CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7 - Intentieovereenkomst BPD Ontwikkeling BV

Raad Besluitvorming 3 december 2024, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 15475991.326 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

INTENTIEOVEREENKOMST Inzake de realisatie van een opvanglocatie voor vluchtelingen en flexwoningen in de gemeente Pijnacker-Nootdorp Partijen: 1.

BPD Ontwikkeling B.V., statutair gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudende te (1076CV) Amsterdam, IJsbaanpad 1, mede kantoorhoudende te (2612 PA) Delft, Poortweg 2, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 08013158, hierbij krachtens volmacht rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer P.B.J.M. Joosen, regiodirecteur regio Zuid-West, hierna te noemen “BPD” en

2.

de gemeente Pijnacker-Nootdorp, zetelend te (2641 EZ) Pijnacker, Oranjeplein 1, Postadres: Postbus 1, 2640 AA Pijnacker, op grond van het bepaalde in artikel 171 Gemeentewet rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar burgemeester de heer B.D. Lugthart, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders d.d. 1 oktober 2024 met kenmerk 1535813, hierna te noemen ‘gemeente';

BPD en de gemeente hierna gezamenlijk ook te noemen “Partijen” en afzonderlijk “Partij”.

Overwegende dat: a. de gemeente een maatschappelijke en wettelijke verantwoordelijkheid heeft om een b. c.

d.

e.

opvanglocatie voor vluchtelingen te realiseren; het aantal op te vangen vluchtelingen op basis van de Spreidingswet thans uitkomt op 397; de gemeente tegelijkertijd een grote behoefte heeft aan (tijdelijke) woningen - in de vorm van zogenoemde flexwoningen - voor met name starters en spoedzoekers, waarbij geldt dat onder spoedzoekers onder meer wordt verstaan woningzoekenden die door uitzonderlijke situaties per direct op zoek zijn naar onderdak; de gemeente zich bereid heeft verklaard naar een locatie te zoeken binnen de gemeentegrenzen voor een periode van 5 tot 10 jaar - te rekenen vanaf 2025 waarop zowel opvang voor vluchtelingen als flexwoningen kunnen worden gerealiseerd; de gemeenteraad aan het college opdracht heeft gegeven om een uitvoeringsplan te vervaardigen waarin naast een locatieonderzoek ook een maatschappelijke verkenning voor de vestiging van een opvanglocatie op de voorkeurslocatie is

opgenomen waarover een intensief participatietraject in de gemeente is doorlopen; f. de gemeenteraad op basis van dit uitvoeringsplan een definitief besluit zal nemen; g. in de zoektocht naar een geschikte locatie partijen uitgekomen zijn op een locatie tussen de Nootdorpseweg en de Rijskade in Pijnacker (zie bijgevoegde tekening), hierna te noemen “de voorkeurslocatie”; h. de voorkeurslocatie in eigendom is bij BPD en zij deze locatie heeft verworven met het oog op woningbouwontwikkeling; i. de gemeente met BPD in gesprek is getreden met de vraag of BPD bereid is de voorkeurslocatie tijdelijk aan te willen wenden voor de realisatie van een opvanglocatie voor vluchtelingen én flexwoningen; j. de gemeente deze ontwikkeling ziet als één integrale ontwikkeling; k. BPD heeft aangegeven de maatschappelijke verantwoordelijkheid te onderkennen en in principe bereid te zijn de voorkeurslocatie voor deze opgaven aan te willen wenden; l. De provincie Zuid-Holland aan de gemeente kenbaar heeft gemaakt bereid te zijn, onder voorwaarden, voor deze opgaven op de locatie een ontheffing te willen verlenen ten einde het voornoemde tijdelijke gebruik voor opvang van vluchtelingen en realisatie van tijdelijke flexwoningen ruimtelijk mogelijk te maken; m.

Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna: “COA”) aan de gemeente kenbaar heeft gemaakt de voorkeurslocatie geschikt te vinden en, onder voorbehoud van (financiële) haalbaarheid, opvang van vluchtelingen te willen realiseren; n. De gemeente een ruimtelijke onderbouwing gaat opstellen, om enerzijds zich in een vroegtijdig stadium definitief te verzekeren van de medewerking en goedkeuring van de Provincie Zuid-Holland, en anderzijds de (ruimtelijke en milieukundige) randvoorwaarden voor de uitwerking en inrichting van de voorkeurslocatie te bepalen; o. De gemeente, in samenspraak met BPD, programmatische uitgangspunten zal definiëren voor de flexwoningen (bouwprogramma, bouwvlakken, ontsluiting, invulling openbare ruimte etc.); p. Het met het oog op mogelijk toekomstige ontwikkelingen op de voorkeurslocatie zaak is efficiënt om te gaan met de inrichting van de voorkeurslocatie en het doen van investeringen voor het bouwrijp- en woonrijpmaken; q. Afspraken moeten worden gemaakt over de uitvoering van de publieke taak als het beheer en onderhoud van de openbare ruimte alsmede handhaving van de openbare orde; r. Naast de ruimtelijke onderbouwing en inrichting het ook van belang is aandacht te besteden aan de doelgroepen die gehuisvest worden in de vluchtelingenopvang en/of de flexwoningen om zodoende tot een evenwichtige integrale ontwikkeling te komen; s.

BPD zich zal inspannen om met het COA tot nadere afspraken te komen in de vorm van verhuur van het gedeelte van de voorkeurslocatie dat wordt ingericht ten

behoeve van de opvang van vluchtelingen; t. BPD wenst te onderzoeken of zij zelf (al dan niet met partners en/of een woningcorporatie) de voorgestelde flexwoningen op de voorkeurslocatie kan laten realiseren en exploiteren; u. BPD onderkent dat het in verband met het creëren van maatschappelijk en politiek draagvlak voor een opvanglocatie essentieel is dat op de voorkeurslocatie ook flexwoningen dienen te worden gerealiseerd; v. Partijen vooruitlopend op het eventueel aangaan van een (anterieure) overeenkomst voor de realisatie van de voorgestelde flexwoningen alvast hun intenties wensen vast te leggen in deze intentieverklaring. Verklaren te zijn overeengekomen als volgt: I. Partijen zijn voornemens de voorkeurslocatie te ontwikkelen en geschikt te maken ten behoeve van enerzijds een tijdelijke opvanglocatie voor vluchtelingen én anderzijds de realisatie van tijdelijke flexwoningen, een en ander zoals weergegeven op de bijgevoegde schetstekening (bijlage 1) II. Op basis van een door de gemeente op te stellen ruimtelijke onderbouwing en daaruit volgende randvoorwaarden voor de inrichting van de voorkeurslocatie, wordt in samenspraak met het COA en BPD, een (inrichtings)plan ontwikkeld en vervaardigd, dat vervolgens door alle betrokken stakeholders (gemeente, COA en BPD) dient te worden goedgekeurd; III.

BPD zal overgaan tot het maken van afspraken met het COA over het gebruik en het verhuren van een deel van de voorkeurslocatie dat wordt ingericht voor de opvang van vluchtelingen; IV. BPD zal in beginsel zelf het andere gedeelte van de voorkeurslocatie voor flexwonen exploiteren (grondexploitatie) en de flexwoningen ontwikkelen en laten realiseren en exploiteren , waarbij rekening wordt gehouden met de door de gemeente in overleg met BPD op te stellen programmatische uitgangspunten; V. BPD zal, op het moment dat het gestelde onder IV. niet kan worden verwezenlijkt, de betreffende grond onder nader overeen te komen voorwaarden tijdelijk ter beschikking stellen aan de gemeente ten behoeve van het realiseren van tijdelijke flexwoningen, waarbij de vorm en inhoud van de te maken afspraken alsdan zullen worden bepaald; VI. Partijen zullen bij het maken van nadere afspraken rekening houden met het maatschappelijk belang van de integrale ontwikkeling van de opvanglocatie voor vluchtelingen én de flexwoningen; VII.

De gemeente zal zich inspannen om de voorkeurslocatie blijvend voor woningbouw beschikbaar te houden op het moment dat over 10 jaar, derhalve vanaf 2035, de opvanglocatie voor vluchtelingen wordt opgeheven, dan wel de instandhoudingstermijn van de flexwoningen met een nader overeen te komen termijne verlengen, waarbij een verlenging met 2x5 jaar, indien mogelijk kan worden toegepast ; VIII. De onderhavige intentieovereenkomst wordt dan ook aangegaan onder het

voorbehoud dat: o De gemeenteraad het besluit neemt op de voorkeurslocatie een opvanglocatie en de flexwoningen te willen realiseren; o De provincie Zuid-Holland definitief medewerking verleent aan de voorgenomen ontwikkeling als in deze intentieverklaring omschreven; o Het COA tot een financieel, technisch en ruimtelijk haalbare ontwikkeling van de opvanglocatie voor vluchtelingen kan komen en hiertoe met de gemeente eveneens een intentieovereenkomst is aangegaan. IX. Alle eventueel uit onderhavige intentieovereenkomst voor BPD voortvloeiende

overeenkomsten worden door BPD aangegaan onder het nadrukkelijke voorbehoud (opschortende voorwaarde!) van goedkeuring van de managing board van BPD Europe B.V., zijnde de moederonderneming van BPD. X. Op onderhavige intentieovereenkomst is Nederlands recht van toepassing. Eventuele geschillen zullen worden beslecht door de daartoe bevoegde burgerlijke rechter.

Aldus overeengekomen, opgemaakt en ondertekend te Pijnacker / Delft Datum, 1 oktober 2024

Datum, 1 oktober 2024

Gemeente Pijnacker-Nootdorp

BPD Ontwikkeling BV

Signed By: Bjorn Lugthart <B.lugthart@pijnacker-nootdorp.nl> 02/10/2024 09:21:00 CEST ID: 0611c4e2-be25-4a22-8ce7-4f04301126f7

{{Signer1}} Auth: Scribble

{{Signer2}}

Signed By: Pbjm Joosen <p.joosen@bpd.nl> 02/10/2024 09:43:16 CEST ID: 0611c4e2-be25-4a22-8ce7-4f04301126f7 Auth: Scribble

B.D. Lugthart

P.B.J.M. Joosen

Burgemeester

Directeur

Bijlage: Schetsmatige weergave voorkeurslocatie en indeling opvanglocatie en flexwonen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14822371/2