20220621-beantwoording-f.j.f.-schaaij-verordening-nadeelcompensatie
Tekst van het document
Technische vragen d.d. 14-06-2022 van Fractie Schaaij Opsteller: F.J.F. Schaaij Onderwerp: Verordening nadeelcompensatie Commissie/raad: Ruimte Geagendeerd: ja Agendapunt: 9 Inleiding: De nieuwe verordening nadeelcompensatie dient per ingangsdatum omgevingswet de 'oude' procedureverordening voor advisering tegemoetkoming planschade te vervangen. In de nieuwe verordening wordt bij indieners een recht geheven van € 500 (art. 2). In de oude procedureverordening staat niets over de heffing van een recht van € 500. In het raadsvoorstel en bij de mondelinge behandeling gaf de wethouder aan dat er nu ook al een dergelijk recht wordt geheven bij indieners. Vraag 1: Kunt u concreet aangeven waar nu geregeld is dat van indieners € 500 aan recht wordt geheven ? Antwoord 1: Alvorens de vraag te beantwoorden, is n.a.v. de behandeling in de commissie Ruimte op 13 juni jl. vastgesteld dat er een onjuiste aanname in het voorstel stond. Abusievelijk is vermeld dat nu een recht van €500 wordt gevraagd. Dat is niet zo, want het recht dat nu gevraagd wordt is €300. Het voorstel is aangepast waarbij thans in de verordening wordt uitgegaan van een recht van €300. Wettelijk mag er maximaal €500 worden gevraagd, maar aangezien het aantal aanvragen de laatste jaren toch al beperkt is, is een hogere drempel opwerpen dan niet zinvol.
In antwoord op de vraag; dat nu een recht wordt geheven van €300 vloeit direct voort uit artikel 6.4 lid 3 Wet ruimtelijke ordening. O.b.v. dat artikel kan een lager of hoger bedrag bij verordening worden bepaald, maar dat is niet gebeurd. Vraag 2: Kunt u aangeven wat de noodzaak is o het nu in de verordening op te nemen waar dat in de oude verordening niet het geval is/was ? Antwoord 2: Onder de nieuwe regeling vloeit dat niet meer direct voort uit de wet. In het in werking te treden artikel 4:128 Algemene wet bestuursrecht zal zijn bepaald dat bij wettelijk voorschrift een recht van ten hoogste €500 kan worden geheven voor het in behandeling nemen van de aanvraag. Om een recht te kunnen heffen, is het derhalve noodzakelijk dat in een verordening op te nemen. Vraag 3:
Antwoord 3:
Vraag 4:
Antwoord 4:
Vraag 5:
Antwoord 5:
Vraag 6:
Antwoord 6:
Vraag 7:
Antwoord 7:
Vraag 8:
Antwoord 8:
Vraag 9:
Antwoord 9:
Vraag 10:
Antwoord 10: