Beantwoording vraag GB over agendering omgevingsvisie
Tekst van het document
Informatienota raad
beeldvorming op oordeelvorming op besluitvorming op
invullen organisatie
zaaknummer
1249366
berichtnummer
1125640
onderwerp reden portefeuillehouder behandeld in college
raadsvraag GBPN ontwerp omgevingsvisie Vraag Ilona Jense-van Haarst 11 mei 2021
afdeling
Beleid
bijlagen
n.v.t.
pagina
1/3
Informatienota raad
Geachte leden van de raad, Op 6 mei 2021 heeft de GBPN-fractie ons een vraag gesteld over de agendering van het ontwerp van de omgevingsvisie. Hieronder treft u de beantwoording van de vraag aan. Inleiding De minister voor Milieu en Wonen heeft laten weten dat de Omgevingswet niet op per 1 januari 2022 in werking zal treden. Tot welk moment de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt uitgesteld, is nog niet duidelijk. Het voorstel van Gemeentebelangen is om het agendapunt Ontwerp-Omgevingsvisie van de agenda te halen, nu we geen kaders kunnen gaan vaststellen als gemeente aangezien er nog geen formele besluitvorming heeft plaatsgevonden over deze wet. Vraag 1 Is het College bereid dit onderwerp van de mei agenda te halen en in ieder geval over de zomer te tillen? Antwoord Het is uiteraard aan uw raad welke agendapunten u bespreekt en wanneer. Wij hebben u, in lijn met het Hoofdlijnenakkoord, de Uitvoeringsagenda en de startnotitie Omgevingsvisie, het ontwerp van de omgevingsvisie met bijbehorend planMER aangeboden. Het mogelijke verdere uitstel van de invoeringsdatum van de Omgevingswet is voor ons geen aanleiding om de agendering aan te passen. Hiervoor hebben wij meerdere redenen. Vooruitlopend op de Omgevingswet Gedurende het proces van het opstellen van de omgevingsvisie zijn we ons steeds bewust geweest van het feit dat we vooruitlopen op de nieuwe Omgevingswet.
Dit aangezien onze planning voorziet in vaststelling van de omgevingsvisie voor het eind van het jaar (en dus voor oorspronkelijke inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2022), betekent dit dat het document voldoet aan de nu geldende wetgeving zoals de Wet ruimtelijke ordening en Wet milieubeheer. Omdat de omgevingsvisie een vormvrij document is, is er veel ruimte om tegelijkertijd te voldoen aan de eisen van de Omgevingswet. Belangrijkste verschil tussen een structuurvisie (huidige wetgeving) en een omgevingsvisie (nieuwe wetgeving) is de reikwijdte. Een structuurvisie gaat vooral over een goede ruimtelijke ordening. Een omgevingsvisie kijkt naar de hele fysieke leefomgeving, waardoor ook elementen als veiligheid, gezondheid, omgevingsfactoren (milieu) en duurzaamheid onderdeel uitmaken van de samenhangende benadering van de leefomgeving. Met het verdere uitstel van de inwerkingtreding van de Omgevingswet blijft het principe (vaststelling voor inwerkingtreding van de Omgevingswet als voorbereiding op de Omgevingswet) ongewijzigd en zien wij dus geen aanleiding om de agendering aan te passen. Nodig voor keuzes en positionering Daarnaast staan we als gemeente voor diverse uitdagingen en opgaven. De omgevingsvisie is een belangrijk instrument waarmee we integrale keuzes maken, prioriteiten stellen en richting geven.
De antwoorden op deze opgaven blijven noodzakelijk en vragen om een helder standpunt over de (ruimtelijke) toekomst van Pijnacker-Nootdorp, ook als de Omgevingswet verder wordt uitgesteld. Voorbeelden daarvan zijn de bijdrage die we willen en kunnen leveren aan het woningtekort in de regio, de wijze waarop ruimte is of moet worden gemaakt voor energietransitie en het behoud en versterken van onze identiteit. Deze ontwikkelingen gaan door, ook als de Omgevingswet wordt uitgesteld. De omgevingsvisie is het instrument waarmee we ons in het (regionale en provinciale) krachtenveld kunnen positioneren. Daarom achten wij het juist van belang om het proces niet te vertragen. Betrokkenheid behouden Tot slot hebben we onze inwoners, ondernemers en stakeholders gevraagd om hun ideeën, beelden en suggesties voor de toekomst met ons te delen. Met het participatieverslag hebben we alle partijen laten zien wat we hebben opgehaald en een doorkijk gegeven naar het vervolg. Het lijkt ons goed om voor de
pagina
2/3
Informatienota raad
zomervakantie de volgende stap te zetten en iedereen te vragen of het ontwerp van de omgevingsvisie herkenbaar, compleet en uitnodigend is. Uitstel tot de Omgevingswet in werking treedt dan wel tot na de zomervakantie (naar september/oktober), maakt dat er een lange periode (minimaal een jaar) zit tussen de vraag om input aan de samenleving en het resultaat in de vorm van het ontwerp van de Omgevingsvisie. Dat lijkt ons met het oog op het participatieproces ongewenst. Tot slot Wij gaan ervan uit hiermee uw vraag voldoende te hebben beantwoord.
Het college van Pijnacker-Nootdorp,
H. Hulswit secretaris (plv.)
pagina
3/3
mw. F. Ravestein burgemeester