Bijlage 1. Beleidsplan schuldhulpverlening 2025-2029
Tekst van het document
De flyer biedt een handig overzicht van zaken die geregeld moeten worden (bijvoorbeeld een zorgverzekering) en zaken die geregeld kunnen worden (bijvoorbeeld een inschrijving bij een woningbouworganisatie). Vroegsignalen over de zorgverzekering bij jongeren 21
Het niet betalen van de zorgverzekering is bij jongeren een belangrijk signaal voor (mogelijke) betaalproblemen. Daarom zijn we hier extra alert op bij deze doelgroep. Wat gaan we extra doen? Starten met een pilot Jongeren Perspectief Fonds (JPF) Binnen de JPF-aanpak ligt de focus niet op maximaliseren van de afloscapaciteit maar op het werken aan perspectief. Hierdoor kan een jongere bijvoorbeeld terug naar school of juist op school blijven maar toch schuldenvrij worden. Volgens de werkwijze van de pilot worden de schulden van de jongeren gesaneerd door middel van een saneringskrediet. Hierdoor ontstaat er bij de jongere rust en ruimte om te werken aan perspectief. Het bedrag van het saneringskrediet wordt door middel van een maatschappelijke tegenprestatie terugbetaald. Samen met de trajectbegeleider bepaalt de jongere welke maatschappelijke tegenprestatie hij of zij zal leveren om zijn of haar schuld terug te betalen. Bij de maatschappelijke tegenprestatie staat het werken aan toekomstperspectief centraal. De pilot staat open voor vijf jongeren per jaar om de aanpak te beproeven. Aansluiten op landelijke campagnes van Geldfit en de Rijksoverheid Vanuit de Rijksoverheid worden er in samenwerking met Geldfit.nl regelmatig landelijke campagnes gestart gericht op mensen met geldzorgen.
Het doel van de campagnes is om mensen met geldzorgen te laten weten waar ze voor hulp en ondersteuning terecht kunnen en om mensen met geldzorgen aan te moedigen de stap naar hulp te zetten. Er zijn verschillende campagnes voor verschillende doelgroepen (bijvoorbeeld: mensen met (beginnende) geldzorgen, ondernemers en zzp’ers, jongeren). De komende periode willen we kijken waar we met onze lokale communicatie kunnen aansluiten op deze landelijke initiatieven.
22
5. Integrale schuldhulpverlening Vanuit de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) zijn gemeenten verplicht te zorgen voor integrale schuldhulpverlening. Dit begrip wordt verder niet toegelicht in de wet, maar wij verstaan daar het volgende onder: Integrale schuldhulpverlening is niet alleen oog hebben voor de financiële problemen, maar alle sociaal-maatschappelijke problemen in beeld brengen. Wij kijken met een brede blik en werken domeinoverstijgend aan een duurzaam resultaat. Daarnaast betekent integrale schuldhulpverlening voor ons ook dat we alle stappen van het schuldhulpverleningsproces doorlopen. Traditioneel gezien worden er binnen de schuldhulpverlening drie fasen onderscheiden: 1.
2.
3.
Preventie: Gericht op het voorkomen van (problematische) schulden door voorlichting (bijvoorbeeld via inloopspreekuren), vroegsignalering, en het bieden van ondersteuning bij financiële vaardigheden. Curatie: Het kernproces van schuldhulpverlening, waarbij wordt gewerkt aan het oplossen van de schuldenproblematiek. Bijvoorbeeld via een saneringskrediet, schuldregeling of budgetbeheer. Nazorg: Na het afronden van de geboden hulp, wordt ondersteuning aangeboden om terugval te voorkomen.
In dit hoofdstuk komen deze drie fasen aan bod en beschrijven we wat we al doen en wat we de komende beleidsperiode extra gaan doen.
5.1 Preventie: voorkomen is beter (en goedkoper) dan genezen Het doel van preventie van geldzorgen is te zorgen dat mensen financieel gezond blijven door hun financiële gezondheid te bevorderen en te beschermen door het bijbrengen van kennis en vaardigheden. Ook heeft preventie tot doel geldproblemen te voorkomen of in een zo vroeg mogelijk stadium op te sporen. Preventie vindt plaats zonder uitwisseling van persoonsgegevens. De NVVK maakt onderscheid in drie fasen van preventie, op basis van de ernst van de problematiek: 1. Primaire preventie (voorkomen van schulden / financiële problemen) 2. Secundaire preventie (voorkomen van het verergeren van schulden / financiële problemen) 3. Tertiaire preventie (voorkomen van recidive (nazorg)) Primaire preventie In fase 1, de primaire preventie, is er nog geen sprake van geldzorgen. Het doel van primaire preventie is mensen behoeden voor geldzorgen. Denk bijvoorbeeld aan zicht hebben op je inkomsten en uitgaven, sparen voor onvoorziene uitgaven, voorbereid zijn en snel kunnen reageren op financiële consequenties van levensgebeurtenissen (‘life events’).
23
Secundaire preventie Vroegsignalering kan gezien worden als een vorm van (secundaire) preventie. Preventie behelst echter meer dan vroegsignalering alleen. In deze fase is er sprake van beginnende geldzorgen. Het doel is om deze vroeg op te sporen, om zo verergering van problemen te voorkomen. De secundaire preventie is middels vroegsignalering grotendeels ingebed in Pijnacker-Nootdorp. Ook het instrument ‘informatie en advies’ van team schuldhulpverlening kan dienen als een vorm van secundaire preventie. Echter, er zijn ook inwoners in onze gemeente die wél (beginnende) financiële problemen of zorgen hebben, maar niet onder de doelgroep vroegsignalering vallen (inwoners die schulden hebben bij partijen die niet tot de signaalpartners behoren). Deze groep meldt zich – weten we uit onderzoek en ervaring – vaak pas als ‘het water hen al aan de lippen staat’. Voor deze groep is het belangrijk om te werken aan een goede zichtbaarheid van schuldhulpverlening en de ketenpartners (Schuldhulpmaatje, Humanitas, SWOP, etc.), zodat zij weten waar ze naartoe kunnen voor hulp. Een andere doelgroep die onder de secundaire preventie valt zijn de statushouders. Gemeenten zijn wettelijk verplicht om bijstandsgerechtigde statushouders in de eerste zes maanden financieel te ontzorgen.
Ontzorgen betekent dat de gemeente de eerste zes maanden van de inburgering zorgt voor de betaling van de huur, zorgverzekering en rekeningen voor gas, water en licht. Dit zorgt voor rust en stabiliteit aan het begin van de inburgering. Daarnaast bieden gemeenten begeleiding om financiële zelfredzaamheid te bevorderen. Sinds april 2023 mogen gemeenten maatwerk leveren: zij kunnen kiezen tussen directe betaling van vaste lasten of alternatieve ondersteuning, afhankelijk van de mate van financiële zelfredzaamheid van de statushouder. Omdat het schuldhulpverleningsbeleid en inburgeringsbeleid raakvlakken met elkaar hebben – beide zijn er (mede) op gericht inwoners financieel zelfredzaam te maken en tot participatie in de samenleving in staat te stellen – blijven we vanuit schuldhulpverlening goed aangesloten op de ontwikkelingen die er spelen op het gebied van inburgering. Tertiaire preventie (voorkomen van recidive (nazorg)) Fase 3, tertiaire preventie, heeft als doel om te voorkomen dat klanten na het einde van een doorlopen schuldregeling opnieuw in financiële problemen komen. Het doel is terugval voorkomen en zelfredzaamheid bevorderen. Hier is onze nazorg – onderdeel van een schuldhulpverleningstraject – op ingericht. Gemeenten hebben een regierol in het organiseren van preventieve maatregelen. Samenwerking met ketenpartners is daarin van groot belang.
Wat doen we al op het gebied van preventie? Samenwerking met ketenpartners in het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg Sinds 2019 is het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg actief. Dit netwerk bestaat uit de volgende leden: 1. 2. 3. 4.
SWOP (Stichting Welzijn en Ondersteuning Pijnacker-Nootdorp) Humanitas Schuldhulpmaatje Bibliotheek Oostland 24
5. Gro up jongerenwerk 6. Kerk en Zorg 7. Doel Delfland 8. Stichting MEE 9. SBJ SamenSterk 10. De Voedselbank 11. Schuldhulpverlening en vroegsignalering van de gemeente Pijnacker-Nootdorp Dit zijn essentiële samenwerkingspartners, mede in het kader van ons doelgroepenbeleid (zie hoofdstuk 4). Het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg is een belangrijk instrument dat we naast de curatieve schuldhulpverlening (zie verderop in dit hoofdstuk) inzetten om inwoners te ondersteunen. Iedere organisatie in het netwerk heeft haar aandeel en maakt impactvolle stappen om de financiële zelfredzaamheid te bevorderen door ervoor te zorgen dat inwoners uit de schulden blijven (preventief) of er weer snel uitkomen (duurzaam schuldenvrij). Het hoofduitgangspunt daarbij is dat wij aandacht willen besteden aan deze problematiek en het taboe rondom schulden willen doorbreken. De verantwoordelijkheid voor het organiseren van netwerkbijeenkomsten, het opstellen van de agenda en de acties ligt bij de SWOP. Andere betrokken partijen nemen hun inzet voor het netwerk mee in de jaarlijkse subsidieaanvraag aan de gemeente. Op die manier borgen we dat (de inzet voor) het netwerk blijft voortbestaan in de toekomst. Door de samenwerking in het netwerk is de verbinding tussen team schuldhulpverlening, team vroegsignalering en het voorliggende veld sterk.
Men weet elkaar te vinden, stemt werkprocessen op elkaar af en leert van elkaar, bijvoorbeeld door casuïstiek te bespreken. De organisatie van Workshopdagen/Netwerkdagen vanuit het netwerk stimuleert het ontmoeten, samen leren en verbinden met elkaar verder. Daarnaast trekken we gezamenlijk op in de Week van het Geld en is de website www.vragenovergeld.nl een gezamenlijk initiatief van de gemeente en het netwerk. Workshopdag/Netwerkdag Regelmatig wordt er vanuit het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg een Workshopdag/Netwerkdag georganiseerd. Dit idee is destijds ontstaan vanuit de gedachte dat we vrijwilligers en professionals op een laagdrempelige manier met elkaar in contact willen brengen, elkaars werkveld willen laten kennen en ze de mogelijkheid willen bieden om samen hun kennis te vergroten. De Workshopdag/Netwerkdag staat in het teken van elkaar ontmoeten, samen ontwikkelen en kennis vergroten door bijvoorbeeld workshops over verschillende onderwerpen te volgen. Tijdens de laatste Workshopdag/Netwerkdag (najaar 2024) stonden de workshops in het teken van communicatie met cliënten en was er het aanbod uit de workshops: cultuur sensitief werken, omgaan met agressie, laaggeletterdheid, en ervaar LVB (licht verstandelijke beperking). De Workshopdagen/Netwerkdagen worden goed bezocht en de reacties vanuit de vrijwilligers en professionals zijn positief.
Week van het Geld Ieder jaar rond eind maart vindt de Week van het Geld plaats. De Week van het Geld is een landelijke themaweek gericht op leerlingen en studenten uit het basisonderwijs, voortgezet 25
onderwijs en mbo. Het doel van de week is om kinderen en jongeren op een speelse manier financieel bewust te maken. Ieder jaar staat een ander thema centraal. In Pijnacker-Nootdorp hebben we er bewust voor gekozen om tijdens de Week van het Geld ons niet alleen op jongeren te richten, maar op alle inwoners. Wij vliegen de Week van het Geld dus breder aan. In samenwerking met de partners uit het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg organiseren we verschillende communicatieactiviteiten om het bestaande hulpaanbod extra onder de aandacht te brengen in die week. Ook organiseren we soms nieuwe activiteiten om onze inwoners te bereiken. Bijvoorbeeld door op de markt te staan met een Week van het Geld kraam, door een bellijn ‘Vragen over Geld’ te starten als toegankelijk informatiepunt 17 of door speciale spreekuren te organiseren om samen de Potjescheck18 te doen. Het organiseren van deze activiteiten kost ureninzet, die zich helaas niet altijd terugvertaalt in een succesvolle activiteit. Zo waren de Potjescheck spreekuren slechts gering bezocht. Het is moeilijk te duiden waardoor dat komt. In het netwerk heeft het onze aandacht om te proberen zoveel mogelijk verschillende doelgroepen te bereiken. Website vragenovergeld.nl In 2023 is de website vragenovergeld.nl live gegaan. Deze website is een initiatief van het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg.
Tegelijkertijd met de lancering van de website organiseerden we een communicatiecampagne om de website onder de aandacht te brengen. Op de website wordt al het hulpaanbod dat in Pijnacker-Nootdorp beschikbaar is op het gebied van geldzaken, administratie bijhouden, en schuldenproblematiek uiteengezet in heldere taal (B1niveau). Ook bevat de website informatie en tips over omgaan met geld en worden de inkomensregelingen per doelgroep (jongeren, ouders en gezinnen en senioren 60+) benoemd. Nederlandse Schuldhulproute (NSR) / Geldfit.nl Wij zijn als gemeente aangesloten bij de Nederlandse Schuldhulproute (NSR), een publiek-private samenwerking tussen bedrijven, gemeenten, (hulp)interventies en andere samenwerkingspartners. Het doel is om samen te werken aan een financieel gezond Nederland. Daar wordt op ingezet door ervoor te zorgen dat we mensen met geldzorgen eerder vinden, bereiken en in contact brengen met passende hulp. Geldfit.nl is het platform dat hoort bij de NSR. Via geldfit.nl kunnen inwoners laagdrempelig een online test invullen die inzicht geeft in waar je financieel gezien staat. Op basis van de uitkomsten van de test worden inwoners doorverwezen naar passende lokale hulp naar aanleiding van hun postcode. Ook kunnen inwoners anoniem contact opnemen met hulpverleners via NSR en Geldfit.nl.
Interne samenwerking Naast de samenwerking met ketenpartners is een andere belangrijke samenwerking de samenwerking in onze eigen organisatie. Er is de afgelopen jaren al veel bereikt wat betreft integrale
17 Dit was een maatregel uit het actieplan bestaanszekerheid. In de praktijk bleek de bellijn vooral benut te worden door mensen die vragen hadden over hun uitkering of belastingen en doorverbonden wilden worden naar hun consulent. Om die reden is besloten de bellijn niet voort te zetten, maar de reguliere weg van het KCC aan te houden voor vragen. 18 De Potjescheck is een gratis online tool op de website Geldfit.nl, die mensen inzicht geeft in welke toeslagen, regelingen en voorzieningen ze mogelijk voor in aanmerking komen. Veel mensen laten geld liggen omdat ze niet weten dat ze recht hebben op bepaalde regelingen. De Potjes-check is ontwikkeld in samenwerking met De VoorzieningenWijzer en is bedoeld om deze drempel te verlagen.
26
samenwerking. Het besef dat we voor de inwoners naar buiten toe één gemeente zijn en dat we ons ook als één gemeente willen opstellen. Het kan niet de bedoeling zijn dat we aan de ene kant incasseren of een inkomensregeling stop zetten, terwijl een inwoner aan de andere kant van het gemeentehuis schuldhulpverlening ontvangt. We zoeken elkaar op en bespreken met elkaar wat, gezien de situatie van een inwoner, bijdraagt aan een duurzame oplossing. Schuldenfunctionaris Rechtbank Vanuit de Rechtbank Den Haag wordt er gewerkt met een schuldenfunctionaris. Door de korte lijnen met ons als gemeente kunnen zij ervoor zorgen dat rechtzoekenden met financiële problemen eerder bij de schuldhulpverlening terechtkomen. Wat gaan we extra doen? Signalering van andere teams binnen de gemeente verbeteren Eerder kwam aan bod dat de interne samenwerking steeds beter gaat. De afgelopen jaren hebben we ingezet op het versterken van de integrale samenwerking, elkaar opzoeken en denken vanuit de inwoner die één overheid ziet. Dat zijn belangrijke stappen. We willen dat graag een stap verder brengen en meer inzetten op signaleren, in het kader van secundaire preventie. Dat houdt in dat ook de andere teams binnen domein Samenleving voelsprieten ontwikkelen voor schuldenproblematiek. Ter illustratie twee voorbeelden.
1) Binnen de Participatiewet kunnen inwoners met een langdurig laag inkomen een individuele inkomenstoeslag aanvragen. Hoewel consulenten deze toeslag niet namens inwoners mogen aanvragen, kunnen zij inwoners er wél op wijzen om deze aan te gaan vragen en zo drempels verlagen. Dit voorkomt onnodige financiële problemen. Op die manier hoeven schulden niet onnodig te ontstaan of hoeven geldproblemen niet onnodig groter te worden, wanneer er recht is op toeslagen. 2) Wanneer er sprake is van loonbeslag dat voortkomt uit de Participatiewet, is het wenselijk dat team participatie team schuldhulpverlening hierover informeert. Loonbeslag kan namelijk directe gevolgen hebben voor het opstarten of voortzetten van een schuldregeling of schuldsanering. Door tijdige onderlinge afstemming kunnen beide teams hun aanpak op elkaar afstemmen en gezamenlijk toewerken naar een duurzame oplossing voor de inwoner. Andere vormen van signalering zijn: doorverwijzen naar Humanitas, Schuldhulpmaatje of SWOP wanneer blijkt dat een inwoner financiële vaardigheden kan bijleren. Het overzicht hebben over je inkomsten en uitgaven is belangrijk in het voorkomen van schulden. De vrijwilligers van Humanitas, Schuldhulpmaatje en SWOP bieden hierin begeleiding en leren inwoners hoe ze een overzicht kunnen maken.
Ook de website vragenovergeld.nl kan onder de aandacht gebracht worden, waar tips en informatie te vinden is over omgaan met geld. De komende beleidsperiode zetten we in op het versterken van de signalerende rol van alle collega’s binnen het sociaal domein en het doorverwijzen naar het voorliggende veld. Meer inzetten op signaleren bij life-events m.b.v. actiekaarten VNG Mensen maken in hun leven meerdere levensgebeurtenissen (life-events) mee. Verwachte en onverwachte levensgebeurtenissen kunnen grote invloed hebben op de financiële situatie van mensen. Voorbeelden zijn: samenwonen of trouwen, een echtscheiding, op jezelf gaan wonen, verhuizen, gezinsuitbreiding of het overlijden van een partner. Als gemeente zijn we bij veel van deze levensgebeurtenissen in beeld, omdat inwoners verplicht zijn deze veranderingen aan ons door te geven. Een goede informatievoorziening rond levensgebeurtenissen kan een manier zijn om onze 27
inwoners bewust te maken en daarmee mogelijk armoede en schulden te voorkomen. De VNG heeft hiervoor, in samenwerking met gemeenten, het ministerie van SZW en ketenpartners 16 levensgebeurtenissen benoemd waarbij het risico op het ontstaan van financiële problemen groot is19 . Wij gaan onderzoeken hoe we deze actiekaarten binnen de gemeente kunnen inzetten en ook buiten de schuldhulpverlening kunnen gebruiken, bijvoorbeeld bij het KCC die veel inwoners spreekt aan de balie en waar de wijzigingen die inwoners doorgeven verwerkt worden. Of bij het kernteam, die in beeld kan zijn in het geval van een scheiding of opvoedproblematiek. Bereik van de minimaregelingen Via de nieuwsbrief van Werk & Inkomen, onze gemeentewebsite en in gesprekken tussen consulenten en inwoners informeren we over de verschillende minimaregelingen. Ondanks deze inzet kan het bereik worden verbeterd, met name onder minder taalvaardige doelgroepen, zoals statushouders en laaggeletterden. Naar aanleiding van de motie 'Kwijtschelding in Balans' besteden we bij de implementatie van de Participatiewet in Balans extra aandacht aan het beter bereiken van inwoners met recht op kwijtschelding.
Vanuit het armoede/minimabeleid gaan we verkennen hoe het gebruik van regelingen kan worden vergroot, bijvoorbeeld door deze te koppelen aan bestaande initiatieven zoals de Taalmeterdag die samen met Stichting Lezen & Schrijven georganiseerd wordt voor bijstandsgerechtigden.
5.2 Curatie In deze alinea beschrijven we curatie ofwel het oplossings- en vraaggericht werken waarbij het schuldenprobleem zo veel als mogelijk opgelost en/of beheersbaar wordt gemaakt op basis van de hulpvraag van de cliënt. In onze verordening beslistermijn schuldhulpverlening gemeente PijnackerNootdorp 202020 is bepaald dat de beschikking tot schuldhulpverlening of de afwijzing ervan wordt genomen binnen een termijn van acht weken na de dag waarop de hulpvraag kenbaar is gemaakt. Kortweg gezegd zijn er na de integrale intake drie wegen te behandelen: 1. De inwoner krijgt via een kortdurend traject passende informatie en advies; 2. De inwoner krijgt, meestal na een stabilisatieperiode, een schuldregeling, een herfinanciering of (ondersteuning bij) een betalingsregeling21; 3. De inwoner krijgt duurzame financiële dienstverlening. Indien er bij de aanmelding sprake blijkt te zijn van een crisissituatie, moeten we op basis van de Wgs binnen 3 werkdagen de intake verrichten. Hiervoor hebben we in ons werkproces een crisisprotocol opgesteld. Integrale intake op maat Een goede schuldhulpverlening valt of staat met het afnemen van een goede intake waarbij de situatie van de inwoner overzichtelijk en integraal wordt beschreven. We kijken hierbij naar de samenhang van de (financiële) problematiek en of er andere hulp ingezet moet worden om een duurzame oplossing te vinden.
Hierbij vinden we het belangrijk om dus breder dan alleen 19 De 16 levensgebeurtenissen zijn via deze link terug te vinden. 20 https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR653751 21 Bij problematische schulden is dat een minnelijk schuldhulpverleningstraject of een saneringskrediet, bij niet problematische schulden
is dat een herfinanciering of een betalingsregeling.
28
schuldhulpverlening te kijken. Omdat schuldhulpverlening een plaats heeft binnen het domein Samenleving kan er actief integraal worden samengewerkt met de directe collega’s van bijvoorbeeld participatie, WMO en het kernteam. Zoals beschreven in hoofdstuk 2 werken we vraaggericht en daarmee op maat. In het plan van aanpak, dat ook ondertekend wordt door de cliënt, wordt een haalbare oplossingsrichting beschreven die past bij de situatie en de vraag van de cliënt. Hierdoor wordt de kans verhoogd dat er een succesvol traject wordt doorlopen waarbij de cliënt zich daadwerkelijk geholpen voelt. Problematische schulden vs. niet-problematische schulden Binnen onze schuldhulpverlening maken we onderscheid tussen inwoners met problematische schulden en inwoners met niet-problematische schulden. Dat bepaalt namelijk welke route het meest passend is. De NVVK beschouwt schulden als problematisch wanneer er sprake is van een situatie waarin iemand niet binnen 3 jaar (36 maanden) alle opeisbare vorderingen kan aflossen met de beschikbare afloscapaciteit. In zo’n geval is een minnelijk schuldhulptraject (een saneringskrediet of een schuldbemiddeling) de route waar een inwoner voor in aanmerking komt.
Een nietproblematische schuld daarentegen is een schuld waarbij de inwoner in staat is om aan de betalingsverplichtingen te voldoen en de schuld zelf af te lossen, zonder dat andere noodzakelijke uitgaven (wonen, levensonderhoud, zorg) in gevaar komen. In zo’n geval schakelen we vaak een vrijwilliger van Schuldhulpmaatje of Humanitas om de inwoner te ondersteunen. Een herfinanciering of een betalingsregeling is dan de route die gelopen wordt. Bij een problematische schuld ondersteunen vrijwilligers ook, maar is de ondersteuning meer gericht op een inwoner bijstaan in het schuldhulpverleningstraject. In bijlage 2 worden de verschillende vormen van hulp nader toegelicht. Wat doen we al op het gebied van curatie? Collectief schuldregelen Het proces naar een schuldregeling duurt nu te lang en is omslachtig. Jaarlijks gaan er bij 1.400 dossiers zo’n 84.000 brieven heen en weer tussen schuldeisers, hulpverleners en mensen met schulden (bron: NVVK). Collectief Schuldregelen maakt dit proces sneller en efficiënter. Met schuldeisers zijn afspraken gemaakt om op gestandaardiseerde wijze cliëntlijsten af te handelen en vooraf akkoord te gaan met regelingen. Deze werkwijze is gekoppeld aan de NVVK en verankerd in bestaande convenanten, wat zorgt voor een snellere en efficiëntere afhandeling.
Schuldenknooppunt Het Schuldenknooppunt is een centrale digitale voorziening voor gestandaardiseerd berichtenverkeer tussen schuldhulpverleners en schuldeisers. Hierdoor zijn er minder handmatige handelingen nodig. Dit maakt schuldregelen sneller en efficiënter en er is minder ruimte voor fouten. Het systeem is veilig en de AVG is geborgd. Als alle schuldeisers en schuldhulpverleners aansluiten op het Schuldenknooppunt is in principe schuldregelen binnen 3 weken mogelijk. Verwijsindex Schuldhulpverlening (VISH) VISH is een instrument waarmee gemeenten aan deurwaarders kunnen doorgeven dat iemand schuldhulpverlening krijgt. Deurwaarders checken het systeem voor ze op pad gaan om beslag te 29
leggen. VISH zorgt voor snelle schuldrust bij mensen met schulden. Ook voorkomt het onnodig oplopende deurwaarderskosten. Trainingen stress-sensitieve dienstverlening De schuldhulpverleners hebben trainingen in stress-sensitieve dienstverlening gevolgd (o.a. gegeven door Nadja Jungmann) om beter om te gaan met cliënten in financiële stress. Adviesrecht bij schuldenbewinden Sinds 2024 maken wij gebruik van het adviesrecht bij beschermingsbewind. Het adviesrecht geeft de gemeente meer mogelijkheden om regie te voeren op de door- en uitstroom van beschermingsbewind. Ook zorgt het ervoor dat een aanmelding bij schuldhulpverlening sneller tot stand kan komen. Het adviesrecht betekent dat de gemeente advies geeft aan de rechtbank over of zij beschermingsbewind een passende vorm van ondersteuning vindt en zo niet, welke andere, lichtere ondersteuningsvormen naar haar mening ook volstaan. Wat gaan we extra doen? Convenant lokale overheid Het convenant lokale overheid is een element uit de basisdienstverlening (zie hoofdstuk 2). Het convenant heeft als doel om de samenwerking binnen gemeenten (schuldhulpverlening met overheidscrediteuren) te verbeteren. De komende beleidsperiode gaan wij ons inzetten om het convenant en de werkwijze uit het convenant te implementeren in onze uitvoeringspraktijk.
Het verkennen van het gebruik van een meetinstrument voor de intake en triage Een bewezen instrument gebruiken voor systematische intake en triage bij (problematische) schulden is een element uit de basisdienstverlening. Binnen schuldhulpverlening vindt een systemische intake plaats, maar wordt nog geen gebruik gemaakt van een meetinstrument. Wel komen er in de intakerapportage verschillende onderwerpen aan bod, die de schuldhulpverlener een beeld geven van de inwoner, de problemen op verschillende leefgebieden en een gevoel bij de taal/rekencompetenties. De komende beleidsperiode gaan we het gebruik van een meetinstrument verkennen. Het opstellen van een begeleidingsplan Het opstellen van een begeleidingsplan is een element uit de basisdienstverlening en vormt een uitwerking van de benodigde begeleiding zoals die tijdens de intake in beeld is gebracht. Het begeleidingstraject bestaat uit de onderdelen financiële begeleiding en begeleiding door flankerende hulp (bijv. door Humanitas of Schuldhulpmaatje), die worden opgenomen in het plan van aanpak. Het begeleidingsplan is een uitwerking van de manier waarop deze onderdelen worden ingezet. Momenteel werken wij nog niet met een begeleidingsplan, alleen met een plan van aanpak waar begeleiding als onderdeel in is opgenomen.
De komende beleidsperiode gaan we kijken hoe we het begeleidingsplan kunnen integreren in het plan van aanpak. Evalueren en herzien plan van aanpak Het evalueren en herzien van het plan van aanpak is een element uit de basisdienstverlening. Dit element houdt in dat het plan van aanpak periodiek geëvalueerd wordt en op basis daarvan wordt 30
bekeken of het aangepast moet worden. Het evalueren gebeurt op basis van het bij de intake gebruikte meetinstrument. Hoewel wij onze plannen van aanpakken wel evalueren en wijzigen als het hulpaanbod significant verandert, gebeurt dit nog niet in een vaste cyclus en wordt er nog geen gebruik gemaakt van een meetinstrument. In het werkproces gaan we dit opnemen. Participatie stimuleren Naast (schuld)hulpverlening is inwoners in staat stellen weer mee te doen in de samenleving belangrijk. Wanneer er een oplossing is voor de schuldenproblematiek en er weer rust is gekomen, willen we, voor inwoners voor wie dat relevant is, actief de samenwerking gaan zoeken met de werkconsulenten om te stimuleren dat iemand weer een baan vindt, vrijwilligerswerk gaat doen of in staat wordt gesteld op een andere manier mee te doen aan de maatschappij.
5.3 Nazorg Het doel van nazorg is het voorkomen van recidive in de zin van het voorkomen dat personen opnieuw met (problematische) schulden te maken krijgen. Nazorg is een vorm van tertiaire preventie. Werkwijze Nazorg wordt uitgevoerd voor cliënten die op een reguliere manier met een traject bij schuldhulpverlening zijn gestopt. Binnen het eerste jaar na beëindiging van de dienstverlening nemen we het initiatief tot één of meer contactmomenten met de cliënt waarin wordt geïnformeerd of er sprake is van een situatie bij de cliënt waarin inkomsten en uitgaven in evenwicht zijn. Deze contactmomenten worden geregistreerd. Indien blijkt dat de inkomsten en uitgaven niet in evenwicht zijn, dan wijzen we de cliënt op mogelijkheden om de financiële situatie in evenwicht te brengen. Indien er redenen zijn waarom nazorg niet uitvoerbaar is, dan vermelden we deze redenen in het dossier van de cliënt. Integraal Ook zorgen we ervoor dat er afspraken worden gemaakt over de nazorg van de cliënt: 1. Met organisaties en instellingen buiten de sfeer van schuldhulpverlening 2. Binnen het netwerk Schuldhulpverlening, Preventie en Nazorg 3. Binnen het domein Samenleving met onze eigen teams: kernteam, Wmo, Participatie etc. Op basis van de bepalingen van de Wgs en de bepalingen die door onszelf zijn opgesteld, kan nazorg niet worden afgedwongen als de cliënt niet langer in het werkgebied woont.
Wat gaan we extra doen? Registreren afspraken over nazorg Na afronding van een schuldhulpverleningstraject bespreken we samen met de inwoner welke behoefte er is aan nazorg en hoe vaak contact gewenst is. Dit leggen we vast in het plan van aanpak, zodat dit duidelijk is voor de inwoner. Ook maken we duidelijk dat de inwoner altijd zelf contact mag opnemen bij vragen of behoefte aan overleg.
31
6. Vroegsignalering Sinds 2020 heeft de gemeente een team voor vroegsignalering van schulden. Sinds 2021 is dit een wettelijke taak op basis van de gewijzigde Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Het doel van vroegsignalering is om inwoners met financiële problemen vroegtijdig te signaleren en te helpen, wat stress vermindert en maatschappelijke kosten bespaart. Team vroegsignalering ontvangt maandelijks meldingen van vastelastenpartners (zorgverzekeraars, energie- en waterleveranciers, en woningcorporaties) over betalingsachterstanden. De samenwerking met vastelastenpartners is vastgelegd in een convenant vroegsignalering. Op moment van schrijven is het convenant door ruim 50 vastelastenpartners ondertekend. De signalen die we ontvangen worden verwerkt door het administratieteam, waarna contact wordt gezocht met de betreffende inwoner via WhatsApp, e-mail, brief, telefoon, sms of huisbezoek – afhankelijk van de ernst van de situatie. Inwoners onder de 27 jaar krijgen naast een sms, e-mail of brief ook altijd een WhatsApp-bericht. Bij contact bespreekt een medewerker de situatie met de inwoner en biedt hulp, bijvoorbeeld door een betalingsregeling te treffen of hulp bij administratie te bieden. Indien nodig wordt doorverwezen naar andere gemeentelijke teams, vrijwilligersorganisaties of naar de sociaal raadslieden.
Naast het bieden van concrete hulp en het doorverwijzen van inwoners met schulden heeft het team vroegsignalering ook een taak in het bekendmaken van de hulp die de gemeente kan bieden aan mensen met schulden. Veel mensen met schulden weten niet dat ze hulp kunnen vinden bij de gemeente. Uit een rapport van de Nationale Ombudsman uit 2024 blijkt dat het gemiddeld vijf jaar duurt voordat iemand met schulden zelf bij zijn of haar gemeente aanklopt voor hulp. Doordat het team vroegsignalering actief contact legt, maakt het team deze hulp eerder zichtbaar en toegankelijk. Het team is daarnaast getraind in gesprekstechnieken om contact te leggen met inwoners. In contact met jongeren passen ze hun taalgebruik daar ook op aan. Wat doen we al? Prioritering signalen Als we een signaal krijgen over betalingsachterstanden, probeert het team vroegsignalering altijd contact te leggen. Hoe dat gebeurt, hangt af van de situatie. Bij crisismeldingen, zoals dreigende afsluiting van energie of water, volgt altijd een directe actie om contact op te nemen. We pakken alle signalen op, maar herhaalde schulden, hoge achterstanden of meerdere meldingen van vastelastenpartners krijgen voorrang door middel van huisbezoeken of telefoongesprekken. Wat gaan we extra doen? Werken met KPI’s Om onze inzet op vroegsignalering te monitoren, formuleren we de volgende indicatoren:
32
Indicator Aantal doorverwijzingen vanuit team vroegsignalering Aantal inwoners dat door team vroegsignalering zelf geholpen is d.m.v. een quick fix of een plan van aanpak22 Aantal contactpogingen vanuit vroegsignalering Percentage contactpogingen dat tot contact heeft geleid Percentage contacten dat tot hulp leidt23
Bij de voortgangsrapportage 2026 ontvangt de gemeenteraad een nulmeting op deze indicatoren over 202524. Daarbij geven we ook aan waar we eind 2029 willen staan, als dit beleidsplan afloopt. Communiceren in meerdere talen Momenteel is onze communicatie naar inwoners waarover wij een vroegsignaal ontvangen standaard in het Nederlands. De komende beleidsperiode willen we onderzoeken of we de berichten via sms, WhatsApp en per mail in meerdere talen kunnen aanbieden, bijvoorbeeld door een QR-code in het bericht te plaatsen die het bericht vertaald aanbiedt. Ook de tool Tolkie op de gemeentewebsite maakt het mogelijk om teksten naar verschillende talen te vertalen. Inzicht in woningontruimingen door woningcorporaties en mogelijke acties Met de woningcorporaties maken we meerjarige prestatieafspraken. De huidige afspraken zijn geldig tot en met 2028. Jaarlijks worden de afspraken bekrachtigd in de vorm van een actieagenda. Een van de onderwerpen is het voorkomen van ontruimingen. Door de inzet op vroegsignalering en de samenwerking met de corporaties voorkomen we dat situaties escaleren naar woningontruimingen. Als actiepunt voor de komende beleidsperiode willen we nadere informatie over het aantal en het soort woningontruimingen bij de woningcorporaties. Mogelijk dat dit leidt tot extra maatregelen.
22 Een quick fix betekent dat de gemeente snel met de inwoner een oplossing heeft kunnen vinden zonder dat een verder hulptraject noodzakelijk was. Hierbij kan gedacht worden aan het tot stand brengen van een betalingsregeling met de schuldeiser of hulp bij het ordenen van de administratie. 23 Een belangrijke kanttekening hierbij is dat een eerste contactpoging soms pas later effect heeft. Inwoners die toen nog geen hulp wilden, kunnen zich later alsnog melden omdat ze onthouden hebben dat het team vroegsignalering eerder hulp aanbood. Deze mensen tellen niet mee in de cijfers, maar ze zijn er wel. 24 Een ontwikkeling die speelt is dat er binnenkort een koppeling komt met ons registratiesysteem RIS en de Divosa monitor vroegsignalering. Dit gaat zorgen voor een andere vorm van beheer en registratie. Op dit moment is niet te overzien wat dit gaat betekenen voor het ophalen van data uit de systemen. Door dit soort ontwikkelingen is het mogelijk dat we indicatoren tussentijds (moeten) aanpassen.
33
7. Financiën Onze inzet op schuldhulpverlening en vroegsignalering is de afgelopen jaren toegenomen en meegegroeid met de vraag. We verwachten dat de vraag naar ondersteuning in de periode 20262029 verder zal toenemen en daarmee de druk op de uitvoering. We stellen vast dat de capaciteit voor de schuldhulpverlening aan bedrijven en ZZP-ers op vol vermogen draait. Ook zien we een toename van het aantal partijen dat zich aansluit bij het convenant vroegsignalering en als gevolg daarvan neemt potentieel het aantal signalen bij vroegsignalering toe. De personele kosten voor schuldhulpverlening en vroegsignalering, inclusief beleid, zijn € 600.000 op jaarbasis. Het uitvoeringsbudget voor schuldhulpverlening bedraagt in 2025 € 98.000,-. Hiervan worden de structurele kosten van applicaties betaald, abonnementen op kennisbanken en bijvoorbeeld ook de kosten van bewindvoering en budgetbeheer. Ook de inspanningen op het gebied van communicatie dienen hieruit betaald te worden. Via de P&C-cyclus rapporteren we in programma 7 over schuldhulpverlening. Omdat de financiële ruimte in de gemeentebegroting onder druk staat verwachten we dat in de komende beleidsperiode de uitvoering van de schuldhulpverlening en vroegsignalering met de huidige inzet en binnen het huidige uitvoeringsbudget moet plaatsvinden. Dit heeft invloed op het ambitieniveau dat we in dit beleidsplan hebben geformuleerd.
34
Bijlage 1. Wat doen we al en wat gaan we de komende vier jaar extra doen? Wat doen we al? Algemeen
Wat gaan we extra doen?
We bieden schuldhulpverlening aan particulieren, ondernemers en zzp’ers
Onderzoeken of we meer gebruik kunnen maken van sociale boekhouders en Mijnbudgetcoach.nl. De samenwerking met het accountteam ondernemers verder versterken.
Wat doen we al? Voor specifieke doelgroepen
Wat gaan we extra doen?
Eenvoudig taalgebruik in brieven op B1niveau Tolkie op de gemeentewebsite Informatiepunt Digitale Overheid (IDO) Voorlichting door Gro Up Voorlichting via website vragenovergeld.nl Brief en flyer 18 jarigen en hun ouders Vroegsignalen zorgverzekering
Gebruik animaties NVVK en pictogrammen Taalmeterdag Handreiking, achtergrondinformatie en infographic LVB Hogeschool Amsterdam Starten met een pilot Jongeren Perspectief Fonds Aansluiten op landelijke campagnes van Geldfit en de Rijksoverheid
Wat doen we al? Preventief
Wat gaan we extra doen?
Samenwerking netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg Workshopdag/Netwerkdag Week van het Geld Website vragenovergeld.nl Nederlandse Schuldhulproute (NSR) / Geldfit.nl Interne samenwerking Schuldenfunctionaris Rechtbank
Signalering van andere teams binnen de gemeente verbeteren Meer inzetten op signaleren bij life-events m.b.v. actiekaarten VNG Bereik van de minimaregelingen
Wat doen we al? Curatief
Wat gaan we extra doen?
Collectief schuldregelen Schuldenknooppunt Verwijsindex Schuldhulpverlening Trainingen stress-sensitieve dienstverlening
Convenant lokale overheid Verkennen gebruik meetinstrument voor intake en triage Integreren begeleidingsplan in plan van 35
Adviesrecht bij schuldenbewinden
aanpak Evalueren en herzien plan van aanpak Participatie stimuleren
Wat doen we al? Nazorg
Wat gaan we extra doen?
We bieden nazorg aan iedereen die een schuldhulpverleningstraject afrond.
Registreren afspraken over nazorg
Wat doen we al? Vroegsignalering
Wat gaan we extra doen?
Prioritering signalen
Werken met KPI’s Communiceren in meerdere talen Afspraken maken met woningcorporaties over woningontruimingen
36
Bijlage 2. Verschillende vormen van hulp Voor problematische schulden: Wanneer er sprake is van problematische schulden, komt een inwoner in een minnelijk schuldhulpverleningstraject terecht. Het uitgangspunt van dit traject is dat een inwoner gedurende 18 maanden aflost wat hij/zij kan missen. De rest van de schuld wordt na het minnelijke traject kwijtgescholden. Dit heet finale kwijting. Binnen het minnelijk traject zijn er twee hoofdvormen van schuldregelingen: 1. Saneringskredieten Bij een saneringskrediet worden alle schuldeisers in één keer afbetaald met een krediet van de Kredietbank Nederland. De cliënt heeft vanaf dat moment nog maar één schuld die bovendien aanzienlijk lager is dan zijn vorige schulden. Een groot deel is immers al kwijtgescholden. Vanaf dat moment lost de cliënt 18 maanden lang maandelijks af op deze ene schuld. Voordelen van saneringskredieten: 1. 2. 3. 4. 5.
Eén schuldeiser dus overzichtelijk Minder stress voor de cliënt Minder administratieve verplichtingen (wijzigingen doorgeven) Schuldeisers krijgen direct hun deel in plaats van na 18 maanden Cliënt profiteert van eventuele inkomensstijging
Sommige schuldeisers gaan niet akkoord met een saneringskrediet als ze verwachten dat de cliënt een inkomensstijging tegemoet kan zien. Hierdoor stijgt de afloscapaciteit namelijk. Bij bepaalde groepen mensen is er echter geen inkomensstijging te verwachten. Saneringskredieten zijn voor deze mensen een uitermate geschikt middel. Ook kan het ingezet worden bij groepen die niet voor een schuldregeling in aanmerking komen (zoals studenten). 2. Schuldbemiddeling Wanneer het niet mogelijk is om een saneringskrediet in te zetten, zetten we het instrument schuldbemiddeling in waarbij de schuldeisers achteraf de overeengekomen kwijtschelding verlenen wanneer de cliënt zich heeft gehouden aan de gemaakte afspraken. 3. Dwangakkoord Wanneer enkele schuldeisers blijven weigeren om mee te werken kunnen we – zowel bij een schuldbemiddeling als bij een saneringskrediet - gebruik maken van het zogenaamde wettelijke dwangakkoord dat we bij de rechtbank Den Haag moeten aanvragen. De rechter kan dan de weigerachtige schuldeisers alsnog dwingen hun medewerking te verlenen aan de schuldbemiddeling of het saneringskrediet. Voor niet-problematische schulden: Bij niet-problematische schulden is het uitgangspunt dat iemand zijn schulden volledig moet terugbetalen. In zulke gevallen zetten we vaak een herfinanciering of een betalingsregeling in. 37
Herfinanciering Bij een herfinanciering worden alle openstaande schulden in één keer afgelost door de Kredietbank Nederland. De inwoner heeft daarna nog maar één lening bij deze kredietbank, in plaats van meerdere schuldeisers. Dit maakt het aflossen overzichtelijker en vaak ook goedkoper, omdat de rente op deze lening meestal lager is dan de kosten van bijvoorbeeld rood staan of boetes. Een herfinanciering betreft dus een kredietvorm waarbij 100% terugbetaling van de schulden plaatsvindt. Het is een krediet voor de gehele schuldenlast. De belangrijkste kenmerken van een herfinanciering zijn:
Het is bedoeld voor niet-problematische schulden, dus situaties waarin iemand de lening binnen een redelijke termijn kan terugbetalen.
De inwoner betaalt rente over de nieuwe lening, maar dit is vaak voordeliger dan de oorspronkelijke schuldenlast.
Het helpt om financiële rust te creëren en voorkomt dat schulden verder uit de hand lopen.
Betalingsregeling Bij betalingsregelingen krijgt elke schuldeisers een voorstel tot volledige betaling van de vordering, in vooraf vastgestelde termijnen en bedragen. Dit bedrag en de termijnen kunnen per schuld verschillen en gedurende de looptijd veranderen. Het voordeel van het treffen van betalingsregelingen is dat er vaak geen rente betaald hoeft te worden, zoals bij een herfinanciering wel het geval is. Het nadeel is dat de inwoner minder schuldenrust ervaart, omdat alle schuldeisers betrokken blijven. Vanuit schuldhulpverlening kunnen we hierin ondersteunen door de betalingsregelingen te begeleiden. De inwoner betaalt dan een vast bedrag per maand aan ons, en wij zorgen ervoor dat alle betalingsregelingen voldaan worden. Een betalingsregeling wordt meestal gebruikt als er een beperkt aantal schuldeisers is.
38