Bijlage 2. Criteria voor het vervangen van ondergrondse containers
Tekst van het document
Criteria voor het vervangen van ondergrondse containers Juni 2025
Zaaknummer: Verantwoordelijke afdeling: Beleidsprogramma: Portefeuillehouder: Versie:
1569530 Beheer openbare ruimte Veiligheid en duurzaamheid Marieke van Bijnen 3 juni 2025
Inleiding Op 20 februari 2025 heeft de gemeenteraad op basis van het beleidsadvies GFT en PMD de notitie doorontwikkeling afvalbeleid vastgesteld. In het besluit is opgenomen om een nieuw beleidskader op te stellen om bij vervanging van containers het aantal ondergrondse containers terug te dringen om de beheerkosten te verminderen. In de raadsvergadering is een motie aangenomen om voor het einde van het tweede kwartaal 2025 te komen met duidelijke criteria om te bepalen wanneer een ondergrondse container kan komen te vervallen en geen ondergrondse containers te verwijderen voordat de criteria in de raad zijn vastgesteld. In deze notitie wordt toegelicht waarom het mogelijk en wenselijk is om niet meer in alle gevallen de ondergrondse containers te vervangen als een container wordt afgekeurd.
Waarom is vervanging van een container niet altijd nodig? De (meeste) oude ondergrondse containers staan in wijken waar zowel voor appartementen als voor laagbouw alle afval (dus ook GFT, PMD en papier/OPK) met ondergrondse containers wordt ingezameld. Bij de aanleg van deze wijken tussen 1995 en 2010 zijn nabij de woning telkens sets met twee containers geplaatst; één voor restafval en één voor GFT. Op centrale plekken in de wijk zijn destijds milieuparken gemaakt voor de inzameling van grondsto en (voor glas, textiel, papier/OPK en PMD). Het aantal containers en het aantal locaties is destijds bepaald door de loopafstand en de benodigde capaciteit bij een vaste inzamelfrequentie. De uitgangspunten die bij de realisatie van de wijken zijn toegepast, zijn door diverse ontwikkelingen achterhaald:
Er wordt niet meer op basis van een vaste frequentie ingezameld. Door het gebruik van een sensor wordt de feitelijke vulgraad van de containers uitgelezen. De lediging wordt op basis daarvan naar behoefte ingepland. Hierdoor wordt e iciënter ingezameld en zijn minder containers nodig.
Bij de invoering van Het Nieuwe Inzamelen (HNI) zijn ondergrondse containers “omgestickerd” om de inzameling van oud papier en PMD in wijken met ondergrondse containers mogelijk te maken. Daarvoor is gebruik gemaakt van de bestaande containers. De feitelijk verdeling van de afvalsoorten over de wijk en de loopafstanden zijn door de op dat moment aanwezige locaties bepaald. De verschillende afvalsoorten zijn daardoor niet altijd logisch en evenredig over de wijk verdeeld.
In de rapportage van de rekenkamercommissie is aangegeven dat er relatief hoge beheerkosten zijn door de inzameling met de ondergrondse containers. In de notitie “Afwegingskader inzameling GFT en PMD” zijn de aantallen ondergrondse containers per afvalsoort getoetst en is gekeken naar het gebruik (vulsnelheid en vulgraad).
pagina 2/6
Geconstateerd is dat er aanzienlijk meer containers geplaatst zijn dan op basis van het aantal aangesloten woningen nodig is. Dit vertaalt zich naar een relatief lage (gemiddelde) frequentie van lediging. Dit samen maakt het logisch om bij vervanging van containers opnieuw te beoordelen of die vervanging noodzakelijk is of dat vervanging (mogelijk na herverdeling van soorten afval over de wijk) achterwege kan blijven.
Hoe kan aantal containers worden verminderd? Ondergrondse containers zijn (relatief) dure investeringen die voor een lange tijd worden gedaan. De betonnen putten gaan minimaal 20 jaar, maar vaak nog veel langer mee. Met elk besluit om een container te vervangen, wordt feitelijk opnieuw een verplichting van minimaal € 30.000 aangegaan. Avalex laat de containers jaarlijks keuren. Op grond hiervan worden regelmatig containers vervangen. De verwachting is dat in de komende vijf jaar circa 100 ondergrondse containers op grond van kwaliteit/ouderdom in aanmerking gaan komen voor vervanging. Het moment van afkeur van de betonnen put is een natuurlijk moment om te beoordelen of de put moet worden vervangen (weer voor een periode van minimaal 20 jaar) of dat vervangen van de put niet noodzakelijk is. Vervanging kan achterwege blijven indien: 1. er op dezelfde locatie voldoende capaciteit is; 2. er in de directe omgeving voldoende capaciteit is; 3. vervanging op de locatie niet mogelijk is omdat niet wordt voldaan aan de actuele eisen.
Criterium 1. Er is voldoende capaciteit op dezelfde locatie. Er zijn locaties (onder meer van voormalige milieuparken) waar voor dezelfde afvalsoort meerdere putten zijn geplaatst. Door gebruik van de vulgraadsensoren is de actuele ledigingsfrequentie bekend. Op basis hiervan kan worden beoordeeld of het nodig is om op de locatie meerdere containers voor dezelfde afvalstroom te handhaven.
Voorbeeld: glascontainers Hazelaarplein. Op het Hazelaarplein staan drie containers voor de inzameling van glas. Het aantal containers is bij de aanleg bepaald op basis van het inzamelen met een vaste frequentie. Door de inzameling op basis van vulgraad blijkt dat de containers slechts eens per drie weken worden geleegd. Het is mogelijk om het aantal glascontainers op deze locatie van drie naar twee terug te brengen.
pagina 3/6
Criterium 2: Er is voldoende capaciteit in de directe omgeving Bij de invoering van HNI in de OOC-wijken zijn de ondergrondse containers voor GFT- en restafval herverdeeld en omgestickerd naar alle vier de afvalsoorten, dus naar GFT-, OPK, PMD en restafval. Omdat alleen bestaande locaties zijn gebruikt, heeft de verdeling van de afvalsoorten in de praktijk een onregelmatig patroon gekregen. Het kan hierdoor voorkomen dat containers voor dezelfde afvalsoort relatief dicht bij elkaar staan. Door gebruik van de sensoren is de ledigingsfrequentie bekend en kan worden beoordeeld of het nodig is om in die omgeving meerdere containers voor dezelfde afvalstroom te handhaven.
Voorbeeld: verdeling containers in een buurt in Emerald In de omgeving van de Kerkmeesterstraat staan in een buurt voor in totaal 240 woningen, vier ondergrondse containers voor de inzameling van oud papier. De norm is één container per 250 woningen. Er is dus aanzienlijk meer capaciteit dan volgends de norm nodig is. Na het “omstickeren” zijn de containers niet evenredig over de buurt verdeeld. Twee van de vier containers (linksboven op de tekening) staan relatief dicht bij elkaar. Deze containers worden gemiddeld “om de week” geleegd. Als één van deze containers wordt afgekeurd kan vervanging achterwege blijven, zonder dat de verdeling over de buurt wezenlijk wijzigt. De loopafstand voor de gebruikers neemt niet onevenredig toe.
Criterium 3 Vervanging op de locatie is niet mogelijk vanwege actuele eisen Bij de realisatie van de nieuwbouwwijken zijn de containers geplaatst op basis van de destijds geldende criteria. Sommige locaties voldoen niet meer aan de meest recente criteria. Het gaat dan bijvoorbeeld om locaties die voor het inzamelvoertuig alleen bereikbaar zijn door een deel van het traject achteruit te rijden. Vanwege de verkeersveiligheid is het niet verantwoord dat een inzamelvoertuig voor het legen van ondergrondse containers (dus zonder een bijrijder die kan meekijken) achteruit moet rijden om een locatie te bereiken.
pagina 4/6
In dergelijke gevallen kan de container niet op de bestaande locatie worden vervangen. In zo’n geval wordt beoordeeld of de inzameling met bestaande containers (eventueel door herschikking van afvalsoorten) in de omgeving kan worden opgevangen. Als dat niet mogelijk is wordt een nieuwe locatie aangewezen of wordt een container op een bestaande locatie bijgeplaatst. Voorbeeld: een locatie aan het Meester Overtoompad is in 2023 vervallen bij invoeren HNI Het Meester Overtoompad is een smal doodlopend woonerf dat aansluit op de Veenweg. Aan het Meester Overtoompad waren twee locaties aangelegd voor in totaal 28 patiowoningen. Op beide locaties werd GFT en restafval ingezameld. Bij de invoering van HNI in 2023 bleek dat alle containers afgekeurd waren. De locatie bij Meester Overtoompad 1-9 (rood op de luchtfoto) kon alleen worden bereikt door achteruit te rijden. Die locatie voldeed daarmee niet aan de actuele criteria. De locatie is in 2023 vanwege de verkeersveiligheid vervallen.
Bij de invoering van HNI is ervoor gekozen om alle containers op één locatie (groen op de luchtfoto) te plaatsen. Voor de bewoners van de achterste huizen van het Meester Overtoompad is de loopafstand nu maximaal 125 meter. Deze loopafstand is aanvaardbaar gezien het beperkte aantal woningen waarvoor de norm niet kan worden gehaald en de specifieke stedenbouwkundige situatie.
pagina 5/6
Nieuwe ontwikkelingen maken e iciëntere oplossingen mogelijk Sinds begin 2024 zijn er nieuwe ontwikkelingen die het mogelijk maken om bij nieuwe ondergrondse containers e iciënter te kunnen plannen. Het gaat om de volgende nieuwe mogelijkheden:
Voor locaties die wat drukker worden gebruikt is het mogelijk om een ondergrondse container te plaatsen van 7 m3 (in plaats van de normale container van 5 m3). Dit is mogelijk voor de afvalsoorten restafval, oud papier en PMD. Bij het toepassen van een container van 7m3 kunnen circa 50% meer huishoudens worden aangesloten aan één container. De beheerkosten zijn gelijk aan een reguliere container van 5 m3.
Voor locaties die zeer druk worden gebruikt of voor dicht bebouwde locaties waar weinig ruimte is voor ondergrondse containers, kunnen perscontainers worden ingezet. Dit is mogelijk voor de afvalsoorten: restafval, oud papier en PMD. Een perscontainer perst het afval samen tot een volume dat tot 5x kleiner is. De beheerkosten van deze container zijn twee keer zo hoog als een reguliere container. Er kunnen met één perscontainer tot drie keer zoveel huishoudens worden bediend. In het centrum van Pijnacker zijn aan de Emmastraat de eerste perscontainers in gebruik genomen. Er staan perscontainers ingepland voor De Parade, Hart van Nootdorp en WijCK.
Relatie “Notitie criteria voor het vervangen van ondergrondse containers” met de in 2020 vastgestelde “locatiecriteria huisvuilinzameling Pijnacker-Nootdorp 2020” Voor het plannen van nieuwe containers en het vervangen van bestaande containers zijn op 24 maart 2020 de beleidsregels “locatiecriteria huisvuilinzameling Pijnacker-Nootdorp 2020” vastgesteld. Deze beleidsregels blijven van kracht bij het vaststellen van de “Notitie criteria voor het vervangen van ondergrondse containers”. In de beleidsregels is in artikel 1 lid 7 opgenomen dat locaties kunnen worden herzien indien daar aanleiding voor is door gewijzigd inzicht en/of wijziging van de fysieke omgeving van een locatie. Verder is in artikel 1 lid 8 geregeld dat beargumenteerd kan worden afgeweken van de beleidsregels (om maatwerk mogelijk te maken) en er aanvullende criteria gesteld kunnen worden. Met deze notitie worden aanvullende criteria voor de toepassing van de “locatiecriteria huisvuilinzameling Pijnacker-Nootdorp 2020” vastgelegd, specifiek gericht op situaties waarbij een keuze moet worden gemaakt om bestaande containers al dan niet te vervangen.
pagina 6/6