Zienswijze 3 Langelandseweg
Tekst van het document
EBH Legal
d
0
Ons kenmerk Uw kenmerk Betreft
: BP.2038.B01 : : Second opinion akoestich onderzoek Langelandseweg 18 te Nootdorp. Roosendaal, 18 februari 2022
Geachte
,
Naar aanleiding van uw verzoek is het akoestisch onderzoek “Langelandseweg 18 te Nootdorp” van Peutz d.d. 26 januari 2022 met rapportnummer O 16744-2-RA bestudeerd. De rapportage geeft aanleiding tot het maken van onderstaande opmerkingen. 1.
Vigerend bestemmingsplan / Toets ruimtelijke ordening
Peutz rapporteert op bladzijde 4 van het akoestisch rapport dat onder artikel 6.3.2 van het vigerende bestemmingsplan is daartoe als volgt opgenomen: "de wijziging naar de bestemming 'Wonen' mag niet tot gevolg hebben dat omliggende bedrijven, waaronder ook de bij de schaalvergroting en/of herstructurering betrokken bedrijven worden meegerekend, onevenredig in hun bedrijfsvoering worden aangetast”. Deze zinsnede heeft dus betrekking op het aantasten van de bedrijfsvoering, dus dient er gekeken te worden naar de geluidrechten van het bedrijf op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer. In de rapportage wordt ook ingegaan op het aspect “goede ruimtelijke ordening” en dus wordt er ook verwezen naar de geluid richtwaarden uit de VNG-brochure “Bedrijven en milieuzonering”. Blijkens artikel 6.3.2. van het bestemmingsplan is dat helemaal niet nodig. Bovendien wordt voldaan aan de richtafstand van 10 meter, zodat de toets aan de VNG-brochure “Bedrijven en milieuzonering” helemaal niet aan de orde is. De in de rapportage genoemde afstand van 8 meter is niet correct. Tenslotte wordt nog opgemerkt dat de woning aan de Langelandseweg 16 reeds als burgerwoning is bestemd en dus bepalend is voor de milieuruimte van het bedrijf. Uit het akoestisch rapport blijkt dat het bedrijf kan voldoen aan de geluidnormen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer.
Geconstateerd wordt dat op basis van het akoestisch rapport van Peutz de gemeente Pijnacker-Nootdorp niet anders kan dan concluderen dat voldaan wordt aan artikel 6.3.2 van het bestemmingsplan en de woning aan de Langelandseweg 18 in Nootdorp een woonbestemming kan toekennen.
Kraaij Akoestisch Adviesbureau | l Mobiel: | Telefoon: | Email: info@kraaijbv.nl | Internet: www.kraaijbv.nl KvK: nr. 20120748 | BTW nr. NL8145.40.284.B01 | Rabobank: IBAN: NL73RABO 0109 2986 32 | BIC: RABO: NL2U
Volledigheidshalve is hierna nog wel ingegaan op andere aspecten in het akoestisch rapport van Peutz. 2.
Representatieve bedrijfssituatie
Om op voorhand te voorkomen dat er discussie zou ontstaan over de representatieve bedrijfsomstandigheid, is tussen gemeente en de advocaat van de eigenaressen van de woning (hierna: cliënten) afgesproken dat ondergetekende de inventarisatie van Peutz zou bijwonen. Uiteindelijk is telefonisch contact gezocht met de akoestisch adviseur van Peutz. Uit dit telefoongesprek bleek dat de inventarisatie al had plaatsgevonden. Hiermee wordt voor clienten de suggestie gewekt dat de vaststelling van de representatieve bedrijfsomstandigheid niet objectief heeft plaatsgevonden. 3.
Vrachtwagenbewegingen
In paragraaf 4.1 van het akoestisch onderzoek wordt volgens opgave van Wubben uitgegaan van 2 vrachtwagens en 3 personenauto’s per etmaal. Hiervan rijdt 1 vrachtwagen over de in- en uitrit tussen de woningen Langelandseweg 16 (bestaande burgerwoning) en de Langelandseweg 18. De vrachtwagenbewegingen vinden plaats in de avond- en nachtperiode. Er wordt terecht door Peutz geconstateerd dat deze beweging een normoverschrijding veroorzaakt op de bestaande burgerwoning en dus helemaal niet kan plaatsvinden. Vervolgens schrijft Peutz “Aangezien de vrachtwagenbewegingen ten behoeve van laad- en losactiviteiten in de dagperiode wel zijn toegestaan, zijn deze voor de toetsing aan een goede ruimtelijke ordening in de dagperiode gemodelleerd. Uitgegaan is van één vrachtwagen ten behoeve van laden/lossen naar beide schuren in de dagperiode.” Hiermee wordt het uitgangspunt van het akoestisch onderzoek, dat gebaseerd dient te zijn op een representatieve bedrijfssituatie, verlaten en doelbewust verdraaid. Peutz geeft zelf een andere draai aan het akoestisch onderzoek zodat, zoals ze zelf schrijven, dan wel voldaan wordt aan het Activiteitenbesluit milieubeheer en alleen getoetst dient te worden aan een goede ruimtelijke ordening.
Bovendien is het zo dat die vrachtwagenbewegingen helemaal niet in de dagperiode kunnen plaatsvinden, omdat de bedrijfsvoering juist vereist dat de vrachtwagenbewegingen in de avond- en nachtperiode plaatsvinden. 4.
Berekeningsresultaten toets ruimtelijk spoor (VNG-publicatie)
In paragraaf 6.1 zijn de berekeningsresultaten opgenomen van de toets aan de VNG-publicatie. Een bijlage met de berekeningsresultaten als uitdraai van Geomilieu, evenals een deelbijdrage per geluidbron ontbreekt in zijn geheel. De rekenresultaten zijn dus niet controleerbaar. De rapportage is op dit punt onvolledig. Wat wel kan worden geconstateerd is dat de toets is gedaan met de vrachtwagenbewegingen in de dagperiode. Dit is niet conform de geschetste representatieve bedrijfsomstandigheid, zoals reeds eerder vermeld. Uit de berekeningsresultaten volgens Peutz wordt geconstateerd dat het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau voldoet aan de richtwaarden uit de VNG-publicatie. Dit geldt niet voor de maximale geluidniveaus in de dagperiode. De maximale geluidniveaus overschrijden volgens tabel 6.2 van Peutz de richtwaarde van 70 dB(A). Vervolgens stelt Peutz dat “Voor de toetsing in het kader van de VNG-publicatie worden de geluidemissies ten gevolge van het laden/lossen en de inherent hieraan verbonden activiteiten wel beschouwd.” 2
Hiermee wordt dus door Peutz doelbewust een knelpunt gecreëerd door de vrachtwagenbeweging, in afwijking van de door Wubben aangedragen representatieve bedrijfssituatie, naar de dagperiode te verplaatsen en vervolgens doodleuk te constateren dat er sprake is van een overschrijding, zie ook hoofdstuk 7 van het akoestisch rapport. Omdat de maximale geluidniveaus vanwege de vrachtwagenbewegingen in de dagperiode niet worden getoetst aan de geluidnormen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer, wordt vervolgens door Peutz geconstateerd dat voldaan wordt aan deze geluidnormen. Hiermee wordt de door Wubben beschreven representatieve bedrijfssituatie gepasseerd. Bovendien geeft Peutz hiermee overigens direct aan dat voldaan wordt aan de vereisten uit het bestemmingsplan om voor de Langelandseweg 18 een woonbestemming toe te kennen, zie ook punt 1 van deze brief. Uitgaande van de door Wubben beschreven representatieve bedrijfsomstandigheid is er wel sprake van een normoverschrijding in het kader van het Activiteitenbesluit milieubeheer op zowel de woning aan de Langelandseweg 16 en 18 en kan een transportbeweging in de avond- en nachtperiode hier helemaal niet plaatsvinden. Overigens wordt door cliënten bestreden dat er überhaupt transportbewegingen plaats vinden. De afgelopen jaren hebben er geen transportbewegingen plaatsgevonden. Dit is door cliënten ook gemonitord. 5.
Beoordeling van de geluidniveau / conclusies
Door Peutz wordt geconstateerd dat de grenswaarden voor de maximale geluidniveaus uit stap 2 en 3 uit de VNG-publicatie worden overschreden. De overschrijding zou plaats vinden ten gevolge van vrachtwagenbewegingen ten behoeve van het laden en lossen. Deze conclusie kan door het ontbreken van bijlages met rekenresultaten en deelbijdragen niet worden gecontroleerd. Bovendien is deze conclusie onjuist. In het bovenstaande is reeds uitvoerig op dit aspect ingegaan, maar nogmaals: 1. Door Peutz is eigenhandig afgeweken van de door Wubben beschreven representatieve bedrijfsomstandigheid; 2. Er vinden in deze branche geen transportbewegingen met bloemen plaats in de dagperiode, maar zoals ook door Wubben is aangegeven, in de avond- en nachtperiode; 3. De in- en uitrit tussen de woningen wordt in werkelijkheid helemaal niet gebruikt. Hieruit voortvloeiend zijn de conclusies omtrent de toetsing aan het Activiteitenbesluit milieubeheer ook niet juist. Als er al transport tussen de woningen plaatsvindt, is dit in de avond- en nachtperiode. Hiermee wordt de geluidnorm op de burgerwoning aan de Langelandseweg 16 overschreden. Dit leidt tot de conclusie dat er helemaal geen transport kan plaatsvinden tussen beide woningen. Overigens wil ik hierbij de volgende kanttekening plaatsen.
Als het al zo is dat er een vrachtwagenbeweging in de dagperiode plaatsvindt, wat dus niet zo is, dan kan in het kader van de afweging van een goede ruimtelijke ordening worden gesteld dat het om slechts één vrachtwagenbeweging gaat. Slechts één vrachtwagenbeweging in deze omgeving zal niet leiden tot een onevenredige afbreuk van het woon- en leefklimaat. Deze afweging kan net zo goed gemaakt worden. Er wordt dus onterecht en op basis van aantoonbaar onjuiste uitgangspunten een knelpunt gecreëerd, op basis waarvan wordt geconcludeerd dat het niet mogelijk is de woning aan de Langelandseweg 18 te transformeren.
3
6.
Technisch inhoudelijk
Bij bestudering van het akoestisch rapport is gebleken dat het akoestisch rapport op de volgende punten onvolledig is: 1. In paragraaf 4.1 wordt vermeld dat een Carrier Koelmachine niet kon niet worden aangezet. Op basis van leveranciersinformatie is een bronvermogen aangenomen van 84 dB(A). De vraag rijst waarom de koelmachine niet kon worden aangezet. Was deze ontkoppeld/ niet meer in gebruik ? Door het ontbreken van een deelbijdrageberekening van de resultaten, is het niet duidelijk welke bijdrage deze koelmachine, op basis van een aanname, levert op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau. 2. Het rekenmodel is ingesteld met een harde bodem. De zachte, geluidabsorberende bodem bij zijgevels en voorgevel van de woning is niet gemodelleerd. Hiermee worden te hoge geluidniveaus berekend. 3. Voor de geluiduitstralende geveldelen is een bronvermogen gehanteerd. In de bijlages ontbreken de berekeningen hoe die bronvermogens tot stand zijn gekomen.
Met vriendelijke groet,
Kraaij Akoestisch Adviesbureau
4