Raadsvoorstel rekenkameronderzoek energietransitie
Tekst van het document
voorstel raad
zaaknummer
1456533
berichtnummer
1340726
voorstel over portefeuillehouder behandeld op
afdeling behandeld door
Rekenkameronderzoek energietransitie Gemeenteraad (vanuit het college is Frank van Kuppeveld portefeuillehouder) 15 mei 2024
Griffie J.P. van der Haas
besluit
Ja
bijlagen
Onderzoeksrapport Energietransitiebeleid Pijnacker-Nootdorp Infographic Bestuurlijke reactie van het college
Gevraagde beslissing Wij stellen u voor de conclusies van het onderzoek naar het energietransitiebeleid te onderschrijven en de volgende opdrachten aan het college vast te stellen: 1. Gebruik eenduidige terminologie om verwarring over de centrale doelstelling te voorkomen; 2. Neem ook overige broeikasgassen mee in de monitoring van emissies; 3. Maak inzichtelijk hoe de reeds uitgevoerde en voorgenomen maatregelen bijdragen aan de doelstellingen door CO2-reductie te koppelen aan de maatregelen; 4. Heb meer aandacht voor de verduurzaming van de verkeerssector door gerichte maatregelen te overwegen; 5. Overweeg andere bronnen voor hernieuwbare elektriciteit voor meer balans in energievraag en -aanbod en om het doel voor hernieuwbare elektriciteit te realiseren; 6. Benut de organisatieontwikkeling die de gemeente in de komende jaren ondergaat om naar de benodigde capaciteit voor de energietransitie te kijken. Houd rekening met een verwachte toename in benodigde capaciteit; 7. Overweeg om een klimaatbegroting op te stellen die inzicht geeft in zowel de uitgaven (in €) als de opbrengsten (verwachte energie- en CO2-reductie) van maatregelen en projecten. Zet deze in om de rechtmatigheid en doelmatigheid van uitgaven te onderbouwen en structurele financiering van de energietransitie mogelijk te maken; 8.
Stel beleidsindicatoren op waaraan de voortgang van de energietransitie gemeten kan worden, zodat duidelijk wordt wat de opgave is waar de gemeente nog voor staat. Presenteer de voortgang op een overzichtelijke manier; 9. Overweeg de instelling van een klankbordgroep energietransitie, zodat de communicatie met de raad op een structurele manier en op informele basis kan worden vormgegeven. Inleiding In november 2023 heeft de Rekenkamer Pijnacker-Nootdorp haar onderzoek naar de energietransitie in Pijnacker-Nootdorp aangekondigd. Met enige vertraging is het onderzoek pas begin 2024 daadwerkelijk gestart. Het door de rekenkamer ingeschakelde onderzoeksbureau heeft namens de rekenkamer gesproken ambtenaren, wethouder en enkele partijen uit het maatschappelijk middenveld. De gesprekken en de samenwerking met alle partijen zijn goed verlopen. Daarnaast hebben rekenkamer en onderzoeksbureau op 15 februari jl. met een aantal raadsleden gesproken. De fracties die niet aanwezig waren zijn nog in de gelegenheid gesteld om schriftelijk nog opmerkingen, suggesties of anderszins met de rekenkamer te delen. De ontvangen input is vanuit de gesprekken is, anoniem, in het onderzoek verwerkt.
pagina
1/4
Nadat dit gedeelte van het onderzoek is afgerond, begon de fase van wederhoor. Van half maart tot begin april had de ambtelijke organisatie de gelegenheid om feitelijke correcties aan de rekenkamer door te geven. Deze zijn in het onderzoek verwerkt. Vervolgens had het college van half april tot half mei de gelegenheid een politiek-bestuurlijke reactie te geven. Naar aanleiding van de reactie heeft de rekenkamer onder het kopje ‘argumenten’ toegelicht hoe met de opmerkingen van het college is omgegaan. De collegereactie is als bijlage bij de stukken gevoegd. Voor het eerst maakt de rekenkamer ook gebruik van een infographic om de uitkomsten van het onderzoek overzichtelijk inzichtelijk te maken. De infographic is als bijlage bij de stukken gevoegd. Wat willen wij bereiken? Door middel van het vaststellen van de aanbevelingen kan de gemeenteraad (procedurele) uitspraken doen en/of opdrachten aan het college meegeven over het energietransitiebeleid. Argumenten Hoe is tot de aanbevelingen gekomen? Uit het rekenkameronderzoek zijn enkele bevindingen en conclusies gekomen die tot bovenstaande aanbevelingen hebben geleid. Inzet Ten eerste focust de gemeenteraad vooral op CO2, terwijl overige broeikasgassen buiten beschouwing worden gelaten. Daarnaast zet de gemeente in op de sectoren waar de meeste winst is te behalen, zoals de gebouwde omgeving en de glastuinbouw.
Daar staat tegenover dat in de sector verkeer nog niet veel voortgang is geboekt. Bij alle plannen die er zijn, lijkt de inzet op zonne-energie niet voldoende om de doelen voor hernieuwbare elektriciteit te realiseren. Verder komt naar voren dat de samenwerking van de gemeente met externe partijen goed gaat. Capaciteit en uitgaven Een aandachtspunt is de capaciteit binnen de ambtelijke organisatie, die onder druk komt te staan doordat de uitvoering in de komende jaren een vlucht zal nemen. Er is voldoende budget voor uitvoering van de energietransitie, maar er zijn onvoldoende gegevens om uitspraken te doen over efficiëntie van uitgaven. In de bestedingen op het gebied van de energietransitie zijn geen onrechtmatigheden gevonden. Monitoring en communicatie De rekenkamer constateert dat er meer samenhang nodig is in de monitoring van prestaties en effecten. Ook is er vanuit raadsleden uitgesproken dat er behoefte aan meer structurele en actieve communicatie. Collegereactie De reactie van het college op de aanbevelingen laat een gemengd beeld zien. Zij adviseert enkele aanbevelingen over te nemen, waaronder aanbevelingen 1, 8 en 9. Ook adviseert zij enkele aanbevelingen niet over te nemen, namelijk 2, 3, 4, 6 en 7.
Bij aanbeveling 5 is de strekking van de reactie dat deze aanbeveling wordt verwerkt in het te vernieuwen energietransitieplan, echter mist de rekenkamer een planning wanneer dit zal gebeuren. Wat betreft aanbevelingen 2, 3 en 7, waar een zekere samenhang tussen zit, heeft de rekenkamer er begrip voor dat het lastig is de effecten van maatregelen rondom de energietransitie te kunnen meten. Tegelijk acht de rekenkamer het zeer belangrijk om hier inzicht in te krijgen en te monitoren, ook als het gaat om andere emissies dan CO2. Alleen dan kan de gemeenteraad beoordelen of de gemeente op de goede weg is en of het budget goed en efficiënt besteed is, of dat bijstelling van het beleid nodig is.
pagina
2/4
Bij aanbeveling 4 meent de rekenkamer dat de reactie van het college de aanbeveling juist onderstreept. De aanbeveling komt uit het gedane onderzoek voort, juist omdat uit het onderzoek is gebleken dat de huidige inzet onvoldoende lijkt te zijn om de gestelde doelen te behalen. Meer aandacht en inzet is zodoende noodzakelijk. Welke inzet dat is, is uiteraard een politieke afweging, evenals de mogelijkheid om de doelen op dit punt bij te stellen. Bij aanbeveling 6 snapt de rekenkamer dat de capaciteit voor de energietransitie in het bredere perspectief moet worden gezien. Dat is ook precies de strekking van de aanbeveling die de rekenkamer doet: houd oog voor de mogelijk groter benodigde capaciteit en neem dat mee in de ontwikkeling die toch al is ingezet. Kanttekeningen Een van de uitkomsten uit het onderzoek is dat op sommige punten, bijvoorbeeld bij de CO2-effecten van genomen maatregelen, inzicht ontbreekt. Zodoende heeft de rekenkamer niet goed kunnen vaststellen of het vastgestelde beleid met genomen maatregelen voldoende zijn om de doelen te bereiken. Beleidskaders a. Binnen welk programma past het voorgestelde besluit? Dit voorstel raakt aan onder meer wonen, economie, ondernemen en natuur en overstijgt daarmee de diverse programma’s. b. Welke beleidskaders zijn van belang? Verordening Rekenkamer Pijnacker-Nootdorp 2023 c.
Duurzaamheid Het energietransitiebeleid is een uitwerking van de ambities die de gemeenteraad op het gebied van duurzaamheid heeft uitgesproken. Wat gaan wij daarvoor doen? Na vaststelling van de aanbevelingen zijn deze aanbevelingen raadsbesluiten. Het is dan aan het college om de aanbevelingen uit te voeren. De gemeenteraad kan via de MATIS-lijst de voortgang in de gaten houden. De rekenkamer houdt de voortgang zelf eveneens in de gaten. Wat gaat het kosten? Voor het beleid rondom de energietransitie zijn middelen beschikbaar gesteld. In hoeverre deze middelen voldoende zijn om de gestelde doelen te bereiken, is niet duidelijk. “In contact! Samen doen” In het kader van het onderzoek is gesproken met ambtenaren, portefeuillehouder, een afvaardiging van de gemeenteraad en diverse externe partijen. Hun inbreng is, niet herleidbaar naar individuele personen, in het onderzoek verwerkt. Vervolg a. Planning In het raadsbesluit is opgenomen welke aanbevelingen het college uit dient te voeren. Via de MATIS-lijst rapport het college (onder meer) over de voortgang van de aanbevelingen. Verder heeft het college volgens de Gemeentewet de plicht ten minste jaarlijks over de voortgang van de aanbevelingen te rapporteren. Uiteraard kijkt ook de rekenkamer naar de voortgang van de aanbevelingen. Indien nodig bericht zij de raad daarover. b.
Evaluatie De uitvoering van dit voorstel wordt niet geëvalueerd.
pagina
3/4
c. Communicatie Over de uitkomsten van het onderzoek wordt middels een persbericht gecommuniceerd.
De Rekenkamer Pijnacker-Nootdorp, $handtekening2$ Jorden van der Haas secretaris
pagina
4/4
Florus van der Linden2$ voorzitter