Beantwoording technische vraag uit beeldvorming - Metropolitane Fietsroute
Tekst van het document
Memo
zaaknummer
1450771
berichtnummer
1319059
aan
Gemeenteraad
van
College
afschrift datum onderwerp
14 november 2023 Scenario’s fietsers over Metropolitane Fietsroute Delft-Rotterdam Alexander
status
Geachte leden van de raad, In de beeldvormende raadsvergadering van 26 oktober 2023 is het voorstel voor de Metropolitane Fietsroute Delft-Rotterdam Alexander besproken. Tijdens deze vergadering is gevraagd naar het verwachte gebruik van deze nieuwe route. Naar aanleiding hiervan ontvangt u de prognose van het aantal fietsers dat in de toekomst gebruikt maakt van deze fietsroute. De verwachting is dat substantieel meer fietsers gebruik zullen maken van de MFR. Hieronder wordt ingegaan op de wijze waarop deze verwachting tot stand is gekomen. Verwachting gebruik Metropolitane Fietsroute Delft- Rotterdam Alexander Aantal fietsers per etmaal op MFR Delft-Rotterdam Alexander Scenario Ackerdijkseweg/nieuwe Ackerdijksepad (deel route MFR (delen 10 en 12) 11) 2020 0 (is <50 per richting) 600 2030 WLO 800 1700 2030 Stedelijke Referentie 900 1900 2040 WLO 900 1900 2040 Stedelijke Referentie 1100 2300 Bron: Verkeersmodel MRDH v3.0 Waar komen deze aantallen vandaan? De fietsaantallen zijn afkomstig uit het Regionale Verkeersmodel van de MRDH. Dit model berekent hoeveel autoverkeer, fietsers en OV-reizigers in 2020, 2030 en 2040 gebruik maken van de wegen in de regio. Voor de Ackerdijkseweg is afgerond naar 0, maar dit betekent eigenlijk: tot 50 fietsers. Het verkeersmodel is een werkdagmodel dat het aantal forenzen en scholieren berekent.
Het Ackerdijksepad is in het verlengde van de Zuideindseweg een interessante forenzen- en scholierenfietsverbinding tussen Delft, Delfgauw, Lansingerland en Rotterdam. De Ackerdijkseweg is nu vooral een recreatieve doorsteek naar de Rijksstraatweg. Maar met een brug over de A13 wordt die route ook aantrekkelijk voor forenzen. In het model zit het wegennetwerk van de regio en gegevens over het aantal inwoners en arbeidsplaatsen. Eerst schat het model het aantal verplaatsingen van mensen tussen bepaalde gebieden (woon, bedrijf, winkel) met de auto, fiets of OV. Deze verplaatsingen zijn getoetst aan de uitkomsten van het onderzoek verplaatsingsgedrag (enquête onder inwoners van het MRDH-gebied welke verplaatsingen zij maken en met welke vervoermiddel). Vervolgens worden de verplaatsingen gekoppeld aan routes over het wegen-, fiets- en OV-netwerk op basis van kortste reistijd en/of afstand. Zo kan je zien hoe druk het is op een weg of fietspad. Op
pagina
1/2
Memo
bepaalde punten in het netwerk zijn de verkeersaantallen vergeleken met echte tellingen uit het jaar 2019/2020. Daarmee is het model van het jaar 2020 voor het hele netwerk gecorrigeerd. Scenario 2030 en 2040/WLO en Stedelijke Referentie Voor de toekomst zijn er verschillende scenario’s in het verkeersmodel. Belangrijkste uitgangspunt bij elk scenario is de verwachte toename van het aantal inwoners en arbeidsplaatsen in 2030 en in 2040. Dit is per gebied door de MRDH-gemeenten aangeleverd. Maar ook nieuwe wegen, fietspaden en openbaar vervoer zijn meegenomen. Daarnaast is rekening gehouden met beleidsscenario’s voor de bevolkingsgroei, economische groei en reisgedrag. Het WLO scenario (Toekomstverkenning Welvaart en Leefomgeving) van het Planbureau Leefomgeving en het Centraal Planbureau is landelijk een gangbaar scenario voor veel beleidsbeslissingen en wordt ook gebruikt in verkeersmodellen van het Rijk. In het Stedelijk Referentiescenario wordt meer dan in het WLO-scenario rekening gehouden met een versnelde verandering van het reisgedrag naar openbaar vervoer en fiets ten koste van de auto. Dit komt door strengere leefbaarheidsmaatregelen in de stedelijke gebieden. Scenario 2030 WLO Door de Metropolitane Fietsroute Delft- Rotterdam Alexander wordt de reistijd voor de fiets tussen Delft, Pijnacker, Lansingerland en Rotterdam Alexander kleiner.
Er komen nieuwe verbindingen (o.a. fietsverbinding A13) en verbetering van de huidige route. De fiets wordt daarmee aantrekkelijker ten opzichte van de auto en het openbaar vervoer. Daarnaast wordt de nieuwe fietsroute aantrekkelijker (korter) ten opzichte van andere fietsroutes die niet worden aangepast. Groei van 800 fietsers komt door: • reizigers tussen Rotterdam, Pijnacker, Lansingerland en Delft die voorheen met auto of OV reisden; • fietsers tussen Rotterdam, Pijnacker, Lansingerland en Delft die voorheen een andere fietsroute kozen; • daarnaast algemene groei van het fietsverkeer als gevolg van woon- en bedrijfsontwikkelingen in Rotterdam, Delft, Pijnacker-Nootdorp en Lansingerland.
pagina
2/2