CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

A Memo wth Rotgans 12 januari 2021 VNG ledenbrief Maatregelen beheersing kosten Wmo abonnementstarief

Commissie Samenleving 4 februari 2021, gemeente PurmerendBij agendapunt: VNG adviezen voor beheersing kosten Wmo abonnementstarief2.909 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO

Aan Van Datum Onderwerp Bijlagen Registratienummer

: Commissie Samenleving : Wethouder Rotgans : 12 januari 2021 : VNG ledenbrief Lbr. 20/083 “Maatregelen beheersing kosten abonnementstarief” van 23 november 2020 :1 : 1535261

Inleiding Op 23 november 2020 stuurde de VNG een ledenbrief over het abonnementstarief WMO. De essentie van bijgaande ledenbrief luidt: Nu duidelijk is geworden dat het Rijk niet van plan is gemeenten volledig financieel te compenseren voor de extra kosten als gevolg van het abonnementstarief in de Wmo, heeft de VNG aangekondigd dat zij gemeenten zal adviseren om bepaalde beheersmaatregelen te nemen, bijvoorbeeld financiële draagkracht betrekken in het Wmo-onderzoek of iemand op basis daarvan in aanmerking komt voor een voorziening of het invoeren van een budgetplafond en een wachtlijst voor hulp bij het huishouden. In de ledenbrief worden deze maatregelen nader toegelicht. De kans bestaat dat in gemeenten waar deze maatregelen worden genomen bezwaar- en beroepsprocedures gestart zullen worden. De VNG wil gemeenten die een proefproces willen voeren, daarbij ondersteunen. In de afgelopen maanden zijn een ambtelijke werkgroep bestaande uit vertegenwoordigers van gemeenten met een groot financieel tekort op de Wmo en de VNG al bezig geweest om maatregelen in kaart te brengen. Met deze werkgroep en met andere gemeenten die bereid zijn een stap verder te zetten en eventueel een proefproces te voeren, wil de VNG de in de ledenbrief genoemde maatregelen verder uitwerken.

Op 17 december is in het regionale portefeuillehoudersoverleg Wmo Zaanstreek-Waterland dit verzoek van de VNG besproken. Een aantal gemeenten gaf aan hier gehoor aan te willen geven, een aantal gemeenten niet. In de afgelopen jaren heeft de gemeenteraad meermalen over de eigen bijdrage WMO gesproken en daar een standpunt over ingenomen. De conclusies van de discussies hierover staan op gespannen voet met het verzoek van VNG. De voorgestelde maatregelen van de VNG zijn in de eerste plaats alleen gericht op beheersing van de kosten van de huishoudelijke hulp. In de tweede Turap meldden wij dat het budget voor het onderdeel Maatschappelijke Ondersteuning op onderdelen moet worden bijgesteld. Er doen zich nadelen voor in de budgetten voor ‘hulp bij het huishouden’ (HBH), begeleiding en Wmo voorzieningen WRV (wonen, rolstoelen en vervoer). Het aantal aanvragen voor Hulp bij het huishouden (HBH) blijft toenemen, waardoor het budget bijgesteld moet worden (circa € 1 miljoen). Deze toename kan enerzijds worden toegeschreven aan de vergrijzing en extramuralisering, maar anderzijds is ook de verlaging van het abonnementstarief van invloed op de toenemende vraag. Wij hebben binnen onze gemeente dus wel degelijk een budgettair vraagstuk op de Wmo/HBH en dat is vormt ook meteen het grootste en enige argument om op het verzoek van de VNG in te gaan.

Mogelijke voorgestelde maatregelen VNG Om een zorgvuldige afweging te kunnen maken inzake het verzoek van de VNG volgt hieronder een uiteenzetting van de voorgestelde maatregelen van de VNG met daarbij de voor- en nadelen van de genoemde maatregelen. 1. Financiële draagkracht betrekken in het onderzoek: De VNG geeft aan dat wij de toenemende vraag naar HBH, sinds het abonnementstarief is ingevoerd, mogelijk zouden kunnen ondervangen door de financiële draagkracht van cliënten te betrekken in het onderzoek. Echter wij kunnen een aanvraag HBH niet afwijzen omdat iemand zelf over voldoende financiële draagkracht beschikt. De Centrale Raad van Beroep heeft al in 2016 aangegeven dat huishoudelijke hulp onder de Wmo valt en niet vanuit de bijzondere bijstand mag worden verstrekt. De invoering van het abonnementstarief was juist bedoeld om het voor burgers met een gemiddeld inkomen makkelijker te maken om Wmo-hulp te krijgen. Het effect is echter wel dat ook de huishoudens met een meer dan gemiddeld inkomen niet meer dan het abonnementstarief betalen als zij gebruik maken van HBH. 2. Invoeren van een budgetplafond en een wachtlijst: De toename in het gebruik van HBH en de bijbehorende uitgaven zouden we volgens de VNG kunnen tegengaan door middel van het instellen van een budgetplafond.

Hiermee bepaalt de gemeente per jaar hoeveel budget zij beschikbaar stelt voor bijvoorbeeld de huishoudelijke hulp. Binnen het budgetplafond zou ruimte moeten blijven voor burgers die de HBH niet zelf kunnen regelen en betalen. De gemeente zou het beleid zo kunnen aanpassen dat personen, van wie uit het onderzoek blijkt dat zij het zelf kunnen regelen en betalen, een afwijzende beschikking krijgen, of een beschikking met een aantekening dat zij op een wachtlijst worden geplaatst. De wet biedt ons echter niet de mogelijkheid om onderscheid te maken op basis inkomen. De CRvB heeft in 2019 nog eens bevestigd dat de Wmo 2015 geen ruimte biedt om naast de mogelijkheid om een bijdrage op te leggen als bedoeld in artikel 2.1.4 van de Wmo 2015, een extra vermogens- en inkomensvoorwaarde te stellen voor het kunnen verstrekken van een maatwerkvoorziening. 3. Voorzienbaarheid: Gemeenten hebben bij de VNG aangegeven dat het regelmatig voorkomt dat een burger de particuliere hulp HBH bewust opzegt omdat HBH onder de Wmo goedkoper is. Deze burgers hebben zichzelf dus bewust in een ‘niet zelfredzame’ situatie gebracht. Dit biedt voor de VNG en mogelijkheid om de aanvraag voor HBH af te wijzen, aangezien zij een parallel zien met het verhuizen van een geschikte naar een niet geschikte woning. De rechter heeft in sommige situaties een afwijzing van de voorziening door de gemeente geaccepteerd.

4. Eigen kracht bevorderen: Het inrichten van een algemene voorziening om de eigen kracht van de cliënt te stimuleren. In plaats van een maatwerkvoorziening, krijgt de cliënt een aanbod waarmee hij de hulp van een deskundige kan inroepen. Deze deskundige komt bij de cliënt thuis en bespreekt met hem welke algemeen verkrijgbare hulpmiddelen er zijn waarmee mensen met een beperking hun huishouden(grotendeels) zelf kunnen blijven doen. Met deze algemene voorziening kan de maatwerkvoorziening in sommige gevallen worden afgewezen, dan wel uitgesteld of kan een maatwerkvoorziening met een lager aantal uren worden verstrekt. Echter het laten bezoeken van cliënten door een deskundige en het ontwikkelen van algemene voorzieningen kost de gemeente enerzijds ook budget en anderzijds ontslaat dit gemeenten niet van de wettelijke verplichting om in sommige gevallen alsnog een maatwerkvoorziening te verstrekken. Uit jurisprudentie is gebleken dat in veel gevallen een algemene voorziening voor HBH niet voldoende voorliggend is om een maatwerkvoorziening niet af te hoeven geven. Naast de kanttekeningen die al hierboven bij de vier voorgestelde maatregelen van de VNG zijn gezet is het uitgangspunt van de Wmo 2015 dat maatschappelijke ondersteuning

beschikbaar is voor degenen die daarop zijn aangewezen, ongeacht de hoogte van het inkomen of vermogen. De regering kiest niet voor het hanteren van een inkomens- dan wel vermogenstoets die bepaalt of iemand in aanmerking komt voor ondersteuning uit hoofde van de Wmo 2015; lokale inkomenspolitiek is dus niet toegestaan. Inkomensbeleid blijft de verantwoordelijkheid van het Rijk en de regering is (vooralsnog) niet voornemens de systematiek van de eigen bijdrageregeling te wijzigen. Dit betekent dat bij het toekennen van een maatwerkvoorziening uitsluitend een eigen bijdrage van € 19,– per maand gerekend mag worden, zoals dat in de artikelen 2.3.4 en 2.3.4a van de wet is vastgelegd. Recent heeft minister De Jonge een brief gestuurd aan de Kamer. In de brief wordt ook genoemd dat er verschil van mening is met de VNG over het abonnementstarief; desalniettemin gaat de minister niet over tot aanpassingen; dat is aan het nieuwe kabinet. Hij gaat het de komende tijd wel verder (laten) onderzoeken. Overigens kost het voeren van procedures veel geld. Gezien het standpunt van het kabinet is het onwaarschijnlijk dat de rechter hier anders over zal denken. Daarnaast is de gemeente ook schadeplichtig. De hiermee gepaarde bedragen kunnen hoog zijn. Het leed (en de financiële gevolgen) zijn dan niet te overzien. Tevens kan de gemeente ook nog imagoschade leiden.

Conclusie Ondanks dat wij binnen onze gemeente wel degelijk een budgettair vraagstuk hebben op het gebied van de Wmo/HBH zijn er veel argumenten om niet op het verzoek van de VNG in te gaan. De wetgever laat dit niet toe, voor de rechter bestaat geen ruimte om anders te oordelen. De voorgestelde maatregelen van de VNG hebben alle impact op de zorg aan onze inwoners, dat is wat ons betreft niet de manier om richting het Rijk duidelijk te maken dat de Wmo-budgetten ontoereikend zijn. Vooral omdat de gemeente dan ten koste van inwoners, ook al kunnen die zelf hulp betalen, een slechte maatregel van de Rijksoverheid herstelt. De voorkeur van het college gaat daarom niet uit naar de door de VNG voorgestelde maatregelen maar wil wel samen met alle gemeenten en de VNG blijven optrekken om op andere manieren duidelijk te maken dat de budgetten die wij van Het rijk ontvangen ontoereikend zijn.

Voorstel Graag horen wij in uw vergadering van 4 februari wat uw mening is inzake de door de VNG in bijgaande ledenbrief over maatregelen beheersing kosten abonnementstarief voorgestelde koers. Steunt de gemeenteraad de door de VNG voorgestelde koers of steunt hij die niet?

Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad

Datum

23 november 2020 Kenmerk

TISB/U202000937 Lbr. 20/083 Telefoon

070-373 83 93 Bijlage(n)

-

Onderwerp

Maatregelen beheersing kosten abonnementstarief

Samenvatting Nu duidelijk is geworden dat het Rijk niet van plan is gemeenten volledig financieel te compenseren voor de extra kosten als gevolg van het abonnementstarief in de Wmo, heeft de VNG aangekondigd dat zij gemeenten zal adviseren om bepaalde beheersmaatregelen te nemen. In deze ledenbrief worden deze maatregelen nader toegelicht. De kans bestaat dat in gemeenten waar deze maatregelen worden genomen bezwaar- en beroepsprocedures gestart zullen worden. De VNG wil gemeenten die een proefproces willen voeren, daarbij ondersteunen.

Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl

U202000937

PROD

Aan de leden

Datum

23 november 2020 Kenmerk

TISB/U202000937 Lbr. 20/083 Telefoonnummer

070-373 83 93 Bijlage(n)

-

Onderwerp

Maatregelen beheersing kosten abonnementstarief

Geacht college en gemeenteraad, Inleiding Nu duidelijk is geworden dat het Rijk niet van plan is gemeenten volledig financieel te compenseren voor de extra kosten als gevolg van het abonnementstarief in de Wmo, heeft de VNG aangekondigd dat zij gemeenten zal adviseren om bepaalde beheersmaatregelen te nemen (https://vng.nl/nieuws/abonnementstarief-onvoldoende-gecompenseerd-grens-bereikt). In deze ledenbrief worden deze maatregelen nader toegelicht. De voorgestelde maatregelen zijn in de eerste plaats gericht op beheersing van de kosten van de huishoudelijke hulp. De kans bestaat dat in gemeenten waar deze maatregelen worden genomen bezwaar- en beroepsprocedures gestart zullen worden. Een proefproces kan mogelijk leiden tot een meer principiële rechterlijke uitspraak over de bedoeling van de Wmo 2015, in het bijzonder van de zogeheten ‘eigen kracht’ artikelen 2.3.2 (het vierde lid sub b en c) en 2.3.5 (derde lid). De VNG wil gemeenten die een proefproces willen voeren, daarbij ondersteunen. Maatregelen Financiële draagkracht betrekken in het onderzoek Het gesprek Bij het gesprek met de cliënt zal de gemeente nagaan of de aanvrager zelf in een oplossing kan voorzien. Daarbij komt de financiële zelfredzaamheid aan de orde. Financiële zelfredzaamheid valt met andere woorden ook onder dit oplossend vermogen.

Er is een verband tussen de zelfredzaamheid van een persoon en diens financiële omstandigheden. Met behulp van een goede werkinstructie en een vragenlijst kan de gemeente bij iedere cliënt nagaan waaróm deze niet zelf de huishoudelijke hulp kan regelen. Met een grondig onderzoek,

Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl

U202000937

PROD

waarbij ook wordt gekeken naar andere (zorg)kosten die de cliënt heeft, kan een beeld worden gegeven van de algehele (ook financiële) situatie van een cliënt. Draagkrachtnorm Aanvullend op het gesprek zou de gemeente de cliënt kunnen vragen een bankafschrift van het inkomen te overleggen. De gemeente zou een eenvoudige draagkrachtberekening kunnen maken aan de hand van NIBUD-informatie. Het toepassen van de normen van de bijzondere bijstand achten wij niet passend. De CRvB heeft al in 2016 aangegeven dat huishoudelijke hulp onder de Wmo valt en niet vanuit de bijzondere bijstand mag worden verstrekt. De invoering van het abonnementstarief was juist bedoeld om het voor burgers met een gemiddeld inkomen makkelijker te maken om Wmo-hulp te krijgen. Wij denken eerder aan een draagkrachtberekening gebaseerd op minimaal 150% van het sociaal minimum. Het eventuele vermogen blijft buiten de draagkrachtberekening. Een voorwaarde om de voorziening te kunnen afwijzen is bovendien dat de voorziening op de markt beschikbaar en passend moet zijn. Gemeenten zouden zich hierover moeten informeren bij de aanbieders van gemaksdiensten. Invoeren van een budgetplafond en een wachtlijst Gemeenten hebben de opdracht om een sluitende (meerjaren)begroting te realiseren. Een derde van de gemeenten slaagt daar nu niet meer in en moet bezuinigen. De bezuinigingen raken vooral de kwetsbare burgers.

Door middel van een budgetplafond bepaalt de gemeente per jaar hoeveel budget zij beschikbaar stelt voor bijvoorbeeld de huishoudelijke hulp. Het budgetplafond kan worden bepaald op basis van de uitgaven van het vorige jaar, plus een percentage voor de normale stijging van het volume (als gevolg van de vergrijzing) plus een percentage voor de stijging van lonen en prijzen. Binnen het budgetplafond zou ruimte moeten blijven voor burgers die de huishoudelijke hulp niet zelf kunnen regelen en betalen. De gemeente zou het beleid zo kunnen aanpassen dat personen, van wie uit het onderzoek blijkt dat zij het zelf kunnen regelen en betalen, een afwijzende beschikking krijgen, of een beschikking met een aantekening dat zij op een wachtlijst worden geplaatst. De wachtlijst blijft bestaan totdat het Rijk de gemeente volledig voor de extra kosten als gevolg van het abonnementstarief compenseert. Deze maatregel moet worden ondersteund door een zorgvuldige communicatie naar de burger. Voorzienbaarheid Gemeenten geven aan dat het regelmatig voorkomt dat een burger de particuliere hulp bewust opzegt omdat huishoudelijke hulp onder de Wmo goedkoper is. Het abonnementstarief is een verkeerde prikkel die ertoe leidt dat burgers juist minder hun ‘eigen kracht’ benutten en vaker een beroep doen op de Wmo. Deze burgers hebben zichzelf dus bewust in een ‘niet zelfredzame’ situatie gebracht.

Mogelijk is hier een parallel te vinden met de situatie dat een burger zonder overleg met de gemeente verhuist van een geschikte woning naar een niet geschikte woning. Over dit laatste is jurisprudentie en de rechter accepteert in dat geval een afwijzing van de voorziening door de gemeente. Eigen kracht bevorderen Een maatregel die waarschijnlijk wel binnen het wettelijk kader van de Wmo past, is het inrichten van een algemene voorziening om de eigen kracht van de cliënt te stimuleren. In plaats van een maatwerkvoorziening, krijgt de cliënt een aanbod waarmee hij de hulp van een deskundige kan inroepen. Deze deskundige komt bij de cliënt thuis en bespreekt met hem welke algemeen verkrijgbare hulpmiddelen er zijn waarmee mensen met een beperking hun huishouden

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

3/4

(grotendeels) zelf kunnen blijven doen. Met deze algemene voorziening kan de maatwerkvoorziening in sommige gevallen worden afgewezen, dan wel uitgesteld of kan een maatwerkvoorziening met een lager aantal uren worden verstrekt. Uitgangspunt van zorgvuldige procedure en individueel maatwerk Ook wanneer gemeenten ertoe overgaan om hun beleid aan te passen met de bedoeling om een voorziening te kunnen afwijzen op grond van eigen (financiële) kracht, zijn en blijven een zorgvuldige toegangsprocedure en het leveren van individueel maatwerk de centrale uitgangspunten van de Wmo. Iedere burger kan een melding bij de Wmo doen en heeft recht op een zorgvuldige procedure. Het bij voorbaat afwijzen van een voorziening op grond van het inkomen is niet aan de orde. De CRvB heeft in 2019 nog eens bevestigd dat de Wmo 2015 geen ruimte biedt om naast de mogelijkheid om een bijdrage op te leggen als bedoeld in artikel 2.1.4 van de Wmo 2015, een extra vermogens- en inkomensvoorwaarde te stellen voor het kunnen verstrekken van een maatwerkvoorziening. Ook heeft de CRvB in haar uitspraken keer op keer het belang benadrukt van het doen van een zorgvuldig onderzoek, eventueel ondersteund door een deskundig advies en een goed onderbouwde motivering in de verslaglegging. De kwaliteit daarvan vraagt blijvende aandacht van gemeenten.

Hoe nu verder? Inzet VNG op korte en langere termijn Op de korte termijn blijft de VNG ernaar streven om de extra kosten die gemeenten maken alsnog volledig gecompenseerd te krijgen. Begin december is er nog de begrotingsbehandeling van VWS in de Tweede Kamer. Voor dit overleg, maar ook voor het AO van 11 november heeft de VNG een brief gestuurd https://vng.nl/sites/default/files/2020-10/20201023_brief_parlement_vng-reactieabonnementstarief-in-de-wmo-tbv-begrotingsbehandeling-vws-def.pdf. Ook adviseert de VNG gemeenten over algemene maatregelen om de kosten beter inzichtelijk te maken en te beheersen. De visitatiecommissie van de VNG heeft daarvoor informatiemateriaal beschikbaar https://vng.nl/artikelen/visitatiecommissie-financiele-beheersbaarheid-sociaal-domein. In de afgelopen maanden is een ambtelijke werkgroep bestaande uit vertegenwoordigers van gemeenten met een groot financieel tekort op de Wmo en de VNG al bezig geweest om maatregelen in kaart te brengen. Met deze werkgroep en met andere gemeenten die bereid zijn een stap verder te zetten en eventueel een proefproces te voeren, wil de VNG de in de ledenbrief genoemde maatregelen verder uitwerken.

Tot slot zal de VNG bij een nieuw kabinet bepleiten het abonnementstarief in zijn huidige vorm zo snel mogelijk af te schaffen en in overleg met gemeenten een alternatieve regeling uit te werken waarbij zowel rekening wordt gehouden met het inkomen/ vermogen van de cliënt, als wordt gelet op transparantie en uitvoerbaarheid. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten

mr L.K. Geluk Algemeen directeur

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

4/4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9667884/1