CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

20221221-beantwoording-p-zwart-bestemmingsplan-vredenburghweg

Gemeenteraad 22 december 2022, gemeente PurmerendBij agendapunt: Bestemmingsplan Vredenburghweg610 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen d.d. 16-12-2022 van GroenLinks Opsteller: P. Zwart Onderwerp: Bestemmingsplan Vredenburghweg Commissie/raad: Raad Geagendeerd: ja Agendapunt: ? Inleiding: Het bestemmingsplan Vredenburghweg wordt opnieuw aan de raad aangeboden ter vaststelling, tegelijk met een procedurevoorstel om te komen tot een ‘spelregelkaart’ voor de Nekkerzoom. Dit houdt in, dat dit bestemmingsplan niet aan die spelregelkaart getoetst kan worden. Daarom, ter voorbereiding van de behandeling in de raad, vermoedelijk op 22 december 2022, enkele vragen met betrekking tot het bestemmingsplan Vredenburghweg. Vraag 1: Het desbetreffende perceel heeft de bestemming “Recreatie’ met de functieaanduiding Volkstuin. In de toelichting op het bestemmingsplan Vredenburghweg lijkt het erop, dat de bestemming thans naar keuze ingevuld kan worden met hetzij “kleinschalige vormen van dag- en verblijfsrecreatie”, hetzij “volkstuin”, hoewel artikel 16 lid 1 van de regels van het huidige bestemmingsplan luidt: De voor ‘Recreatie’ aangewezen gronden zijn bestemd voor (b.) Volkstuinen ter plaatse van de aanduiding ‘volkstuin’. Waaruit blijkt dat artikel 16 lid 1 a. een overkoepelende bestemming zou weergeven, die ook van toepassing is op de met specifieke functies aangewezen gronden zoals genoemd in artikel 6, lid 1 b. t/m f.? Antwoord 1: Art. 16 lid 1 onder a is geen overkoepelende bestemming.

Vraag 2: In welke gevallen is de afgelopen vijf jaar in het gebied van het bestemmingsplan Buitengebied 2012 van de voormalige gemeente Beemster een bestemming/functie ‘recreatiewoning’ gegeven aan gronden die daarvóór die functie niet hadden, hetzij op gronden met de bestemming ‘Recreatie’, hetzij op gronden met een andere bestemming? Om hoeveel gevallen ging dit? Graag een gespecificeerd antwoord. Antwoord 2: Er is binnen de genoemde termijn 1 recreatiewoning op een woonbestemming mogelijk gemaakt met een projectafwijking door de voormalige raad van Beemster. Vraag 3: Zijn voor het hebben en exploiteren van recreatiewoningen, naast de aanduiding ‘recreatiewoning’ in het bestemmingsplan, ook nog andere vereisten of vergunningen aan de orde, zoals bijvoorbeeld een horecavergunning of een exploitatievergunning? Antwoord 3: Er zijn geen andere vergunningen vereist. Vraag 4: Het verhaal gaat, dat ook binnen het nu geldende bestemmingsplan het oprichten van een bedrijfswoning

is toegestaan. Hoe moet dit worden gezien? Ten dienste van welk bedrijf of soort bedrijf zou thans, op de gronden met de functieaanduiding ‘volkstuin’, een bedrijfswoning kunnen worden opgericht? Is de nu aanwezige volkstuin als een bedrijf te bestempelen? Antwoord 4: Feit is dat het geldende bestemmingsplan aangeeft dat een bedrijfswoning t.b.v. ‘volkstuin’ binnen het bouwvlak is toegestaan. Vraag 5: Met een nieuw bestemmingsplan zouden er op deze plek meer open doorzichten naar het achterliggende land komen. In hoeverre kan in een bestemmingsplan een verbod op bepaalde hogeropgaande of dichte beplanting, zoals die nu op het perceel aanwezig is, worden vastgelegd? Op welke wijze zijn in het bestemmingsplan Vredenburghweg de open doorzichten naar het achterland gegarandeerd? Antwoord 5: In een bestemmingsplan gaat het om toelatingsplanologie waarin mogelijkheden worden geboden voor ruimtelijke ontwikkelingen. Er kan in het bestemmingsplan geen directe verplichting worden opgelegd om ontwikkelingen die mogelijk gemaakt worden ook daadwerkelijk uit te voeren. In een bestemmingsplan kan wel een verplichting met een voorwaardelijk karakter worden opgenomen. Wanneer geen uitvoering wordt gegeven aan een op grond van het bestemmingsplan mogelijke ontwikkeling, hoeft ook de voorwaardelijke verplichting niet te worden uitgevoerd.

Een dergelijke voorwaarde mag echter alleen worden opgelegd als die noodzakelijk is voor een goede ruimtelijke ordening. Door de bedrijfs- en recreatiewoningen te situeren conform de bouwvlakken op de verbeelding van het vast te stellen plan is het doorzicht gegarandeerd. Dit is sowieso een verbetering t.o.v. het nog geldende bouwvlak waarop de bestaande kas is gelegen. Vraag 6:

Antwoord 6:

Vraag 7:

Antwoord 7:

Vraag 8:

Antwoord 8:

Vraag 9:

Antwoord 9:

Vraag 10:

Antwoord 10:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12235303/1