CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-082 04 Begroting 2026 Peel en Maas

Raad 13 november 2025, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Begroting 2026 (2025-082)38.263 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

d. Leges Bij de leges geldt een maximale kostendekkendheid van 100%. Een hogere opbrengst is niet toegestaan. In de paragraaf lokale heffingen is de mate van kostendekkendheid van de verschillende soorten leges opgenomen. e. Verblijfsbelasting De opbrengst van de verblijfsbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. De onbenutte belastingcapaciteit op verblijfsbelasting wordt bepaald door de gemeenteraad omdat de tarieven ook door de gemeenteraad worden vastgesteld. Vanuit het Rijk zijn geen kaders voor de tarieven verblijfsbelasting. f. Nieuwe belastingen De gemeente Peel en Maas kan nog overgaan tot invoering van bepaalde nieuwe belastingen, zoals hondenbelasting, precariorechten en dergelijke. De onbenutte belastingcapaciteit voor deze mogelijke nieuwe belastingen worden bepaald door de gemeenteraad. Ruimte in de begroting De positieve begrotingssaldi behoren ook tot de structurele weerstandscapaciteit.

4. Risico’s 4.1 Risicomanagement bij de gemeente Peel en Maas Risicomanagement staat in het wettelijk kader van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De uitgangspunten voor het risicomanagement van de gemeente Peel en Maas zijn: • Het inzichtelijk maken van de risico’s die de gemeente loopt • Risicobewustzijn van de organisatie stimuleren en vergroten • Het maken van verantwoorde keuzes in het al dan niet aanvaarden van risico’s • Zorgdragen dat het optreden van risico’s zo weinig mogelijk effect heeft op de uitvoering van bestaand beleid en voorzieningen • Minimaliseren van de financiële, imago- en vertragingsgevolgen van ontstane risico’s • Het voldoen aan de wettelijke vereisten over het weerstandsvermogen uit het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De nota risicomanagement besteedt aandacht aan de taken en verantwoordelijkheden van de verschillende actoren in de organisatie op het gebied van risicomanagement. Om te zorgen voor implementatie en monitoring van het risicomanagementbeleid is het kernteam risicomanagement ingesteld. De structurele verankering van het risicomanagement is een meerjarig proces. Hierbij is steeds aandacht voor de in de nota opgenomen uitgangspunten/doelstellingen. 4.2 De belangrijkste risico’s Risico’s ontstaan voornameljk door: 1. eigen beleid; 2. beleid van een hogere overheid; 3.

samenwerking met andere gemeenten of instanties; 4. het doen/nalaten van derden; 5. niet te beïnvloeden (autonome) ontwikkelingen; 6. bedrijfsvoering. 4.2.1. Risico's voortvloeiende uit het eigen beleid Het ontwikkelen en uitvoeren van (eigen) beleid van de gemeente betekent ook dat er risico’s ontstaan op diverse gebieden. De belangrijkste risico’s zijn: - Grondexploitatie en projecten Aan investeringsprojecten en grondexploitatie wordt jaarlijks kosten van personeel doorbelast. Afname of toename van de bouwactiviteiten en investeringen alsmede uitstel van de uitvoering van projecten heeft dus directe consequenties voor de exploitatiebegroting. Dit wordt gemonitord en indien nodig vindt bijstelling plaats. De risico’s m.b.t. grondexploitatie worden specifiek afgedekt via de risicoreserve grondexploitatie en de verliesvoorzieningen voor specifieke grondexploitatieprojecten. - Open eind regelingen Sociaal domein In het sociaal domein bestaan de meeste open-einde regelingen die in financiële zin een belangrijk risico vormen. Meer specifiek gaat het hierbij om de volgende onderdelen: 97

Jeugdzorg, Wmo en participatie; De door het Rijk gedecentraliseerde taken op het gebied van jeugdzorg en WMO-begeleiding betreffen grotendeels open-einde regelingen. De rijksbudgetten die samen met de taken naar de gemeenten zijn overgeheveld zijn onvoldoende om alle uitgaven te dekken wat de risico’s nog groter maakt. Sinds de invoering in 2015 kende het sociaal domein in Peel en Maas tot 2022 jaarlijks relatief geringe tekorten (kleiner dan 5% van het budget). Vanaf 2022 zijn de uitgaven in het sociaal domein binnen de begroting gebleven. Er zijn diverse beheersmaatregelen getroffen zoals nauwe samenwerking met huisartsen over verwijzingen, zelf hulpverlenen door gezinscoaches, voorliggende voorzieningen zoals dorpsontmoetingen faciliteren waarmee we de uitgaven in de hand proberen te houden. Het feit blijft echter wel, dat het gaat om open einde regelingen waarbij een enkele casus grote financiële impact kan hebben. De kostenontwikkeling bij de aanbieders in het sociaal domein (m.n. personeelskosten) maakt ook dat de tarieven onder druk komen te staan. In regionaal verband kopen we de meest intensieve (en dure) vormen van jeugdhulp gezamenlijk in en worden de kosten via een vaste verdeelsleutel verdeeld. Uitkeringen participatiewet – Werk en Inkomen Voor Werk en inkomen geldt dat een overschot van de Rijksuitkering (BUIG) vrij besteedbaar is.

Aan de andere kant komt een tekort (rijksmiddelen zijn lager dan uitgaven) voor eigen rekening. Indien er een tekort van meer dan 7,5% ontstaat kan, onder bepaalde voorwaarden, een beroep worden gedaan op een vangnetuitkering. Daarvoor moeten in het jaar zelf aantoonbaar maatregelen getroffen worden om het tekort te verminderen en daarover moet ook met de gemeenteraad zijn gecommuniceerd. - Garantstellingen In het treasurystatuut is de mogelijkheid opgenomen dat de gemeente Peel en Maas zich garant stelt voor leningen aan derden. Als dat gaat om garantstellingen voor verenigingen en stichtingen wordt in samenwerking met de desbetreffende bank al kritisch bekeken of de vereniging/instelling in de toekomst aan de rente en aflossingsverplichtingen kan voldoen. In indirecte zin staat de gemeente ook garant als ‘achtervang’. Dat betreft specifiek de volgende situaties: Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) De gemeente staat via de WSW garant voor de geldleningen van de woningcorporaties Antares en Wonen Limburg. Als ‘achtervanger’ is de gemeente verplicht om renteloze leningen te verstrekken aan het waarborgfonds als dit in liquiditeitsproblemen komt door een te laag fondsvermogen. Gelet op de omvang van het Waarborgfonds Sociale woningbouw (WSW) wordt dit risico als zeer laag ingeschat.

Waarborgfonds Eigen Woningbouw (WEW) De gemeente fungeert als achtervang bij Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW). Het WEW biedt via de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) aan de geldgevers zekerheid voor het geval de hypotheekgever niet aan zijn financiële verplichtingen voldoet. Geldgevers kunnen het WEW aanspreken voor de restschuld bij gedwongen verkoop van de particuliere woningen. De achtervangfunctie van de gemeente geldt alleen voor hypotheken die tot 1 januari 2011 zijn afgesloten, daarna is sprake van 100% achtervang van het Rijk. Hierdoor neemt de achtervangpositie jaarlijks verder af. Gelet op de omvang van het WEW wordt het (financieel) risico als zeer laag ingeschat. 4.2.2 Risico's voortvloeiende uit het beleid van hogere overheid De rijksoverheid, Europese unie en/of de provincie kunnen regelgeving aanpassen of wetten invoeren die voor gemeenten grote impact hebben. De gevolgen voor gemeenten kunnen financieel van aard zijn maar uiteraard ook organisatorisch grote invloed hebben. De gemeente Peel en Maas onderkent de volgende specifieke risico’s m.b.t. het beleid van hogere overheden: - Algemene uitkering uit het gemeentefonds (relatie met algemene dekkingsmiddelen) Voor de verdeling van de algemene uitkering worden een aantal maatstaven gebruikt (zoals inwoneraantallen, aantal uitkeringsgerechtigden, aantal woningen etc.).

Om de algemene uitkering te bepalen wordt een inschatting gemaakt van het verloop van de maatstaven. In werkelijkheid kunnen die maatstaven afwijken van de inschattingen. De omvang van het gemeentefonds is gekoppeld aan de ontwikkeling van het Bruto Binnenlands product (BBP) waardoor minder grote schommelingen zullen ontstaan. Voorheen was de omvang van het gemeentefonds gekoppeld aan het niveau van de rijksuitgaven en was het verloop veel grilliger. In de jaren tot en met 2028 zou het gemeentefonds op die basis hoger zijn dan de BBPsystematiek en heeft het Rijk in die jaren compensatie toegezegd. Hoe de ontwikkelingen na 2028 zijn is nog onduidelijk. 98

- Rijksmiddelen en –beleid m.b.t. Jeugdzorg, WMO begeleiding en participatie De rijksmiddelen voor het sociaal domein worden verdeeld op basis van objectieve modellen waardoor op termijn de inkomsten en uitgaven (meer) in evenwicht moeten komen en gemeenten meer zekerheid krijgen over de verwachte inkomsten. Er is extra compensatie toegekend om de tekorten bij de jeugdzorg af te dekken. Die extra middelen zijn vooralsnog tijdelijk en het rijk zet in op aanvullende maatregelen om de kosten te beperken (hervormingsagenda Jeugd, afschaffen abonnementstarief Wmo e.d.). In hoeverre die maatregelen ook daadwerkelijk effectief zijn is nog maar de vraag. Veel van de nu aangekondigde maatregelen uit de hervormingsagenda worden immers al lokaal of regionaal toegepast in Peel en Maas. - Dwingende uitspraken m.b.t. PAS (Plan aanpak stikstof) De Raad van State heeft uitspraak gedaan over het PAS. Vooraf toestemming geven voor activiteiten die schadelijk kunnen zijn voor beschermde natuurgebieden mag niet meer. Daardoor is het verlenen van vergunningen voor activiteiten, in de buurt van Natura2000 gebieden, waar stikstof bij vrijkomt lastiger. Dit kan ook voor ons gevolgen hebben omdat investeringen uitgesteld worden en opbrengsten voor bouwleges en vergunningverlening teruglopen.

Mogelijk leidt dit ook tot stagnerende woningbouw wat ook consequenties kan hebben voor bijvoorbeeld de huisvesting van statushouders. 4.2.3. Risico's voortvloeiende uit de samenwerking met andere gemeenten en instanties Samenwerking met andere partijen betekent dat er ook een risico ontstaat wanneer er bij de betreffende partners bijv. financiële of organisatorische problemen ontstaan. Bij de gemeente Peel en Maas geldt dat in het bijzonder bij de volgende situaties: - Gemeenschappelijke regelingen (GR) De gemeente kan worden geconfronteerd met financiële tegenvallers van gemeenschappelijke regelingen. Op basis van de regelingen en de bestaande financiële situatie van de GR kunnen deelnemende gemeenten moeten bijdragen om zo’n verlies / tekort af te dekken. Concrete voorbeelden van de risico’s bij gemeenschappelijke regelingen zijn Veiligheidsregio/GGD, RUD en NLW. - Samenwerkingsovereenkomsten Op meerdere terreinen worden de taken van de gemeente uitgevoerd in samenwerking met anderen. Zo wordt er samengewerkt met de gemeenten in de regio op het gebied van belastingen, brandweer, vergunning toezicht en handhaving. Ook op het gebied van het sociaal domein doen we een aantal zaken samen met gemeenten in Noord en Midden Limburg.

- Lokale vrijheid versus regionale en landelijke afspraken Er worden meer taken in regionaal verband uitgevoerd en dat gaat vaak ten koste van de lokale vrijheid om zaken op een ‘Peel en Maas-manier’ op te lossen. Hierin moet een balans gevonden tussen de lokale vrijheid en de efficiency van regionale uniformering. Ook landelijke regelgeving is met enige regelmaat strijdig met de lokale uitgangspunten van Peel en Maas (zoals bijv. BTW-problematiek Zorgcoöperatie, BOSA-subsidies bij sportaccommodaties). De vraag daarbij is of we de lokale uitgangspunten gaan aanpassen of inzetten op aanpassing van de landelijke en regionale afspraken. 4.2.4. Risico's voortvloeiende uit het doen/ nalaten van derden De gemeente Peel en Maas heeft tal van overeenkomsten afgesloten met derden. Wanneer deze partijen hun verplichtingen niet nakomen ontstaan en voor de gemeente mogelijk financiële gevolgen. 4.2.5. Risico's voortvloeiende uit voor de gemeente niet te beïnvloeden ontwikkelingen Op veel zaken die gebeuren kan de gemeente geen of nauwelijks invloed uitoefenen. Dat zijn meestal autonome ontwikkelingen. De belangrijkste risico’s zijn: - ontwikkelingen grondexploitatie; - renteontwikkeling; - belastingen en heffingen; - ontwikkelingen in andere bedrijfstakken. Het effect van de loon- en prijsinflatie was de afgelopen periode erg groot.

Door externe oorzaken stegen prijzen veel sneller dan was geraamd. Naast de reguliere indexering op productniveau nemen we in de begroting een algemene stelpost op om knelpunten als gevolg van inflatie in de exploitatie gericht te kunnen compenseren mocht dat nodig zijn. 99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=6c1a21d9-95bb-4f53-9b96-4c5e32c2e3ea