A Memo 10 januari 2021 keuzes opzet nieuwe Rekenkamer
Tekst van het document
MEMO
Aan Van Datum
Onderwerp Bijlagen Registratienummer
: Gemeenteraad : Griffie : - Datum voorstel: 10 januari 2021 - Datum ter meningsvorming in commissie: 20 januari 2022 - Datum ter besluitvorming in commissie: 10 februari 2022 - Datum ter besluitvorming raad: 17 februari 2022 : Toelichting concept verordening rekenkamer Purmerend : 1 (Opbrengst werkbijeenkomst 13 december 2021) : 1562163
Aanleiding De Rekenkamercommissie is één van de belangrijke hulptroepen van de gemeenteraad. De rekenkamer voert in opdracht van de gemeenteraad vanuit een onafhankelijke positie onderzoek uit. Het helpt de raad om zicht te krijgen op de doelmatigheid en doeltreffendheid van de uitvoering van beleid. Er moet besloten gaan worden over een nieuwe opzet van de Rekenkamercommissie vanwege de volgende redenen: - Ten eerste komt er een nieuwe Wet Versterking Decentrale Rekenkamers. De voornaamste wijziging is dat het niet langer mogelijk is om raadsleden in de Rekenkamer te hebben. - Ten tweede zijn de gemeenten Purmerend en Beemster gefuseerd, waardoor de verhouding van leden uit Beemster en Purmerend niet langer gehandhaafd kan blijven. Proces In het afgelopen jaar zijn stappen gezet om te komen tot een vernieuwde Rekenkamer. Het gaat om de volgende stappen: - Tussen december 2020 en mei 2021 heeft een werkgroep van raadsleden en commissieleden uit Purmerend en Beemster nagedacht over een opzet voor een Rekenkamer van Purmerend. Daarbij zijn voorstellen gedaan over een mogelijke structuur, zoals o.a. een klankbordgroep van raadsleden die betrokken is bij de Rekenkamer. - In juni 2021 is besloten om een tussenstap in te bouwen en besloten om de besluitvorming over de nieuwe Rekenkamer over te laten aan de nieuwe gemeenteraad.
- Ter voorbereiding op die besluiten voor de nieuwe gemeenteraad is op 13 december een werkbijeenkomst georganiseerd. Aan de hand van een presentatie van Jan de Ridder, de directeur van de Nederlandse Vereniging voor Rekenkamers en Rekenkamercommissies (en tevens directeur van de Rekenkamer Metropoolregio Amsterdam), zijn diverse thema's besproken. De presentatie hierover is toegevoegd als bijlage bij de stukken. Opbrengst Drie vragen hebben een hoofdrol gespeeld in het tot nu toe gelopen proces: (1) Hoe kan de nieuwe Rekenkamer een nuttig instrument voor de raad zijn? (2) Wat betekent dat voor de werkwijze en structuur van de Rekenkamer en (3) Welk type leden (of profiel) past bij deze nieuwe Rekenkamer? Het is in de genoemde processtappen nog niet gelukt om volledige consensus te bereiken in de beantwoording van deze vragen. Er zijn desalniettemin wel enkele 'rode draden' te benoemen: -
Méér dan een onderzoeksbureau: de raadsleden hebben aangegeven de verbinding tussen de raad en de Rekenkamer belangrijk te vinden én waarde te hechten aan een goede verbinding tussen de Rekenkamer en het te onderzoeken object (B&W/gemeentelijke organisatie).
In zowel de werkgroep als in de werkbijeenkomst is aangegeven dat de verbinding tussen de raad en de Rekenkamer versterkt kan worden. Gegeven de nieuwe wet waarin raadsleden niet langer deel mogen uitmaken van de Rekenkamer, ligt hier een uitdaging voor de nieuwe Rekenkamer. Er is vanuit de raad een duidelijke wens tot het instellen van een klankbordgroep van raadsleden, die betrokken zijn bij de onderzoeken van de Rekenkamer. Hoe de klankbordgroep er precies uit moet zien en wat de precieze taakinvulling is, wordt open gelaten. Ook is de wens geuit dat de Rekenkamer intensiever contact onderhoudt met de diverse raadsfracties met als doel te praten over onderwerpen voor de onderzoeksagenda binnen de bevoegdheid van de Rekenkamer om onderzoeksonderwerpen zelf te selecteren. -
Een andere belangrijke rode draad is dat de raad de tevredenheid over de Rekenkamer vooral afmeet aan het effect van het onderzoek dat zij zien op de uitvoering van beleid. Vanuit het perspectief van de raad gaat het dan om de aansluiting bij de thematiek die in de stad leeft en waar de gemeente haar beleid op voert en de betekenis die daaraan gegeven wordt. Dit veronderstelt dat de Rekenkamer zich rekenschap geeft van de wijze waarop de organisatie beleid uitvoert en aanbevelingen zodanig opstelt dat ook de organisatie (met het college als verantwoordelijke) daar daadwerkelijk mee aan de slag kan. Dit heeft consequenties voor de wijze waarop het onderzoek wordt uitgevoerd. Een breed handelingsrepertoire is noodzakelijk, afhankelijk van het onderwerp. De verbinding met de gemeentelijke organisatie is ook een belangrijke pijler voor een succesvolle Rekenkamer. Vanuit de organisatie/college is dit punt onder andere ook aangedragen door de beide voormalig gemeentesecretarissen en de burgemeester. De kwaliteit van de relatie met de directie wordt geborgd door het aanstellen van een ambtelijk contactpersoon voor ieder onderzoek.
-
Samenwerking andere gemeenten: Gedurende het gehele proces heeft de discussie over een geheel zelfstandige rekenkamer en het streven naar een gemeenschappelijke rekenkamer nog niet geleid tot consensus. Met een gemeenschappelijke rekenkamer wordt bedoeld dat de huidige Rekenkamer (op termijn) gaat samenwerken met andere gemeenten in de regio. Er zijn een aantal voor- en nadelen van deze vorm. Een brede, gemeenschappelijke rekenkamer kan meer onderzoekers in dienst hebben, waardoor de persoon die qua kennis het best aansluit bij het onderwerp het onderzoek kan doen. Ook neemt de kwetsbaarheid ten opzichte van zelfstandige rekenkamers met een minder grote beschikbaarheid van onderzoekers af. Mogelijk zijn ook op het gebied van formatie van de leden van de rekenkamer schaalvoordelen te halen. Daar tegenover staat dat de rekenkamer zich zodanig moet organiseren dat het meerdere gemeenteraden kan bedienen. Dit komt met de nodige uitdagingen, waarbij het mogelijk ingewikkeld wordt om een goede relatie vanuit de gemeenschappelijke Rekenkamer met alle gemeenteraden, colleges en ambtelijke organisaties te onderhouden.
-
Budget: Vanzelfsprekend speelt geld ook een rol. Gedurende het gehele proces is nog geen consensus gekomen over de hoogte van de financiering voor de Rekenkamer. Wel bleek uit een peiling over het aantal op te leveren onderzoeken tijdens de werkbijeenkomst op 13 december dat 2 à 3 onderzoeken per jaar voor de raad wenselijk is. Ook ziet de raad graag 'grondige' onderzoeken, maar een variatie met een mix van grondig en minder diepgaande onderzoeken is niet uitgesloten. Er is aangegeven door de rekenkamercommissie dat er op dit moment met de huidige bezetting en financiering een oplevering van ongeveer 1,5 onderzoeken per jaar gerealiseerd wordt. Per inwoner zijn de kosten van de huidige rekenkamercommissie €0,82 per jaar1, dit is lager dan het advies vanuit de Landelijke Vereniging voor Raadsleden dat uitgaat van €1,30 per inwoner per jaar.2
1
Bron: Jaarverslag rekenkamercommissie 2020. De kosten over 2021 zijn nog niet definitief bekend, maar zijn naar verwachting vergelijkbaar. 2 https://www.raadsleden.nl/actueel/nieuws/gemiddeld-eu130-per-inwoner-voor-de-rekenkamer
-
Aantal leden: De huidige rekenkamercommissie telt zeven leden, waarvan vier “externe” leden en drie “interne” leden. De interne leden zijn leden van de gemeenteraad, dit waren twee leden uit Purmerend en één uit Beemster. De huidige rekenkamercommissie adviseert om in de nieuwe Rekenkamer vijf leden te benoemen. Hiermee wordt het aantal leden teruggebracht van zeven naar vijf. De rekenkamercommissie geeft aan dat met vijf leden voldoende diverse expertise aanwezig in de Rekenkamer kan zijn om gedegen onderzoek uit te kunnen voeren.
Keuzes opzet nieuwe rekenkamer De commissie wordt nu gevraagd om een mening te geven over de strategie voor de opzet van een nieuwe Rekenkamer. Hierbij worden de volgende vier keuzes ter meningsvorming voorgelegd aan de commissie: Intensivering samenwerking: Zoals hierboven beschreven, wordt de nieuwe Rekenkamer gevraagd om de samenwerking met de ambtelijke organisatie en het college te versterken. Daarnaast wordt gevraagd om de samenwerking met de raad te intensiveren door o.a. een klankbordgroep bij lopende onderzoeken en door contact met de raad over de te onderzoeken onderwerpen. Samenwerking buurgemeenten: Een nieuwe Rekenkamer wordt gevraagd om – in overleg met de gemeenteraad – kansen voor samenwerking met buurgemeenten te verkennen en dit aan de gemeenteraad voor te leggen. Budget: Op dit moment wordt de raad niet gevraagd om een besluit te nemen over uitbreiding van het budget. De nieuwe Rekenkamer wordt gevraagd om een voorstel uit te werken over hoe toegewerkt kan worden naar 2 à 3 onderzoeken per jaar.
Aantal leden: Uitgangspunt is een Rekenkamer met vijf leden. De inbreng in deze commissievergadering wordt verwerkt in een concept raadsvoorstel met een verordening voor de nieuwe Rekenkamer. Beoogd wordt om deze in februari 2022 ter besluitvorming agenderen in de commissie en in de raad.