CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 3 advies van adviesraad SD

Raad Besluitvorming 27 juni 2024, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 15111992.226 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan het College van Burgemeester en Wethouders Pijnacker-Nootdorp Postbus 1 2640 AA Pijnacker Pijnacker, 1 mei 2024

Betreft advies van de Adviesraad Sociaal Domein m.b.t. de Visie op een veerkrachtig sociaal domein ‘Samen gereed voor de toekomst’.

Geacht College, Recent ontvingen wij uw Visie op het sociaal domein. U vraagt ons over deze visie advies uit te brengen. Tijdens ons overleg op 2 april heeft Miranda Hartland de notitie toegelicht. Aansluitend hebben wij de visie intern besproken op 2 en 30 april. In die periode hebben wij de visie ook voorgelegd aan de leden van ons netwerk. Van meerdere leden is daarop een korte of langere reactie ontvangen. Hun inbreng is meegenomen in het volgende advies. Algemeen Gezien het belang van het sociaal domein voor de inwoners en de rol die de gemeentelijke overheid is toebedeeld in de uitvoering, is het een verstandig besluit geweest om een visie op te stellen. In ons advies bij de Startnotitie heeft de ASD destijds de hoop uitgesproken dat het totstandkomingsproces zou leiden tot een visie die richtinggevend wordt voor de langere termijn. Tegelijkertijd hoopten we dat uit die visie ambitie spreekt en niet alleen voor de heel lange termijn. Zoals de titel ‘Samen gereed voor de toekomst’ illustreert, spreekt ambitie uit de visie. Verlaten wordt het idee om te denken vanuit de wetten, maar wordt gekozen voor een integrale benadering, waarbij alle beleidsterreinen betrokken worden. Tegelijkertijd is het de vraag hoe al die mooie vergezichten in de visie om te zetten in concrete acties. Wij zijn dan ook heel benieuwd naar de Uitvoeringsagenda.

Hoewel in hoofdstuk 11 wordt vermeld dat deze als bijlage 4 aan de visie is toegevoegd, ontbreekt deze. Zonder de hoofdlijnen van de uitvoeringsagenda te kennen wordt een evenwichtige beoordeling van de conceptvisie lastig.

Samenvatting advies • Allereerst onze complimenten voor de leesbaarheid van de visie. Helder en duidelijk geschreven. Ook de gekozen terminologie is zorgvuldig en niet stigmatiserend. • De visie benoemt de ambitie, maar is zonder uitvoeringsagenda niet compleet. Zeker in relatie met de genoemde financiële onzekerheid is niet duidelijk wat gerealiseerd kan worden en hoe de gemeente dit wil realiseren. • Het vinden van inwoners die zich niet zelf melden met problemen vraagt om een gerichte aanpak. Dat punt vraagt nadere uitwerking. • Mantelzorgers spelen vaak een belangrijke rol als eerste ‘reddingsboei’. De ASD vraagt om een nadere uitwerking van het ‘vinden en inzetbaar maken’ van mantelzorgers. • De ambitie om een inclusieve gemeenschap tot stand te brengen spreekt ons aan. Wij zijn dan ook zeer benieuwd naar de lokale inclusie agenda. • De omslag in denken bij de ondersteuning van ouderen, van zorgvraagstuk naar normaliseren, vraagt om een nadere uitwerking. • De samenhang tussen Woonzorgvisie en de Visie op het sociaal domein vraagt om een nadere uitwerking op de zorgthema’s. • Kijk kritisch naar het nut van regels en procedures en probeer deze zo eenvoudig mogelijk te maken. • Het is belangrijk om de effecten van het bestaande en nieuwe beleid zorgvuldig te monitoren. Deze ‘checks’ zijn van groot belang om de koers zo nodig bij te stellen.

• Behoud wat goed is en kijk toekomstgericht naar problematiek die zich aandient. Wat de adviesraad betreft hoort daar zeker gerichte aandacht voor de groeiende groep inwoners met dementie bij. De visie Samengevat vertalen wij de visie als volgt: “De visie van Pijnacker-Nootdorp richt zich op het creëren van een hechte, inclusieve, en veerkrachtige samenleving waarin het welzijn van de inwoners centraal staat. Dit omvat het streven naar zelfredzaamheid en verbondenheid, waarbij de gemeente zorgt voor een doelmatig vangnet voor wie het echt nodig heeft. De nadruk ligt op het vergroten van verbondenheid en samenredzaamheid om de eigen kracht en veerkracht van inwoners te versterken. Het versterken van de sociale basis, met focus op ontmoetingen en het stimuleren van gemeenschapsinitiatieven, staat centraal. Mantelzorgers en vrijwilligers nemen in de visie een bijzondere plaats in en vanuit de visie wordt het belang gezien van het ondersteunen en waarderen van deze groepen.” Deze visie kunnen wij ondersteunen. Tegelijkertijd zien we dit als een visie op hoofdlijnen, die om nadere uitwerking vraagt. Bij de hoofdstukken waar de visie verder wordt uitgewerkt, zullen we hieronder onze kanttekeningen aangeven. Op deze plaats willen we eerst inzoomen op het doelmatige vangnet voor inwoners, die ondersteuning en zorg nodig hebben.

Al meteen in het voorwoord en in hoofdstuk 11 staan enkele waarschuwende teksten over de beschikbaarheid van voldoende financiële middelen. Natuurlijk moet alles uiteindelijk betaald worden, maar in een visiestuk waar in de eerste plaats gesproken wordt over de ambities, zou de volgorde wat ons betreft anders moeten. Wat is leidend? Dit willen we uitvoeren en we houden de financiën goed in de gaten of de hand op de knip en dat bepaalt de uitvoering. Eerst de ambitie beschrijven en daarna bij de uitvoering bekijken wat mogelijk is binnen welke financiële beperkingen.

2

Aandachtspunten per hoofdstuk Hoofdstuk 2 Wat is het sociaal domein? De adviesraad wil hier nogmaals benadrukken, wat we al in ons advies bij de Startnotitie benoemden, dat we de integrale benadering vanuit het perspectief van de inwoners een sterke keuze vinden. Kijken vanuit het perspectief van de inwoner over grenzen van wetten en domeinen heen. Ontkokering en integrale samenhang plus inzet op de beweging van curatief naar preventief. In hoofdstuk 2.2 missen we de mogelijkheid om als gemeente aan te haken bij initiatieven van bewoners, bijvoorbeeld op wijk- of buurtniveau. Daarvan zijn inmiddels vele voorbeelden in het land bekend. In die situaties kan de gemeente faciliteren, zonder meteen de regie te voeren. Een open oog voor deze initiatieven en het benoemen van die mogelijkheden zien wij graag als aanvulling opgenomen. Hoofdstuk 3 Waar staan we nu? Bij het positieve beeld dat geschetst wordt op een aantal terreinen, in vergelijking met de landelijke cijfers, ontbreekt een toekomstprognose. Blijft dat beeld zo, of verwacht de gemeente daar veranderingen in, bijvoorbeeld als gevolg van groei of stagnatie in groei met betrekking tot het inwonersaantallen en op basis van andere mogelijke ontwikkelingen? Dit naast de demografische ontwikkeling, zoals deze in hoofdstuk 4.1 wordt geschetst.

Hoofdstuk 5 Wat is onze visie: waar willen we naartoe? Het versterken van de sociale basis. De adviesraad kan zich vinden in de geschetste opzet, de beweging naar de voorkant. Maar stelt daarbij wel de vraag: ‘Hoe bereik je inwoners die zich niet zelf melden?’ Groepen die liever onder de radar blijven, weinig vertrouwen hebben in de overheid of niet weten hoe ze aandacht voor hun problemen kunnen vragen. Of dit niet durven. Juist deze groepen weten te bereiken is een uitdaging. Zeker in wijken waar de organisatiegraad laag is. De in het kader op blz. 11 genoemde netwerken behoeven volgens ons aanvulling. In de professioneel ondersteunende sociale basis wordt het vrijwilligersinformatiepunt van de SWOP genoemd. Wij denken dat hier alle ontmoetingsplekken en dienstverlening vanuit de SWOP genoemd kunnen worden. Immers ook de mantelzorgondersteuning wordt door de SWOP uitgevoerd. Daarnaast kan ook de formulierenbrigade als preventieve ondersteuning gezien worden. Terecht dat in dit kader ook vrijetijdsverenigingen, wijkverenigingen en wijk- en buurtcomités genoemd worden. Zij spelen een belangrijke rol in het vormgeven van de sociale basis. In bijvoorbeeld het Lokaal Sportakkoord zijn afspraken gemaakt met sportverenigingen over hun maatschappelijke betrokkenheid en de gemeente ondersteunt hierin sportverenigingen en culturele organisaties door de inzet van Team4Talent.

Wij missen deze verenigingen echter wel in bijlage 3 als netwerkpartner. Op blz. 13 wordt als ambitie omschreven ‘het vinden en inzetbaar maken van nieuw mantelzorgpotentieel’. Wij zouden graag weten hoe de gemeente dat voor zich ziet. Mantelzorg is meer iets wat je overkomt, door een zorgvraag in je omgeving, dan iets waar je actief naar op zoek gaat. Op blz. 14 aan het einde van hoofdstuk 5 staat dat de gemeente ‘kansen ziet om vooral jongeren en ouderen te stimuleren vrijwilligerswerk te doen en het vrijwilligerswerk beter aan te passen aan de behoefte van de vrijwilligers.’ Onduidelijk is welke kansen de gemeente ziet. Hier vragen we om een nadere toelichting.

3

Hoofdstuk 7 Samenhangende opgaven In paragraaf 7.1 staat dat de gemeente zich inzet voor een inclusieve arbeidsmarkt. Dat streven willen wij graag onderstrepen. Naast de genoemde aandachtsgroepen vragen ook de 50-plussers en mensen met een niet-Nederlandse achternaam en mensen van kleur extra aandacht. Nu het wetsvoorstel ‘Toezicht gelijke kansen bij werving en selectie’ niet is aangenomen door de Eerste Kamer zou de visie hier op gemeentelijk niveau aandacht aan moeten besteden. In paragraaf 7.2 zien wij de door ons eerder genoemde dwarsverbanden met organisaties/verenigingen die een rol spelen bij het creëren van een gezonde fysieke leefomgeving. Paragraaf 7.4 zoomt in op het tot stand brengen van een inclusieve gemeenschap. Wij zijn dan ook zeer benieuwd naar de uitwerking in de lokale inclusie agenda, die naar wij aannemen deel zal uitmaken van de uitvoeringsagenda. Hoofdstuk 8 Professionele en doelmatige ondersteuning In paragraaf 8.1 wordt bij het bieden van ondersteuning en hulp uitgegaan van eigen kracht en die van de directe omgeving. De adviesraad kan zich vinden in de uitwerking van deze begrippen, zoals beschreven in deze paragraaf.

Maar wie beoordeelt of inwoners problemen wel of niet of gedeeltelijk op eigen kracht kunnen oplossen? Hoe wordt omgegaan met verschillen van inzicht of onduidelijkheid? De ASD wil bij dit punt wijzen op het belang van onafhankelijke cliëntondersteuning. In de visie wordt dat belang onderstreept op blz. 20. ‘in situaties die daarom vragen'. Er blijft overigens nog wel een stap te zetten in de bekendheid met deze vorm van ondersteuning. Die blijkt nog altijd vrij laag. Op blz. 20 staat de Wet meervoudige problematiek sociaal domein (WAMS) genoemd. Die wet biedt de ruimte om in uitzonderlijke situaties zonder toestemming van betrokkenen informatie uit te wisselen om daarmee een gecoördineerde aanpak van problemen op meerdere leefgebieden mogelijk te maken. De adviesraad dringt aan op voorzichtigheid en zorgvuldigheid bij het gebruik van deze mogelijkheid, veelal gericht op inwoners in kwetsbare omstandigheden. Informatie uitwisseling mag alleen als het in het belang van de inwoner is. In paragraaf 8.3 wordt de ambitie beschreven om het normaliseren te verbreden naar de ondersteuning voor ouderen. Vanuit de ouderenorganisaties wordt naar ons aangegeven dat de omslag van ondersteuning als zorgvraagstuk naar normaliseren een belangrijke beleidswijziging is. Zo'n wijziging vraagt om een nadere toelichting.

Wat gaat deze beleidswijziging betekenen voor de ouderen in onze gemeente? In dit verband wordt ons ook gewezen op de relatie met de woonzorgvisie. Bij het opstellen van de woonzorgvisie, die vooral gericht is op wonen en bouwen, is verwezen naar de in ontwikkeling zijnde visie op het sociaal domein voor de thema's gericht op zorg. Dat zien we niet echt terug in deze visie. De inhoudelijke samenhang tussen woonzorgvisie en de visie op het sociaal domein vraagt nog om nadere uitwerking. In paragraaf 8.5 staat dat het streven gericht is op het verkleinen van de toenemende complexiteit van regels en systemen. De adviesraad vindt dit een onderwerp dat kansen biedt om administratieve lasten te verlichten voor zowel cliënten als gemeente door overbodige regels en procedures te schrappen. Zo zouden bijvoorbeeld procedures voor een Wmo indicatie vereenvoudigd kunnen worden in geval van chronische aandoeningen en een ongewijzigde situatie.

4

Hoofdstuk 9 Financiële beheersbaarheid, monitoren en cijfermatig inzicht. In paragraaf 9.1 worden een aantal ‘knoppen’ gedefinieerd, waaraan de gemeente kan draaien om de kosten te beheersen. Vraag is hoe de gemeente weet dat dit de juiste knoppen zijn. Zou er niet eerst meer duidelijkheid moeten zijn over de monitoring die verderop in deze paragraaf aan de orde komt, voordat je de ‘knoppen’ kiest? Als ASD stellen we er prijs op geïnformeerd te worden hoe de gemeente deze monitoring in gaat richten. Verder vragen de ‘knoppen’ nog om een nadere omschrijving. Zo wordt ‘het stellen van normen’ genoemd als knop. Maar wat wordt daarmee bedoeld? In paragraaf 9.3 ziet de ASD mogelijkheden om informatie te vergaren die van belang kan zijn bij te maken keuzes. Als adviesraad vinden ook wij het belangrijk om regelmatig te worden geïnformeerd. We vragen u daarom om regelmatige tussenrapportages gebaseerd op de monitoring en data. Overigens zou effectief beleid gericht op preventie in het sociale domein kunnen leiden tot een kostenbesparing in bijvoorbeeld het medisch domein. De besparing wordt dan elders zichtbaar. Dat mogelijke effect en hoe daarmee om te gaan verdient aandacht. De uitvoeringsagenda Zoals eerder aangegeven is de ASD zeer benieuwd naar de Uitvoeringsagenda, omdat daar de keuzes gemaakt worden voor de korte termijn.

Voor die Uitvoeringsagenda wil de Adviesraad de volgende twee onderwerpen noemen. Allereerst is het belangrijk om naast de ontwikkeling van allerlei nieuwe initiatieven de continuïteit zeker te stellen voor de (personele) middelen die op dit moment ingezet worden. We denken daarbij aan de kernteams, de praktijkondersteuners bij de huisartsen gericht op jeugd en ouderen, maar ook aan de professionals, die werkzaam zijn bij de SWOP. Het wijkgericht werken, de huiskamers voor de buurt, de ondersteuning van de vele vrijwilligers die actief zijn in het sociaal domein, zijn belangrijke voorzieningen die we zeker in stand moeten houden. Het tweede onderwerp betreft de groeiende groep mensen met dementie. Pijnacker-Nootdorp is een dementievriendelijke gemeente. Een predicaat dat de gemeente in 2021 heeft gekregen. Wij pleiten ervoor om op basis van de destijds ingevulde dementiescan een beleidsnotitie over dit onderwerp op te stellen. Met vriendelijke groet, namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp

Piet van Adrichem voorzitter c.c. Gemeente Pijnacker-Nootdorp, mevrouw M. Hartland

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14167844/1