CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 2 - Evaluatie SHV beleidsplan 2017-2021 1 (1371753)

Raad Beeldvorming 30 september 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Beleidsplan schuldhulpverlening2.731 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Evaluatie beleidsplan schuldhulpverlening ‘Grip op geld’ 2017-2021 In deze evaluatie wordt het huidige beleidsplan schuldhulpverlening 2017-2021 geëvalueerd. De evaluatie vormt de start in het proces van het actualiseren van het huidige beleidsplan schuldhulpverlening. Het doel van de evaluatie is drieledig: 1. De evaluatie beschrijft hoe schuldhulpverlening zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld sinds het huidige beleidsplan in 2017 werd vastgesteld 2. De evaluatie geeft inzicht in hoe het huidige beleidsplan zich verhoudt tot de huidige werkwijze 3. De evaluatie geeft inzicht in hoe de cijfers met betrekking tot de behaalde resultaten, de financiën en de formatie zich de afgelopen jaren hebben ontwikkeld Inleiding Sinds augustus 2019 voert Pijnacker-Nootdorp volledig zelf de schuldhulpverlening uit. Dit betekent dat de schuldhulpverlening binnen de gemeente geprofessionaliseerd is door een compleet team schuldhulpverlening in te richten, systemen aan te schaffen en het NVVK lidmaatschap te behalen. In het verleden gebeurde de uitvoering van de schuldhulpverlening door de gemeente Zoetermeer, waarmee Pijnacker-Nootdorp een realisatieovereenkomst had gesloten.

In die overeenkomst was bepaald dat inwoners met schuldenproblematiek zich eerst meldden in Pijnacker-Nootdorp voor een (voor)intake en vervolgens werden doorverwezen naar Zoetermeer voor een schuldhulpverleningstraject. Eind 2018 zijn we begonnen een stuk van de aanmelding zelf te doen. Gedurende 2019 zijn er, naast de medewerker SHV, nog twee medewerkers in team SHV bijgekomen. De aanleiding voor het volledig zelf in uitvoering nemen van de schuldhulpverlening was meerledig: 1. Allereerst is in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) vastgelegd dat de gemeente een regierol moet vervullen op schuldhulpverlening. Toen de uitvoering aan de gemeente Zoetermeer was uitbesteed, was er minder controle over en grip op de schuldhulpverlening aan onze inwoners. 2. Ten tweede bleek uit klanttevredenheidsevaluaties dat inwoners erg tevreden waren over het contact met de hulpverleners in Pijnacker-Nootdorp. Omdat we zelf de inwoners in onze gemeente het beste kennen, was dat ook een reden om de schuldhulpverlening terug te halen naar onszelf. 3. Tot slot ontstond de indruk dat we goed in staat waren zelf de dienstverlening uit te voeren. Door de inmiddels opgedane ervaring van de medewerkers schuldhulpverlening van Pijnacker-Nootdorp, was er het vertrouwen dat we op een goede manier invulling konden geven aan de volledige uitvoering van de schuldhulpverlening.

Kaders vanuit de Wgs De Wgs beschrijft het wettelijke kader waaraan de gemeentelijke schuldhulpverlening moet voldoen. Het kader bestaat uit een aantal uitgangspunten die de gemeente zelf naar eigen inzicht mag vormgeven. Het belangrijkste uitgangspunt is dat de schuldhulpverlening integraal moet worden aangepakt. Dat betekent dat er, naast de financiële problematiek, ook aandacht moet zijn voor problemen/omstandigheden op andere leefgebieden die van invloed kunnen zijn op de financiële problematiek. Maatwerk is hierbij van belang. Een ander uitgangspunt is dat de gemeentelijke schuldhulpverlening breed toegankelijk moet zijn. Geen enkele groep mag op

1

voorhand uitgesloten worden van hulpverlening. In de gewijzigde Wgs1 is daarnaast expliciet gemaakt dat dit ook geldt voor ondernemers: ook zij mogen zich bij de gemeente melden voor schuldhulpverlening. Tot slot is kwaliteit een belangrijk uitgangspunt. De kwaliteit van de gemeentelijke integrale schuldhulpverlening bepaalt in grote mate de effectiviteit van de hulp. Samenvattend vertelt de Wgs gemeenten dus niet hoe ze hun schuldhulpverlening moeten vormgeven. De gemeente is vrij dit in haar beleidsplan vast te leggen en uit te werken in de beleidsregels. Huidige werkwijze schuldhulpverlening Het huidige beleidsplan schuldhulpverlening dateert uit 2017. Inmiddels is er veel veranderd in de uitvoering van de schuldhulpverlening ten opzichte van toen. In de eerste plaats doordat we nu volledig zelf de schuldhulpverlening uitvoeren en NVVK lid zijn geworden. Dat lidmaatschap betekent dat onze dienstverlening moet voldoen aan kwaliteitsnormen, die zijn uitgewerkt in een kwaliteitsstandaard. Belangrijke aspecten van deze standaard zijn: uniformiteit, het verlagen van drempels, de samenwerking zoeken met schuldeisers en stress-sensitief werken2. Door deze nieuwe manier van werken is onze schuldhulpverlening ‘gemoderniseerd’. We zijn ons bewust van inzichten uit de wetenschap waaruit blijkt dat schuldenproblematiek iedereen kan overkomen.

Daarnaast tonen inzichten uit de hersenwetenschap3 aan dat het hebben van zorgen en stress over geld het brein negatief beïnvloeden. Het zorgt ervoor dat mensen mentaal niet de ruimte hebben informatie op een goede manier te verwerken en de juiste beslissingen te nemen. Ze staan in overlevingsstand. Deze inzichten leren ons dat het gedrag dat mensen vertonen niet hoeft voort te komen uit onwil of een gebrek aan motivatie om hun schuldenproblematiek aan te pakken. Deze inzichten passen we toe in de uitvoering van de schuldhulpverlening. Kenmerkend aan onze schuldhulpverleningsaanpak is dat we vraaggericht werken. We luisteren naar de inwoner, stellen vast waar behoefte aan is en kijken op basis daarvan welk hulpaanbod het meest passend is om de schulden op te lossen, dan wel beheersbaar te maken. Voorop staat dat we stresssensitief werken en op basis van vertrouwen. We streven ten alle tijden naar het bereiken van een stabiele situatie. In de aanpak werken we, waar mogelijk, aan het bestendigen en uitbreiden van de zelfredzaamheid van onze inwoners, zodat zij op een goede manier in staat zijn zelf toe te werken naar oplossingen. Actualisatie huidige beleidsplan Met het huidige beleidsplan is een mooie basis gelegd voor de uitvoering van de schuldhulpverlening.

Op enkele punten dient het plan echter geactualiseerd te worden, omdat het niet meer past binnen onze ‘moderne’ schuldhulpverleningsaanpak en manier van kijken naar schuldenproblematiek. Zo beschrijft het huidige beleidsplan bijvoorbeeld dat de doelgroep voor schuldhulpverlening in principe elke inwoner van Pijnacker-Nootdorp met problematische privéschulden is. Daar zit een grote groep tussenin: mensen met niet-problematische schulden (maar wel van dusdanig grote omvang dat preventie niet meer aan de orde is), waar in het huidige beleidsplan geen aandacht voor is. Schuldhulpverlening is expliciet voor elke inwoner met (dreigende) schulden / financiële problemen, wat betekent dat we de doelgroep dus gaan herformuleren. Hieruit vloeit ook 1 Per 1 januari 2021 is de gewijzigde Wet gemeentelijke schuldhulpverlening van kracht 2 Stress-sensitief werken is een manier van werken die rekening houdt met de gevolgen van schaarste. Bij stress-sensitief

werken richt alles in de dienst- en hulpverlening zich op het verminderen van stress. Dit kan bijvoorbeeld door praktische zaken laagdrempelig te maken (brieven in begrijpelijke taal) en door rekening te houden met de mate van zelfredzaamheid van de cliënt en hierbij aan te sluiten. 3 Zie o.a. Mobility Mentoring® op basis van hersenwetenschap | Kennisbundel schuldhulpverlening

2

een geactualiseerde visie op schuldhulpverlening voort met bijbehorende uitgangspunten die aansluiten op de, eerder beschreven, wetenschappelijke inzichten. Daarnaast is in het huidige beleidsplan een uitsluitingsgrond opgenomen. Recidivisten worden voor vijf jaar uitgesloten van schuldhulpverlening. In situaties waarbij het ontstaan van nieuwe schulden niet (volledig) aan de cliënt te wijten is of er sprake is van een gezin met minderjarige kinderen of andere bijzondere omstandigheden, kan van de uitsluitingsperiode van vijf jaar worden afgeweken. Deze uitsluitingsgrond is in de gewijzigde beleidsregels4 aangepast naar een weigeringsgrond: het college kan de toegang weigeren als bijvoorbeeld uit onderzoek blijkt dat er geen resterende hulpvraag is op grond waarvan schuldhulpverlening een haalbare oplossing kan bieden. We vinden het belangrijk mensen in staat te stellen weer te participeren door te kijken naar wat er mogelijk is. De focus ligt op de toekomst, niet op het verleden. Wat betreft het uitgangspunt eigen verantwoordelijkheid verwachten we nog steeds dat elke cliënt die we ondersteunen met schuldhulpverlening zich inspant om het traject van schuldhulpverlening tot een succesvol einde te brengen. De werkwijze die daarbij hoort is dat we werken op basis van vertrouwen en inzetten op het behouden, versterken en vergroten van iemands motivatie.

Als het nodig is om iemand na te bellen omdat diegene niet verschijnt op een afspraak, dan doen we dat, vanuit het inzicht en de overtuiging dat we mensen waar mogelijk moeten ondersteunen en door die ondersteuning mensen in staat gaan stellen het op een gegeven moment zelfstandig te kunnen. Desalniettemin verwachten we een inspanningsverplichting van de cliënt en dit is, naast andere verplichtingen die we verwachten, vastgelegd in de beleidsregels. Tot 2021 is de doelgroep ondernemers weinig in aanraking geweest met schuldhulpverlening. In de ‘oude situatie’5 konden zzp’ers een beroep doen op het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) en vanuit daar werden ze doorverwezen naar het Regionaal Bureau Zelfstandigen (RBZ). Het RBZ verwijst, indien mogelijk, vervolgens weer door naar gespecialiseerde schuldhulpverlening voor ondernemers, bijvoorbeeld schuldhulpverlener Zuidweg & Partners. Zij gaan namens het RBZ kijken naar een geschikte oplossing voor het schuldenprobleem. Hun ondersteuning bestaat uit schuldsanering en budgetbegeleiding. In de gewijzigde Wgs is nu explicieter opgenomen dat de gemeente haar schuldhulpverleningstraject nu ook open moet stellen voor zelfstandig ondernemers. Het slechts aanbieden van een Bbz-traject is in de ‘nieuwe situatie’6 niet meer voldoende, de wettelijke taak van de gemeente gaat verder dan dat.

Niet iedere ondernemer komt namelijk in aanmerking voor een Bbz-traject. Daarnaast is Bbz, als saneringsvorm, een mogelijke schuldhulpverleningsoptie naast betalingsregelingen, schuldbemiddeling en herfinanciering. Ook voor ondernemers moeten alle opties van schuldhulpverlening beschikbaar zijn. In het geactualiseerde beleidsplan gaan we beleid maken op deze nieuwe situatie en beschrijven hoe de ondersteuning aan ondernemers vanuit de gemeente wordt vormgegeven. Schuldhulpverlening aan ondernemers is van andere aard dan hulp aan inwoners in loondienst. Voor deze doelgroep is specifieke kennis nodig, niet alleen omdat hun gemiddelde schuld hoger is en er meer schuldeisers bij betrokken zijn, maar ook omdat er voor de problematiek gespecialiseerde kennis nodig is over de verschillende bedrijfsvormen en van de financiële structuren. Momenteel is er binnen de gemeente geen ervaring met het bieden van (schuld)hulp aan ondernemers.

4 Per 1 januari 2021 zijn de gewijzigde beleidsregels gemeentelijke schuldhulpverlening Pijnacker-Nootdorp

ingegaan. Noodzaak voor de wijziging waren vier wetswijzigingen die het noodzakelijk maakten dat de beleidsregels daarop aangepast werden. 5 De situatie van voor 2021. 6 Vanaf 2021, met het ingaan van de gewijzigde Wgs

3

In het kader van preventie, ondersteuning en nazorg is het voorliggend veld van belang. In het huidige beleidsplan wordt de inzet van het voorliggend veld met name beschreven op het gebied van preventie en kort benoemd bij nazorg. In juli 2019 is gestart met het project ‘Samen leren en doen in Pijnacker-Nootdorp’. De aanleiding voor het project was de samenwerking tussen schuldhulpverleners van de gemeente, gesubsidieerde organisaties en vrijwilligersorganisaties in het Netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg (NPSN). Het doel van het netwerk is de verbinding versterken tussen team SHV en het voorliggende veld en samen met elkaar het werkveld SHV te ontwikkelen. Hoe kan het voorliggende veld de gemeente ondersteunen bij schuldhulpverlening, welke taken kunnen zij overnemen en wat is een goede rolverdeling? In het geactualiseerde beleidsplan gaan we hier meer aandacht aan besteden en nieuw leven blazen in het project Samen leren en doen, waarvan de continuïteit nu een beetje is stil komen te liggen door personeelswisselingen en COVID-19. Daarnaast heeft de gemeente nu een wettelijke taak voor vroegsignalering. Hoe we deze taak gaan vormgeven en uitvoeren wordt ook in het geactualiseerde beleidsplan beschreven.

In de pilot ‘Vroeg Eropaf Pijnacker-Nootdorp’ hebben we alvast ervaring opgedaan met deze nieuwe taak en geleerd dat een proactieve, outreachende manier van werken het meest succesvol is. Cijfers Tabel: Cijfers SHV 2019 (juli t/m dec) en 2020 (januari t/m dec)

Aanvragen Intake Informatie & advies Betalingsregeling Herfinancieringen Eenmalig contact Budgetcoaching Verwijzing naar derden Stabiel leven met schulden Stabilisatie Minnelijke schuldregeling nieuw Minnelijke schuldregeling lopend Afgifte WSNP Budgetbeheer nieuw Budgetbeheer lopend

2019

2020

80 43 8 0 0 8 3 5 1 10 6 70 0 12 29

106 80 (waarvan 4 al in 2019 aangemeld) 16 4 1 2 6 (project gestart) 15 6 28 15 75 4 5 21

In bovenstaande tabel zijn de cijfers SHV afgebeeld voor een deel van 2019 en heel 2020. Van 2019 zijn slechts de cijfers vanaf de zomer beschikbaar, omdat we toen de uitvoering volledig van Zoetermeer hebben overgenomen. Een aantal belangrijke interpretaties bij de cijfers: •

•

Van de 106 mensen die een aanvraag deden voor SHV, zijn er 5 meteen doorgegaan naar het product informatie & advies. Dit is een kortlopende oplossingsrichting waarbij mensen geholpen worden om zelfstandig weer hun eigen financiën te regelen. Er zijn uiteindelijk 80 intakes uitgevoerd in 2020, waarvan 4 mensen in 2019 al aangemeld waren. Van de 21 mensen die zich hadden aangemeld, maar waarmee niet een intake is gevoerd, zijn er 15 mensen direct geholpen met een doorverwijzing. Dat betekent dat er 6 mensen zijn geweest die niet zijn verschenen op de intake, niet bereikbaar waren of hun aanvraag hebben ingetrokken.

4

•

•

•

De meest ingezette producten zijn: informatie & advies, stabilisatie, budgetbeheer en een minnelijke schuldregeling. De stabilisatiefase is een kortlopende fase (ong. 4 maanden) en dient ter voorbereiding op een schuldregeling. Budgetbeheer is een product dat kan worden ingezet in de stabilisatiefase, indien een cliënt nog niet in staat is zelfstandig zijn uitgaven en inkomsten te beheren. Van de 15 cliënten die in een nieuwe minnelijke schuldregeling zijn gekomen: o Heeft 1 cliënt een herfinancieringskrediet gekregen, wat betekent dat zijn schuld 100% wordt afbetaald: een geslaagde regeling. o Hebben 7 cliënten een saneringskrediet gekregen, wat betekent dat er tot overeenstemming is gekomen met de schuldeisers en de schuldregeling geslaagd is. o Hebben 7 cliënten een schuldbemiddeling gekregen. Hierbij houden wij nog een vinger aan de pols of het goed blijft gaan, maar in principe kan gesproken worden van een succesvolle schuldregeling. Er zijn geen WSNP trajecten uitgevoerd. In alle 4 de gevallen is een minnelijke regeling alsnog tot stand gekomen door een dwangakkoord (nog voor de daadwerkelijke zitting).

Van de 80 mensen die op intake komen, zijn er dus uiteindelijk maar 15 schuldregelingen in 2020 tot stand gekomen. De rest van de mensen zit of in de stabilisatiefase, of is geholpen met andere, kortdurende oplossingsrichtingen. Wat betreft de regelingen waarbij de einduitslag bepaald is, kunnen we spreken van een 100% slagingspercentage. Verder valt in vergelijking met de cijfers uit het huidige beleidsplan over de jaren 2014-2016 (zie hieronder) op dat procentueel gezien toen minder aanvragen tot een intake hebben geleid. Dat betekent dat er met onze huidige schuldhulpverlening minder mensen buiten de boot zijn gaan vallen en er dus meer mensen geholpen zijn. Tot slot laten de cijfers van 2020 zien dat we maatwerk leveren en zorgen voor een duurzame oplossing voor de schulden. We kijken wat gezien de situatie de meest passende oplossingsrichting is. Tabel: Cijfers uit huidige beleidsplan Schuldhulpverlening Aanvragen Intake Stabilisatie (minnelijke) schuldregeling Afgifte WSNP Budget beheer Financieel beheer

2014 165 36 17 32 7 10

2015 142 42 13 27 17 15 25

2016 108 39 11 28 17 8 17

Kostenontwikkeling In de grafiek hieronder is de kostenontwikkeling van het SHV beleid over de jaren heen weergegeven. De piek in 2018 komt door een urenverrekening vanuit Zoetermeer. De kosten bleken in dat jaar hoger te zijn dan wat van te voren begroot was en er volgde een nafacturering vanuit Zoetermeer. Van het SHV budget worden de schuldhulpverleningstrajecten betaald (incl. de schuldhulpverleningsproducten: budgetbeheer, stabilisatietraject, etc.) en de overige goederen en diensten (NVVK abonnement, scholing, systemen etc.). De huidige begroting voor SHV in 2021 bedraagt € 85.783. Daarnaast heeft het Rijk nog een bedrag ter hoogte van € 34.756,18 beschikbaar gesteld aan Pijnacker-Nootdorp om hulp te bieden aan de gedupeerden van de toeslagenaffaire. Dat bedrag, dat de bestemming SHV heeft, staat nu gereserveerd op een tussenrekening totdat er over 5

besloten wordt. Het huidige aantal fte aan SHV is 2,77 fte. Het team van SHV bestaat uit drie medewerkers (2,22 fte) en een medewerker voor de administratieve ondersteuning (0,55 fte). Voor de afgelopen periode is deze inzet als krap voldoende ervaren, dat geldt met name voor de administratieve ondersteuning. 450.000

400.000 350.000 300.000 250.000 200.000 150.000 100.000 50.000

0 2017

2018

2019

2020

Uitgaven

Concluderend Door de gewijzigde Wgs hebben we er taken bijgekregen waarop we ons beleid moeten aanpassen. De schuldhulpverlening is inclusiever geworden: we sluiten op voorhand niet zomaar meer uit. Dit vraagt van onze schuldhulpverlening dat we voorzien in maatwerk. Een passend aanbod voor elke inwoner. Dit betekent dat we met ons beleid nadrukkelijk de koppeling zoeken met de praktijk: wat gebeurt daar? Wat werkt wel/niet? Door middel van deze feedbackloop tussen beleid en de uitvoering, creëren we beleid dat werkt en gedragen wordt. Aan de hand van deze werkwijze gaan we het huidige beleidsplan actualiseren en in lijn brengen met de huidige uitvoeringspraktijk en de lijn die de gewijzigde Wgs voorschrijft. Bij de actualisatie houden we de kostenontwikkeling in het oog.

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10599133/1