Incidentele middelen jeugdzorg 2022
Tekst van het document
Informatienota raad
beeldvorming op oordeelvorming op besluitvorming op
invullen organisatie
zaaknummer
1262968
berichtnummer
1135362
onderwerp reden portefeuillehouder behandeld in college
incidentele middelen jeugdzorg 2022 Actieve informatieplicht Peter Hennevanger 30 juni 2021
afdeling
BDV
bijlagen
Brief d.d. 29 juni 2021 van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de verdeelwijze incidentele middelen jeugdzorg 2022
pagina
1/2
Informatienota raad
Geachte leden van de raad, Op 29 juni is door het Ministerie van BZK een brief gepubliceerd die informatie verschaft over de incidentele middelen jeugdzorg 2022 die zijn aangekondigd bij de meicirculaire 2021. De toekenning van deze middelen is een uitkomst van het advies van de Commissie van Wijzen over de structurele financiering van de jeugdzorg. Het kabinet stelt op basis van dit advies € 1,828 miljard extra beschikbaar in 2022. Hiervan wordt € 214 miljoen ingezet voor maatregelen waarover VNG en Rijk al overeenstemming hebben en is door gemeenten al € 300 miljoen als voorschot opgenomen. Er resteert € 1,314 miljard waarvan besloten is om dit te verdelen via de algemene uitkering. In de septembercirculaire 2021 wordt dit bedrag daadwerkelijk verdeeld. Voor nu is door het ministerie een indicatie gegeven van het bedrag per gemeente. Gebaseerd op de huidige verhoudingen van de verdeling van het gemeentefonds gaat het voor onze gemeente om € 3,9 mln. incidenteel extra inkomsten. De definitieve uitkomst zal hiervan afwijken doordat de maatstaven op basis waarvan de verdeling plaatsvindt, voor die periode nog geactualiseerd worden in aantallen en gewicht. Een nieuw kabinet zal moeten besluiten over de structurele financiën. Hierbij zal het opstellen en uitvoeren van een Hervormingsagenda een voorwaarde zijn.
Het bedrag van € 1,828 miljard uit het advies van de Commissie van Wijzen vormt de basis. Het in 2023 in mindering gebrachte bedrag van € 214 miljoen voor maatregelen voor bezuinigingen zal oplopen met afnemende extra inkomsten voor gemeenten als gevolg. Deze nieuwe informatie wordt door ons betrokken bij de voorstellen die u in de Programmabegroting 2022-2025 worden voorgelegd. Ook zullen wij in nauw overleg met de provincie als toezichthouder bekijken op welke wijze wij met toekomstige extra inkomsten om moeten gaan in de Programmabegroting 2022-2025. Het college van Pijnacker-Nootdorp,
J.P.R. Woudstra secretaris
pagina
2/2
mw. F. Ravestein burgemeester