Beantwoording mondelinge beeldvormende vraag CDA over Actualisering APV aanpassing 2024 (toezegging)
Tekst van het document
Memo beantwoording beeldvormende vragen
zaaknummer
1475741
berichtnummer
1326638
aan
Raad
van
College
afschrift datum onderwerp status
13 december 2023 Beantwoording mondelinge beeldvormende vraag CDA over Actualisering APV aanpassing 2024 Informatief
Door de CDA-fractie is tijdens de raadsvergadering van 30 november jl. een vraag gesteld over de herplantplicht die staat opgenomen in artikel 4:11, vierde lid van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) (agendapunt 4a). Burgemeester Lugthart heeft aangegeven schriftelijk op deze vraag terug te komen. Hieronder treft u de beantwoording aan. Vraag 1 Hoe wordt er bij een herplantplicht vormgegeven aan de inhoud van de herplantplicht? Komen er kleinere of vergelijkbare bomen terug?
Antwoord In artikel 4:11, vierde lid van de APV van Pijnacker-Nootdorp staat dat het bevoegd bestuursorgaan een herplantplicht kan opleggen onder nader te stellen voorschriften. Dit betekent dat er afhankelijk van de casus en de hoeveelheid houtopstanden die zijn gekapt, door het college wordt bepaald hoeveel en welk(e) type(n) bomen moeten worden herplant. Omdat het praktisch gezien vaak niet mogelijk is om dezelfde grootte bomen te herplanten als die zijn gekapt, wordt er gekeken naar het kroonvolume van de boom of bomen die gekapt gaan worden. Het kroonvolume is namelijk maatgevend voor de verkoeling die de boom biedt door verdamping en het creëren van schaduw. Daarnaast wordt hierin de aanwezige en bij nieuwe ontwikkelingen de toekomstige situatie meegenomen. Een (nieuwe) stenige omgeving en de hittestress die daardoor wordt gecreëerd, vraagt om meer bomen om de gevolgen van klimaatverandering te bufferen en te compenseren. Om die reden is een 1:1 herplant onvoldoende om een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving te creëren en wordt, afhankelijk van de situatie een herplant van 1:2, 1:3 of zelfs 1:4 toegepast. Aan deze herplantplicht wordt ook de voorwaarde verbonden, dat de terug te planten boomsoorten van de 1ste of 2e grootte moeten zijn.
Afhankelijk van de situatie moeten deze bomen bij aanplant een minimale stamomtrek van 18-20 cm of 20-25cm (gemeten op 1,30 meter stamhoogte) hebben.
pagina
1/1