CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel vaststellen Omgevingsvisie 2050

Raad Besluitvorming 25 november 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Vaststelling Omgevingsvisie met bijbehorende Plan MER5.080 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanbiedingsnota raad

beeldvorming op

11 november 2021

oordeelvorming op

18 november 2021

besluitvorming op

25 november 2021

invullen organisatie zaaknummer

1284968

berichtnummer

1152367

voorstel over portefeuillehouder behandeld in college

vaststellen Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 Ilona Jense-van Haarst 14 oktober 2021

afdeling

Beleid

besluit

Ja

bijlagen

1. 2. 3. 4. 5.

pagina

1/10

Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie (inclusief bijlagen); Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 ‘Verbonden met elkaar’; planMER Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 (inclusief bijlagen); Plan van Aanpak communicatie definitieve Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 ; 1.0 versie van de structuur van de omgevingsprogramma’s.

Aanbiedingsnota raad

Gevraagde beslissing Wij stellen u voor: 1. het Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie (inclusief bijlagen) vast te stellen; 2. de Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 ‘Verbonden met elkaar’ en het bijbehorend planMER (inclusief addendum) vast te stellen; 3. het Participatieverslag, de vastgestelde Omgevingsvisie en het bijbehorend planMER bekend te maken en de indieners van zienswijzen hierover apart te informeren; 4. de Ruimtelijke Structuurvisie 2040: Ruimte maken, Ruimte laten uit 2014 en de Toekomstvisie Pijnacker-Nootdorp 2040 uit 2012 in te trekken. Inleiding De Omgevingsvisie is het belangrijkste strategische document voor de fysieke leefomgeving. Hierin legt de gemeenteraad zijn ambities en doelstellingen voor de lange termijn vast. Een Omgevingsvisie bindt alleen de gemeente zelf en heeft dus geen rechtstreekse werking naar inwoners en ondernemers. Om richting en sturing te geven aan het proces waarlangs de Omgevingsvisie tot stand komt, heeft u in februari 2019 een startnotitie vastgesteld. Daarin staan zes stappen beschreven: 1.

Het Fundament: Dit document schetst een beeld van hoe de gemeente er op dat moment (juni 2019) voor staat. Daarbij gaat het niet alleen om feitelijke gegevens en data, maar ook om de waarden. Wat vinden we belangrijk, waar

2.

hechten we aan en wat willen we bewaren en versterken? Deze feiten zijn de basis geweest voor het bepalen van de kansen en opgaven voor de toekomst. De Vloer: In januari 2020 heeft u integrale toekomstperspectieven met samenhangende ruimtelijke keuzes richting 2050 vastgesteld. De Vloer bestaat uit elf toekomstperspectieven over het gebruik van de ruimte. De perspectieven

3.

kunnen niet los van elkaar worden gezien en beschrijven effecten op of bijdragen aan de samenleving. Dit document is de basis geweest voor het gesprek met de samenleving. De Muren: In oktober en november 2020 heeft aan de hand van het Panorama Pijnacker-Nootdorp 2020 digitaal het gesprek met de samenleving plaatsgevonden. In het participatieverslag De Muren staat hoe we dat hebben gedaan,

4.

wat we hebben gedaan en natuurlijk een impressie van de resultaten. Het Dak: Dit is het ontwerp van de Omgevingsvisie. Hierin is de informatie uit de eerste drie stappen samengebracht en vertaald naar een visie voor 2050. Daarnaast is ook een planMER opgesteld. Hierin zijn de gevolgen voor het milieu

5.

in beeld gebracht, inclusief eventueel te nemen mitigerende maatregelen. U heeft in juni 2021 het ontwerp van de Omgevingsvisie en het bijbehorend planMER vrijgegeven voor zienswijzen. De Afbouw: Direct na de vaststelling is het ontwerp van de Omgevingsvisie samen met het planMER ter inzage gelegd. Gedurende zes weken (van begin juni tot en met half juli 2021) heeft de samenleving kunnen reageren op beide

6.

documenten. Daarbij hebben we concreet de vraag gesteld of het ontwerp herkenbaar, uitnodigend en compleet is. Door de inzet van diverse digitale en analoge communicatiemiddelen zijn de documenten onder de aandacht gebracht van de samenleving en organisaties. De Oplevering: Dit is de laatste stap in het proces en het moment waar we nu staan. De zienswijzen die zijn ontvangen op het ontwerp van de Omgevingsvisie en/of op de planMER zijn samengevat en beantwoord in een Participatieverslag. Ook het toetsingsadvies van de Commissie voor de m.e.r. is daar een onderdeel van. Uit de in dit Participatieverslag opgenomen Staat van Wijzigingen blijkt dat de zienswijzen op verschillende punten hebben geleid tot aanpassing en aanvulling van zowel de Omgevingsvisie als het planMER. Dit samen leidt tot het voorliggende voorstel aan u en vervolgens de gemeenteraad om de Omgevingsvisie en het planMER vast te stellen.

Voor u ligt dus het resultaat van de vijfde en zesde stap en dat is het Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie (inclusief bijlagen), de Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 ‘Verbonden met elkaar’ en het bijbehorend planMER met addendum. Daarin is alle informatie uit de eerste vijf stappen verwerkt en (mede) op basis daarvan doen we u het voorstel om deze visie vast te stellen. Hoewel de nu voorliggende Omgevingsvisie niet los gezien kan worden van het daaraan voorafgaande proces, is het een zelfstandig leesbaar document. Het Fundament, De Vloer, De Muren, Het Dak (ontwerp omgevingsvisie) en De Afbouw (participatieverslag ontwerp omgevingsvisie) zijn een aanvulling en verdieping, maar om de Omgevingsvisie te begrijpen en te gebruiken is het niet noodzakelijk daar kennis van te nemen.

pagina

2/10

Aanbiedingsnota raad

Hoe hebben we gecommuniceerd over het ontwerp van de Omgevingsvisie en het bijbehorend planMER? We hebben ingezet op een breed palet aan communicatiemiddelen, zowel digitaal als analoog. Naast de geschreven visie hebben we een digitaal Panorama van Pijnacker-Nootdorp in 2050 gemaakt. Door de woorden te visualiseren in beelden is geprobeerd om een bredere doelgroep aan te spreken en om op een snelle, goed toegankelijke wijze onze inwoners, ondernemers, (maatschappelijke) organisaties, overheidsorganisaties en regionale partners te laten zien hoe de gemeente er in 2050 uit kan zien. Met behoud van de karakteristieken en zo gewaardeerde, dorpse kenmerken aan de ene kant en met antwoorden op de grote opgaven (zoals energietransitie, woningbouwbehoefte en klimaatverandering) waar we de komende jaren voor staan aan de andere kant. Dit Panorama maakt integraal deel uit van de Omgevingsvisie in de vorm van de gebiedsprofielen. Ieder gebiedsprofiel bestaat uit beelden die een vertaling zijn van een ambitie uit de Omgevingsvisie. De uitnodiging om te reageren op het ontwerp van de Omgevingsvisie, het bijbehorend planMER en het Panorama Pijnacker-Nootdorp 2050 hebben we op verschillende manieren bekend gemaakt, waaronder: a. De officiële bekendmaking in het gemeenteblad en op www.ruimtelijkeplannen,nl; b. Een themapagina in de Telstar; c.

Projectpagina www.pijnacker-nootdorp.nl/omgevingsvisie; d. Nieuwsbericht op de algemene webpagina www.pijnacker-nootdorp.nl; e. Een digitaal reactieformulier op de website van de gemeente; f. Informatieborden langs de wegen in de gemeente; g. Ansichtkaarten in de brievenbus; h. Email naar de meer dan 100 inwoners, ondernemers en organisaties die eerder waren uitgenodigd en hebben deelgenomen aan het proces; i. Een gerichte facebook-advertentie en j. Een digitale informatieavond. Welke zienswijzen hebben we gekregen op het ontwerp van de Omgevingsvisie en het planMER? We hebben ongeveer 300 zienswijzen gekregen op het ontwerp van de Omgevingsvisie en het planMER. Dat is een relatief groot aantal wanneer we dit vergelijken met eerdere structuurvisies. We zijn blij dat zoveel mensen en organisaties de moeite hebben genomen een zienswijze te geven. Daarmee is de nu voorliggende definitieve Omgevingsvisie weer beter geworden ten opzichte van het ontwerp dat ter inzage heeft gelegen. Hiermee ligt er een brede basis voor de uitvoering van de Omgevingsvisie. Voor een compleet overzicht van alle zienswijze verwijzen we naar het Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie en planMER. Hieronder willen we twee onderwerpen benoemen die om verschillende redenen bijzonder zijn: a.

Onderzoekslocatie Emerald In het ontwerp van de Omgevingsvisie is een deel van de strook langs de Rijksstraatweg opgenomen als onderzoekslocatie. Hierop hebben we 231 zienswijzen ontvangen, waarvan één zienswijze is voorzien van een lijst met 1322 handtekeningen van personen die aangeven daarmee de zienswijze te ondersteunen. Opvallend is dat de argumenten in de zienswijzen vrijwel allemaal gelijk zijn en vooral dat de zienswijzen er vrijwel allemaal vanuit gaan dat het groen (geheel) verdwijnt en plaats moet maken voor woningen en of bedrijfsgebouwen. Wij betreuren het dat deze indruk is ontstaan. In het ontwerp van de Omgevingsvisie is opgenomen dat de strook van het huidige tuincentrum Ranzijn tot de N470 een onderzoekslocatie is. Dat betekent dat we graag willen kijken of en op welke wijze hier wellicht woningen kunnen worden toegevoegd. Het is nooit de bedoeling geweest om de indruk te wekken dat met dit ontwerp van de Omgevingsvisie de hele strook geheel wordt bebouwd. Voorstel wijziging Omgevingsvisie In reactie op de ontstane onduidelijkheid, de beschrijving van de waarde van het gebied voor de bestaande inwoners en de opgaven waar we als gemeente en samenleving voor staan, bevat paragraaf 4.1 van het Participatieverslag een voorstel tot aanpassing van de Omgevingsvisie.

De tekst van de Omgevingsvisie wordt aangepast zodat duidelijk blijkt dat onderzocht zal worden of er op een deel van deze locatie (het meest noordelijke deel) mogelijkheden zijn voor het toevoegen van woningen voor doelgroepen, waarbij rekening wordt gehouden met de algemene waardering voor het groen en de

pagina

3/10

Aanbiedingsnota raad

mede daaruit voortvloeiende waarde die het gebied nu heeft voor ontmoeten, bewegen, honden uitlaten, wandelen en spelen (het meest zuidelijke deel). Dit zal ook op de kaarten in de Omgevingsvisie worden aangepast. Daarmee willen we een balans zoeken tussen de wens van de huidige bewoners om niets te veranderen, de behoefte aan woningen en het toekomstbestendig maken en houden van de hele strook. Dat betekent dat we om meerdere redenen hechten aan doen van onderzoek naar de mogelijke toekomst van deze locatie. Het tuincentrum lijkt op deze plek geen economisch robuuste toekomst te hebben. Daarnaast constateren we dat ook in Delfgauw onvoldoende woningen beschikbaar zijn voor met name jongeren en ouderen. Jongeren uit Delfgauw die willen starten op de woningmarkt vinden moeilijk een betaalbare en passende woning. Hetzelfde geldt voor ouderen die op zoek zijn naar bijvoorbeeld een levensloopbestendige of gelijkvloerse woning. In Delfgauw zien we daarnaast dat steeds meer studenten aan de TU Delft een plek zoeken in Delfgauw. Dat vergroot de druk op de lokale woningmarkt. In Pijnacker en Nootdorp zijn er, volgens het ontwerp van de Omgevingsvisie, op diverse plekken mogelijkheden voor uitbreiding van de woningvoorraad. In Delfgauw zijn deze mogelijkheden veel kleiner.

We willen echter ook proberen de kans op een woning voor jongeren en ouderen die graag in Delfgauw willen (blijven) wonen te vergroten. In het onderzoek nemen we vanzelfsprekend ook de waarde die de gronden nu hebben mee. Een groene plek die door veel inwoners van Emerald (en daarbuiten) wordt gewaardeerd. Uiteraard worden omwonenden en andere betrokkenen hier in meegenomen. b. Een groene gemeente Ook in deze fase van de Omgevingsvisie wordt duidelijk dat het groen heel belangrijk wordt gevonden. Daarbij gaat het niet alleen om de grote groene buitengebieden, maar ook om het groen in de kernen. In de zienswijzen staan vele voorstellen om het groen uit te breiden en/of te verbeteren. Van een totaal ander denkconcept voor de Omgevingsvisie tot een concreet voorstel om te stoppen met het verkopen van snippergroen. Van een oproep om te stoppen met de Omgevingsvisie en eerst een aparte visie op het groen te maken tot vragen over beheer, ontharding van tuinen en de precieze locatie van groene (ecologische) verbindingen. Voorstel wijziging Omgevingsvisie Het geheel van de ingediende zienswijzen op de ontwikkelingslijn Onderscheidend Groen leidt tot verschillende voorstellen tot wijziging die u terugvindt in het Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie en de daarin opgenomen Staat van Wijzigingen.

Daar staat onder andere dat we nog scherper in de tekst van de Omgevingsvisie zetten dat er binnen de groene contouren geen ruimte is voor verstedelijking zoals woningbouw en/of bedrijventerreinen. Dus ook niet voor grootschalige zonnevelden en windmolens. Ontwikkelingen die de kwaliteit van natuur en landschap kunnen versterken, zijn wel mogelijk. De oppervlakte van het groene buitengebied blijft gelijk in de visie. De Klapwijkse Knoop maakt deel uit van het natuur- en recreatielandschap Groenzoom. Dit stond niet goed in het ontwerp en wordt aangepast op de kaart. Ook passen we de kaart die bij deze ontwikkelingslijn hoort aan door een duidelijker ecologisch netwerk op diverse plekken zoals de Katwijkerlaan (Groenzoom-De Balij), de Laan van Floris V, de locatie Ridderspoor /Lobelia en ter hoogte van de groenstrook tussen Delfgauw en de A13 op te nemen. Ook voegen we twee ecologische pijlen toe die een verbinding maken met ons groengebied en de groengebieden aan de andere kant van zowel de A12 als de A13. We constateren dat verschillende ideeën die we hebben ontvangen niet passen bij de schaal, het detailniveau en de doelen van het instrument Omgevingsvisie. Het globale, strategische karakter van deze visie op de lange termijn, strookt niet met concrete maatregelen op bijvoorbeeld het gebied van beheer.

Daarmee zijn ze niet minder waardevol, maar leiden ze toch niet tot een aanpassing in de Omgevingsvisie. Wel worden ze meegenomen bij het nog op te stellen omgevingsprogramma. Dat bevat straks concrete doelen en maatregelen voor een kortere termijn en de exacte locaties op perceelsniveau, inclusief de daarbij behorende financiële middelen. Waar nodig kan dat ook weer de basis vormen voor eventuele regels in het omgevingsplan. Er zijn ook onderdelen van zienswijzen

pagina

4/10

Aanbiedingsnota raad

waarvan we voorstellen deze niet over te nemen. De oproep om te stoppen met de Omgevingsvisie en eerst een aparte visie te maken voor alleen het groen in het buitengebied is hiervan een voorbeeld. Net als de oproep om los van de geschiedenis op creatieve manieren te dromen over de ideale inrichting van de gemeente en dat als uitgangspunt te nemen voor de Omgevingsvisie. Wat willen wij bereiken? Dit voorstel heeft meerdere doelen. Ten eerste willen we u voorstellen om het Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie vast te stellen. Hiermee geeft u aan dat u met de beantwoording van de zienswijzen deze zorgvuldig hebt meegewogen bij de besluitvorming. De Staat van wijzigingen (die onderdeel uitmaakt van het Participatieverslag) laat in het kort zien op welke punten de Omgevingsvisie wijzigt ten opzichte van het ontwerp dat er inzage heeft gelegen. Ten tweede stellen we voor dat u de Omgevingsvisie en bijbehorend planMER vaststelt. Daarmee geeft u aan inhoudelijk achter deze visie en het planMER te staan en dat u samen met de inwoners, ondernemers, (maatschappelijke) partners en overige partijen gaat werken aan het in de visie beschreven Pijnacker-Nootdorp van 2050. De Omgevingsvisie is het kader voor toekomstige ontwikkelingen en bepaalt de koers voor de toekomst.

Ten aanzien van het planMER geeft u hiermee aan dat de procedure correct en volledig is doorlopen en de gegevens in het MER redelijkerwijs aan de definitieve Omgevingsvisie ten grondslag kunnen worden gelegd. Ten derde willen we met dit voorstel bereiken dat u de beantwoording van de zienswijzen die zijn ontvangen op het planMER vaststelt en in het bijzonder instemt met het advies van de commissie m.e.r. Hoewel de commissie van mening is dat het planMER bijna compleet is, heeft zij een aantal aanbevelingen gedaan. Eén aanbeveling heeft geleid tot een aanvulling van het planMER (het addendum). We willen ook bereiken dat dit addendum toegevoegd wordt aan het planMER. De vierde doelstelling is dat u ons college na vaststelling deze besluiten algemeen bekend laat maken en in het bijzonder de indieners van een zienswijze te informeren. In de bijlage (Plan van Aanpak definitieve Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050) vindt u de concrete invulling van dit voorstel. Argumenten 1.1 Nieuwe vormen van participatie: de resultaten worden zichtbaar Net als de dialoog met de samenleving in oktober en november 2020 heeft ook deze fase van de Omgevingsvisie (door corona) noodgedwongen anders plaatsgevonden dan we hadden bedacht. De insteek was en is dat iedereen mee moet kunnen denken en doen.

Daarom hebben we opnieuw een visueel en toegankelijk Panorama Pijnacker-Nootdorp 2050 gemaakt dat de Omgevingsvisie verbeeldt. De beperkingen rondom corona hebben er gelukkig niet toe geleid dat we minder mensen hebben bereikt. In tegendeel: ruim 600 bezoekers meer hebben gekeken naar de website met het Panorama 2050 dan in de eerste fase in 2020. Met 5259 paginaweergaven (waarvan 4428 unieke bezoekers), die gemiddeld 2 minuten en 29 seconden op de website hebben gekeken, is het Panorama 2050 goed bezocht en aandachtig bekeken. U heeft bij de start van dit proces de wens uitgesproken om zoveel mogelijk mensen en organisaties hun mening te laten geven over (het ontwerp van) de Omgevingsvisie. Van bekende en actieve inwoners, ondernemers en organisaties tot de zwijgende meerderheid die zo lastig te bereiken is. Daarmee wilt u een zo goed mogelijk beeld hebben van wat er leeft in de samenleving. Bovendien leggen we daarmee een basis voor de uitvoering van de Omgevingsvisie. Hoe breder de herkenning van de ambities en doelstellingen, hoe meer kansen op (gezamenlijke) realisatie. Dit blijft een moeilijke opgave. De Omgevingsvisie blijft abstract, complex en staat soms ver van de belevingswereld van drukbezette inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) partners.

Hoewel er geen directe relatie kan worden geduid, zien we wel dat we met 300 zienswijzen meer zienswijzen hebben gekregen dan bijvoorbeeld op de structuurvisie van 2014. 1.2 Integrale benadering en verbinding ook zichtbaar gemaakt in het Participatieverslag

pagina

5/10

Aanbiedingsnota raad

In lijn met de door de Omgevingswet beoogde integrale benadering van de fysieke leefomgeving is ervoor gekozen het Participatieverslag op een andere manier op te stellen. Door de zienswijzen niet één voor één te beantwoorden, maar te analyseren en te groeperen per ontwikkelingslijn, is geprobeerd een overzichtelijk beeld te geven. Niet alleen kan u en/of de indiener van een zienswijze de reactie van de gemeente lezen, maar zo wordt ook duidelijk wat andere indieners van zienswijzen hebben gevonden over hetzelfde onderwerp. Dit bevordert de integraliteit en laat zien waar (soms) tegenstelde belangen leven of waar zienswijzen elkaar juist aanvullen en versterken. 2.1 Uitvoering van de startnotitie De startnotitie (uit februari 2019) beschrijft de wijze waarop we tot een vastgestelde Omgevingsvisie wilden komen. Met het voorliggende document geven we invulling aan de vijfde en zesde stap en ronden daarmee het proces af. In de definitieve Omgevingsvisie is alle informatie die we in dit proces hebben ontvangen gebruikt om te komen tot een uitnodigende en inspirerende visie van onze gemeente in 2050. Daarbij zijn de producten uit de eerdere stappen bouwstenen geweest, maar is ook verbinding gelegd met bestaande en in ontwikkeling zijnde (beleids-)visies die betrekking hebben op of invloed hebben op de fysieke leefomgeving.

Ook met actuele en in steeds in beweging zijnde processen en producten zoals het Energietransitieplan, dat in dezelfde raadscyclus wordt behandeld, is afstemming gezocht. 2.2 Verbonden met elkaar: inhoudelijke en procesmatige ambitie als basis De titel van het Hoofdlijnenakkoord en de bijbehorende Uitvoeringsagenda luidt: Verder in verbinding. We zijn ons wellicht meer dan ooit bewust van het feit dat we als gemeente, als samenleving, als individu of als ondernemer niet op onszelf staan. We staan op zoveel manieren met elkaar in verbinding en dat maakt ons fysiek, mentaal en ruimtelijk rijker en sterker. Niet alleen in relaties, (sociale en professionele) netwerken en participatie, maar ook in keuzes voor de fysieke leefomgeving. De inhoudelijke focus voor deze Omgevingsvisie is het versterken van de verbinding tussen gebieden en thema’s. Door het denken in gebieden met doelstellingen om te vormen naar het denken in netwerken van gebieden, functies of relaties die elkaar kunnen versterken, streven we naar meer samenhang in de fysieke leefomgeving. Met een geleidelijke transformatie, herinrichting of herstructurering van gebieden gaan deze uiteindelijk functioneren als geheel en vullen ze elkaar aan waar dat mogelijk is.

Het zorgt voor een toename van het draagvlak voor functies van gebieden en bovenal een compacte en aantrekkelijke leefomgeving met multifunctioneel gebruik als oplossing voor de beperkt beschikbare ruimte. Daarbij kijken we niet alleen naar de ruimte boven de grond, maar ook naar de ondergrond. Het resultaat is een integraal samenwerkend geheel zonder gebieden die niet of beperkt van waarde zijn voor de directe omgeving en de regio. Procesmatig vertalen we de verbinding niet alleen naar de communicatie en participatie tijdens het opstellen van de Omgevingsvisie, maar kijken we ook naar hoe we in de toekomst gaan werken met de Omgevingsvisie. Na de nu voorliggende vaststelling begint het werk immers pas. In de Omgevingsvisie is daarom een eerste aanzet gegeven voor de manier waarop we dat voor ons zien. Met toepassing van de instrumenten uit de Omgevingswet (zie ook bijlage met 1.0 versie van de structuur van de omgevingsprogramma’s), de rol van de gemeente en de rol van de samenleving en andere partners. Dit wordt in het eerste kwartaal van 2022 gevolgd door een Plan van Aanpak waarin dit concreter wordt uitgewerkt en onderwerpen als monitoring en evaluatie aan de orde komen. Dit zal u ter informatie worden aangeboden.

2.3 Vaststellen onder de Wet ruimtelijke ordening, maar klaar voor de Omgevingswet Met de vaststelling van de Omgevingsvisie (en het bijbehorend planMER) loopt Pijnacker-Nootdorp vooruit op de nieuwe Omgevingswet. De geplande invoeringsdatum van deze wet is 1 juli 2022. Dat betekent dat de documenten moeten voldoen aan de nu geldende wetgeving zoals de Wet ruimtelijke ordening en de Wet milieubeheer. Aangezien de Omgevingsvisie (net als een structuurvisie) een vormvrij document is, is er veel ruimte om reeds nu al te voldoen aan de eisen van de Omgevingswet. Wanneer straks de Omgevingswet in werking treedt krijgt het document automatisch de juridische

pagina

6/10

Aanbiedingsnota raad

status van een Omgevingsvisie. Daarnaast treft u als bijlage bij dit document ook een eerste versie van de structuur van de omgevingsprogramma’s aan (versie 1.0), Deze structuur wordt u niet ter vaststelling aangeboden. Het is werk in uitvoering, maar biedt al wel een eerste inzicht in de wijze waarop de nieuwe instrument in Pijnacker-Nootdorp vorm krijgt. 2.4 Het milieu een volwaardige plek in de besluitvorming: zienswijzen op het planMER Bij het ontwerp van de Omgevingsvisie hoort een planMER. Dit is, onder andere, gebruikt om het milieu een volwaardige plek te geven in de besluitvorming. Naast het feit dat het een schat aan informatie bevat over de huidige situatie en de autonome ontwikkeling heeft steeds interactie plaatsgevonden tussen het planMER en het ontwerp van de Omgevingsvisie. Dat heeft een duidelijke meerwaarde. De processen van het opstellen van de Omgevingsvisie en de beoordeling van de effecten op het milieu zijn in hoge mate met elkaar verweven. Het planMER is gebruikt om vorm en inhoud te geven aan de Omgevingsvisie. Het is precies op dit punt dat de commissie m.e.r. in haar advies aanbeveelt om dit duidelijker weer te geven in het planMER zelf. Daarom is een addendum opgesteld, dat toegevoegd wordt aan het planMER.

Daarmee zijn wij van mening dat de procedure correct en volledig is doorlopen en de gegevens in het MER redelijkerwijs aan de definitieve Omgevingsvisie ten grondslag kunnen worden gelegd. Reden om het planMER (inclusief het addendum) aan u aan te bieden. 3.1 informeren indieners zienswijzen over agendering gemeenteraad en uiteindelijke vaststelling We hebben steeds ingezet op het zo goed mogelijk betrekken van inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) organisaties. Wij hebben de indieners van een zienswijze geïnformeerd over ons om de stukken ter besluitvorming aan u te bieden. Zo kunnen zij de stukken van te voren lezen, de raadsvergaderingen (online of fysiek) bijwonen en eventueel gebruik maken van het recht om in te spreken. Een tweede moment om te informeren is na de besluitvorming door uw raad. Wij stellen voor de indieners van zienswijzen dan wederom een persoonlijk bericht te sturen. Verder zal er overeenkomstig het Plan van Aanpak communicatie definitieve Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 (zie bijlage) breed worden gecommuniceerd over de vaststelling. 4.1 huidige structuurvisie en toekomstvisie intrekken voorkomt onduidelijkheid De Omgevingsvisie vervangt de huidige structuurvisie Ruimte maken, Ruimte laten uit 2014.

Om te voorkomen dat er onduidelijkheid bestaat over de van toepassing zijnde (ruimtelijke) beleidskaders op lange termijn, wordt geadviseerd dit document en de Toekomstvisie Pijnacker-Nootdorp 2040 uit 2012 formeel in te trekken. Kanttekeningen 1.1 Actie en reactie lopen niet altijd samen op We hebben langs verschillende lijnen en met diverse communicatiemiddelen geprobeerd om inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) partners te vragen of zij een zienswijze willen geven op het ontwerp van de Omgevingsvisie en de vraag of het een uitnodigend, herkenbaar en compleet beeld is. Het succes van deze acties is niet alleen afhankelijk van de uitnodiging van de gemeente, maar ook van de bereidheid en tijd van een ieder om hierop in te gaan. Met een breed en complex onderwerp als een visie tot 2050 of een planMER is het soms lastig om te enthousiasmeren. Hoewel niet iedereen bereikt is en/of een zienswijze heeft ingediend, zijn we blij met de resultaten van de gezamenlijke inspanningen. 1.2 Niet iedereen is het er mee eens De Omgevingsvisie gaat over de hele fysieke leefomgeving en kijkt ook nog eens 30 jaar vooruit. Dit in combinatie met het feit dat inwoners en ondernemers nu (overwegend) fijn, prettig en veilig wonen en werken in onze gemeente, maakt dat niet iedereen het eens is met de wijze waarop we in de Omgevingsvisie antwoord geven op de opgaven die voor ons liggen.

Verandering is spannend, zeker wanneer het nu goed gaat en het onbekende schrikt vaker af. Daarnaast is de belangenafweging voor iedereen (net) anders. De één wil graag groen, bijvoorbeeld daar waar nu glastuinbouw staat. De glastuinbouw wil graag goede randvoorwaarden om te ondernemen. De ouderen en jongeren willen graag een passende woning, maar de bestaande bewoners willen liever geen verandering in hun omgeving. De energietransitie vindt niet iedereen even urgent en de daarvoor benodigde zonnepanelen

pagina

7/10

Aanbiedingsnota raad

vinden anderen weer lelijk en zonde van het landschap. Het blijft dus altijd zoeken naar een balans tussen de verschillende (individuele) belangen en het algemeen belang. Hoewel niet iedereen het daar mee eens is, denken we in de voorliggende Omgevingsvisie deze balans te hebben gevonden en zijn daarmee de randvoorwaarden voor de toekomstige ontwikkeling van de gemeente vastgelegd. Daarna kunnen we samen aan de slag met de realisatie. 2.1 Werken en leren tegelijkertijd: uitvoering van de Omgevingsvisie De Omgevingswet is nog niet in werking getreden en we zijn als gemeente volop bezig met de voorbereiding op deze nieuwe wet. Dat betekent ook dat nog niet alle keuzes zijn gemaakt over de inzet, het gebruik en de structuur van de omgevingsprogramma’s en/of het omgevingsplan. De Omgevingsvisie doet aanbevelingen die bij de uitwerking van deze instrumenten meegenomen kunnen worden. Een eerste opzet van de structuur van de omgevingsprogramma’s is als bijlage bij dit voorstel opgenomen. Deze 1.0 versie zal in de komende periode nog wijzigen, maar geeft u wel vast een beeld dat u kunt gebruiken bij de besluitvorming over de Omgevingsvisie. Daarnaast is in de Omgevingsvisie een hoofdstuk opgenomen over kostenverhaal. De Omgevingswet biedt meer en andere vormen van kostenverhaal.

Door dit nu al in de Omgevingsvisie op te nemen, kan dit later verder worden uitgewerkt in bijvoorbeeld een Nota Kostenverhaal en omgevingsprogramma’s. Beleidskaders a. Binnen welk programma past het voorgestelde besluit? Programma 1. Ruimte en Wonen b. Welke beleidskaders zijn van belang? De startnotitie Omgevingsvisie (februari 2019). Bij het opstellen van zowel het planMER als de Omgevingsvisie is gebruik gemaakt van vele beleidsnotities. Van Natuur op de kaart tot de Woonvisie en van de Economische Visie 2025 tot het Gebiedsgericht Geluidsbeleid. Hieronder worden niet al deze notities genoemd , maar alleen de strategische beleidsdocumenten: - Toekomstvisie Pijnacker-Nootdorp 2040 (2012) - Ruimtelijke Structuurvisie: Ruimte maken, Ruimte laten (2014) - Hoofdlijnenakkoord ‘Verder in verbinding’ 2018-2022 - (Bijgewerkte) Uitvoeringsagenda 2018-2022 c. Duurzaamheid Duurzaamheid is een onderwerp dat in vele vormen verweven is in het ontwerp van de Omgevingsvisie.

Voorbeelden daarvan zijn: - Een gezond ecosysteem met een hoge biodiversiteit (paragraaf 1.4) - Een goede lokale en regionale bereikbaarheid (paragraaf 2.3) - Een gezonde en veilige leefomgeving (paragraaf 2.5) - Duurzaam en circulair ondernemen (paragraaf 3.3) - Een duurzame gemeente (paragraaf 4.1) - Een klimaatbestendige gemeente (paragraaf 4.2) - Een goede omgevingskwaliteit (paragraaf 4.3) Daarnaast wordt u tegelijkertijd met dit voorstel ook het Energietransitieplan aangeboden waar nader in gegaan wordt op de koers voor warmte en elektriciteit richting 2050. Wat gaan wij daarvoor doen? Het Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie, de Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 ‘Verbonden met elkaar’ en bijbehorend planMER worden u hierbij ter besluitvorming aangeboden. Na besluitvorming wordt dit bekend gemaakt volgens het bijgevoegde Plan van Aanpak communicatie definitieve Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050. De vaststelling van de Omgevingsvisie is het eindpunt van dit proces van twee jaar, maar vormt de start van de uitvoering. Daarna begint het pas: we

pagina

8/10

Aanbiedingsnota raad

gaan samen aan de slag met het realiseren van deze Omgevingsvisie. In het eerste kwartaal van 2022 wordt u ter informatie een voorstel aangeboden waarin de uitvoering wordt beschreven. Hierin komen bijvoorbeeld de monitoring en evaluatie aan de orde. Daarmee wordt invulling gegeven aan de beleidscyclus zoals beschreven in de Omgevingswet. Wat gaat het kosten? De kosten voor het opstellen van de Omgevingsvisie, het planMER en de participatie en communicatie komen ten laste van het daarvoor beschikbaar gestelde budget. Extra financiële middelen zijn op dit moment niet nodig. Het project is binnen het budget afgerond. Wel kan het zo zijn dat in de toekomst voor de uitvoering van de Omgevingsvisie, bijvoorbeeld in de vorm van een omgevingsprogramma of een (gebieds-)ontwikkeling financiële middelen nodig zijn. Dit zal u dan apart ter besluitvorming worden aangeboden. De Omgevingsvisie bevat ook een paragraaf over de mogelijkheid van kostenverhaal. Daarin is vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet, ook het wettelijk instrumentarium van kostenverhaal opgenomen. In een nader op te stellen nota kostenverhaal wordt bepaald van welke kosten sprake is en hoe deze binnen de wettelijke kaders verhaald zullen worden op nieuwe ruimtelijke initiatieven.

"In verbinding" Tijdens het hele proces zijn, inwoners, ondernemers, (maatschappelijke) organisaties en andere overheden op vele verschillende manieren betrokken en in de gelegenheid gesteld om mee te denken. Het Plan van Aanpak definitieve Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 beschrijft de wijze waarop de vaststelling van het Participatieverslag ontwerp Omgevingsvisie wordt gecommuniceerd met de indieners van zienswijzen en de definitieve Omgevingsvisie onder de aandacht wordt gebracht en vindbaar wordt gemaakt voor een ieder. Vervolg a. Planning Voor de uitvoering van dit voorstel is geen planning noodzakelijk. In het eerste kwartaal van 2022 wordt u ter informatie een voorstel aangeboden waarin de uitvoering wordt beschreven. Hierin komen bijvoorbeeld de monitoring en evaluatie aan de orde. Daarmee wordt invulling gegeven aan de beleidscyclus zoals beschreven in de Omgevingswet en heeft u de mogelijkheid om op hoofdlijnen te sturen. b. Evaluatie De uitvoering van dit voorstel wordt niet geëvalueerd. In het eerste kwartaal van 2022 wordt u ter informatie een voorstel aangeboden waarin de uitvoering wordt beschreven. Hierin komen bijvoorbeeld de monitoring en evaluatie aan de orde. Daarmee wordt invulling gegeven aan de beleidscyclus zoals beschreven in de Omgevingswet en heeft u de mogelijkheid om op hoofdlijnen te sturen. c.

Communicatie zie hierboven onder het kopje “in verbinding”. Het college van Pijnacker-Nootdorp,

J.P.R. Woudstra secretaris

pagina

9/10

mw. F. Ravestein burgemeester

Aanbiedingsnota raad

pagina

10/10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10677052/2