2026-011 03 Controleprotocol 2025
Tekst van het document
Controleprotocol t.b.v. jaarstukken 2025 1. Inleiding Bij besluit van 22 februari 2022 heeft uw raad Deloitte Accountants B.V. aangewezen als accountant, belast met de controle van de jaarrekening 2025 en het daarbij verstrekken van een accountantsverklaring en het uitbrengen van een verslag van bevindingen. Ter voorbereiding en ondersteuning van de uitvoering van de accountantscontrole voor de jaarrekening 2025 moet de gemeenteraad nog een aantal zaken nader regelen, hetgeen op hoofdlijnen in dit controleprotocol plaatsvindt. Object van controle is de jaarrekening 2025 en daarmede tevens het financieel beheer over het jaar 2025 zoals uitgeoefend door of namens het college van de gemeente Peel en Maas. 1.1 Rechtmatigheidsverantwoording Met ingang van boekjaar 2023 is de rechtmatigheidsverantwoording van kracht. De rechtmatigheidsverantwoording betreft een wetswijziging die naast de aanpassing van de Gemeentewet ook de aanpassing van het Besluit Begroting en Verantwoording voor Gemeenten (BBV) tot gevolg heeft. In de rechtmatigheidsverantwoording verklaart het college dat de jaarstukken rechtmatig tot stand zijn gekomen. De rechtmatigheidsverantwoording wordt een onderdeel van de jaarstukken van de gemeente waarover de accountant een getrouwheidsoordeel afgeeft.
Voorliggend controleprotocol geldt voor zowel de rechtmatigheidsverantwoording als voor de controle van de accountant. 1.2 Doelstelling Dit controleprotocol heeft als doel nadere aanwijzingen te geven aan de accountant over de reikwijdte van de accountantscontrole en aan het college voor de rechtmatigheidsverantwoording, de daarvoor geldende normstellingen en de daarbij verder te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties voor de controle van de jaarrekening 2025 van de gemeente Peel en Maas. 1.3 Wettelijk kader De Gemeentewet, artikel 213, schrijft voor dat de gemeenteraad één of meer accountants aanwijst als bedoeld in artikel 393, eerste lid, Boek 2 Burgerlijk Wetboek voor de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening en het daarbij verstrekken van een accountantsverklaring en het uitbrengen van een verslag van bevindingen. In het kader van de opdrachtverstrekking aan de accountant kan de gemeenteraad nadere aanwijzingen geven voor te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties. Tevens zal in de opdrachtverstrekking duidelijk aangegeven moeten worden welke wet- en regelgeving in het kader van het financieel beheer onderwerp van rechtmatigheidscontrole zullen zijn.
De gemeenteraad heeft op 4 juli 2023 de verordening ex artikel 213 Gemeentewet voor de controle op het financieel beheer en op de inrichting van de financiële organisatie van de gemeente Peel en Maas vastgesteld. Daarbij is onderscheid gemaakt in de rechtmatigheidsverantwoording door het college en de controlewerkzaamheden van de accountant. Met dit controleprotocol stelt de gemeenteraad nadere aanwijzingen vast die specifiek van toepassing zijn voor het controlejaar 2025. 2. Algemene uitgangspunten voor de controle Zoals in artikel 213 Gemeentewet is voorgeschreven zal de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening worden uitgevoerd door de, door de raad aangewezen, accountant en gericht zijn op het afgeven van een oordeel over: a. De jaarrekening een getrouw beeld geeft van zowel de baten en lasten als de grootte en samenstelling van het vermogen; b. De baten en lasten, alsmede de balansmutaties met betrekking tot specifieke uitkeringen als bedoeld in artikel 17 van de Financiële-verhoudingswet rechtmatig tot stand zijn gekomen; c. De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de met de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen regels, bedoeld in artikel 186; d. Het jaarverslag met de jaarrekening verenigbaar is.
Bij de controle zullen de regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van artikel 213, lid 6 Gemeentewet (Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden) alsmede de Controleen Overige Standaarden bepalend zijn voor de uit te voeren werkzaamheden. Het bij de controle te hanteren normenkader is vastgelegd in de bijlage bij dit controleprotocol. 3. Te hanteren goedkeurings- en rapporteringstoleranties De accountant accepteert in de controle bepaalde toleranties en richt de controle daarop in. De accountant controleert niet ieder document of iedere financiële handeling, maar richt de controle zodanig in dat voldoende zekerheid wordt verkregen over het getrouwe beeld van de jaarrekening en de rechtmatigheid van de verantwoorde baten en lasten en balansmutaties en financiële beheershandelingen met een belang groter dan de vastgestelde goedkeuringstolerantie1. De accountant richt de controle in op het ontdekken van belangrijke fouten en baseert zich daarbij op risicoanalyse, vastgestelde toleranties, deelwaarnemingen en extrapolaties. In het Besluit accountantscontrole decentrale overheden zijn minimumeisen voor de in de controle te hanteren goedkeuringstoleranties voorgeschreven. De gemeenteraad mag de goedkeuringstoleranties scherper vaststellen dan deze minimumeisen. Dit is echter niet gebruikelijk.
Als de raad hier toch toe besluit, dan moet dat wel worden toegelicht in de accountantsverklaring. Naast deze kwantitatieve benadering zal de accountant ook een kwalitatieve beoordeling hanteren ('professional judgement'). De weging van fouten en onzekerheden vindt ook plaats op basis van 'professional judgement'. De goedkeuringstolerantie is het bedrag dat de som van fouten in de jaarrekening of onzekerheden in de controle aangeeft, die in een jaarrekening maximaal mogen voorkomen, zonder dat de bruikbaarheid van de jaarrekening voor de oordeelsvorming door de gebruikers kan worden beïnvloed. De goedkeuringstolerantie is bepalend voor de oordeelsvorming, de strekking van de af te geven accountantsverklaring. De rapporteringtolerantie is een bedrag dat gelijk is aan of lager is dan de bedragen voortvloeiend uit de goedkeuringstolerantie. De rapporteringtoleranties kunnen zich verder toespitsen op die elementen die de raad specifiek nader wil terugzien, zonder dat dit de controletoleranties zelf beïnvloedt. De rapporteringtolerantie wordt door de gemeenteraad vastgesteld, met inachtneming van onderstaande minimumeisen. De accountant richt de controle in, rekening houdend met de rapporteringtolerantie, om te kunnen waarborgen dat alle gesignaleerde onrechtmatigheden die dit bedrag overschrijden ook daadwerkelijk in het verslag van bevindingen worden opgenomen.
In het hierna opgenomen schema zijn de goedkeuringstoleranties opgenomen voor het controlejaar 2025: Goedkeuringstoleranties Fouten in de jaarrekening (% omvangbasis; totale lasten exclusief storting in de reserves)
Onzekerheden in de controle (% omvangbasis)
Goedkeurend
Beperking
Oordeelonthouding
Afkeurend
≤ 2%
>2%<3%
-
≥ 3%
≤ 2%
>2%<10%
≥ 10%
-
Deze goedkeuringstoleranties komen overeen met de (minimum)eisen zoals vastgesteld in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO). De rapporteringstolerantie wordt voor 2025 gelijk gesteld aan de goedkeuringstoleranties. Bij overschrijding van de rapporteringstolerantie vindt rapportering plaats in het verslag van bevindingen.
1 Door de toepassing van een risicoanalyse kan het zo zijn dat niet alle transacties die groter zijn dan de vastgestelde goedkeuringstolerantie individueel
worden gecontroleerd. Ook kunnen andere gegevensgerichte werkzaamheden dan deelwaarnemingen worden toegepast. Met name door toepassing van cijferanalyse (verbandcontroles) kan het aantal deelwaarnemingen worden beperkt.
2
Met ingang van het boekjaar 2023 neemt het college een rechtmatigheidsverantwoording op in de jaarstukken. Voor de rechtmatigheidsverantwoording gelden dezelfde (bovenstaande) toleranties v.w.b. fouten en onduidelijkheden (i.p.v. onzekerheden). Met betrekking tot de rapportering geldt dat het college in de paragraaf bedrijfsvoering een toelichting zal opnemen van alle afwijkingen in rechtmatigheid die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen, voor zover deze de rapportagegrens overschrijden en eventueel welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen. De verantwoording die het college aflegt is gebaseerd op een standaardmodel dat bij wet is vastgelegd. De tekst van de verantwoording ligt vast en moet door het college op de volgende punten worden aangevuld: 1. Datum vaststelling normenkader; 2. Het door de raad vastgestelde grensbedrag; 3. Wel of niet voldoen aan rechtmatigheid criteria; 4. Geconstateerde afwijkingen boven de verantwoordingsgrens. Het college maakt in haar verantwoording gebruik van de begrippen ‘fouten’ en ‘onduidelijkheden’ (ieder afzonderlijk) om de afwijkingen te duiden. 4.
Begrip rechtmatigheid en de aanvullend te controleren rechtmatigheidscriteria 4.1 Begrippen: In het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO) wordt onderscheid gemaakt tussen het juridische begrip rechtmatigheid en de rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording. Het juridische begrip rechtmatigheid heeft betrekking op alle geldende wetten en regels. Rechtmatigheid is dan het handelen in overeenstemming met alle wetten en regels. Het begrip rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording is een minder omvattend begrip. Bij rechtmatigheid in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording bestaat er een duidelijke relatie met het financiële beheer. In paragraaf 5 is de reikwijdte nader gespecificeerd. 4.2 Criteria: In het kader van de rechtmatigheidcontrole worden 9 rechtmatigheidscriteria onderkend: • het begrotingscriterium, • het misbruik en oneigenlijk gebruikcriterium, • het voorwaardencriterium, het calculatiecriterium, • het valuteringscriterium, • het adresseringscriterium, • het volledigheidscriterium, • het aanvaardbaarheidscriterium, • het leveringscriterium. In het kader van het getrouwheidsonderzoek wordt al aandacht besteed aan de meeste van deze criteria. Voor de oordeelsvorming over de rechtmatigheid van het financieel beheer moet extra aandacht besteed worden aan de volgende rechtmatigheidscriteria: 1.
Het begrotingscriterium; 2. Het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium (M&O-criterium); 3. Het voorwaardencriterium. 4.2.1. Begrotingscriterium Als blijkt dat de gerealiseerde lasten en baten zoals weergegeven in de jaarrekening, hoger of lager zijn dan de geraamde bedragen met inbegrip van de laatste begrotingswijziging, is - voor zover het de begrotingsoverschrijdingen betreft - mogelijk sprake van onrechtmatige uitgaven. De overschrijding kan namelijk in strijd zijn met het budgetrecht van de gemeenteraad zoals geregeld in de Gemeentewet. De begroting 2025 van de gemeente Peel en Maas is op niveau van programma’s door de raad geautoriseerd, daardoor hebben afwijkingen op productniveau geen gevolgen voor het oordeel van de accountant. 3
Begrotingsafwijkingen zijnde overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten, investeringen en baten zijn op zichzelf niet onrechtmatig. Deze kunnen alleen onrechtmatig zijn als die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan de raad zijn gemeld. Dit tijdig melden raakt immers ook het directe budgetrecht en daarmee de kaderstellende rol van de raad. Immers de raad had op basis van tijdig verstrekte informatie (mogelijk) een aanvullend (ander) besluit kunnen nemen. Voor de afsluitende oordeelsvorming is van belang in hoeverre de begrotingsafwijking past binnen het door de gemeenteraad geformuleerde beleid en/of wordt gecompenseerd door aan de lasten gerelateerde hogere inkomsten. Het bepalen of respectievelijk welke begrotingsoverschrijdingen al dan niet verwijtbaar zijn, is voorbehouden aan de raad bij de vaststelling van de jaarrekening. Begrotingsafwijkingen die passen binnen het beleid van de raad betrekt de accountant niet bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende accountantsverklaring kan worden gegeven. De hoofdregel is onderstaand weergegeven:
In onderstaand overzicht wordt verder specifiek aangegeven wat de consequentie van een overschrijding moet is voor het accountantsoordeel:
4
Bij de toetsing van begrotingsafwijkingen kunnen tenminste de volgende “soorten” begrotingsafwijkingen worden onderkend: Budgetoverschrijdingen betreffende activiteiten die niet passen binnen het bestaande beleid en waarvoor men geen voorstel tot begrotingsaanpassing heeft ingediend. Bijvoorbeeld de doelgroep c.q. de activiteiten zijn in de praktijk aantoonbaar ruimer geïnterpreteerd dan in regelgeving (subsidieregeling, -verordening) was gedefinieerd. Budgetoverschrijdingen die passen binnen het bestaande beleid, maar waarbij de accountant / het college ondubbelzinnig vaststelt dat die ten onrechte niet tijdig zijn geautoriseerd. Bijvoorbeeld: de verwachte kostenoverschrijding op jaarbasis was via tussentijdse informatie al wel bekend, maar men heeft geen voorstel tot begrotingsaanpassing ingediend en dit is in strijd met de budgetregels zoals afgesproken met de raad. Budgetoverschrijdingen die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten, bijvoorbeeld via subsidies of kostendekkende omzet. Budgetoverschrijdingen bij open einde (subsidie)regelingen. Vaak blijkt vanwege dit open karakter in het kader van het opmaken van de jaarrekening een (niet eerder geconstateerde) overschrijding. Budgetoverschrijdingen die worden gecompenseerd door extra inkomsten die niet direct gerelateerd zijn.
Over de aanwending van deze extra inkomsten heeft de raad nog geen besluit genomen. Budgetoverschrijdingen betreffende activiteiten welke achteraf als onrechtmatig moeten worden beschouwd omdat dit bijvoorbeeld bij nader onderzoek van de subsidieverstrekker, belastingdienst of een toezichthouder blijkt. Het zal hier in de praktijk vaak gaan om interpretatieverschillen bij uitleg van weten regelgeving die na het verantwoordingsjaar aan het licht komen. Er zijn dan geen rechtmatigheidsgevolgen voor dat verantwoordingsjaar. Wel zal de gemeente er voor moeten zorgen dat de overschrijdingen getrouw in de jaarrekening worden weergegeven. Ook kunnen er gevolgen zijn voor het lopende jaar. - Geconstateerd tijdens verantwoordingsjaar - Geconstateerd na verantwoordingsjaar Budgetoverschrijdingen op activeerbare activiteiten (investeringen) waarvan de gevolgen voornamelijk zichtbaar worden via hogere afschrijvings- en financieringslasten in het jaar zelf of pas in de volgende jaren. - Jaar van investeren - Afschrijvings- en financieringslasten in latere jaren
Onrechtmatig, maar telt niet mee voor het oordeel
Onrechtmatig, en telt mee voor het oordeel
X
X
X *) X *)
X
X X
X X
*) Voor dit soort begrotingsoverschrijdingen kan de gemeenteraad nadere regels stellen deze moet meewegen in het oordeel. Als de gemeenteraad hier geen nadere regels voor heeft gesteld worden deze begrotingsoverschrijdingen door de accountant en het college niet betrokken bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende verklaring kan worden gegeven.
5
Middels dit controleprotocol bepaalt de gemeenteraad dat overschrijdingen kleiner of gelijk aan 10% van de lasten van een programma niet betrokken worden bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende verklaring kan worden gegeven. Overschrijdingen van de lasten op een programma worden pas in het oordeel betrokken als en voor zover ze groter zijn dan 10%. Ook voor eventuele overschrijdingen op investeringskredieten geldt dat deze pas in het oordeel betrokken worden als en voor zover deze meer dan 10% voor een afzonderlijk investeringskrediet bedragen. Hierbij geldt bovendien dat overschrijdingen van minder dan € 10.000 niet in het oordeel worden meegenomen. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat de jaarrekening een analyse bevat van de verschillen tussen begroting na wijziging en de programmarekening. Als de afwijkingen op niveau van programma bij de baten en/of lasten groter zijn dan € 50.000 wordt hiervan een analyse/verklaring opgenomen in de jaarstukken.
Om te voorkomen dat bij de jaarrekening 2025 ongewenste discussie ontstaat over bepaalde overschrijdingen zullen / zal: A) eventuele afwijkingen in elk geval via vaststelling van de jaarrekening worden geaccordeerd voor zover het afwijkingen betreft die: - Per programmaonderdeel kleiner zijn dan € 50.000; - Het gevolg zijn van autonome ontwikkelingen; - Verplichte uitgaven betreffen; - Calamiteiten of volledig onvoorziene uitgaven betreffen; - Het gevolg zijn van interne doorbelastingen; - Het gevolg zijn van een open eind constructie (bijv. Wmo). B) indien nodig de accountant voor het afsluiten van de jaarcontrole een rapport van bevindingen opstellen en dit bespreken met het audit committee. Indien het audit committee dit wenselijk acht kan zij aan de raad voorstellen tot het alsnog accorderen van in het rapport geconstateerde afwijkingen. C) Begrotingsafwijkingen zijnde overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten, investeringen en baten zijn op zichzelf niet onrechtmatig. Deze kunnen alleen onrechtmatig zijn als die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan de raad zijn gemeld. Het uiterste moment waarop het college dit soort afwijkingen aan de gemeenteraad moet melden is bij de jaarrekening 2025. 4.2.2.
Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium (M&O-criterium) De rechtmatigheidseis betreft ook de toetsing op juistheid en volledigheid van de gegevens, die door de belanghebbende zijn verstrekt om het voldoen aan voorwaarden aan te tonen. Dit ter voorkoming en bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving. Om misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden te voorkomen zijn beheersmaatregelen nodig die functioneren. De interne en externe controle is erop gericht om dat vast te stellen. Gemeenten moeten een beleid hebben ter voorkoming en bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik (M&O-beleid). In het jaarverslag en/of de toelichting op de jaarrekening verantwoordt het college zich over de opzet, de uitvoering en de resultaten van het M&O-beleid. Wanneer het college concludeert dat het M&O-beleid (op onderdelen) niet actueel is en/of dat er geen M&Obeleid bestaat of het M&O-beleid feitelijk niet wordt nageleefd dan vermeldt het college dit in de paragraaf bedrijfsvoering. Daadwerkelijke afwijkingen als gevolg van misbruik worden, voor zover deze niet het getrouwheidsaspect raken, betrokken bij het opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording.
6
4.2.3. Voorwaardencriterium Besteding en inning van gelden door een gemeente zijn aan bepaalde voorwaarden verbonden waarop door de accountant moet worden getoetst. Deze voorwaarden liggen vast in wetten en regels van hogere overheden en de (eigen) gemeentelijke regelgeving. De gestelde voorwaarden hebben in het algemeen betrekking op: - de omschrijving van de doelgroep respectievelijk het project; - de heffings- en/of declaratiegrondslag; - normbedragen (denk aan hoogte en duur); - de bevoegdheden; - het voeren van een administratie; - het verkrijgen en bewaren van bewijsstukken; - aan te houden termijnen besluitvorming, betaling, declaratie e.d. De precieze invulling verschilt per wet respectievelijk regeling respectievelijk verordening. Voor alle geldstromen dient ondubbelzinnig vast te staan welke voorwaarden er op van toepassing zijn. De door hogere overheden gestelde voorwaarden liggen volledig vast. Dit geldt echter niet voor de voorwaarden in de gemeentelijke regelgeving. De raad is op gemeentelijk niveau kadersteller en wordt geacht de norm te stellen waaraan het college moet worden getoetst. De gemeenteraad dient dan ook op grond van een overzicht van alle voor de betreffende gemeente geldende wet- en regelgeving het voorwaardencriterium te operationaliseren.
Concreet betekent dit dat door de gemeenteraad limitatief moet zijn bepaald aan welke in gemeentelijke weten regelgeving vastgelegde, voor de gemeente relevante, voorwaarden de accountant en het college moet toetsen. Dat ligt o.a. vast in het bij dit Controleprotocol gevoegde normenkader. 5. Reikwijdte rechtmatigheidstoetsing De rechtmatigheidsverantwoording voor het kalenderjaar 2025 is limitatief gericht op: - de naleving van wettelijke kaders, zoals in het bijgevoegde normenkader (inventarisatie van de actuele / relevante regelgeving) wordt verwoord. Dit uitsluitend voor zover deze directe financiële beheershandelingen betreffen of kunnen betreffen. Daarin is o.a. opgenomen dat collegebeleid (zoals lokaal aanbestedingsbeleid) buiten de scope van de rechtmatigheidscontrole valt. - de naleving van de volgende kaders: o De programmabegroting o Financiële verordening ex artikel 212 Gemeentewet; o De controleverordening ex artikel 213 Gemeentewet; - en de overige kaders zoals opgenomen in de inventarisatie van de actuele / relevante regelgeving. Dit laatste voor zover van toepassing en uitsluitend voor zover deze directe financiële beheershandelingen betreffen of kunnen betreffen. Ten aanzien van het voorwaardencriterium vindt voor de interne regelgeving uitsluitend een toets plaats naar het recht, de hoogte en de duur van financiële beheershandelingen.
Alleen deze aspecten worden in het oordeel over de rechtmatigheid betrokken. - in het sociaal domein ontstaat een knelpunt bij de controle op uitgaven aan maatwerkvoorzieningen in het kader van Jeugdwet bij cliënten die zijn doorverwezen door andere verwijzers dan de gemeente Peel en Maas (zoals bijv. huisartsen). Op basis van de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) hebben deze cliënten het recht om de gemeente geen inzage te geven in de specifieke gegevens m.b.t. hun hulpvraag en behandeling. Anderzijds heeft de gemeente de plicht om in het kader van de rechtmatigheidscontrole vast te stellen dat de uitgaven m.b.t. deze cliënten voldoen aan de voorwaarden van de doorverwijzing. In de praktijk blijkt het verkrijgen van de vereiste onderbouwing echter lastig en stuit bij de externe verwijzers op verzet. Aangezien dit knelpunt wettelijk gezien nog niet is opgelost sluiten we de uitgaven aan maatwerkvoorzieningen in het kader van Jeugdwet bij cliënten die zijn doorverwezen door andere verwijzers dan de gemeente Peel en Maas (zoals bijv. huisartsen) middels dit controleprotocol uit van de rechtmatigheidstoetsing door de accountant. 7
Collegebesluiten vallen niet onder het rechtmatigheidsoordeel. Daar zijn echter twee uitzonderingen op. 1. De eerste uitzondering betreft wettelijke verplichte kaderstellende collegebesluiten waarbij is voorgeschreven dat een rechtmatigheidstoets moet worden uitgevoerd. Dit doet zich voor bij specifieke uitkeringen. Controle van de naleving van deze collegebesluiten hoort wel standaard onder de accountantscontrole. 2. De tweede uitzondering betreft die kaderstellende collegebesluiten inzake financiële en/of nietfinanciële beheershandelingen (niet vallend onder de eerste uitzondering) die de raad (aanvullend) opneemt in de inventarisatie van de actuele/relevante regelgeving. In de financiële verordening gemeente Peel en Maas staat dat het college regels opstelt voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen. Regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik moeten nog worden geïnventariseerd en indien nodig worden aangevuld. Het feit dat deze nota/regels er nog niet (volledig) zijn wordt niet meegenomen bij het bepalen van het oordeel over de rechtmatigheid van de jaarrekening 2025. 6.
Rapportering accountant Tijdens en na afronding van de controlewerkzaamheden rapporteert de accountant hierna in het kort weergegeven als volgt: - Interim-controles In de tweede helft van het jaar wordt door de accountant een zogenoemde interim-controle uitgevoerd en wordt hierover gerapporteerd. Bestuurlijk relevante zaken zullen ook aan de gemeenteraad worden gerapporteerd. - Verslag van bevindingen Overeenkomstig de Gemeentewet wordt omtrent de controle een verslag van bevindingen uitgebracht aan de raad en in afschrift aan het college. In het verslag van bevindingen wordt gerapporteerd over de opzet en uitvoering van het financiële beheer en of de beheersorganisatie een getrouw financieel beheer daarover waarborgen. Indien de accountant bij een accountantscontrole tot het oordeel komt dat de rechtmatigheidsverantwoording door burgemeester en wethouders niet getrouw is, dan wel afwijkingen constateert die op zichzelf leiden tot het niet afgeven van een goedkeurende controleverklaring, meldt hij deze terstond schriftelijk aan de raad en zendt een afschrift hiervan aan burgemeester en wethouders. - Controleverklaring In de controleverklaring wordt op een gestandaardiseerde wijze, zoals wettelijk voorgeschreven, de uitkomst van de accountantscontrole weergegeven.
Deze controleverklaring is bestemd voor de gemeenteraad, zodat deze de door het college in concept opgestelde jaarrekening kan vaststellen. De accountant geeft een getrouwheidsoordeel af over de jaarrekening, waarvan de rechtmatigheidsverantwoording onderdeel uitmaakt. De beoordeling van de getrouwheid door de controlerend accountant geeft aan dat vertrouwd mag worden op hetgeen in de rechtmatigheidsverantwoording van het college vermeld staat. Het is feitelijk juist en volledig, maar de uitlatingen die opgenomen zijn in de rechtmatigheidsverantwoording komen geheel voor rekening van het college.
8
In de bijlage is het normenkader 2025 opgenomen. Dit is de voor de accountantscontrole 2025 en de rechtmatigheidscontrole relevante externe en interne wet- en regelgeving. Gezien de omvang van de wet- en regelgeving en de veelheid aan voorwaarden die in de diverse wetten en regels gesteld worden, is het niet haalbaar om alles te betrekken in de rechtmatigheidscontrole over 2025. Inzake het voorwaardencriterium worden daarom de volgende uitgangspunten genomen: • Voorwaarden zoals gesteld in hogere wetgeving behoren vanzelfsprekend tot het normenkader. • Voorwaarden zoals gesteld in eigen interne regelgeving behoren alleen tot het normenkader voor zover het bepalingen betreft die zijn vastgesteld door de raad inzake recht, hoogte en duur. Hiermee worden bepalingen bedoeld die aangeven voor wie een subsidie, bijdrage of uitkering bedoeld is, hoe hoog die moet zijn en voor welke periode die geldt. Nevenvoorwaarden zoals de termijn van aanlevering van verantwoordingen, de vorm van de verantwoording en allerlei andere formele vereisten worden hiermee buiten het normenkader gehouden. Dat wil overigens niet zeggen dat hier niets mee gedaan wordt. Deze vormen geen onderdeel van de rechtmatigheidscontrole bij de jaarrekening.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 februari 2026.
DE GRIFFIER, drs. E.J.C. Apeldoorn-Feijts
DE VOORZITTER, B.C.M. Vostermans
………………….
……………………
Bijlage: Normenkader ten behoeve van de rechtmatigheidscontrole jaarrekening 2025
9