CConstaterende datPijnacker Nootdorp
Koppel je AI →
Document · PDF

Beeldvormende vragen CDA – Cultuurnota 2026

Raad Oordeelvorming 15 januari 2026, gemeente Pijnacker NootdorpBij agendapunt: Beeldvormende vragen527 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beeldvormende vragen CDA – Cultuurnota 2026 (definitief)

Vragen over agendapunt 4a. Cultuurnota 2026 1. Op pag. 14 van de Cultuurnota staat dat ‘[h]et belangrijk [is] om te vermelden dat de respectievelijke thema's niet in een specifieke volgorde staan’ en ‘[e]r dus geen prioritering [is].’ De Uitvoeringsagenda zou daarentegen duidelijkheid bieden over prioriteiten. Of, zoals geformuleerd op pag. 5: ‘Deze actualisatie is expliciet gepland om koers, prioriteiten en middelen opnieuw te wegen op basis van de dan geldende financiële realiteit.’ a. Het CDA vraagt zich daarbij af waarom hetgeen in de Uitvoeringsagenda geschetst niet is meegenomen in de ambities van de Cultuurnota op pag. 7? b. In hoeverre is de geldende financiële realiteit voor het college een relevant kader voor het formuleren van ambities? 2. Op pag. 5 van de aanbiedingsnota staat ‘[b]elangrijk is dat Cultuurnota 2026 niet doet alsof alles tegelijk kan. De gemeente heeft beperkte capaciteit en opereert in financieel onzekere jaren.’ Tegelijkertijd kiest het college (zie vraag 1) nadrukkelijk niet om te prioriteren. Kan het college deze keuze toelichten? 3. Het CDA heeft bij de vorige behandeling van de actualisatie cultuurnota gevraagd waarom er was gekozen om de toekomstige exploitatie van het SCC Pijnacker niet mee te nemen in de financiële reeksen.

Ook is in de motie verfijning cultuurnota expliciet gevraagd om ‘een financieel kader te schetsen […] met aandacht voor zowel de culturele subsidies als de basisstructuur van het cultuurbeleid.’ Toentertijd heeft het college geantwoord dat dit niet was gedaan, omdat het alleen directe uitgaven aan cultuur in 2025 betrof: ‘De toekomstige exploitatie aan het SCC is niet meegenomen omdat dit geen uitgave is in 2025, maar gaat om uitgaven in de toekomst.’ Nu gaat het in de reeks op pag. 18 wel om uitgaven tot en met 2029. Waarom is er hier opnieuw gekozen om de toekomstige exploitatie van het SCC Pijnacker niet mee te nemen? 4. In de aanbiedingsnota staat dat u ‘het Cultuurplatform om advies [heeft] gevraagd’ en dat advies en uw reactie daarop, voor de behandeling van de Cultuurnota 2026 bij de gemeenteraad aanlevert. Bij het stellen van deze vragen waren deze stukken nog

niet voor de raad beschikbaar – kunt u het advies van het Cultuurplatform alsmede uw reactie daarop alsnog en met spoed naar de raad sturen? 5. ‘Om de voortgang van het cultuurbeleid te waarborgen, wordt doorlopend bekeken hoe de doelstellingen worden gerealiseerd.’ Voor thema 5 - Samenwerking, verbinding en impact zijn als indicatoren onder meer het aantal structurele overlegmomenten per jaar en deelname door doelgroepen uit het sociaal domein (bijv. ouderen, jongeren, nieuwkomers) genoemd. a. Wie is verantwoordelijk voor het verzamelen van informatie over genoemde indicatoren? Is dat de gemeente zelf of partners in het culturele veld? Het lijkt er op dat er voor € 5.000 aan structurele uitgaven vijf indicatoren zijn geformuleerd. b. In hoeverre staat de tijdsbesteding om te rapporteren over de indicatoren in verhouding tot deze uitgaven? 6. Onder ‘Realisatie en inrichting van het Sociaal Cultureel Centrum (SCC)’ staat ‘Indicatoren/mijlpalen (in 2026 nulmeting)’. Dit terwijl het SCC pas in 2028 wordt geopend. Moet hier daarom niet ‘2028’ staan als jaar voor de nulmeting? Kunt u elke van de bovenstaande vragen afzonderlijk beantwoorden?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16482032/2