Bijlage 5e - Bijlage 1 bij de Toelichting - Nota van beantwoording voorontwerpbestemmingsplan Ypenburg-Nieuwe Veen (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Nota van beantwoording inspraak- en vooroverlegreacties voorontwerpbestemmingsplan ‘Ypenburg Nieuwe Veen’ (geanonimiseerd)
Afdeling Ruimte, Belastingen en Gegevensbeheer
Team Ruimte / Cluster RO-juridisch
2
Inhoudsopgave Inleiding .................................................................................................................................................... 4 Hoofdstuk 1: inspraakreacties ...................................................................................................................... 5 Hoofdstuk 2: Vooroverlegreacties (ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening) ................................................. 7 Hoofdstuk 3: Staat van wijzigingen ..............................................................................................................17
3
Inleiding Op 13 februari 2019 heeft in de Telstar een themapagina gestaan over het voorontwerpbestemmingsplan ‘Ypenburg-Nieuwe Veen’. Ten behoeve van inspraak heeft het voorontwerp vervolgens vanaf donderdag 14 februari 2019 gedurende zes weken ter inzage gelegen in het gemeentekantoor te Pijnacker. Tevens was het plan digitaal te raadplegen. Vooruitlopend op deze publicatie het voorontwerp naar alle betrokken overleginstanties toegestuurd in het kader van het overleg als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening. In de beginperiode van de terinzagelegging van het voorontwerpbestemmingsplan is op 26 februari 2019 een informatieavond georganiseerd. Geïnteresseerden in het plan zijn door medewerkers van de gemeente geïnformeerd. Naar aanleiding van het voorontwerp is 1 inspraakreactie binnengekomen, alsmede 7 reacties van vooroverlegpartners. Het standpunt van het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot de ingediende inspraak- en vooroverlegreacties is verwoord in de voorliggende Nota van beantwoording. De Nota van beantwoording inspraak-en vooroverlegreacties zal als zodanig worden opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan. Tegen deze Nota kunnen geen bezwaren worden ingediend.
Vervolgprocedure op basis van huidige Wet ruimtelijke ordening Het college van burgemeester en wethouders zal vervolgens de Nota van beantwoording en het ontwerpbestemmingsplan aan de gemeenteraad aanbieden met het verzoek hiermee in te stemmen en het ontwerp vrij te geven voor zienswijzen. Daarna wordt een ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. In dat ontwerp zal het gemeentelijke standpunt naar aanleiding van de inspraak- en vooroverlegreacties zijn verwerkt, alsmede mogelijke ambtshalve wijzigingen. Tegen het ontwerpbestemmingsplan kunnen zienswijzen worden ingebracht. Vervolgens zal de gemeenteraad naar aanleiding van het ontwerpbestemmingsplan én de hiertegen ingebrachte zienswijzen, het bestemmingsplan vaststellen. Tegen dit vastgestelde bestemmingsplan staat, kort gezegd, voor hen die zienswijzen hebben ingediend dan wel tegen bij vaststelling aangebrachte wijzigingen, beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze hoogste bestuursrechter zal de bezwaren in beroep wegen en er een oordeel over geven. Leeswijzer In de voorliggende Nota van beantwoording inspraak- en vooroverlegreacties wordt eerst een overzicht gegeven van de binnengekomen inspraakreacties in hoofdstuk 1. In dit hoofdstuk worden de inspraakreacties samengevat en voorzien van het voorlopige standpunt van het college van burgemeester en wethouders.
In hoofdstuk 2 wordt verslag gedaan van de reacties van het overleg ex artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening. Elke reactie is samengevat en voorzien van een beantwoording. Tenslotte omvat hoofdstuk 3 de Staat van wijzigingen waarin de belangrijkste ambtshalve en overige wijzigingen kort zijn weergegeven. Wellicht ten overvloede wordt opgemerkt dat de voorliggende Nota van beantwoording inspraak- en vooroverlegreacties een voorlopig standpunt inhoudt én dat het aan de gemeenteraad is om het bestemmingsplan uiteindelijk vast te stellen. Aan de hiernavolgende collegestandpunten kunnen aldus geen rechten worden ontleend.
4
Hoofdstuk 1: inspraakreacties In dit hoofdstuk zullen eerst de ingekomen inspraakreacties op een rij worden gezet. Daarna wordt iedere inspraakreactie afzonderlijk voorzien van een beantwoording. In de conclusie die onder iedere inspraakreactie staat, wordt samengevat of en tot welke wijzigingen de ontvangen inspraakreactie leidt. Overzicht ingediende inspraakreacties nr. 1.
Ontvangen van: Dhr. Gips Veenweg 40 Nootdorp
Datum ontvangst: 5 maart 2019
5
1. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
5 maart 2019 Dhr. Gips Gronden rondom kerkgebouw
Ingediende inspraakreactie Door betrokkenen worden de volgende punten naar voren gebracht: a.
b.
c.
d.
Reclamant spreekt zijn waardering uit voor de groenbestemmingen rondom de kerk. De cultuurhistorische groenstructuren rondom de kerk zijn van grote waarde en horen onderdeel te zijn van het monument. De kerk is een monument in haar omgeving. De tuin dient dan ook als zodanig bestemd te worden. Reclamant waardeert het dat het gebied tegenover de kerk de bestemming groen heeft. Van oudsher hoort dit bij de kerk. De groenbestemming zorgt voor een versterking van het monument in haar omgeving. De watergangen rondom de kerk dienen behouden te blijven om het monument en haar omgeving, gebruik en beleving te garanderen. Reclamant waardeert het bestemmen van de watergangen. Reclamant pleit ervoor om de kerk met haar groen blauwe structuren in zijn geheel aan te wijzen als monument.
Reactie gemeente a.
b. c. d.
Een deel van de groene invulling ten zuidwesten van de kerk worden in de nabije toekomst ingericht als parkeerplaats en zal dan ook de bestemming Verkeer krijgen. Het overgrote deel van de tuin en begraafplaats van de kerk zijn voorzien van de bestemming Maatschappelijk, waarbij het gebruik van de tuin in overeenstemming is met haar bestemming. Het beperken van de bestemming van de tuin van de kerk is onwenselijk. De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. De opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen. Het kerkgebouw en de pastorie zijn aangewezen als rijksmonument (monumentnummer 516025). Uit de nadere beschrijving van het aanwijzingsbesluit blijk dat alleen de beide gebouwen monumentale waardes hebben. Ondanks dat de omliggende groenstructuren van invloed zijn op de beleving van het monument hebben deze geen monumentale waarde.
Conclusie De reactie van reclamant heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
6
Hoofdstuk 2: Vooroverlegreacties (ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening) In dit hoofdstuk zijn de vooroverlegreacties ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening samengevat en van een beantwoording voorzien. In de conclusie die onder iedere vooroverlegreactie staat, wordt samengevat of en tot welke wijzigingen de ontvangen inspraakreactie leidt. Overzicht ingediende vooroverlegreacties 1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
TenneT TSO B.V. Utrechtseweg 310 Arnhem Dunea Plein vd Verenigde Naties 11 Zoetermeer Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid Ministerie van Infrastructuur en Milieu Boompjes 200 Rotterdam Gasunie Transport Services B.V. Concourslaan 17 Groningen Veiligheidsregio Haaglanden Dedemsvaartweg 1 Den Haag Hoogheemraadschap van Delfland Phoenixstraat 32 Delft Milieuplatform Pijnacker-Nootdorp Postbus 1 Pijnacker
4 februari 2019
1 februari 2019
27 februari 2019
28 februari 2019
5 maart 2019
7 maart 2019
7 maart 2019
7
1. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
4 februari 2019 Tennet TSO Geen opmerkingen
Ingediende vooroverlegreactie Door betrokkene worden de volgende punten naar voren gebracht: a.
Tennet heeft geen opmerkingen op het plan
Reactie gemeente a.
De opmerking van reclamant wordt voor kennisgeving aangenomen.
Conclusie De reactie van reclamant heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
8
2. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
1 februari 2019 Dunea Geen opmerkingen
Ingediende vooroverlegreactie Door betrokkene worden de volgende punten naar voren gebracht: a.
Dunea heeft geen opmerkingen op het plan
Reactie gemeente a.
De opmerking van reclamant wordt voor kennisgeving aangenomen.
Conclusie De reactie van reclamant heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
9
3. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
27 februari 2019 Rijkswaterstaat Spoorlijn
Ingediende vooroverlegreactie Door betrokkene worden de volgende punten naar voren gebracht: a.
De spoorlijn langs de A12 heeft deels de enkelbestemming Verkeer-Wegverkeer
Reactie gemeente a.
De opmerking van reclamant is correct. De spoorlijn wordt bestemd als Verkeer-Railverkeer
Conclusie De reactie van reclamant heeft geleid tot de volgende aanpassing van het bestemmingsplan: • De spoorlijn naast de A12 wordt bestemd als Verkeer-Railverkeer
10
4. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
28 februari 2019 Gasunie Gasleiding
Ingediende vooroverlegreactie Door betrokkene worden de volgende punten naar voren gebracht: a.
b. c.
De aangegeven maatgeving van de belemmeringenstrook in artikel 15.1 is te breed. De belemmeringenstrook voor regionale aardgastransportleidingen dient wettelijk 4 meter ter weerszijden van de hartlijn van de leiding te bedragen. Reclamant verzoekt de gemeente daarom om het artikel aan te passen tot de hierboven genoemde afstand. Daarnaast heeft de gemeente op de verbeelding reeds een strook opgenomen van 4 meter ter weerszijden wat in tegenspraak is met de opgenomen planregels. Reclamant verzoekt u om in artikel 15.4 lid a het woord 'onevenredige' te schrappen. Reclamant verzoekt u om in artikel 15.5.3 lid a het woord 'onevenredige' te schrappen.
Reactie gemeente a. b. c.
De opmerking van reclamant is correct. De maatvoering in artikel 15.1 wordt aangepast naar 4 meter. De opmerking van reclamant is correct. Het woord 'onevenredige' in artikel 15.4 lid a wordt geschrapt. De opmerking van reclamant is correct. Het woord 'onevenredige' in artikel 15.5.3 lid a wordt geschrapt.
Conclusie De reactie van reclamant heeft geleid tot de volgende aanpassing van het bestemmingsplan: • De maatvoering in artikel 15.1 wordt aangepast naar 4 meter. • Het woord 'onevenredige' in artikel 15.4 lid a wordt geschrapt. • Het woord 'onevenredige' in artikel 15.5.3 lid a wordt geschrapt.
11
5. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
5 maart 2019 Veiligheidsregio Haaglanden Veiligheid
Ingediende vooroverlegreactie Door betrokkene worden de volgende punten naar voren gebracht: a.
b.
Over de rijkswegen (A4, A13 en knooppunten Prins Clausplein en Ypenburg) vindt transport van toxische vloeistoffen en toxische gassen plaats. Deze hebben een invloedsgebied van meer dan 4000 meter. Waardoor het gehele plangebied in het invloedsgebied van transport met gevaarlijke stoffen (toxische vloeistoffen en toxische gassen) valt. Dit is niet opgenomen in het onderzoek. Er ligt een hoge druk aardgastransportleiding door het plangebied (W-539-01). Deze is correct opgenomen in de toelichting. Echter ligt er ook nog een hoge druk aardgastransportleiding tegen het plangebied aan (W-514-01). Deze leiding heeft een 100% letaliteitsafstand van 70 meter en een 1% letaliteitsafstand van 140 meter.
Reactie gemeente a.
De opmerking van reclamant is correct. De paragraaf externe veiligheid wordt aangevuld.
b.
De opmerking van reclamant is correct. De afstanden wordt naar 140 en 70 metermeter. Dit heeft echter geen gevolgen voor het bestemmingsplan.
Conclusie De reactie van reclamant heeft geleid tot de volgende aanpassing van het bestemmingsplan: • De paragraaf transport gevaarlijke stoffen over rijkswegen wordt aangevuld. • De afstand van de 1% letaliteitsgrens wordt vergroot naar 140 meter. • De afstand van de 100% letaliteitsgrens wordt vergroot naar 70 meter.
12
6. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
7 maart 2019 Hoogheemraadschap van Delfland Water
Ingediende vooroverlegreactie Door betrokkene worden de volgende punten naar voren gebracht: a. b.
c. d. e. f.
g. h.
i.
j. k.
In paragraaf 1.3 en 2.2.2 worden wijzigingen en wijzigingsbevoegdheden beschreven. Reclamant vraagt of deze met een afbeelding verduidelijkt kunnen worden. Bij het kopje Veiligheid en waterkeringen verzoekt reclamant de tekst met de volgende passage aan te vullen: Voor de werkzaamheden die worden uitgevoerd en werken die worden aangelegd binnen de zonering van de waterkering, is over het algemeen een watervergunning nodig. De definitieve uitwerking moet daarbij voldoen aan de criteria, die het hoogheemraadschap van Delfland stelt, en wordt nader met het Hoogheemraadschap van Delfland afgestemd. Bij het thema Waterkwaliteit en ecologie wordt een overeenkomst tussen Den Haag en Delfland aangehaald. Reclamant vraagt wat de relevantie voor dit plan is. Reclamant vraagt het bestemmingsplan aan te vullen met het thema Bodem en Grondwater. Reclamant vraagt aan te geven welk type riolering in het gebied aanwezig is. Reclamant vraagt om onder het kopje klimaatverandering het volgende op te nemen. Voor een vertraagde afvoer van het hemelwater zijn creatieve en efficiënte maatregelen mogelijk, zoals het ophogen van gronden, een hoger bouwpeil van woningen, open verharding ter plekke van parkeerplaatsen of water vasthouden op particulier terrein, bijvoorbeeld door middel van de aanleg van wadi’s, groene daken, het afkoppelen van hemelwater en dergelijke.
Bij het thema beheer en onderhoud verzoekt reclamant de term aanwonende te vervangen door aangelande. Reclamant verzoekt bij het thema beheer en onderhoud de alinea aan te vullen door specifieker te vermelden dat rekening moet worden gehouden met de onderhoudsstroken die voor onderhoud gelden. In het peilgebied zijn in verband met het lage maaiveld en de geringe drooglegging enkele potentiele knelpunten voor wateroverlast aanwezig. Ondanks dat het plan geen ontwikkelingen mogelijk maakt, vraagt reclamant deze knelpunten wel te benoemen, zodat deze mogelijk bij kleinschalige werkzaamheden meegenomen kunnen worden. In de bestemmingen Bedrijf en Maatschappelijk is de realisatie van water niet mogelijk. Reclamant vraagt dit mogelijk te maken. Langs de zuidzijde van het westelijke deel van het plangebied is een primaire watergang aanwezig. Reclamant kan niet beoordelen of deze in het plangebied is gelegen. Indien dit het geval is verzoekt reclamant deze op de verbeelding als water te bestemmen.
Reactie gemeente a.
De genoemde wijzigingen zijn beleidswijzigingen, die hebben geleid tot aanpassing van planregels. Daarnaast zijn er een aantal omgevingsvergunningen verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan. Ook deze zijn verwerkt in het plan. In de toelichting zal dan ook geen afbeelding worden opgenomen van onherroepelijke vergunningen. Dit zorgt namelijk 13
niet voor een verbetering van de leesbaarheid van het plan. b.
De tekstsuggestie van reclamant zal aan de toelichting worden toegevoegd.
c. d.
Abusievelijk is hier een overeenkomst met de gemeente Den Haag genoemd. Deze heeft geen relatie met dit bestemmingsplan. De waterparagraaf wordt aangevuld met het thema Bodem en Grondwater.
e.
In het gebied is een gescheiden rioolstelsel aangelegd.
f.
De tekstsuggestie van reclamant zal aan de toelichting worden toegevoegd.
g.
De tekstsuggestie van reclamant zal aan de toelichting worden doorgevoerd.
h.
De tekstsuggestie van reclamant zal aan de toelichting worden toegevoegd.
i.
De potentiele knelpunten voor wateroverlast die zijn ontstaan met betrekking tot de geringe drooglegging van het gebied worden benoemd bij het thema peilstijging. De opmerking van reclamant is correct. Bij de bestemmingen Bedrijf en Maatschappelijk zal de functie water worden toegevoegd. De primaire watergang is niet gelegen binnen het plangebied.
j. k.
Conclusie De reactie van reclamant heeft geleid tot de volgende aanpassingen van het bestemmingsplan: • De passage met betrekking tot een overeenkomst tussen Delfland en Den Haag in de paragraaf Waterkwaliteit is verwijderd • De waterparagraaf wordt aangevuld met het thema Bodem en grondwater. • Het thema klimaatverandering is aangevuld met de voorgestelde tektstpassage. • Bij het thema beheer en onderhoud wordt de term aanwonende vervangen door aangelande en wordt toegevoegd dat rekening gehouden dient te worden met onderhoudsstroken. • De potentiele knelpunten voor wateroverlast die zijn ontstaan met betrekking tot de geringe drooglegging van het gebied worden benoemd bij het thema peilstijging. • Bij de bestemmingen Bedrijf en Maatschappelijk is de functie water toegevoegd.
14
7. Ontvangen op: Ontvangen van: Onderwerp:
7 maart 2019 Milieuplatform Pijnacker-Nootdorp Geluid en Lucht
Ingediende vooroverlegreactie Door betrokkene worden de volgende punten naar voren gebracht: a.
b.
Naar het oordeel van het Milieuplatform gaat de passage omtrent geluid voorbij aan de feitelijke situatie, dat bewoners bijvoorbeeld aan de Veenweg, Zonnehof en Nieuwe Veen geluidsoverlast van met name A12 ervaren. Geluidshinder in zones langs A12 is dus wel degelijk aan de orde en vraagt om nadere visie en actie van de gemeente PijnackerNootdorp. Weten we eigenlijk wel hoe het werkelijk met de luchtkwaliteit in onze gemeente onder andere langs A12 is gesteld? Ook de gemeenteraad heeft zich dit afgevraagd bij de behandeling van de Visie en het Uitvoeringsprogramma Duurzame Mobiliteit op 29 september 2016. De motie roept het college op met een voorstel te komen voor het meten van de luchtkwaliteit in Pijnacker-Nootdorp, specifiek voor fijnstof, ultrafijnstof en NO2, voor die locaties waar verwacht mag worden dat de wettelijke grenswaarde wordt benaderd of wordt overschreden. Voor zover het Milieuplatform kan nagaan, is na 21 maart 2017 geen verdere actie ondernomen. Dit betekent dat de vier eerdergenoemde overwegingen uit de raadsmotie d.d. 29 september 2016 nog steeds actueel zijn. Ook nu weten we nog steeds niet hoe het werkelijk is gesteld met de luchtkwaliteit langs A12, A13 en N470 ! Het Milieuplatform adviseert daarom college en gemeenteraad na te gaan hoe alsnog uitvoering gegeven kan worden aan de strekking van de motie.
Reactie gemeente a.
b.
Reclamant geeft aan dat binnen de gemeente sprake is van geluidshinder door het verkeer dat op de A12 rijdt. Wij kunnen hierover mededelen dat wanneer wij dergelijke klachten ontvangen dit ook bespreken met de betreffende beheerder (in het geval van de A12 dus Rijkswaterstaat). De gemeente bespreekt vervolgens wat de mogelijkheden zijn om de hinder te beperken. Rijkswaterstaat treft alleen maatregelen wanneer de grenswaarden worden overschreden. Omdat er langs de A12 geen sprake is van overschrijding van de grenswaarden zijn zij ook niet bereid maatregelen uit te voeren om de hinder te beperken. De gemeente monitort jaarlijks wat de concentratie van luchtverontreinigende stoffen is in de gemeente. Dit doen wij voor de huidige en toekomstige situatie middels het monitoringsprogramma van het Nationale Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Op deze manier krijgen wij inzicht in de luchtkwaliteit langs de relevante wegen op basis van berekende waarden. Naast de lokale relevante wegen wordt dit ook voor de A12 en A13 gedaan. Dat wij zelf geen metingen uitvoeren betekent niet dat dit niet gedaan wordt. Ieder jaar beoordeelt het RIVM of de berekende waarden uit het monitoringsprogramma van het NSL overeenkomen met metingen van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML).
Op deze manier vindt kalibratie van het berekeningsmodel plaats en is er een betrouwbaar beeld van de luchtkwaliteit. De resultaten van de jaarlijkse monitoring zijn te raadplegen via de volgende website: www.nsl-monitoring.nl. 15
Conclusie De reactie van reclamant heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
16
Hoofdstuk 3: Staat van wijzigingen In voorgaande hoofdstukken is ingegaan op de diverse inspraak- en overlegreacties. Hieruit zijn enkele wijzigingen voortgekomen. In onderstaande tabel zijn bovengenoemde wijzigingen en de belangrijkste ambtshalve wijzigingen (ondergeschikte tekstuele wijzigingen en verbeteringen daar gelaten) opgenomen. Toelichting • In de paragraaf Externe veiligheid, thema transport gevaarlijke stoffen over rijkswegen wordt aangevuld. Hierbij wordt de afstand van de 1% letaliteitsgrens vergroot naar 140 meter en de afstand van de 100% letaliteitsgrens naar 70 meter; • In de waterparagraaf wordt bij het thema Waterkwaliteit de passage met betrekking tot een overeenkomst tussen Delfland en Den Haag verwijderd; • De waterparagraaf wordt aangevuld met het thema Bodem en grondwater; • De waterparagraaf thema klimaatverandering en het thema beheer en onderhoud is aangevuld en aangepast met de voorgestelde tektstpassages vanuit Delfland; • De waterparagraaf, thema peilstijging is aangevuld met een passage omtrent potentiele knelpunten voor wateroverlast.
Regels • Bij de bestemmingen Bedrijf (artikel 3) en Maatschappelijk (artikel 7) is de functie water toegevoegd; • Bij de bestemming Maatschappelijk (artikel 7) wordt de functieaanduiding wonen toegevoegd; • De maatvoering in artikel 15.1 (Leiding-Gas) wordt aangepast naar 4 meter; • Het woord 'onevenredige' in artikel 15.4 lid a (Leiding-Gas) wordt geschrapt; • Het woord 'onevenredige' in artikel 15.5.3 lid a (Leiding-Gas) wordt geschrapt. Verbeelding • De spoorlijn naast de A12 wordt bestemd als Verkeer-Railverkeer; • De groenstrook tussen de Jozefstraat en de kerk wordt bestemd als Verkeer, ten behoeve van de aanleg van een parkeerplaats; • De bouwhoogte van de kerk aan de Veenweg wordt verlaagd naar 20 meter; • De pastorie van de kerk aan de Veenweg wordt voorzien van de functieaanduiding wonen; • Het perceel Gooland 17 wordt voorzien van een voorgevellijn.
17