CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel ontwerp Omgevingsvisie en planMER

Raad Besluitvorming 27 mei 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Ontwerp-Omgevingsvisie3.482 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanbiedingsnota raad 12 mei 2021

beeldvorming op oordeelvorming op

19 mei 2021

besluitvorming op

27 mei 2021

invullen organisatie zaaknummer

1240976

berichtnummer

1118997

voorstel over portefeuillehouder behandeld in college

ontwerp Omgevingsvisie en planMER Ilona Jense-van Haarst 13 april 2021

afdeling

Beleid

besluit

Ja

bijlagen

1. Plan van Aanpak communicatie en participatie ontwerp-omgevingsvisie en bijbehorend planMER (kenmerk 1300558 )

pagina

2.

het planMER omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 met bijlage

3.

het ontwerp van de omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050: ‘Verbonden met elkaar’

1/7

Aanbiedingsnota raad

Gevraagde beslissing Wij stellen u voor: 1. het ontwerp van de omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 ‘Verbonden met elkaar’ vast te stellen en 2. het ontwerp van de omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050 en het planMER met bijlagen vrij te geven voor zienswijzen en ter inzage te leggen. Inleiding De omgevingsvisie is het belangrijkste strategische document voor de fysieke leefomgeving. Hierin legt de gemeente haar ambities en doelstellingen voor de lange termijn vast. Om richting en sturing te geven aan het proces waarlangs de omgevingsvisie tot stand komt, heeft u in februari 2019 een startnotitie vastgesteld. Daarin staan zes stappen beschreven: 1. Het Fundament: Dit document schetst een beeld van hoe de gemeente er op dat moment (juni 2019) voor staat. Daarbij gaat het om feitelijke gegevens en data, maar ook om de waarden. Wat vinden we belangrijk, waar hechten we aan en wat

2.

willen we bewaren en versterken? Deze feiten zijn de basis geweest voor het bepalen van de kansen en opgaven voor de toekomst. De Vloer: In januari 2020 heeft de gemeenteraad integrale toekomstperspectieven met samenhangende ruimtelijke keuzes richting 2050 vastgesteld. De Vloer bestaat uit elf toekomstperspectieven over het gebruik van de ruimte. De perspectieven

3.

kunnen niet los van elkaar worden gezien en beschrijven effecten op of bijdragen aan de samenleving. Dit document is de basis geweest voor het gesprek met de samenleving. De Muren: In oktober en november 2020 heeft aan de hand van het Panorama Pijnacker-Nootdorp 2020 digitaal het gesprek met de samenleving plaatsgevonden. In het participatieverslag De Muren staat hoe we dat hebben gedaan, wat we hebben gedaan en natuurlijk een impressie van de resultaten.

4. Het Dak: Dit is het ontwerp van de omgevingsvisie. Hierin brengen we de informatie uit de eerste drie stappen samen en vertalen we dat naar een visie voor 2050. Dit ontwerp ligt nu voor aan de gemeenteraad met het voorstel om dit vast te

5.

stellen. Tevens kan de gemeenteraad kennisnemen van het bijbehorend planMER. Beide stukken moeten tegelijkertijd ter inzage worden gelegd. De Afbouw: Wanneer het ontwerp van de omgevingsvisie is vastgesteld wordt dit met het bijbehorend planMER ter inzage gelegd. Dan vragen we de samenleving of het ontwerp herkenbaar, uitnodigend en compleet is. We maken een Panorama

6.

Pijnacker-Nootdorp 2050 en bieden een ieder de gelegenheid om een zienswijze in te dienen. In bijlage 1 vindt u het Plan van Aanpak communicatie en participatie ontwerp omgevingsvisie en planMER. De Oplevering: In deze laatste stap verwerken we de zienswijzen die zijn ontvangen op het ontwerp van de omgevingsvisie en/of op de planMER. Ook het toetsingsadvies van de Commissie voor de m.e.r. is daar een onderdeel van. Dat kan betekenen dat er nog wijzigingen komen. We maken een verslag van alle zienswijzen en laten zien wat we daarmee hebben gedaan. Uiteindelijk stelt de gemeenteraad de omgevingsvisie en het planMER vast.

Voor u ligt dus het resultaat van de vierde stap en dat is het ontwerp van de omgevingsvisie PijnackerNootdorp 2050 ‘Verbonden met elkaar’ en het bijbehorend planMER. Daarin is alle informatie uit de eerste drie stappen gebruikt en (mede) op basis daarvan een visie voor Pijnacker-Nootdorp in 2050 opgesteld. De omgevingsvisie moet een zelfstandig leesbaar document zijn. Natuurlijk vormen Het Fundament, De Vloer en De Muren een aanvulling en verdieping, maar om de omgevingsvisie te begrijpen is het niet noodzakelijk daar kennis van te nemen. Opbouw omgevingsvisie De omgevingsvisie is als volgt opgebouwd. Eerst wordt beschreven hoe Pijnacker-Nootdorp er voor staat. Daarbij hebben we aandacht voor de ruimtelijke, sociale en economische structuur. Vanuit de analyse van het bestaande worden de opgaven voor de toekomst belicht en wordt het instrument dat centraal komt te staan bij (ruimtelijke) vragen geïntroduceerd: Het Kompas voor Pijnacker-Nootdorp. Met het kompas als uitgangspunt schetst de omgevingsvisie vervolgens het toekomstbeeld voor de gemeente aan de hand van vier ontwikkelingslijnen: 1. Onderscheidend groen 2. Een karakteristieke woon- en leefomgeving 3. Een aantrekkelijk economisch vestigingsklimaat voor inwoners en ondernemers 4. Een veerkrachtige leefomgeving voor mensen, planten en dieren

pagina

2/7

Aanbiedingsnota raad

Deze ontwikkelingslijnen zijn ontstaan vanuit de opgaven waar wij met elkaar voor staan. De gebiedsprofielen laten vervolgens zien wat de ambities uit de ontwikkelingslijnen betekenen voor specifieke gebieden. Dit laten we zien in woord, maar vooral ook in beeld. Ieder gebiedsprofiel heeft een eigen beeld en samen vormen deze beelden het Panorama Pijnacker-Nootdorp voor 2050. De visie wordt afgesloten met de vervolgstappen die nodig zijn voor de uitvoering en realisatie van de beschreven ambities. Het vaststellen van de omgevingsvisie is de start voor het werken mét en áán de visie. We hopen u de omgevingsvisie en planMER in november van dit jaar ter vaststelling te kunnen aanbieden Wat willen wij bereiken? Dit voorstel heeft meerdere doelen. Ten eerste stellen we u voor om het ontwerp van de omgevingsvisie vast te stellen. Daarmee geeft u aan inhoudelijk achter deze visie te staan en dat u graag aan de inwoners, ondernemers, (maatschappelijke) partners en overige partijen vraagt of dit een uitnodigend, herkenbaar compleet beeld geeft van Pijnacker-Nootdorp in 2050. Een toekomstbeeld om samen met inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) partners aan te gaan werken. Ten tweede willen we met dit voorstel bereiken dat u kennisneemt van het planMER.

Door middel van een uitgebreide analyse van de huidige situatie, de autonome ontwikkeling en het scenario waarin de effecten van de omgevingsvisie in beeld zijn gebracht, heeft het milieu een volwaardige plek gekregen in de ontwikkeling van de visie op de fysieke leefomgeving tot 2050. De derde doelstelling die we met dit voorstel hebben is dat u zowel het ontwerp van de omgevingsvisie als het planMER vrijgeeft voor inspraak. Dit is de manier waarop we aan de samenleving willen vragen of het ontwerp van de visie herkenbaar, uitnodigend en compleet is en of het planMER aan de daaraan gestelde eisen voldoet. De wijze waarop we dit willen doen is beschreven in het Plan van Aanpak communicatie en participatie ontwerp omgevingsvisie en planMER (kenmerk 1300558). Argumenten 1.1 Uitvoering van de startnotitie De startnotitie beschrijft de wijze waarop we tot een vastgestelde omgevingsvisie willen komen. Met het voorliggende document geven we invulling aan de vierde stap. In het ontwerp (Het Dak) is alle informatie gebruikt om te komen tot een uitnodigende en inspirerende visie van onze gemeente in 2050. Daarbij zijn de producten uit de eerste drie stappen bouwstenen geweest, maar is ook verbinding gelegd met bestaande en in ontwikkeling zijnde (beleids-)visies die betrekking hebben op of invloed hebben op de fysieke leefomgeving.

Ook met actuele en steeds in beweging zijnde processen en producten zoals het Energietransitieplan, dat in dezelfde raadscyclus wordt behandeld, is afstemming gezocht. 1.2 Verbonden met elkaar: inhoudelijke en procesmatige ambitie als basis De titel van het Hoofdlijnenakkoord en de bijbehorende Uitvoeringsagenda luidt: Verder in verbinding. We zijn ons wellicht meer dan ooit bewust van het feit dat we als gemeente, als samenleving, als individu of als ondernemer niet op onszelf staan. We staan op zoveel manieren met elkaar in verbinding en dat maakt ons fysiek, mentaal en ruimtelijk rijker en sterker. Niet alleen in relaties, (sociale en professionele) netwerken en participatie, maar ook in keuzes voor de fysieke leefomgeving. De inhoudelijke focus voor deze omgevingsvisie is het versterken van de verbinding tussen gebieden en thema’s. Door het denken in gebieden met doelstellingen om te vormen naar het denken in netwerken van gebieden, functies en relaties die elkaar kunnen versterken, streven we naar meer samenhang in de fysieke leefomgeving. Met een geleidelijke transformatie, herinrichting of herstructurering van gebieden gaan deze uiteindelijk functioneren als geheel en vullen ze elkaar aan waar dat mogelijk is.

Het zorgt voor een toename van het draagvlak voor functies van gebieden en bovenal een compacte en aantrekkelijke leefomgeving met multifunctioneel gebruik als oplossing voor de beperkt beschikbare ruimte. Daarbij kijken we niet alleen naar de ruimte boven de grond, maar ook naar de ondergrond. Het

pagina

3/7

Aanbiedingsnota raad

resultaat is een integraal samenwerkend geheel zonder gebieden die niet of beperkt van waarde zijn voor de directe omgeving en de regio. Procesmatig vertalen we de verbinding niet alleen naar de communicatie en participatie tijdens het opstellen van de omgevingsvisie, maar kijken we ook naar hoe we in de toekomst gaan werken met de omgevingsvisie. Na vaststelling van het definitieve document eind dit jaar begint het werk immers pas. In de omgevingsvisie is daarom een eerste aanzet gegeven voor de manier waarop we dat voor ons zien. Met toepassing van de instrumenten uit de Omgevingswet, de rol van de gemeente en de rol van de samenleving en andere partners. 1.3 Vaststellen onder de Wet ruimtelijke ordening, maar klaar voor de Omgevingswet Met het voor u liggende ontwerp van de omgevingsvisie (en het bijbehorend planMER) loopt PijnackerNootdorp vooruit op de nieuwe Omgevingswet. De geplande invoeringsdatum van deze wet is 1 januari 2022. Aangezien onze planning voorziet in vaststelling van de omgevingsvisie (en het bijbehorend planMER) voor het eind van dit jaar, betekent het dat de documenten moeten voldoen aan de nu geldende wetgeving zoals de Wet ruimtelijke ordening en de Wet milieubeheer. Aangezien de omgevingsvisie (net als een structuurvisie) een vormvrij document is, is er veel ruimte om reeds nu al te voldoen aan de eisen van de Omgevingswet.

Belangrijkste verschil tussen een structuurvisie (huidige wetgeving) en een omgevingsvisie (nieuwe wetgeving) is de reikwijdte. Een structuurvisie gaat vooral over een goede ruimtelijke ordening. Een omgevingsvisie kijkt naar de hele fysieke leefomgeving, waardoor ook elementen als veiligheid, gezondheid, omgevingsfactoren (milieu) en duurzaamheid onderdeel uitmaken van de samenhangende benadering van de leefomgeving. 1.4 Verwerking diverse onderwerpen uit de MoTS-lijst In de afgelopen periode is van drie onderwerpen toegezegd dat deze een plek krijgen in de omgevingsvisie. Het betreft natuurinclusief bouwen (T2019.25), donkerte (T2020.31) en lichtemissie (T2020.32). Aan deze drie aspecten is aandacht besteed in de omgevingsvisie. Zo is de ambitie voor natuurinclusief bouwen benoemd en uitgewerkt in een begripsomschrijving en zijn er gebieden aangewezen waar we ons inzetten voor stilte en donkerte en gebieden waar geluid en licht meer ruimte krijgen. Door dit in de omgevingsvisie op te nemen is de ambitie of doelstelling bepaald en kan hier later, in bijvoorbeeld een omgevingsprogramma, concrete uitwerking aan worden gegeven. Daarom beschouwen wij deze toezeggingen als afgehandeld.

2.1 Nieuwe vormen van participatie, experimenteren en leren De dialoog met de samenleving in oktober en november 2020 heeft (door corona) noodgedwongen anders plaatsgevonden dan we vooraf met elkaar hadden bedacht. Dit heeft er gelukkig niet toe geleid dat we minder mensen hebben bereikt. Er zijn veel bezoekers aan het Panorama Pijnacker-Nootdorp 2020 geweest, veel antwoorden gegeven en tientallen beelden ontvangen. Het Plan van Aanpak communicatie en participatie ontwerp omgevingsvisie en planMER (toegevoegd als bijlage 1) laat zien op welke wijze we het ontwerp van de omgevingsvisie onder de aandacht van de samenleving en partners van Pijnacker-Nootdorp willen brengen. De insteek blijft dat iedereen mee moet kunnen denken en doen. Daarom maken we opnieuw een visueel en toegankelijk Panorama Pijnacker-Nootdorp 2050 dat de omgevingsvisie verbeeldt. Dit Panorama maakt integraal deel uit van de omgevingsvisie in de vorm van de gebiedsprofielen. Ieder gebiedsprofiel bestaat uit beelden die een vertaling zijn van een ambitie uit de omgevingsvisie. Verder zetten we de communicatie breed in met een toegankelijk palet aan communicatiemiddelen, passend bij de maatregelen rondom corona.

2.2 Bouwen aan een gedragen omgevingsvisie U heeft bij de start van dit proces de wens uitgesproken om zoveel mogelijk mensen en organisaties hun mening te laten geven over (het ontwerp van) de omgevingsvisie. Van bekende en actieve inwoners, ondernemers en organisaties tot de zwijgende meerderheid die zo lastig te bereiken is. Daarmee wilt u een zo goed mogelijk beeld hebben van wat er leeft in de samenleving. Bovendien leggen we daarmee een basis voor de uitvoering van de omgevingsvisie. Hoe breder de herkenning van de ambities en doelstellingen, hoe meer kansen op (gezamenlijke) realisatie. Ook in deze fase van het ontwerp willen

pagina

4/7

Aanbiedingsnota raad

we graag invulling geven aan uw wensen omtrent participatie. Het is geen gemakkelijke opgave. De omgevingsvisie blijft abstract, complex en staat soms ver van de belevingswereld van drukbezette inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) partners. Daarom gaan we ook nu op verschillende en manieren het (digitale) gesprek aan. In aanvulling op de eerdere dialoog met de samenleving breiden we de participatie en communicatie uit met digitale presentaties. We geven dan digitaal een toelichting op de visie, aan de hand van beelden uit het Panorama. Belangstellenden kunnen vragen stellen in de chat. 2.3 Het milieu een volwaardige plek in de besluitvorming De directe aanleiding voor het opstellen van het planMER is dat de omgevingsvisie mogelijk kaderstellend is voor activiteiten die benoemd staan in bijlage C en D van het besluit m.e.r. De meest concrete aanleiding is dat de omgevingsvisie het mogelijk maakt om in totaal (en in samenhang beschouwd) meer dan 2000 woningen en daarbij behorende voorzieningen (gefaseerd) te realiseren. Daarnaast is het planMER een instrument dat bij uitstek geschikt is om het milieu een volwaardige plek te geven in de besluitvorming. Naast het feit dat het een schat aan informatie bevat over de huidige situatie en de autonome ontwikkeling heeft steeds interactie plaatsgevonden tussen het planMER en het ontwerp van de omgevingsvisie.

Dat heeft een duidelijke meerwaarde. De processen van het opstellen van de omgevingsvisie en de beoordeling van de effecten op het milieu zijn in hoge mate met elkaar verweven. Het planMER is gebruikt om vorm en inhoud te geven aan het ontwerp van de omgevingsvisie. Vervolgens is het ontwerp van de omgevingsvisie uiteindelijk beoordeeld in het planMER dat u hierbij wordt aangeboden. De procedure van een planMER is zodanig dat u (als het bevoegd gezag) het document pas vaststelt wanneer de procedure correct en volledig is doorlopen en de gegevens in het MER redelijkerwijs aan het uiteindelijke plan ten grondslag kunnen worden gelegd. Dat staat in artikel 7.13 van de Wet milieubeheer. In artikel 7.10 van dezelfde wet is bepaald dat het milieueffectrapport gereed is op het moment dat het ontwerp van het plan (in dit geval het ontwerp van de omgevingsvisie) ter inzage wordt gelegd. Het moet een herkenbaar onderdeel zijn van het plan en mag dus ook bij de omgevingsvisie worden gevoegd. Daarom spreken we vaak over het bijbehorend planMER. Dat betekent dat het planMER tegelijkertijd met het ontwerp van de omgevingsvisie ter inzage moet worden gelegd. Dan kunnen zienswijzen worden ingediend en wordt advies gevraagd aan de commissie voor de m.e.r.

Deze zienswijzen en het advies kunnen leiden tot aanpassingen in de vast te stellen omgevingsvisie en mogelijk tot een aanvulling op het planMER. Kanttekeningen 1.1 Werken en leren tegelijkertijd: uitvoering van de omgevingsvisie De Omgevingswet is nog niet in werking getreden en we zijn als gemeente volop bezig met de voorbereiding op deze nieuwe wet. Dat betekent ook dat nog niet alle keuzes zijn gemaakt over de inzet, het gebruik en de structuur van de omgevingsprogramma’s en/of het omgevingsplan. De omgevingsvisie doet aanbevelingen die bij de uitwerking van deze instrumenten meegenomen kunnen worden. Daarnaast is in de omgevingsvisie een hoofdstuk opgenomen over kostenverhaal. De Omgevingswet biedt meer en andere vormen van kostenverhaal. Door dit nu al in de omgevingsvisie op te nemen, kan dit later verder worden uitgewerkt in bijvoorbeeld een Nota Kostenverhaal en omgevingsprogramma’s. 2.1 Actie en reactie lopen niet altijd samen op We ondernemen op verschillende manieren actie waarmee we inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) partners vragen of zij het ontwerp van de omgevingsvisie uitnodigend, herkenbaar en compleet vinden. Deelname kan op allerlei manieren, waardoor het zo toegankelijk mogelijk wordt gemaakt.

Het succes van deze acties is niet alleen afhankelijk van de uitnodiging van de gemeente, maar ook van de bereidheid en tijd van een ieder om hierop in te gaan. Met een breed en complex onderwerp als een visie tot 2050 of een planMER is het soms lastig om te enthousiasmeren. Met de in Plan van Aanpak communicatie en participatie opgenomen werkwijze denken we manieren te hebben gevonden waardoor iedereen die dat wil geïnformeerd kan zijn en, indien daar aanleiding voor is, kan reageren.

pagina

5/7

Aanbiedingsnota raad

2.2 Het planMER is een complex en uitgebreid document Het planMER richt zich alleen op de omgevingsvisie en beschrijft en verantwoordt de resultaten van dit proces. Omdat de omgevingsvisie een integrale visie voor de fysieke leefomgeving van het gehele gemeentelijke grondgebied betreft is dit ook het schaalniveau voor het planMER. Door hierbij ook thema’s zoals duurzaamheid, klimaatadaptatie, gezondheid, wonen, werken, groen, mobiliteit en veiligheid mee te laten wegen, is een vernieuwende m.e.r.-aanpak nagestreefd. Dit heeft geleid tot uitgebreid rapport met heel veel informatie, die gebruikt is bij het opstellen van het ontwerp van de omgevingsvisie. Het is echter onvermijdelijk gebleken dat het een omvangrijk en complex rapport is dat, ondanks de inzet om alles zo helder en duidelijk mogelijk te beschrijven, toch veel kennis vraagt van de lezer. Beleidskaders a. Binnen welk programma past het voorgestelde besluit? Programma 1. Ruimte en Wonen b. Welke beleidskaders zijn van belang? Bij het opstellen van zowel het planMER als het ontwerp van de omgevingsvisie is gebruik gemaakt van vele beleidsnotities. Van Natuur op de kaart tot de Woonvisie en van de Economische Visie 2025 tot het Gebiedsgericht Geluidsbeleid.

Hieronder worden niet al deze notities genoemd , maar alleen de strategische beleidsdocumenten: - Toekomstvisie Pijnacker-Nootdorp 2040 (2012) - Ruimtelijke Structuurvisie: Ruimte maken, Ruimte laten (2014) - Hoofdlijnenakkoord ‘Verder in verbinding’ 2018-2022 - (Bijgewerkte) Uitvoeringsagenda 2018-2022 c. Duurzaamheid Duurzaamheid is een onderwerp dat in vele vormen verweven is in het ontwerp van de omgevingsvisie. Voorbeelden daarvan zijn: - Een gezond ecosysteem met een hoge biodiversiteit (paragraaf 1.4) - Een goede lokale en regionale bereikbaarheid (paragraaf 2.3) - Een gezonde en veilige leefomgeving (paragraaf 2.5) - Duurzaam en circulair ondernemen (paragraaf 3.3) - Een duurzame gemeente (paragraaf 4.1) - Een klimaatbestendige gemeente (paragraaf 4.2) - Een goede omgevingskwaliteit (paragraaf 4.3) Daarnaast wordt u tegelijkertijd met het ontwerp van de omgevingsvisie en het planMER het concept van het Energietransitieplan aangeboden waar nader in gegaan wordt op de koers voor warmte en elektriciteit richting 2050. Wat gaan wij daarvoor doen? Het ontwerp van de omgevingsvisie wordt u ter vaststelling aangeboden en om het samen met het planMER ter inzage te leggen. Vervolgens is er een periode van zes weken waarin zienswijzen kunnen worden ingediend.

Nadat beide documenten ter inzage hebben gelegen, kunnen de eventuele zienswijzen (inclusief het advies van de commissie voor de m.e.r.) worden beantwoord en beiden ter vaststelling aan de raad worden aangeboden. Wat gaat het kosten? De kosten voor het opstellen van het ontwerp van de omgevingsvisie, het planMER en de participatie en communicatie komen ten laste van het daarvoor beschikbaar gestelde budget. Extra financiële middelen zijn op dit moment niet nodig. Wel kan het zo zijn dat voor de uitvoering van de omgevingsvisie, bijvoorbeeld in de vorm van een omgevingsprogramma of een (gebieds)ontwikkeling financiële middelen nodig zijn. Dit zal u dan apart ter besluitvorming worden aangeboden. Het ontwerp van de omgevingsvisie bevat ook een paragraaf over de mogelijkheid van kostenverhaal. Daarin is

pagina

6/7

Aanbiedingsnota raad

vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet, ook het wettelijk instrumentarium van kostenverhaal opgenomen. In een nader op te stellen nota kostenverhaal wordt bepaald van welke kosten sprake is en hoe deze binnen de wettelijke kaders verhaald zullen worden op nieuwe ruimtelijke initiatieven. "In verbinding" Het Plan van Aanpak communicatie en participatie ontwerp omgevingsvisie en planMER (kenmerk 1300558) beschrijft de wijze waarop inwoners, ondernemers en (maatschappelijke) partners kennis kunnen nemen van en kunnen reageren op het ontwerp van de omgevingsvisie en het planMER. Vervolg a. Planning Nadat u het ontwerp van de omgevingsvisie en het planMER hebt vrijgegeven voor inspraak start een periode van zes weken waarin het Plan van Aanpak communicatie en participatie ontwerp omgevingsvisie en planMER (kenmerk 1300558) wordt uitgevoerd. Dit wordt voor de zomervakantie afgerond. Daarna zullen de zienswijzen worden samengevat en beantwoord. Dat kan leiden tot aanpassingen in de omgevingsvisie en aanvullingen op het planMER. Verwacht wordt dat het voorstel tot vaststelling in november 2021 door u kan worden besproken. b. Evaluatie De uitvoering van dit voorstel wordt niet geëvalueerd. c. Communicatie Zie het Plan van Aanpak communicatie en participatie ontwerp omgevingsvisie en planMER (kenmerk 1300558) Het college van Pijnacker-Nootdorp,

J.P.R. Woudstra secretaris

pagina

7/7

mw. F. Ravestein burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10039129/1