eksperiment

rooi

rooi

lijn

lijn

Bebouwing bestaat uit geometrische rooi rooi lijn lijn elementen en structuren

publiek domein

privé / collectief domein

rooi

privé / collectief domein

publiek domein

lijn

lijn

privé / collectief publiek privé / collectief ‘schaalverkleining’ binnendomein een volume domein domein privé / collectief domein

rooi

rooi

lijn

lijn

lijn

lijn

lijn

rooi

rooi

rooi

rooi

privé / collectief domein

publiek domein

rooi

lijn

privé / collectief domein

privé / collectief domein

publiek domein

privé / collectief domein

privé / collectief domein

publiek domein

privé / collectief domein

Interventies door gebruikers vinden plaats aan de achterzijde. Het straatbeeld blijft uniform en veelal ongewijzigd

privé / collectief domein Voormalig Stadskantoor, 1978 Voormalig Stadskantoor, 1978

De menselijke schaal

Een gevelopbouw met hoogteverschillen, ritmeveranderingen en toegevoegde beeldbepalende elementen (bijvoorbeeld balkons)

Waterlandplein 3-5 & Waterlandlaan 63-83 J. Stroevelein 3-5 & Waterlandlaan 63-83 Waterlandp Architect J. Stroeve van Macobouw. Architect In opdracht In opdracht van Macobouw.

winkel winkel

winkel

winkel

Stapeling van een het verweven van programma’s. Meervoudig ruimtegebruik

winkel

Voornamelijk beton en baksteen met gevelbeplating; Experimenten met winkel andere gevelmaterialen waaronder hout

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 51

Onderbouw - hoofdvorm Spelregel 9.1 De panden in het Waterlandkwartier staan schouder aan schouder en verschillen in korrel en dakvorm.

w>h

omschrijving h1

Richtlijnen » Panden in de onderbouw zijn veelal breder dan hoog » Panden staan schouder aan schouder » Panden verschillen breedte en dakvorm » onderbrekingen in de wand van een bouwblok of strook doen geen afbreuk aan de leesbaarheid en herkenbaarheid van het bouwblok en strook » De onderbouw bestaat uit nieuwe en oude gebouwen

h2 w1

h3 w2

h4 w3

w4

h5 w5

Panden zijn veelal breder dan hoog

Wisselende dakvormen

Integreer oud en nieuw BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 52

Onderbouw - hoofdvorm Spelregel 9.2 Panden kenmerken zich door robuustheid, stevigheid en zelfstadigheid en zijn alzijdig

Richtlijnen » Een pand staat met de voeten op de grond. » De scheiding tussen panden is een rechte lijn van dak tot maaiveld » Schaalverkleining vindt plaats binnen het volume » Ieder pand is (bij voorkeur) organisatorisch een zelfstandige eenheid, met zo veel mogelijk een eigen ontsluitingsstructuur en entree » De plint draagt het pand, nodigt uit en is tenminste 3,5 meter hoog (uitzonderingen zijn mogelijk waar er alleen gewoond wordt in de plint) » Dichte gevels zijn niet toegestaan waar het gebouw grenst aan de openbare ruimte en het binnenterrein en waar de gevel in het zicht is gesitueerd

De onderbouw bestaat uit bouwblokken die breder zijn dan hoog

Schaalverkleining vindt plaats binnen het volume

Een verdere schaalverkleining vindt plaats in de gevel

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 53

Onderbouw - verschijningsvorm Spelregel 9.3 Elk gebouw heeft een eigen vanzelfsprekende gevelopbouw die refereert naar de jaren zeventig ‘groeikernen’ architectuur. Elk gebouw heeft een eigen logische gevelverdeling met een samenhangende en eendudige uitstraling waarbij gebouwgebonden buitenruimten een geïintegreerd onderdeel zijn van het architectonisch concept voor het gebouw. Richtlijnen » Schaalverkleining in de gevel, waarmee een verticale geleding wordt verkregen door middel van detaillering, verkleiningen van bouwmassa’s, setbacks, erkers en dergelijke. » Patroon en textuur zijn eigen en passen bij de ‘korrel’ van het gebouw » Er dient afwisseling te zijn in patroon en plasticiteit tussen gebouwen onderling » aandacht voor materialiteit en detaillering, reliëf in de gevel en tactiliteit » Alle zichtbare gevels, dus inclusief prominente zijgevels en alle achtergevels, worden als volwaardige gevels ontworpen. » In het Waterlandkwartier wordt natuurinclusief gebouwd. Natuurinclusieve elementen zijn onderdeel van de architectuur van het pand

schaalverkleining

Schaalverkleining

Wisselende patroon en textuur

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 54

Onderbouw - verschijningsvorm Spelregel 9.4 Balkons & galerijen en ondergeschikte bouwdelen zijn een geïntegreerd onderdeel van gebouwconcept Gebouwgebonden buitenruimten en ondergeschikte bouwdelen zijn een geïintegreerd onderdeel van het architectonisch concept voor het gebouw Richtlijnen » Balkons, erkers en galerijen worden integraal mee ontworpen waarbij het alzijdig karakter van het gebouw blijft behouden » Dakterrassen bevinden zich achter een verhoogde borstwering » Ondergeschikte bouwdelen (zoals dakinstallaties) en liftschachten worden in aantal en omvang zo veel mogelijk beperkt, uit het zicht geplaatst, dan wel architectonisch of groen ingepast. Hoe lager het dakvlak, hoe meer aandacht hiervoor. » Groene gevels en zonnepanelen aan de gevel worden als integraal onderdeel van het gevelbeeld ontworpen en zijn volwaardig onderdeel van de beeldtaal en gevelcompositie. » Nutsvoorzieningen en toegangen tot (fiets)parkeergarages zijn zorgvuldig verwerkt en ingepast in het architectonisch beeld van de gevel

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 55

Onderbouw - verschijningsvorm Spelregel 9.5 Een gebouw bestaat uit één hoofdmateriaal en hoofdkleur Door de continuïteit in materialisering en kleurgebruik krijgt het gebouw een samenhangende verschijningsvrom Richtlijnen » Een gebouw bestaat voor het overgrote deel uit één materiaal (baksteen, beton en/of hout » Er worden ‘eerlijke’ (je ziet wat het is) en natuurlijke materialen toegepast met duurzame eigenschappen » Materialen worden zoveel mogelijk in hun natuurlijke uitstraling getoond ( geen geverfde oppervlakken) » Gebruik materialen die verouderen, niet vervuilen » Het materiaal van een bijzondere dakvorm mag afwijken van het hoofdmateriaal mits dat geen afbreuk doet aan de samenhang en herkenbaarheid van de hoofdvorm » Nieuwe panden hebben overwegend één kleur » Er zijn tintverschillen tussen aangrenzende panden. Er wordt rekening gehouden met kleuren van bestaande panden

Materialiteit

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 56

Onderbouw - verschijningsvorm Spelregel 9.6 Een gebouw sluit aan op de openbare en collectieve ruimte Een optimaal toegankelijke en comfortabele openbare en collectieve ruimte is belangrijk voor het open karakter in het Waterlandkwartier. De overgang van privé naar openbaar staat in dienst de gewenste samenhang in de buitenruimte. Levendige plint

Richtlijnen » Er is een zorgvuldig ontworpen overgang van privé naar openbaar die uitnodigt tot verblijf » Aan de openbare ruimte grenzende gevels en buitenruimten zijn levendig en nodigen uit tot ontmoeting, maar bieden ook voldoende privacy (zodat bewoners niet altijd de gordijnen dicht hebben) » Private buitenruimten tussen woning en het binnenterrein zijn ondergeschikt en beperkt in diepte; circa 2,5 meter met lokaal uitzonderingen, bijvoorbeeld bij grondgebonden woningen » Erfafscheidingen aan de openbare en collectieve ruimte zijn meeontworpen » Er is voldoende ruimte voor fietsenberging op de begane grond, maar dit is niet dominant in het straatbeeld

private buitenruimtes

openbare ruimte

private buitenruimtes

openbare ruimte

collectieve ruimte

collectieve ruimte

binnenterrein

ca. 2,5m

binnenterrein

ca. 2,5m

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 57

Onderbouw - bestaande bebouwing Spelregel 9.7 Bestaande panden worden opgenomen in de onderbouw. Bij een transformatie van een bestaand pand gelden de spelregels en voorwaarden van het kwaliteitsplan +

Richtlijnen » Alle aanpassingen of uitbreidingen aan bestaande gebouwen moeten een eigentijdse uitwerking krijgen met respect voor het oorspronkelijke gebouw

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 58

Bovenbouw - 21ste eeuwse skyline Doelstelling 3B: De bovenbouw in het Waterlandkwartier vormt een eigentijdse 21ste eeuwse skyline. De hogere gebouwen zijn slank, licht, hebben een eenvoudig silhouet en zijn contrasterend met de onderbouw. De hogere gebouwen zijn tussen de 6 tot 15 bouwlagen hoog. Zodoende ontstaat er een nieuwe, middelhoge skyline van optoppingen en kleinere en hogere gebouwen. Om de ervaring van hoogte in de bebouwing op straatniveau te beheersen en de hogere bebouwing als herkenbare nieuwe laag te onderscheiden van de basislaag worden setbacks als middel ingezet. De bouwdelen boven de goothoogte (optoppingen en hogere gebouwen) worden in zijn geheel teruggelegd van de rooilijn. Deze setback zorgt voor licht en lucht op straatniveau en draagt tevens bij aan het terugdringen van windval bij hogere gebouwen. Hoogbouwvisie Hoogbouwinitiateven in het Waterlandkwartier worden getoetst aan de uitgangspunten van de hoogbouwvisie van Purmerend.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 59

bovenbouw - hoofdvorm Spelregel 9.8 De bovenbouw verschilt zichtbaar van de onderbouw. Ze is licht en heeft een eenvoudig silhouet.

Richtlijnen » De bovenbouw heeft een eenduidige en heldere basisvorm » Hogere gebouwen zijn slank » De bovenbouw onderscheidt zich zichtbaar van de onderbouw (in materiaal, volume en architectuur) » Hogere gebouwen en stedelijke accenten zijn alzijdig; alle gevels worden als volwaardige gevels ontworpen » Panden en optoppingen in de bovenbouw kunnen onderling van elkaar verschillen, maar er is sprake van samenhang. Dat kan bereikt worden door een afstemming in materiaalgebruik, vorm, architectonische uitstraling,...

Basisvorm

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 60

bovenbouw - verschijningsvorm Spelregel 9.9 De bovenbouw heeft een herkenbare plastiek met reliëf, tactiliteit en zorgvuldige detaillering. Er wordt gestreefd naar panden ‘die met liefde zijn gemaakt’ en die met een rijkelijk geschakeerd uiterlijk een levendig stedelijk beeld bewerkstelligen. De bovenbouw is niet uitbundig sculpturaal of spectaculair volumetrisch van opzet, maar heeft een relatief eenvoudige hoofdvorm met aandacht voor materialiteit en detaillering. Richtlijnen » Balkons en erkers worden integraal mee ontworpen waarbij het alzijdig karakter van het pand blijft behouden » Dakterrassen bevinden zich achter een verhoogde borstwering » Ondergeschikte bouwdelen (zoals dakinstallaties) en liftschachten worden in aantal en omvang zo veel mogelijk beperkt, uit het zicht geplaatst, dan wel architectonisch of groen ingepast. Hoe lager het dakvlak, hoe meer aandacht hiervoor. » Het materiaal van een bijzondere dakvorm mag afwijken van het hoofdmateriaal mits dat geen afbreuk doet aan de samenhang en herkenbaarheid van de hoofdvorm » Groene gevels en zonnepanelen aan de gevel worden als integraal onderdeel van het gevelbeeld ontworpen en zijn volwaardig onderdeel van de beeldtaal en gevelcompositie » .In het Waterlandkwartier wordt natuurinclusief gebouwd. Natuurinclusieve elementen zijn onderdeel van de architectuur van de bovenbouw

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 61

bovenbouw - verschijningsvorm Spelregel 9.10 Een bovenbouw (optopping, hoger pand, stedelijk accent) bestaat uit één hoofdmateriaal en hoofdkleur Door de continuïteit in materialisering en kleurgebruik krijgt de bovenbouw een samenhangende verschijningsvrom

Materialiteit Een combinatie van glazig, licht, doorzichtig materialen, duurzaan naterialen, en groen

Richtlijnen » De Bovenbouw oogt ‘licht’. Er wordt veel gebruik gemaakt van glas en andere transparante materialen » Een pand bestaat voor het overgrote deel uit één materiaal (hout, glas, groen, ..) » Er worden ‘eerlijke’ (je ziet wat het is) en natuurlijke materialen toegepast met duurzame eigenschappen » Materialen worden zoveel mogelijk in hun natuurlijke uitstraling getoond ( geen geverfde oppervlakken) » Gebruik materialen die verouderen, niet vervuilen » Nieuwe panden hebben overwegend één kleur

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 62

Groeikern van de toekomst Doelstelling 4: Het Waterlandkwartier is een levendige en aantrekkelijke wijk op ooghoogte met menselijke maat en schaal

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 63

Levendige plinten Spelregel 10 Een gebouw sluit aan op de openbare en collectieve ruimte Een optimaal toegankelijke en comfortabele openbare en collectieve ruimte is belangrijk voor het open karakter in het Waterlandkwartier. De overgang van privé naar openbaar staat in dienst de gewenste samenhang in de buitenruimte. Levendige plint

Richtlijnen » Er is een zorgvuldig ontworpen overgang van privé naar openbaar die uitnodigt tot verblijf » Aan de openbare ruimte grenzende gevels en buitenruimten zijn levendig en nodigen uit tot ontmoeting, maar bieden ook voldoende privacy (zodat bewoners niet altijd de gordijnen dicht hebben) » Private buitenruimten tussen woning en het binnenterrein zijn ondergeschikt en beperkt in diepte; circa 2,5 meter met lokaal uitzonderingen, bijvoorbeeld bij grondgebonden woningen » Erfafscheidingen aan de openbare en collectieve ruimte zijn mee-ontworpen » Er is voldoende ruimte voor fietsenberging op de begane grond, maar dit is niet dominant in het straatbeeld private buitenruimtes

openbare ruimte

collectieve ruimte

private buitenruimtes

openbare ruimte

collectieve ruimte

binnenterrein

ca. 2,5m

binnenterrein

ca. 2,5m

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 64

Groeikern van de toekomst Doelstelling 5: Daken en binnenterreinen worden zo groen mogelijk ingericht

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 65

De binnenterreinen zijn groen, collectief bi tenminste overdag publiek verbonden me

Binnenterreinen Spelregel 11 De binnenterreinen zijn groen, collectief bieden voldoende ruimte voor ontmoeting, zijn tenminste overdag publiek verbonden met het netwerk van straten, pleinen en parken.

---

Spelregel 9 De binnenterreinen zijn groen, collectief bieden voldoende ruimte vo tenminste overdag publiek verbonden met het netwerk van straten, p

Richtlijn 11A Om de collectieve waarde van de binnenterreinen te borgen zijn private buitenruimtes van woningen aan het binnenterrein ondergeschikt, zodat de collectieve waarde is geborgd. Op deze manier voorzien de buitenruimtes in voldoende privacy, maar belemmeren ze geen interactie.

private buitenruimtes

Richtlijn 11B Alle binnenterreinen zijn (onder wisselend regime) toegankelijk voor het publiek.

private buitenruimtes

binnenterrein BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 66

Richtlijn 11C Zoveel mogelijk woningen in een gebouw hebben een directe toegang tot het binnenterrein, die tenminste overdag is opengesteld voor het publiek. Daarbij zijn alle (verhoogde) binnenterreinen op minimaal één plek toegankelijk voor mindervaliden.

ldoende ruimte voor ontmoeting, zijn werk van straten, pleinen en parken. private buitenruimtes

binnenterrein

Richtlijn 11D De binnenterreinen van bouwblokken liggen voornamelijk op maaiveld en zoveel mogelijk in de volle grond. Service ruimtes (fiets, afval etc) worden in principe binnen de footprint van de gebouwen gesitueerd. Incidentele afwijkingen zijn mogelijk. Elke verhoogd binnenterrein krijgt voldoende gronddekking, voor voldoende groen en bomen volgens het principe van de Merwedebiotoop.

errein BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 67

Veelkleurig multifunctioneel dakenlandschap Spelregel 12 Elk dak heeft een naast haar functie als dak tenminste een andere functie Het Waterlandkwartier heeft een veelkleurig, multifunctioneel vormgegeven daklandschap, waarbij speciale aandacht gegeven wordt aan de daken die in het zicht zijn. Voor deze dakengeldt het ‘principe van de vijfde gevel’ of wordt het dak ingezet als (bruikbare)buitenruimte --Richtlijn 12A Elk dak wordt ingericht als een extensief groendak, een waterdak, zonnedak (zonnepanelen of warmetcollectoren), (collectieve) tuin of een combinatie van deze opties. Richtlijn 12B Bij lage daken die in het zicht zijn wordt ingezet op een inrichting als ‘een vijfde gevel’ Richtlijn 12C Lage daken krijgen een verblijfskwaliteit en zijn toegankelijk als daktuin.

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 68

BURA | KWALITEITSPLAN WATERLANDKWARTIER | 69

70

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10589081/1