Bijlage 1.a. 2026-04-24 Bijlage 1 - Voorlopige jaarstukken Avalex 2025
Tekst van het document
Omschrijving
2025
2024
Betaalde aflossingen
3.703
3.770
Begrotingstotaal
51.115
48.839
20%
20%
10.223
9.768
6.520
5.998
Basisgegevens renterisiconorm
Het bij Min. Regeling vastgestelde % Renterisiconorm Toets renterisiconorm Ruimte onder renterisiconorm Tabel 5.3: Renterisiconorm (bedragen * €1.000)
Geldverstrekker
Looptijd
Hoofdsom
BNG
2003-2033
2.500.000
Rente 5.00%
Saldo ultimo 2025 666.668
lineair
Aflossingsvorm lineair
BNG
2005-2025
1.400.000
3.73%
-
BNG
2012-2032
7.000.000
3.13%
2.450.000
lineair
BNG
2016-2026
10.000.000
0.64%
1.000.000
lineair lineair
BNG
2020-2035
20.000.000
-0.095%
13.333.334
BNG
2021-2036
6.500.000
0.338%
4.766.667
lineair
BNG
2022-2037
6.500.000
0.462%
5.091.667
lineair
Totaal
27.308.337
53.900.000
Tabel 5.4: Financieringsarrangementen (bedragen in €)
Omschrijving Som van de per dag buiten ’s Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfers op dagbasis buiten ’s Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3 Kwartaal 4
93.849
75.095
92.005
92.075
90
91
92
92
1.043
825
1.000
1.001
-
205
30
29
13
-
-
-
Kwartaal 1
Kwartaal 2
51.115
51.115
51.115
51.115
8,2%
8,2%
8,2%
8,2%
4.191
4.191
Tabel 5.5: Schatkistbankieren (bedragen * € 1.000)
Kasgeldlimiet Omvang begroting 2025 1.
Toegestane kasgeldlimiet
In procenten van de grondslag In bedragen 2.
Kwartaal 3 Kwartaal 4
Omvang vlottende schuld
Opgenomen gelden < 1 jaar
4.191
4.191
Kwartaal 1
Kwartaal 2
-167
-275
-344
-1.224
-167
-275
-344
-1.224
Kwartaal 3 Kwartaal 4
Schuld in rekening-courant (contract BNG) Gestorte gelden door derden < 1 jaar Totaal 3.
Vlottende middelen
24
Kasgeldlimiet
Kwartaal 1
Kwartaal 2
1.000
1.000
1.000
1.001
Overige uitstaande gelden < 1 jaar
1.518
4.393
2.377
1.951
Totaal
2.518
5.393
3.374
2.952
-2.685
-5.667
-3.732
-4.176
Toegestane kasgeldlimiet
4.191
4.191
4.191
4.191
Ruimte (+)/Overschrijding (-)
6.877
9.859
7.913
8.367
Contante gelden in kas
Kwartaal 3 Kwartaal 4
Tegoeden in rekening-courant
Toets kasgeldlimiet 4.
Totaal netto vlottende schuld
Tabel 5.6: Toets kasgeldlimiet (bedragen * € 1.000)
2025
Omschrijving Externe rentelasten over de korte en lange financiering
200
Externe rentebaten (idem)
0 200
Saldo rentelasten en rentebaten Rente die aan de facilitaire grondexploitaties (kostenverhaal) moet worden doorberekend
0
Rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
0
Rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
0
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
200
Rente over eigen vermogen
0
Rente over voorzieningen
0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen renten
200
Aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
220
Renteresultaat op het taakveld Treasury
-20
Tabel 5.7: Rentetoerekening (bedragen * € 1.000)
5.4 Bedrijfsvoering Hieronder de belangrijkste interne ontwikkelingen in de bedrijfsvoering van Avalex. Duurzaam ondernemen / MVO Binnen de Koers Avalex 2023-2030 is duurzaam ondernemen één van de speerpunten. De organisatie heeft een MVObeleidsplan en daarbij passend de ISO 26000-zelfverklaring opgesteld. Aan de hand van deze zelfverklaring is een MVO Kompas opgesteld. Dit MVO Kompas biedt een helder kader aan duurzaamheidsonderwerpen die belangrijk zijn voor Avalex met passende concrete doelen en acties. Ten behoeve van de uitvoering is een MVO koplopers groep samengesteld. Deze bestaat uit medewerkers uit diverse afdelingen: zij zijn de ambassadeurs, maken een overzicht aan activiteiten ten behoeve van de realisatie van de SDG/MVO doelen en dragen bij aan de implementatie. Avalex verwacht ook van al haar leveranciers dat zij duurzaam ondernemen. Bij elke inkoop-uitvraag is maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI) onderdeel van de gunningsvoorwaarden. Informatieveiligheid en automatisering Informatieveiligheid Op het gebied van informatiebeveiliging hebben zich geen incidenten voorgedaan. Daarnaast werkt Avalex aan de implementatie van de strengere regels rond informatieveiligheid vanwege de Europese NIS2-wetgeving die vertaald zijn in de Cybersecuritywet. Hierin worden strengere eisen aan bescherming tegen cybersecurity gesteld.
Avalex heeft al een goede basis gelegd om te voldoen aan deze wetgeving. In 2022 is zowel 25
strategisch als tactisch Informatiebeveiligingsbeleid vastgesteld en in 2023 is het ‘handboek toepassing informatiebeveiligingsbeleid’ voor medewerkers vastgesteld. Bescherming persoonsgegevens Avalex verwerkt voor de uitvoering van de (dienstverlenings)overeenkomst van de deelnemende gemeenten persoonsgegevens. De gemeenten zijn verwerkingsverantwoordelijke, op grond van Wet Milieubeheer en art. 11 lid 1 van de GR Avalex. Avalex is daarmee de verwerker. Op het verwerken van persoonsgegevens neemt Avalex de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet AVG in acht. Avalex legt de afspraken over de verwerking van persoonsgegevens jaarlijks vast in een verwerkersovereenkomst. Deze maakt onderdeel uit van de DVO van het betreffende jaar. Inwoners van de deelnemende gemeenten en ook de medewerkers worden geïnformeerd over de wijze waarop de organisatie omgaat met het verwerken van persoonsgegevens, via de privacyverklaring. Deze staat voor externen openbaar op de Avalex-website. Voor medewerkers wordt deze bekend gemaakt via het personeelshandboek. Er zijn in 2025 geen verzoeken tot inzage of vergetelheid op grond van de AVG ontvangen. Automatisering Sinds 2024 zijn er moderniseringen doorgevoerd in de netwerkarchitectuur en infrastructuur. De eerste inkooptrajecten voor vervanging van bestaande verouderde systemen zijn gestart in 2025.
In 2025 zijn de inkooptrajecten gestart en is de implementatie van het kermsysteem afvalinzameling begonnen. Personeel Avalex stelt duurzame inzetbaarheid centraal in haar gezondheidsbeleid, zodat werknemers in alle levensfasen optimaal inzetbaar kunnen zijn in een toekomstbestendige organisatie. Bovendien leidt dit uiteindelijk ook tot bedrijfscontinuïteit. Dit is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van zowel werkgever als werknemer. Formatie De bezetting op 31-12-2025 bedroeg 183,97 fte. Met het werven van chauffeurs / beladers is in 2025 een inhaalslag gemaakt. In de krappe arbeidsmarkt lopen we er wel tegenaan dat het werven van specifieke kantoorfuncties zoals KAM en op ICT gebied moeizaam blijft. Door de inzet van (tijdelijke) externe inhuur komt de bedrijfscontinuïteit niet in het gedrang. Wel heeft het negatief effect op de kosten door de inzet van interimcapaciteit en een negatief effect op de kennisborging en de innovatiekracht/tempo. Ziekteverzuim Een belangrijke indicator gericht op de inzetbaarheid is het ziekteverzuim. Het gemiddelde ziekteverzuim is in 2025 gemiddeld lager dan in 2024 (8,6% ten opzichte van 11,3%). Een groot deel van dit verzuim is lastig beïnvloedbaar. De organisatie kent, met name in de uitvoering, relatief veel - en ook langdurig - verzuim.
Dit verzuim is deels ook gerelateerd aan de relatief forse fysieke belasting, samenhangend met de aard van de werkzaamheden. Reintegratiemogelijkheden binnen Avalex zijn vaak beperkt. Ten slotte legt ook de steeds grotere krapte op onze arbeidsmarkt druk op de gewenste personele inzet. Integriteit Integer handelen is van belang om het vertrouwen van inwoners in Avalex als overheidsorganisatie te borgen. Op grond van de Ambtenarenwet beschikt Avalex over vastgesteld integriteitsbeleid. In 2025 zijn via het Safety dashboard 3 meldingen van agressie en/of geweld geregistreerd. Dit aantal is gelijk aan 2024. Hierbij wordt opgemerkt dat niet alle voorvallen structureel via het dashboard worden gemeld, waardoor de registratie mogelijk geen volledig beeld geeft van de feitelijke situatie. Bij de vertrouwenspersonen zijn in 2025 in totaal 8 meldingen binnengekomen, waarvan één bij de externe vertrouwenspersoon. Dit aantal is 4 minder dan aan 2024. De meldingen hebben betrekking op uiteenlopende onderwerpen, waaronder sociale veiligheid, integriteit en onderlinge omgangsvormen. Gezien de aard van de meldingen blijft het van belang om blijvend te investeren in integriteit, sociale veiligheid en aandacht te houden voor thema’s als discriminatie, pesten en agressie op de werkvloer.
Kwaliteit, Arbo en Milieu (KAM) Procesmanagement Avalex hanteert een KAM-structuur om te voldoen aan de wettelijke verplichtingen op het gebied van arbeidsomstandigheden en milieu. In 2025 is verder gewerkt aan het inzichtelijk maken en verbeteren van kernprocessen. Daarbij is nadrukkelijk gekeken naar rolverdeling, verantwoordelijkheden en samenhang tussen afdelingen. De focus lag op het vergroten van de beheersbaarheid van processen die direct van invloed zijn op het primaire proces. Actualisatie en verdere uniformering van processen blijft een aandachtspunt en wordt stapsgewijs voortgezet.
26
Risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) De wettelijk verplichte RI&E, uitgevoerd in 2024, is in 2025 afgerond en vertaald naar een plan van aanpak. De hierin benoemde risico’s en maatregelen zijn beoordeeld en geprioriteerd. In 2025 is gestart met de uitvoering van deze maatregelen. De voortgang wordt gemonitord, rekening houdend met beschikbare capaciteit en samenloop met andere organisatieontwikkelingen. Veiligheid en veiligheidscultuur In 2025 is meer nadruk gelegd op het versterken van de veiligheidscultuur en het veiligheidsbewustzijn binnen de organisatie. Er is gestart met het verkennen van een structurelere organisatie van veiligheid, onder andere door te kijken naar de inrichting van een veiligheidsteam met vertegenwoordiging uit meerdere lagen van de organisatie. In 2025 hebben zich geen arbeidsongevallen voorgedaan die gemeld moesten worden bij de Nederlandse Arbeidsinspectie. Veilig werken blijft een continu aandachtspunt, met focus op preventie en het tijdig signaleren van risico’s. Rechtmatigheid Avalex is als overheidsinstelling verplicht de bestaande wet- en regelgeving inzake inkopen en aanbesteden na te leven en inkoopactiviteiten zo doelmatig en rechtmatig uit te voeren. In 2025 zijn op het gebied van Europese aanbestedingen onrechtmatigheden geconstateerd voor een bedrag van € 549.408 exclusief btw.
Dit ligt onder de grens van 2% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves. De onrechtmatige aanbestedingen uit voorgaande jaren hebben nog voor € 432.656 effect hebben op 2025. De aanbestedingen zijn al in gang gezet, danwel zullen in 2026 worden opgestart. In 2025 is verder gewerkt aan het verbeteren van de financiële- en inkoopfunctie en de verbeterpunten die zowel uit de interne controle als uit de management letter van Deloitte volgen. De geconstateerde afwijkingen betreffen: -
-
-
-
€ 161; dit is een doorlopende fout vanuit 2023 en betreft een leverancier waarvan de overeenkomst aanbesteed zou worden na de verbouwing van het pand in Den Haag. Vanwege de vertraging van de verbouwing is de overeenkomst te lang doorgelopen. € 40.317; dit is een doorlopende fout vanuit 2023 en betreft tevens een leverancier waarvan de overeenkomst aanbesteed zou worden na de verbouwing van het pand in Den Haag. Vanwege de vertraging van de verbouwing is de overeenkomst te lang doorgelopen. € 60.635; dit betreft een leverancier waarvan de overeenkomst niet was aanbesteed. De afgenomen diensten zijn in 2025 reeds afgenomen. In 2025 is een aanbesteding gestart die resulteert in een nieuwe overeenkomst vanaf 2026. € 146.093; dit betreft ook een leverancier waarvan de overeenkomst niet is aanbesteed. In 2025 is bepaald dat na de implementatie van diverse ICT-systemen in 2026 beoordeeld wordt hoe dit aan te pakken. € 72.317; dit betreft een leverancier waarbij wij in de veronderstelling leefden dat dit vendor-locking was. Dit bleek echter niet het geval te zijn. € 44.773; dit betreft een leverancier waarvan de overeenkomst niet is aanbesteed. De overeenkomst is begin 2024 om doelmatigheidsredenen verlengd tot eind 2025. € 12.217; dit betreft een leverancier waarvan de overeenkomst niet tijdig is aanbesteed. Dit betreft een doorlopende fout die per maart 2025 beeindigd is.
€ 50.851; dit betreft een leverancier waarvan de overeenkomst op basis van doelmatigheidsredenen niet is aanbesteed in 2025. € 65.901; dit betreft een leverancier waarvan de overeenkomst niet is aanbesteed. De overeenkomst is om doelmatigheidsredenen doorgelopen tot eind 2025. € 56.144; dit betreft een leverancier waarvan Avalex in de veronderstelling was dat dit was aanbesteed via een collectieve overeenkomst. Dit valt sinds juni 2025 wel onder een collectieve overeenkomst.
In onderstaand overzicht zijn de (begrotings)onrechtmatigheden inzichtelijk gemaakt:
27
Bedrag (*€ 1.000) Begrotingscriterium 1A. Overschrijding lasten programma
0
1B. Overschrijding investeringskredieten
0
2. Ongeautoriseerde reservemutaties
0
3. Overschrijding van baten en of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid
0
Totaal begrotingsonrechtmatigheden
0
4.Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee als acceptabel is geduid
0
Voorwaardencriterium 5.Inkopen ten onechte niet Europees aanbesteed
549
M&O criterium 6.Geen bevindingen Totaal onrechtmatigheden Waarvan acceptabel Waarvan niet acceptabel
549 0 549
Inkoop Avalex is als overheidsinstelling verplicht de bestaande wet- en regelgeving inzake inkopen en aanbesteden na te leven en inkoopactiviteiten zo doelmatig en rechtmatig uit te voeren. De focus van de inkoopafdeling is vooral gericht om op een uniforme en doelmatige wijze inkoopactiviteiten uit te voeren, zich op uniforme en transparante wijze aan de markt te presenteren en optimaal gebruik te maken van inkoopkracht en –kennis. Daarbij is ook duurzaamheid een belangrijk aspect. In 2025 zijn onder andere de volgende aanbestedingen afgerond: • Kernsysteem Afvalinzameling • Functioneel beheer AFAS • Arbodienst • Snoeiafval • Sorteernalyse Auditwerkgroep Avalex heeft een werkgroep (adviescommissie van het bestuur) die gevraagd en ongevraagd het bestuur adviseert en assisteert met betrekking tot beheersing van de organisatie en financiële aangelegenheden. De inrichting en werkwijze van de Auditwerkgroep is vastgelegd in het Reglement Auditwerkgroep Avalex 2019. Huisvesting Avalex Het bestuur heeft in 2025 op basis van een inhoudelijke en financiële analyse gekozen voor een minimale voorkeursvariant (met in acht name van een mogelijke doorgroei naar een toekomstvariant) en deze nader te laten uitwerken voor herontwikkeling van de locatie Delft, waarbij nadrukkelijk wordt gekeken naar fasering en beheersing van risico’s en kosten.
28
5.5 Openbaarheid Met ingang van 1 mei 2022 is de Wet Open Overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet regelt het recht van inwoners op informatie van de overheid en is de opvolger van de Wet Openbaarheid van Bestuur (Wob). De Wet Open Overheid kent, samengevat, een vijftal belangrijke aspecten: 1. De verplichting voor ieder bestuursorgaan om een Woo contactfunctionaris aan te wijzen. 2. Verplichtingen gericht op passieve openbaarmaking. 3. Verplichtingen gericht op actieve openbaarmaking. 4. Het op orde brengen van de (digitale) informatiehuishouding. 5. De verplichting om in de begroting en jaarstukken in een openbaarheidsparagraaf aandacht te besteden aan de manier waarop het bestuursorgaan de Woo uitvoert. In deze paragraaf licht Avalex toe hoe zij invulling geeft aan de bepalingen in de Woo, waarmee ze invulling geeft aan één van bovengenoemde verplichtingen.
Woo contactfunctionaris
Avalex heeft de rol van Woo contactfunctionaris belegd bij de directiesecretaris.
Passieve openbaarmaking
De Woo is de opvolger van de Wob. Passieve openbaarmaking is openbaarmaking van informatie op verzoek van een inwoner. Hiertoe heeft Avalex op haar website de werkwijze opgenomen voor het indienen van een Woo-verzoek.
Actieve openbaarmaking
De Woo stelt de verplichting om elf benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. De verplichting tot actieve openbaarmaking treedt in de loop van de komende jaren stapsgewijs (bij koninklijk besluit) in werking. Deze informatie publiceert Avalex dan op de website, die via een digitale zoekstructuur, die door de minister van BZK ter beschikking wordt gesteld, terugvindbaar is.
Informatiehuishouding op orde
De Woo verplicht bestuursorganen om maatregelen te treffen om hun digitale documenten duurzaam toegankelijk te maken en te houden, in lijn met het gestelde in de Archiefwet. De minister van BZK ondersteunt daarbij door middel van een meerjarenplan en VNG stelt voor hun leden een deelmeerjarenplan op. Als deze beschikbaar komt, zal Avalex haar medewerking hieraan verlenen.
Registratie Woo-verzoeken
In 2025 zijn geen Woo-verzoeken afgehandeld.
5.6 Verbonden partijen Avalex heeft met twee partijen een bestuurlijke relatie, waarin zij tevens een financieel belang heeft, te weten Avalex BV en HVC. Verbonden partijen (deelnemingen) worden op grond van de BBV niet geconsolideerd in de jaarrekening weergegeven. Avalex BV Avalex BV is een besloten vennootschap waarvan de aandelen voor 100% in handen zijn van de Gemeenschappelijke Regeling. Het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap bedraagt € 90.000, verdeeld over 90.000 gewone aandelen van elk € 1,- groot. De onderneming is gestart op 16 april 2010. De bedrijfsactiviteiten zijn statutair beschreven als het “inzamelen, bewerken en verwerken van bedrijfsafval en het verrichten van holdingactiviteiten”. De onderneming is opgericht met als doel om de activiteiten van Avalex op het gebied van bedrijfsafval in onder te brengen, om zodoende meer juridische scheiding aan te brengen tussen de ‘publiekrechtelijke’ taak van de inzameling van huishoudelijk afval en de meer ‘commerciële’ taak van inzameling van afval uit bedrijven. Vanwege het afstoten van Bedrijfsafval per december 2015 zou de Besloten Vennootschap worden geliquideerd. Dit heeft echter geen doorgang gekregen onder andere omdat de BV in een nieuwe governancestructuur mogelijk nog wenselijk zou kunnen zijn. In 2021 is bestuurlijk besloten om de huidige BVO-structuur te handhaven voor Avalex.
De Algemene vergadering van aandeelhouders van Avalex BV is in 2025 twee keer bijeen geweest. HVC Avalex is namens de gemeenten aandeelhouder van HVC. Vanaf januari 2022 is de dienstverlening gestart tussen HVC en Avalex, voor het verwerken van drie afvalstromen. De samenwerking tussen HVC en Avalex is tot stand gekomen na een zorgvuldig gelopen traject met de zes Avalex-gemeenten in 2021.
29
aandeelhoudersvergaderingen De aandeelhoudersvergaderingen in 2025 hebben plaatsgevonden op 5 juni en 11 december. Deze stonden in het teken van de jaarrekening 2024, de benoeming van een lid van de Raad van commissarissen, de investeringen in de geothermieprojecten Wippolderlaan en Alton en de toetreding van de gemeenten Nieuwegein en Utrecht als aandeelhouder. Met betrekking tot dat laatste punt heeft op voorstel van Avalex een aanscherping van het besluit plaatsgevonden. Avalex heeft voorts ingestemd met de gevraagde besluiten hieromtrent. De terugblik op de aandeelhoudersvergaderingen wordt telkens via het kernteam beschikbaar gesteld aan de raden. Garantstellingsprovisie HVC heeft de garantstellingsprovisie over 2025 in twee delen bekend gemaakt. Avalex ontvangt deze provisie vanwege haar aandeelhouderschap in HVC. Het totale bedrag vertegenwoordigt het deel waarvoor de gemeenten garant staan jegens HVC op grond van de toetredingsverklaring en de ballotageovereenkomst. Deze provisie is bestemd voor de deelnemende gemeenten en vormt daarom geen onderdeel van de Avalex-begroting. De bedragen passen binnen de kaders zoals vastgesteld in het ‘garantstellingsbeleid aandeelhouderschap 2021’ en de gemeentelijke besluitvorming. In onderstaande tabel is de garantstellingsprovisie HVC weergegeven voor 2025. Gemeente
Totaal (in €)
%
Delft
197.325
31,66
Leidschendam-Voorburg
139.922
22,45
Midden-Delfland
30.789
4,94
Pijnacker-Nootdorp
97.042
15,57
Rijswijk
109.507
17,57
Wassenaar
48.677
7,81
Totaal
623.262
100,00
Tabel 5.8: Garantstelingsprovisie HVC
Het bestuur Avalex heeft het aandeelhouderschap in 2025 geëvalueerd: De toetreding tot de HVC Groep als Aandeelhouder A is gebaseerd op een zorgvuldige afweging van financiële effecten, strategische meerwaarde, invloed, risico’s en samenwerking. Een belangrijke voorwaarde was destijds dat zowel bronals nascheiding van restafval mogelijk is. Een andere belangrijke afweging betrof flexibiliteit. HVC sluit tevens aan op de scheidingsdoelstellingen gesteld door de desbetreffende gemeenten. Hier wordt periodiek per kwartaal over gerapporteerd richting de aandeelhouders. HVC heeft de afgelopen jaren investeringen gedaan in nascheiding- en kunststofsorteringsinstallaties. Op deze wijze wordt er bijgedragen aan verhoging van het scheidingsresultaat en bevordering van hergebruik van PMD. Avalex - als aandeelhouder – zou graag meer inzicht willen verkrijgen in de (opbouw van) de tariefstructuur en zal daarom samen met HVC en andere aandeelhouders blijven werken aan de volgende aandachtspunten: -
Inzicht in de tariefontwikkeling;
-
Inzicht en invloed op financiële keuzes die gemaakt worden door HVC.
Dit kan bijvoorbeeld door het inrichten van een aandeelhouderscommissie.
30
Deel B Financiële verantwoording
31
6. Jaarrekening 6.1 Balans Activa
31-12-2025
31-12-2024
Passiva
Vaste activa
Vaste passiva
Materiële vaste activa
Eigen vermogen
Investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van kosten een heffing kan worden geheven
31-12-2024
Algemene reserve 43.041
42.551
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen
31-12-2025
38
4.717
5.247
Bestemmingsreserve
2.331
2.352
Gerealiseerde resultaat
455
-529
228
67
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
27.308
31.012
Totaal vaste passiva
35.039
38.149
5.000 2.904
2.863
3.540
1.918
38 Voorzieningen
Totaal vaste activa
43.079
42.589
Voorziening verlofsparen
Vlottende activa
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan een jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen
12
212 Vlottende passiva
3.863
728
204
75
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige kasgeldleningen Overige schulden
Liquide middelen Banksaldi
1.004
1.000
Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
Overlopende passiva Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van het volgende begrotingsjaar komen Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
1.759
927
3.438
2.601
vlottende activa
6.842
2.942
Totaal vlottende passiva
14.882
7.383
Totaal activa
49.921
45.531
Totaal passiva
49.921
45.531
Tabel 6.1: Balans (bedragen * € 1.000)
32
6.2 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) provincies en gemeenten zijn opgenomen. Algemene grondslagen en waardering De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
Activa
Passiva
Materiële vaste activa Materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte gronden hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn conform de financiële verordening en geschieden onafhankelijk van het resultaat van het lopend boekjaar.
Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies.
Financiële vaste activa De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Deze vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.
Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Door het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten en gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt.
33
6.3 Toelichting op balans Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven. De WOZ-waarde (waarde peildatum 01-01-2025) van de gronden, terreinen en gebouwen bedraagt € 11,2 miljoen (boekwaarde per balansdatum is € 15,4 miljoen). De panden worden gezien als een investering met economisch nut. Het hierna opgenomen overzicht geeft het verloop van de boekwaarde weer . Omschrijving Grond en terreinen
Boekwaarde 31-12-2024 6.759
Gebouwen
9.066
Vervoermiddelen
655
Investering Desinvestering
60 114
29
Lineaire afschrijving
Boekwaarde 31-12-2025 6.759
501
8.625
50
690
165
1.766
Machines, apparaten en installaties
1.930
1
Overige materiële vaste activa
24.141
4.055
35
2.960
25.201
Totaal
42.551
4.230
64
3.676
43.041
Tabel 6.2: Verloopstaat activa (bedragen * € 1.000)
De afschrijvingstermijnen worden hierna weergegeven en de investeringen met economisch nut worden lineair afgeschreven. Omschrijving
Aantal jaren
Grond en terreinen
n.v.t.
Gebouwen
40
Vervoermiddelen
15
Machines, apparaten en installaties
15
Overige materiële vaste activa: Inzamelmateriaal
15
Inventaris en inrichting
10
ICT
5
Tabel 6.3: Afschrijvingstermijnen
De in het boekjaar gedane investeringen staan in onderstaande tabel vermeld. Realisatie 2025 -
Begroting 2025 -
Gebouwen
60
6.051
Vervoermiddelen
114
154
Omschrijving Grond en terreinen
Machines, apparaten en installaties
1
961
Overige materiële vaste activa
4.055
5.773
Totaal
4.230
12.939
Tabel 6.4: Investeringen (bedragen * € 1.000)
Het achterblijven van de investeringen in gebouwen komt doordat de nieuwbouw van de locatie Delft is begroot voor 2025 terwijl de realisatie naar alle waarschijnlijk in 2027 zal plaatsvinden. De investeringen in ondergrondse containers (onderdeel van overige materiële vaste activa) zijn achtergebleven als gevolg van gewijzigd afvalbeleid bij gemeenten.
34
Restantkrediet 31-12-2024 -
Investeringsbegroting 2025 -
Realisatie 2025 -
Vrijval 2025 -
Restantkrediet 31-12-2025 -
Gebouwen
7.251
6.051
60
6.837
6.405
Vervoermiddelen
-297
154
114
11
-268
Machines, apparaten en installaties
-820
961
1
22
118
Overige materiële vaste activa
4.032
5.773
4.055
7.961
-2.210
10.166
12.939
4.230
14.831
4.045
Omschrijving Grond en terreinen
Totaal Tabel 6.5: Restant kredieten (bedragen * € 1.000)
De restantkredieten uit 2023 zijn in lijn met de financiële verordening in 2025 vrijgevallen. Hierdoor laat het restantkrediet van de overige materiële vaste activa een negatief saldo zien ultimo 2025. Bij vervoermiddelen is het restantkrediet nog negatief als gevolg van de late leveringen van elektrische wagens in 2024. Voor beide categorieën geldt, dat de investeringen van 2025 binnen de begroting vallen. Financiële vaste activa De aard en omvang van de aangebrachte dan wel geraamde waardeverminderingen van de leningen en vorderingen (eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid worden met de boekwaarde van leningen en vorderingen verrekend), van de vaste activa (naar verwachting duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen) en van de deelnemingen en voorraden. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan een jaar Het saldo op de rekening schatkistbankieren bedraagt eind 2025 € 3.863K. Dit is hoger dan in 2024 als gevolg van korte kasgeldleningen. De vorderingen op openbare lichamen bedragen € 65K. Vanwege de aard en de ouderdom van deze vorderingen is geen voorziening opgenomen. Liquide middelen De liquide middelen bestaan alleen uit banksaldi. Alle liquide middelen zijn per direct opeisbaar.
Overlopende activa De overlopende activa bestaan hoofdzakelijk uit vooruitbetaalde bedragen met betrekking tot containers (€ 1.094K) die in 2026 geleverd worden en nog te factureren bedragen aan gemeenten (€ 442K). Eigen vermogen Het negatieve resultaat van het jaar 2024 ad € 529 is overeenkomstig het besluit van het bestuur verwerkt. Volgend op het bestuursbesluit van 9 juli 2021 is destijds de bestemmingsreserve containers ad € 900K gevormd. Deze is gecreëerd om de verschuiving van een onjuiste interpretatie van de kostenbegroting naar investeringsbegroting te reserveren en in de opeenvolgende 15 jaren als voordeel in het baten- en lastenstelsel te verwerken. De bestemmingsreserve personele ontwikkeling heeft betrekking op verbetertrajecten om personele efficiency te realiseren in de bedrijfsvoering. De bestemmingsreserve innovatie is bestemd voor verbetering van de uitvoering en MVO-initiatieven. In 2025 hebben in beide reserves mutaties plaatsgevonden cf bestuursbesluit. In 2023 is een bestemmingsreserve groot onderhoud gevormd conform het bestuursbesluit van 24 november 2023 als gevolg van de vrijval van de voorziening groot onderhoud door het ontbreken van een up-to-date MJOP. In de jaarrekening van 2023 is voorgesteld de dotatie aan de voorziening groot onderhoud zoals opgenomen in de begroting toe te voegen aan de bestemmingsreserve groot onderhoud.
De onttrekkingen in 2025 zijn cf bestuursbesluit. Omschrijving Algemene reserve Gerealiseerd resultaat
Saldo 3112-2024 5.247
Toevoeging Onttrekking 2025 2025 -529 -
Saldo 31-122025 4.718
-529
455
-529
455
1.432
193
120
1.505
-Bestemmingsreserve personele ontwikkeling
51
-
9
42
-Bestemmingsreserve containers
720
-
60
660
-Bestemmingsreserve innovatie
149
-
26
123
7.070
119
-314
7.503
Bestemmingsreserve: -Bestemmingsreserve groot onderhoud
Totaal Tabel 6.6: Eigen vermogen (bedragen * € 1.000)
35
Voorzieningen De voorziening verlofsparen is gevormd voor het spaarverlof van medewerkers. Dit spaarverlof is een verplichting van niet-gelijke omvang. Saldo 31-122024
Toevoeging 2025
Aanwending 2025
Verlofsparen
67
161
-
-
Totaal
67
161
-
-
Omschrijving
Vrijval
Saldo 31-122025 228 228
Tabel 6.7: Voorzieningen (bedragen * € 1.000)
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer De waarde van de onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen bedraagt per eind 2025 € 27,3 mio. Er is voor € 3,7 mio afgelost. De totale rentelast voor het jaar 2025 met betrekking tot de vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar bedraagt € 200K. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De kasgeldleningen zijn aangetrokken bij de BNG voor kortlopende financiering. De overige schulden betreffen de crediteuren. Overlopende passiva De overlopende passiva bestaan vooral uit vooruit gefactureerde omzet ad € 3,5 mio, te ontvangen btw ad € 350K, te betalen loonheffing ad € 786K, te betalen kosten inzake verwerking van grondstoffen ad € 695K en te betalen pensioenpremie ad € 151K. Niet op de balans opgenomen verplichtingen Avalex heeft een kredietfaciliteit bij de BNG-Bank die in 2025 niet is aangesproken. Avalex heeft zich per balansdatum voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Contracten
Waarde contract
Verplichting < 1 jaar
Verplichting > 1 jaar
9.665
2.358
7.307
Mobiliteit incl. onderhoud
Tabel 6.8: Niet uit de balans blijkende verplichtingen (bedragen * € 1.000)
De borgstellingen of garantstellingen zijn als volgt gespecificeerd: Geldnemer
Restant hoofdsom
Lening
N.V. HVC
Lening
N.V. HVC
Lening
N.V. HVC
Product
Lening Lening
N.V. HVC N.V. HVC
Totaal
Bedrag garantstelling
341.181
Dekkings percentage 11,88%
131.659
11,88%
15.645
85.000
11,88%
10.098
10.667
11,88%
1.267
8.000
11,88%
576.543
40.532
950 68.492
Tabel 6: Garantstellingen (bedragen * € 1.000)
36
6.4 Overzicht van baten en lasten Hieronder is het overzicht van baten en lasten voor 2025 opgenomen. Het boekjaar is met een positief resultaat van € 455K afgesloten. Raming begrotingsjaar vóór wijziging
Raming begrotingsjaar ná wijziging
Realisatie 2025
Omschrijving programma
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Inzameling & afvoer van huishoudelijk afval
51.115
42.115
9.000
51.115
42.115
9.000
51.009
42.508
8.501
Omschrijving algemene dekkingsmiddelen: Lokale heffingen
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Algemene uitkeringen
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Dividend
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Saldo Financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen
300 n.v.t. 300
-300
300
-300
200
-200
Gerealiseerde kosten overhead
8.700
-8.700
8.700
-8.700
7.867
-7.867
Vennootschapsbelasting Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Toevoeging/onttrekking aan reserves
n.v.t. 51.115
51.115
Gerealiseerde resultaat
51.115
51.115
-300
300
-300
200
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t. -
51.115
51.115
-
51.115
51.115
n.v.t
-200
n.v.t -
51.009
-
51.031
n.v.t
50.574
434
50.574
455
22
22
Tabel 6.9: Overzicht van baten en lasten (bedragen x € 1.000)
37
6.5 Toelichting op baten en lasten Omschrijving
Realisatie 2025
Begroting 2025
Verschil
Voordeel/ nadeel
47.285
47.537
-252
Nadeel
Bijdrage gemeenten
1.
Bijdrage projecten
2.
626
442
184
Voordeel
Opbrengsten grondstoffen
3.
2.470
2.473
-3
Nadeel
Overige opbrengsten
4.
629
663
-35
Nadeel
51.009
51.115
-106
Nadeel
Totaal opbrengsten
Door te berekenen aan gemeenten
5.
11.374
11.206
168
Aan gemeenten af te dragen opbrengst grondstoffen
6.
2.470
2.473
-3
Verwerkingskosten
7.
-11.792
-11.627
-165
Afvalstoffenbelasting
8.
-2.052
-2.052
0
0
0
0
Totaal opbrengsten en kosten afval & grondstoffen Inzamelvoorziening
9.
6.532
6.205
327
Nadeel
Directe personeelskosten
10.
15.553
15.677
-124
Voordeel
Milieustraten
11.
269
330
-61
Voordeel
Overlaad
12.
323
370
-47
Voordeel
Mobiliteit
13.
5.322
4.966
356
Nadeel
Verwerking en Belastingen
14.
Totaal directe kosten
Bedrijfsvoering
15.
Totale kosten overhead
Projecten
16.
Incidentele baten
17.
Incidentele lasten
18.
Resultaat voor belasting
Vennootschapsbelasting
13.844
13.679
164
Nadeel
41.842
41.227
615
Nadeel
7.867
8.700
-833
Voordeel
7.867
8.700
-833
Voordeel
866
995
-129
Voordeel
434
193
241
Voordeel
434
193
241
Voordeel
19.
Saldo van baten en lasten
Onttrekking vanuit reserves
20.
214
-
214
Voordeel
Toevoeging vanuit reserves
21.
193
193
0
Nadeel
455
-
455
Voordeel
Gerealiseerd resultaat Tabel 6.10: Saldo van baten en lasten (bedragen x € 1.000)
38
Bijdrage gemeenten (1) De bijdrage gemeenten zijn de opbrengsten vanuit de periodieke facturatie aan de zes gemeenten, welke gebeurt op basis van de DVO 2025. De opbrengsten zijn voor 2025 conform de DVO in rekening gebracht en voldaan. Bijdrage projecten (2) De bijdrage projecten zijn de opbrengsten op basis van facturatie voor projecten. Op basis van de gerealiseerde kosten wordt op nacalculatie gefactureerd. Deze opbrengsten zijn niet begroot. Het levert echter geen voordeel op vanwege de kosten die hier tegenover staan (op offertebasis). In 2025 zijn er meer projecten op offertebasis uitgevoerd voor onder andere het restafvaltarief. Opbrengsten grondstoffen (3) Dit betreft alle opbrengsten die voortkomen uit het verwerken van grondstoffen. De opbrengsten grondstoffen liggen in lijn met de begroting. Overige opbrengsten (4) De post overige opbrengsten bestaat voor het grootste deel uit additionele dienstverlening aan de gemeenten die niet is begroot. Deze post heeft met name betrekking op meerwerk en incidentele doorbelastingen. Opbrengsten en kosten afval & grondstoffen (5 t/m 8) Middels de betreffende posten wordt inzichtelijk gemaakt hoe de verwerkingskosten en afvalstoffenbelasting worden gedekt. Enerzijds wordt een deel doorberekend aan de gemeenten en anderzijds wordt een deel gedekt door opbrengsten van grondstoffen.
Inzamelvoorziening (9) Onder deze post vallen de kosten van het beheer en onderhoud van de containers en de bijbehorende rentekosten voor langlopende leningen. Directe personeelskosten (10) Onder deze post vallen de vaste personeelskosten en inhuurkosten van uitzendkrachten voor direct personeel. Milieustraten & Overlaad (11 en 12) Onder milieustraten en overlaad worden diverse kosten geregistreerd zoals het onderhoud en huur van deze locaties, afschrijvingskosten, kadegeld en de bijbehorende rente op langlopende leningen. Mobiliteit (13) Dit betreft het gebruik en inzet van het wagenpark ten behoeve van het ophalen en wegbrengen van alle fracties. Verwerkingen en Belastingen (14) De kosten voor verwerking en belasting liggen in lijn met de begroting. Bedrijfsvoering (15) De kosten voor bedrijfsvoering bestaan met name uit kosten van huisvesting, ict, inkoop en financiën. Projecten (16) Dit betreffen project gerelateerde kosten in relatie tot bijdrage projecten. Incidentele baten en lasten (17 en 18) In 2025 zijn er geen incidentele baten en lasten geweest. VPB (19) De Belastingdienst is van mening dat diensten die voor derden plaatsvinden en de opslag en/of overslag van die afvalstromen die opbrengsten opleveren, belast zijn.
Avalex heeft als standpunt dat geen belasting op deze stromen behoeft te worden afgedragen omdat huishoudelijk afval een wettelijke taak is en deze is vrijgesteld. Ten aanzien van de verkoop van grondstoffen is op landelijk niveau met de Belastingdienst onderhandeld inzake een generieke afspraak. Deze luidt dat na het sluiten van een vaststellingsovereenkomst, 1% van de opbrengst van grondstoffen wordt aangemerkt als belastbare winst voor de Vennootschapsbelasting. De bestaande vaststellingsovereenkomst waarin deze afspraak is vastgelegd, is verlengd tot en met 2025. Onttrekking uit/toevoeging aan reserves (20 en 21) Het behaalde resultaat van 2025 ad € 455K is toegevoegd aan de algemene reserve. De overige onttrekkingen en toevoegingen zijn gedaan cf een bestuursbesluit. Analyse begrotingsafwijkingen voor begrotings-rechtmatigheid Formeel is sprake van een begrotingsonrechtmatigheid als de werkelijke lasten van het programma de begrote lasten overschrijden. Het bestuur beschouwd, cf artikel 11 lid 3 van de Financiele verordening Avalex 2025, de begroting van Avelx als één programma. In 2025 is geen sprake geweest van een overschrijding van de totale lasten ten opzichte van de begroting; er is derhalve geen sprake van een begrotingsonrechtmatigheid.
39
Toelichting op onvoorzien Volgens het BBV moet het overzicht van baten en lasten ook ‘het geraamde bedrag voor onvoorzien’ bevatten. Dit is een raming voor “onvoorzien”. Voor de samenstelling en opbouw wordt door het BBV geen nadere regels gegeven. Volgens de Gemeentewet moet de raming voor onvoorzien reëel zijn. In de cijfers van 2025 is de post onvoorzien net als in voorgaande jaren op nihil gezet. In de begroting van 2025 is ook geen post onvoorzien opgenomen.
Taakveld Volksgezondheid en Milieu
Raming begrotingsjaar vóór wijziging
Raming begrotingsjaar ná wijziging
Realisatie begrotingsjaar
Verschil begroting ná wijziging met realisatie
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
3.6
Huren
7.3
Afval
85
85
89
4
3.8
Overige goederen en diensten
7.3
Afval
3.051
3.051
2.864
-187
4.3.2
Inkomensoverdrachten gemeenten
7.3
Afval
47.979
47.979
48.056
77
51.115
51.115
51.009
-106
Totaal opbrengsten
1.1
Salarissen en sociale lasten
0.4
Overhead
-2.777
-2.777
-2.031
746
1.1
Salarissen en sociale lasten
7.3
Afval
-13.192
-13.192
-11.806
1.386
2.1
Belastingen
0.9
VpB
3.5.1
Ingeleend personeel
0.4
Overhead
-211
-211
-778
-566
3.5.1
Ingeleend personeel
7.3
Afval
-2.888
-2.888
-4.132
-1.244
3.8
Overige goederen en diensten
0.4
Overhead
-5.523
-5.523
-4.820
704
3.8
Overige goederen en diensten
7.3
Afval
-22.528
-22.528
-23.181
-653
4.2
Subsidies
7.3
Afval
-50
-50
-5
45
5.1
Rente
0.5
Treasury
-48
-48
10
57
5.1
Rente
7.3
-252
-252
-169
83
7.1
Mutatie reserve
0.10
Afval Mutatie reserves
-
-
7.2
Mutatie voorzieningen
0.4
Overhead
-32
-32
-32
-
7.2
Mutatie voorzieningen
7.3
Afval
-161
-161
-161
-
7.3
Afschrijvingen
0.4
Overhead
-140
-140
-140
-
7.3
Afschrijvingen
7.3
Afval
-3.312
-3.312
-3.309
3
-51.115
-51.115
-50.553
561
Totaal kosten
3.5.1
Ingeleend personeel
7.3
Afval
-
-
-
-
3.8
Overige goederen en diensten
0.4
Overhead
-
-
-
-
3.8
Overige goederen en diensten
7.3
Afval
-
-
-
-
0
0
0
0
-
-
-
-
Totaal incidentele opbrengsten
0
0
0
0
Totaal resultaat
0
0
455
455
Totaal incidentele kosten
3.8
Overige goederen en diensten
7.3
Afval
Tabel 6.11: IV-3 taakvelden rapportage (bedragen x € 1.000)
40
6.6 Toelichting rechtmatigheid Raming begrotingsjaar vóór wijziging
Raming begrotingsjaar ná wijziging
Realisatie 2025
Omschrijving programma
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Inzameling & afvoer van huishoudelijk afval
51.115
42.115
9.000
51.115
42.115
9.000
51.009
42.508
8.501
Omschrijving algemene dekkingsmiddelen: Lokale heffingen
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Algemene uitkeringen
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Dividend
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Saldo Financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen
300 n.v.t. 300
-300
300
-300
200
-200
Gerealiseerde kosten overhead
8.700
-8.700
8.700
-8.700
7.867
-7.867
Vennootschapsbelasting Gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten Toevoeging/onttrekking aan reserves
n.v.t. 51.115
51.115
Gerealiseerde resultaat
51.115
51.115
-300
300
-300
200
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t. -
51.115
51.115
-
51.115
51.115
n.v.t.
-200
n.v.t -
51.009
-
51.031
n.v.t
50.574
434
50.574
455
22
22
Tabel 6.12: Begrotingsafwijkingen (bedragen x € 1.000)
Formeel is sprake van een begrotingsonrechtmatigheid als de werkelijke lasten van het programma de begrote lasten overschrijden. Het bestuur beschouwd, cf artikel 11 lid 3 van de Financiele verordening Avalex 2025, de begroting van Avelx als één programma. In 2025 is geen sprake geweest van een overschrijding van de totale lasten ten opzichte van de begroting; er is derhalve geen sprake van een begrotingsonrechtmatigheid.
41
6.7 Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid van de secretaris-directeur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht de secretaris-directeur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het bestuur op 12 september 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het bestuur bepaald en bedraagt 2% (maximaal 2) van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 1.011.490.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025. Bevinding De secretaris-directeur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 549.408 bedraagt. Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van € 1.011.490. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens de secretaris-directeur overigens een bedrag van € 0 acceptabel op basis van door het bestuur vastgestelde afspraken. In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het bestuur ook beschreven welke actie het onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
42
6.8 Wet normering Topinkomens Het inkomen van een topfunctionaris in de (semi)publieke sector mag volgens de Wet Normering Topinkomens (WNT) maximaal 130% van een ministerssalaris zijn en bedraagt hiermee € 246.000. (Semi)publieke instellingen zijn verplicht om jaarlijks de bezoldigingsgegevens en eventuele ontslagvergoedingen van hun functionarissen te publiceren in de financiële jaarverslagen. De WNT beperkt zich tot de functionarissen binnen bestuur en directie. Het gehele bestuur is onbezoldigd. Er is geen sprake van overschrijdingen. Mw. D. Curfs Functiegegevens
secretaris-directeur
Aanvang en einde functievervulling
01-01-2025 - 31-12-2025
01-03-2024 - 31-12-2024
Deeltijdfactor in fte
1
1
Dienstbetrekking?
Ja
Ja
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
140.553,16
113.649,20
Beloningen betaalbaar op termijn
23.126,40
18.946,40
163.679,56
132.595,60
246.000,00
194.803,28
N.v.t
N.v.t
163.679,56
132.595,60
N.v.t
N.v.t
N.v.t
N.v.t
Bezoldiging
Subtotaal
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
Tabel 6.13: Leidinggevende topfunctionarissen, gewezen topfunctionarissen met dienstbetrekking
Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 2.100 of minder Naam topfunctionaris
Functie
Mevr. M.A. Huijsmans (wethouder Delft)
Lid Algemeen Bestuur
Dhr. P. van Veller (wethouder Leidschendam-Voorburg)
Lid Algemeen Bestuur
Dhr. F.A. Voskamp (wethouder Midden-Delfland)
Lid Algemeen Bestuur
Dhr. P.C. Hennevanger (wethouder Pijnacker-Nootdorp)
Voorzitter Algemeen Bestuur
Dhr. W. van Damme (wethouder Rijswijk)
Lid Algemeen Bestuur
Dhr. L.N.M. van Doeveren (wethouder Wassenaar)
Lid Algemeen Bestuur
Tabel 6.14: Topfunctionarissen
43
7. Overige gegevens 7.1 Gebeurtenissen na balansdatum Niet van toepassing.
7.2 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
44