CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Paraplubestemmingsplan Archeologie Toelichting

Raad Besluitvorming 12 oktober 2023, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 14527726.130 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

| BESTEMMINGSPLAN

Paraplubestemmingsplan Archeologie GEMEENTE PIJNACKER-NOOTDORP Toelichting |

| bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie gemeente Pijnacker-Nootdorp status: datum: 22 augustus 2023 IMRO-IDN: NL.IMRO.1926.bp000220141-4001

Opgesteld door:

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Inhoudsopgave Toelichting

Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3

Inleiding

5

Aanleiding en doel Plangebied Leeswijzer

5 7 9

Hoofdstuk 2 2.1 2.2

Planbeschrijving

11

Wijzigingen Juridische planbeschrijving

11 11

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3

Kwaliteit van de leefomgeving

Omgevingsaspecten

Hoofdstuk 5 5.1 5.2

Beleidskader

Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid

Hoofdstuk 4 4.1

5

13 13 13 14 15 15

Uitvoerbaarheid

17

Financiële uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid

17 17

Bijlagen bij Toelichting

19

Bijlage 1 Bijlage 2

21 45

Gemeentelijke archeologische beleidskaart Pijnacker-Nootdorp Nota van beantwoording zienswijzen

3

gemeente Pijnacker-Nootdorp

4

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Toelichting

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding en doel

De gemeente Pijnacker-Nootdorp gebruikt sinds 2010 een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart als basis voor haar archeologiebeleid. Ruim tien jaar gestructureerd archeologisch onderzoek heeft geleid tot grote kenniswinst over waar archeologische vindplaatsen voorkomen binnen de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Er is in deze periode een ruime dataset opgebouwd die het mogelijk maakt om de verwachtingen en aannames te toetsen die de basis vormen van de huidige archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart. Door de uitgevoerde onderzoeken is deze kaart aan verandering onderhevig en heeft een actualisatie plaatsgevonden. Door deze actualisaties is de archeologische verwachting van gebieden veranderd. Het meest recente geactualiseerde archeologiebeleid is vastgelegd in de in 2023 geactualiseerde notitie “Gemeentelijke archeologische beleidskaart Pijnacker-Nootdorp” Bijlage 1, dat als herziening en update van de archeologische beleidskaart gezien moet worden. Het archeologiebeleid van de gemeente Pijnacker-Nootdorp kan op basis van de analyse van de onderzoeken die in de periode 2010-2021 zijn uitgevoerd, worden herzien en geüpdatet. Dankzij de informatie die in deze periode is verkregen, is nauwkeurig bepaald waar archeologische vindplaatsen verwacht kunnen worden.

Op basis van deze verwachting kunnen nieuwe beleidszones worden aangewezen, waaraan vrijstellingsgrenzen kunnen worden gekoppeld. Ook zijn er zones bijgekomen waar geen archeologische verwachting meer geldt en die daarom kunnen worden vrijgesteld van archeologisch onderzoek. Dankzij de gewijzigde verwachtings- en beleidszones kan er gerichter en beter archeologisch onderzoek worden uitgevoerd. Doordat de zones waarin archeologisch onderzoek nodig is, kleiner zijn dan op de beleidskaart uit 2009, is het de verwachting dat er minder vaak archeologisch onderzoek hoeft te worden vereist bij ontwikkelingen van burgers, bedrijven en overheden. Tegelijkertijd zullen de onderzoeken die wel moeten worden uitgevoerd, vaker leiden tot het aantreffen van een archeologische vindplaats en daarmee de kennis van het verleden van de gemeente Pijnacker-Nootdorp vergroten.

5

gemeente Pijnacker-Nootdorp

Afbeelding 1 | Uitsnede uit de Archeologische beleidskaart Pijnacker-Nootdorp (bron: Gemeentelijke archeologische beleidskaart Pijnacker-Nootdorp)

Het doel van dit paraplubestemmingsplan is het bieden van een eenduidige regeling met betrekking tot de bescherming van archeologische waarden in Pijnacker-Nootdorp. Dit paraplubestemmingsplan vormt de juridische vertaling van het geactualiseerde archeologiebeleid, waarbij de archeologische beleidskaart de basis vormt voor de bij deze parapluherziening behorende verbeelding.

6

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

1.2

Plangebied

Het plangebied van dit paraplubestemmingsplan omvat het hele grondgebied van de gemeente Pijnacker-Nootdorp. De in tabel 1 genoemde bestemmingsplannen worden door de regels van het paraplubestemmingsplan deels herzien en aangevuld met betrekking tot de regels omtrent archeologie.

Naam bestemmingsplan Identificatienummer Kruispunt Katwijkerlaan/Nieuwkoopseweg/ NL.IMRO.1926.bp000220138-4001 Vlielandseweg Parapluplan 2022 NL.IMRO.1926.BP000210134-4001 Balij-Bieslandse Bos 2022 NL.IMRO.1926.bp000170114-4001 Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2021/2022 NL.IMRO.1926.bp000210132-4001 Geerweg 9, Nootdorp NL.IMRO.1926.wp200220099-4001 2e partiële herziening Keijzershof 2018 NL.IMRO.1926.he100210136-4001 Correctieve herziening Verzamelplan NL.IMRO.1926.bp000220128-4001 Pijnacker-Nootdorp 2020/2021 Ruyven-Zuidpolder 2020 NL.IMRO.1926.bp200200116-4002 Onderwijscluster Groen van Prinstererlaan NL.IMRO.1926.bp000210133-4001 Hart van Nootdorp NL.IMRO.1926.bp000210131-4001 Kerkweg, Pijnacker NL.IMRO.1926.bp000200129-4001 Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2020/2021 NL.IMRO.1926.bp000200128-4001 Ypenburg Nieuwe Veen 2020 NL.IMRO.1926.bp000200122-3002 Katwijkerlaan 15, Pijnacker NL.IMRO.1926.wp100200127-4001 Meloenstraat 9, Pijnacker NL.IMRO.1926.wp100200053-4001 De Scheg NL.IMRO.1926.bp100190125-4001 wijzigingsplan Keijzershof 2020 NL.IMRO.1926.wp010190110-4001 Reesloot 10 NL.IMRO.1926.wp000190097-4001 Keervoorziening Randstadrail 2020 NL.IMRO.1926.bp100190126-4001 1e partiële herziening Keijzershof 2018 NL.IMRO.1926.he100190110-4001 Delftsestraatweg 9 NL.IMRO.1926.wp000190088-4001 Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2019/2020 NL.IMRO.1926.bp100190124-4001 Wijzigingsplan

Hogeveenseweg 47 te Nootdorp NL.IMRO.1926.wp200190099-4001 's-Gravenhout, Geerweg en omgeving, naast NL.IMRO.1926.wp100200099-4001 Geerweg 36 te Nootdorp Paraplubestemmingsplan implementatie NL.IMRO.1926.bp100180119-4001 standaardregels Ypenburg-Craeyenburch NL.IMRO.1926.bp000180120-4001 Bedrijvenpark Ruyven 2018 NL.IMRO.1926.bp000160106-4001 De Drie Ster NL.IMRO.1926.wp100190066-4001 Monnikenweg 35a NL.IMRO.1926.wp100190068-4001 Tuindershof 2019 NL.IMRO.1926.bp000180044-4001 Partiële herziening 'Agrarische NL.IMRO.1926.bp100180123-4001 Glastuinbouwbestemmingen' Ypenburg-Centraal NL.IMRO.1926.bp000180121-4001 Ackerswoude 2019 NL.IMRO.1926.wp010190050-4001 Groenzoom, deelgebied Klapwijkse Knoop e.o. NL.IMRO.1926.bp000170111-4001 1e partiele herziening bedrijvenpark Heron NL.IMRO.1926.he100180066-4001 Reconstructie Kruithuisplein / Laan van Ruyven NL.IMRO.1926.bp000140092-4001

Vaststelling 30-03-2023 09-11-2022 20-10-2022 20-10-2022 04-10-2022 29-09-2022 22-09-2022 22-07-2022 24-02-2022 17-01-2022 23-09-2021 24-06-2021 22-04-2021 12-01-2021 12-01-2021 17-12-2020 01-12-2020 01-12-2020 29-10-2020 24-09-2020 14-07-2020 12-05-2020 12-05-2020 06-04-2020 19-03-2020 19-03-2020 19-03-2020 28-01-2020 28-01-2020 19-12-2019 19-12-2019 19-12-2019 17-12-2019 27-06-2019 29-05-2019 18-04-2019

7

gemeente Pijnacker-Nootdorp

Ruimtelijke ontwikkelingen Glastuinbouwgebied NL.IMRO.1926.bp000180115-4001 29-01-2019 Pijnacker-West Verkeerstorenplein NL.IMRO.1926.wp0001801048-4001 22-01-2019 Het Gildehof NL.IMRO.1926.bp000170112-4001 20-12-2018 Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2018/2019 NL.IMRO.1926.bp100180117-3001 Duurzame Glastuinbouwgebieden Rijskade 16 NL.IMRO.1926.wp000180088-4001 06-11-2018 Pijnacker De Groene Wijdte NL.IMRO.1926.bp000170113-4001 18-10-2018 Centrum Pijnacker 2018 NL.IMRO.1926.bp000160105-4001 27-09-2018 Wijzigingsplan Hoogseweg NL.IMRO.1926.wp0102180068-4001 31-07-2018 Keijzershof 2018, Pijnacker NL.IMRO.1926.bp000170110-4001 28-06-2018 Burgemeester Merkusstraat, Delfgauw NL.IMRO.1926.wp004150064-4001 25-06-2018 Katwijkerlaan 63 NL.IMRO.1926.bp000200127-GU01 06-06-2018 Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2017/2018 NL.IMRO.1926.bp000170108-4001 19-04-2018 Laakweg achter nr 1 NL.IMRO.1926.wp000170107-4001 02-01-2018 Oostambacht 2017 NL.IMRO.1926.bp000150100-4001 28-09-2017 Katwijk en Nieuwkoop NL.IMRO.1926.KatwijkNieuwkoop-400 01-06-2017 1 Korteweg 2 NL.IMRO.1926.0015101-4001 01-06-2017 Oude Leedeweg 187, Pijnacker NL.IMRO.1926.bp000160104-4001 20-04-2017 Groene Buffer Delfgauw NL.IMRO.1926.bp000160103-4001 30-03-2017 's-Gravenhout, Geerweg en omgeving NL.IMRO.1926.bp000150099-4001 30-03-2017 Nieuwkoopseweg NL.IMRO.1926.wpNieuwkoopseweg-4 16-12-2016 001 Ackerswoude 2016

NL.IMRO.1926.wp010150050-4001 07-12-2016 Nootdorp-Zuid NL.IMRO.1926.bp000140084-4002 27-10-2016 1e herziening Duurzame Glastuinbouwgebieden NL.IMRO.1926.he0150053-4001 27-10-2016 Boezem Oost NL.IMRO.1926.bp000150097-4001 29-09-2016 Oude Leedeweg 21, Pijnacker NL.IMRO.1926.wp000009007-4001 05-07-2016 Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2015/2016 NL.IMRO.1926.bp000150094-4001 28-04-2016 Verzamelplan Pijnacker-Nootdorp 2016/2017 NL.IMRO.1926.bp000160102-4001 30-03-2016 Lint Oude Leede 2 NL.IMRO.1926.bp000120077-4002 17-03-2016 Ackerswoude 2016 NL.IMRO.1926.bp000130050-4002 18-02-2016 Spui Delfgauw NL.IMRO.1926.wp003150064-4001 26-01-2016 Achter Noordeindseweg 10 NL.IMRO.1926.wp002150064-4001 12-01-2016 Pijnackerse Poort NL.IMRO.1926.bpPijnackersePoort-40 15-12-2015 01 Emerald 2014 NL.IMRO.1926.bp00011089-4003 26-11-2015 Katwijkerbuurt, deelgebied Berkelse Lint NL.IMRO.1926.bp00150093-4001 29-10-2015 Nootdorp-Zuid NL.IMRO.1926.bp000140084-4001 29-10-2015 Boezemzoom NL.IMRO.1926.bp000140087-4001 29-10-2015 Nootdorp West NL.IMRO.1926.bp000140085-4001 24-09-2015 Vrouwtjeslant NL.IMRO.1926.bp000140086-4001 24-09-2015 Duurzame Glastuinbouwgebieden, wijzigingsplan NL.IMRO.1926.wp000140088-4001 02-06-2015 Overgauwseweg 32 Verzamelplan 2014 NL.IMRO.1926.bp000120082-4001 26-03-2015 Bestemmingsplan Balijrand 's-Gravenhout NL.IMRO.1926.bp000120081-4001 29-01-2015 Bestemmingsplan Katwijkerbuurt

NL.IMRO.1926.bp140091-4001 27-11-2014 Centrum Nootdorp, verwerking uitspraak ABRvS NL.IMRO.1926.bp00014009-4001 30-10-2014

8

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Bestemmingsplan Eerste herziening Groenzone NL.IMRO.1926.he00130042-4001 Ackerswoude 2014 NL.IMRO.1926.bp000130050-4001 Duurzame Glastuinbouwgebieden, NL.IMRO.1926.wp000130053-4001 Overgauwseweg 74a Verzamelplan 2012 NL.IMRO.1926.bp00120079-4001 Historische kern Delfgauw NL.IMRO.1926.bp000110064-4002 Wijzigingsplan Emmastraat NL.IMRO.1926.wp00120056-4001 Oostland-Pijnacker NL.IMRO.1926.bp000120068-4001 N470 2012 NL.IMRO.1926.bp000120037-4001 Oranjepark NL.IMRO.1926.bp000120075-4001 Centrum Nootdorp NL.IMRO.1926.bp000120071-4001 Bestemmingsplan Katwijkerbuurt NL.IMRO.1926.bp000120074-4001 Emerald NL.IMRO.1926.bp00011069-4001 Pijnacker_Noord NL.IMRO.1926.bp100057-4001 Hof van Tolhek NL.IMRO.1926.bp00120072-4001 1e herziening Boezem en Boezemvaart, NL.IMRO.1926.bp00012014-4001 Vlielandseweg 20 Bestemmingsplan Balij 2013 NL.IMRO.1926.bp000100070-4001 Centrumzone Oost en gasleiding, Keizershof NL.IMRO.1926.up0800120023-4001 Vlielandseweg 2013 NL.IMRO.1926.bp000120076-4001 Westlaan 2012 NL.IMRO.1926.bp000100067-4001 Duurzame Glastuinbouwgebieden NL.IMRO.1926.62112-4003 Kern Pijnacker Zuid / Zuid-Oost NL.IMRO.1926.bp10056-4003 Bedrijvenpark Heron NL.IMRO.1926.BP00110066-4001 P&R-terrein Pijnacker NL.IMRO.1926.bp100062-4001 Verzamelplan Nootdorp NL.IMRO.1926.bp00010063-4004 Multifunctionele Accommodatie NL.IMRO.1926.up0600110023-4004 Lint Oude Leede 2de herziening Onderweg 9

NL.IMRO.1926.he0000090007-4001 Duurzame Glastuinbouwgebieden NL.IMRO.1926.62112-0002 Boezem en Boezemvaart NL.IMRO.19260000090014Kern Pijnacker Zuid / Zuid-Oost NL.IMRO.1926.bp10056-4002 Ruyven-Zuidpolder NL.IMRO.1926.bp000100047-4001 AckersWoude NL.IMRO.19260000090049Groot Zoetermeer NL.IMRO.19260000090029Centrum-Pijnacker NL.IMRO.19260000090021Tabel 1 | Bestemmingsplannen

1.3

30-10-2014 25-09-2014 14-01-2014 12-12-2013 05-09-2013 16-07-2013 27-06-2013 27-06-2013 27-06-2013 13-06-2013 13-06-2013 30-05-2013 30-05-2013 16-05-2013 04-04-2013 07-03-2013 05-03-2013 13-02-2013 20-12-2012 07-11-2012 18-07-2012 29-03-2012 24-11-2011 24-11-2011 27-09-2011 23-06-2011 24-02-2011 25-01-2011 23-09-2010 23-09-2010 24-08-2010 02-08-2010 24-06-2010

Leeswijzer

Dit bestemmingsplan bestaat uit deze toelichting, regels en een verbeelding. Deze toelichting bestaat naast dit inleidende hoofdstuk uit vier hoofdstukken. In hoofdstuk 2 wordt het initiatief toegelicht en de daarbij horende juridische regeling. Hoofdstuk 3 beschrijft het geldende beleidskader. Vervolgens worden in hoofdstuk 4 de verschillende omgevingsaspecten beoordeeld. In hoofdstuk 5 wordt tot slot de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid beschreven.

9

gemeente Pijnacker-Nootdorp

10

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Wijzigingen

Dit bestemmingsplan is ontwikkeld als een paraplubestemmingsplan waarmee voor alle bestemmingsplannen in de gemeente Pijnacker-Nootdorp dezelfde regeling voor archeologie gaat gelden. Het paraplubestemmingsplan heeft alleen betrekking op de regeling voor archeologie en brengt geen wijziging aan in de overige regels van de geldende bestemmingsplannen.

2.2

Juridische planbeschrijving

In de Wet ruimtelijke ordening met bijbehorende Besluit ruimtelijke ordening heeft het bestemmingsplan een belangrijke rol als normstellend instrument voor het ruimtelijk beleid van de gemeente, provincies en het rijk. In de ministeriële 'Regeling standaarden ruimtelijke ordening' hierna (Rsro) is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (hierna SVBP 2012) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen, die tot doel heeft om te komen tot een geüniformeerde en gestandaardiseerde opzet van bestemmingsplannen in Nederland. Deze methodiek is onverkort gevolgd. Het bestemmingsplan is daarbij tevens digitaal vervaardigd en is daarom ook digitaal raadpleegbaar via internet. Naast het feit dat de bestemmingen, aanduidingen en weergave van de verbeelding gestandaardiseerd zijn, vloeit de redactie van de regels ten aanzien van het overgangsrecht en de anti-dubbeltelbepaling rechtstreeks voort uit het Besluit ruimtelijke ordening. De beleidsmatige inhoud van het bestemmingsplan is niet gestandaardiseerd. De gemeente behoudt haar vrijheid ten aanzien van de inhoud en vormgeving aangaande de toelichting.

Verbeelding De verbeelding geeft de dubbelbestemmingen weer. Deze hebben juridische betekenis, omdat daar in de regels naar wordt verwezen. De topografische ondergrond die gebruikt is als basis voor de verbeelding heeft geen juridische status.

Regels Algemeen De regels bevatten bepalingen over het gebruik van de gronden, over de toegelaten bebouwing en bepalingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De regels zijn, conform de wettelijk verplicht gestelde SVBP 2012, onderverdeeld in vier hoofdstukken: - Hoofdstuk 1 Inleidende regels - Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels - Hoofdstuk 3 Algemene regels - Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Inleidende regels Begripsbepalingen, Wijze van meten en Toepassing regels De inleidende regels omvatten de begripsbepalingen, de bepalingen omtrent de wijze van meten en op welke bestemmingsplannen het paraplubestemmingsplan van toepassing is. De begripsbepalingen geven de definities over de in de regels gehanteerde begrippen met betrekking tot bouwen en functies. De wijze van meten geeft uitsluitsel over de wijze waarop de oppervlakte moet worden gemeten.

11

gemeente Pijnacker-Nootdorp

In Toepassing regels is aangegeven op welke analoge en digitale bestemmingsplannen het paraplubestemmingsplan van toepassing is. Wanneer het geldende bestemmingsplan reeds archeologische dubbelbestemmingen bevat, dan gelden de in het paraplubestemmingsplan opgenomen bestemmingen in plaats van die dubbelbestemmingen. Bevat het geldende bestemmingsplan geen archeologische dubbelbestemmingen, dan geldt het paraplubestemmingsplan aanvullend op de geldende bestemmingsplannen.

Bestemmingsregels Waarde - Archeologie 1, 2 en 3 Voor de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie 1', 'Waarde - Archeologie 2' en 'Waarde Archeologie 3' is opgenomen dat de aangewezen gronden mede bestemd zijn voor het behoud, bescherming en veiligstelling van archeologische waarden en aanwezige vindplaatsen. Ter plaatse van de verschillende waardes geldt dat archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd vanaf een bepaalde diepte en oppervlakte van bodemwerkzaamheden.

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Deze bepaling is ingevolge artikel 3.2.4 van het Besluit ruimtelijke ordening vast voorgeschreven. Doel van deze bepaling is te voorkomen, dat er meer wordt gebouwd dan het bestemmingsplan beoogd, bijv. ingeval (onderdelen van) percelen van eigenaar wisselen.

Overgangs- en slotregels In deze regels is het overgangsrecht vastgelegd in de vorm zoals in het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven. Als laatste is de slotbepaling opgenomen, welke bepaling zowel de titel van het plan als de regels bevat.

12

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Hoofdstuk 3 3.1

Beleidskader

Rijksbeleid

Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan grote opgaven waardoor Nederland de komende 30 jaar verandert. In de NOVI wordt aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 de langetermijnvisie in beeld gebracht. Het Rijk wil sturen op de nationale belangen. De inzet van het Rijk is samengevat in vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie. Duurzaam economisch groeipotentieel. Sterke en gezonde steden en regio's. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Dit houdt in dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. De NOVI maakt bij het maken van keuzes gebruik van drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies, 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal, en 3. Afwentelen wordt voorkomen. Het is van nationaal belang de kernkwaliteiten van stad en land te waarborgen. Dit uit zich in bescherming van waardevolle, open en kwetsbare landschappen en bebouwde gebieden, uitgaand van hun kernkwaliteiten. Bij (stedelijke) groei, verdichting, transformatie of krimp moet rekening worden gehouden met unieke landschappelijke structuren en objecten, cultuurlandschappen (of onderdelen daarvan), archeologische monumenten, gebouwde of aangelegde monumenten, beschermde stads- en dorpsgezichten en (genomineerde) werelderfgoederen en wederopbouwgebieden van nationaal belang. Op grond van het Europees Landschapsverdrag heeft het Rijk systeemverantwoordelijkheid voor landschap. Het geeft uitvoering aan dit nationaal belang samen met de provincies, die ook verantwoordelijk zijn. De rol van het Rijk in dit belang is de (wettelijke) randvoorwaarden te creëren om cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten voor de lange termijn in stand te houden.

De zorg voor het behoud van cultureel erfgoed en van werelderfgoed is het werkterrein van alle overheden. Daarbij gelden de verplichtingen die voortvloeien uit het verdrag van Granada, het verdrag van Valletta, het Europees landschapsverdrag en het Werelderfgoedverdrag. Het Rijk is verantwoordelijk voor een goed functionerend (wettelijk) systeem voor erfgoed en leefomgeving. Het beleid heeft derhalve geen directe doorwerking voor dit bestemmingsplan.

3.2

Provinciaal beleid

De provincie Zuid-Holland heeft haar beleid voor de fysieke leefomgeving gebundeld in het provinciale Omgevingsbeleid. Dit Omgevingsbeleid bestaat uit twee kaderstellende documenten, de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening, plus verschillende uitvoeringsprogramma’s. In de Omgevingsverordening Zuid-Holland zijn intructieregels opgenomen ten aanzien van Archeologie. Hierbij is artikel 6.27 'Archeologie en Romeinse Limes' van belang. Hierin is aangegeven dat de bekende en te verwachten archeologische vindplaatsen benoemd zijn in de Cultuurhistorische Hoofdstructuur (CHS) en beschermd dienen te worden. Op basis van artikel 38a van de Monumentenwet zijn overheden gehouden om bij vaststelling van een bestemmingsplan rekening te houden met de in de grond aanwezige, dan wel te verwachten monumenten. De CHS is daarbij uitgangspunt.

13

gemeente Pijnacker-Nootdorp

Voor de in de CHS opgenomen terreinen met een redelijk tot hoge archeologische verwachtingswaarde en zeer hoge archeologische verwachtingswaarde legt de provincie de verantwoordelijkheid voor bescherming van deze waarden bij de gemeenten. Voorwaarde is wel dat de gemeente archeologiebeleid heeft vastgesteld, met een archeologische waardenkaart die is gestoeld op archeologisch onderzoek. Een bestemmingsplan voor gronden met hoge en zeer hoge bekende archeologische waarden bevat bestemmingen die deze waarden beschermen. Dit houdt in ieder geval een verbod in op het uitvoeren van werken of werkzaamheden waarbij de grond dieper dan 30 centimeter onder het maaiveld wordt geroerd. Afwijking van dit verbod is mogelijk als door middel van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet worden aangetast. Bijvoorbeeld als uit onderzoek blijkt dat de archeologische waarden dieper liggen dan 30 centimeter of geclusterd op een ander deel van het terrein. Voorts geldt dit verbod niet voor werken of werkzaamheden die de archeologische waarden niet aantasten. Dit geldt voor werken of werkzaamheden die naar hun aard de archeologische waarden niet kunnen aantasten zoals archeologisch onderzoek en het normaal gebruik, beheer en onderhoud.

Ook voor de gebieden binnen de Romeinse Limeszone met hoge en zeer hoge archeologische verwachtingswaarde geldt dat deze waarden beschermd moeten worden in het bestemmingsplan. Dit houdt in ieder geval in dat archeologisch onderzoek nodig is bij het uitvoeren van werken of werkzaamheden met een oppervlakte van meer dan 100 m² en waarbij de grond dieper wordt geroerd dan 30 centimeter onder het maaiveld. Afwijking hiervan is mogelijk in die gevallen waarbij de gemeente een strengere bescherming hanteert. Daarbij geldt de voorwaarde, dat gehandeld wordt in overeenstemming met de uitkomsten van dat onderzoek. Met het voorliggende paraplubestemmingsplan wordt recht gedaan aan de instructieregel als genoemd in artikel 6.27 van de Omgevingsverordening Zuid-Holland.

3.3

Gemeentelijk beleid

Archeologiebeleid Pijnacker-Nootdorp De gemeente Pijnacker-Nootdorp heeft haar archeologiebeleid verwoord in de nota 'Pijnacker-Nootdorp; Een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart' uit 2009. Door de uitkomsten van 10 jaar onderzoek heeft een actualisatie plaatsgevonden. Door deze actualisatie is de archeologische verwachting van gebieden veranderd. Dit heeft geleid tot het recente geactualiseerde archeologiebeleid wat is vastgelegd in de in 2022 opgestelde notitie “Gemeentelijke archeologische beleidskaart Pijnacker-Nootdorp”. Deze notite werkt als herziening en update van de archeologische beleidskaart uit 2009. Dit paraplubestemmingsplan vormt de juridische vertaling van het geactualiseerde archeologiebeleid, waarbij de archeologische beleidskaart de basis vormt voor de bij deze parapluherziening behorende verbeelding.

14

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Hoofdstuk 4 4.1

Kwaliteit van de leefomgeving

Omgevingsaspecten

Er bestaat een duidelijke relatie tussen milieubeleid en ruimtelijke ordening. De laatste decennia groeien deze beleidsvelden dan ook naar elkaar toe. De milieukwaliteit vormt een belangrijke afweging bij de ontwikkelingsmogelijkheden van ruimtelijke functies. Bij de besluitvorming over het al dan niet toelaten van een bepaalde ruimtelijke ontwikkeling wordt dan ook onderzocht welke omgevingsaspecten daarbij een rol (kunnen) spelen. Het is van belang om milieubelastende functies (zoals bepaalde bedrijfsactiviteiten) ruimtelijk te scheiden ten opzichte van milieugevoelige functies zoals woningen. Andersom moet in de ruimtelijke ordening nadrukkelijk rekening gehouden worden met de gevolgen van ruimtelijke ingrepen voor het milieu. Milieubelastende situaties moeten voorkomen worden. Het paraplubestemmingsplan maakt geen directe ontwikkelingen mogelijk als gevolg waarvan gekeken dient te worden naar diverse milieuhygiënische aspecten. Er is dan ook geen onderzoek naar omgevingsaspecten noodzakelijk.

15

gemeente Pijnacker-Nootdorp

16

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Hoofdstuk 5 5.1

Uitvoerbaarheid

Financiële uitvoerbaarheid

Voor bouwplannen zoals die zijn aangewezen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het uitgangspunt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt. Van de verplichting een exploitatieplan vast te stellen kan onder andere worden afgeweken als het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd, bijvoorbeeld door een anterieure overeenkomst of doordat de verplicht te verhalen kosten zijn verdisconteerd in de grondprijs. Dit bestemmingsplan maakt geen bouwplan als bedoeld in artikel 6.12, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening mogelijk. Hierdoor is geen exploitatieplan nodig.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Vooroverleg Vooroverleg zoals bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening is voor dit plan van toepassing. In het kader van dit bestuurlijke vooroverleg is het plan in ieder geval toegezonden aan de provincie, het waterschap en de veiligheidsregio.

Ter inzage legging ontwerpbestemmingsplan Gelet op het bepaalde in artikel 3.8 Wro in combinatie met afdeling 3.4 Awb wordt een ontwerpbestemmingsplan, na voorafgaande bekendmaking, gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Een ieder is dan in de gelegenheid zijn of haar zienswijze mondeling of schriftelijk kenbaar te maken bij de gemeenteraad. Vaststelling van het bestemmingsplan, al dan niet in gewijzigde vorm, gebeurt met inachtneming van de ingediende zienswijzen. Er zijn 3 zienswijzen ingediend en deze zijn beantwoord in de ‘Nota van beantwoording zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie’, welke is toegevoegd als Bijlage 2.

17

gemeente Pijnacker-Nootdorp

18

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Bijlagen bij Toelichting

19

gemeente Pijnacker-Nootdorp

20

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Bijlage 1 Gemeentelijke archeologische beleidskaart Pijnacker-Nootdorp

21

282

282

Samenvatting

Inhoudsopgave Samenvatting

3

1 Aanleiding en doel

6

2 Analyse uitgevoerd onderzoek 2010-2021

7

3 Nieuwe verwachtingszones, aangepaste beleidskaart

9

4 Belangrijkste verschillen beleidskaarten 2009 & 2023

11

5 Conclusies

12

6 Aanpassingen 2023

13

Bibliografie

14

Overzicht van tabellen en bijlagen

16

Bijlage 1 Archeologische inventarisatiekaart

17

Bijlage 2 Archeologische verwachtingskaart

18

Bijlage 3 Archeologische beleidskaart

19

Bijlage 4 Nieuwe archeologische vindplaatsen

20

1 Aanleiding en doel 1.1

Aanleiding

1.2 Doel

2 Analyse uitgevoerd onderzoek 20102021 2.1 Werkwijze

2.2 Resultaten van de onderzoeken

2.3 Conclusies

3 Nieuwe verwachtingszones, aangepaste beleidskaart 3.1 Verwachtingszones

• • • •

3.2 Beleid en vrijstellingsgrenzen

•

• •

4 Belangrijkste verschillen beleidskaarten 2009 & 2023 4.1 Verwachtingszones

4.2 Vindplaatsen

5 Conclusies

6 Aanpassingen 2023

1.

Bibliografie Literatuur

Overzicht van tabellen en bijlagen Tabellen

Bijlagen

Bijlage 1 Archeologische inventarisatiekaart

Bijlage 2 Archeologische verwachtingskaart

Bijlage 3 Archeologische beleidskaart

Bijlage 4 Nieuwe archeologische vindplaatsen

od205 | bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie

Bijlage 2

Nota van beantwoording zienswijzen

45

Nota van beantwoording zienswijzen en staat van wijzigingen Ontwerpbestemmingsplan ‘Paraplubestemmingsplan Archeologie’

Afdeling Ruimte, Belastingen en Gegevensbeheer Team Ruimte

Inleiding Een paraplubestemmingsplan is een partiële herziening van meerdere bestemmingsplannen. Op één of meer thema's (in dit geval het thema Archeologie) worden diverse bestemmingsplannen aangepast of aangevuld, voor het overige blijven de desbetreffende bestemmingsplannen van kracht. Het paraplubestemmingsplan Archeologie zorgt voor een actualisatie van de huidige archeologische beleidskaart in alle bestemmingsplannen van onze gemeente. De gemeente Pijnacker-Nootdorp gebruikt sinds 2010 een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart als basis voor haar archeologiebeleid. Ruim tien jaar gestructureerd archeologisch onderzoek heeft geleid tot grote kenniswinst over waar archeologische vindplaatsen voorkomen binnen de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Er is in deze periode een ruime dataset opgebouwd die het mogelijk maakt om de verwachtingen en aannames te toetsen die de basis vormen van de huidige archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart. Dit leidt tot nieuwe inzichten en daarmee de wens om het bestaande archeologiebeleid te verbeteren. Dankzij de analyse van de informatie die in de periode 2010-2023 is verkregen, is nauwkeurig bepaald waar archeologische vindplaatsen verwacht kunnen worden. Op basis van deze verwachting kunnen nieuwe beleidszones worden aangewezen, waaraan vrijstellingsgrenzen kunnen worden gekoppeld.

Ook zijn er zones bijgekomen waar geen archeologische verwachting meer geldt en die daarom kunnen worden vrijgesteld van archeologisch onderzoek. Dankzij de gewijzigde verwachtings- en beleidszones kan er gerichter en beter archeologisch onderzoek worden uitgevoerd, doordat de zones waarin archeologisch onderzoek nodig is kleiner zijn dan op de beleidskaart uit 2009. Met het actualiseren van de archeologische beleidskaart en de daarmee verbonden bestemmingsplanregelingen is het de verwachting dat er minder vaak archeologisch onderzoek vereist is bij ontwikkelingen van burgers, bedrijven en overheden. Tegelijkertijd zullen de onderzoeken die wel moeten worden uitgevoerd, vaker leiden tot het aantreffen van een archeologische vindplaats en daarmee de kennis van het verleden van de gemeente Pijnacker-Nootdorp vergroten.

Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van 14 december 2022 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Binnen die termijn konden zienswijzen naar voren worden gebracht. Van die mogelijkheid hebben drie (rechts)personen gebruik gemaakt. Die zienswijzen zijn in dit document samengevat en voorzien van een beantwoording. Met de vaststelling van het bestemmingsplan beslist de gemeenteraad tevens op de ingediende zienswijzen. Van de mogelijkheid een toelichting te geven op de ingediende zienswijzen heeft niemand gebruik gemaakt. Wie het niet eens is met het besluit van de gemeenteraad kan tegen het besluit in beroep gaan. Verderop in deze nota wordt daarover meer uitleg gegeven.

2

ZIENSWIJZEN

1.

Stedin Postbus 49 3000 AA Rotterdam

Reactie: Stedin geeft aan dat in het gebied diverse kabels en leidingen van Stedin zijn gesitueerd en dat de beoogde wijzigingen mogelijk gevolgen hebben voor de hier aanwezige ondergrondse- en bovengrondse infrastructuur. Zo stelt Stedin de volgende vragen: 1. Is het zo dat een vergunningplicht geldt bij bepaalde grondbewerkingen indien in de regels staat dat ‘voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden’ een vergunningplicht geldt bij bepaalde grondbewerkingen? 2. Zo ja, hoe verhoudt dit zich tot het vervangen of verwijderen van kabels en leidingen in een bestaand tracé? Kan dan worden teruggevallen op de uitzondering op het verbod die is opgenomen voor werken en/of werkzaamheden die normaal beheer en onderhoud (lid a) inhouden? 3. Zo nee, dan verzoekt Stedin een extra uitzonderingsregel op te nemen over vervanging of verwijdering of te wel beheer en onderhoud van kabels en leidingen (in dezelfde sleuf). Een vergunningplicht zou een onnodige administratieve last betekenen voor zowel Stedin en de gemeente.

Beantwoording: Wij danken indiener van deze zienswijze voor zijn reactie. Het is inderdaad zo dat in het plangebied diverse kabels en leidingen zijn gesitueerd. In reactie op de gestelde vragen zal hieronder per vraag een antwoord worden gegeven. 1. Ja, want in de regels van het ontwerpbestemmingsplan wordt voor alle dubbelbestemmingen met een ‘Waarde-Archeologie’ het volgende geregeld: 4.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1 Omgevingsvergunningplicht Behoudens het bepaalde in sublid 4.3.2, is het verboden zonder een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag op en in de in lid 4.1 bedoelde gronden de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, over een oppervlakte van meer dan 50 m²: a. het uitvoeren van graafwerkzaamheden, het roeren en omwoelen van gronden, dieper dan 0,3 m onder peil; b. het verlagen van de bodem en afgraven van gronden, dieper dan 0,3 m onder peil; c. het graven of anderszins aanbrengen van watergangen en waterpartijen, dieper dan 0,5 m onder peil; d. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen; e. het ophogen en egaliseren van gronden. 4.3.2 Uitzonderingen omgevingsvergunningplicht Het in sublid 4.3.1 gestelde verbod geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden: 3

a. in het kader van het normale beheer en onderhoud; b. in het kader van het uitvoeren van een bouwplan voor een bouwwerk als bedoeld in sublid 4.2.2; c. die uit een oogpunt van bescherming van de archeologische verwachtingswaarde van niet ingrijpende betekenis zijn; d. in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een ter zake deskundige; e. waarmee op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan: 1. is begonnen, voor zover daarvoor tot dat tijdstip geen omgevingsvergunning was vereist; 2. is of mag worden begonnen krachtens een verleende omgevingsvergunning.

Daarin is dus inderdaad aangegeven dat het verboden is zonder omgevingsvergunning de genoemde werken of werkzaamheden uit te voeren, behoudens de uitzonderingen zoals geregeld in sublid 4.3.2 (uitzonderingen omgevingsverguningplicht). 2.

Deze uitzonderingen houden onder meer in ‘het uitvoeren van werken of werkzaamheden in het kader van het normale beheer en onderhoud’ (onder a). Dat Stedin er in dit verband vanuit gaat dat bij het vervangen of verwijderen van kabels en leidingen in een bestaand tracé kan worden teruggevallen op de uitzondering op het verbod die is opgenomen voor werken en/of werkzaamheden die normaal beheer en onderhoud betreffen is daarom correct.

3.

Een extra uitzonderingsregel hiervoor opnemen is derhalve niet nodig.

Conclusie: De ingediende zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.

2.

Dunea Postbus 756 2700 AT Zoetermeer

Reactie: In het geschetste gebied liggen transportleidingen van Dunea, de meeste transportleidingen zijn echter opgenomen in de vigerende bestemmingsplannen. Aangezien dit gaat om een “bovenliggend” paraplubestemmingsplan geeft Dunea aan daar verder geen op- of aanmerkingen op te hebben.

Beantwoording: Wij danken indiener van deze zienswijze voor zijn reactie en nemen deze ter kennisgeving aan.

Conclusie: De ingediende zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.

4

3.

TenneT TSO B.V. Postbus 718 6800 AS Arnhem

Reactie: Binnen de grenzen van het paraplubestemmingsplan bevinden zich ondergrondse- en bovengrondse hoogspanningsverbinding Wateringen-Bleiswijk 150 kV in het bezit van TenneT. In het betreffende plan zijn voorwaarden opgenomen waarbij onderzoek wordt vereist bij bodemverstoringen dieper dan 30 cm onder het maaiveld voor gronden waar archeologische waarden zijn verwacht. Voor onderhoudswerkzaamheden aan de hoogspanningsverbindingen zal TenneT deze grens overschrijden rondom de bovengrondse- en ondergrondse hoogspanningsverbinding. Daarom ziet TenneT graag dat een aanpassing wordt opgenomen dat voor onderhoudswerkzaamheden van de leidingbeheerder een uitzondering kan worden gemaakt op deze regel om te voorkomen dat voor het benodigde onderhoud onderzoek naar de grond wordt vereist. Beantwoording: Wij danken indiener van deze zienswijze voor zijn reactie. Het is inderdaad zo dat zich binnen de grenzen van het paraplubestemmingsplan de genoemde ondergrondse- en bovengrondse hoogspanningsverbinding Wateringen-Bleiswijk 150 kV bevindt. Dat TenneT voor onderhoudswerkzaamheden de grens van dieper dan 30 cm onder het maaiveld zal overschrijden is niet erg. In de planregels is daar reeds rekening mee gehouden.

Op de in de verschillende dubbelbestemmingen (Waarde-Archeologie 1, 2 en 3) opgenomen vergunningplicht is telkens een uitzondering gemaakt voor werkzaamheden in het kader van normaal beheer en onderhoud, zie de regeling hieronder (4.3.2 onder a). Een extra uitzonderingsregel is derhalve niet nodig. 4.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1 Omgevingsvergunningplicht Behoudens het bepaalde in sublid 4.3.2, is het verboden zonder een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag op en in de in lid 4.1 bedoelde gronden de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, over een oppervlakte van meer dan 50 m²: a. het uitvoeren van graafwerkzaamheden, het roeren en omwoelen van gronden, dieper dan 0,3 m onder peil; b. het verlagen van de bodem en afgraven van gronden, dieper dan 0,3 m onder peil; c. het graven of anderszins aanbrengen van watergangen en waterpartijen, dieper dan 0,5 m onder peil; d. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen; e. het ophogen en egaliseren van gronden. 4.3.2 Uitzonderingen omgevingsvergunningplicht Het in sublid 4.3.1 gestelde verbod geldt niet voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden: a. in het kader van het normale beheer en onderhoud; b. in het kader van het uitvoeren van een bouwplan voor een bouwwerk als bedoeld in sublid 4.2.2; c.

die uit een oogpunt van bescherming van de archeologische verwachtingswaarde van niet ingrijpende betekenis zijn; d. in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een ter zake deskundige; e. waarmee op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan: 1. is begonnen, voor zover daarvoor tot dat tijdstip geen omgevingsvergunning was vereist; 5

2. is of mag worden begonnen krachtens een verleende omgevingsvergunning.

Conclusie: De ingediende zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.

CONCLUSIE EN VERVOLGPROCEDURE

De ingediende zienswijzen geven geen aanleiding wijzigingen aan te brengen in het bestemmingsplan ten opzichte van het ontwerp zoals dat ter inzage heeft gelegen. Er is desalniettemin een aantal andere ambtshalve wijzigingen noodzakelijk gebleken. Deze wijzigingen staan beschreven in de staat van wijzigingen. Na de (gewijzigde) vaststelling van het bestemmingsplan kunnen indieners van zienswijzen een beroep instellen tegen het vastgestelde bestemmingsplan, dat gedurende zes weken ter inzage wordt gelegd. Het bestemmingsplan treedt in werking de dag nadat de beroepstermijn afloopt, tenzij de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verzocht wordt een voorlopige voorziening te treffen. Zij die een zienswijze hebben ingediend bij de gemeenteraad kunnen in ieder geval tegen de vaststelling van het plan door de gemeenteraad beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Voorts kunnen zij die kunnen aantonen redelijkerwijs niet in staat te zijn geweest een zienswijze bij de gemeenteraad in te dienen, alsmede eenieder voor zover het wijzigingen betreft die door de gemeenteraad bij de vaststelling zijn aangebracht, beroep instellen. Aan het instellen van beroep en eventueel het vragen van een voorlopige voorziening zijn kosten verbonden.

Meer informatie daarover is verkrijgbaar bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State of via www.raadvanstate.nl.

6

STAAT VAN WIJZIGINGEN

betreft Toelichting Algemeen Planidentificatie

P. 5, tweede alinea

P. 6, afbeelding 1

P. 7-9, tabel bestemmingsplannen P. 11, paragraaf 2.2

P. 15, paragraaf 4.1

wijziging

Wijziging is gebaseerd op

Kleine tekstuele aanpassingen en verbetering van feitelijke onjuistheden. De planidentificatie wordt gewijzigd in: NL.IMRO.1926.bp000220141-4001

Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging

De rapportage die door Archeologie Delft is opgeleverd in 2022 is in 2023 herzien en nog verder geactualiseerd. 2022 wordt daarom 2023 en de nieuwe rapportage dient de oude te vervangen. Deze afbeelding vervangen door de definitieve Archeologische beleidskaart.

Ambtshalve wijziging (in overleg met Archeologie Delft)

Deze tabel wordt geactualiseerd op basis van de laatste vastgestelde plannen. Achter de eerste zin van de eerste alinea een komma verwijderen en in de eerste zin van de tweede alinea het woord anti dubbeltelbepaling vervangen door: anti-dubbeltelbepaling. Achter de laatste zin wordt een punt toegevoegd.

Ambtshalve wijziging (in overleg met Archeologie Delft) Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging

Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging

P. 17, paragraaf 5.2

Deze paragraaf wordt aangevuld. Er zijn 3 zienswijzen ingediend en deze zijn beantwoord in de ‘Nota van beantwoording zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie’, welke is toegevoegd als bijlage.

Bijlage 1 bij de toelichting ‘Gemeentelijke archeologische beleidskaart PijnackerNootdorp’ Nieuwe bijlage bij de toelichting

Deze bijlage wordt vervangen door de nieuwe versie van de ‘Delftse Archeologische Notitie’ van dit jaar (2023).

Ambtshalve wijziging

‘Nota van beantwoording zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Archeologie’ wordt als geanonimiseerde versie bijgevoegd als bijlage bij de toelichting op plan.

Ambtshalve wijziging

Kleine tekstuele aanpassingen en verbetering van feitelijke

Ambtshalve

Regels Algemeen

7

Planidentificatie

onjuistheden. De planidentificatie wordt gewijzigd in: NL.IMRO.1926.bp000220141-4001

wijziging Ambtshalve wijziging

Hoofdstuk 1, artikel 1

Achter alle begrippen wordt een dubbele punt geplaatst

Hoofdstuk 1, artikel 1.1

De woorden ‘Pijnacker-Nootdorp’ worden niet meer dikgedrukt opgenomen. Het begrip ‘peil’ wordt uit dit bestemmingsplan geschrapt.

Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging

Hoofdstuk 1, artikel 1.10 P. 7-9, artikel 3 Hoofdstuk 2, artikelen 4.3.1 onder c, 5.3.1, onder c en 6.3.1, onder c.

Deze lijst wordt geüpdatet op basis van de laatste vastgestelde plannen. ‘het graven of anderszins aanbrengen van watergangen en waterpartijen, dieper dan 0,5 m onder peil’ wordt vervangen door: ‘het graven of anderszins aanbrengen van watergangen en waterpartijen, dieper dan 0,3 m onder peil’.

Verbeelding Planidentificatie De verbeelding wordt herzien.

De planidentificatie wordt gewijzigd in: NL.IMRO.1926.bp000220141-4001 Alle groene oplichtende velden, waar eerst een bepaalde ‘Waarde-Archeologie’ op rustte, worden in het vastgestelde plan niet meer voorzien van een dubbelbestemming ‘WaardeArcheologie’ (zie kaartje hieronder).

Ambtshalve wijziging Ambtshalve wijziging (in overleg met Archeologie Delft)

8

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13100745/2