CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen fracties Interventieplan kostenbeheersing sociaal domein

Informatieavond 3 maart 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Technische vragen fracties1.888 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Interventieplan kostenbeheersing sociaal domein CDA 1. Onder voorstel 1d staat de geraamde besparing door de inzet praktijkondersteuners van € 694.000 terug te brengen naar een realistischer bedrag van € 375.000 per jaar en aan te merken als deel van de taakstellende bezuiniging van 1.25 miljoen Euro die voor 2022 en 2023 in de budgetten sociaal domein zijn verwerkt” Onze vraag hierbij: waar komt de missende € 319.000 dan terug/waar haalt u die vandaan? En zijn er meer bedragen die - als we ze “realistischer” maken - lager uitvallen, waardoor er (mogelijk) meer bezuinigingen nodig zijn dan eerder verondersteld werd? Zo ja, heeft u al terreinen binnen/buiten sociaal domein op het oog hoe die te in te vullen? 2. Er wordt geconcludeerd dat veel jongens tussen 4 en 12 jaar worden aangemeld met hulpvragen van psychosociale aard zoals emotionele en gedragsproblemen (blz. 3, P5). Dit vinden wij een opvallend gegeven. Is dit iets dat t gedrag van jongens betreft of is t gedrag dat bij de leeftijd hoort en waar omgeving minder goed mee kan omgaan en het als een probleem wordt ervaren? 3. In hoeveel van de 146 aanmeldingen (blz. 3, P5) is er geconcludeerd dat hulp/doorverwijzing überhaupt niet nodig is geweest? Of worden die in de 146 niet meegeteld? 4. Kunt u een verklaring geven voor waarom januari als een atypische maand (blz. 5, P5) te boek staat? 5. In het raadsvoorstel (blz.

6) wordt gesproken over het aantrekken van een opgave manager. Hij/zij gaat vooraf randvoorwaarden zo goed mogelijk uitwerken en borgen. Toch is het voor het CDA nog niet helemaal duidelijk wat zo iemand precies doet? En het CDA vraagt zich daarbij af: hebben we deze persoon al in huis of bent u voornemens die in te huren? 6. Er wordt ook geschreven over een coach/begeleider. Daarvoor wordt beschreven dat diegene “actief gaat sturen op de parameters voor de intensiteit van ondersteuningstrajecten”. Voor het CDA is het onnavolgbaar wat deze persoon precies gaat doen: kunt u dat uitleggen? 7. U schets dat door ‘het zelf doen’ bespaard zal worden op functies als facturatie en contractmanagement. Houdt u dan ook rekening met de toename van de eigen administratie en registratie die voorheen door de externe partijen werden gedaan? VVD 1. Maatregel P5: a. In Bijlage 1 over maatregel P5 wordt in de berekening van het besparingspotentieel uitgegaan dat een GGZ-traject € 3.880,- kost. Is dit het bedrag dat een gemiddeld traject kost? Is bekend (bv uit de evaluatie) welke verwijzing een jeugdige gehad zou hebben zonder inzet van een POJ en wat deze inzet dan gekost zou hebben? b. Kunt u aangeven hoe op p8 de salariskosten voor 1,4 fte zijn meegenomen in de besparingsberekening? c. De kosten van een POJ kunnen deels vergoed worden door de verzekeringsmaatschappijen.

Is dat in Pijnacker-Nootdorp op dit moment ook het geval? Zo ja, welk deel wordt door verzekeraars betaald en zo nee, waarom niet? Is voorzien dat dit vanaf 2021 wel gaat gebeuren en is hiermee rekening gehouden in de berekening van het besparingspotentieel? Zo ja, om welke bedragen gaat dit? Zo nee, waarom is gedeeltelijke bekostiging vanuit de zorgverzekeraar niet mogelijk? 2. Maatregel P6/8 Berenschot notitie a. Kunt u aangeven hoe de aannames op p4 en p7 (25% besparingsopgave programmakosten) en 15% aanzuigende werking zijn onderbouwd? Is bekend of deze aanzuigende werking ook voor de middellange termijn zorgvraag verhogend werkt? b. Op p10 wordt aangegeven dat het niet mogelijk is om alle gewenste financiële gegevens aan te leveren (bv gemiddelde looptijd wmo-voorzieningen, voorzieningen in bijlage 1 jeugdzorg). Kunt u aangeven waarom deze gegevens niet geleverd konden worden?

c. In de uitwerking van de verschillende scenario’s op p6 is voor maatwerk uitgegaan kosten per cliënt van € 6.106,80. Indien er minder maatwerk geleverd hoeft te worden, is dan de verminderde inzet voor het indicatieproces meegenomen? En ligt dit bij wmo op p8? PPN Over de praktijkondersteuners: 1. Zouden we ook een overzicht kunnen krijgen van het aantal verwijzingen naar de GGZ in de jaren voor en nadat de pilot gestart is? 2. Is de berekening van de besparing niet iets te optimistisch, omdat sommige kinderen/jongeren na begeleiding door een POJ-er alsnog verwezen worden naar de GGZ? D66 Vragen bij de notitie voorstel uitbreiding praktijkondersteuners jeugd. 1. In hoeverre kan de daling zoals weergegeven in de staafdiagrammen aan de inzet van POJ worden toegeschreven gelet op de constatering op pagina 3 van de notitie. Daarbij lijkt het er op dat de daling bij huisartsen met POJ ten opzichten van huisartsen zonder POJ in percentage uitgedrukt ongeveer gelijk is. Het aantal aanmeldingen met POJ in 2020 is ongeveer 56% van het aantal in 2019. Het aantal aanmeldingen van huisartsen zonder POJ is in 2019 ongeveer 54% van het aantal aanmeldingen in 2020.

Dit betekent dat de daling in percentage uitgedrukt ongeveer gelijk is, en dat, voor zover je al kunt spreken van een grotere daling, de daling in percentage uitgedrukt juist bij de huisartsen zonder POJ iets groter is dan met POJ. Of interpreteren wij de staafdiagrammen verkeerd? Gaarne uw uitleg. 2. In hoeverre kunnen POJ’s ook worden ingezet, of worden zij al ingezet om preventief te werken aan het voorkomen van jeugdzorg via scholen kinderopvang, sportverenigingen e.d. Vragen bij Notitie Berenschot Pagina 5 1. Op pagina 5 staan de parameters waarop het rapport is gebaseerd. Hierbij is de opmerking gemaakt dat wijziging van de parameters invloed heeft op de business case. In hoeverre zijn de parameters aannames en in hoeverre zijn zij beïnvloedbaar (b.v. aanzuigende werking). Pagina 7/8 1. Op pagina 7/8 staat dat de cijfers van de gemeente niet op alle onderdelen betrouwbaar bleken. Kan hierop een toelichting worden gegeven. Pagina 9 1. Caseload van 20 is gebaseerd op het resultaat van een berekening. In hoeverre is deze berekening gebaseerd op aannames en in hoeverre op de praktijk? In de tekst is aangegeven dat hoewel de caseload redelijk lijkt wordt geadviseerd deze in de praktijk te toetsen. Op welke manier wordt dit in de praktijk getoetst? 2. De doorlooptijd maakt onderdeel uit van de berekening.

Er is echter geen zicht gekregen op de doorlooptijden in de huidige situatie. Hoe komt het dat wij daar geen zicht op hebben? 3. We hebben toch al een systeem om klanttevredenheid te toetsen? Moet dit op een andere wijze vorm gegeven worden? Pagina 10 1. Gemeente kon veel gegevens niet aanleveren (is hiermee op hetzelfde gedoeld als pagina 7/8? Als voorbeeld wordt genoemd de gemiddelde looptijd van de voorzieningen met een specificatie van kosten per jaar. Voor jeugdzorg bleek het ook niet mogelijk om de informatie te verstrekken ten aanzien van de in bijlage 1 vermelde onderdelen. In hoeverre is het dan mogelijk een realistische inschatting van de besparingsmogelijkheden te maken en waaraan ligt het dat onze

gemeente deze informatie niet kon aanleveren (nu is het rapport hierdoor voor een deel op aannames gebaseerd)? 2. In de besparingscijfers is nog niet alle informatie verwerkt. Zo is geen rekening gehouden met implementatiekosten en overheadkosten (b.v. ICT). Geadviseerd wordt om deze kosten te beperken in de pilotfase. Is dit realistisch of is het anders mogelijk om de besparingscijfers met deze kosten te corrigeren? 3. Berenschot adviseert om succesfactoren te bepalen. Op welke wijze wil het college de succesfactoren bepalen? Wordt de raad hierbij betrokken? Voor de beantwoording alvast hartelijk dank. Tevens hebben wij bijgevoegd een artikel van Binnenlands Bestuur met de uitkomst van het onderzoek uitgevoerd door het Centraal Planbureau dat kanttekeningen plaatst bij de inzet van POJ. Schetst de achtergrond van onze vragen. https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/nieuws/praktijkondersteuners-jeugd-leverengeen.15382266.lynkx PvdD 1. Kan een beeld worden geschetst wat de gevolgen tot nu toe zijn van de bezuinigingen die zijn doorgevoerd in het sociaal domein? 2. Er staat: ‘Maatregel P7, zelf inkopen van Jeugdhulp gaan we niet in uitvoering nemen. Onderzoek naar het lokaal inkopen van ambulante jeugdhulp levert geen aanknopingspunten op dat andere vormen van inkopen doorslaggevende resultaten opleveren (zie bijlage 3).

In plaats hiervan maken we optimaal gebruik van de sturingsmogelijkheden binnen de regionale inkoopmethodiek jeugdhulp die in 2020 in werking is getreden.’ Bijlage 3 geeft ons een onvoldoende helder beeld. Kan nader worden toegelicht waarom er geen aanknopingspunten zijn gevonden, terwijl dat klaarblijkelijk eerder wel het geval was? Geeft regionale inkoop bijvoorbeeld niet veel meer bureaucratie dan dat de gemeente het zelf doet? 3. Van meerdere jongeren, die een beroep doen op de jeugdzorg, krijgen we door dat de wachttijd lang is en dat ze niet gelijk geholpen worden. Kan hiervan een nader beeld geschetst worden? 4. Welke inbreng hebben jeugdige zelf bij hun hulpverleningsvraag? Welke stem geeft de doorslag welke hulp wordt verleend? Is er altijd consensus over de te verlenen hulp? 5. Er wordt veel gesproken over kostenbeheersing. Maar waaruit blijkt de focus op een goede toegankelijkheid zonder bureaucratische regels (Veel ouders/kinderen hebben moeite met het invullen van de formulieren), geen wachttijden en vroegsignalering via school? Dat is ons nog niet duidelijk. 6. In het voorstel wordt slechts kort gesproken over de verbinding met scholen in de vorm van samenwerking met schoolmaatschappelijk werk.

Worden ook leerkrachten hierbij betrokken en niet enkel het schoolmaatschappelijk werk, omdat zij, soms nog eerder dan de huisarts, een rol kunnen spelen in de vroegsignalering van problemen bij kinderen? En worden deze contacten ook geïntensiveerd? Zo nee, waarom niet? 7. Door de coronacrisis zal de druk op de WMO en de jeugdzorg gaan toenemen. Er valt te verwachten dat door de huidige situatie met de harde lockdown en het sluiten van de scholen de vraag naar jeugdhulp en andere vragen omtrent geestelijke gezondheidszorg toe zullen nemen. In hoeverre zijn de gevolgen van de coronacrisis verwerkt in deze bezuinigingen? 8. De door de gemeente aangeleverde informatie door Berenschot wordt als ‘onbetrouwbaar’ aangemerkt (blz.7). Kan worden toegelicht waarom dit als zodanig beoordeeld is en de aannames, die door de gemeente zijn aangeleverd niet voldoende betrouwbaar zijn? Welke risico’s zijn hiermee gemoeid? 9. De business case is gebaseerd op de beschikbare gegevens binnen de gemeente PijnackerNootdorp. Hoewel deze een beeld geeft van het besparingspotentieel, is deze op onderdelen wat ‘hoog over’. In de business case is geen rekening gehouden met implementatiekosten. Is het

juist dat hiervoor 150.000 euro geraamd is, inclusief nadere uitwerking van de nieuwe werkprocessen en navenante kosten? 10. Het interventieplan betreft ook een financiële uitwerking van deze maatregelen. Hoewel de gedachte achter de maatregelen hetzelfde is, is de business case op een andere manier opgebouwd. Hierdoor verschillen de financiële resultaten uit deze memo met die uit het interventieplan. Kan worden aangegeven wat de verschillen zijn? 11. De nieuwe werkwijze werkt alleen als de medewerkers echt ander gedrag laten zien. Wanneer ze dezelfde zorg gaan leveren als uw zorgaanbieders, levert dit geen effect op. Hoe wordt het gewenste gedrag bereikt? 12. Een aantal gemeenten vinden zelf hulp inkopen succesvol, maar wel is minder maatwerk mogelijk zo maken wij uit de stukken op. 13. Getracht is duidelijk te maken wat de voor- en nadelen zijn van zelf hulp inkopen en een ruim aantal gemeenten is hierover geconsulteerd. Is het mogelijk om de voor- en nadelen helder op een rij te zetten. Het is voor ons nog een wirwar aan gegevens, waar we nog niet echt een goed beeld van hebben.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9836152/1