CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - De projectplannen op hoofdlijnen

Raad Besluitvorming 22 april 2021, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Voortgang en uitwerking werkboek Oostland1.491 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

De projectplannen op hoofdlijnen 1. Herstructurering glastuinbouw Het projectplan herstructurering zet in op twee sporen te weten : A. Een of twee pilots in deelgebieden van Oostland waar er sprake is van de wens en/of noodzaak tot herstructurering waarbij inzicht wordt verkregen in het aanwezige commitment, huidige knelpunten en mogelijk oplossingsrichtingen met het bijhorende instrumentarium; B. inzicht in de mogelijkheid van verplaatsing van tuinbouw productieondernemers uit toekomstig incourante tuinbouwgebieden naar toekomstbestendig glastuinbouwareaal. Voor deze pilots wordt voorgestaan twee gebiedsmanagers in te huren. Als eerste moeten de gebiedsmanagers peilen in welke gebieden energie zit zodat een keuze over de gebieden kan plaatsvinden; als de keuze over de gebieden door de stuurgroep is bepaald, zullen de gebiedsmanagers hun onderzoek in de betreffende gebieden gaan uitvoeren. Voor de herstructureringspilot is naast het Kleihoogt ook het gebied Noordpolder-Verweijlaan in beeld. Wat houden de twee sporen nader in? A. Pilots In 1 of 2 pilotgebieden moet de herstructurering worden voorbereid. Als de keuze voor een gebied of gebieden wordt gemaakt, moet het volgende worden uitgewerkt: 1. Instrumentarium.

Welk instrumentarium is hier nodig om de herstructurering vorm te geven? Hierbij kan men denken aan: (verplichte) ruilverkaveling, inrichting grondontwikkelingsmaatschappij, uitkoop van in de weg liggende woningen, onteigening, verplaatsing, een gebiedscoöperatie, inzet van bestaande beleidskeuzes en handhaving daarop, POP-subsidie of andere subsidies, ruimte-voor-ruimteregeling etc. 2. Draagvlak & Commitment. Vanuit een duidelijke wens tot herstructurering in een gebied moet er draagvlak en commitment zijn onder stakeholders in het deelgebied. Dit betekent (vertrouwelijke) keukentafelsessies met ondernemers, financiers, makelaars, en plenaire en deelsessies voor de uitwerking van instrumentarium en plannen voor herstructurering. Om tot goede herstructurering te komen is ook inzicht in de bottleneck ervoor nodig: wie houdt wat, of wat houdt wie, en op welke manier, de herstructurering tegen, en wat zijn de oplossingsrichtingen daarvoor? 3. Mensen en middelen. Voor 1 en 2 zijn mensen en middelen nodig voor de uitvoering van de pilot. Hiertoe dient zowel bestaande capaciteit vanuit de stakeholders te worden benut, als extra inzet ingezet om onafhankelijkheid en kwaliteit van het pilotproject/de pilotprojecten te borgen. De pilots zijn ook leergebieden.

Wat in alle gevallen opgeleverd moet worden als concreet resultaat bij uitvoering van het project zijn: - draagvlak en commitment voor het herstructureringsproces; - een overzicht van benodigd en inzetbaar instrumentarium voor herstructurering; - een plan van aanpak met tijdpad en middelen voor de uitvoering. B. Verplaatsing Voor het spoor van de verplaatsingsregeling geldt dat dit het niveau van de pilotgebieden ontstijgt. In Oostland zijn gebieden aanwezig, die voor de toekomst niet duurzaam geschikt geacht worden voor glastuinbouw. In die gebieden zitten ondernemers, die toch door willen met hun bedrijf, of zelfs willen of moeten uitbreiden. Tegelijkertijd zijn er gebieden in het Oostland welke wel een duurzame glastuinbouw bestemming hebben, maar nog niet bebouwd zijn en dus geschikt voor teelt. De volgende resultaten zullen bereikt moeten worden voor dit onderdeel: 1. inventarisatie van te verplaatsen tuinders; 2. inventarisatie van beschikbare tuinbouwgronden in Oostland en de aard van de beschikbaarheid (particulier of publiek eigendom); 3. verplaatsingsbereidheid van ondernemers, draagvlak en commitment (ook hier zullen vertrouwelijke keukentafelgesprekken onderdeel moeten zijn van het proces); 4. inventarisatie van wensen, behoeften, voorwaarden, criteria die te verplaatsen ondernemers stellen aan de verplaatsing (locatie, financiering, tempo, etc.);

5. onderzoek naar (financierings)instrumentarium voor verplaatsing (verplaatsingsregeling of -fonds). Door middel van het uitvoeren van pilotprojecten kan met het beschikbare instrumentarium geëxperimenteerd worden om herstructurering op gang te brengen en gewenste ruimtelijke ontwikkeling te realiseren; hierbij zal overigens ook worden gekeken naar onderwerpen die goed met herstructurering kunnen worden gecombineerd (zoals gebied coöperaties die voor duurzame warmte nodig zijn). Het toepassen van pilots biedt daarbij de mogelijkheid om concreet aan de slag te gaan met een gebied. De inzet van middelen en tijd in deze pilotgebieden levert dan niet alleen een papieren tijger op, maar biedt ook concrete resultaten aan de hand waarvan herstructurering opgepakt kan worden. Het ultieme resultaat is dat met het uitvoeren van dit projectplan een routekaart beschikbaar komt waarmee herstructurering van alle tuinbouwgebieden in het Oostland in de komende decennia succesvol gefaseerd uitgevoerd kan worden. De tijd zal moeten uitwijzen hoe dit uitrolt. Voor het spoor van de verplaatsingsregeling geldt dat in elk geval als resultaat wordt behaald dat knelpunten voor verplaatsing inzichtelijk zijn en een oplossingsrichting en instrumentarium hiervoor gegeven wordt.

Er wordt hiermee vanuit de Greenport West-Holland een duidelijk perspectief geboden aan de betrokken ondernemers in de ‘verplaatsingsgebieden’. Tijdpad Beoogd is om de gebiedsinventarisaties in het tweede kwartaal 2021 te starten. Nadat duidelijk geworden is in welke polders als pilot gebieden gekozen worden zal vanaf halverwege 2021 nader onderzoek plaatsvinden. Doel is om deze onderzoeksfase af te ronden begin 2022 met als eindresultaat oplevering van de resultaten van de gesprekken en concrete plannen van aanpak voor de vervolgfase. 2. Innovatieve tuinbouwruimte Om het tuinbouwcluster toekomstbestendig te houden is het van belang dat ondernemers de mogelijkheid hebben zich te ontwikkelen en aan te passen door middel van innovatie. Om tot dergelijke innovatie te komen is in sommige gevallen experimenteerruimte nodig. Ruimte die er op dit moment soms te weinig is. Het doel van dit projectplan is om ruimtelijke belemmeringen waar ondernemers in de glastuinbouw(keten) tegenaan lopen in kaart te brengen en te komen tot een definiëring van ruimte voor innovatieve tuinbouw, bovenop de nieuwe omschrijving van de glastuinbouw, en dit te laten landen in de omgevingsvisie. Door het bieden van deze ruimte worden ontwikkelingen en innovaties mogelijk gemaakt die bijdragen aan een toekomstbestendige tuinbouw(keten).

Om deze doelstelling te behalen zullen een aantal processtappen moeten worden doorlopen. Het project is opgedeeld in drie fases. Fase 1 heeft als doel inzicht te krijgen in de huidige situatie omtrent regelgeving en de nieuwe omschrijving van de glastuinbouw. De innovatieve ruimte moet gezien worden als een extra mogelijkheid bovenop de nieuwe omschrijving van de glastuinbouw. Concreet is dit het afbakenen van de mogelijkheden die de overheid heeft en het inzichtelijk maken van de ruimtelijke belemmeringen die ondernemers ervaren. Op basis van deze inventarisatie kan toegewerkt worden naar een pilot welke in fase 2 tot uitvoering moet worden gebracht. In fase 3 moeten de uitkomsten van de pilot uiteindelijk ruimtelijk worden vertaald en geborgd. De fasering en stappen zijn nader omschreven in het projectplan. Tijdpad Fase 1 vindt plaats in 2e kwartaal van 2021. Fase 2 start met een pilot in 3e kwartaal 2021 en heeft een looptijd van 2 jaar om ondernemers ook een termijn te geven om te kunnen investeren. Na 2 jaar vindt een evaluatie plaats. Fase 3 bevat de ruimtelijke vertaling en borging in ruimtelijke documenten. 3. Verbinden tuinbouwondernemers voor versterking innovatiekracht Dit projectplan wil bijdragen aan het toekomstbestendig houden en/of maken van het glastuinbouwcluster door alle tuinbouwondernemers te informeren over de lopende en toekomstige innovatieprojecten.

Dit is mogelijk door de aanbodkant op een “wervende” en boeiende wijze toegankelijk te maken bij de grote groep tuinbouwondernemers die nu minder zichtbaar zijn op het gebied van innovatie en tegelijkertijd inzicht te krijgen in de vraagkant van deze groep. Hierdoor kunnen de ondernemers beter en sneller aansluiten bij innovatieprojecten. Hiervoor wordt:

• uiterlijk 1 juli 2021 inzicht in het aanbod gegeven van de huidige innovatieprojecten door een informatieboekje samen te stellen voor een glastuinbouwondernemer en daarin ook de vraag op te nemen waaraan nog behoefte is. • uiterlijk 1 juli tenminste drie bijeenkomsten (fysiek of digitaal) georganiseerd waar aanbieders kunnen uitleggen welke projecten nu plaatsvinden en wat het belang hiervan is voor de tuinbouw en waarin de tuinbouwondernemers kunnen aangeven waaraan zij behoefte hebben. • vooruitlopend op voornoemde punten alle tuinbouwondernemers met een flyer uitleg gegeven over het doel en belang van dit project en tegelijkertijd het verzoek gedaan om een vragenlijst digitaal in te vullen waarmee een beeld ontstaat over de informatiebehoefte aangaande innovaties. 4. Toekomst tuinbouw Oostland In de periode van april tot en met november 2020 is in opdracht van de Crisisorganisatie Coronacrisis Tuinbouw gewerkt aan een scenarioanalyse. Met een groot aantal partijen waaronder Wageningen Economic Research, World Horticenter, LDE Centre for Sustainability, Greenport Holland, Greenports NL, ACCEZ, Provincie Zuid Holland en een groot aantal ondernemers uit de tuinbouw is gekomen tot een viertal toekomstscenario’s (mondiaal concurreren, internationaal verantwoord ondernemen, individueel nationaal opereren en regionaal samenwerken; https://tuinbouwscenarios.nl ).

Het idee is om met de tuinbouwjongeren Oostland hierover de dialoog aan te gaan en dit met hen te verkennen. Juist deze jongeren zullen in de toekomst de belangrijkste factor voor de ontwikkeling van het glastuinbouwcluster. Het beoogde resultaat van het voorliggende projectplan is een duidelijk inzicht van de mogelijkheden en kansen voor jonge tuinbouwondernemers in het Oostland gebaseerd op de tuinbouwtoekomstscenario’s. De ondernemers zijn door hun deelname aan en inbreng in het programma in staat om actief in te spelen op toekomstige ontwikkelingen vanuit het scenariodenken. Aan de hand hiervan is men in staat om de eigen ambities te verwezenlijken in een steeds veranderende markt. Tijdpad Naar verwachting zal het plan een periode van ruim negen maanden in beslag nemen waarbij de eindbijeenkomst in december gepland wordt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9887121/1