CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

a.-raadsvoorstel-en-ontwerpbesluit-verlengen-gemeenschappelijke-regeling-zonder-meer

Gemeenteraad 19 december 2024, gemeente PurmerendBij agendapunt: Verlenging gemeenschappelijke Regeling zonder Meer1.385 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel en ontwerpbesluit

Registratienummer raad 1603367

Datum: 12 november 2024

Portefeuillehouder: N. Saaf

Domein / Team: MAAD / BEMD

Onderwerp: Verlengen RzM Decentralisaties Sociaal Domein en Dienstverleningsovereenkomsten Jeugd Samenvatting: Verlengen van de gemeenschappelijke Regeling zonder Meer (RzM) is noodzakelijk voor de uitvoering van de inkoop en het contractmanagement van maatwerkvoorzieningen Jeugdwet. Aan de huidige DVO Jeugd nemen alle gemeenten in de regio deel, aan de nu lopende DVO Wmo nemen alle gemeenten deel met uitzondering van Edam-Volendam en Purmerend. Zowel de RzM als de DVO’s Jeugd en Wmo lopen 31 december 2024 af. De regiogemeenten moeten daarom opnieuw een besluit nemen over de voortzetting van de gemeenschappelijke regeling, de dienstverleningsovereenkomsten en de daarbij horende mandaten en volmachten. Voor Purmerend geldt dus alleen de RzM en de DVO Jeugd.

Registratienummer: 1603367 Onderwerp: Verlengen RzM Decentralisaties Sociaal Domein en Dienstverleningsovereenkomsten Jeugd Purmerend, 12 november 2024 Aan de gemeenteraad van Purmerend, Inleiding en probleemstelling: Met de invoering van de gedecentraliseerde Jeugdwet en de Wmo is in 2014 een Regeling zonder Meer (verder te noemen: RzM) getroffen voor de samenwerking in de regio Zaanstreek-Waterland. De RzM richt zich in essentie op gezamenlijke inkoop en het contractmanagement van maatwerkvoorzieningen. Alle gemeenten in de regio participeren in de RzM. De samenwerking wordt verder gespecificeerd in Dienstverleningsovereenkomsten (verder te noemen: DVO). Er is een DVO voor de inkoop en het contractmanagement in het kader van de Jeugdwet en een DVO voor dezelfde werkzaamheden in het kader van de Wmo. Met de DVO’s en de daarbij horende mandaten en volmachten zijn de regionale werkzaamheden belegd bij de gemeente Zaanstad. De dienstverlening bestaat o.a.

uit: • Voorbereiden inkoop; • Uitvoeren van aanbestedingen; • Sluiten en actualiseren van overeenkomsten; • Strategisch contractmanagement van de Overeenkomsten; • Regiogemeenten op de hoogte houden van ontwikkelingen/wijzigingen; • Als nodig onderhouden contacten met derden; Aan de huidige DVO Jeugd nemen alle gemeenten in de regio deel, aan de nu lopende DVO Wmo nemen alle gemeenten deel met uitzondering van Edam-Volendam en Purmerend. Omdat de gemaakte afspraken met bijbehorende contracten niet aansloten bij de werkwijze van Purmerend is in 2015 besloten om niet deel te nemen aan de DVO Wmo. Zowel de RzM als de DVO’s Jeugd en Wmo lopen 31 december 2024 af. De regiogemeenten moeten daarom opnieuw een besluit nemen over de voortzetting van de gemeenschappelijke regeling, de dienstverleningsovereenkomsten en de daarbij horende mandaten en volmachten. Voor Purmerend geldt dus alleen de RzM en de DVO Jeugd. Argumenten en oplossingsrichtingen: 1.1. Samenwerken zorgt voor een betere kwaliteit, schaalvoordelen en een sterkere positie naar derden; De regeling is oorspronkelijk aangegaan om de samenwerking voor het uitvoeren van taken voortvloeiend uit alle decentralisaties binnen het maatschappelijk domein mogelijk te maken.

De samenwerking richt zich op overleg en afstemming tussen de deelnemende gemeenten in de meest ruime zin, waarmee een strategische en sterke(re) positie wordt gecreëerd naar derden toe. Door gezamenlijke beleidsvoorbereiding en -uitvoering wordt de kwaliteit verbeterd en worden schaalvoordelen benut. In de praktijk wordt de regeling vooral gebruikt voor gezamenlijke inkoop en het contractmanagement van maatwerkproducten Jeugdhulp. Samenwerken in een gemeenschappelijke regeling wordt wettelijk verplicht in de Jeugdwet; 1.2. In 2020 hebben de gemeenten ingestemd met de Norm voor Opdrachtgeverschap (verder te noemen: NvO). Daarmee erkennen de gemeenten dat voor sommige vormen van zorg regionale en bovenregionale samenwerking vereist is. De NvO schetst hoe gemeenten dat willen regelen. blz. 2 van 5

Registratienummer: 1603367 Onderwerp: Verlengen RzM Decentralisaties Sociaal Domein en Dienstverleningsovereenkomsten Jeugd Het gaat daarbij vooral om de beschikbaarheid van weinig voorkomende en specialistische vormen van hulp (Jeugdhulp, Maatschappelijke opvang en Beschermd Wonen). De NvO verplicht gemeenten om binnen hun regio dezelfde contractvoorwaarden te hanteren en zich te houden aan dezelfde zorgvuldigheidseisen bij de inkoop. Ook moeten de gemeenten reële tarieven hanteren. Met de Norm voor Opdrachtgeverschap hoopten de gemeenten te voorkomen dat het rijk wettelijk zou gaan vastleggen op welke manier gemeenten regionaal en bovenregionaal moeten samenwerken. De jeugdbescherming en jeugdhulpaanbieders vonden de NvO echter te vrijblijvend. Met de Hervormingsagenda Jeugd is aangekondigd dat de wettelijke verankering er toch komt voor de samenwerking binnen de Jeugdwet. De wetswijziging wordt verwacht in 2025. 1.3. Deze Regeling zonder Meer stellen we vast ter overbrugging; Als de Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen is aangenomen, moeten jeugdhulpregio’s gaan samenwerken in een gemeenschappelijke regeling in de vorm van een bedrijfsvoeringsorganisatie, een openbaar lichaam of een centrumgemeente. Een Regeling zonder Meer voldoet dan niet meer.

Omdat de wet nog niet is vastgesteld en er gedurende de procedure veel kan veranderen wordt geadviseerd om door het verlengen van de huidige RZM en de DVO’s een overbruggingsperiode te creëren en deze te koppelen aan de invoering van de nieuwe wet. Tot de inwerkingtreding van de nieuwe wet en tot de totstandkoming van een nieuwe vorm van samenwerking en een nieuwe gemeenschappelijke regeling, hebben de deelnemende gemeenten een juridisch kader nodig om de intergemeentelijke samenwerking in 2025 en verder te kunnen voortzetten. Hiermee hebben we een zorgvuldige basis voor de samenwerking en creëren we tijd om de juiste vorm van samenwerking te zoeken voor de inkoop van jeugdzorg (inclusief jeugdbescherming en -reclassering). De Dienstverleningsovereenkomst Wmo valt nu onder dezelfde RzM. De overbruggingsperiode kan ook gebruikt worden om te onderzoeken of er één gemeenschappelijke regeling moet komen voor Wmo en Jeugd of dat het nu noodzakelijk wordt om deze te splitsen. De wijzigingen in de Regeling zonder Meer zijn beperkt; 1.4. Gezien de tijdelijkheid van de RzM zijn de wijzigingen bewust beperkt gehouden: • De gemeente Beemster is gefuseerd met de gemeente Purmerend en gaat verder onder de naam gemeente Purmerend.

Gemeente Beemster is uit de lijst van deelnemende gemeenten gehaald; • De looptijd is gewijzigd naar 1 januari 2025 tot maximaal 1 januari 2029 of tot het moment dat de nieuwe gemeenschappelijke regeling op grond van de nieuwe wet in werking treedt. 1.5. Een volledige zienswijze procedure is voor deze wijziging niet wenselijk In de onlangs gewijzigde Wet op de gemeenschappelijke regelingen is een extra procedure vastgesteld waarmee de raad eerst haar zienswijze kan geven aan het college op de inhoud van de voorgestelde regeling alvorens toestemming wordt gevraagd aan de raad. Deze Regeling zonder Meer is in 2014 en in 2018 al voorgelegd aan de raad. De nu voorgestelde wijzigingen zijn heel beperkt. Tegelijkertijd is bekend dat er binnen afzienbare tijd een volledig gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling (of meerdere regelingen) aan de raad voorgelegd moeten worden. De raad wordt daarom middels bijgevoegd raadsvoorstel gevraagd direct toestemming te verlenen voor het vast stellen van deze Regeling zonder Meer en af te zien van het eerst geven van een zienswijze. Deze Regeling zonder Meer voldoet aan de eisen van de Wgr 1.6 In de afgelopen periode zijn alle gemeenschappelijke regelingen aangepast aan de nieuwe Wgr. Deze RzM voldoet al aan de wettelijke eisen voor een RzM en heeft op dat terrein geen aanpassingen ondergaan. blz. 3 van 5

Registratienummer: 1603367 Onderwerp: Verlengen RzM Decentralisaties Sociaal Domein en Dienstverleningsovereenkomsten Jeugd Financiële consequenties: Het besluit in te stemmen met het afzien van het naar voren brengen van een zienswijze en het college toestemming te verlenen om de Gemeenschappelijke Regeling zonder Meer opnieuw vast te stellen volgens het voorliggende ontwerpbesluit heeft op zich geen directe financiële consequenties. De totstandkoming van het voorliggende ontwerpbesluit heeft plaatsgevonden met ambtelijk inzet die onderdeel is van de gemeentelijke begroting. Voorstel: 1. Af te zien van het naar voren brengen van een zienswijze bij het college en op grond van artikel 1, vierde lid, Wgr toestemming te verlenen aan het college om de Gemeenschappelijke Regeling zonder Meer (Decentralisaties in het sociaal domein) opnieuw vast te stellen volgens het voorliggende ontwerpbesluit. Burgemeester en wethouders van Purmerend, de secretaris de burgemeester,

Bijlage:

blz. 4 van 5

Registratienummer: 1603367 Onderwerp: Verlengen RzM Decentralisaties Sociaal Domein en Dienstverleningsovereenkomsten Jeugd

De raad van de gemeente Purmerend, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 12 november 2024,

B E S L U I T:

1. Af te zien van het naar voren brengen van een zienswijze bij het college en op grond van artikel 1, vierde lid, Wgr toestemming te verlenen aan het college om de Gemeenschappelijke Regeling zonder Meer (Decentralisaties in het sociaal domein) opnieuw vast te stellen volgens het voorliggende ontwerpbesluit.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 19 december 2024 de griffier, de voorzitter,

blz. 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14832990/1