CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Concept bestuursovereenkomst COA

Raad Besluitvorming 3 december 2024, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: 15475992.769 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een opvanglocatie

Versie 21augustus 2024

Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een opvanglocatie

Partijen a. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, gevestigd aan de Rijnstraat 8 te Den Haag, hierbij vertegenwoordigd door de bestuursvoorzitter van het COA, dhr. dr. mr. M. Schoenmaker, hierna te noemen: ‘COA’ b. De gemeente Pijnacker-Nootdorp, gevestigd aan het Oranjeplein 1 te Pijnacker, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, dhr. B. Lugthart, hierna te noemen: ‘het gemeentebestuur’

Overwegende:  dat het COA tot kerntaak heeft de opvang en begeleiding van vreemdelingen;  dat het gemeentebestuur bereid is mee te werken aan de opvang van vreemdelingen in een opvanglocatie binnen de gemeente;  dat het COA en het gemeentebestuur een optimaal functioneren van de opvanglocatie in de plaatselijke gemeenschap en in relatie tot de betrokken diensten en instellingen willen bewerkstelligen door het maken van afspraken en het treffen van de nodige voorzieningen;  dat de bestuursovereenkomst onverlet laat dat het COA voor het gebruik van de opvanglocatie over de benodigde vergunningen moet beschikken;  dat het gemeentebestuur zich binnen haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheden inspant voor een zorgvuldige en voortvarende vergunningverlening;  dat het Faciliteitenbesluit Opvangcentra, d.d. 29 juli 1994 (Stb. 636) en de aanvullingen van 8 juni 1998 (Stb. 347) en 25 januari 2001 (Stb.

60) van toepassing zijn, alsmede eventuele toekomstige wijzigingen en aanvullingen;  dat de directe verantwoordelijkheid voor het nemen van de noodzakelijke maatregelen op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en Veiligheid, behalve bij de gemeente en het COA, bij meerdere partijen ligt;  dat het uitgangspunt is dat de randvoorwaarden voor de te nemen maatregelen in verband met de opvang van vreemdelingen op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare Orde en Veiligheid voldoende in bestaande wet- en regelgeving zijn vastgelegd;  dat het COA een separate huurovereenkomst aangaat met de grondeigenaar voor het huren van de grond op de locatie; 2 / 11

 dat het COA en de gemeente een separate samenwerkingsovereenkomst afsluiten, waarin afspraken worden gemaakt over de samenwerking met betrekking tot de realisatie van de opvanglocatie (bijv. over de aanleg van de ontsluitingsweg). Komen het volgende overeen: Artikel 1 - Definities In deze overeenkomst wordt verstaan onder: a) Asielzoeker: de persoon die in de opvanglocatie van het COA wordt opgevangen, zoals bedoeld in artikel 3 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers. Het betreft hier zowel asielzoekers, als vergunninghouders (voormalige asielzoekers die inmiddels een verblijfsvergunning hebben), die nog geen reguliere huisvesting in een gemeente hebben, danwel vreemdelingen die in artikel 3, derde lid van de Regeling verstrekkingen en andere categorieën vreemdelingen (Rva) met een asielzoeker gelijk zijn gesteld; b) Capaciteitsplaatsen: plaatsen in een opvanglocatie beschikbaar voor de opvang van asielzoekers, zoals bedoeld in artikel 1.b van het Faciliteitenbesluit; c) Opvanglocatie: een opvangvoorziening waarin door of onder verantwoordelijkheid van het COA opvang wordt geboden aan asielzoekers. Hieronder vallen een Opvanglocatie of een Noodopvang. d) Datum van ingebruikname: de datum waarop de eerste asielzoeker gebruik maakt van de opvanglocatie; e) Faciliteitenbesluit: het Faciliteitenbesluit Opvangcentra d.d. 29 juli 1994 (Stb. 636).

Artikel 2 - Opvanglocatie 1. Het gemeentebestuur stemt in met het gebruik van de opvanglocatie tussen de Noordweg/Nootdorpseweg en de Rijskade te Pijnacker door het COA (bijlage tekeningnr. ……). 2. Het COA gebruikt de opvanglocatie onder eigen verantwoordelijkheid ten behoeve van de opvang van asielzoekers.. Artikel 3 – Aantal asielzoekers en capaciteitsplaatsen 1. In de opvanglocatie worden maximaal 250 asielzoekers opgevangen, waaronder geen alleenstaande minderjarige vreemdelingen. 2. In de opvanglocatie worden maximaal 275 capaciteitsplaatsen gerealiseerd.

3 / 11

3. Het COA spant zich in voor een evenwichtige samenstelling van de asielzoekers voor wat betreft herkomst, geslacht, leeftijd en gezinssituatie. Instroom is daarbij bepalend. 4. Op verzoek van het gemeentebestuur verstrekt het COA het gemeentebestuur informatie over het aantal en over de in het vorige lid bedoelde samenstelling van de asielzoekers dat in de gevraagde periode in de opvanglocatie verblijft. Artikel 4 - Duur van de overeenkomst 1. De bestuursovereenkomst wordt aangegaan voor de duur van 10 jaar en vangt aan op de datum van ingebruikname. Op het moment dat de eerste asielzoeker gebruik maakt van de opvanglocatie wordt deze datum vastgelegd in de “Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie”, zoals weergegeven in bijlage A en zal aan deze overeenkomst worden toegevoegd. 2. De overeenkomst eindigt van rechtswege na het verstrijken van de in lid 1 genoemde periode. 3. Het COA kan per aangetekende brief besluiten tot tussentijdse opzegging van de overeenkomst. Indien het COA overgaat tot tussentijdse opzegging geldt een opzegtermijn van tenminste 6 maanden. 4. Partijen kunnen gedurende de gebruiksperiode in onderling overleg, uiterlijk drie maanden voor afloop van deze overeenkomst, besluiten tot verlenging van de overeenkomst voor een nader overeen te komen termijn. Artikel 5 - Uitkeringen Faciliteitenbesluit 1.

De aanspraak op verstrekking van de uitkering als bedoeld in artikel 3, eerste lid en artikel 4, eerste lid van het Faciliteitenbesluit, vangt aan op de datum van ingebruikname. 2. Worden er door de gemeente in verband met de vestiging extra kosten gemaakt die het via het Faciliteitenbesluit opvangcentra toegekende bedrag overschrijden, dan kan het COA, met inachtneming van artikel 8 van het Faciliteitenbesluit, en onder goedkeuring van de Minister van Veiligheid en Justitie op verzoek van de gemeente een hogere uitkering verstrekken. Artikel 6 - Aanvullende werkafspraken In aanvulling op de bijlagen A en B kunnen het gemeentebestuur en het COA, rekening houdend met elkaars bevoegdheden en verantwoordelijkheden, nadere werkafspraken maken. Deze worden vastgelegd in een separaat document ‘Aanvullende Werkafspraken’. Het betreft hier eventuele aanvullingen en uitwerkingen op de in de toelichting Bestuursovereenkomst genoemde informatie. 4 / 11

Dit kunnen afspraken zijn op het terrein van de organisatie van en diensten op de opvanglocatie. Artikel 7 – Veiligheid 1. Het COA draagt verantwoordelijkheid voor de (handhaving van) orde en veiligheid binnen de opvanglocatie; 2. De burgemeester is wettelijk verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde en veiligheid buiten de opvanglocatie, ook als de openbare orde en veiligheid wordt aangetast door problemen vanuit de opvanglocatie; 3. De burgemeester kan bij buitensporige en/of ernstige incidenten met een structureel karakter op het gebied van openbare orde en veiligheid het COA hierop schriftelijk aanspreken en verzoeken binnen een in onderling overleg te bepalen redelijke termijn en in samenspraak met betrokken partners, zoals de politie, voor een passend plan met maatregelen ter voorkoming van de ongeregeldheden te komen; 4. Voor de uitvoering van het plan van het COA en de betrokken partners komen het COA en de gemeente een in onderling overleg te bepalen redelijke termijn overeen. 5. In de situatie dat, ondanks de uit het plan getroffen maatregelen en de verstreken uitvoeringstermijn, het COA niet bij machte is gebleken de ongeregeldheden te voorkomen of te beperken, kan de gemeente deze overeenkomst met een schriftelijke opzegging tussentijds beëindigen; 6.

Alvorens tot opzegging over te gaan zal de gemeente zich rekenschap geven van de publieke belangen die het COA met de uitoefening van haar wettelijke opvangtaak heeft te dienen; 7. In geval van tussentijdse opzegging zullen er vanaf het moment van de formele opzegging door de gemeente geen nieuwe asielzoekers meer instromen en zal de opvanglocatie na uiterlijk 6 maanden zijn gesloten 8. In de situatie dat zich buiten de opvanglocatie ongeregeldheden voordoen op het gebied van de openbare orde en veiligheid die gerelateerd zijn aan opvanglocatie en/of haar bewoners, dan treden gemeente en de locatiemanager van het COA met elkaar in overleg om te komen tot een passend plan om te ongeregeldheden te voorkomen. Als gezamenlijk geen oplossing wordt bereikt, maakt de burgemeester als hij dit nodig acht gebruik van zijn/haar bevoegdheden op het terrein van openbare orde en veiligheid.

Artikel 8 - Overige bepalingen 1. Bijlagen A (Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie) en B (Toelichting Bestuursovereenkomst) behoren bij en geven een nadere toelichting en/of uitwerking van deze bestuursovereenkomst. 2. Indien de bestaande wet- en regelgeving op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid niet afdoende blijkt te zijn en 5 / 11

hierdoor een knelpunt op dat onderdeel ontstaat, dan zullen het COA en het gemeentebestuur zich gezamenlijk inspannen dit knelpunt aan te kaarten bij het verantwoordelijke Ministerie. 3. In geval van een wijziging van wet- of regelgeving die gevolgen heeft voor deze overeenkomst, treden partijen met elkaar in overleg over hoe deze gevolgen het beste kunnen worden opgevangen. 4. Wijzigingen van deze overeenkomst zullen, na overeenstemming hierover tussen partijen, schriftelijk worden vastgelegd en als addendum aan deze overeenkomst worden gehecht. 5. In situaties waarin deze overeenkomst niet voorziet of in geval van geschillen, de uitleg en/of de uitvoering ervan, zullen partijen een maximale inspanning verrichten om deze geschillen in onderling overleg op te lossen. Aldus overeengekomen, in tweevoud opgemaakt en ondertekend. [ plaats ]

[ plaats ]

[ datum ] gemeente [ naam ]

[ datum ] Centraal Orgaan opvang asielzoekers

[ naam ] burgemeester

[ naam ] lid van bestuur COA

BIJLAGEN: Bijlage A: Voorbeeld: Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie; Bijlage B: Toelichting Bestuursovereenkomst.

6 / 11

Bijlage A

Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie (wordt door het COA verzonden zodra de opvanglocatie voor bewoning in gebruik is genomen)

College van burgemeester en wethouders van de gemeente [ naam ] Ten aanzien van de Burgemeester, [ naam ] Postbus [ Postbus Nummer ] Postcode

[ datum ] [ kenmerk ] Onderwerp: Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie [ plaats opvanglocatie ]

Geacht College, Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) bedankt het college voor alle gezamenlijke inspanningen om te komen tot het realiseren van een opvanglocatie in [naam gemeente]. Samen met u geven we invulling aan een maatschappelijk vraagstuk;: het bieden van opvang en begeleiding aan asielzoekers in Nederland. Met deze verklaring informeren wij u dat de opvanglocatie [plaats opvanglocatie] op [datum en jaar] voor de opvang en begeleiding van asielzoekers in gebruik wordt genomen. Dit is overeenkomstig artikel 4 van de bestuursovereenkomst. Wij vertrouwen op een goede samenwerking met uw gemeente, met omwonenden en andere betrokken organisaties. Mocht u vragen hebben over de verklaring of over de opvanglocatie dan kunt u contact opnemen met [naam regiomanager / locatiemanager en e-mailadres]. Met vriendelijke groet, Den Haag, Centraal Orgaan opvang asielzoekers

J. van der Ziel Regiomanager Opvang & Begeleiding Regio Midden-Zuid 7 / 11

Bijlage B

Toelichting Bestuursovereenkomst

I - Doel Bestuursovereenkomst Inleiding Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) zorgt er voor – op grond van de Wet COA - dat asielzoekers in een kwetsbare positie in een veilige en leefbare omgeving professioneel worden opgevangen en begeleid in een opvanglocatie. Het COA opent pas een opvanglocatie nadat de gemeente daarmee heeft ingestemd. In de bestuursovereenkomst staan afspraken tussen de gemeente en het COA over de vestiging en ingebruikname van een opvanglocatie. Het COA dient over de benodigde vergunningen te beschikken voordat een opvanglocatie in gebruik wordt genomen. De gemeente is door het ondertekenen van de bestuursovereenkomst niet gebonden deze vergunningen te verlenen, maar partijen komen overeen dat de gemeente zich zal inspannen voor een zorgvuldige en voortvarende vergunningverlening. Het doel van de bestuursovereenkomst is: 1.1 Afspraken vastleggen over de vestiging van een opvanglocatie in de gemeente. 1.2 Inzichtelijk maken van elkaars wettelijke bevoegdheden en verantwoordelijkheden op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en Veiligheid, in relatie tot de opvanglocatie. 1.1

Afspraken vastleggen over de vestiging van een opvanglocatie

In de bestuursovereenkomst zijn afspraken opgenomen die nodig zijn voor het in gebruik nemen van de opvanglocatie. Daarbij valt te denken aan afspraken over welke locatie, of het een Opvanglocatie of Noodopvang betreft, het aantal bewoners, duur en welke wettelijke financiële uitkeringen beschikbaar worden gesteld (Faciliteitenbesluit). Meer informatie over de praktische en financiële aspecten die de komst van een opvanglocatie met zich mee brengen, zoals communicatie, veiligheid, leefbaarheid, terugkeer en vertrek, bedrijfsvoering van het COA en ook over de uitkeringen en berekensystematiek van het Faciliteitenbesluit staan op de website van het COA https:// www.coa.nl/nl/een-azc-de-gemeente De gemeente heeft met het document ‘Aanvullende Werkafspraken’ de mogelijkheid om met het COA aanvullende werkafspraken te maken. Het betreft eventuele aanvullingen en uitwerkingen op de in deze overeenkomst genoemde informatie. Dit gebeurt onder erkenning van elkaars bevoegdheden en verantwoordelijkheden. 8 / 11

Aantal asielzoekers en capaciteitsplaatsen Voor het COA is het van belang om de bezetting in een opvanglocatie optimaal te kunnen gebruiken. Daarom worden in de Bestuursovereenkomst zowel het aantal asielzoekers als het aantal capaciteitsplaatsen benoemd. Om het maximum aantal asielzoekers te kunnen onderbrengen in de opvanglocatie, is het noodzakelijk om meer capaciteitsplaatsen beschikbaar te hebben. Zo kan het voorkomen dat een gezin bestaande uit vier personen in een wooneenheid met capaciteit voor vijf personen wordt geplaatst. De vijfde capaciteitsplaats blijft daardoor vacant. Daarom zijn meer capaciteitsplaatsen nodig dan het maximum aantal op te vangen asielzoekers. Niet elke capaciteitsplaats zal in de praktijk bezet worden. Voor het COA is de instroom leidend bij het plaatsen van asielzoekers in opvanglocaties. Het COA maakt geen onderscheid naar nationaliteit, leeftijd, religie, seksuele geaardheid, achtergrond, etc. Faciliteitenbesluit Indien in een gemeente een opvangcentrum is gevestigd heeft de gemeente recht op uitkeringen volgens het Faciliteitenbesluit. Aan de gemeente wordt jaarlijks door het COA een uitkering verstrekt op basis van het aantal door asielzoekers permanent te bezetten capaciteitsplaatsen verminderd met het aantal op 1 januari van het uitkeringsjaar in de basisregistratie personen ingeschreven bewoners van het opvangcentrum.

Het Faciliteitenbesluit maakt voor de bekostiging onderscheid tussen artikel 3 en 4 (Opvanglocatie) en artikel 5 (Noodopvang). De soort opvanglocatie (Opvangcentrum of Noodopvang) wordt vastgelegd in artikel 2, tweede lid van de Bestuursovereenkomst. 1.2

Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid

Op bovengenoemde beleidsterreinen ligt de directe verantwoordelijkheid bij meerdere partijen. Dit is belangrijk om te constateren en te realiseren voor de komst van de opvanglocatie. Uitgangspunt is dat de voor de opvang van asielzoekers benodigde voorzieningen en de te nemen maatregelen afdoende zijn geregeld in de bestaande weten regelgeving. Indien de regelgeving op een bepaald onderdeel niet afdoende blijkt te zijn en hierdoor een knelpunt kan ontstaan, dan kunnen het COA en de gemeente zich gezamenlijk inspannen dit aan te kaarten bij het verantwoordelijke Ministerie. Onderwijs In de Nederlandse leerplichtwet is opgenomen dat alle kinderen in de leerplichtige leeftijd naar school moeten. De gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting en 9 / 11

inrichting van de onderwijsvoorzieningen en handhaving van de leerplicht. De leerplicht geldt dus ook voor kinderen in de opvanglocatie. Vanaf het moment dat deze kinderen staan ingeschreven in de BRP heeft de gemeente de wettelijke taak de leerplicht van deze kinderen te handhaven. Op grond van artikel 5a van het Faciliteitenbesluit kan de gemeente aanspraak maken op een uitkering verstrekt door het COA voor huisvesting van het basisonderwijs voor kinderen van de opvanglocatie. Meer informatie over het organiseren van onderwijs aan asielzoekerskinderen staat op https://www.coa.nl/nl/onderwijs-kinderen. Gezondheidszorg Net als iedereen kunnen asielzoekers naar de huisarts, een verloskundige of het ziekenhuis. COA-medewerkers informeren asielzoekers over de Nederlandse gezondheidszorg en begeleiden minder zelfredzame bewoners bij hun gang naar de zorg. Op elk azc houdt een huisarts spreekuur. Met vragen over hun gezondheid kunnen de bewoners van een azc 24/7 bellen met een medisch contactcentrum. GGD Net als voor alle andere inwoners van Nederland is de GGD verantwoordelijk voor de publieke gezondheidszorg voor asielzoekers. Deze zorg omvat onder meer infectieziektepreventie en -bestrijding, gezondheidsvoorlichting en jeugdgezondheidszorg (JGZ).

Ook voert de GGD bij aankomst in Nederland de verplichte controle op tuberculose uit, voor asielzoekers uit landen waar tbc veel voorkomt. Meer informatie over gezondheidszorg staat op https://www.coa.nl/nl/medische-zorgaan-asielzoekers en https://www.coa.nl/nl/vergoeding-van-medische-zorg Jeugdhulp Sinds 1 januari 2019 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdhulp aan kinderen die in een opvanglocatie wonen en aan alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv). Gemeenten krijgen hiervoor een vergoeding op basis van het aantal kinderen in de Opvanglocatie. Meer informatie over jeugdhulp staat op de website van de VNG https://vng.nl/rubrieken/onderwerpen/asielzoekerskinderen Openbare orde en veiligheid De burgemeester is op grond van de Gemeentewet verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid in de gemeente. De burgemeester en officier van justitie maken op 10 / 11

grond van artikel 13 van de Politiewet in het driehoeksoverleg afspraken over de inzet van politie in de gemeente. Het handhaven van de veiligheid binnen de opvanglocatie valt onder de verantwoordelijkheid van het COA. Indien incidenten binnen de opvanglocaties gevolgen kunnen hebben voor de openbare orde wordt door het COA in eerste instantie de politie geïnformeerd en indien nodig de burgemeester. Om opvanglocaties veilig en leefbaar te houden, heeft het COA huisregels die asielzoekers in alle (nood)opvanglocaties moeten naleven. Laten zij hun medebewoners of COA-medewerkers niet in hun waarde of overtreden ze op een andere manier de huisregels? Dan treft het COA maatregelen. Strafbare feiten meldt het COA altijd bij de politie. Samen met de partners uit de bestuursrecht- en strafrechtketen treft het COA maatregelen tegen overlastgevers. Uitgebreide informatie over veiligheid op een opvangcentrum staat op: https://www.coa.nl/nl/veiligheid-en-rond-azcs en https://www.coa.nl/nl/overlast-enmaatregelen.

11 / 11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14822366/3