20250306-beantwoording-j.-albers-verkeersknip-nieuwstraat-plantsoengracht
Tekst van het document
Technische vragen d.d. 03-03-2025 van Gemeentebelangen Purmerend Opsteller: J. Albers Onderwerp: Verkeersknip Nieuwstraat / Plantsoengracht Commissie/raad: Ruimte Geagendeerd: ja Agendapunt: 7 Inleiding: Er is onderzoek gedaan naar de gevolgen van het maken van een knip in de route Nieuwstraat / Plantsoengracht. Op basis daarvan concludeert u dat een zogeheten zachte knip mogelijk is. Dit lijkt echter een vrij voorbarige conclusie te zijn. De fractie van GBP wenst daarover dan ook een aantal vragen te stellen.
Vraag 1: In bijlage C, verkenning effecten verkeersknip Nieuwstraat / Plantsoengracht, wordt in de paragraaf ‘verkeerskundige gevolgen’ beschreven wat het effect is van een knip op de verkeersintensiteiten in de binnenstad. Er wordt geconcludeerd dat in de autonome situatie, de situatie zonder een knip, de verkeersafwikkeling tot en met 2040 slecht zal zijn. Het aanbrengen van een knip zal, blijkens de verkenning, de verkeersafwikkeling verder doen verslechteren. Als oplossing hiervoor wordt gedacht aan het beperken van het doorgaand verkeer in de binnenstad. Hiernaar wordt momenteel onderzoek gedaan. Uit dit onderzoek moeten maatregelen volgen die de verkeersintensiteiten in de gehele stad zullen doen laten dalen. Zonder de resultaten van dit onderzoek, en daarmee de haalbaarheid van het verlagen van de verkeersintensiteiten en de knip te kennen, schrijft u in het raadsvoorstel echter: “Op basis van de verkenning is de conclusie dat een ‘zachte knip’ mogelijk is”. Op basis van de verkeerskundige verkenning lijkt een logischer conclusie dat de resultaten van de verkeersstudie (multi-modaal netwerkkader) moeten worden afgewacht, alvorens de conclusie kan worden getrokken dat een zachte knip mogelijk is zonder de verkeersafwikkeling in de stad verder te verslechteren.
Wat is de reden dat er niet wordt gewacht op de resultaten van deze studie; resultaten die betrokken zouden kunnen worden bij de afweging om wel of geen knip aan te brengen?
Antwoord 1: Met het doorvoeren van een knip wordt de kwaliteit van het plangebied sterk verbeterd en daarnaast geeft de knip de mogelijkheid om het gewenste aantal parkeerplaatsen uit het voorkeursprogramma terug te laten komen. De voorgenomen knip en het verminderen van het doorgaand verkeer staan in feite los van elkaar. De knip is dan ook geen middel om de ambitie van minder doorgaand verkeer rondom de binnenstad te realiseren. De ambitie om te komen tot minder doorgaand verkeer door het centrum wordt verder uitgewerkt binnen het onderzoek van het Multimodaal netwerkkader. Om deze ambitie te bereiken zijn stadsbrede maatregelen noodzakelijk, zodat het aantal verkeersbewegingen in zijn totaliteit daalt. Om deze redenen is het dan ook mogelijk om, vooruitlopend op het multimodaal netwerkkader, verder te ontwerpen aan de Schapenmarkt met als uitgangspunt een knip.
Vraag 2: Welke mogelijkheden heeft de gemeenteraad nog om af te zien van de ‘zachte knip’, ingeval dit raadsvoorstel wordt vastgesteld maar de verkeersstudie t.z.t. uitwijst dat de verkeersintensiteiten, ondanks de te nemen maatregelen, te groot zullen blijven om een knip op een verantwoordelijke manier in te passen? Antwoord 2: Een definitieve keuze is op basis van de verdere uitwerking richting de schetsontwerpen, waarbij antwoord gegeven moet worden op de geconstateerde aandachtspunten uit de eerste verkenning naar de verkeersknip. Vraag 3: Kunt u alle (tussentijdse) concept-resultaten van de multimodale netwerkstudie delen met de gemeenteraad? Antwoord 3: Op dit moment zijn de resultaten nog niet voldoende uitgewerkt om te delen. De huidige planning is dat de raadsleden nog vóór het zomerreces worden geïnformeerd door middel van een werksessie over het multimodaal netwerkkader. Vraag 4: In de paragraaf ‘economische gevolgen’ worden een aantal aandachtspunten meegegeven. Bijvoorbeeld: “zorg voor alternatieven voor autogebruik (bijv. openbaar vervoer, parkeervoorzieningen aan de rand van de stad)”. Verder in de paragraaf wordt opgemerkt: “Als de bovenstaande aandachtspunten goed vervolg krijgen, wegen de voordelen op tegen de nadelen”. Voor het openbaar vervoer geldt dat de concessie Zaanstreek-Waterland tot minimaal 2033 loopt.
Welke verbeterslag moet er op het gebied van het OV worden gemaakt om de voordelen te laten opwegen tegen de nadelen? Welke concrete stappen
moeten er volgens u worden gezet? Ten aanzien van de parkeervoorzieningen aan de rand van de stad: aan welke (extra) parkeervoorzieningen denkt u concreet, en op welke termijn kan de gemeenteraad voorstellen daartoe verwachten?
Antwoord 4: In het advies is aangegeven dat bij een knip aandacht moet worden gegeven aan diverse mobiliteitsmaatregelen, zodat eventuele nadelige gevolgen op mobiliteitsvlak opgevangen en gecompenseerd kunnen worden. In het centrum is een verbeterslag bijvoorbeeld het verlagen van de verkeersintensiteiten, waardoor ook het openbaar vervoer beter kan doorstromen en daardoor betrouwbaarder wordt. Momenteel is de stadhuisgarage al gerealiseerd met ruim 305 parkeerplaatsen. Nu de stadshuisgarage is opgeleverd wordt de ontwikkeling van de Schapenmarkt gestart, zodat tijdens de werkzaamheden alternatieve parkeergelegenheid voor handen is. Naast de te realiseren parkeergarage op de Schapenmarkt wordt momenteel gedacht aan een mobiliteitshub aan het Beatrixplein binnen de planontwikkeling voor het Waterlandkwartier en parkeergelegenheid binnen de planontwikkeling voor het Wagenweggebied. Voor het Waterlandkwartier is een mobiliteitsprogramma van eisen vastgesteld (registratienummer 1581096) waar een parkeerhub onderdeel van uitmaakt. Deze wordt momenteel verder uitgewerkt. Voor het Wagenweggebied is een intentieovereenkomst afgesloten (registratienummer 1602961). Hierin is aangegeven dat de mogelijke realisatie van een openbare parkeervoorziening onderzocht gaat worden.
Vraag 5:
Antwoord 5:
Vraag 6:
Antwoord 6:
Vraag 7:
Antwoord 7:
Vraag 8:
Antwoord 8:
Vraag 9:
Antwoord 9:
Vraag 10:
Antwoord 10: