Beantwoording vragen VVD Misbruik en oneigenlijk gebruik
Tekst van het document
Informatienota raad
beeldvorming op oordeelvorming op besluitvorming op
invullen organisatie
zaaknummer
1235535
berichtnummer
1114549
onderwerp reden portefeuillehouder behandeld in college
afdeling
Schriftelijke vraag Misbruik en oneigenlijk gebruik Vraag Peter Hennevanger 23 maart 2021
CST
bijlagen
pagina
1/3
Informatienota raad
Geachte leden van de raad, Op 4 maart heeft de fractie van de VVD vragen gesteld over misbruik en oneigenlijk gebruik naar aanleiding van het raadsvoorstel ter vaststelling van de Nota Integraal Risicomanagement 2021-2024. U treft de beantwoording van deze vragen hieronder aan. Vraag 1 Hoe vaak is er in 2020 sprake geweest van een vermoeden van misbruik en oneigenlijk gebruik? Antwoord Er zijn in 2020 29 onderzoeken uitgevoerd omdat er vermoedens waren van misbruik en oneigenlijk gebruik. Vraag 2 Op welke beleidsterreinen werd het meest een vermoeden van misbruik en oneigenlijk gebruik geregistreerd? Antwoord Deze vermoedens vonden plaats binnen het sociaal domein: Twee vermoedens hadden betrekking op onrechtmatig gebruik van een PGB. Hiervan is één PGB niet verlengd. De andere PGB was reeds stopgezet en wekte bij controle de indruk van onrechtmatig gebruik. Voor beide situaties loopt nog een onderzoek. Vijf vermoedens hadden betrekking op uitkeringen in het kader van de Participatiewet. Uit onderzoek bleek dat het in twee situaties om een adreswijziging ging, eenmaal om verzwegen verblijf in het buitenland en tweemaal werk gerelateerd. Dit heeft geleid tot beëindiging van de uitkeringen. Vier aanvragen voor een uitkering zijn stopgezet (afgewezen) naar aanleiding van een onderzoek van de handhaver.
Ten aanzien de overige vermoedens bleek geen sprake te zijn van misbruik of oneigenlijk gebruik. Op de overige terreinen die in de nota Misbruik en oneigenlijk gebruik zijn genoemd zijn geen vermoedens van misbruik en oneigenlijk gebruik. Vraag 3 Hoe vaak werd een vermoeden van misbruik en oneigenlijk gebruik daadwerkelijk als fraude bestempeld en welke gevolgen heeft dit gehad voor de gemeente? Antwoord Er is geen vermoeden als fraude bestempeld. Zie verder het antwoord op vraag 2. Vraag 4 Welke middelen zet de gemeente in bij het terughalen van geld bij bijvoorbeeld subsidiefraude? Antwoord Op het moment dat subsidie of een uitkering onrechtmatig is verkregen worden de verstrekte middelen teruggevorderd. Vraag 5 In hoeverre maakt de gemeente gebruik van datagedreven oplossingen om misbruik en oneigenlijk gebruik binnen bijvoorbeeld subsidie- of vergunningsaanvraag te voorkomen? Antwoord In elk proces maken we gebruik van beheersmaatregelen om fouten te voorkomen. Een van de dingen die we daarmee voorkomen is misbruik en oneigenlijk gebruik. Daar waar mogelijk zijn die
pagina
2/3
Informatienota raad
datagedreven. In de praktijk blijkt dat we bij nieuwe regelingen, zoals TOZO dat datagedreven doen. Bij andere processen werken we met bijvoorbeeld het 4-ogen-principe. Het college van Pijnacker-Nootdorp,
J.P.R. Woudstra secretaris
pagina
3/3
mw. F. Ravestein burgemeester