CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

B.Bijlage-1-13e-wijziging-GR-vervoerregio-amsterdam

Gemeenteraad 27 juni 2024, gemeente PurmerendBij agendapunt: 13e wijziging gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam2.080 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VOORSTEL AAN DE REGIORAAD

Vergaderdatum

Regioraad (05-03-2024)

Onderwerp

13e Wijziging Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam

Portefeuillehouder Behandelend ambtenaar

Voorgesteld besluit 1

De kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden te versterken in de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam.

2

Het dagelijks bestuur op te dragen een participatieverordening voor te bereiden, waarin is geregeld hoe inwoners en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid van de Vervoerregio worden betrokken.

3

De Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam waar nodig te actualiseren.

Door: 4

De regioraad de mogelijkheid te geven meer besluiten aan te wijzen waarover een zienswijze aan de raden wordt gevraagd.

5

De data en termijnen van de begrotingscyclus aan te passen.

6

Het actief informeren van de raden te formaliseren.

7

De bestuursorganen van de gemeenten, waaronder de raden, te laten besluiten over de gevolgen van uittreding van een deelnemende gemeente.

8

De Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam eens in vier jaar te evalueren, en daarbij de bestuursorganen van de gemeenten, waaronder de raden, te betrekken.

9

Een grondslag voor het vaststellen van een participatieverordening door de regioraad op te nemen.

10 Begrotingswijzigingen die niet leiden tot een gewijzigde bijdrage van de deelnemende gemeenten en de

jaarrekening uit te zonderen van de zienswijzeprocedure met de raden. Hiervoor: 11 De 13e wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam ter vaststelling aan te

bieden aan de 14 gemeenteraden, de 14 colleges van B&W en de 14 burgemeesters van de gemeenten in de Vervoerregio Amsterdam.

Voorstel aan de Regioraad BBV/2023/13170

pagina 1 van 6

VOORSTEL AAN DE REGIORAAD

Kern Per 1 juli 2022 is de Wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen en enige andere wetten in verband met het versterken van de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen in werking getreden. Deze wetswijziging is bedoeld om de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden, provinciale staten en algemene besturen van waterschappen bij taken die in gemeenschappelijke regelingen worden uitgevoerd te versterken. Binnen twee jaar na inwerkingtreding van deze wetwijziging moeten gemeenschappelijke regelingen hiermee in overeenstemming zijn gebracht, dus uiterlijk 1 juli 2024. De wijzigingen met betrekking tot de begrotingscyclus zijn al per 1 juli 2022 in werking getreden. De wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen heeft geen verstrekkende gevolgen voor de Vervoerregio Amsterdam. Op veel vlakken is de betrokkenheid van de raden van de deelnemende gemeenten bij de besluitvorming van de Vervoerregio al stevig georganiseerd, door de manier waarop de Vervoerregio is ingericht. De leden van de regioraad zijn aangewezen uit de raden en leggen verantwoording af aan de raden. Daarnaast worden raden actief geïnformeerd en is al vastgelegd dat zij over bepaalde besluiten om een zienswijze worden gevraagd.

Dit voorstel gaat over de wijzigingen in de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam als gevolg van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Ook is de Gemeenschappelijke regeling waar nodig geactualiseerd. Voor een gedetailleerd van alle wijzigingen en een toelichting hierop zie bijlage 1. Voor een overzicht van alle voor de Vervoerregio relevante wijzigingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen zie bijlage 2.

Argumenten 1.1 Dit sluit aan bij de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022. Deze wetswijziging is bedoeld om de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden, provinciale staten en algemene besturen van waterschappen bij taken die in gemeenschappelijke regelingen worden uitgevoerd te versterken. 2.1 en 9.1 Participatie past bij het grote maatschappelijk belang van de taken en bevoegdheden van de Vervoerregio De Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio moet bepalingen bevatten over de wijze waarop inwoners en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid worden betrokken. Inspraak is nu geregeld via de Inspraakverordening en het Reglement van Orde van de regioraad. Het gaat daarbij om het betrekken van belanghebbenden bij de voorbereiding van beleid en de mogelijkheid tot inspreken in de regioraad. Vanwege het grote maatschappelijke belang van de taken en bevoegdheden van de Vervoerregio is het wenselijk om inwoners en belanghebbenden te betrekken bij alle stadia van de beleidscyclus, niet alleen

Voorstel aan de Regioraad BBV/2023/13170

pagina 2 van 6

VOORSTEL AAN DE REGIORAAD

bij de voorbereiding. In de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio is daarom een artikel toegevoegd dat de grondslag vormt voor het vaststellen van een participatieverordening door de regioraad. 3.1 De Gemeenschappelijk regeling van de Vervoerregio klopt op sommige punten niet meer met wet- en regelgeving en de bestaande werkwijze. Dit geldt met name voor de Omgevingswet die per 1 januari 2024 in werking is getreden. Daarmee is de Planwet verkeer en vervoer komen te vervallen en heeft de Vervoerregio niet langer de wettelijke taak een regionaal verkeers- en vervoerplan vast te stellen. In verband hiermee is in de Gemeenschappelijke regeling de term ‘regionaal verkeers- en vervoerplan’ vervangen door de term ‘regionaal beleidskader mobiliteit’. Dit beleidskader is ook te beschouwen als het regionaal verkeers- en vervoerbeleid als bedoeld in de Wet BDU verkeer en vervoer, dat de basis vormt voor het doen van uitgaven door de Vervoerregio. Verder zijn sommige bepalingen aangepast om ze te aansluiten op de huidige werkwijze binnen de Vervoerregio. Ook heeft een redactieslag plaatsgevonden. 4.1 Hierdoor kan de betrokkenheid van de raden bij de besluitvorming van de Vervoerregio worden vergroot.

Op dit moment is het verplicht een zienswijze te vragen bij 1) het regionaal beleidskader mobiliteit, 2) de begroting en jaarrekening en 3) deelneming in en oprichting van privaatrechtelijke rechtspersonen. Nu voegen we de mogelijkheid toe ook andere besluiten die raken aan de kaderstellende rol van gemeenteraden voor een zienswijze voor te leggen. Dit zijn bijvoorbeeld besluiten van groot maatschappelijk belang, met belangrijke beleidswijzigingen en/of van groot financieel belang. 5.1 Hiermee sluiten de bepalingen over de begrotingscyclus aan op de wet. De positie van gemeenteraden in de begrotingscyclus van een gemeenschappelijke regeling is verbeterd. De termijnen voor indiening van de kadernota, ontwerpbegroting en begroting sluiten beter aan op de termijnen zoals die gelden binnen de gemeenten. Daarnaast moeten de raden een terugkoppeling krijgen op hun zienswijze voordat de regioraad de begroting vaststelt. De Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio is hiervoor aangepast. 6.1 De Vervoerregio geeft al invulling aan de verplichting de raden actief te informeren. Het bestuur van de Vervoerregio moet de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen geven die zij nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. Dit is vergelijkbaar met de inlichtingenplicht van het college van B&W op grond van de Gemeentewet.

We geven hieraan invulling door de stukken voor de regioraad gelijktijdig aan de raden toe te sturen (via de griffies). In de Gemeenschappelijk regeling van de Vervoerregio is een bepaling hierover toegevoegd die de bestaande werkwijze vastlegt. 7.1 De raden, colleges en burgemeesters worden in positie gebracht bij uittreding van een deelnemende gemeente. Een gemeenschappelijke regeling moet bepalingen bevatten over wijziging, opheffing, toetreding en uittreding, waarbij ook de gevolgen van een uittreding geregeld moeten zijn. De bepaling over uittreding in de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio is daarom aangepast. Kern is dat de raden, colleges en burgemeesters van de inliggende gemeenten besluiten over de financiële, juridische, personele en organisatorische gevolgen van een uitreding. Nu is bepaald dat de regioraad hierover gaat.

Voorstel aan de Regioraad BBV/2023/13170

pagina 3 van 6

VOORSTEL AAN DE REGIORAAD

8.1 Een evaluatie biedt gelegenheid de ervaringen van de lopende bestuursperiode mee te nemen in een nieuwe bestuursperiode. Een gemeenschappelijke regeling moet bepalingen inhouden over wel/niet evalueren van de regeling. Op dit moment bevat de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio geen evaluatiebepaling. Een nieuwe bepaling is toegevoegd over een vierjaarlijkse evaluatie van het functioneren van de regeling, in het laatste jaar van een bestuursperiode. Te denken valt aan een evaluatie van de actieve informatieplicht richting raden en de besluiten die voor zienswijze aan de raden worden voorgelegd. Een opzet voor de evaluatie wordt door het dagelijks bestuur uitgewerkt. De bestuursorganen van de deelnemende gemeenten, waaronder de raden, worden bij de evaluatie betrokken. 10.1 De aanpassingen in de zienswijzeprocedure voor wijziging van de begroting en de jaarrekening sluiten aan bij de huidige werkwijze. In de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio is toegevoegd dat begrotingswijzigingen die niet leiden tot een gewijzigde bijdrage van de deelnemende gemeenten zijn uitgezonderd van de zienswijzeprocedure met de raden. Dit sluit aan bij de huidige werkwijze binnen de Vervoerregio. Daarnaast is de zienswijzeprocedure voor de jaarrekening komen te vervallen. In de praktijk wordt hier door de raden weinig gebruik van gemaakt.

De cijfers in de jaarrekening staan al vast en zijn door de accountant gecontroleerd. De jaarrekening leent zich daardoor minder goed als onderwerp waarover raden een zienswijze kunnen geven. Dit is wettelijk ook niet verplicht (anders dan bij de begroting). Uiteraard blijven de raden de jaarrekening ter kennisname ontvangen. 11.1 De input vanuit de gemeenten en de klankborgroep zijn meegenomen De gemeenten van de Vervoerregio is gevraagd om input voor de wijziging van de Gemeenschappelijke regeling. De gemeenten in Zaanstreek en Waterland hebben een gezamenlijke werkgroep ingesteld die concrete suggesties heeft gedaan voor wijziging van de gemeenschappelijke regelingen waarin zij deelnemen. Deze zijn meegenomen bij de wijziging van de Gemeenschappelijke regeling. Daarnaast is een klankbordgroep vanuit de regioraad ingesteld die is betrokken bij de wijziging van de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio. 11.2 Dit voorstel wordt nu aan de regioraad voorgelegd om ervoor te zorgen dat de gewijzigde Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio per 1 juli 2024 in werking zal treden. Dit vloeit voort uit de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen van 1 juli 2022. Hierbij is bepaald dat voor de bestaande gemeenschappelijke regelingen een implementatieperiode van twee jaar geldt.

Dit betekent dat de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam per 1 juli 2024 moet zijn aangepast. 11.3 Het besluit tot wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam wordt niet genomen door de regioraad, maar door de deelnemende gemeenten. Op grond van artikel 67 lid 1 van de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam legt de regioraad het voorstel tot wijziging ter vaststelling voor aan de aan de Vervoerregio deelnemende gemeenten. Daarnaast bepaalt artikel 67 lid 2 van de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam dat een wijziging tot stand komt als de raden, de colleges en de burgemeesters van tenminste twee derde van het aantal deelnemende gemeenten, vertegenwoordigende tenminste twee derde van het aantal inwoners van het verzorgingsgebied op 1 januari van dat jaar, tot deze wijziging hebben besloten.

Voorstel aan de Regioraad BBV/2023/13170

pagina 4 van 6

VOORSTEL AAN DE REGIORAAD

Kanttekeningen 1.1 Het versterken van de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenten kan leiden tot langere doorlooptijden. Dit weegt echter niet op tegen het voordeel van het versterken van de democratische legitimiteit van de besluitvorming van de Vervoerregio. Dit is bovendien het uitgangspunt van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen van 1 juli 2022.

Financiële toelichting De wijziging van de Gemeenschappelijke regeling heeft geen financiële gevolgen.

Vervolg -

Na besluitvorming door de regioraad wordt het voorstel tot wijziging voorgelegd aan de aan de Vervoerregio Amsterdam deelnemende gemeenten. De wijziging komt tot stand als twee derde van de gemeenten vertegenwoordigend twee derde van het inwonertal hiermee heeft ingestemd. De gewijzigde gemeenschappelijke regeling treedt vervolgens in werking als de gemeente Amsterdam dit heeft gepubliceerd in het Gemeenteblad.

Communicatie Na inwerkingtreding van de gewijzigde gemeenschappelijke regeling wordt hiervan melding gedaan met een nieuwsbericht op de website van de Vervoerregio Amsterdam.

Meegezonden stukken/bijlagen 1

Besluit 13e wijziging Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam

2

Memo Gevolgen wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen voor de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio Amsterdam

3

Tekst gewijzigde Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam

Opvraagbare stukken n.v.t.

Voorstel aan de Regioraad BBV/2023/13170

pagina 5 van 6

VOORSTEL AAN DE REGIORAAD

Besluit Gelet op het bovenstaande stelt het dagelijks bestuur van de Vervoerregio Amsterdam de regioraad voor over te gaan tot vaststelling van het volgende besluit: De regioraad van de Vervoerregio Amsterdam Gelezen het voorstel BBV/2023/13170 van 5 maart 2024; Gelet op het advies van de Commissie Werkwijze van 6 februari 2024: Gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Gemeenschappelijke regeling van de Vervoerregio Amsterdam; Besluit: 1

De 13e wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Vervoerregio Amsterdam ter vaststelling aan te bieden aan de 14 gemeenteraden en de 14 colleges van B&W van de gemeenten in de Vervoerregio Amsterdam.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de regioraad van de Vervoerregio Amsterdam op 5 maart 2024. de secretaris,

de voorzitter,

R. Salden

M. van der Horst

Voorstel aan de Regioraad BBV/2023/13170

pagina 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14163691/1