Aanbiedingsnota raad Verordening maatschappelijke ondersteuning 2024
Tekst van het document
Aanbiedingsnota raad
beeldvorming op oordeelvorming op besluitvorming op
invullen organisatie zaaknummer
1418255
berichtnummer
1266160
voorstel over
portefeuillehouder
behandeld in college
Verordening maatschappelijke ondersteuning 2024 Hanneke van de Gevel 10 oktober 2023
afdeling
Beleid
besluit
Ja
bijlagen
1. Besluit raad Verordening maatschappelijke ondersteuning 2024 2. Advies ASD Verordening maatschappelijke ondersteuning 2024 3. Reactie college op advies ASD Verordening maatschappelijke ondersteuning 2024 4. Belangrijkste inhoudelijke wijzigingen Verordening maatschappelijke ondersteuning 2024
pagina
1/7
Aanbiedingsnota raad
Gevraagde beslissing Wij stellen u voor: 1. de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Pijnacker-Nootdorp 2024 vast te stellen; 2. de meerkosten voor de verhoging van de pgb-tarieven voor niet-professionele ondersteuning à € 31.000 per jaar vanaf 2024 meerjarig ten laste te brengen van het begrotingssaldo en dit te verwerken in de Kadernota 2024. Inleiding Sinds de decentralisatie van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in 2015 heeft PijnackerNootdorp hard gewerkt aan het versterken van ondersteuning aan kwetsbare inwoners. Er gaat veel goed. Uit het cliëntervaringsonderzoek Wmo 2022 blijkt dat Wmo-cliënten tevreden zijn over het contact met de gemeente en de kwaliteit van de ondersteuning. Het aantal bezwaar- en beroepszaken is minimaal. In de periode 2020-2023 hebben we meer controle gekregen over de kosten voor de Wmo dankzij het interventieplan ‘Grip op het sociaal domein, zonder dat dit ten koste is gegaan van de kwaliteit. Toch vormen verschillende landelijke en lokale ontwikkelingen aanleiding om de Wmo nog verder te verbeteren en toekomstbestendiger te maken. Uitdagingen op het gebied van de Wmo Het eerste stof van de decentralisatie van 2015 is inmiddels neergedaald. Vanuit het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) is de ambitie uitgesproken om de uitvoering van de Wmo samen met gemeenten te vernieuwen en te verbeteren.
Aandachtspunten vanuit het ministerie zijn daarbij toezicht, de houdbaarheid van de Wmo, de eigen bijdrage, een brede sociale basis, het verbeteren van de gemeentelijke uitvoeringspraktijk, het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO).1 Uit onderzoeken van onder andere het Centraal Planbureau (CPB), het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) blijkt dat het aantal ouderen de komende jaren blijft groeien, terwijl het aantal mantelzorgers en zorgprofessionals tegelijkertijd afneemt.2 De combinatie van vergrijzing en ontgroening (minder potentiële mantelzorgers) zorgt ervoor dat het Wmo-gebruik in PijnackerNootdorp naar verwachting sterker zal stijgen dan het landelijk gemiddelde.3 Naast de groeiende vraag naar maatschappelijke ondersteuning zijn er meer factoren die bijdragen aan een zorgwekkende stijging van de kosten voor de Wmo die we op ons af zien komen. Recente uitspraken van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) hebben ertoe geleid dat wij voorstellen de pgb-tarieven voor niet-professionele ondersteuning te verhogen.4 Stijgende lonen in de thuiszorgsector vormen daarnaast aanleiding voor aanbieders om hogere tarieven te vragen.
Vooralsnog is het onduidelijk in hoeverre het rijk gemeenten extra middelen zal verstrekken om hogere tarieven te kunnen bekostigen. Om deze ontwikkelingen krachtig tegemoet te kunnen treden, willen we onze positie in de regio versterken. De samenwerking binnen de H5 biedt kansen als het gaat om grote, overkoepelende thema’s zoals dementie en ouderenzorg, congruente zorgregio, beschermd wonen, beschermd thuis en maatschappelijke opvang.5 Deze samenwerking heeft onder andere al geleid tot het sluiten van het Regionaal Integraal Gezondheidsakkoord (RIGA) met zorgkantoor DSW.
1 Ministerie van VWS (2023), Voortgangsbrief Wmo 2015. 2 CPB/PBL (2015), Toekomstverkenning Welvaart en Leefomgeving; RIVM (2018), Volksgezondheid Toekomst
Verkenning; WRR (2021), Kiezen voor houdbare zorg. 3 Springco Urban Analytics/Careinvest (2021), Senioren wonen en zorg Pijnacker-Nootdorp; VNG (2023), Wmo voorspelmodel. 4 Zie ECLI:NL:CRVB:2023:1394 en ECLI:NL:CRVB:2023:1580. Niet-professionele ondersteuning wordt ook wel informele ondersteuning of ondersteuning door het sociaal netwerk genoemd. 5 De H5 regio bestaat uit Delft, Westland, Rijswijk, Midden-Delfland en Pijnacker-Nootdorp.
pagina
2/7
Aanbiedingsnota raad
Verschillende stappen Pijnacker-Nootdorp heeft de afgelopen jaren verschillende stappen gezet om bovenstaande uitdagingen het hoofd te bieden en zal naar verwachting ook in de toekomst nog verschillende stappen moeten zetten. Het vaststellen van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente PijnackerNootdorp 2024 is een van die stappen. Vanwege de val van het kabinet zijn toekomstige ontwikkelingen minder zeker dan een half jaar geleden. Toch is het nuttig deze verordening in een bredere context te bekijken. Daarom deze (voorlopige) tijdlijn:
December 2021: uw raad heeft de Inkoopvisie H5 unaniem vastgesteld. Hiermee is de weg geëffend voor aansluiting bij de H5 regio. Januari 2023: uw raad heeft de verordening Wmo geactualiseerd. Hiermee was de verordening weer bij de tijd en voldeed deze aan de wettelijke vereisten. November 2023: wij stellen uw raad voor de nieuwe Verordening maatschappelijke ondersteuning 2024 vast te stellen, om zo de verordening in lijn te brengen met de inkoopdocumenten van de H5 en recente rechtspraak en ervoor te zorgen dat inwoners gebruik kunnen maken van begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf onder het H5 contract. 2024/2025: we verwachten de doordecentralisatie van Beschermd wonen en de transitie van Beschermd wonen naar Beschermd thuis. 2026: we verwachten de terugkeer van het inkomensafhankelijke abonnementstarief.
Wijzigingen In deze nieuwe verordening willen we behouden wat werkt uit de oude verordening. De verordening is dus niet volledig nieuw. Desondanks zijn de wijzigingen dusdanig inhoudelijk en omvangrijk dat het hier niet gaat om een wijziging van de verordening, maar om het vaststellen van een nieuwe verordening. Daardoor is het opstellen van een was-wordt-lijst niet mogelijk. De belangrijkste inhoudelijke wijzigingen worden gemotiveerd in bijlage 4. De verordening is als volgt opgebouwd:
pagina
Hoofdstuk 1
Begripsbepalingen
Hoofdstuk 2
Toegang
Hoofdstuk 3
Maatwerkvoorzieningen
Hoofdstuk 4
Persoonsgebonden budget
Hoofdstuk 5
Bijdrage in de kosten
Hoofdstuk 6
Toezicht en handhaving
Hoofdstuk 7
Kwaliteit
3/7
Definities van bepaalde begrippen om te voorkomen dat er discussie ontstaat over de interpretatie van het begrip. Enkele nieuwe definities toegevoegd, overbodige definities geschrapt en definities verduidelijkt. Het proces van de melding van de hulpvraag tot de afgifte van de beschikking met het ondersteuningsaanbod. Nieuw is het zorgplan dat cliënt en aanbieder op dienen te stellen bij een aanvraag voor begeleiding, dagbesteding of kortdurend verblijf. Het aanbod aan maatwerkvoorzieningen en de criteria om hiervoor in aanmerking te komen. Criteria voor begeleiding, hulp bij het huishouden en woningaanpassingen zijn gewijzigd. Criteria voor ontmoetingscentra zijn nieuw. De regels voor het verstrekken en besteden van een pgb en de wijze waarop de hoogte van het pgb wordt vastgesteld. Wijzigingen in veiligheidseisen en hoogte van het pgb. Beschrijft wanneer een cliënt een bijdrage in de kosten voor een voorziening of pgb verschuldigd is en hoe de hoogte van de bijdrage wordt vastgesteld. Alleen technische wijzigingen. Beschrijft wanneer een beslissing over het verstrekken van een maatwerkvoorziening of pgb kan worden gewijzigd of ingetrokken en wat er dan gebeurt. Ongewijzigd overgenomen uit de Verordening Wmo 2018. De kwaliteitseisen waaraan maatschappelijke ondersteuning moet voldoen en hoe een goede prijs-kwaliteitverhouding
Aanbiedingsnota raad
Hoofdstuk 8
Overige bepalingen
Hoofdstuk 9
Slotbepalingen
wordt gewaarborgd. Alleen technische wijzigingen. De klachtregeling, medezeggenschap bij aanbieders en de jaarlijkse waardering mantelzorgers. Ongewijzigd overgenomen uit de Verordening Wmo 2018. De hardheidsclause, indexatie en hoe en wanneer de verordening in werking treedt. Alleen technische wijzigingen.
Wat willen wij bereiken? Met deze verordening geven we uitvoering aan de Wmo 2015. We leggen de kaders vast waarbinnen Pijnacker-Nootdorp maatschappelijke ondersteuning biedt aan haar inwoners. We maken duidelijk aan inwoners welke rechten en plichten zij hebben op het gebied van maatschappelijke ondersteuning. Op het gebied van begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf brengen we de verordening in lijn met de inkoopdocumenten van de H5. Hiermee bereiken we dat inwoners gebruik kunnen blijven maken van begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf met ingang van het H5 contract. Ook brengen we de verordening in lijn met recente rechtspraak. Argumenten 1.1 De verordening moet 1 januari 2024 in werking treden om inwoners maatwerkvoorzieningen in natura voor begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf te kunnen blijven bieden. De toegangsprocedure en criteria voor begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf in de Verordening maatschappelijke ondersteuning 2018 (de ‘oude’ verordening) liggen niet in lijn met de Inkoopvisie H5 en de bijbehorende inkoopdocumenten. Uw raad heeft de Inkoopvisie H5 in 2021 unaniem, ongewijzigd vastgesteld. Om begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf te kunnen bieden volgens het H5 contract, dat op 1 januari 2024 ingaat, is het nodig de verordening aan te passen. Gebeurt dit niet, dan komt de zorgcontinuïteit in gevaar.
1.2 De belangrijkste inhoudelijke wijzigingen worden gemotiveerd in bijlage 4. Aanleiding voor de inhoudelijke wijzigingen is met name het resultaatgericht werken voor begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf. Verder is de verordening in lijn gebracht met recente rechtspraak over de hoogte van de pgb-tarieven voor niet-professionele ondersteuning en met het advies van de VNG hierover. Ook is de verordening geherstructureerd en zijn er technische wijzigingen aangebracht om de verordening duidelijker te maken. 1.3 Om de overgang van de H6 naar de H5 zo soepel mogelijk te laten verlopen is er een intern project opgesteld. Het vaststellen van de verordening is een onderdeel van dit project. Naast de verordening zijn er werkgroepen bezig om de implementatie van resultaatgericht werken, interne en externe communicatie en aanpassingen in de IT-systemen soepel te laten verlopen. Hierover rapporteert de projectgroep via de P&C cyclus en voortgangsmemo’s. De uitvoering van het project loopt op schema. 1.4 Naar aanleiding van het advies van de Adviesraad Sociaal Domein is er één zin geschrapt uit de concept-verordening. Verder geeft het advies geen aanleiding tot aanpassingen. De ASD heeft enkele complimenten, maar ook kanttekeningen bij de verordening. De ASD staat achter de samenwerking binnen de H5 en resultaatgericht werken.
Wat betreft de kanttekeningen verwachten we de ASD gerust te kunnen stellen, zoals verder uitgewerkt in de bijgevoegde conceptreactie. De zin die geschrapt is uit artikel 2.5 betreft het buiten behandeling stellen van de melding als het ondersteuningsplan niet op tijd teruggestuurd wordt. Uit artikel 2.5 volgt nog steeds logischerwijs dat de behandeling van een melding niet kan worden voortgezet als het ondersteuningsplan niet wordt getekend voor gezien of akkoord. Dit wordt nu alleen niet meer expliciet benoemd om onrust of spanning bij de cliënt te voorkomen 1
pagina
4/7
De meerkosten voor de verhoging van de pgb-tarieven voor niet-professionele ondersteuning zijn onvermijdelijk, onuitstelbaar en onvoorzien.
Aanbiedingsnota raad
Daardoor is het dekken vanuit het begrotingssaldo en verwerken in de Kadernota 2024 te rechtvaardigen. Het is nog niet duidelijk in hoeverre het rijk gemeenten zal compenseren voor deze kostenstijging. 3 Kanttekeningen 1.1 Het ministerie van VWS gaat niet verder met het Wetsvoorstel resultaatgericht beschikken en vereenvoudigen geschilbeslechting. Oorspronkelijk zou deze verordening aan uw raad voorliggen in juni 2023. In februari 2023 heeft de staatssecretaris van VWS echter laten weten niet verder te gaan met het Wetsvoorstel resultaatgericht beschikken en vereenvoudigen geschilbeslechting. Dit wetsvoorstel zou resultaatgericht beschikken verankeren in de wet. Het wetsvoorstel was nodig, omdat uit uitspraken van de CRvB is gebleken dat de rechtszekerheid van inwoners met een resultaatgerichte beschikking onvoldoende geborgd is. Naar aanleiding van het intrekken van het wetsvoorstel hebben wij de besluitvorming over de verordening doorgeschoven naar het najaar, in de hoop dat er dan meer duidelijkheid zou zijn over resultaatgericht werken. Door te werken met een overgangsjaar bleek het mogelijk de implementatie te verschuiven naar 2024. Wij hebben uw raad hierover geïnformeerd in mei 2023 (zaak 1424715). Helaas is er op het moment van schrijven nog steeds geen duidelijkheid over resultaatgericht werken. De VNG en het ministerie van VWS werken aan een advies.
De H5 is hierbij betrokken. Het advies wordt verwacht in november 2023. Pijnacker-Nootdorp kan hier niet op wachten. Om uitvoering te kunnen geven aan de contracten voor begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf die op 1 januari 2024 van kracht worden, moet er voor 1 januari 2024 een nieuwe verordening zijn vastgesteld. Andere gemeenten in het land lijken weinig urgentie te voelen. We houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten en zullen zodra dat mogelijk is zo snel mogelijk stappen in gang zetten om de rechtszekerheid te waarborgen van onze inwoners die een resultaatgerichte Wmo-indicatie ontvangen. Of we dit het beste kunnen doen door het aanpassen van de verordening, de beleidsregels of slechts via de beschikkingen is nog niet duidelijk. Dat resultaatgericht werken nu niet is verankerd in de wet, betekent dat een inwoner die in beroep gaat tegen een resultaatgerichte beschikking waarschijnlijk gelijk zal krijgen van de rechter. In de praktijk komt een bezwaar echter zelden tot een beroepszaak, doordat de inwoner en de gemeente geschillen vaak daarvoor al in goed overleg oplossen. 1.2 Er bestaat een risico dat resultaatgericht werken een kostenverhoging met zich meebrengt. Dit is al langere tijd bekend.
Wij hebben dit ook aangegeven in voorstel om de Inkoopvisie H5 vast te stellen in 2021.6 Vanwege de verschillen in bekostigingssystematiek tussen het oude H6-contract en het nieuwe H5-contract is het moeilijk om de verwachte uitgaven voor met name begeleiding een-op-een te vergelijken. We zullen de uitgaven op basis van het H5-contract de eerste drie maanden van 2024 zorgvuldig monitoren en hierover rapporteren bij de Kadernota 2024. 2
Mogelijk stijgen de meerkosten voor de verhoging van de pgb-tarieven voor niet-professionele ondersteuning vanaf 2025 verder door. Volgens de uitspraken van de CRvB moeten de tarieven worden gebaseerd op bepaalde salarisschalen uit de cao Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg (VVT). Deze cao loopt tot en met 31 december 2024. Dat betekent dat de salaristabellen en daarmee de pgb-tarieven voor nietprofessionele ondersteuning voor 2025 en verder nog niet bekend zijn. Als de salarissen in de VVTsector verder stijgen, zullen ook de tarieven en daarmee de kosten omhoog gaan.
Beleidskaders a. Binnen welk programma past het voorgestelde besluit? Programma 7. Individuele voorzieningen 6 Zaak 1288935, bericht 1154457.
pagina
5/7
Aanbiedingsnota raad
b. Welke beleidskaders zijn van belang? Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 Visie op het sociaal domein 2013 Inkoopvisie H5 2021 Wat gaan wij daarvoor doen? De nieuwe verordening wordt gepubliceerd en treedt in werking per 1 januari 2024. Vanaf dat moment zal de uitvoering gaan werken volgens de nieuwe verordening. Voor begeleiding, dagbesteding en kortdurend verblijf kunnen dan resultaatgerichte indicaties worden afgegeven. De verordening wordt nader uitgewerkt in de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 2024. De nieuwe tarieven worden opgenomen in de Nadere regels maatschappelijke ondersteuning 2024.Voor de verdere implementatie van de transitie van H6 naar H5 verwijzen wij u naar de memo ‘Voortgang transitie Wmo H6 naar Wmo H5’ (zaak 1414844). Wat gaat het kosten? Als gevolg van de wijziging van de pgb-tarieven voor niet-professionele ondersteuning verwachten we een toename in de kosten van € 31.000 per jaar. Voor 2023 gaat het om een bedrag van circa € 8.000. Dit valt binnen de bandbreedte die geldt voor de najaarsnota. Vanwege de recente datum van de uitspraken van de CRvB hebben we dit niet meer kunnen verwerken in de begroting 2024. Het is nog niet bekend in hoeverre het rijk gemeenten hiervoor gaat compenseren. Ook heeft het H5 contract mogelijk financiële consequenties. Zie hiervoor kanttekening 1.2. De kosten in de Wmo zijn opnieuw aan het stijgen.
Met het interventieplan 'Grip op het sociaal domein' hebben we met resultaat ervaring opgedaan met de beheersing van kosten en tegelijkertijd het vergroten van de kwaliteit in het sociaal domein. Deze kennis en ervaring nemen we mee bij de doorontwikkeling van het interventieplan en bij de ontwikkeling van de visie op het sociaal domein. De inzet hierbij is niet om de koers volledig om te gooien, maar op basis van de eerdergenoemde analyse te bepalen waar onze invloed zit, aan welke knoppen we kunnen draaien, wat we missen en waar we moeten intensiveren. Wij verwachten u in Q1 2024 concrete voorstellen te kunnen voorleggen. "In verbinding" De Adviesraad Sociaal Domein heeft op ons verzoek advies uitgebracht over de verordening. U vindt het advies en onze reactie in bijlage 2 en 3. Daarnaast is bij de totstandkoming van de verordening afstemming gezocht met de andere H5 gemeenten om de verordening van Pijnacker-Nootdorp goed te laten aansluiten op de inkoopdocumenten en de verordeningen van de andere gemeenten. Vervolg a. Planning Voor de uitvoering van dit voorstel is geen planning noodzakelijk. b. Evaluatie Wij onderzoeken jaarlijks of een aanpassing van de verordening, de beleidsregels en de nadere regels maatschappelijke ondersteuning nodig is. c. Communicatie De verordening wordt gepubliceerd in het Gemeenteblad, zoals wettelijk verplicht.
Er wordt een link naar de verordening geplaatst op de gemeentewebsite. Het college van Pijnacker-Nootdorp,
pagina
6/7
Aanbiedingsnota raad
Annelies Kroeskamp secretaris
pagina
7/7
Björn Lugthart burgemeester