Beeldvormende vragen Eerlijk Alternatief – Nota visie financieel beleid
Tekst van het document
Beeldvormende vragen Eerlijk Alternatief – Nota visie financieel beleid
Beeldvormende vragen financieel beleid 1. Kunt u concreet uitleggen op welke wijze dit kader de financiële verordening aanvult of verduidelijkt? 2. De meicirculaire komt doorgaans ná het collegebesluit over de concept-Kadernota. Hoe wordt technisch geborgd dat de informatie uit de meicirculaire tóch volledig wordt meegenomen in de uiteindelijke afwegingsruimte? 3. Zijn er in de afgelopen drie jaar voorbeelden waarbij de verwerking van circulaires aantoonbaar heeft geleid tot afwijkingen in begroting of jaarrekening? Zo ja, welke? 4. Hoe zijn de beleidscyclus en de P&C-cyclus op dit moment precies op elkaar afgestemd, en waar constateert u eventuele knelpunten in timing of samenhang? 5. Wat zijn de belangrijkste risico’s als de aansluiting tussen beide cycli onvoldoende scherp is, bijvoorbeeld voor investeringsplanning of reservevorming? 6. Welk proces wordt gevolgd om tot een langetermijnvisie op reserves te komen, en welke stappen zijn daarvoor volgens u minimaal noodzakelijk? 7. Hoe wordt vastgesteld of het huidige aantal bestemmingsreserves doelmatig is in relatie tot sturing, transparantie en flexibiliteit? 8. Kunt u aangeven welke informatie in de programmabegroting minimaal noodzakelijk is om effectief te kunnen sturen op reserves, inclusief aflopende termijnen? 9.
Is er een drempelwaarde bepaald waarbij het inzetten van eigen middelen financieel minder efficiënt wordt dan externe financiering? 10. Zijn scenario’s uitgewerkt waarbij projectfinanciering mogelijk efficiënter of transparanter zou kunnen zijn dan concernfinanciering, en zo ja, welke uitkomsten heeft dit opgeleverd? 11. Welke opties zijn er voor de inzet van weerstandscapaciteit boven de streefwaarde van 1,4, en hoe wordt bepaald welke optie het meest doelmatig is? 12. Kunt u aangeven welke indicatoren geschikt zijn om de voortgang en kwaliteit van de uitvoering van het financieel beleid structureel te monitoren? 13. Hoe wordt structureel geborgd dat wijzigingen in BBV-regelgeving tijdig worden gesignaleerd en vertaald naar lokale beleidskaders? 14. Welke onderdelen van de nota vragen volgens u nadere uitwerking voordat zij als volledig operationeel kader kunnen fungeren? Namens Eerlijk Alternatief Miranda de Vogel