CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

Overzicht 2 - Bijlage 3 - Beantwoording financiële vragen IHP.docx

Commissie 18 mei 2021, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Integraal Huisvestingsplan (IHP) 2021-2036 (2021-027)753 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Antwoorden op financiële vragen IHP 2021-2036 commissievergadering 18 mei 2021 De volgende vragen van de raad worden in deze notitie beantwoord:  Kunnen we inzicht krijgen in de kapitaallasten de samenhangen met de scenario’s IHP  Welke investeringen zijn de komende jaren ongeveer nodig voor IHP ?  Welke ruimte is er nog voor overige investeringen? De beantwoording van deze vragen bevat informatie die bij de behandeling van de Kadernota 2022 zal terugkomen maar (zonder vooruit te willen lopen op besluitvorming van die Kadernota) nu alvast wordt verstrekt om een zo compleet mogelijk beeld te schetsen van de (indicatieve) financiële effecten van het IHP. In eerdere bijeenkomsten hebben we de gemeenteraad geïnformeerd over het ‘basisscenario’ dat we gebruiken voor de financiële doorkijk bij de Kadernota. In het financieel basisscenario t.b.v. de Kadernota 2022 hebben we een stelpost opgenomen voor aanvullende kapitaallasten. Die stelpost is onderdeel van een totaal aan onderwerpen waarbij o.a. de inkomsten uit het gemeentefonds een onzekerheid vormen. Met die stelpost voor kapitaallasten kunnen we investeringen dekken die de komende jaren verwacht worden op basis van het IHP en overige projecten die niet binnen ons standaard beschikbaar budget van € 250.000 kapitaallasten passen.

De opgenomen kapitaallasten en investeringen IHP zijn indicatief en betreffen een gemiddelde voor de jaren 2022 – 2026 van twee varianten zoals al in raadsvoorstel staan genoemd. Als alle wensen van de scholen gespreid over 8-10 jaar ten uitvoer worden gebracht is dit € 27,5 miljoen (excl. eventuele infrastructurele aanpassingen). Als de minimale noodzakelijke investeringen vanwege wettelijke verplichtingen en gespreid over 8-10 jaar worden uitgevoerd, komen de kosten indicatief rond de €16,5 miljoen(excl. eventuele infrastructurele aanpassingen) uit. De specificatie voor de komende 5 jaar ziet er als volgt uit: IHP Jaarschijf 2022 2023 2024 2025 2026 totaal 2022 t/m 2026

Overige investeringen

Kapitaallasten Investeringen Kapitaallasten Investeringen

Totaal aanvullende investeringen Kapitaallasten Investeringen

€ 19.886 € 193.262 € 93.287 € 184.705 € 63.768

€ 675.000 € 5.850.000 € 2.800.000 € 5.600.000 € 2.000.000

€ 80.114 € 106.738 € 106.713 € 15.295 € 136.232

€ 2.325.000 € 3.150.000 € 3.200.000 € 400.000 € 4.000.000

€ 100.000 € 300.000 € 200.000 € 200.000 € 200.000

€ 3.000.000 € 9.000.000 € 6.000.000 € 6.000.000 € 6.000.000

€ 554.908

€ 16.925.000

€ 445.092

€ 13.075.000

€ 1.000.000

€ 30.000.000

In totaal is er dus een bedrag van € 30.000.000 beschikbaar voor aanvullende investeringen. Als we voor het IHP uitgaan van het gemiddelde scenario zouden we daar t/m 2026 zo’n € 16.925.000 voor nodig hebben en resteert en nog € 13.075.000 voor overige investeringen.  Hoe past dit in onze schuldenpositie overall ? Naast het effect van de kapitaallasten op de exploitatiesaldi ontstaat ook een effect op de schuldenpositie en de solvabiliteit als we extra gaan investeren in de komende jaren. Om die effecten inzichtelijk te maken hebben we doorrekening gemaakt voor de kengetallen netto-schuld quote en solvabiliteit. Die kengetallen zijn ook standaard opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen bij de begroting en de jaarstukken. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De solvabiliteitsratio drukt het eigen vermogen uit als percentage van het totale vermogen en geeft daarmee inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De kengetallen worden getoetst aan landelijke normen waarbij 3 categorieën worden onderscheiden:

Netto schuld quote Solvabiliteitsratio

CATEGORIE A Minst risicovol < 90% >50%

CATEGORIE B Gemiddeld risicovol 90% - 130% 20% - 50%

CATEGORIE C Meest risicovol > 130% < 20%

De conclusie is dat we (naar verwachting) met de aanvullende investeringen de komende jaren (t/m 2025) nog in de gemiddeld risicovolle categorie (categorie B) zitten m.b.t. de netto-schuld quote maar dat we wel langzaam de grens met de meest risicovolle categorie naderen. Zoals nu becijferd zouden we per 31-12-2026 wellicht net over de grens van de 130% komen. Bij de solvabiliteit zien we ook een verschuiving ontstaan naar de grens van 20% maar blijven we daar naar verwachting net boven. Het gaat bij deze normen niet om ‘harde’ grenzen die de Provincie of het Rijk gebruikt om gemeenten te toetsen. Uiteraard kan de toezichthouder vragen stellen als een gemeente op diverse kengetallen in de meest risicovolle categorie komt maar dat zal zeker niet meteen leiden tot maatregelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=6f2bd3a9-62f8-4616-bb88-8e93e909e04e