CConstaterende datPijnacker-Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel kwijtschelding gemeentelijke belastingen voor pensioengerechtigden

Raad Besluitvorming 28 oktober 2021, gemeente Pijnacker-NootdorpBij agendapunt: Kwijtschelding gemeentelijke belastingen voor pensioen gerechtigden1.485 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanbiedingsnota raad

beeldvorming op

30 september 2021

oordeelvorming op

7 oktober 2021

besluitvorming op

28 oktober 2021

invullen organisatie zaaknummer

1270511

berichtnummer

1143208

voorstel over

Kwijtschelding gemeentelijke belastingen voor pensioen gerechtigden

portefeuillehouder

Peter Hennevanger

behandeld in college

31 augustus 2021

afdeling

Ruimte, Belastingen en Gegevensbeheer

besluit

Ja

bijlagen

1. 2.

pagina

1/5

Artikel ‘Welvaart van gepensioneerden’ Brief minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties d.d. 21-06-2021

Aanbiedingsnota raad

Gevraagde beslissing Wij stellen u voor te besluiten om: met ingang van 1 januari 2022 bij de berekening van de betalingscapaciteit bij een verzoek om kwijtschelding voor de gemeentelijke belastingen de kosten van bestaan voor pensioengerechtigden te bepalen conform artikel 1a van de Nadere regels gemeentelijke en waterschapsbelastingen . Inleiding Bij de behandeling van de Kadernota 2021 op 8 juli 2021 heeft u motie 2021.03 aangenomen. Daarin verzoekt u ons college om, vóór de begrotingsbehandeling 2022, met een voorstel te komen om het kwijtschelden van lokale heffingen mogelijk te maken voor AOW-gerechtigden zoals bedoeld in de laatste versie van de “nieuwe bovengrensnorm”van de VNG. Op grond van artikel 26 Invorderingswet 1990 is het mogelijk om een belastingschuldige die niet in staat is anders dan met buitengewoon bezwaar een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, gehele of gedeeltelijke kwijtschelding te verlenen. De regels krachtens welke kwijtschelding kan worden verleend zijn vastgelegd in de Uitvoeringsregeling Invorderingsweg 1990. In deze uitvoeringsregeling is opgenomen dat een berekening wordt gemaakt van de betalingscapaciteit. Bij deze berekening worden de kosten van bestaan gesteld op 90 procent van de bijstandsnorm, bedoeld in artikel 21 onderdeel a en b van de Participatiewet.

In artikel 1 van de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapsbelastingen (verder: Nadere regels) is opgenomen dat gemeenten en waterschappen voor de berekening van de kosten van bestaan bij een verzoek om kwijtschelding het vermelde percentage in artikel 16, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling op ten hoogste 100 procent van de bijstandsnorm kunnen stellen. In artikel 1a van deze Nadere regels is opgenomen dat de kosten van bestaan voor een belastingschuldige die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, gesteld kan worden op ten hoogste 100 procent van het toepasselijke bruto ouderdomspensioen als bedoeld in de Algemene ouderdomswet, verminderd met de verschuldigde loonbelasting en premies voor de volksverzekeringen en zorgverzekeringwet. De kosten van bestaan mogen niet lager zijn dan 90% van de bijstandsnorm als bedoeld in artikel 22 van de Participatiewet. Wat willen wij bereiken? Uitvoering geven aan de motie van 8 juli 2021. Argumenten In de Nota Lokale heffingen is bepaald dat bij een verzoek om kwijtschelding van gemeentelijke belastingen voor de kosten van bestaan wordt gerekend met 100 procent van de bijstandsnorm conform artikel 1 van de Nadere regels. Dit ligt ook vast in de Paragraaf lokale heffingen van de begroting. Normbedragen: Binnen de regelgeving rond kwijtschelding van belastingen gelden diverse normbedragen.

Dit zijn normen voor de kosten van bestaan, maar ook voor huur, ziektekosten, kostendelersnorm en dergelijke. Twee keer per jaar, per 1 januari en per 1 juli, worden enkele normbedragen opnieuw bepaald door de verschillende ministeries. Als service verstrekt de VNG na elke wijziging een overzicht van alle normbedragen die vanaf een bepaalde datum van toepassing zijn. Omdat de meeste gemeenten hebben bepaald dat 90%, 95% of 100% van de diverse normbedragen voor de kosten van bestaan van toepassing zijn, zijn in de overzichten voor deze percentages de betreffende bedragen opgenomen.

pagina

2/5

Aanbiedingsnota raad

In de motie van 8 juli 2021 wordt verzocht om met een voorstel te komen om het kwijtschelden van lokale heffingen mogelijk te maken voor AOW-gerechtigden zoals bedoeld in de laatste versie van de “nieuwe bovengrensnorm” van de VNG. Wij komen tot de conclusie dat het de wens van de raad is om een voorstel voorgelegd te krijgen om bij de berekening van de betalingscapaciteit bij een verzoek om kwijtschelding voor belastingschuldigen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, de kosten van bestaan te bepalen op 100 procent van het toepasselijke ouderdomspensioen als bedoeld in artikel 1a van de Nadere regels. Het normbedrag als bedoeld in artikel 1a van de Nadere regels is per 1 juli 2021 voor een alleenstaande € 1.280,28. Dit is € 69,12 per maand hoger dan de kosten van bestaan die worden bepaald op 100 procent van de bijstandsnorm voor deze leeftijdsgroep. Aantal huishoudens Het is lastig aan te geven hoeveel huishoudens voor kwijtschelding in aanmerking zullen komen door aanpassing van het normbedrag voor de kosten van bestaan. Het vermogen speelt, zeker bij de pensioengerechtigden, een belangrijke rol bij de behandeling van de verzoeken om kwijtschelding. Omdat in deze leeftijdsgroep vaak een vermogen aanwezig is in de eigen woning, wat kwijtschelding in de weg staat, is uitgegaan van huishoudens met een huurwoning.

Omschrijving Woningen met bewoners > 67 jaar Waarvan huurwoningen Ontvangen huurtoeslag: 1 persoons huishouden Meerpersoons huishouden Totaal

Aantal huishoudens 5.101 1.892 459 219 678

Er zijn 678 huishoudens waar de bewoners de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt en die huurtoeslag ontvangen. Nu ligt de drempel voor de huurtoeslag voor een alleenstaande aanzienlijk hoger (inkomen van ca €30.000,- per jaar) dan de normbedragen voor de kwijtschelding van belastingen ( circa € 15.500 per jaar). In een achtergrondartikel uit 2019 heeft het CBS onderzoek gedaan naar de welvaart van gepensioneerden. Uit dit artikel blijkt dat landelijk 16% van de pensioengerechtigden in 2017 een aanvullend inkomen hebben van hooguit € 500 per maand (€ 6.000 per jaar). Als dit percentage wordt gebruikt voor de inschatting van pensioengerechtigden die een laag inkomen hebben en in een huurwoning wonen, dan zijn dit circa 300 huishoudens. Het is echter niet aannemelijk dat deze huishoudens allemaal voor kwijtschelding in aanmerking komen bij een wijziging van de normbedragen voor de kosten van bestaan. Zoals eerder genoemd speelt bij een verzoek om kwijtschelding het vermogen een belangrijke rol. Alleen bij personen die geboren zijn voor 1934 geldt een vrijstelling van € 2.269,- vermogen. Bij alle andere belastingschuldigen staat een vermogen kwijtschelding in de weg indien dit vermogen hoger is dan de te betalen belasting. Een laag of negatief vermogen kwam volgens het artikel bij 4% van de gepensioneerde voor.

Als dit percentage wordt gebruikt voor de inschatting van pensioengerechtigden die een laag of geen vermogen hebben en in een huurwoning wonen, dan zijn dit circa 75 huishoudens. In belastingjaar 2020 hebben 169 pensioengerechtigden een verzoek om kwijtschelding ingediend. Van deze verzoeken zijn er 21 geheel of gedeeltelijk afgewezen. Uit onderzoek van deze dossiers blijkt dat, indien in 2020 sprake zou zijn geweest van de toepassing van artikel 1a Nadere regels, 9 pensioengerechtigden alsnog volledige kwijtschelding zouden hebben gehad. Dit komt neer op een kostenverhoging van € 2.336,04 voor de afvalstoffenheffing en € 2.054,34 voor de rioolheffing.

pagina

3/5

Aanbiedingsnota raad

De overige 12 verzoeken zouden ook bij een hogere norm zijn afgewezen in verband met betalingscapaciteit of vermogen. Gelet op deze gegevens is het niet aannemelijk dat er veel extra verzoeken om kwijtschelding zullen moeten worden toegewezen bij toepassing van artikel 1a Nadere regels. Op basis van het bovenstaande stellen wij u voor om vanaf 1 januari 2022 bij de berekening van de betalingscapaciteit bij een verzoek om kwijtschelding voor de gemeentelijke belastingen, de kosten van bestaan voor pensioengerechtigden te bepalen conform artikel 1a van de Nadere regels. Kanttekeningen Alleen voor de berekening van de kosten van bestaan kunnen gemeenten op grond van de Nadere regels besluiten een ander percentage dan genoemd in de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 toe te passen. Voor de overige normbedragen en regels, waaronder het vermogen, die binnen de kwijtscheldingsregels gelden heeft de gemeente nog geen beleidsvrijheid. De minister van Binnenlandse zaken heeft op 21 juni 2021 aangegeven voor gemeenten en waterschappen voor de groep AOW-gerechtigden en volledig arbeidsongeschikten per 1 januari 2022 de mogelijkheid te creëren de vermogensnorm met maximaal € 2.000,- te verhogen. Hiertoe dienen de Nadere regels te worden aangepast. Deze aanpassing heeft tot op heden nog niet plaatsgevonden. Zodra de Nadere regels zijn aangepast zullen wij uw raad informeren.

Beleidskaders a. Binnen welk programma past het voorgestelde besluit? Programma 9. Bestuur en dienstverlening b. Welke beleidskaders zijn van belang? Nota Lokale Heffingen 2020 – 2024 Leidraad invordering 2021 c. Duurzaamheid n.v.t. Wat gaan wij daarvoor doen? Vanaf belastingjaar 2022 zullen wij bij de berekening van de betalingscapaciteit bij een verzoek om kwijtschelding voor de gemeentelijke belastingen de kosten van bestaan voor pensioengerechtigden bepalen conform artikel 1a van de Nadere regels voor gemeentelijke en waterschapsbelastingen. Wat gaat het kosten? Bij de begroting 2022 is voor in totaal € 372.623,- aan kwijtschelding voor de afvalstoffen- en rioolheffing begroot. De kosten kunnen naar verwachting uit de huidige budgetten voor kwijtschelding worden betaald. "In verbinding" N.v.t. Vervolg Nee a. Planning N.v.t. b. Evaluatie De uitvoering van dit voorstel wordt niet geëvalueerd.

pagina

4/5

Aanbiedingsnota raad

c. Communicatie Het besluit dient gepubliceerd te worden Het college van Pijnacker-Nootdorp,

J.P.R. Woudstra secretaris

pagina

5/5

mw. F. Ravestein burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10535129/1