Aanbiedingsnota raad - Reparatiebesluit Woonwagen- en Standplaatsenbeleid
Tekst van het document
voorstel raad
zaaknummer
1610150
berichtnummer
1470407
voorstel over portefeuillehouder behandeld op
domein behandeld door
Reparatiebesluit Woonwagen- en Standplaatsenbeleid Presidium 6 oktober 2025
Fysieke leefomgeving Griffie
besluit
Ja
bijlagen
Concept raadsbesluit
Gevraagde beslissing Wij stellen u voor: 1.
In het Woonwagen- en Standplaatsenbeleid Pijnacker-Nootdorp 2025 de tekst onder het kopje ‘Werking bij een nieuwe woonwagenlocatie’ als volgt te wijzigen: Bij de eerstvolgende nieuwe locatie voor woonwagenstandplaatsen die gerealiseerd wordt na vaststelling van het beleid wordt eenmalig afgeweken van de op pagina 12 vastgestelde toewijzingsvolgorde. In plaats daarvan wordt voorrang gegeven aan standplaatszoekenden die (1) in het verleden vanuit een woonwagenstandstandplaats in de woningmarktregio Haaglanden zijn verhuisd naar een reguliere woning in de woningmarktregio en (2) economisch dan wel maatschappelijk gebonden zijn aan de gemeente Pijnacker-Nootdorp en (3) graag opnieuw een woonwagen wenst te betrekken. Wanneer er sprake is van meer standplaatszoekenden (die aan de voorwaarde voor binding voldoen) dan beschikbare woonwagenstandplaatsen, geschiedt toewijzing op basis van loting. In het geval van minder animo, wordt de reguliere volgorde toewijzing woonwagenstandplaatsen toegepast (p. 12). wordt: Bij de eerstvolgende nieuwe locatie voor woonwagenstandplaatsen die gerealiseerd wordt na vaststelling van het beleid wordt eenmalig afgeweken van de op pagina 12 vastgestelde toewijzingsvolgorde.
In plaats daarvan wordt voorrang gegeven aan standplaatszoekenden die (1) in het verleden vanuit een woonwagenstandstandplaats in de woningmarktregio Haaglanden zijn verhuisd naar een reguliere woning in de woningmarktregio en (2) ten tijde van de publicatie van de 4e wijziging Huisvestingsverordening Pijnacker-Nootdorp 2023 en op het moment van toewijzing van de woonwagenstandplaats economisch dan wel maatschappelijk gebonden zijn aan de gemeente Pijnacker-Nootdorp en (3) graag opnieuw een woonwagen wensen te betrekken. Wanneer er sprake is van meer standplaatszoekenden (die aan de drie genoemde criteria voldoen) dan beschikbare woonwagenstandplaatsen, geschiedt toewijzing op basis van loting. In het geval van minder animo, wordt de reguliere volgorde toewijzing woonwagenstandplaatsen toegepast (p. 12). Bij het ontwikkelen van nieuwe woonwagenlocaties als hierboven bedoeld, kan de eerste toewijzing niet plaatsvinden op basis van de bepalingen als bedoeld in nummer 1 tot en met 3 van de ‘Volgorde toewijzing woonwagenstandplaats’. In dit geval wordt de volgorde bepaald aan de hand van de
pagina
1/4
toewijzingscriteria genoemd vanaf nummer 4 tot en met nummer 10 van de ‘Volgorde toewijzing woonwagenstandplaats’. 2.
De vierde herziening van de Huisvestingsverordening Pijnacker-Nootdorp 2023 vast te stellen.
Inleiding Op 27 mei 2025 heeft de gemeenteraad de ‘Beleidsnota Woonwagen- en Standplaatsenbeleid PijnackerNootdorp 2025’ vastgesteld, alsmede de ‘Tweede herziening Huisvestingsverordening PijnackerNootdorp 2023’. Vanwege een tweetal amendementen is het oorspronkelijke voorstel gewijzigd. Het gewijzigde voorstel is vervolgens aangenomen door de gemeenteraad. Vanwege vraagtekens aan de zijde van het college bij de juridische houdbaarheid van het genomen besluit, heeft een externe juridische toets plaatsgevonden. Op verzoek van het presidium heeft vervolgens een externe advocaat een ‘second opinion’ gedaan. In de second opinion is geconcludeerd ‘dat verdedigbaar is dat het besluit van de gemeenteraad tot wijziging van de toewijzingsvolgorde juridisch houdbaar is, omdat verdedigbaar betoogd kan worden dat voldaan is aan de criteria die in zowel de publiek- als privaatrechtelijke rechtspraak gesteld worden aan de verdeling.’ Daarnaast is aangegeven dat het wel aanbeveling verdient om enkele aspecten nader te verduidelijken door middel van een reparatiebesluit. Dit voorstel voorziet daarin. Wat willen wij bereiken? Het verduidelijken van enkele zaken in het Woonwagen- en Standplaatsenbeleid, alsmede de Huisvestingsverordening.
Argumenten Economische of maatschappelijke gebondenheid In de tekst die op 27 mei 2025 door de gemeenteraad is vastgesteld staan in artikel 6:2, eerste lid, van de Huisvestingsverordening, alsmede in het Woonwagen- en Standplaatsenbeleid, drie vereisten opgenomen waar een persoon aan dient te voldoen, om in aanmerking te komen voor een standplaats op de eerstvolgende nieuwe locatie voor woonwagenstandplaatsen. Het tweede vereiste is “economische dan wel maatschappelijke gebondenheid aan de gemeente Pijnacker-Nootdorp”. Er is echter geen moment benoemd wanneer sprake moet zijn van deze gebondenheid. In het nu voorliggende voorstel staat daarom opgenomen dat ”ten tijde van de publicatie van de 4e herziening van de Huisvestingsverordening en op het moment van toewijzing van de woonwagenstandplaats” sprake moet zijn van de bovengenoemde gebondenheid. Op deze manier kan geen discussie ontstaan over het moment waarop sprake moet zijn van binding. Voldoen aan criteria Na het derde vereiste uit het bovengenoemde artikel uit de Huisvestingsverordening en in het Woonwagen- en Standplaatsenbeleid staat nu het volgende opgenomen: “(…) Wanneer er sprake is van meer standplaatszoekenden (die aan de voorwaarde voor binding voldoen) dan beschikbare woonwagenstandplaatsen, geschiedt toewijzing op basis van (notariële) loting.
(…)” Het gedeelte “die aan de voorwaarde voor binding voldoen” zou tot verwarring kunnen leiden, omdat ‘binding’ op verschillende wijzen terugkomt in de Huisvestingsverordening en het Woonwagen- en Standplaatsenbeleid.1 Daarom wordt voorgesteld om hiervan ”die aan de drie genoemde criteria voldoen” te maken. Toewijzingsvolgorde
1 Het gaat bij de toewijzing op de eerstvolgende nieuwe locatie dus enkel over standplaatszoekenden met economische binding of
maatschappelijke binding. Spijtoptanten vallen dus niet onder deze categorie.
pagina
2/4
In het hierboven genoemde artikel uit de Huisvestingsverordening staat vervolgens opgenomen wat er gebeurt indien sprake is van minder animo dan beschikbare plaatsen bij de eerstvolgende nieuwe locatie voor woonwagenstandplaatsen. Om dit nader te verduidelijken, wordt voorgesteld hier het volgende aan toe te voegen: “Bij het ontwikkelen van nieuwe woonwagenlocaties als bedoeld in dit lid, kan de eerste toewijzing niet plaatsvinden op basis van de bepalingen als bedoeld in het tweede lid, aanhef en onder a tot en met c. In dit geval wordt de volgorde bepaald aan de hand van de toewijzingscriteria genoemd vanaf het tweede lid, aanhef en onder d tot en met j.” Tevens wordt voorgesteld om dezelfde wijziging toe te passen in het Woonwagen- en Standplaatsenbeleid, maar dan met verwijzing naar de tekst uit het beleid: “Bij het ontwikkelen van nieuwe woonwagenlocaties als hierboven bedoeld, kan de eerste toewijzing niet plaatsvinden op basis van de bepalingen als bedoeld in nummer 1 tot en met 3 van de ‘Volgorde toewijzing woonwagenstandplaats’.
In dit geval wordt de volgorde bepaald aan de hand van de toewijzingscriteria genoemd vanaf nummer 4 tot en met nummer 10 van de ‘Volgorde toewijzing woonwagenstandplaats’” Citeertitel en Inwerkingtreding De citeertitel in artikel 8:3 en de datum van inwerkingtreding in artikel 8:4 uit de Huisvestingsverordening zijn aangepast ten opzichte van de tweede en derde herziening, om conform het raadsvoorstel te zijn. Alle hierboven genoemde voorgestelde wijzigingen zijn in het rood in het concept raadsbesluit – met hierin de vierde wijziging van de Huisvestingsverordening – terug te vinden. Kanttekeningen Op 27 mei 2025 hebben zowel een voorstel voor de tweede herziening van de Huisvestingsverordening (i.v.m. Woonwagen- en Standplaatsenbeleid) als voor de derde herziening van de Huisvestingsverordening (i.v.m. Nota Woningvoorraad) voorgelegen. Om onduidelijkheid tussen beide herzieningen tegen te gaan, wordt u voorgesteld om nu een geheel nieuwe (vierde) herziening voor te leggen. Indien geen geheel nieuwe herziening wordt aangenomen, blijft de mogelijke onduidelijkheid tussen de tweede en derde herziening bestaan. Beleidskaders a. Binnen welk programma past het voorgestelde besluit? Programma 1. Ruimte en Wonen b.
Welke beleidskaders zijn van belang? Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 20250: verbonden met elkaar Woonvisie Pijnacker-Nootdorp 2020-2030 Huisvestingsverordening Pijnacker-Nootdorp 2023 c. Duurzaamheid Niet van toepassing. Wat gaan wij daarvoor doen? Na het vaststellen van het raadsbesluit zal dit op de reguliere wijze worden gepubliceerd. Wat gaat het kosten? Er zijn geen extra kosten verbonden aan het opstellen van het reparatiebesluit, anders dan de kosten die al gemaakt zijn voor externe juridische advisering. “In contact! Samen doen” Het opstellen van dit raadsvoorstel heeft plaatsgevonden door de griffie. Een vertegenwoordiging vanuit de ambtelijke organisatie heeft meegelezen met het concept.
pagina
3/4
Vervolg a. Planning Voor de uitvoering van dit voorstel is geen planning noodzakelijk. b. Evaluatie De uitvoering van dit voorstel wordt niet geëvalueerd. c. Communicatie Na de vaststelling worden de stukken gepubliceerd. Samenvatting in begrijpelijke taal Er is getoetst of een wijziging die de gemeenteraad heeft toegepast bij het Woonwagen- en Standplaatsenbeleid juridisch mogelijk is. Uit een ‘second opinion’ blijkt dat dit het geval is, maar dat sommige dingen nog iets beter omschreven kunnen worden. Dit raadsvoorstel voorziet daarin.
Presidium van de gemeenteraad van Pijnacker-Nootdorp, $handtekening$ $handtekening2$ $naam$ $naam$ $naam2$naam2$ griffier $plv$ voorzitter $plv2$
pagina
4/4