Beantwoording beeldvormende vragen D66, VVD, CDA, EA over Integraal huisvestingsplan kindcentra 2023
Tekst van het document
Memo
zaaknummer
1403202
berichtnummer
1246603
aan
raad
van
college
afschrift datum onderwerp status
2 februari 2023 Beantwoording beeldvormende vragen over het Integraal huisvestingsplan kindcentra 2023 Informatief
Door de fracties van het CDA, D66, VVD en Eerlijk Alternatief zijn beeldvormende vragen gesteld over agendapunt 4b (Integraal huisvestingsplan kindcentra 2023) van de beeldvormende vergadering van 2 februari 2023. Hieronder treft u de beantwoording aan.
pagina
1/7
Memo
Beeldvormende vragen D66 1.
Verwacht het College o.g.v. de Wet Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen (MRvNS) nieuwe aanvragen voor de nabije toekomst? Het is lastig te voorspellen, maar er zijn op dit moment geen signalen bij ons bekend die wijzen op nieuwe aanvragen.
2.
Toekomstvisie op samenwerking tussen onderwijs en opvang is de ambitie om iedere school te ontwikkelen tot een IKC (Document: Visie op samenwerking tussen onderwijs en opvang PN). Een IKC gaat in ieder geval uit van één gebouw en samenwerking. Bovenaan pagina 14 staat dat de voorkeur heeft dat huisvesting in één gebouw plaatsvindt, maar niet noodzakelijk is. Kan het college toelichten waarom zij huisvesting onder één dak niet noodzakelijk acht? Het helpt voor de samenwerking als partijen onder één dak zitten, maar we zien het niet als noodzakelijk voor het tot stand komen van samenwerking. We zien een IKC als een wijkvoorziening, waarbij alle voorzieningen rondom het kind in dezelfde wijk georganiseerd zijn. De i van integraliteit duidt dan op de samenhang tussen alle voorzieningen, de inhoudelijke samenwerking onderling, die ook op afstand gerealiseerd kan worden. Idealiter vindt huisvesting in één gebouw plaats, omdat de doorgaande leerlijn dan ook makkelijker gerealiseerd kan worden, maar een vereiste om te kunnen spreken van een IKC of voor de totstandkoming van de samenwerking is het wat ons betreft niet. Zo zijn er bijvoorbeeld ook voorbeelden van varianten waarbij meerdere gebouwen rond een schoolplein of een meer campusachtige omgeving gelegen zijn.
Denk bijvoorbeeld aan de Multifunctionele Accommodatie Het Nest in Keijzershof, Emerald in Delfgauw en de Poort in Nootdorp. Dit zijn allen voorbeelden van locaties waar naast onderwijs, ook kinderopvang en sportvoorzieningen nabij aanwezig zijn.
3.
In het plan is op pagina 19 te lezen dat enkele scholen in Pijnacker Zuid knelpunten bij de verdeling en toewijzing van de sportaccommodaties ervaren en dat de gemeente daarover in overleg was met de scholen. Wat heeft het overleg opgeleverd; zijn de knelpunten inmiddels opgelost? De knelpunten concentreren zich voornamelijk rondom de toewijzing en de verdeling van de sportvoorziening aan de Gantellaan voor de gymlessen van de Mariaschool, de Bonte Tol en de Ackerweide. Wij hebben de directies van deze scholen een voorstel gedaan voor een verdeling op basis van het aantal klokuren gym waar de school recht op heeft volgens de meest recente prognoses (april 2022). Wij zijn met deze scholen in overleg over dit voorstel.
4.
Pagina 73. Uitvoering van het IKC beleid loopt gestaag en er is behoefte aan het verder vormgeven van de inhoudelijke samenwerking. In 2022 is een tussenbalans opgemaakt om te kijken wat er tot nu toe is bereikt en wat er nog verder nodig is. In 2024 volgt er een eindevaluatie van het IKC beleid. Wat zijn de belangrijkste conclusies uit de tussenbalans? De belangrijkste conclusies uit het rapport zijn dat de gemeente, conform afspraak, heeft voorzien in de huisvestingscomponent om een IKC mogelijk te maken. Naast huisvesting is ook inhoudelijke samenwerking tussen onderwijs, kinderopvang en andere kindpartners een belangrijke component van een IKC. Hier zijn nog stappen in te zetten.
pagina
2/7
Memo
Beeldvormende vragen VVD Tijdens het OOGO en per e-mail hebben schoolbesturen en kinderopvangorganisaties aandachtpunten meegegeven. Deze input is “zover van toepassing” verwerkt in het stuk. 1.
Welke input heeft u als ”als niet van toepassing” beoordeeld en dus niet overgenomen? Dat betreffen vragen of opmerkingen over zaken waar wij nog met de organisaties over in gesprek zijn of die nog niet rijp genoeg zijn voor het huidige IHPK. Denk dan bijvoorbeeld aan ambities van de gemeente met betrekking tot het gasloos krijgen van schoolgebouwen voor 2050. In het IHPK is hierover aangegeven dat het beleid hierop nog in ontwikkeling is.
2.
Is de e-mail met de terugkoppeling aan schoolbesturen en kinderopvangorganisaties al verzonden en zouden wij daar een afschrift van mogen ontvangen? Met één organisatie is naar aanleiding van de feedback telefonisch contact geweest. De terugkoppeling aan iedereen over de laatste feedback is nog niet verzonden.
3.
In het IHKP staat dat er op de Jozefschool in Nootdorp dertien lokalen leeg staan en dat dit aantal nog zal toenemen. Is het mogelijk deze lokalen aan de onderwijsbestemming te onttrekken en te bestemmen en in te richten als flexwoningen? Met het schoolbestuur hebben wij geconcludeerd dat een aantal lokalen niet meer nodig is voor primair onderwijs en in de toekomst mogelijk ook niet meer hiervoor nodig is. Een deel van de ruimtes wordt inmiddels gebruikt voor kinderopvang en BSO. Over de mogelijke onttrekking van een aantal lokalen aan het onderwijs en daarmee herbestemming voor een andere functie zijn wij met het schoolbestuur in gesprek.
pagina
3/7
Memo
Beeldvormende vragen CDA 1.
Kunt u aangeven of de totale kosten van 50.000.000 euro volledig worden gedekt door de rijksoverheid (algemene uitkering), graag gesplitst in het deel schoolgebouwen en kinderopvang? Gemeenten worden vanuit het gemeentefonds vergoed voor gemeentelijke taken zoals, in dit geval, onderwijshuisvesting. Die vergoeding is gebaseerd op de samenstelling van de gemeente en wordt bepaald o.a. op basis van objectieve maatstaven zoals aantallen inwoners, sociale samenstelling (uitkeringsontvangers, type huishoudens e.d.) en leeftijdscategorieën van de inwoners. Dekking voor verplichte gemeentelijke taken zoals in dit geval onderwijshuisvesting, loopt over het geheel van maatstafgegevens en is niet te herleiden naar één afzonderlijke maatstaf. In de investeringsplanning wordt aangegeven welk deel van de investeringen voor schoolgebouwen is en welk deel voor de kinderopvang. Dit jaarlijks wordt geactualiseerd in de P&C-cyclus, in programma 5. Welk deel betaalt of schiet de gemeente voor? Is de gevraagde huur voor de kinderopvang kostendekkend t.o.v. de voorfinanciering van de gemeente? De investeringen voor de kinderopvang worden door de gemeente voorgefinancierd. De huurtarieven voor kinderopvangorganisaties zijn gebaseerd op de Tarievennota welzijnsaccommodaties 2015 en worden jaarlijks geïndexeerd.
In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat de tarieven kostendekkend en marktconform zijn.
2.
In de begroting van het integraal huisvestingsplan van 2016, 2021 zien we dat er veel minder is begroot dan nu voorligt. Kunt u de bedragen inzichtelijk maken? Het college stelt dat de raad besloten heeft bij de kadernota voor verhogen bedragen. Kunt u inzichtelijk maken waar dit staat en hoe de bevoegdheden liggen bij overschrijding van budgetten of wat betreft nieuwe indexering? In de periode tussen het Strategisch Huisvestingsplan Primair Onderwijs 2016 en het IHPK 2023 heeft een groot aantal ontwikkelingen plaatsgevonden op het gebied van onderwijshuisvesting dat van invloed is geweest op de investeringen en de daarbij behorende budgetten. Conform de verordening worden de investeringsbedragen jaarlijks geïndexeerd op basis van de berekeningen van de VNG. De financiële gevolgen worden jaarlijks in de kadernota verwerkt die ter besluitvorming aan uw raad wordt voorgelegd. Daarbij constateren wij de laatste jaren een toenemende groei van het aantal leerlingen. Met name in de kern Pijnacker. - Gingen we in 2016 nog uit van de realisatie van MFA Noord (bestaande uit vier groepen Schatkaart en acht groepen Josephschool) in het bestaande gebouw van de Josephschool met een uitbreidingsbehoefte van twee lokalen.
In 2020 is besloten, in verband met onvoorziene groei, voor volledige nieuwbouw van de Schatkaart, bestaande uit acht lokalen onderwijs (als onderdeel van het onderwijscluster aan de Groen van Prinstererlaan). Aan de Groen van Prinstererlaan wordt tevens geïnvesteerd in een (niet in het Strategisch Huisvestingsplan Primair Onderwijs 2016 opgenomen) voorziening voor het bewegingsonderwijs. - Voor de Beatrixschool was in 2016 uitbreiding voorzien met één lokaal. In het IHPK 2023 gaan we uit van gefaseerde uitbreiding met drie lokalen en vervanging van vier tijdelijke lokalen (feitelijk gaat het om nieuwbouw van zeven permanente lokalen). - Eerder dit jaar is nieuwbouw van de Vlinderboom in gebruik genomen. Een school bestaande uit zeventien lokalen onderwijs en twee lokalen kinderopvang. Terwijl in 2016
pagina
4/7
Memo
-
-
het uitgangspunt was dat er voldoende capaciteit was in Het Nest in Keijzershof en dat de geringe groei in de piekfase binnen de bestaande gebouwen opgevangen kon worden. In 2016 gingen we uit van keuze nieuwbouw Casa óf renovatie van scholencomplex Koningshof ten behoeve van Casa. In 2020 besloot de raad tot nieuwbouw voor Casa en gaan we in het IHPK 2023 uit van renovatie van het scholencomplex Koningshof voor SBO Prinsenhof. In het Strategisch Huisvestingsplan Primair Onderwijs 2016 is nog geen rekening gehouden met uitbreiding van het Stanislas College. Voor de Regenboog was nieuwbouw gepland bestaande uit tien lokalen onderwijs. Als gevolg van groei houden we nu rekening met twaalf lokalen. Tevens is na 2016 besloten om school voor speciaal onderwijs ’t Kraaienest uit te breiden met een afdeling voor voorgezet speciaal onderwijs.
Voor de bedragen verwijzen wij naar het globaal kostenoverzicht uit het Strategisch Huisvestingsplan Primair Onderwijs, vastgesteld door de raad op 28 april 2016 en het financieel overzicht uit het voorliggende IHPK 2023. Schoolbesturen dienen aanvragen in voor uitbreiding onderwijshuisvesting voor opname in het Programma onderwijshuisvesting. Het programma onderwijshuisvesting wordt jaarlijks opgesteld en inclusief een bekostigingsplafond door het college vastgesteld, conform artikel 11 van de Verordening voorzieningen huisvesting PN 2015. Financiële consequenties worden aan de raad ter besluitvorming voorgelegd bij de Kadernota. De raad wordt over relevante ontwikkelingen op het gebied van onderwijshuisvesting- en IKC-projecten geïnformeerd via de P&C producten, in programma 5. Ten aanzien van het overschrijden van budgetten merken wij het volgende op. Het uitgangspunt bij alle IKC-ontwikkelingen is kostenbewust bouwen. Daarom sturen wij nadrukkelijk op kostenefficiënt ontwerpen met als resultaat een compact, functioneel en doelmatig gebouw, zonder de kwaliteitseisen van het gebouw geweld aan te doen. Na elke ontwerpfase laten wij een kostenraming opstellen om te beoordelen of het beschikbaar gestelde budget toereikend is en áls er sprake is van een afwijking, of het verantwoord is om de volgende fase (ontwerp, aanbesteding of gunning) in te gaan.
Bij relevante afwijkingen neemt ons college een apart besluit en wordt uw raad hierover geïnformeerd. 3.
In het raadsvoorstel staat op pagina 4: “Deze input is, voor zover van toepassing, verwerkt in de definitieve versie van het IHPK. De schoolbesturen en kinderopvangorganisaties ontvangen per mail, tezamen met het OOGO verslag, een terugkoppeling waarin wordt aangegeven wat er met hun input is gedaan’’. Kan het college aangeven wanneer deze mail is gestuurd naar de schoolbesturen en (commerciële)kinderopvangorganisaties? Hoe is de participatie vormgegeven? Zie ook antwoord op vraag 2 van de VVD. De mail met het OOGO verslag is verzonden op 22-122022. De participatie is als volgt vormgegeven: alle schoolbesturen en kinderopvangorganisaties zijn in maart 2022 uitgenodigd voor een plenaire sessie als aftrap van het IHPK. Van deze plenaire sessie is een verslag gemaakt dat is gedeeld met de bestuurders op 8 september 2022, te samen met de agenda en stukken voor het OOGO. Na de plenaire sessie in maart hebben in het voorjaar en in de zomer van 2022 bilaterale gesprekken plaatsgevonden met alle schoolbesturen en bestuurders van de kinderopvangorganisaties. Van deze gesprekken zijn ook verslagen gemaakt die na afloop gedeeld zijn met de gesprekspartners met het verzoek deze aan te vullen indien nodig. Alle input is verwerkt in het concept IHPK. Tijdens het OOGO op 20 oktober 2022 stond het concept IHPK op de agenda ter bespreking.
In de vergadering is aangegeven dat schriftelijke input per mail ook nog welkom was. Naar aanleiding hiervan hebben wij nog enkele input schriftelijk ontvangen. Met één organisatie is naar aanleiding van
pagina
5/7
Memo
de feedback telefonisch contact geweest. De terugkoppeling aan iedereen over de laatste feedback is nog niet verzonden. 4.
Het kan voorkomen dat de ene school groeit en de andere krimpt. In hoeverre verloopt dan de samenwerking en is het dan mogelijk dat de school die groeit lokalen kan overnemen van de andere school? Volgens de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs PN 2015 is het mogelijk, om door te verwijzen naar leegstand in een ander schoolgebouw. Dit gebeurt altijd in overleg met de betrokken schoolbesturen.
5.
Op pagina 2 van het raadsvoorstel wordt gesproken over een brief aan de Tweede Kamer? Om welke brief gaat het hier, waarin staat dat de IHPK een wettelijke verplichting wordt? Dat gaat om de kamerbrief van toenmalig minister Slob van 9 juli 2020. Zie: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/07/09/beleidsreactieonderzoeksrapport-onderwijshuisvesting-en-het-verhuistraject-voor-de-europese-schoolbergen blz. 4 bovenaan.
6.
In de bijlage wordt in hoofdstuk 2 gesproken over een visie op pagina 13. We lezen vaak we/wij, kunt u aangeven wie u bedoeld met we/wij? Kunt u ook aangeven wie deze voorliggende visie heeft vastgesteld en of deze visie is bijgesteld/vernieuwd? Met we/wij wordt bedoeld de gemeente in de vorm van het college, in samenwerking met de schoolbesturen en de kinderopvangorganisaties.
7.
In de bijlage op pagina 13 stelt het college; “Waarbij een medewerker inzetbaar is voor het onderwijs als voor de kinderopvang maar in dienst van 1 organisatie”. Kan het college uitleggen hoe zij dit voor zich ziet? Een combinatiebaan houdt in dat iemand zowel voor het onderwijs als voor de kinderopvang werkt. De huidige wet- en regelgeving laat nog niet toe dat dit onder één CAO kan. Via detachering zou een dergelijke constructie tot stand kunnen komen.
8.
Klopt het dat iedere school maar met één kinderopvang organisatie een contract aangaat met één school? En hoe zit het dan met de overige commerciële kinderopvangorganisaties en de samenwerking (overdracht) met basisscholen? Schoolbesturen bepalen zelf met wie zij samenwerken en of zij contracten aangaan met één of meer kinderopvangorganisaties. Als gemeente hebben wij hierin geen rol. Dit is t.t.t. in een convenant met de besturen en KO organisaties afgesproken.
pagina
6/7
Memo
Beeldvormende vragen Eerlijk Alternatief 1.
In 2021 zijn er voor de gemeente Pijnacker-Nootdorp drie initiatieven ingediend voor een nieuwe school. Welke initiatieven waren dit (we hebben het niet terug kunnen vinden)? En is de verwachting dat een van deze drie alsnog later met n initiatief komt? Dit ging om Casa College, IKC Cadans Keijzershof en IKC Cadans Ackerswoude. De initiatieven zijn niet meer te vinden via de initiatievenlijst van DUO, omdat de initiatiefnemers gedurende het proces hun initiatief hebben teruggetrokken. Momenteel zijn er geen signalen dat deze partijen opnieuw een initiatief zullen indienen.
2.
Er zijn nogal verschillen in oppervlakte van schoollokalen: - Vlinderboom 118m2 - CASA 125m2 - Schatkaart, zelfde gebouw als CASA 138m2 - Maria school 145m2 Waarom zijn deze verschillen? Scholen krijgen ruimte toegekend op basis van het aantal leerlingen. Naast een vaste voet van 200 m2 (bij nieuwbouw van een school) heeft een school recht op 5,03 m2 per leerling. Omdat het aantal vierkante meters niet zoveel zegt, wordt vaak gesproken van een school bestaande uit een x aantal lokalen. Naast leslokalen bestaat een schoolgebouw uit verschillende nevenruimtes, zoals aula, speellokaal, teamkamer, directiekamer, gangen, etc. Elk schoolbestuur maakt op basis van het toegekende aantal vierkante meters eigen keuzes voor wat betreft de indeling van het schoolgebouw.
3.
KC Regenboogschool realisatie wordt vermoedelijk vertraagd? Waardoor? Hoelang duurt naar verwachting de vertraging? Kan het college invloed uitoefenen op deze vertraging? De vertraging wordt veroorzaakt, omdat omwonenden beroep hebben ingesteld bij de Raad van State in verband met het door de raad vastgestelde bestemmingsplan. In onze planning is rekening gehouden met de behandeling van de beroepszaken. Desondanks gaan we uit van een vertraging van ongeveer twee maanden. Ons college heeft geen invloed op de behandeling van de beroepszaken.
4.
Als er structureel of tijdelijk lokalen leeg staan, kunnen deze dan gebruikt worden voor andere functies? Op gebied van zorg (b.v. huisartsenpost), welzijn (b.v. ontmoetingsruimte voor ouderen) of kunst en cultuur (b.v. oefenruimtes of atelier)? Wanneer er sprake is van (structurele) leegstand van lokalen gaan wij altijd in gesprek met schoolbestuur en -directie. Zo zijn wij momenteel in gesprek met het schoolbestuur van de Jozefschool over een mogelijke herbestemming van de leegstaande lokalen.
pagina
7/7