Raadsvoorstel Re-integratieverordening 2021
Tekst van het document
Aanbiedingsnota raad
beeldvorming op
3 juni 2021
oordeelvorming op
10 juni 2021
besluitvorming op
24 juni 2021
invullen organisatie zaaknummer
1235701
berichtnummer
1123424
voorstel over portefeuillehouder behandeld in college
Re-integratieverordening 2021 Ilona Jense-van Haarst 11 mei 2021
afdeling
Beleid
besluit
Ja
bijlagen
1. 2. 3.
pagina
1/7
Overzicht herkomst artikelen Advies van de adviesraad sociaal domein over de re-integratieverordening Participatiewet Pijnacker-Nootdorp 2021 Brief reactie college op het advies van de adviesraad sociaal domein
Aanbiedingsnota raad
Gevraagde beslissing Wij stellen u voor vast te stellen de Re-integratieverordening Participatiewet Pijnacker-Nootdorp 2021. Inleiding Op grond van de Participatiewet draagt ons college zorg voor het ondersteunen van inwoners bij het verkrijgen van reguliere arbeid én het aanbieden van voorzieningen om dit mogelijk te maken. Uw raad dient bij verordening regels te stellen ten aanzien van de gemeentelijke re-integratietaak. De voorliggende re-integratieverordening vervangt de Re-integratieverordening Participatiewet gemeente Pijnacker-Nootdorp 2017 en de Verordening loonkostensubsidie Participatiewet gemeente PijnackerNootdorp 2017. Aanleiding De directe aanleiding voor aanpassing van de re-integratieverordening betreft een knelpunt ten aanzien de voorziening beschut werk, bedoeld voor inwoners met een beschut werk indicatie. Dit zijn inwoners met arbeidsvermogen1 die uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben. Het gaat om mensen die een zodanig hoge mate van (structurele) begeleiding of aanpassing van de werkplek nodig hebben, dat niet van een (reguliere) werkgever kan worden verwacht dat hij deze mensen in dienst neemt. Beschut werk is geen dagbesteding. Er is sprake van een dienstverband bij een werkgever.2 De beschut werker ontvangt loon.
Jaarlijks wordt bij ministeriële regeling, per gemeente een minimale taakstelling beschut werk vastgesteld. Dit betekent dat gemeenten inwoners met een indicatie beschut werk verplicht een beschutte werkplek moeten aanbieden zolang de taakstelling nog niet bereikt is. Wanneer er minder indicaties dan de taakstelling zijn heeft dit geen gevolgen. Wanneer er meer indicaties zijn dan de taakstelling is de raad bevoegd additionele dienstbetrekkingen aan te bieden en te bepalen wie hiervoor in aanmerking komt. Met de huidige re-integratieverordening heeft uw raad vastgesteld dat wij beschutte werkplekken aanbieden tot de taakstelling is bereikt. Hierna ontstaat een wachtlijst waarbij de datum van de indicatie de volgorde bepaalt bij het aanbieden van nieuwe werkplekken bij de jaarlijkse verhoging van de taakstelling. Onze taakstelling beschut werk is in 2021 dertien. Anders dan in voorgaande jaren (waarin de taakstelling niet werd bereikt) is de taakstelling in januari 2021 al bereikt. Daarnaast zijn nog tien kandidaten in beeld voor wie beschut werk de enige participatiemogelijkheid lijkt. Inmiddels is een wachtlijst ontstaan die kan oplopen. In het tempo waarin de huidige taakstelling oploopt (gemiddeld 2 per jaar) is een wachtlijst niet zomaar weggewerkt.
Daarnaast geldt voor ons college de verplichting gedurende de wachttijd andere voorzieningen aan te bieden tot het moment dat een beschutte werkplek beschikbaar komt. Dit is gezien de doelgroep met de hoge begeleidingsbehoefte geen makkelijke opgave en doorgaans kostbaar3. De indirecte aanleiding voor aanpassing van de re-integratieverordening betreft het in overeenstemming brengen van de re-integratieverordening met de uitvoering van het eind 2019 vastgestelde plan van aanpak ‘Werken, werken aan en meedoen’. De huidige re-integratieverordening (modelverordening) is vrij summier en doet geen recht (meer) aan de uitgangspunten uit het plan van aanpak ‘Werken, werken aan en meedoen’ en de huidige uitvoeringspraktijk.
1 Er is sprake van arbeidsvermogen wanneer iemand zelfstandig > 30% van het wettelijk minimumloon kan verdienen. 2 Wij hebben overeenkomsten gesloten met de sociale werkbedrijven Werkse! de Binnenbaan en de hoogwerkers (Bloei). 3 Onderzoek levert op dat arbeidsmatige dagbesteding op grond van de Wmo of vergelijkbare oplossingen doorgaans even hoge kosten met zich meebrengen als de voorziening beschut werk (€ 14.000 dagbesteding en € 14.352 voor een bijstandsuitkering).
pagina
2/7
Aanbiedingsnota raad
Doelgroepen De voorliggende re-integratieverordening is voor de volgende vier doelgroepen geschreven: 1.
Personen die behoren tot de doelgroep
2.
Personen die behoren tot de doelgroep loonkostensubsidie
3.
Personen die behoren tot de doelgroep beschut werk
4.
Uitkeringsgerechtigden
Dit zijn inwoners benoemd in doelgroep 2, 3 en 4, maar ook inwoners met een arbeidsongeschiktheidsuitkering of inwoners zonder enige vorm van uitkering die begeleiding nodig hebben bij het vinden van een baan Dit zijn inwoners met een arbeidsbeperking waardoor zij met een voltijdbaan niet in staat zijn het wettelijk minimumloon te verdienen Dit zijn inwoners als benoemd in doelgroep 2 maar uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben. Dit zijn inwoners met een Participatiewet uitkering, Ioaw- of Ioaz uitkering
Wijzigingen De voorliggende re-integratieverordening is behoorlijk gewijzigd ten opzichte van de huidige reintegratieverordening. Hierdoor is het opstellen van een zogenaamde ‘was-wordt’ niet mogelijk. De verordening is als volgt opgebouwd: 1. 2.
3. 4.
Nieuwe artikelen met rechtsgevolgen voor onze inwoners Nieuwe artikelen zonder rechtsgevolgen voor onze inwoners Artikelen die zijn overgenomen uit de reintegratieverordening 2017 Artikelen die zijn overgenomen uit de verordening loonkostensubsidie 2017
Het gaat hierbij om hele nieuwe artikelen en/ of voorzieningen Het gaat hierbij om artikelen en/of voorzieningen die al worden toegepast in de uitvoering. Het betreft dus het formaliseren van de bestaande uitvoeringspraktijk Al dan niet met een tekstuele aanpassing (verduidelijking) Al dan niet met een tekstuele aanpassing (verduidelijking)
In de bijlagen is een overzicht opgenomen waaruit de herkomst van de artikelen blijkt. Wat willen we bereiken? We willen de verordening in overeenstemming brengen met het in 2019 vastgestelde plan van aanpak ‘Werken, werken aan en meedoen’ en de huidige uitvoeringspraktijk. Daarnaast willen we additionele beschut werkplekken aanbieden en een enkele omissie herstellen. De belangrijkste wijzigingen worden hieronder gemotiveerd: Artikel 9: verplichtingen Voor iedere uitkeringsgerechtigde geldt de verplichting om alles in het werk te stellen om zijn bijstandsafhankelijkheid op te heffen. Wanneer het voor een uitkeringsgerechtigde (nog) niet mogelijk is om algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen of te aanvaarden, geldt voor hem de reintegratieplicht. Het college kan hiernaast nog aanvullende verplichtingen opleggen om de kans op succesvolle participatie te vergroten. In de huidige uitvoeringspraktijk is dit een individuele beoordeling. Door deze verplichtingen in de verordening op te nemen wordt het algemeen belang van deze verplichtingen door uw raad bekrachtigd. Overigens blijven de verplichtingen genoemd in de lidnummers 2, 3 en 4 een individuele beoordeling.
pagina
3/7
Aanbiedingsnota raad
Artikel 10 en artikel 18: Participatieplaats en aanbieden scholing en premie participatieplaats Ons college mag inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt met behoud van uitkering onbeloonde additionele werkzaamheden laten verrichten. Dergelijke werkzaamheden worden ook wel participatieplaatsen genoemd. In de Participatiewet is geregeld dat inwoners die werkzaamheden verrichten op een Participatieplaats ieder half jaar een premie moeten ontvangen. Daarnaast is geregeld dat deze inwoners na een half jaar een opleiding of scholing moet worden aangeboden om het toekomstperspectief te vergroten. De raad moet hiervoor bij verordening regels stellen. De huidige verordening bevat geen regels over de voorziening Participatieplaats, noch regels over een premie en/of het aanbieden van scholing. Vanuit de uitvoering bestaat de wens inwoners die deelnemen aan trajecten zoals ‘de fietsenstalling’ en ‘onderhoud openbare ruimte’ een premie toe te kennen en hen perspectief te bieden door middel van het bieden van scholing en/of een opleiding. Praktijkleren en bedrijfsscholen gericht op kansrijke sectoren worden hierbij sterk aanbevolen. Door het opnemen van de artikelen 10 en 18 in de verordening is bovenstaande omissie hersteld. Aan uw raad wordt daarom voorgesteld de premie vast te stellen op € 300 per half jaar.
De overweging hierbij is dat dit een voldoende prikkel biedt en niet concurreert met het wettelijk minimumloon. Artikel 23: ondersteuning leer-werktraject Werkgevers komen in aanmerking voor loonkostensubsidie (artikel 28 van de verordening) als zij personen in dienst nemen die behoren tot de doelgroep loonkostensubsidie (zie tevens de uitleg in alinea ‘wat gaat het kosten’). Uit de Participatiewet blijkt dat MBO-leerlingen van 16 en 17 jaar die de beroepsbegeleidende leerweg (BBL-traject) volgen niet in aanmerking komen voor de voorziening loonkostensubsidie. Als gevolg hiervan zouden BBL-leerlingen met een arbeidsbeperking slechts moeizaam in aanmerking komen voor een betaalde stageplek. Hierdoor ontstaat het risico dat deze, toch al kwetsbare inwoners, hun startkwalificatie niet kunnen behalen of hun opleiding niet af kunnen afronden. Dit vraagstuk speelt met name bij BBL-entreeonderwijs (MBO-1). De staatssecretaris heeft in Verzamelbrief 2016-2 onder punt 11 aangegeven dat het college de werkgever voor BBL-leerlingen van 16- en 17-jarigen via artikel 10f van de wet van loonkostensubsidie kan voorzien (artikel 23: ondersteuning bij leer-werktraject).
Om het toekomstperspectief van deze jongeren te vergroten wordt aan de raad gevraagd, conform de oplossing van de staatssecretaris, via artikel 23 vergoeding van loonkostensubsidie aan 16- en 17-jarige BBL-leerlingen met een arbeidsbeperking mogelijk te maken. Artikel 24: additionele inzet beschut werk + instrumenten wachtlijst Zoals vermeldt bij de aanleiding is in onze gemeente een grotere behoefte aan beschut werkplekken dan de taakstelling. Om de toestroom richting de voorziening beschut werk beheersbaar te houden zijn de volgende werkafspraken gemaakt: Er wordt bij nieuwe aanmeldingen nog bewuster/scherper gekeken naar de gevraagde indicatie en de mogelijkheden van de inwoners, zowel aan de bovenkant als aan de onderkant. Voor de ‘betere’ kandidaten wordt voor de aanvraag indicatie beschut werk een garantiebaan geprobeerd (bedoelt voor inwoners met een arbeidsbeperking die wél met begeleiding in een reguliere baan kunnen werken). Dit is niet helemaal zonder risico: inwoners én werkgevers kunnen worden overvraagd; Er wordt in samenwerking met de SW-bedrijven (zijnde de werkgevers van beschut werkers) nog bewuster/scherper naar de inzet van de huidige beschutte werkplekken gekeken, zowel aan de bovenkant (doorstroom-mogelijkheden) als aan de onderkant. Dit is echter geen kortetermijnoplossing.
Omdat de doelgroep nog moet ‘leren’ werken ontstaat vaak pas na jaren een realistisch beeld over de capaciteiten van de doelgroep. Voor een deel van de huidige tien aanmeldingen zal een indicatieaanvraag beschut werk echter onvermijdelijk zijn. Om ervoor te zorgen dat deze kwetsbare inwoners werkzaamheden kunnen
pagina
4/7
Aanbiedingsnota raad
verrichten die passen bij hun capaciteiten (en hiermee te voorkomen dat zij op de wachtlijst belanden of -in het ergste geval- op de bank belanden) wordt aan de raad gevraagd vijf additionele beschut werkplekken beschikbaar te stellen. Argumenten De Re-integratieverordening Participatiewet Pijnacker-Nootdorp 2021 sluit aan op het plan van aanpak ‘Werken, werken aan en meedoen’ De Re-integratieverordening Participatiewet Pijnacker-Nootdorp 2021 bevat een compleet pakket aan voorzieningen voor inwoners met een korte afstand tot de arbeidsmarkt, voor inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en inwoners met een arbeidsbeperking. Hiermee sluit de verordening aan bij het plan van aanpak ‘Werken, werken aan en meedoen’ waarin het uitgangspunt is opgenomen dat het participatiebudget evenwichtig moet worden ingezet op de verschillende doelgroepen (niet alleen op kansrijke inwoners). Daarnaast wordt met de gevraagde inzet van vijf additionele beschut werkplekken de ontstane wachtlijst weggewerkt en is ruimte om de groeiende vraag op te vangen. Inwoners met een indicatie beschut werk kunnen hierdoor participeren op een manier die past bij hun capaciteiten en mogelijkheden. Tenslotte wordt de omissie ten aanzien van het ontbreken van regelgeving met betrekking tot de premie en het aanbieden van scholing en/of een opleiding bij deelname aan een participatieplaats hersteld.
Gevraagd wordt de hoogte van de halfjaarlijkse premie vast te stellen op € 300. Kanttekeningen Het budget SW biedt (slechts) ruimte voor vijf additionele beschut werkplekken. Met de groeiende behoefte aan beschut werkplekken bestaat het risico dat deze plekken binnen afzienbare tijd zijn ingevuld en dat alsnog een wachtlijst ontstaat. De gemaakte werkafspraken (zie alinea ‘wat willen we bereiken – artikel 24’) zijn bedoeld om de toestroom richting beschut werk beheersbaar te houden. Hier hebben we tot op zekere hoogte invloed op. Inwoners kunnen namelijk ook zonder tussenkomst van de gemeente een beschut werk indicatie aanvragen. Dit gebeurde in het verleden wel eens door PRO-VSO scholen. Met deze scholen zijn inmiddels werkafspraken gemaakt, waarbij een NAB-consulent vroegtijdig bij een jongere wordt betrokken wanneer de school een uitstroomprofiel beschut werk vermoedt. Beleidskaders a. Binnen welk programma past het voorgestelde besluit? Programma 7. Individuele voorzieningen b. Welke beleidskaders zijn van belang? De Participatiewet c. Duurzaamheid Met de voorzieningen uit de re-integratieverordening 2021 ondersteunen en begeleiden wij inwoners bij duurzame terugkeer op de arbeidsmarkt. Of waar werken (nog) niet mogelijk is, met andere zinvolle maatschappelijk nuttige activiteiten. Dit bevordert de zelfredzaamheid en maakt dat inwoners positie krijgen in de samenleving.
Onderzoek wijst uit dat werken, ook als dit (nog) niet betaald is, de gezondheidsbeleving en het welbevinden verbetert. Wat gaan wij daarvoor doen? Na vaststelling van de re-integratieverordening kunnen we beschut werkplekken aanbieden aan inwoners met een indicatie beschut werk die momenteel op de wachtlijst staan. Tevens is ruimte om een groeiende vraag op te vangen. Daarnaast gaan we aan inwoners die deelnemen aan de voorziening participatieplaats een halfjaarlijkse premie verstrekken en scholing of een opleiding aanbieden.
pagina
5/7
Aanbiedingsnota raad
Tevens worden de beleidsregels re-integratie Participatiewet Pijnaker-Nootdorp in overeenstemming gebracht met de nieuwe re-integratieverordening. We verwachten dit in het najaar af te ronden. Wat gaat het kosten? Premie en scholing en/of opleiding voorziening Participatieplaats: De financiële gevolgen voor inzet van de premie en scholing en/of opleiding bij de voorziening participatieplaats worden geraamd op € 10.000 per jaar. Deze kosten kunnen worden gedekt binnen bestaande budgetten. Loonkostensubsidie voor 16- en 17-jarige BBL-leerlingen: De financiële gevolgen voor de inzet van loonkostensubsidie voor 16- en 17-jarige BBL-leerlingen worden geraamd op € 10.000 per jaar. Deze kosten kunnen worden gedekt binnen bestaande budgetten. Beschut werk: Voor de bekostiging van beschut werk ontvangen we middelen voor twee doeleinden: Voor de betaling van loonkostensubsidie: deze subsidie is bedoeld voor de werkgever ter compensatie van de verminderde loonwaarde. De loonwaarde wordt door een onafhankelijke partij gemeten. Het verschil tussen de loonwaarde en het wettelijk minimumloon wordt (maandelijks) als loonkostensubsidie aan de werkgever uitbetaald. Wij ontvangen hiervoor jaarlijks een bedrag via het BUIG-budget. Dit budget is dekkend.
Voor de betaling van begeleidingskosten: deze vergoeding is bedoeld voor de werkgever ter bekostiging van de extra begeleidingskosten van een beschut werker. Wij ontvangen jaarlijks via de integratie uitkering Participatie een bedrag van € 7.700 per beschutte werkplek. N.b. dit bedrag is niet dekkend. De prijzen van begeleidingskosten zijn in de praktijk namelijk ruim € 5.000 hoger. De kosten voor de inzet van begeleidingskosten voor vijf additionele werkplekken worden geraamd op € 67.500 (5 x gemiddelde kostprijs begeleidingskosten). Deze kosten kunnen worden gedekt binnen het bestaande budget SW. Dit is als volgt berekend: Beschikbaar budget SW ten opzichte van de jaarrekening Af: correcties 2019 Af: verhoogde taakstelling 2021 + tariefverhogingen 2021 Resteert ten behoeve van additionele inzet
€ 178.431 € 32.492 € 58.508 € 87.434
De jaarlijkse oplopende Rijksbijdrage van € 7.700 per beschut werkplek is in het verleden niet in de begroting verwerkt. Met de inzet van de vijf additionele beschut werkplekken biedt het budget SW vanaf 2022 geen ruimte meer de kosten voor de jaarlijkse oplopend taakstelling te dekken (gemiddeld twee per jaar). Dekking van de jaarlijks oplopende taakstelling (gemiddeld twee per jaar) leidt tot extra uitgaven die niet in de begroting zijn opgenomen. Echter dit leidt ook tot extra inkomsten die ook niet in de begroting zijn opgenomen. Bij de behandeling van de programmabegroting 2022 zal aan uw raad worden voorgesteld het budget SW jaarlijks op te hogen met de € 15.500 (zijnde de Rijksbijdrage begeleidingskosten beschut werk) en dit kostenneutraal te verwerken door de inkomsten met ditzelfde bedrag te verhogen. N.b. Alhoewel de rijksbijdrage niet kostendekkend is nemen de kosten voor Wsw af, waardoor dit elkaar naar verwachting opheft.
pagina
6/7
Aanbiedingsnota raad
"In verbinding" De Re-integratieverordening Participatiewet Pijnacker-Nootdorp 2021 is ter advisering aan de adviesraad sociaal domein (ASD) voorgelegd. Op 27 april 2021 is een positief advies ontvangen. Dit advies luidt kort samengevat: Volgens de ASD ligt een gedegen document voor, met een heldere beschrijving van rechten en plichten, alsmede het gehele instrumentarium aan in te zetten voorzieningen. De ASD constateert dat onze gemeente de laatste jaren meer nadruk legt op het naar passend werk begeleiden van uitkeringsgerechtigden. Dat is volgens de ASD een goede zaak. Essentieel voor deze aanpak is de beschikbaarheid van een breed instrumentarium aan voorzieningen, zowel voor de werkgever als voor de werkzoekende. Volgens de ASD wordt die focus op passend werk nu ook vastgelegd in de verordening. De ASD benoemd een drietal aandachtpunten: - het beschikbaar houden van het aanbod beschut werk voor inwoners zonder groeipotentie; - de inzet van reiskosten bij scholing; - de verplichting mee te werken aan een medische behandeling. Ons college herkent deze aandachtspunten. In de bijgevoegde brief wordt op het advies van de ASD gereageerd en wordt ingegaan op de genoemde aandachtspunten. Vervolg a. Planning Voor de uitvoering van dit voorstel is geen planning noodzakelijk. De verordening treedt na vaststelling en publicatie per 1 juli in werking. b.
Evaluatie De uitvoering van dit voorstel wordt niet geëvalueerd. Over de inzet van re-integratievoorzieningen wordt, zoals te doen gebruikelijk, gerapporteerd via het jaarverslag Participatie. Het jaarverslag over de inzet van re-integratievoorzieningen in 2021 kunt u medio mei 2022 verwachten. c. Communicatie Over de Re-integratieverordening Participatiewet Pijnacker-Nootdorp 2021 en de wijzigingen ten opzichte van de oude verordening wordt gecommuniceerd met de medewerkers die met de uitvoering belast zijn; De regeling wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad (overheid.nl). Het college van Pijnacker-Nootdorp,
H. Hulswit secretaris (plv.)
pagina
7/7
mw. F. Ravestein burgemeester