Beantwoording beeldvormende vragen Uitvoeringsplan asielopvang en flexwoningen Pijnacker-Nootdorp
Tekst van het document
Memo beantwoording beeldvormende vragen
zaaknummer
1548176
berichtnummer
1401461
aan
Raad
van
College
afschrift datum onderwerp status
21 november 2024 Beantwoording beeldvormende vragen over het uitvoeringsplan asielopvang en flexwoningen Pijnacker-Nootdorp Informatief
Door de fracties TROTS, PvdD, Progressief PN, VVD, fractie Graafland, CDA en D66 zijn vragen gesteld over het uitvoeringsplan asielopvang en flexwoningen Pijnacker-Nootdorp (agendapunt 4a). Hieronder treft u de beantwoording aan. Vraag 1 TROTS Het plan om een AZC in te richten is met een minimale meerderheid door de gemeenteraad aangenomen. Wat is het vervolg als de gemeenteraad tegen het plan voor deze locatie asielopvang stemt? Antwoord Dan wordt er geen opvanglocatie en ook geen flexwoningen gerealiseerd. Inmiddels is bekend geworden dat 67% van de in Zuid-Holland benodigde opvangplekken voor asielzoekers gerealiseerd kan worden. Dat meldt Commissaris van de Koning Wouter Kolff in een brief aan de verschillende gemeenteraden in Zuid-Holland. In deze brief meldt hij dat er een verslag naar de minister gestuurd is, waarin de asielplannen in de provincie samengebracht zijn. Minister Faber maakt op basis van de provinciale verslagen een voorstel rondom deze asielopvang. Zij verwerkt de resterende asielopgave in een verdeelbesluit, die zij voor het einde van dit jaar bekend zal maken. Hoe dit verder gaat en welke consequenties dit heeft voor onze gemeente is nog onzeker.
Vraag 2 TROTS Gaat het college zich inspannen om de flexwoningen op de voorgestelde plek te behouden ook al stemt de gemeenteraad tegen het plan om asielzoekers op te vangen? Antwoord Het college heeft zich sterk ingespannen om de combinatie van asielopvang en flexwoningen mogelijk te maken. De provincie wil alleen medewerking verlenen voor de gecombineerde ontwikkeling van asielopvang en flexwoningen. Wanneer de gemeenteraad tegen de opvang van asielzoekers op deze locatie stemt, dan mogen ook geen flexwoningen op de locatie worden gerealiseerd. Vraag 3 TROTS Heeft de komst van een AZC negatieve invloed op de markt- en WOZ-waarde van de woningen in de directe omgeving? Zo ja, gaan de woningen in de omgeving opnieuw getaxeerd worden? Antwoord Op voorhand kan niet worden gesteld dat een opvanglocatie een negatieve invloed heeft op de waarde van woningen in de directe omgeving. Woningeigenaren die van mening zijn dat de waarde van hun woning daalt kunnen een beroep doen op “nadeelcompensatie”. Onafhankelijk onderzoek (taxatie) zal dan uitwijzen of sprake is van nadeel dat moet worden gecompenseerd.
pagina
1/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 4 TROTS In april 2024 hebben we een vraag gesteld over de mogelijke openingsdatum van het AZC. Destijds werd er nog aangegeven dat een opening in het begin van 2025 nog realistisch was. Waarom is dit nu niet meer realistisch gelet op de communicatie die aanstuurt op een opening in 2026? Antwoord Nadere inschattingen over de procedures die moeten worden doorlopen en feitelijke voorbereidingen die moeten worden getroffen hebben geleid tot wijziging van de planning. Vraag 5 TROTS In het regionaal opvangplan, staat beschreven dat Pijnacker-Nootdorp 34 plekken beschikbaar heeft voor de opvang van Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen (AMV’ers). Waar gaan die opgevangen worden? Antwoord Het college kiest ervoor geen AMV’ers op te vangen. De Spreidingswet biedt ruimte om met andere gemeenten uit de regio afspraken te maken over de opvang van AMV’ers. Vraag 6 TROTS De vrijwilligersorganisaties kampen met een terugloop in aantallen vrijwilligers vanwege de hoge leeftijd. Hoe denken deze organisaties 10 jaar lang vanaf 2026 het beloofde niveau vast te houden? Antwoord Van oudsher zijn in onze gemeente veel inwoners actief als vrijwilliger. 27% van onze inwoners doet vrijwilligerswerk. Dat is meer dan het landelijk gemiddelde van 25%. Ook zien we na een dip in de coronatijd, juist weer een stijgende lijn van het aantal vrijwilligers in onze gemeente.
De ervaring van het COA is dat veel vrijwilligers vanuit gemeenten betrokken zijn bij de asielopvang. Dit is bevestigd door de maatschappelijke organisaties. Zij hebben een toename van het aantal vrijwilligers gezien voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen en onze eigen asielopvang in het Van der Valk Hotel. Tijdens het participatietraject hebben 97 inwoners van Pijnacker-Nootdorp aangegeven interesse te hebben om vrijwilligerswerk te doen bij de asielopvang. Gelijktijdig is de ervaring van het COA dat asielzoekers zelf ook als vrijwilliger aan de slag gaan. Een aantal sportverenigingen hebben hier goede ervaringen mee. Ons (vrijwilligers-)beleid is erop gericht vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties te ondersteunen op het gebied van werving, behoud en ontwikkeling. In de ‘visie op een veerkrachtig sociaal domein’ heeft u kunnen lezen dat wij kansen zien om vooral jongeren en ouderen meer te stimuleren vrijwilligerswerk te doen en het vrijwilligerswerk beter aan te passen aan de behoefte n van de vrijwilligers. Dit wordt verder vormgegeven vanuit de uitvoeringsagenda. Vraag 7 TROTS In de brief van de provincie wordt aangegeven dat zij akkoord gaat met het wijzigen van de bestemming agrarisch met als eis dat statushouders in de flexwoningen komen. In de notitie wordt aangegeven dat de flexwoningen naar spoedzoekers gaan.
In het persbe richt dat de flexwoningen naar starters gaan. Hoe gaat de exacte verdeling van de flexwoningen worden? Antwoord De provincie doet de suggestie om een deel van de flexwoningen in te zetten voor de doelgroep statushouders om daarmee te kunnen voldoen aan de taakstelling huisvesting statushouders. Dit is geen eis. Het is de bedoeling dat starters en spoedzoekers uit onze gemeente straks voorrang krijgen bij de toewijzing van de flexwoningen.
pagina
2/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 8 TROTS De intentieovereenkomst van BPD laat een mogelijkheid open om flexwoningen langer dan 10 jaar te laten staan. Staat de provincie dit toe? Antwoord De provincie geeft in de brief aan dat de locatie na 10 jaar in de oude staat moet worden teruggebracht. Overigens is het onze inzet om na 10 jaar een reguliere nieuwe woonwijk op de locatie te ontwikkelen. Vraag 9 TROTS Wat is de onderbouwing voor de extra inzet van 0,5 FTE aan BOA capaciteit? En waarom niet bijvoorbeeld 0,8 FTE of 0,3 FTE? Antwoord Met 0,5 FTE extra inzet aan boa-capaciteit kunnen we voor twee dagen of vier dagdelen een extra boa inzetten. De verwachting is dat dit een passende benodigde aanvulling op de huidige boa-formatie biedt die nodig is voor het extra preventief toezicht/ aanwezigheid in de omgeving van de opvanglocatie. Vraag 10 TROTS Ziet het college een mogelijkheid in het verhuizen van asielzoekers naar de nagelegen flexwoningen, zodra de asielzoekers formeel statushouder zijn geworden? Antwoord Het is de bedoeling dat starters en spoedzoekers uit onze gemeente straks voorrang krijgen bij de toewijzing van de flexwoningen. Overigens is het niet zo dat wanneer een asielzoeker een status krijgt, hij (of zij) automatisch onder de taakstelling huisvesting statushouders van onze gemeente valt. Vraag 1 PvdD Sociaal domein.
Er staat: ‘De ervaring van andere gemeenten is dat de opvang van de doelgroep AMV kan leiden tot een groter beroep op de afdeling Sociaal Domein. Zowel de capaciteit als de budgetten binnen het sociaal domein staan momenteel onder druk. Ons uitgangspunt is dat we onze interne organisatie zo min mogelijk willen belasten.’ Stel dat dit wel zo is, wat is de verwachte extra belasting? En zijn hiervoor financiële middelen beschikbaar? Zeker met het ook op het ravijnjaar 2026. Antwoord Het college kiest ervoor geen AMV’ers op te vangen. Vraag 2 PvdD Er staat: ‘Parallel aan de ruimtelijke ontwikkeling zal met het domein samenleving, maatschappelijke organisaties en het COA een integratie- en participatieplan worden opgesteld. Daarin worden de integratie- en participatie paragrafen als beschreven het uitvoeringsplan (6.3.4 en 6.3.5) verder uitgewerkt en geconcretiseerd en worden heldere samenwerkingsafspraken gemaakt. We sluiten zoveel mogelijk aan bij de uitgangspunten uit visie op een veerkrachtig sociaal domein, ons beleid rondom de Wet inburgering en de initiatieven die er al zijn in Pijnacker-Noord. Wat zijn de extra kosten hiervoor? Antwoord De kosten hiervoor zijn als volgt geraamd: € 233.000 in het eerste jaar na opening van de opvanglocatie en € 200.000 in de volgende jaren.
U vindt deze bedragen terug in de tabel op pagina 9 van de aanbiedingsnota (inzet sociaal domein en aanvullende subsidie maatschappelijke partners). Zie tevens het antwoord op vraag 6 van het CDA.
pagina
3/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 3 PvdD Financiële risico’s. Het risico bestaat dat de vergoedingen in de praktijk niet volledig toereikend zijn om de kosten te dekken. Om dit risico af te dekken wordt in de bestuursovereenkomst het volgende opgenomen: ‘worden er door de gemeente in verband met de vestiging van een opvanglocatie extra kosten gemaakt die het via het Faciliteitenbesluit opvangcentra toegekende bedrag overschrijden, dan kan het COA, met inachtneming van artikel 8 van het Faciliteitenbesluit, en onder goedkeuring van de Minister van Veiligheid en Justitie op verzoek van de gemeente een hogere uitkering verstrekken’. Maar wat als het COA dit niet doet en de dekking is onvoldoende? Antwoord In de concept bestuursovereenkomst is opgenomen dat het COA en het gemeentebestuur zich gezamenlijk inspannen om eventuele financiële knelpunten aan te kaarten bij het ministerie. Wanneer de dekking onvoldoende blijkt treden we in overleg over hoe deze gevolgen het beste kunnen worden opgevangen. Dan kan de situatie ontstaan dat de bestuursovereenkomst wordt heroverwogen. Uiteraard wordt de gemeenteraad bij een dergelijk besluit betrokken. Vraag 4 PvdD Exploitatie opvanglocatie. Er staat: ‘Het uitgangspunt van het COA is dat de gemeente de opvanglocatie kostenneutraal kan realiseren.
Hiervoor worden vanuit het faciliteitenbesluit de volgende vergoedingen ontvangen: Een vergoeding voor de capaciteitsplaatsen. Dit betreft een vervangende uitkering als compensatie voor bewoners van een COA-locatie die niet zijn ingeschreven in de Basisregistratie personen (BRP). Deze vergoeding bedraagt € 213.000 per jaar. Extra huisvestingskosten voor het basisonderwijs worden vergoed op basis van de Regeling onderwijs-huisvestingsbudgetten asielzoekers (OHBA-regeling). Hiertoe behoren ook eventueel extra terrein of grond, gebouwen, onderwijsleerpakket, meubilair, klokuren gymnastiek, verzekeringen en onroerendzaakbelasting. Kan met het COA een overeenkomst worden gesloten dat het COA de werkelijke gemaakte kosten voor de asielopvang vergoedt, zodat de gemeente niet voor extra kosten hoeft op te draaien? Zo nee, waarom kan dat niet? Antwoord De financiering voor asielopvang vindt niet plaats op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Wanneer in een gemeente een opvanglocatie wordt gevestigd, heeft deze gemeente recht op uitkeringen volgens het Faciliteitenbesluit opvangcentra. De hoogte van de uitkering is gebaseerd op het aantal capaciteitsplaatsen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties stelt jaarlijks de normbedragen vast voor de vergoedingen ervan en publiceert ze in de septembercirculaires van het gemeentefonds.
In artikel 8 van het Faciliteitenbesluit opvangcentra is opgenomen dat wanneer er door de gemeente in verband met de vestiging van een opvanglocatie extra kosten worden gemaakt die het via het Faciliteitenbesluit opvangcentra toegekende bedrag overschrijden, het COA, met inachtneming van artikel 8 van het Faciliteitenbesluit, en onder goedkeuring van de Minister van Veiligheid en Justitie op verzoek van de gemeente een hogere uitkering verstrekt. Meer informatie over de uitkeringen en de berekensystematiek van het Faciliteitenbesluit staat op de website van het COA. Vraag 5 PvdD Er staat: ‘Met de informatienota van 8 oktober jl. (zaaknummer 1536038) bent u geïnformeerd over het regionaal opvangplan Haaglanden. Hierin staat onder meer dat álle gemeenten binnen de regio Haaglanden hun maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen en zich actief inzetten om asielopvang te realiseren.’ Geldt dit ook voor de gemeente Westland? Kan dit nader worden toegelicht? Antwoord De opvang van asielzoekers is een regionale opgave. Alle gemeenten uit de regio Haaglanden worden geacht zich hieraan te houden. Dit geldt ook voor de gemeente Westland. Zij zijn voornemens 140 opvangplekken te realiseren.
pagina
4/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 6 PvdD Er staat: ‘Bij de integratie en participatie van asielzoekers zijn de inzet van maatschappelijke organisaties en vrijwilligers onmisbaar. Bij de opvang van asielzoekers wordt dan ook de samenwerking gezocht met een aantal maatschappelijke organisaties en vrijwilligers. Denk hierbij aan het organiseren van dagbestedingsactiviteiten (zoals het leren van de Nederlandse taal), coördinatie van de Meedoenbalie en de huiskamerfunctie plus (zie hoofdstuk 6.3.4 van het uitvoeringsplan).’ Hoe wordt het vrijwilligersplatform opgezet om asielzoekers te helpen integreren? En een hele praktische vraag: hoe kunnen mensen die vrijwilligerswerk willen doen, zich hiervoor aanmelden? Antwoord We zien hier een belangrijke rol weggelegd voor de SWOP. De SWOP is met haar vrijwilligersinformatiepunt (VIP) de logische partner -en ook bereid- om de coördinerende- en schakelfunctie te vervullen tussen de opvanglocatie en de samenleving. Hierin zal nauw worden samengewerkt met bibliotheek Oostland en gro-up in verband met het bieden van informele taallessen door taalvrijwilligers en het organiseren van activiteiten. Wanneer uw gemeenteraad instemt met de realisatie van asielopvang en flexwoningen wordt in samenwerking met het domein samenleving, bovengenoemde maatschappelijke organisaties en het COA een integratie- en participatieplan opgesteld.
Daarin worden zaken verder uitgewerkt en geconcretiseerd en worden heldere samenwerkingsafspraken gemaakt. Waaronder afspraken over werving, behoud en ontwikkeling van vrijwilligers. Vraag 7 PvdD Er wordt aangegeven dat het voorstel niet wordt geëvalueerd. Waarom wordt het niet geëvalueerd? Antwoord Het voorstel zelf wordt niet geëvalueerd. De uitvoering wordt echter op de voet gevolgd. Vraag 8 PvdD Politie. In het veiligheidsplan staan (pag 8) het volgende: ‘De politie is verantwoordelijk voor de daadwerkelijke handhaving van de openbare orde en hulpverlening onder het gezag van de burgemeester. Waar het gaat over strafrechtelijke handhaving, treedt de politie op onder het gezag van de officier van justitie.’ De druk op de capaciteit van de politie is nu al hoog. Kan de extra inzet wel geborgd worden binnen de huidige capaciteit? Kan dit nader worden toegelicht? Of kan ook hier extra capaciteit beschikbaar worden gesteld? Antwoord Er is op voorhand met de politie gesproken over of de gevraagde inzet voor een opvanglocatie van 250 asielzoekers kan worden geborgd binnen de huidige capaciteit van het basisteam. Het antwoord daar op was ja. De politie heeft hierover ook gesproken met andere basisteams waar binnen het werkgebied asielopvang is gerealiseerd. Daaruit blijkt dat er geen aanleiding is te veronderstellen dat er extra capaciteit nodig is.
Dit blijkt ook uit onze eigen ervaring met asielopvang bij hotel Van der Valk. Vraag 9 PvdD Door een aantal inwoners is aangegeven dat Pijnacker-Noord een sociaal zwakke wijk is en dat een AZC een extra zorgen en inzet met zich meebrengt voor de wijk op sociaal vlak. Kan worden toegelicht wat de inzet is om op de sociale druk op de wijk niet te verhogen door de komst van het AZC? Antwoord Tijdens de informatiebijeenkomsten is de mogelijke impact van deze ontwikkeling onder onze aandacht gebracht. Samen met de klankbordgroep, maatschappelijke partners en wijkvereniging Pijnacker-Noord gaan we dit vraagstuk nader bespreken. In Pijnacker-Noord werken we onder andere samen met de woningbouwvereniging Rondom Wonen, scholen, de SWOP, jeugd- en jongerenwerk, de wijkagent, SBJ
pagina
5/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Samen Sterk en de wijkvereniging Pijnacker-Noord dagelijks aan het versterken van de leefbaarheid en de sociale cohesie van de wijk. Vraag 1 VVD Wat zijn de afwegingen geweest om deze verhouding te kiezen tussen het aantal opvangplaatsen en het aantal flexwoningen? Antwoord We willen een gelijk aantal asielzoekers en starters/spoedzoekers huisvesten. In de 150 flexwoningen zullen naar verwachting 200 tot 250 mensen kunnen worden gehuisvest. Het aantal mensen dat gehuisvest wordt is daarmee vergelijkbaar met het aantal opvangplaatsen (250). Vraag 2 VVD Zijn er cijfers bekend van de verkeersafwikkeling op de wegen rond de voorgenomen locatie? Welke concrete verkeersknelpunten zijn het college bekend? Antwoord Daar zijn gegevens van bekend. Het regionaal verkeersmodel laat zien dat de capaciteit van de weg nog steeds voldoende is en zelfs ruimte biedt. Dat wil niet zeggen dat het op momenten (met name in de spits) niet druk op de Nootdorpseweg is. Dat leidt tot wachttijden met name op de rotonde Westlaan en in mindere mate op de rotonde Sportlaan. Op de rotonde Sportlaan speelt ook dat er veel fietsverkeer is van en naar de sportvelden en het Stanislas Pijnacker. Er zal nader onderzoek worden gedaan naar de ontsluiting van het gebied.
Ook zal nader onderzoek worden gedaan naar de mogelijkheden ter verbetering van de doorstroming en de verkeersveiligheid tussen de rotondes Noordweg/Sportlaan en Nootdorpseweg/Goudenregensingel. Vraag 3 VVD Is er voldoende capaciteit beschikbaar in de geestelijke gezondheidszorg voor die bewoners van de voorgenomen locatie die daar behoefte aan hebben? Antwoord De verantwoordelijkheid van het eerstelijns zorgaanbod, waaronder de geestelijke gezondheidszorg, heeft het COA contractueel belegd bij GezondheidsZorg Asielzoekers (GZA). Zij zorgen voor een regelmatig spreekuur op locatie waar een huisarts samenwerkt met een praktijkverpleegkundige en een praktijkondersteuner voor geestelijke gezondheidszorg (POH GGZ) en een praktijkassistente. Zij hebben allemaal oog voor taal- en cultuurverschillen. Ook verzorgt GZA een praktijklijn en er is op locatie een telefoon beschikbaar waar bewoners kosteloos en privé kunnen bellen met een huisarts en een praktijkondersteuner. Asielzoekers die als gevolg van een laag intelligentiequotiënt (IQ) of psychische en/of psychosociale problematiek onvoldoende in staat zijn om zelfstandig te functioneren in reguliere opvanglocatie, worden opgevangen in een intensief begeleidende opvang (IBO). In de gesprekken met het COA is aangegeven dat in deze regio voldoende arbeidspotentieel beschikbaar is.
Vraag 1 Progressief PN Als dit voorstel wordt aangenomen volgt er een vervolgonderzoek naar de mogelijkheden ter verbetering van de doorstroming en verkeersveiligheid, is het college ervan overtuigd dat dit de bezwaren voldoende weg zal nemen? Antwoord Het regionaal verkeersmodel laat zien dat de capaciteit van de weg nog steeds voldoende is en zelfs ruimte biedt. Dat wil niet zeggen dat het op momenten (met name in de spits) niet druk op de
pagina
6/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Nootdorpseweg is. Dat leidt tot wachttijden met name op de rotonde Westlaan en in mindere mate op de rotonde Sportlaan. Op de rotonde Sportlaan speelt ook dat er veel fietsverkeer is van en naar de sportvelden en het Stanislas Pijnacker. Er zal nader onder zoek worden gedaan naar de ontsluiting van het gebied. Ook zal nader onderzoek worden gedaan naar de mogelijkheden ter verbetering van de doorstroming en de verkeersveiligheid tussen de rotondes Noordweg/Sportlaan en Nootdorpseweg/Goudenregensingel. Vraag 2 Progressief PN We lezen: "Daarnaast wordt niet verwacht dat binnen de periode van 10 jaar provinciale toestemming zal worden gegeven om in dit gebied permanente woningbouw te realiseren." en "de huidige opvatting van de provincie over dit gebied" Kan het college aangeven wat die opvatting is en hoe zij weet dat de provincie hiervoor geen toestemming zal geven? Antwoord De provincie houdt op dit moment vast aan de huidige bestemming vanwege de ligging in "duurzaam glastuinbouwgebied", ondanks het feit dat wij in de Omgevingsvisie dit gebied als transformatiegebied hebben aangemerkt. In de afgelopen tijd is hierover veelvuldig ambtelijk en bestuurlijk contact geweest, zonder bevredigend resultaat.
Vraag 3 Progressief PN Waarom koppelt de provincie Zuid-Holland op verschillende plekken de bouw van flexwoningen aan de opvang van asielzoekers? Antwoord Het is de wens van de gemeente om asielopvang en flexwoningen met elkaar te combineren. De provincie geeft toestemming voor de gecombineerde ontwikkeling. Vraag 4 Progressief PN Verder lezen we: "Onze inzet in het voorliggende uitvoeringsplan is gericht op een menswaardige opvang van asielzoekers." en "Ook is een bezuiniging van circa 70% op de totale begroting van het departement per 2027 aangekondigd. Hiermee ontstaat onzekerheid over de continuïteit van financiering van opvang." Welke zekerheden op deze twee punten kan het college inbouwen? Antwoord Met het COA zijn afspraken gemaakt over de financiering gedurende de gehele looptijd van 10 jaar. Deze worden vastgelegd in de nog te sluiten bestuursovereenkomst. Dat betekent concreet dat we niets willen inleveren van de -in het uitvoeringsplan opgenomen- ondersteuning voor menswaardige opvang. Vraag 5 Progressief PN Om te mogen werken hebben de mensen een BSN nodig. Wij horen dat dit een groot obstakel is op dit moment vanwege de lange wachttijden. Kan het college aangeven of zij hiermee bekend is? En wat zij kan doen om dit proces te versnellen? Antwoord Ja, we zijn hiermee bekend. Dit is het gevolg van een achterstand bij de Immigratie en Naturalisatie Dienst (IND).
Het kabinet heeft de gemeente Amsterdam en de gemeente Gilze en Rijen gevraagd te helpen bij het wegwerken van de landelijke achterstand. De bedoeling is in de periode van 1 november 2024 tot 1 juli 2025 ruim 16.000 asielzoekers en statushouders in te schrijven die langer dan zes maanden in Nederland verblijven.
pagina
7/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 6 Progressief PN Tijdens de diverse informatieavonden kwam ook de druk op de wijk Pijnacker -Noord veelvuldig aan de orde. Herkent het college deze zorgen? Antwoord Tijdens de informatiebijeenkomsten is de mogelijke impact van deze ontwikkeling onder onze aandacht gebracht. Samen met de klankbordgroep, maatschappelijke partners en wijkvereniging Pijnacker -Noord gaan we dit vraagstuk nader bespreken. In Pijnacker-Noord werken we onder andere samen met de woningbouwvereniging Rondom Wonen, scholen, de SWOP, jeugd- en jongerenwerk, de wijkagent, SBJ Samen Sterk en de wijkvereniging Pijnacker-Noord dagelijks aan het versterken van de leefbaarheid en de sociale cohesie van de wijk. Vraag 7 Progressief PN Het is de bedoeling dat asielzoekers zo kort mogelijk op noodopvangplekken blijven. Wat gebeurt er met de asielzoekers die nu in het Van der Valk hotel verblijven als de duurzame asielopvang in Pijnacker niet komt? Antwoord De doorstroom van asielzoekers vanuit noodopvangplekken is een verantwoordelijkheid van het COA. Hier heeft onze gemeente geen rol in. Daarom kunnen wij hier geen uitspraken over doen.
Vraag 1 Fractie Graafland Onder gevraagd besluit staat: om de werkzaamheden en activiteiten op het gebied van gezondheidszorg, veiligheid, onderwijs, integratie, participatie en werk in het eerste jaar na opening van de asielopvang goed te kunnen opzetten en inregelen stellen wij u voor, in 2026 een incidenteel budget van € 80.000 beschikbaar te stellen en deze ten laste te brengen van de reserve Vluchtelingen. Vraag: Waarom komen deze kosten ten laste van de gemeente, en niet voor COA? Antwoord Wanneer in een gemeente een opvanglocatie wordt gevestigd heeft deze gemeente recht op uitkeringen volgens het Faciliteitenbesluit opvangcentra. Deze uitkering stelt gemeenten in staat de opvanglocatie kostenneutraal te exploiteren. Dit is ook ons uitgangspunt. Het COA beschikt (naast de middelen voor de uitkeringen vanuit het Faciliteitenbesluit) niet over middelen om gemeenten extra te compenseren. Omdat wij het van belang vinden de opvang, begeleiding, integratie en veiligheid goed in te regelen, adviseren we uw gemeenteraad hiervoor incidenteel een bedrag van € 80.000 beschikbaar te stellen. Vraag 2 Fractie Graafland “Het tekort aan asielopvang in ons land en het tekort aan betaalbare woningen voor starters en spoedzoekers in onze gemeente”.
Worden alle 150 flexwoningen ter beschikking gesteld aan de starters en spoedzoekers van onze gemeente? Antwoord Het is de bedoeling dat starters en spoedzoekers uit onze gemeente straks voorrang krijgen. Vraag 3 Fractie Graafland Is er in het participatieonderzoek ook expliciet onderzocht of eigen bewoners bereid zijn om in dit project, waarin zowel een AZC als flexwoningen worden gerealiseerd, te wonen? Zo ja, welke inzichten heeft dat opgeleverd? Antwoord Dit is niet expliciet onderzocht. Diverse inwoners hebben via de mail en tijdens de informatiebijeenkomsten aangegeven belangstelling te hebben voor een flexwoning.
pagina
8/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 4 Fractie Graafland Hoe stevig wordt in de onderhandelingen met het COA de voorkeur uitgesproken voor opvang van gezinnen met kinderen? Wordt dit gepresenteerd als een harde eis, een sterke voorkeur, of een bespreekbaar punt?" En welke ruimte is er om dit standpunt daadwerkelijk te waarborgen in de uiteindelijke afspraken? Antwoord Het is wettelijk niet toegestaan om hierover met het COA afspraken te maken. Wij hebben onderbouwd waarom wij van mening zijn dat gezinnen met kinderen juist op deze plek zouden moeten worden gehuisvest. Daarom willen we de inrichting van de locatie zodanig vormgeven dat het huisvesten van gezinnen meer voor de hand ligt. Hierdoor kan het COA op de toewijzing van gezinnen met kinderen sturen, zonder een harde toezegging te doen. Vraag 5 Fractie Graafland Wat zijn de consequenties als uit het onderzoek blijkt dat er weinig tot geen mogelijkheden zijn om de verkeersveiligheid en doorstroming in het gebied te verbeteren? En als er wel mogelijkheden blijken te zijn, maar deze aanzienlijke financiële investeringen vereisen, hoe wordt dat afgewogen binnen de gemeentelijke prioriteiten? Antwoord Er zijn meerdere mogelijkheden denkbaar om de verkeersveiligheid en doorstroming te verbeteren. Maar op dit moment kunnen niet vooruitlopen op de uitkomsten van het onderzoek.
De gemeenteraad wordt betrokken bij de uitkomsten van het onderzoek en de benodigde financiële investeringen. Vraag 6 Fractie Graafland Verkeersveiligheid: in hoeverre staat de gemeenteraad bij het besluitvormingsproces rond eventuele financiële investeringen niet reeds voor een fait accompli? Is het de bedoeling dat de gemeenteraad in dat geval een 'blanco cheque' uitschrijft voor het doorvoeren van de verbeteringen, of worden er vooraf duidelijke financiële kaders en prioriteiten vastgesteld? Antwoord Op basis van de uitkomsten van het onderzoek zullen nadere keuzes en afwegingen moeten worden gemaakt. Vraag 7 Fractie Graafland P. 3 aanbiedingsnota: “Permanente woningbouw blijft uiteindelijk wel de doelstelling, zoals ook beschreven in de Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050”. Bedoelt het college hiermee, “permanente woningbouw t.b.v. AZC” of permanente woningbouw t.b.v. ingeze tenen? Antwoord Wij doelen hiermee op de ontwikkeling van een reguliere nieuwe woonwijk. Vraag 8 Fractie Graafland P. 6 aanbiedingsnota: “Ook is een bezuiniging van circa 70% op de totale begroting van het departement per 2027 aangekondigd. Hiermee ontstaat onzekerheid over de continuïteit van financiering van opvang”.
Wat zou de doorvoering van deze maatregel betekenen voor de begroting van Pijnacker Nootdorp? Antwoord Met het COA zijn afspraken gemaakt over de financiering gedurende de gehele looptijd van tien jaar. Deze worden vastgelegd in de nog te sluiten bestuursovereenkomst.
pagina
9/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 9 fractie Graafland P. 7 aanbiedingsnota: “voor zowel het COA als BPD moet een haalbare businesscase worden bereikt. Voor ons college is rand voorwaardelijk dat op de locatie zowel asielopvang als flexwoningen worden gerealiseerd. Het één kan niet worden losgezien van het ander”. Kan het college aangeven wat de volgordelijkheid is van de verschillende gevraagde onderzoeken? Antwoord Genoemde onderzoeken zullen parallel plaatsvinden. De uitkomsten van beide onderzoeken zijn nodig om een integrale afweging te kunnen maken en nadere overeenkomsten met beide partijen te kunnen sluiten. Mocht een van de twee businesscases niet positief uitkomen dan komen wij terug bij de gemeenteraad. Vraag 10 Fractie Graafland P. 7 aanbiedingsnota: “dat wanneer de locatie meer passend gemaakt kan worden voor gezinnen met kinderen hier vanuit het COA op kan worden gestuurd”. Wie draagt de kosten van het “meer passend maken” en wat zijn de meerkosten? Antwoord Het COA is verantwoordelijk voor de ontwikkeling, inrichting en aanleg van de opvanglocatie en draagt dus ook de kosten hiervan. Vraag 11 Fractie Graafland P. 8 aanbiedingsnota: “Voor de tijdelijke bestemmingswijziging van de locatie zal in 2025 een formele BOPA-procedure doorlopen worden. Tijdens die procedure bestaat de mogelijkheid van het indienen van bezwaar en beroep”.
In hoeverre kan dit proces nog de uitvoering stagneren dan wel tot stilstand brengen? Antwoord Dit kan zeker invloed hebben op de doorlooptijd van het proces, en dus ook op de uitvoering. Vraag 12 Fractie Graafland P. 11 aanbiedingsnota, ontsluitingsstructuur: ok het COA en BPD zullen hier een bijdrage aan leveren. Over deze kosten én eventuele verbetermaatregelen vanuit het aanvullende onderzoek naar de mogelijkheden … worden op een later moment aparte voorstellen gedaan. Kan op voorhand een indicatie gegeven worden in termen van percentages hoe de kostenverdeling zal zijn, ieder een derde of anderszins? Antwoord Dit kan niet op voorhand worden aangegeven. Nadat uw gemeenteraad heeft ingestemd met de realisatie van asielopvang en flexwoningen zullen nadere afspraken met BPD en COA moeten worden gemaakt en vastgelegd en de bestuursovereenkomst (COA) en de anterieure overeenkomst (BPD). Vraag 13 Fractie Graafland Welke afspraken zijn er gemaakt t.a.v. voortijdig sluiten van het AZC in geval van overlast/hinder/incidenten/? Antwoord In artikel 7 van de concept bestuursovereenkomst en artikel 6 van de concept nadere werkafspraken zijn hierover afspraken opgenomen (zie bijlagen behorend bij de stukken).
Nadat uw gemeenteraad heeft ingestemd met de realisatie van asielopvang en flexwoningen én voor zowel het COA als BPD een haalbare businesscase is bereikt, worden de bestuursovereenkomst en nadere werkafspraken ondertekend.
pagina
10/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Vraag 14 Fractie Graafland Wat is de status van de klankbordgroep, slechts een meedenktank of ook een adviesrol. En in het geval van het laatste, hebben zij bindend adviesrecht. Antwoord De raad heeft in haar opdracht aan het college voor het opstellen van een uitvoeringsplan meegegeven dat er participatie op het niveau “meedenken” plaats dient te vinden. Conform deze opdracht heeft de klankbordgroep tijdens de eerste bijeenkomst op 4 nove mber jongstleden, input kunnen meegeven op diverse onderwerpen, die zijn meegenomen in het uitvoeringsplan. Indien de gemeenteraad besluit in te stemmen met het uitvoeringsplan, zal de klankbordgroep geconsulteerd worden op verdere planvorming en daarover kunnen meedenken. Vraag 1 CDA Er is nog veel onduidelijk over de bezuinigingen bij het ministerie van Asiel en Migratie, maar wel dat het kabinet de intentie heeft uitgesproken om fors te bezuinigen op o.a. het COA. Zo straat op blz. 5: "Daarnaast moet het COA, omdat dit van hun kant gaat om een investering van miljoenen, een voorbehoud maken voor de goedkeuring van het ministerie van Asiel en Migratie." Bekend is dat de minister fors wil bezuinigen. a. Als het COA slechts goedkeuring krijgt voor een investering die lager is dan nu voorzien, wat betekent dat voor de overeenkomst? b. Wat betekent dat voor wat het COA kan leveren aan voorzieningen en dienstverlening? c.
Welke zekerheid hebben we dat het COA zal kunnen doen wat nu toegezegd/afgesproken wordt (met de intentieverklaring)? Antwoord a. Daarmee zal de businesscase van het COA onder druk staan en moeten nieuwe onderhandelingen gevoerd worden. Dit heeft mogelijk gevolgen voor het al dan niet aangaan van een bestuursovereenkomst. b. De bijdrage aan voorzieningen en dienstverlening is geregeld in het Faciliteitenbesluit opvangcentra. Dit staat los van de investering die nodig is voor de ontwikkeling van de opvanglocatie. c. Met het COA zijn afspraken gemaakt over de financiering gedurende de gehele looptijd van tien jaar. Deze worden vastgelegd in de nog te sluiten bestuursovereenkomst. De gesprekken die met het COA zijn gevoerd zijn gebaseerd op kwaliteit van de ontwikkeling en de te leveren dienstverlening. Het kabinetsbeleid van dit moment maakt dat we extra alert moeten zijn op garanties tot nakoming van de gemaakte afspraken. Vraag 2 CDA Er wordt gesteld dat de locatie na 10 jaar in de oude staat moet worden teruggebracht. Voor wie zijn de kosten daarvan? Antwoord De gemeente is geen eigenaar of gebruiker van de grond, dit is een verantwoordelijkheid van de grondeigenaar. Vraag 3 CDA Het college vraagt geld voor een onderzoek naar de verkeersontsluiting. Wanneer verwacht het college dat dit onderzoek is afgerond? Voor wie zijn de kosten als er n.a.v.
het onderzoek aanpassingen noodzakelijk blijken? Antwoord Zo snel mogelijk nadat de gemeenteraad heeft ingestemd met de realisatie van asielopvang en flexwoningen, laten we het onderzoek uitvoeren. Op dat moment kunnen we u informeren over de planning.
pagina
11/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Het onderzoek zal zich enerzijds richten op het ontwerpen van een goede ontsluiting van de locatie. Daarover zullen met COA en BPD nadere afspraken moeten worden gemaakt. Daarnaast gaan wij onderzoek doen naar mogelijkheden tot verbetering van de doorstroming en verkeersveiligheid . In de afgelopen periode hebben veel bewoners aangegeven zich daar in de huidige situatie al zorgen over te maken. Vraag 4 CDA Op blz. 13 valt te lezen: "De ervaring van het COA is dat 15% van de bewoners in een opvanglocatie minderjarig is. De inschatting is dat 45% hiervan de basisschoolleeftijd heeft. Dit gaat om 17 kinderen." Houdt de inschatting van 15% rekening met het gegeven dat op deze opvanglocatie relatief veel gezinnen met kinderen verwacht worden? Of kunnen we meer schoolgaande kinderen verwachten? Antwoord We zullen de inrichting van de locatie zodanig vormgeven dat het huisvesten van gezinnen meer voor de hand ligt. Wanneer dat lukt kunnen we meer schoolgaande kinderen verwachten. Vraag 5 CDA Op blz. 14 (paragraaf 6.3.4) wordt aangegeven dat de extra modules worden vastgelegd in aanvullende werkafspraken met het COA. Zijn deze afspraken bindend? Dit ook tegen de achtergrond van de bezuinigingen die het COA te wachten staan. Antwoord Deze afspraken zijn in principe bindend.
Mochten wijzigingen in wet- en regelgeving deze afspraken onder druk zetten, treden we in overleg over hoe deze gevolgen het beste kunnen worden opgevangen . Vraag 6 CDA T.a.v. de tabel op blz. 19 (paragraaf 6.6.3): klopt het dat voor de "Inzet afdeling sociaal domein" in de kolom "volgende jaren" € 170.000 moet staan i.p.v. € 165.000? Antwoord Dit klopt, dit hoort € 170.000 te zijn. De totaalbedragen in de tabel kloppen wel. Vraag 7 CDA Op 1 november heeft het college bij de ingekomen stukken de brief "Provinciaal verslag in het kader van de Spreidingswet" toegevoegd. Kan het college n.a.v. de taakstellingen van het Rijk en de provincie aangeven: het aantal asielzoekers, statushouders en Oekraïners dat de gemeente moet opvangen en, per locatie, in hoeverre de gemeente op dit moment aan die taakstellingen voldoet? Antwoord De taakstelling voor asielzoekers is 397. Momenteel vangen wij 128 asielzoekers op in het Van der Valk Hotel. Onze taakstelling huisvesting statushouders in 2024 is 129 (waarvan 13 uit 2023). Wij hebben dit jaar tot dusverre 69 statushouders gehuisvest. De inspanningsverplichting voor de opvang van Oekraïense ontheemden bestaat uit 190 opvangplekken, hiervan hebben wij er tot op heden 184 gerealiseerd. Vraag 8 CDA Vindt er op dit moment overleg plaats met de regio over de taakstelling i.r.t.
de landelijke ontwikkelingen? Hoe staan overige gemeenten tegenover landelijke ontwikkelingen en de realisatie van asielopvang(plekken) binnen hun gemeenten? Antwoord Binnen de Regionale Regietafel Haaglanden worden zowel de taakstelling als de landelijke ontwikkelingen besproken. De leden van de Regionale Regietafel Haaglanden hebben bij het aanbieden van het regionale opvangplan aan de Provincie Zuid-Holland benadrukt dat voor het realiseren van
pagina
12/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
opvangplekken en bijbehorende voorzieningen duidelijk beleid en wetgeving vanuit het Rijk cruciaal is. In de regio is opgemerkt dat de opvang van in Nederland zijnde asielzoekers noodzakelijk blijft. De aankondiging tot het intrekken van de Spreidingswet heeft het gemeentelijk draagvlak voor het creëren van locaties sterk beïnvloed. De gemeenten in de regio Haaglanden blijven zich inzetten voor uitvoering van de wet. Vraag 9 CDA Het college stelt in de aanbiedingsnota dat zij geen alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv -ers) wil opvangen. Uit de brief van de provincie (blz. 38) blijkt dat er voor de gemeente wel degelijk een opgave is 397 plekken en 34 amv-ers. Hoe gaat deze opgave in zijn totaliteit worden ingevuld? Antwoord Het college kiest ervoor geen AMV’ers op te vangen. De Spreidingswet biedt ruimte om met andere gemeenten uit de regio afspraken te maken over de opvang van AMV’ers. Vraag 10 CDA Er wordt in de hierboven gerefereerde brief ook gesteld dat de realisatie van 100 -150 flexwoningen op deze locatie alleen mogelijk is in combinatie met voldoende asielopvangplekken. Het college doet daarbij de suggestie om een deel van de flexwoningen in te zetten voor de doelgroep statushouders om zo te kunnen voldoen aan de taakstelling voor de huisvesting van statushouders.
De CDA-fractie vraagt zich daarbij af: om hoeveel statushouders gaat het hier? Antwoord In haar brief doet de provincie de suggestie om een deel van flexwoningen in te zetten voor de doelgroep statushouders om daarmee te kunnen voldoen aan de taakstelling huisvesting statushouders , maar dit is geen eis. Het is onze bedoeling dat starters en spoedzoekers uit onze gemeente straks voorrang krijgen bij de verdeling van de flexwoningen. De afspraken over de manier waarop en wanneer men zich kan inschrijven worden nog gemaakt. Vraag 11 CDA In hoeverre is het realistisch dat de 'richting het COA duidelijk uitgesproken voorkeur voor de opvang van gezinnen met kinderen en mensen die minimaal zes maanden in procedure zitten van hun aanvraag en mogen werken' wordt ingewilligd? Willen niet alle ge meenten vooral gezinnen met kinderen opvangen? Antwoord Het is wettelijk niet toegestaan om hierover met het COA harde afspraken te maken. Wij hebben onderbouwd waarom wij van mening zijn dat gezinnen met kinderen juist op deze plek zouden moeten worden gehuisvest. Daarom willen we de inrichting van de locatie zodanig vormgeven dat het huisvesten van gezinnen meer voor de hand ligt. Hierdoor kan het COA op de toewijzing van gezinnen met kinderen sturen, zonder een harde toezegging te doen. Vraag 12 CDA U schrijft dat 'het nog niet zeker' was 'hoeveel asielopvang we maatschappelijk aankunnen'.
Op basis waarvan heeft u vastgesteld dat dit wel het geval is? Antwoord In de eerste fase van de maatschappelijke verkenning is gesproken met onze veiligheidspartners, waaronder het COA, de politie, team handhaving en maatschappelijke organisaties, zoals de SWOP, Bibliotheek Oostland, gro-up buurtwerk/ jeugd- en jongerenwerk, onderwijspartners, de kerken en de afdeling sociaal domein. Door deze maatschappelijke organisaties is aangegeven dat voor het
pagina
13/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
organiseren van onder andere onderwijs, veiligheid, gezondheidszorg, integratie en participatie, de inzet van vrijwilligers en de beschikbaarheid van vrijwilligerswerk een opvanglocatie met een capaciteit van 250 opvangplekken uitvoerbaar is. Vraag 13 CDA Wat is de huidige bestemming van het perceel tussen de Noordweg/Nootdorpseweg en de Rijskade? a. De locatie ligt in één van de in de Omgevingsvisie aangegeven transformatiegebieden. Dat betekent dat in de toekomst woningbouw op deze locatie wordt voorzien. In hoeverre is dat in lijn met het kader dat de asielopvang niet op locaties komt waar, voor de duur van de asielopvang, woningbouw is gepland? b.
Voor de locatie Oude Polder geeft het college aan dat deze 'grond nodig is om [glastuinbouw]bedrijven een alternatief te kunnen bieden' en dat 'de Oude Polder cruciaal [is] om de strategische ruimtelijke doelen van de gemeente in de komende jaren te kun nen realiseren.' Het CDA vraagt zich af, mede doordat de herstructurering niet van de grond komt en vooralsnog incourant gebleken zijn (gelet op het feit dat de gronden in de Oude Polder eerder uit de verkoop zijn gehaald), in hoeverre het realistisch is dat er vanuit de glastuinbouwsector interesse voor de Oude Polder zal ontstaan in de komende 10 jaar? Antwoord Het perceel heeft deels de bestemming “agrarisch met waarden – landschaps en natuurwaarden” en deels “agrarisch – glastuinbouw”. Gezien de reactie van de provincie Zuid-Holland ligt het niet in de lijn der verwachting dat binnen tien jaar de locatie zal kunnen transformeren naar (permanente) woningbouw. Wij menen dan ook dat aan het kader van de gemeenteraad is voldaan. Wij zijn voorts van mening dat het van belang is de ruimte in de Oude Polder beschikbaar te houden voor eventuele uitplaatsingen uit transformatiegebieden, gezien de omvang van dit gebied en de daarop rustende glastuinbouwbestemming.
Vraag 1 D66 Gelet op de door inwoners geuite zorgen (druk op Zorg, Onderwijs, Verkeersproblemen en Veiligheidsproblemen) zou onze fractie graag antwoord hebben op de volgende vragen: a.
Is de door het COA gegarandeerde huisartsenzorg (met de praktijkondersteuner) in de regel voldoende geborgd? Hoe vaak per week is de Zorgpost open? En hieraan gekoppeld onze algemene vraag: is er een wachtlijst voor huisartsen in de gemeente?
b.
Onder punt 6.3.3. Onderwijs, van het Uitvoeringsplan asielopvang en flexwonen PN lezen we dat er met basisscholen nadere afspraken worden gemaakt over het verzorgen van onderwijs en (indien nodig) uitbreiding van de huidige taalklassen. Onze vraag luidt: Worden kinderen specifiek ondergebracht bij een of meerdere basisscholen in de nabijheid van het AZC of ziet het College ook mogelijkheden om de kinderen bij scholen iets verder weg onderwijs aan te bieden. Kan het College dit ook faciliteren en zo ja welke mogelijkheden zijn er? Krijgen de scholen extra middelen/ondersteuning voor het inschakelen van extra leerkrachten/ondersteuning? Graag uitgebreid antwoord, dit is een breed geuite zorg.
Antwoord a. Ja, dit is voldoende geborgd. Dit wordt bevestigd door het GZA, het COA en de gemeenten waar wij gedurende het onderzoek mee hebben gesproken (waaronder de gemeenten Lansingerland, Zoetermeer, Delft, Wassenaar en Utrecht). Ook blijkt dit uit onze eigen ervaringen met de asielopvang in het Van Der Valk hotel. Als antwoord op uw algemene vraag: Ja, er is een wachtlijst voor reguliere huisartsenzorg in onze gemeente. Dit speelt voornamelijk in de kern Pijnacker maar in de hele gemeente is er weinig tot geen ruimte bij huisartsen voor nieuwe patiënten. De gemeente is hierover in
pagina
14/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
gesprek met de preferente zorgverzekeraar in onze regio DSW en de huisartsen in Pijnacker Nootdorp. Samen zoeken we naar oplossingen die met name liggen op het gebied van het faciliteren van huisvestingsverzoeken van nieuwe huisartsen en het uitbreiden van bestaande praktijken. In de gesprekken met het COA is aangegeven dat in deze regio voldoende arbeidspotentieel beschikbaar is. b.
Gedurende het onderzoek is gesproken met alle schoolbesturen in onze gemeente. De schoolbesturen zijn bereid hun verantwoordelijkheid te nemen en staan unaniem positief in het bieden van onderwijs aan asielzoekerskinderen. Nadat de gemeenteraad heeft ingestemd met de realisatie van asielopvang en flexwoningen wordt met basisscholen verder gesproken over de invulling van het onderwijs, waarna concrete samenwerkingsafspraken kunnen worden gemaakt. Idealiter worden kinderen ondergebracht bij een of meerdere basisscholen in de nabijheid van de opvanglocatie. Wij sluiten echter op voorhand niet uit om onderwijs aan te bieden bij scholen die iets verder weg liggen van de asielopvanglocatie. Hierover gaan we met onze onderwijspartners in gesprek. Nieuwkomersonderwijs (taalklassen) is een relatief dure onderwijsvoorziening. Hiervoor ontvangen scholen Rijksfinanciering, maar dit is niet kostendekkend. Wij verstrekken (net als de meeste gemeenten in NL) een aanvullende bijdrage . In ons geval is dit ongeveer € 36.000 per taalklas. Dit bekostigen wij vanuit het budget voor onderwijsachterstandenbeleid (AOB). Ook voor de basisschoolleerlingen en peuters in de opvanglocatie ontvangt de gemeente AOB. Voor deze kinderen is de maximale vergoeding beschikbaar.
Vooralsnog wordt aangenomen dat dit budget toereikend is om de financiering voor extra taalklassen op basisscholen en voorschools aanbod voor peuters uit de asielopvang te kunnen bekostigen.
Vraag 2 D66 Over de verkeersproblematiek: a. De gemeente wil twee toegangswegen naar het terrein aanleggen, een voor autoverkeer en een voor voetgangers, fietsers en hulpdiensten. Allebei aan de kant van de Nootdorpseweg. Kan hier al meer duidelijkheid over worden gegeven? b.
Een veel geuite zorg was ook hoe de rotonde Sportlaan verkeersveilig kan worden ingericht en zodoende voor een betere verkeersafwikkeling kan zorgen. Kan de rotonde aangepast worden voor het grotere aanbod aan verkeer? Is de ruimte voor aanpassing van de rotonde er (wanneer deze moet voldoen aan de landelijke richtlijnen die gelden voor een dergelijke voorziening). Kan het College zo gedetailleerd mogelijk nu al aangeven hoe dit eruit komt te zien en hoe ervoor kan worden gezorgd dat de verkeersproblemen verminderen/ niet toenemen. En we begrijpen dat ook informatie uit het te verrichten aanvullende verkeersonderzoek hierbij een rol gaat spelen.
Antwoord a. Na besluitvorming zal onderzoek plaatsvinden naar de wijze waarop de ontsluiting zal worden vormgegeven. Wij wachten dat de uitkomsten van dit onderzoek af. b. Wij kunnen nog niet aangeven aan welke maatregelen wordt gedacht en hoe die eventueel ruimtelijk kunnen worden ingepast. Het onderzoek moet helpen een compleet beeld van verschillende opties te geven, waarna een afweging kan worden gemaakt. Vraag 3 D66 In het Veiligheidsplan op bladzijde 16 onder punt 4.7 lezen we dat voor de gemeentelijke handhaving voor het eerste jaar bij voorbaat 0,5 fte extra aan boa wordt ingezet. Is deze inschatting voldoende? Hoe zit dat bij andere gemeenten?
pagina
15/16
Memo beantwoording beeldvormende vragen
Antwoord In andere gemeenten waar wij mee hebben gesproken is geen extra boa-capaciteit ingezet voor toezicht in de omgeving van de opvanglocaties. Uit cijfers vanuit andere gemeenten in de regio waar asielopvang is gerealiseerd blijkt niet dat er een significant verschil is in het aantal incidenten voor- en na de realisatie van de asielopvang. Desondanks hebben we is ervoor gekozen extra toezicht vanuit handhaving in te zetten vanwege de verwachting dat hier vanuit inwoners behoefte aan is. Dit hebben onze inwoners en ondernemers tijdens de informatiebijeenkomsten ook bevestigd. Om te voorkomen dat het extra toezicht voor de omgeving van de asielopvang ten koste gaat van inzet op andere handhavingstaken en -prioriteiten is besloten om tijdelijk 0,5 fte extra aan boa- capaciteit in te zetten. Op die manier kan er voor twee dagen of vier dagdelen extra toezicht worden ingezet. Dit is naar verwachting ruim voldoende om ook in te kunnen blijven zetten op onze andere taken en prioriteiten. Na een jaar wordt geëvalueerd of de 0,5 fte aan extra boa-formatie verder nodig is.
pagina
16/16