Ai) Planning omgevingsprogramma's
Tekst van het document
Informatienota raad
beeldvorming op oordeelvorming op besluitvorming op
invullen organisatie
zaaknummer
1401946
berichtnummer
1269012
onderwerp reden portefeuillehouder behandeld in college
Planning Omgevingsprogramma's Actieve informatieplicht Bart van Straten 30 juni 2023
afdeling
Beleid
bijlagen
geen
pagina
1/4
Informatienota raad
Geachte leden van de raad, Hierbij informeren wij u over de aanpak en de planning van de omgevingsprogramma’s in PijnackerNootdorp. Dit is onderdeel van de implementatie van de Omgevingswet. Op 1 januari 2024 treedt deze wet in werking. Het (omgevings)programma is hierin één van de kerninstrumenten waarmee de gemeente moet gaan werken. De opdracht voor de planning is opgenomen in de Uitvoeringsagenda 2022-2026. Op 7 juni is er een raadsessie gepland voor een verdere toelichting op de aanpak van de omgevingsprogramma’s, en de samenhang met de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Wat is de context van het omgevingsprogramma? De basis van de Omgevingswet is een samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving. De wet introduceert een nieuw instrumentarium, gekoppeld aan de beleidscylus (zie afbeelding hiernaast). Het omgevingsprogramma (of programma) is een instrument waarmee overheden beleid en maatregelen kunnen opstellen om de gewenste kwaliteit van de fysieke leefomgeving te bereiken. Het omgevingsprogramma werkt de ambities van de omgevingsvisie uit, en werkt door in het omgevingsplan. Het omgevingsprogramma kan ook gebiedsgericht ingezet worden, en ook voor het bereiken van bepaalde omgevingswaarden.
Het omgevingsprogramma in Pijnacker-Nootdorp De inhoudelijke basis voor het opstellen van omgevingsprogramma’s ligt in de Omgevingsvisie ‘Pijnacker-Nootdorp 2050: verbonden met elkaar’ (vastgesteld in 2021). In de Omgevingsvisie PijnackerNootdorp 2050 is de ambitie opgenomen om het bestaande beleidskader voor de fysieke leefomgeving om te zetten in een samenhangende structuur van omgevingsprogramma’s. Dat betekent dat uiteindelijk alle bestaande beleidsnota’s die gaan over de fysieke leefomgeving zijn opgenomen in een omgevingsprogramma. In de bestaande situatie zijn er meer dan 110 relevante gemeentelijke beleidsproducten voor de fysieke leefomgeving. Er is na implementatie geen ander formeel beleid voor de fysieke leefomgeving meer dan de omgevingsvisie samen met de diverse omgevingsprogramma’s. Overigens komt ook een deel van dit bestaande kader terecht in het omgevingsplan. Op dit moment doen we met het instrument ervaring op via de pilot Omgevingsprogramma Groen in en om de Kernen, en via de pilot Gebiedsgerichte Omgevingsprogramma De Boezem. Hoe is de planning van de omgevingsprogramma’s opgesteld? In de planning (dd. 12-5-2023) zijn in totaal 14 omgevingsprogramma’s opgenomen.
Hierbij zijn de volgende variabelen gebruikt: Prioritering zoals opgenomen in de Uitvoeringsagenda 2022-2026; Inhoudelijke noodzaak; Noodzaak actualisatie bestaande beleidsnota’s; Aantal omgevingsprogramma’s per jaar; Benodigde mensen/vakgebieden spreiden over de jaren; Doorwerking naar de omgevingsplannen.
pagina
2/4
Informatienota raad
Planning omgevingsprogramma’s, versie 06-06-2023
De k staat voor vaststelling van de kaderstellende notitie door de raad in dat kwartaal. De planning voor 2023 is verwerkt in de P&C-cyclus. Wanneer de planning of de structuur in de toekomst gewijzigd moet worden, verloopt dit ook via de P&C-cyclus. Relatie met het Omgevingsplan De uitwerking van de omgevingsvisie in omgevingsprogramma’s is nodig om een goede vertaling te maken naar de regels in het omgevingsplan. De planningen van de op te stellen omgevingsprogramma’s zijn daarom ook van belang voor de planning en aanpak van het opstellen van het omgevingsplan. De planningen van de omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan zijn op elkaar afgestemd. Bij wijzigingen wordt dit ook structureel afgestemd. Hoe gaan we om met de implementatie van de omgevingsprogramma’s? De structuur en planning van de omgevingsprogramma’s is geen statisch gegeven. Zoals de Uitvoeringsagenda 2022-2026 ook aangeeft, is het een leer- en ontwikkelingsproces: het werkend stelsel Omgevingswet, en de werking van het instrument omgevingsprogramma daarin is nieuw, en vraagt aanpassing van de werkwijze van de organisatie. Het betekent dat de uitkomst tussentijds kan veranderen, door voortschrijdend inzicht. Dit vraagt sturing en regie vanuit het management. Het moet mogelijk zijn hierin flexibel te zijn, en de aanpak bij te sturen. We moeten borgen dat we flexibel en uitvoeringsgericht kunnen handelen.
Omgevingsprogramma’s hebben waarschijnlijk een lange doorlooptijd vanwege de gewenste participatieprocessen en de wens om meer integraal te handelen. Rol en betrokkenheid raad bij het omgevingsprogramma De raad is nauw betrokken bij de totstandkoming van ieder omgevingsprogramma, dat formeel wordt vastgesteld door ons college. De raad stelt vooraf een kaderstellende notitie vast. Inwoners, ondernemers, belangengroepen, uitvoerders en overheidspartijen worden bij het proces betrokken via meerdere participatierondes en een formeel inspraaktraject. Raadssessies Omgevingswet Bij het leer- en ontwikkelingsproces van omgevingsprogramma en omgevingsplan wordt u betrokken via het overkoepelende implementatieprogramma van de Omgevingswet. Dit jaar zijn enkele raadssessies gepland over de Omgevingswet. De sessie van 7 juni gaat over de samenhang tussen de
pagina
3/4
Informatienota raad
kerninstrumenten omgevingsvisie, omgevingsprogramma en omgevingsplan. De eerste evaluatie van het instrument omgevingsprogramma verwachten wij in 2024, nadat de eerste pilots zijn afgerond. Wij gaan ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Het college van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp secretaris
pagina
4/4
Björn Lugthart burgemeester