CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Evaluatie beleidsplan Schuldhulpverlening 2021-2025

Raad Besluitvorming 16 oktober 2025, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 16092988.471 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

EVALUATIE BELEIDSPLAN SCHULDHULPVERLENING 2021-2025

Yvonne Post Max Verdegaal

Inhoudsopgave Inleiding en doel.................................................................................................................................2 1. Achtergrondinformatie: wettelijk kader .......................................................................................2 Ontwikkelingen schuldhulpverlening sinds 2021 ...........................................................................2 Peiling 2024 ....................................................................................................................................4 2. Rekenkameronderzoek uit 2019....................................................................................................5 3. Elementen van de basisdienstverlening........................................................................................5 4.

Ontwikkeling cijfers, financiën en formatie ..................................................................................6 Cijfers schuldhulpverlening ............................................................................................................6 Conclusie cijfers schuldhulpverlening.............................................................................................7 Cijfers vroegsignalering ..................................................................................................................8 Conclusie cijfers vroegsignalering...................................................................................................9 Financiën en formatie...................................................................................................................10 Beleidsperiode 2025 – 2029.............................................................................................................12 Bijlagen.............................................................................................................................................13 1. Samenvatting participatieverslag .................................................................................................13 2. Rekenkamerrapport 2019.............................................................................................................16 3.

Elementen basisdienstverlening...................................................................................................22

1

Inleiding en doel In deze evaluatie wordt het beleidsplan schuldhulpverlening 2021-2025 geëvalueerd. De evaluatie vormt de start in het proces van het actualiseren van het huidige beleidsplan. Het doel van de evaluatie is vierledig: 1. De evaluatie beschrijft hoe schuldhulpverlening zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld sinds het huidige beleidsplan in 2021 werd vastgesteld en blikt terug op de doelstellingen uit het beleidsplan aan de hand van de peiling die is uitgevoerd in 2024; 2. De evaluatie geeft inzicht in hoe het huidige beleidsplan zich verhoudt tot de bevindingen uit het Rekenkameronderzoek uit 2019; 3. De evaluatie geeft inzicht in hoe het huidige beleidsplan zich verhoudt tot de elementen van de basisdienstverlening van de Rijksoverheid; 4. De evaluatie geeft inzicht in hoe de cijfers met betrekking tot de behaalde resultaten, de financiën en de formatie zich de afgelopen jaren hebben ontwikkeld. Met de kennis uit de evaluatie wordt aan het eind van deze evaluatie een korte blik geworpen op de nieuwe beleidsperiode 2025-2029.

1. Achtergrondinformatie: wettelijk kader De Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (Wgs) beschrijft het wettelijke kader waaraan de gemeentelijke schuldhulpverlening moet voldoen. De Wgs geeft gemeenten beleidsvrijheid: de wet vertelt niet hoe gemeenten hun schuldhulpverlening moeten vormgeven, alleen waaraan het moet voldoen. De uitgangspunten vanuit de Wgs zijn: 

 

Integrale aanpak: naast de financiële problemen moet er oog zijn voor de problemen/omstandigheden op andere leefgebieden die van invloed kunnen zijn op de financiële problematiek. Brede toegang: geen enkele groep inwoners mag op voorhand uitgesloten worden van hulpverlening. Kwaliteitsborging: de kwaliteit van de hulp bepaalt in grote mate de effectiviteit van de hulp. In het beleidsplan moet duidelijk worden gemaakt hoe een gemeente de kwaliteit borgt.

Ontwikkelingen schuldhulpverlening sinds 2021 In het najaar van 2021 is het beleidsplan Schuldhulpverlening 2021-2025 door de gemeenteraad vastgesteld. Schuldhulpverlening is altijd een actueel maatschappelijk thema dat aandacht verdient, maar de afgelopen jaren was de inzet op schuldhulpverlening extra urgent. Sinds het vaststellen van het plan hebben we te maken gehad met een aantal grote ontwikkelingen die de bestaanszekerheid van onze inwoners onder druk heeft gezet, zoals de coronacrisis, de oorlog in Oekraïne en de toenemende kosten voor levensonderhoud door de hoge inflatie. Waar voorheen met name inwoners met een laag inkomen geraakt werden, zagen we dat ook inwoners met een modaal inkomen meer moeite kregen om rond te komen en hierdoor financieel kwetsbaar werden. Met het actieplan bestaanszekerheid hebben we een reeks aan maatregelen gepresenteerd om onze inwoners te ondersteunen en verdere escalatie van problematiek te voorkomen. Naast dat de coronacrisis zorgde voor een focus op nieuwe doelgroepen – met name ondernemers en jongeren – kregen we vanuit de kinderopvangtoeslagenaffaire te maken met gedupeerde ouders en later ook gedupeerde kinderen, ex-partners en nabestaanden. Voor de ondersteuning van deze groep hebben we een aparte dienstverlening ingericht: steunpunt gedupeerden Pijnacker-Nootdorp.

Ook ons ondersteuningsaanbod voor ondernemers ontwikkelde zich de afgelopen jaren en is nu duidelijk gepositioneerd ten opzichte van de hulp aan particuliere inwoners. Binnen team 2

schuldhulpverlening zijn twee regisseurs getraind in het ondersteunen van ondernemers en zzp’ers. In 2023 en begin 2024 is aandacht besteed aan het zichtbaar maken van dit hulpaanbod. Een andere ontwikkeling die zich voordeed was een audit van de NVVK begin 2023. Sinds augustus 2019 voeren we als gemeente volledig zelf de schuldhulpverlening aan inwoners uit en vanaf 2020 is het NVVK lidmaatschap behaald. Dit betekent dat onze schuldhulpverlening het NVVK keurmerk draagt, dat laat zien dat wij ons aan bepaalde kwaliteitsstandaarden houden. Eens in de drie jaar wordt gecontroleerd of een gemeente nog aan de kwaliteitseisen en standaarden voldoet. Deze audit is met goed gevolg afgerond. Hierboven zijn een aantal grote ontwikkelingen beschreven. Daarnaast waren er ook andere ontwikkelingen die impact maakten en daardoor iets zeggen over de ontwikkeling van schuldhulpverlening over de afgelopen jaren, zoals: Lancering informatiepunt/website vragenovergeld.nl met bijbehorend telefoonnummer In het actieplan bestaanszekerheid was één van de maatregelen het instellen van een informatiepunt met bijbehorend telefoonnummer. Deze maatregel hebben we vorm- en bekendheid gegeven op het platform www.vragenovergeld.nl (VOG). VOG is een website op B1-niveau die we gezamenlijk met onze netwerkpartners hebben opgezet.

De website is bedoeld voor iedereen met vragen over financiën, geld, geldzorgen, administratie, schuldenproblematiek en laat het bijpassende hulpaanbod dat binnen de gemeente beschikbaar is zien. Workshopdagen Vanuit het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg – waar SWOP, Bibliotheek Oostland, Gro up buurtwerk, Humanitas, Schuldhulpmaatje en Kerk en Zorg actief lid van zijn1 – organiseren we bijna jaarlijks een workshopdag voor professionals en vrijwilligers. De workshopdag staat in het teken van elkaar ontmoeten, samen ontwikkelen en kennis vergroten en wordt altijd met veel enthousiasme ontvangen. Na een aantal jaren workshops georganiseerd te hebben, wordt voor 2025 verkend of de workshopdag dit jaar in een andere vorm georganiseerd kan worden. Overgangsrecht WSNP Per 1 juli 2023 is de aflostermijn van een schuldregeling verkort van 36 maanden naar 18 maanden. De gedachte hierachter is dat het de drempel voor mensen om hulp te vragen verlaagd en er daardoor hopelijk voor zorgt dat mensen sneller om hulp zullen vragen. Daarnaast zijn mensen door deze verkorting sneller van hun schulden af, waardoor er sneller perspectief is op een schuldenvrije toekomst. Naar aanleiding van dit besluit hebben we lokaal een overgangsrecht ingericht voor onze inwoners, om de inwoners die al in een schuldregelingstraject zaten, tegemoet te komen.

Het overgangsrecht houdt in dat geen enkele inwoner vanaf 1 juli 2023 nog langer dan 18 maanden hoeft af te lossen. Inwoners wiens schuldregeling volgens de oude regels nog langer zou doorlopen dan 18 maanden, worden voor de overige maanden gecompenseerd. Adviesrecht Sinds 1 januari 2021 is er door een wijziging in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek de mogelijkheid voor gemeenten, om via een opt-in regeling gebruik te maken van een adviesrecht bij de instelling van beschermingsbewind wegens problematische schulden of verkwisting (ook wel schuldenbewind genoemd). Het adviesrecht betekent dat de gemeente advies geeft aan de rechtbank over of zij 1 Niet actief lid, maar wel betrokken bij het netwerk: De Voedselbank, Doel GGZ, Stichting Urgente Noden, SBJ

SamenSterk en Wetswinkel Delfland.

3

beschermingsbewind een passende vorm van ondersteuning vindt en zo niet, welke andere, lichtere ondersteuningsvormen naar haar mening ook volstaan. Sinds 2024 maken wij gebruik van dit recht, dat ons meer mogelijkheden geeft om regie te voeren op de door- en uitstroom van beschermingsbewind. Ook zorgt het ervoor dat een aanmelding bij schuldhulpverlening sneller tot stand kan komen.

Peiling 2024 Voor de zomer van 2024 is er een inwonerspeiling uitgevoerd in de drie kernen. Het idee achter de inwonerspeiling was dat we goed aangehaakt willen zijn op de problematiek die onze inwoners ervaren op het gebied van financiën en lokaal de aandacht willen trekken van zowel inwoners als de media. Daarom was in het huidige beleidsplan het idee benoemd om een (kort) onderzoek te gaan uitvoeren naar de schuldenproblematiek en de wijze waarop onze inwoners daarover denken. Hier hebben we vragen voor opgesteld die we op een aantal momenten aan onze inwoners hebben voorgelegd. De vragen richtten zich op de communicatiedoelstellingen die geformuleerd zijn in het huidige beleidsplan:     

Inwoners weten beter waar zij terecht kunnen voor meer informatie en ondersteuning; Met onze communicatie brengen we het hulpaanbod van de gemeente en ketenpartners onder de aandacht van onze inwoners; Mensen met geldzorgen zijn zich er meer van bewust dat het van belang is om tijdig aan de bel te trekken; Lokale partijen zijn bekend met het ondersteuningsaanbod vanuit de gemeente; Lokale partijen weten elkaar te vinden, zijn beter geïnformeerd over elkaars aanbod, informeren elkaar en zoeken actie(f)(ver) de samenwerking met elkaar (zodat er beter naar elkaar doorverwezen kan worden); We beogen met onze communicatie het taboe en de schaamte rondom schulden te verminderen en de drempel om hulp te zoeken te verlagen.

De vragen zijn bedoeld om meer inzicht te krijgen in de ervaren schuldenproblematiek in de gemeente en wat voor denkbeelden daarover bestaan, hoe inwoners het ondersteuningsaanbod vanuit de gemeente en partners ervaren (helderheid, vindbaarheid, laagdrempeligheid, etc.), hoe we de drempel om hulp te zoeken kunnen verlagen en hoe we het ondersteuningsaanbod binnen de gemeente beter zichtbaar kunnen maken. Het participatieverslag, waarin de uitkomsten van de peiling beschreven zijn, is meegestuurd met deze evaluatie. Een samenvatting van het participatieverslag is opgenomen in bijlage 1. De resultaten van de peiling laten zien dat de mogelijkheden voor hulp bij de gemeente bij meer dan de helft van de respondenten bekend was. Een deel van de respondenten was daarnaast ook bekend met de mogelijkheden voor hulp bij SWOP, Humanitas en Schuldhulpmaatje. Desondanks gaf ook 40% van de respondenten aan niet te weten waar ze terecht kunnen. Om het vragen van hulp makkelijker te maken en de drempel te verlagen, kregen we als feedback om de zichtbaarheid van schuldhulpverlening/het hulpaanbod te vergroten en informatie toegankelijker te maken. Deze aandachtspunten nemen we mee in de actualisatie van het beleidsplan.

4

2. Rekenkameronderzoek uit 2019 In 2019 heeft de Rekenkamer onderzoek gedaan naar het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid van Pijnacker-Nootdorp. Uit het onderzoek bleek onder meer dat de toegankelijkheid van de ondersteuning en de informatievoorziening aan de raad voor verbetering vatbaar waren. In bijlage 2 is schematisch weergegeven waar we staan ten opzichte van de bevindingen en aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport en hoe deze, indien van toepassing, worden meegenomen in het nieuwe beleidsplan. Op basis van de tabel uit de bijlage concluderen we dat de gemeente grotendeels voldoet aan de normen en aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport van 2019. De gemeente heeft een heldere visie op schuldhulpverlening, werkt hecht samen met het Netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg en informeert de raad jaarlijks over de cijfers en ontwikkelingen van schuldhulpverlening en vroegsignalering. Een aandachtspunt is dat hoewel er in het beleidsplan van 2021 al wel gewerkt werd met uitgangspunten behorend bij de visie en communicatiedoelen, er nog niet gewerkt werd met SMART doelen en kpi’s. In het beleidsplan van 2025 worden SMART doelen en kpi’s opgenomen. Ook krijgt het beleid nog een extra kwaliteitscheck door de invoering van het plan elementen basisdienstverlening schuldhulpverlening.

3. Elementen van de basisdienstverlening Eind 2023 jaar schreef toenmalig minister Schouten een brief aan de Tweede Kamer waarin ze aangaf dat ze de kwaliteit en het bereik van de gemeentelijke schuldhulpverlening wil verbeteren. Hiervoor noemt ze elementen die kunnen bijdragen aan de ''basisdienstverlening’’, onderverdeeld in de verschillende fasen van een schuldhulpverleningstraject: in beeld, in contact, in gesprek, rust en overzicht, plaatje compleet & perspectief, met vertrouwen de toekomst tegemoet en algemeen. Het doel van de basisdienstverlening is dat meer mensen met schulden eerder en nog betere schuldhulpverlening ontvangen en dat gemeenten in dat kader de dienstverlening gelijktrekken. In maart 2024 is de bestuurlijke commitment hiervoor vastgelegd door ondertekening van het plan basisdienstverlening door Divosa, de NVVK, de VNG en het kabinet. Kortom: van gemeenten wordt verwacht dat zij aan de slag gaan met de elementen van de basisdienstverlening. Om ervoor te zorgen dat gemeenten uitvoering kunnen geven aan de basisdienstverlening is er een actieplan ontwikkeld.

Het actieplan is opgedeeld in een korte termijn (direct in te zetten door gemeenten of is al ingezet), een middellange termijn (hiervoor zijn handreikingen in de maak, zodat gemeenten er binnen een jaar mee aan de slag kunnen) en de lange termijn (hier kunnen gemeenten nog niks mee doen, omdat deze elementen nog onderzocht worden of nog in aanmaak zijn). In bijlage 3 wordt middels een tabel inzicht gegeven in welke maatregelen bij welke termijn horen en in hoe / of dit in Pijnacker-Nootdorp al aandacht krijgt en hoe het zich verhoudt tot het huidige beleidsplan. Van de 23 maatregelen uit de tabel zijn er 12 maatregelen waar nog geen vinkje bij staat, waarvan we met 7 nog niet aan de slag kunnen, omdat dat lange termijn maatregelen betreffen die nog in ontwikkeling zijn. Met de overige 5 gaan we in de nieuwe beleidsperiode aan de slag.

5

4. Ontwikkeling cijfers, financiën en formatie Cijfers schuldhulpverlening Figuur 1 hieronder laat het aantal aanmeldingen bij schuldhulpverlening vanaf 2020 zien. Voor de jaren 2020 t/m 2022 betroffen het alleen aanmeldingen van particuliere inwoners, vanaf 2023 zijn ook de aanmeldingen van ondernemers en zzp'ers meegenomen in de cijfers. De figuur maakt duidelijk dat het bereik van schuldhulpverlening de afgelopen jaren is toegenomen. Een resultaat waar we onder andere met onze inzet op communicatie aan hebben bijgedragen en wat aansluit bij de eerder genoemde communicatiedoelstellingen uit het beleidsplan (bijvoorbeeld: inwoners weten waar zij terecht kunnen voor informatie en ondersteuning).

134

140 120

125 108

106

100

84

80

Aanmeldingen bij schuldhulpverlening

60 40 20 0 2020

2021

2022

2023

2024

Figuur 1. Aantal aanmeldingen particuliere inwoners over de jaren bij schuldhulpverlening (in 2023 en 2024 incl. aanmeldingen van ondernemers en zzp’ers).

Tabel 1 hieronder laat het succespercentage van het aantal aanmeldingen dat tot een intake heeft geleid zien. In de periode van het beleidsplan zaten we – op uitzondering van 2021 – rond een succespercentage van 85%. Dat betekent dat gemiddeld 85% van de aanmeldingen bij schuldhulpverlening resulteerden in een succesvolle intake en dus in een hulpaanbod. Tabel 1. Aantal aanmeldingen en het succespercentage dat tot een intake heeft geleid

Schuldhulpverlening Aanmeldingen Intake % Succesrate

2020 108 79 85,3%

2021 84 68 57,1%

2022 106 82 86,9%

2023 105 106 100%

20242 134 134 100%

Tot slot laten figuur 2 en 3 hieronder de succespercentages van de regelingen die zijn getroffen in 2023 (figuur 2) en 2024 eerste helft (figuur 3) zien. Deze figuren waren ook opgenomen in de voortgangsrapportage schuldhulpverlening 2024. 2 Alleen de getallen van 2024 zijn inclusief ondernemers, de overige jaren zijn exclusief ondernemers en zzp’ers, omdat er

toen nog geen intake informatie over deze doelgroep werd geregistreerd.

6

20%

Herfinanciering

80%

Schuldbemiddeling

100%

Succespercentages regelingen in 2023

Saneringskrediet

100% 50% 50%

Betalingsregeling 0%

10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% 110% % succesvol

% niet succesvol

Figuur 2. Succespercentage regelingen die zijn afgerond in 2023

33%

Herfinanciering

67%

Schuldbemiddeling

100%

SaneringskredietSuccespercentage regelingen in 2024*

100%

Betalingsregeling

100% 0%

10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% 110% % succesvol

% niet succesvol

Figuur 3. Succespercentage regelingen die zijn afgerond in 2024 t/m peildatum 31-7-2024*

Uit beide figuren blijkt dat alle afgegeven saneringskredieten en schuldbemiddelingen in 2023 en 2024 succesvol zijn afgerond. Een mogelijke verklaring voor het niet volledige succespercentage bij de herfinancieringen en één betalingsregeling uit 2023 kan zijn dat de schulden problematisch bleken te zijn, waardoor er toch een meer ingrijpende schuldregeling (zoals een saneringskrediet of een schuldbemiddeling) nodig was.

Conclusie cijfers schuldhulpverlening Samenvattend kenmerkt de afgelopen beleidsperiode zich als een bewogen tijd, waarbij ‘’bestaans(on)zekerheid’’ het sleutelwoord was. Naast dat we op lokaal niveau maatregelen namen om onze inwoners te ondersteunen, kwam ook de Rijksoverheid met een pakket aan hulpmiddelen om de negatieve effecten van verschillende ontwikkelingen (inflatie, energieprijzen etc.) te beperken. Lang bleef de verwachte golf aan hulpaanvragen die men verwachtte naar aanleiding van de pandemie uit, maar in de eerste helft van 2024 zagen we – in overeenstemming met het landelijke beeld – het aantal aanmeldingen bij schuldhulpverlening toenemen ten opzichte van 2023. De aankomende beleidsperiode blijft het bieden van maatwerk voor verschillende doelgroepen (particuliere inwoners, ondernemers, jongeren) belangrijk. Daarnaast willen we aan de slag met het laagdrempeliger maken van het hulpaanbod en de informatie die we communiceren (zowel naar buiten toe als aan inwoners in een traject). Ook zichtbaarheid blijft een aandachtspunt. 7

Cijfers vroegsignalering In tabel 2 en figuur 4 hieronder is het totaal aantal aangeleverde signalen per vaste lastenpartner over de jaren 2021 t/m 2024 te zien. Tabel 2. Aantal meldingen per vaste lasten partner over de jaren 2021 t/m 2024

Jaar 2021 2022 20233 2024

Totaal meldingen zorgverzekeraar 530 521 575 811

Totaal meldingen woningcorporaties 130 123 220 360

Totaal meldingen energiebedrijven 165 181 303 428

Totaal meldingen waterbedrijven 767 439 67 60

900 800 700 600 500 400

Totaal aantal meldingen per vaste lasten partner over de jaren

300 200 100 0 2021

2022

2023

2024

Totaal meldingen zorgverzekeraar

Totaal meldingen woningcorporaties

Totaal meldingen energiebedrijven

Totaal meldingen waterbedrijven

Figuur 4. Totaal aantal meldingen per vaste lasten partner over de jaren 2021 t/m 2024

Als we per vaste lasten partner kijken naar het beeld dat de tabel en grafiek laat zien, dan valt op dat:  Voor zorgverzekeraars het aantal meldingen over 2021 t/m 2023 vrij stabiel is. In 2024 is echter een flinke piek te zien. Het is onduidelijk waar die piek precies vandaan komt, maar het kan deels te wijten zijn aan de aanpak van zorgverzekeraars. Misschien hebben zij iets veranderd in hun werkwijze of zijn ze beter gaan signaleren.  Voor de woningcorporaties is duidelijk zichtbaar dat het aantal signalen over de jaren is gaan toenemen. Een zorgelijke ontwikkeling die laat zien dat meer mensen moeite hebben om hun huur te betalen. Uit ervaring weten we dat door de woningcrisis mensen noodgedwongen te duur wonen voor wat ze eigenlijk aan vaste lasten kunnen dragen. Dit zien we helaas terug in de cijfers.  Ook bij de energiemaatschappijen zien we een toename in het aantal signalen over de jaren. Hoewel de energieprijzen inmiddels weer wat gedaald zijn, blijven mensen financiële druk ervaren door inflatie.

3 Over de maanden juni en juli 2023 zijn geen gegevens geregistreerd, het totaal aantal meldingen per vaste lasten partner

is exclusief deze maanden.

8

Tot slot zien we een opvallende, sterke daling in de meldingen van waterbedrijven in 2024 ten opzichte van eerdere jaren. De afgelopen jaren is er meer aandacht gekomen voor betalingsachterstanden bij drinkwatercontracten. In 2024 nam de Tweede Kamer een motie aan om huishoudens met betalingsachterstanden niet meer af te sluiten van drinkwater, mede naar aanleiding van een rechtszaak aangespannen door Defence for Children en het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten. Het afsluiten zou een schending van mensenrechten vormen. Hoewel de wetgeving hierover nog in ontwikkeling is, lijken veel waterbedrijven hun afsluitbeleid in de praktijk al te hebben aangepast. Dit zou een verklaring kunnen zijn voor de daling in meldingen, dat drinkwaterbedrijven zich meer inspannen om tot een betalingsregeling te komen met klanten.

Conclusie cijfers vroegsignalering Samenvattend blijkt dat het aantal meldingen in 2024 ten opzichte van andere jaren is toegenomen, doordat er in 2024 meer meldingen binnenkwamen van energiebedrijven, zorgverzekeraars en woningcorporaties. Deze ontwikkeling is in lijn met de ontwikkeling die we bij schuldhulpverlening zien. Zo krijgt ook team vroegsignalering vaker te maken met meldingen over ondernemers. De aankomende beleidsperiode is het van belang om onze vroegsignaleringsaanpak verder te verstevigen en met behulp van cijfers inzichtelijk te krijgen wat het opvolgen van de signalen oplevert.

9

Financiën en formatie Het financieel kader In het Raadsakkoord op hoofdlijnen 2022-2026 heeft de gemeenteraad het versterken van de bestaanszekerheid als één van de centrale thema’s benoemd. In figuur 5 hieronder is duidelijk te zien dat de inzet op vroegsignalering en schuldhulpverlening is toegenomen de afgelopen jaren. Het actieplan bestaanszekerheid heeft hieraan een tijdelijke impuls gegeven in de periode 2023, 2024 en de eerste helft van 2025.

Figuur 5. De externe kosten schuldhulpverlening en ureninzet weergegeven over de jaren.

Het college heeft besloten om deze tijdelijke impuls structureel voort te zetten. Hierdoor kan het huidige aanbod aan de inwoners in het kader van vroegsignalering, reguliere schuldhulpverlening en schuldhulpverlening aan bedrijven en ZZP-ers gehandhaafd blijven. We verwachten dat de vraag naar deze ondersteuning in de periode 2026-2029 verder zal toenemen en daarmee de druk op de uitvoering. We stellen vast dat de capaciteit voor de schuldhulpverlening aan bedrijven en ZZP-ers op vol vermogen draait. Ook zien we een toename van het aantal partijen dat zich aansluit bij het convenant vroegsignalering en als gevolg daarvan neemt potentieel het aantal signalen bij vroegsignalering toe. Het uitvoeringsbudget voor schuldhulpverlening bedraagt in 2025 € 98.000,-. Hiervan worden de structurele kosten van applicaties betaald, abonnementen op kennisbanken en bijvoorbeeld ook de kosten van bewindvoering en budgetbeheer. In 2025 verwachten we het budget volledig uit te nutten. Formatie Door de toegenomen hulpvragen bij schuldhulpverlening (en de signalen bij vroegsignalering) is de formatie sinds het vaststellen van het huidige beleidsplan meegegroeid met de vraag. In 2021 betrof de formatie voor schuldhulpverlening 2,22 fte, in 2025 is dit gegroeid naar 4,22 fte.

Omdat de financiële ruimte in de gemeentebegroting onder druk staat verwachten we dat in de komende periode, de uitvoering van de schuldhulpverlening en vroegsignalering met de huidige

10

inzet en binnen het huidige uitvoeringsbudget moet plaatsvinden. Dit heeft invloed op het ambitieniveau dat kan worden geformuleerd.

11

Beleidsperiode 2025 – 2029 De voorliggende evaluatie heeft een beeld gegeven van de afgelopen beleidsperiode en de ontwikkelingen die speelden. Ook is er in de evaluatie stilgestaan bij het Rekenkamerrapport uit 2019 en de elementen van de basisdienstverlening, een nieuwe ontwikkeling sinds 2024. Waar brengt ons dat voor de komende beleidsperiode? Voor de komende beleidsperiode ligt de focus op het verder versterken van de zichtbaarheid en toegankelijkheid van het hulpaanbod. We willen inwoners (eerder) bereiken door communicatie begrijpelijker en duidelijker te maken, zowel in de algemene voorlichting als binnen lopende hulptrajecten. Daarnaast blijft maatwerk essentieel, met specifieke aandacht voor de doelgroepen ondernemers, laaggeletterden, LVB’ers en jongeren. De stijging van het aantal hulpvragen bij schuldhulpverlening en het aantal signalen bij vroegsignalering in 2024 onderstreept het belang van een goede samenwerking, zowel intern met collega’s van andere teams als extern met onze netwerkpartners. We streven ernaar inwoners met schulden duurzaam te helpen, zodat zij op termijn weer kunnen participeren in de samenleving. Ook willen we, samen met het netwerk preventie, schuldhulpverlening en nazorg, verder inzetten op het versterken van de financiële zelfredzaamheid van inwoners.

Tot slot realiseren we ons tegelijkertijd dat de gemeentebegroting onder druk staat en bepalend is voor een realistisch ambitieniveau. Dat vormt de context voor de nieuwe beleidsperiode, waarbij we haalbare doelen willen stellen gegeven de financiële middelen die er beschikbaar zijn. In een projectopdracht zal dit verder worden uitgewerkt.

12

Bijlagen 1. Samenvatting participatieverslag Samenvatting uitkomsten vragenlijst schuldhulpverlening Waarom een vragenlijst? De gemeente Pijnacker-Nootdorp heeft een beleidsplan waarin staat hoe de gemeente haar inwoners ondersteunt op het gebied van schuldhulpverlening. Het is tijd om dit beleid te evalueren en bij te stellen voor de komende tijd. De gemeente is benieuwd naar de ervaringen en ideeën van haar inwoners met betrekking tot schuldhulpverlening. Weten zij waar ze naartoe kunnen bij problemen of vragen over geld en/of schulden? Bieden we de juiste hulp? Aan welke ondersteuning is behoefte? Met de vragenlijst is hierop ingegaan. Achtergrond vragenlijst De vragenlijst was gericht op alle inwoners van de gemeente vanaf 17 jaar. In totaal is de vragenlijst 261 keer ingevuld. De vragenlijst bestond uit twee routes: personen die hebben aangegeven dat zij momenteel of in het verleden problemen met geld of schulden hebben gehad, kregen deels andere vervolgvragen dan de personen die aangaven nog nooit problemen met geld of schulden te hebben gehad. Uitkomsten vragenlijst Kenmerken respondenten De meeste respondenten zijn afkomstig uit Pijnacker, daarna Nootdorp, daarna Delfgauw en 1 respondent kwam uit Oude Leede. De grootste leeftijdscategorie die de vragenlijst heeft ingevuld, is 46 t/m 66 jaar, gevolgd door 28-45 jarigen.

Jongeren van 17-27 vulden het minst vaak de vragenlijst in. De helft van de respondenten is in loondienst bij een werkgever, 30% ontvangt een uitkering (bijstand/AOW/pensioen etc.) en 10% is zelfstandige. De overige respondenten hebben geen inkomen of gaven aan studiefinanciering te ontvangen. Route 1: mensen die schulden hebben gehad of nog hebben Van de 261 mensen die de vragenlijst invulden, vallen er 22.2% (58 mensen) onder spoor 1. Zij kregen ook vragen over hoe hun schulden zijn ontstaan en wat hun ervaringen zijn met het hulpaanbod. Op de vraag hoe de schulden zijn ontstaan wordt met name geantwoord dat dit gekomen is door life-events als een scheiding, verlies van werk, verlies van of tegenvallers in eigen bedrijf, ziekte. Van de 22.2% (58 mensen) heeft 65.5% (38 mensen) hulp gezocht, 34.5% (20 respondenten) niet. In 63.2% (24 respondenten) van de gevallen zijn de mensen die hulp hebben gezocht positief over de ontvangen hulp. Het grootste deel geeft ook aan dat de aangeboden hulp voor een oplossing heeft gezorgd. De 34.5% (20 mensen) die aangaven geen hulp te hebben gezocht, gaven voornamelijk aan dat niet te hebben gedaan omdat ze het hun eigen verantwoordelijkheid vinden om het op te lossen en omdat ze zich schamen. Ook hulp van familie en niet weten waar je naartoe kunt met je vraag werden een aantal keer genoemd als redenen om geen hulp te zoeken. 13

Route 2: Iedereen Onder dit spoor vallen de vragen die iedereen heeft beantwoord, ongeacht of je problemen met schulden hebt (gehad) of niet. In de vragenlijst was een stelling opgenomen om te peilen hoe inwoners denken over het ontstaan van schulden. De stelling was: ‘’Als ik in de problemen kom met geld en/of schulden, is de kans groot dat dit mijn eigen schuld is”. De respons hierop leidde niet tot een duidelijke eens of oneens, beide antwoordopties scoorden tussen de 34-39%. 35 respondenten wilden hun antwoord toelichten en daaruit bleek in de meeste antwoorden een nuance: het ligt aan de situatie. Verder wilden we erachter komen of het hulpaanbod bekend is in de gemeente. We vroegen onze inwoners of zij weten waar je terecht kunt met financiële problemen. Voor zichzelf, nu of in de toekomst, of om iemand in de directe omgeving te kunnen verwijzen. Daaruit bleek dat ruim de helft (60%) aangaf dit te weten en dat met name de mogelijkheden via de gemeente bekend waren. Een deel van de respondenten gaf aan ook organisaties als SWOP, Humanitas en Schuldhulpmaatje te kennen. 40% gaf echter aan niet te weten waar ze dan terechtkunnen. Online proberen we zichtbaar te zijn en te communiceren over de hulp die beschikbaar is in Pijnacker-Nootdorp. We legden de verschillende kanalen voor en respondenten konden aangeven waar ze bekend mee waren (meerdere opties mogelijk).

Alle 261 respondenten vulden deze vraag in, in totaal zijn er 507 antwoorden gegeven. Dat leidde tot dit beeld:

29%

35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0%

24% 16% 8%

an

d. va n

bo

ve n

sta

rg el ov e ge n

ra G

ee

n

.v w w w

de

nl

nl it. df w .g el

w w

SW

an um /o fH en

O

s ita

e nt ee m ge SH M

P

Waar bent u mee bekend?

de va n V SH

13%

9%

Op de vraag van wie de respondenten het liefst hulp zouden krijgen bij geldproblemen, kwam dit beeld (meerdere opties mogelijk, 350 antwoorden gegeven):

14

36%

40% 30% 20% 10% 0%

19% 7%

3%

ig O ve r

er k ek

ee n Ik

w il g

D

hu lp

s an ita um

4%

SW

O

P, S

Ei

H M

,H

ge n

em

ee n

ne tw er

te

k

Van wie ontvangt u het liefst hulp bij geldproblemen?

eg D

30%

Informatie ontvangen of kunnen vinden over hulp bij geldzaken doet het grootste deel van de respondenten het liefst via de website van de gemeente (42%). Tot slot is gevraagd naar ideeën/input over hoe de gemeente het vragen van hulp makkelijker kan maken om zo de drempel hiertoe te verlagen. Het algemene beeld dat daaruit naar voren kwam is dat de gemeente de zichtbaarheid van schuldhulpverlening moet vergroten en informatie toegankelijker moet maken. Ideeën daarbij zijn:     

Adverteren van diensten Plaatsen van posters op publieke plekken Benadrukken dat schulden niet altijd de eigen schuld zijn om schaamte te verminderen Zorgen voor één duidelijk aanspreekpunt Voorlichting op fysieke locaties, zoals plekken waar ouderen samenkomen

15

2. Rekenkamerrapport 2019 Hieronder is beschreven aan welke normen het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid volgens de Rekenkamercommissie van Pijnacker-Nootdorp moet voldoen en in hoeverre de gemeente daar in 2019 aan voldeed. In de vierde kolom is beschreven in hoeverre het huidige schuldhulpverleningsbeleid van de gemeente voldoet aan die normen. Nummer 1

Norm Er zijn duidelijk geformuleerde doelen verbonden aan het beleid. Deze doelen zijn SMART geformuleerd.

Bevinding Rekenkamer 2019 Het bevorderen van participatie in de samenleving en het versterken van de (financiële) zelfredzaamheid zijn de overkoepelende beleidsdoelen van het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid. Deze doelen zijn uitgewerkt in uitgangspunten, maar worden verder niet SMART gemaakt.

Huidig beleid (2025) In het beleidsplan van 2021 zijn de doelen nog niet SMART geformuleerd en is er nog niet gewerkt met key performance indicators (kpi’s). De bedoeling is om in het beleidsplan van 2025 daar wel mee te gaan werken. We denken dan bijvoorbeeld aan indicatoren als het aantal aanmeldingen bij schuldhulpverlening, het percentage succesvol afgeronde trajecten en het aantal inwoners dat zich na succesvol afronden van een schuldregeling weer aanmeldt voor hulp binnen een bepaalde periode.

2

De ingezette voorzieningen sluiten aan bij de gestelde doelen.

In het beleidsplan van 2021 staat beschreven wat het beleid is omtrent de toegankelijkheid van de ondersteuning, de kwaliteit van de preventieve inzet en de vormgeving van nazorg. Deze krijgen nog een kwaliteitscheck voor het beleidsplan van 2025 door de invoering van het plan: Basisdienstverlening Schuldhulpverlening.

3

De uitvoering van het beleid vindt zoveel mogelijk plaats zoals het beleid het voorschrijft.

De voorzieningen behorende bij het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid kunnen ingedeeld worden in gemeentelijke regelingen, kindregelingen, preventieve maatregelen, het maatwerkbudget en schuldhulpverlening. Waarbij schuldhulpverlening uiteenvalt in preventie, curatie (schuldbemiddeling) en nazorg. Preventie: In de uitvoering wordt de nadruk gelegd op preventief werken, waarbij sterkt wordt geleund op de inzet van vrijwilligers. Verder wordt in het kader van preventie gewerkt aan professionaliseringstraject voor vroegsignalering. Integrale aanpak: De ervaring is dat er steeds meer integraal wordt

Preventie: In het beleidsplan van 2021 is een hoofdstuk geweid aan de inzet op preventie en de aanpak van vroegsignalering. Integrale aanpak: In het beleidsplan ligt de nadruk op een integrale aanpak, maatwerk leveren en stress sensitief werken. Waarbij een integrale aanpak betekent dat er niet alleen oog is voor de financiële problemen, maar dat alle sociaal16

4

Samenwerkingspartners zijn tevreden over de toegevoegde waarde van het beleid en over de wijze waarop wordt samengewerkt.

5

De gemeente heeft zicht op de verschillende resultaatniveaus van het beleid: output, ervaringen en outcome.

samengewerkt, zowel intern als met het voorliggende veld. Voor de verdere professionalisering van de integrale werkwijze volgen medewerkers trainingen en wordt een netwerk van gemeentelijke uitvoerders en partijen uit het voorliggend veld opgezet. Laagdrempelig en eenvoudig: dit punt komt in de praktijk niet altijd tot uiting. Niet alle mensen die hulp kunnen gebruiken, kunnen de weg naar de gemeente vinden en de regelgeving rond de inzet van voorzieningen wordt als (te) ingewikkeld ervaren. Maatwerk: Het maatwerkbudget wordt als een goed instrument ervaren voor het bieden van maatwerk voor mensen die anders tussen wal en schip vallen. Ketenpartners zijn in grote lijnen tevreden over de samenwerking met de gemeente. Er wordt geïnvesteerd in de verdere professionalisering in de samenwerking met het voorliggend veld en met organisaties zoals energiebedrijven en woningcorporaties wat betreft vroegsignalering.

maatschappelijke problemen in beeld gebracht worden. Het netwerk van gemeentelijke uitvoerders en partijen uit het voorliggende veld is inmiddels opgezet (netwerk preventie, schuldhulpverlening en nazorg). Laagdrempelig en eenvoudig: op het gebied van communicatie proberen we een slag te slaan naar communiceren op B1-niveau. Dit komt in het huidige beleidsplan nog niet aan bod. Maatwerk: maatwerk is een uitgangspunt in het huidige beleid en betekent dat de vorm van hulp die ingezet wordt afhankelijk is van de situatie waarin de cliënt zich bevindt en welke oorzaken aan de situatie ten grondslag liggen.

Hoewel de output van de inzet van armoedevoorzieningen redelijk in beeld is bij de gemeente via de Armoedemonitor, is weinig bekend over de concrete

In het beleidsplan van 2021 is een hoofdstuk geweid aan kwaliteitsborging, waarin de kwantitatieve en kwalitatieve monitoringsmethoden beschreven worden. Zo maakt de gemeente gebruik van RIS en Stratech om

In het beleidsplan komt de samenwerking met ketenpartners binnen het netwerk preventie, schuldhulpverlening en nazorg aan de orde. Het netwerk is een belangrijk instrument dat we naast de curatieve schuldhulpverlening inzetten om inwoners te ondersteunen, informeren en te bereiken d.m.v. communicatieinspanningen. Met het gezamenlijk oprichten van het platform www.vragenovergeld.nl is een belangrijke stap gezet in de verdere professionalisering van de samenwerking.

17

output van de schuldhulpverlening, bijvoorbeeld in instroom, doorstroom en uitstroom van gebruikers. Ervaringen en outcome van het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid worden niet structureel opgehaald en in beeld gebracht. 6

De beschikbare gegevens over resultaat sluiten aan bij de gestelde doelen.

7

De raad gebruikt aangeleverde informatie over resultaten voor het bijsturen van het armoedeen schuldhulpverlenings beleid.

De Rekenkamer geeft aan geen antwoord te kunnen geven op de vraag of de resultaatgegevens aansluiten bij de gestelde doelen. Enerzijds omdat er geen concrete (sub-) doelen en indicatoren zijn geformuleerd voor het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid, anderzijds omdat er weinig informatie beschikbaar is over resultaat. De gegevens die beschikbaar zijn over het bereik van de armoedevoorzieningen laten zien dat het bereik van de Kindpakket-regelingen relatief hoog is, terwijl het bereik van de overige voorzieningen in vergelijking met andere gemeenten relatief laag is. Het onderwerp armoede staat vooral op de agenda bij wetswijzigingen of als er incidenten zijn, maar komt tussendoor weinig aan bod. De gemeenteraad wil graag actiever geïnformeerd worden door het college op dit dossier, bijvoorbeeld op thema’s als preventief en integraal werken. Er is weinig zicht op de resultaten, waardoor de raad weinig informatie in handen heeft om het armoede- en

kwantitatief te meten. En maakt de gemeente gebruik van kwalitatieve instrumenten zoals trainingen en intervisies om kwalitatief te monitoren. Ieder jaar ontvangt de gemeenteraad een voortgangsrapportage schuldhulpverlening. In het beleidsplan van 2025 worden kpi’s opgenomen om beter te kunnen meten of de doelen bereikt worden. Het huidige beleidsplan bevat een visie op schuldhulpverlening en uitgangspunten, maar nog geen meetbare doelstellingen. Het voorstel is om voor de komende beleidsperiode de visie uiteen te zetten in meetbare doelstellingen met bijbehorende kpi’s om zo resultaten te kunnen meten.

In het huidige beleidsplan is benoemd dat de raad jaarlijks een voortgangsrapportage krijgt over schuldhulpverlening. Daarbij wordt de raad in de gelegenheid gesteld om het beleid bij te sturen. Het benoemen van kpi’s heeft aandacht voor het nieuwe beleidsplan.

18

8

9

10

schuldhulpverleningsbeleid bij te kunnen sturen. De gemeente heeft zicht op De kosten voor de ingezette de uitvoeringskosten van voorzieningen binnen het het armoede- en armoede- en schuldhulpverleningsbeleid schuldhulpverleningsbeleid zijn helder beschreven in de begrotingen en beleidsplannen. De gemeente ziet toe op De uitvoeringskosten van het een efficiënte uitvoering armoede- en van het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid schuldhulpverleningsbeleid zijn duidelijk beschreven in de begrotingen en beleidsplannen. Hoewel er vanuit de gemeente geen signalen komen dat het budget niet efficiënt wordt ingezet, is er momenteel weinig zicht op de doelmatigheid. Dit heeft ermee te maken dat de doeltreffendheid van het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid nu niet structureel in beeld is. Het gemeentelijke De wettelijke kaders bieden armoede- en veel ruimte voor de schuldhulpverleningsbeleid inhoudelijke invulling van voldoet aan de wettelijke het beleid. De Wgs vereist kaders en de gemeente dat er iedere vier jaar een stuurt hier ook op. beleidsplan wordt opgesteld en vorm wordt gegeven aan een integrale beleidsvoering. De gemeente PijnackerNootdorp voldoet hieraan.

De uitvoeringskosten staan helder beschreven in het beleidsplan 2021. Via programma 7 van de jaarrekening wordt het schuldhulpverleningsbudget elk jaar gepresenteerd aan de raad. Met de jaarlijkse voortgangsrapportages krijgt de raad inzicht in de voortgang van het schuldhulpverleningsbeleid en de ontwikkelingen die spelen. Voor een nieuw beleidsplan worden er meetbare doelstellingen met kpi’s geformuleerd om meer zicht te krijgen op de doelmatigheid van het beleid.

In het beleidsplan van 2021 is rekening gehouden met de wettelijke kaders. Ook in het beleidsplan van 2025 zal er rekening gehouden worden met de wettelijke kaders.

Hieronder is beschreven welke aanbevelingen in 2019 door de Rekenkamercommissie van PijnackerNootdorp zijn gegeven aan het college met betrekking tot het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid. Ook is beschreven in hoeverre hier in het huidige beleid aan is voldaan. Nummer 1

Aanbevelingen aan college (2019) Zorg dat de doelen en de subdoelen die gesteld zijn SMART worden geformuleerd om beter zicht te krijgen op de doeltreffendheid van de uitvoering van het beleid. Neem het verkregen beeld op in de monitor sociaal domein en deel zo de informatie met de raad.

Huidig beleid (2025) In het huidige beleidsplan zijn de doelen nog niet SMART geformuleerd. In het beleidsplan van 2025 krijgt dit aandacht. In de monitor sociaal domein wordt op dit moment beperkt gerapporteerd over schuldhulpverlening. De gemeenteraad ontvangt jaarlijks een aparte voortgangsrapportage. 19

2

Heb aandacht voor de uitvoeringselementen waar diverse betrokkenen nu nog knelpunten in ervaren: toegankelijkheid van de ondersteuning, kwaliteit van de preventieve inzet die door het voorliggend veld wordt georganiseerd en vormgeving van nazorg. Heb ook aandacht voor vrijwilligers in dit veld. Het aantal vrijwilligers neemt vrijwel overal af, als hier geen goede afspraken of achtervanger voor worden geregeld is de kans groot dat er in de preventie gaten vallen.

In het beleidsplan van 2021 staat beschreven wat het beleid is omtrent de toegankelijkheid van de ondersteuning, de kwaliteit van de preventieve inzet en de vormgeving van nazorg. Deze krijgen nog een kwaliteitscheck voor het beleidsplan van 2025 door de invoering van het plan: Basisdienstverlening Schuldhulpverlening.

4

Investeer in de opleiding/informatievoorziening richting vrijwilligers en geef meer aandacht aan de voor- en nazorg. Vrijwilligers spelen een grote rol bij de preventie. Het is van groot belang dat deze groep goed geïnformeerd/opgeleid is.

In de gemeente is sinds 2019 een Netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg. De vrijwilligersorganisaties organiseren zelf opleidingen voor hun vrijwilligers. Daarnaast wordt er vanuit het netwerk bijna jaarlijks een workshopdag georganiseerd waar vrijwilligers elkaar kunnen ontmoeten en samen hun kennis vergroten.

5

Monitor de voortgang van de verdere samenwerking met belangrijke ketenpartners, de inzet op vroeg signalering en nazorg en stuur daar waar nodig is bij.

De gemeente heeft meerdere keren per jaar een vergadering met het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg, waar de gemeente en de ketenpartners elkaar op de hoogte houden. Het monitoren van de samenwerking is niet belegd in het huidige beleidsplan, maar vindt organisch plaats.

6

Communiceer goed over de doelstelling van vroegsignalering om zo draagvlak en effectiviteit te vergroten. De AVG is een belangrijk aandachtspunt bij vroeg signalering. Dek dit goed af. Verschaf structureel inzicht in de resultaten van de uitvoering van beleid. De nieuwe systemen (Stratech en Inforing) binnen het sociaal domein bieden hier goede

De gemeente houdt zich aan de AVG regels bij vroegsignalering. De afspraken met vaste lasten partners zijn vastgelegd in een convenant.

3

7

In de reactie op het rekenkamerrapport van 2019 schrijft het college dat er op dat moment ruim voldoende vrijwilligers zijn. Ook in 2025 geven vrijwilligersorganisaties aan dat er voldoende vrijwilligers zijn. De gemeente geeft vrijwilligers in de gemeente verder erkenning door middel van de vrijwilligersprijs en bedankt vrijwilligers elk jaar tijdens de dag van de vrijwilliger. Dat er afdoende vrijwilligers zijn is niet beschreven in het beleidsplan van 2021, maar krijgt wel aandacht in het netwerk preventie, schuldhulpverlening en nazorg.

Het college geeft elk jaar via de monitor sociaal domein de gemeenteraad een beeld van de situatie van het sociaal domein in de gemeente. Momenteel zit schuldhulpverlening slechts beperkt in die 20

8

9

10

kansen voor. Draag zorg voor een goede implementatie en informeer de raad over de voortgang van de implementatie en de resultaten via de monitor sociaal domein. Koppel het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid aan de monitor Sociaal Domeinen verschaf de raad meer inzicht in de voortgang van de uitvoering op de belangrijkste uitgangspunten van het armoede- en schuldhulpverleningsbeleid en op de resultaten. Deel de informatie over de uitvoeringskosten van het beleid bij de Jaarrekening met de raad. Draag zorg voor een goede implementatie van de monitor Sociaal Domein en informeer de raad over de uitkomsten van de monitor. Door goed gebruik van de monitor Sociaal Domein kan beter zicht worden verkregen op de efficiëntie van de uitvoering van het beleid.

monitor. De gemeenteraad krijgt elk jaar een aparte voortgangsrapportage over schuldhulpverlening. Het is de ambitie op termijn meer informatie over schuldhulpverlening toe te voegen aan de monitor sociaal domein.

De uitvoeringskosten van het beleid worden gedeeld via budgetten die in Programma 7 van de jaarrekening elk jaar gepresenteerd worden aan de raad. De raad ontvangt jaarlijks de monitor sociaal domein.

21

3. Elementen basisdienstverlening Direct of al ingezette maatregelen

Huidige beleidsplan

Convenant lokale overheid: dit convenant heeft als doel om de samenwerking binnen gemeenten (schuldhulpverlening met overheidscrediteuren) te verbeteren. DDAS: implementeren ‘Datadelen op Armoede en Schulden’.

⎕ In het beleidsplan wordt hier nog geen aandacht aan besteed. Dit is een aandachtspunt om op te pakken in het nieuwe beleidsplan.

Zonder drempels*: houdt in dat de aanmelding bij schuldhulpverlening zonder veel papierwerk kan plaatsvinden.

☑ In het beleidsplan wordt dit nog niet benoemd, maar dit is wel de uitvoeringspraktijk. Voor aanmelding bij schuldhulpverlening is alleen een identiteitsbewijs nodig.

Begeleiding start direct: de begeleiding start vanaf het eerste gesprek met een inwoner.

☑ Binnen 4 weken na aanmelding is het eerste gesprek. Binnen 8 weken na het eerste gesprek is er een plan van aanpak. Tussen het intakegesprek en het plan van aanpak verschilt het per inwoner in hoeverre er contact is. De begeleiding vanaf het eerste gesprek richt zich vooral op het aangaan van een verbinding en het opbouwen van een vertrouwensband met inwoners en het zorgdragen dat inwoners niet uitvallen.

Intake & triage: de intake wordt ondersteund met een instrument. Het instrument geeft een waarde aan de huidige situatie van de inwoner rond financiële vaardigheden, competenties, basisvaardigheden en leefgebieden.

⎕ In het beleidsplan wordt hier nog geen aandacht aan besteed. Dit is een aandachtspunt om op te pakken in het nieuwe beleidsplan en te verkennen in hoeverre we gebruik kunnen maken van gespreksplaten / instrument bij de intake van schuldhulpverlening.

Aanbod per doelgroep: het hulpaanbod is toegespitst op specifieke doelgroepen, bijvoorbeeld ondernemers en jongeren, zodat op maat op bepaalde kenmerken wordt ingespeeld.

☑ In het beleidsplan wordt hier wel aandacht aan besteed. Desondanks blijft het een aandachtspunt voor een nieuw beleidsplan, omdat we voor sommige doelgroepen al verder in ons maatwerk zijn dan voor andere doelgroepen.

☑ De VNG, Divosa, NVVK en CBS werken samen om de verzameling van data over financiële hulpverlening te vereenvoudigen. Het doel is om data te standaardiseren door definities gelijk te trekken, te optimaliseren door alleen uit te vragen wat nodig is en te flexibiliseren door de data voor meerdere doelen te gebruiken. Gemeenten zijn gevraagd hieraan deel te nemen en data aan te leveren. Wij nemen deel en leveren op aanvraag data aan. Naar verwachting zal dit voor het eerst in 2026 zijn.

22

VISH: de Verwijsindex Schuldhulpverlening (VISH) zorgt voor snelle schuldrust bij inwoners met schulden. (Gerechts-)deurwaarders raadplegen het systeem voor het uitbrengen van een dagvaarding. Daarin zien ze of de inwoner schuldhulpverlening krijgt. Zij informeren hun klant (de schuldeiser) dat er schuldhulpverlening is aangevraagd en adviseren om af te zien van verdere stappen. Begeleidingstraject: het bieden van een begeleidingstraject. Onderdeel hiervan is financiële begeleiding op maat (coaching, training, ondersteuning, budgetbeheer, bewind), waarbij wordt gekeken wat iemand nodig heeft.

☑ Sinds 2024 maken wij gebruik van VISH.

⎕ Momenteel werken wij alleen nog met een plan van aanpak. In de financiële begeleiding maken we gebruik van budgetbeheer, dit wordt uitgevoerd door de Kredietbank Nederland en budgetcoaching, dit wordt uitgevoerd door een vrijwilliger van Humanitas of Schuldhulpmaatje, in enkele gevallen pakken wij dit zelf op. In het nieuwe beleidsplan krijgt dit element verder aandacht.

Beschikking & plan van aanpak: het afgeven van een beschikking met een plan van aanpak op basis van triage, inclusief begeleiding- en nazorgplan en indien noodzakelijk met inzet van budgetcoaching, budgetbeheer of schuldenbewind door professionals. Schuldenknooppunt: dit maakt digitale uitwisseling van gestandaardiseerde berichten mogelijk en zorgt voor een snellere, veilige en efficiënte manier van gegevensuitwisseling tussen hulpverleners en schuldeisers.

☑ Wij geven een beschikking af met een Plan van Aanpak erbij waarin is vastgelegd welke ondersteuning nodig is, zowel ten aanzien van het schuldregelen als ten aanzien van het begeleiden.

Saneringskrediet & Vrij te laten bedrag: het bieden van een standaard saneringskrediet met een aflostermijn van 18 maanden en waarbij de afloscapaciteit wordt berekend op basis van het vrij te laten bedrag.

☑ Wij bieden, indien passend bij de situatie, standaard een saneringskrediet aan. Het vrij te laten bedrag houden we aan voor de berekening van de afloscapaciteit en als dat bedrag 0 is wordt een nulaanbod aan de schuldeisers gedaan.

Ook begeleiding bij Wsnp*: het bieden van begeleiding aan inwoners die een Wsnp-traject gaan volgen.

☑ Dit element betreft inwoners die gemeenten al in beeld hebben wanneer zij een Wsnp-traject gaan volgen. Wij ondersteunen deze inwoners bij de aanvraag en het doorlopen van het traject om zo uitval te voorkomen. Ook gaan wij mee naar de zitting en bieden we het gehele traject financiële begeleiding.

Evalueren & herzien plan van aanpak: het plan van aanpak wordt periodiek geëvalueerd en op basis daarvan wordt bezien of het aangepast moet worden. Het evalueren gebeurt op basis van het bij de intake gebruikte meetinstrument.

⎕ Het plan van aanpak wordt wel geëvalueerd, maar dit gebeurt nog niet in een vaste cyclus. Ook maken we nog geen gebruik van een meetinstrument. Dit krijgt aandacht in het

☑ Wij zijn aangesloten op het Schuldenknooppunt.

23

nieuwe beleidsplan. Contact bij terugval: altijd persoonlijk contact opnemen met de hulpvrager wanneer sprake is van een terugval.

⎕ In het kader van nazorg hebben wij na afronding van een schuldhulpverleningstraject een paar keer contact met een inwoner. Bij terugval wordt gekeken naar het oorspronkelijke plan van aanpak. Wij werken nog niet met een begeleidingsplan.

Middellange termijn maatregelen

Huidige beleidsplan

Maximale doorlooptijden: hanteren van maximale doorlooptijden per processtap.

☑ Conform de module schuldregeling van de NVVK brengen wij binnen 120 dagen een schuldregeling tot stand en houden wij ons aan de geldende doorlooptijden. Bij alle stappen werken we aan de doelen van het Plan van Aanpak en daarmee aan het ontwikkelen van kennis, vaardigheden en competenties.

Nog 6 maanden vroegsignalen: het toetsen van vroegsignalen op afgeronde schuldtrajecten in de eerste zes maanden na afronding traject.

☑ Team Vroegsignalering toetst of een inwoner in de voorgaande zes maanden een traject schuldhulpverlening succesvol heeft afgerond. Als dat zo is, dan wordt de inwoner doorverwezen naar de schuldhulpverlener die contactpersoon was van de inwoner. Als dit niet van toepassing is dan wordt het reguliere proces voor vroegsignalering gevolgd.

Lange termijn maatregelen

Huidige beleidsplan

Doorstroom schuldenbewind: prikkel vergroten om doorstroom van schuldenbewind naar schuldhulpverlening te bevorderen bij (problematische) schulden.

⎕ Landelijk zien we dat de doorstroom van schuldenbewind naar schuldhulpverlening beperkt is, waardoor het risico bestaat dat inwoners langer dan nodig onder bewind blijven staan, dan wel met schuldenproblemen blijven zitten. Ook in Pijnacker-Nootdorp speelt dit. Dit krijgt in het huidige beleidsplan nog geen aandacht. Het Rijk gaat een verkenning starten naar de wijze waarop de samenwerking tussen schuldhulpverlening en schuldenbewind het beste vormgegeven kan worden. Wij volgen deze ontwikkelingen en betrekken die, waar relevant, bij het nieuwe beleidsplan.

Landelijk aanmeldpunt SHV: een groot deel van de huishoudens met problematische schulden is niet in beeld bij de gemeente of er is onvoldoende door schuldeisers gesignaleerd dat er professionele hulp nodig is. Een landelijk meldpunt zou de vindbaarheid van de gemeentelijke ondersteuning kunnen vergroten

⎕ Het Rijk gaat een verkenning starten naar hoe een landelijk aanmeldpunt vormgegeven zou kunnen worden en betrekt daarbij de bestaande ICT-infrastructuur. Wij volgen deze ontwikkelingen en betrekken die, waar relevant, bij het nieuwe beleidsplan. 24

en mogelijk ook de doorverwijzing kunnen verbeteren. Samenwerking: het delen van persoonsgegevens om samenwerking tussen verschillende hulpverleners te versterken en om doorgeleiding naar professionele schuldhulpverlening te bevorderen.

⎕ Een inwoner meldt zich soms eerst bij vrijwilligers, huisartsen of het lokale team. Indien doorgeleiding naar schuldhulpverlening nodig is, kan het delen van persoonsgegevens wenselijk zijn. Het ministerie SZW onderzoekt met partijen wat binnen de huidige wet- en regelgeving, de Wgs en de AVG, mogelijk is. Gemeenten worden geïnformeerd over de huidige randvoorwaarden voor het gebruik van een bekendheidscheck en warme doorverwijzing. Als er sprake is van meervoudige problematiek waar schuldenproblematiek een onderdeel van is, dan kan het wetsvoorstel Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) kaders bieden om persoonsgegevens te verwerken en delen. De inwerkingtredingsdatum van deze wet is nog onbekend. Wij volgen deze ontwikkelingen en betrekken die, waar relevant, bij het nieuwe beleidsplan.

Zonder drempels, faciliteiten*: de aanmelding voor schuldhulpverlening voor inwoner met problematische schulden faciliteren zonder drempels (zonder veel papierwerk), ontwikkelen van de nodige faciliteiten.

⎕ In de Wgs en Bgs staat dat gemeenten de taak hebben om inwoners te ontzorgen bij de informatieverstrekking. Daarvoor dienen zij te beschikken over gegevens rond inkomen, vaste lasten, vermogen en vorderingen. Op dit moment hebben gemeenten nog geen toegang tot alle benodigde gegevens. Daardoor zijn zij genoodzaakt om alsnog een beroep te doen op de inwoner. Het ministerie heeft aangegeven het ontsluiten van gegevens voor de uitvoering van de Wgs belangrijk te vinden en is hierover met partijen in gesprek. Wij volgen deze ontwikkelingen en betrekken die, waar relevant, bij het nieuwe beleidsplan.

Landelijke pauzeknop: alle gemeenten zijn aangesloten bij de landelijke pauzeknop.

⎕ In opdracht van het Rijk verkent de NVVK de mogelijkheden voor een landelijke pauzeknop. Het idee achter de pauzeknop is dat aan schuldeisers wordt gevraagd om een opschorting van de innings- en incassomaatregelen. Dat levert in een vroeg stadium schuldenrust op voor de hulpvrager en onnodige incassokosten worden voorkomen. Er kan een effectief ondersteuningstraject uitgevoerd worden. Wij volgen deze ontwikkelingen en betrekken die, waar relevant, bij het nieuwe beleidsplan. 25

Max. doorlooptijden vanaf schuldregeling: hanteren wettelijke maximale doorlooptijden vanaf de schuldregeling.

Ook begeleiding bij Wsnp: het bieden van begeleiding aan inwoners die een Wsnp-traject gaan volgen.

⎕ Er is eind 2024 een wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer dat een grondslag biedt voor het tegemoetkomen van burgers van wie een verzoek tot medewerking aan buitengerechtelijke schuldregeling, MSNPverzoek, onterecht is afgewezen door de Belastingdienst. Tot op heden is er nog niet meer informatie bekend. Wij volgen deze ontwikkelingen en betrekken die, waar relevant, bij het nieuwe beleidsplan. ⎕ Dit element betreft het bieden van begeleiding aan inwoners die in de Wsnp zijn toegelaten zonder dat zij bij de gemeente bekend zijn als hulpvrager, bijvoorbeeld als gevolg van een eerder uitgesproken faillissement. Het ministerie van SZW en partijen verkennen de mogelijkheden om deze groep inwoners in beeld te brengen bij gemeenten. Wij volgen deze ontwikkelingen en betrekken die, waar relevant, bij het nieuwe beleidsplan.

*Dit element wordt zowel bij de korte termijn als de lange termijn genoemd.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15928650/1