2025-062 17 Bijlage 1 bij Regels - Natuurvergunningen (geanonimiseerd)
Tekst van het document
182921,
Hangmoor Damerbruch (22 km)
213860,
0,09
0,08
-0,01
190 km
034
033
-0,01
22,3km
353717
380180
vergund
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
beoogd
pagina8/23
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
Emissie
(per bron) vergund
Naam
stal1-1
Locatie (X,Y)
194183, 368738
Uitstoothoog
45m
11,85 °C L
Uittreeddiameter
59m
uittreedrichting
Verticaal geforceerd 0,9 m/s 759,00 kg/j
Uittreedsnelheid
NH3
RAV
code
Omschrijving
Aantal
Stof
dieren
11154
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, inclusief
Emissie
(kgjdierj)
6240
NH3
0100
624,00 kg/j
300
NH3
0,950
135,00 kg/j
biggen tot 25 kg; biggenopfok (gespeende biggen)) (BWL 2009.12) gedeeltelijk roostervloer; 3.2.15.9
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd Iuchtwassysteem 85% emissiereductie
met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot 7
maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 2009.12)
Resultate
vergund
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
beoogd
pagina9/23
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
d
Naam
stal 2-2a
toatean
194155, 368680
Uitstoothoo
36m
Temperatuur
emissie
uittreeddiameter
Uittreedrichting Uittreedsnelheid
NH3
RAV
code
Omschrijving
11,85 °C 45m
Verticaal geforceerd 0,7 m/s 505,36 kg/j Aantal
Stof
dieren
1274
gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, indlusief biggen tot 25 kg: kraamzeugen (inc. biggen tot spenen))
Emissie
(kgjdierj)
150
NH3
1300
195,00 kg/j
2
NH3
0,830
1,66 kg/i
NH3
0,630
308,70 kg/j
(BWL 2009.12)
D2.4.4
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd
luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; dekberen, 7 maanden en ouder) (BWL 2009.12)
13124
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, inclusief
490
biggen tot 25 kg; guste en dragende zeugen) (BWL 2009.12)
Resultate
vergund beoogd
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
Naam
stal 2-2b
Locatie (X,Y)
194169, 368708
4 Uitstoothoo L
RAV
code
1274
36m
Temperatuuremissie
11,85 °C
uitreeddiameter
4,5 M
uieediewing Uitreedsnelheid NH3
_ Verticaal geforceerd _ 0,7 M/S 505,36 kg/j
Omschrijving
Aantal Stof
gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; fokzeugen, inclusief biggen tot 25 kg; kraamzeugen (incl. biggen tot spenen))
150
NH3
1300
195,00 kg/j
2
NH3
0,830
1,66 kg/j
NH3
0,630
308,70 kg/j
dieren
Emissie
(kgjdierj)
(BWL 2009.12)
D2.4.4
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd
uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; dekberen, 7 maanden en ouder) (BWL 2009.12)
13124
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, inclusief
490
biggen tot 25 kg; guste en dragende zeugen) (BWL 2009.12)
Resultate
vergund beoogd
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
ë
stal 3-3a 194197, 368767 48m 11,85 °C
Naam Locatie (X,Y)
Uitstoothoogte
A <
Temperat
7,0m
Uittreeddiameter
Verticaal geforceerd 0,7 m/s 1.404,00 kg/j
Uittreedrichting Uittreedsnelheid
NH3
Dier
RAVcode
Aantal
Omschrijving
Stof
Emissie
dieren
-
D 3.2:15.4
gedeeltelijk roostervloer; uchtwassystemen anders dan
3120
(Kgjdierfj)
NH3
0,450
1.904,00 kg/j
biologisch of chemisch: gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens,
opfokberen van circa 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 200912}
Naam
Locatie (X‚v) Uitstoothoogte Temperatuur Ui
iameter
Uitreedrichting
/
heid
Dier
RAVcode
Omschrijving
emis ie
stal 3-3b 194211, 368794 48m 11,85 °C 7om
Verticaal geforceerd 0,7 m/s 1.404,00 kg/j Aantal
Stof
dieren
-”
D 3.2.15.4
vergund
gedeeltelijk roostervloer; uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot7 maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 2009.12)
3120
_
Emissiefactor
Emissie
(kgydier/j)
NH3
0,450
1.404,00 kg/j
Re7aAgYanRu (20 mei2020) pagina12/23
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
stal 4-qa 194225, 368824 48m 11,85 °C
Naam Locatie (X,Y)
Uitstoothoogte Tempe: Uittreeddiameter
Uittreedrichting Uittreedsnelheid
NH3
Dier
RAVcode
7,0m
Verticaal geforceerd 0,7 m/s 1.404,00 kg/j Aantal
Omschrijving
Stof
_
dieren
-
D 3.2:15.4
gedeeltelijk roostervloer; uchtwassystemen anders dan
biologisch of chemisch:
3120
Emissiefactor
Emissie
(Kgjdierfj)
NH3
©,950
1.409,00 kg/j
gecombineerd
uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens,
opfokberen van circa 25 kg tot 7 maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 200912}
\
Naam \
y
Locatie (X‚v) \
W
Uitstoothoog Temperatuur
emissie
Uittreeddiameter
Uitreedrichting Uittreedsnelheid
NH3
Dier
RAVcode
Omschrijving
stal 4-q4b 194239, 368851 48m 11,85 °C 7om
Verticaal geforceerd 0,7 m/s 1.404,00 kg/j Aantal
Stof
dieren
-”
D 3.2.15.4
vergund
gedeeltelijk roostervloer; uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot7 maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 2009.12)
3120
_
Emissiefactor
Emissie
(kgydier/j)
NH3
©,450
1.409,00 kg/j
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
AERIUS @ CALCULATOR
Resultaten
Emissie
(per bron)
\
beoogd
‘
Naam
stal1 big
LogztieKy)
194173, 368715
Uitstoothoogte Temperat
83m
ssie 11,85 °C
Uittreeddiameter
L
Dier
RAVcode
° uittreedrichting uittreedsnelheid NH3
_ Omschriving
58m
Verticaal geforceerd 0,8 m/s 624,00 kg/j Aantal
Stof
Emissie
dieren
-
D
luchtwassystemen anders dan
1145.4
RAVcode
6240 NH3
\
Naam
stal2 big
’
Locatie (X,Y) Uitstoothoogte
194297, 368697 9om
D 1145.4
62400 kg/j
uitre d iameter 444M
Temperatuuremissie
Uittreedrichting Uitreedsnelheid NH3
_ Omschriving
11,85 °C
Verticaal geforceerd _ 1,5 M/S 672,00 kg/j Aantal
Stof
dieren
”
0100
_ biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, inclusief biggen tot 25 g; biggenopfok (gespeende biggen))
\ ‘ Dier
(e/dierf)
luchtwassystemen anders dan
6720 NH3
_
Emissiefactor ierf)
0100 _ 672,00 kg/j
_ biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, inclusief
biggen tot 25 g; biggenopfok (gespeende biggen))
vergund beoogd
Re7aAgYanRug(20pagina19/23 mei 2020)
AERIUS @ CALCULATOR
Resultaten
\ …
_ Dier
D RAVcode
Naam Locatie (X,Y)
stal3 big 194315, 368733
Uitstoothoogte
9om
Temperatuuwremissie
11,85 °C
Uinreeddameer
GGM
NH3
672,00 kg/j
° uittreedrichting Verticaal geforceerd uitreedsneiheid _ 1,5 M/S
_ Omschriving
Aantal
Stof
Emissie
dieren
-
D
luchtwassystemen anders dan
1145.4
6720
Uitstoothooge
& \
L
RAVcode
NH3
D 1145.4
_ 672,00 kg/j
stal 4 big 194333, 368770 _
9,0M
Temperatuuremissie
11,85 9C
uitreeddiameter
444M
uireediewing Uitreedsnelheid NH3
_ Omschriving
_ Verticaal geforceerd _ 1,5 M/S 672,00 kg/j Aantal
Stof
dieren
”
0100
_ biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, inclusief biggen tot 25 g; biggenopfok (gespeende biggen))
Naam Locatie (X,Y)
Dier
(kg/dier/j)
luchtwassystemen anders dan
6720 NH3
_
Emissiefactor ierf)
0100 _ 672,00 kg/j
_ biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, inclusief
biggen tot 25 g; biggenopfok (gespeende biggen))
vergund beoogd
Re7aAgYanRug(20pagina15/23 mei 2020)
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
e Locatie (X,Y)
’ L
Uitstoothoog
10,0Mm
Temperat
11,85 °C
Uittreeddiameter
44m
Uittreedrichting
Verticaal geforceerd 1,4 m/s 941,37 kg/j
Uittreedsnelheid
NH3
RAVcode
stal1 zeug 194533, 368779
_ Omschrijving
Aantal
Stof
dieren
D 1.2277.4
gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; fokzeugen, inclusief biggen tot 25 kg; kraamzeugen (incl. biggen tot spenen))
Emissie
(kg/dier/j)
265
NH3
1,300
344,50 kg/j
835
NH3
0,630
526,05 kg/j
4
NH3
0,830
332 kg/j
150
NH3
0,450
67,50 kg/j
(BWL 2009.12)
D 1312.9
uchtwassystemen anders dan _ biologisch of chemisch; gecombineerd
luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens:; fokzeugen, inclusief
biggen tot 25 kg; guste en dragende zeugen) (BWL 2010.02)
D2.4.4
luchtwassystemen anders dan
biologisch of chemisch; gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; dekberen, 7 maanden en ouder) (BWL 2007.02)
D
3.245.4
gedeeltelijk roostervloer;
_ luchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd Iuchtwassysteem 85% emissiereductie
met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot 7
maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 2010.02)
Resultate
vergund
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
beoogd
pagina16/23
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
Naam
Locatie (X,Y)
a m
L
°
Uitstoothoog
10,0Mm
Temperat
11,85 °C
Uittreeddiameter vntreedriching
44m
Uittreedsnelheid
NH3
RAV
code
stal 2 zeug 194553, 368816
Omschrijving
Verticaal geforceerd 1,4 m/s 941,37 kg/j Aantal
Stof
dieren
1274
gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, indlusief biggen tot 25 kg: kraamzeugen (inc. biggen tot spenen))
Emissie
(kg/dier/j)
265
NH3
1,300
344,50 kg/j
835
NH3
0,630
526,05 kg/j
4
NH3
0,830
332 kg/j
150
NH3
0,450
67,50 kg/j
(BWL 2009.12)
1312.4
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd
luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens:; fokzeugen, inclusief
biggen tot 25 kg; guste en dragende zeugen) (BWL 2010.02)
D2.4.4
luchtwassysternen anders dan
biologisch of chemisch; gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; dekberen, 7 maanden en ouder) (BWL 2007.02)
gedeeltelijk roostervloer; 3.2.15.9
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd Iuchtwassysteem 85% emissiereductie
met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot 7
maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 2010.02)
Resultate
vergund
Re7aAgYanRug (20 mei2020)
beoogd
pagina17/23
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
Naam
Locatie (X,Y)
L
Uitstoothoog
10,0Mm
Temperat
11,85 °C
Uittreeddiameter
44m
Uittreedrichting
Verticaal geforceerd 1,4 m/s 941,37 kg/j
Uittreedsnelheid
NH3
RAV
code
stal 3 zeug 194574, 368857
Omschrijving
Aantal
Stof
dieren
1274
gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, indlusief biggen tot 25 kg: kraamzeugen (inc. biggen tot spenen))
Emissie
(kg/dier/j)
265
NH3
1,300
344,50 kg/j
835
NH3
0,630
526,05 kg/j
4
NH3
0,830
332 kg/j
150
NH3
0,450
67,50 kg/j
(BWL 2009.12)
1312.4
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd
uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens:; fokzeugen, inclusief
biggen tot 25 kg; guste en dragende zeugen) (BWL 2010.02)
D2.4.4
luchtwassysternen anders dan
biologisch of chemisch; gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; dekberen, 7 maanden en ouder) (BWL 2007.02)
gedeeltelijk roostervloer; 3.2.15.9
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd Iuchtwassysteem 85% emissiereductie
met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot 7
maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 2010.02)
Resultate
vergund
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
beoogd
pagina18/23
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
stal 5 big 194263, 368638 Uitstoothoogte
90m
11,85 °C Uittreeddiameter
Uittreedrichting Uittreedsnelheid
Dier
RAVcode
_ Omschrijving
44m
Verticaal geforceerd 1,5 Mm/s 672,00 kg/j Aantal
Stof
dieren
”
D 1145.4
uchtwassystemen anders dan
6720
Emissie
(kejdierj)
NH3
0100
67200 kg/j
_ biologisch of chemisch; gecombineerd uchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varke kzeugen, inclusief biggen tot 25 kg; biggenopfok (gespeende biggen))
Re7aAgYanRu (20 mei2020) pagina19/23
Resultaten
AERIUS @ CALCULATOR
g ,
Locatie (X,Y)
stal q zeug 194594, 368894
Uitstoothoogte
10,0Mm
Temperatuur emissie
11,85 °C
uittreeddiameter
44m
aam
y
Uittreedrichting Uittreedsnelheid
NH3
Dier
RAVcode
Omschrijving
Verticaal geforceerd 1,4 m/s 941,37 kg/j Aantal
Stof
dieren
”
D 12474
gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens: fokzeugen, indlusief biggen tot 25 kg: kraamzeugen (inc. biggen tot spenen))
Emissie
(kg/dier/j)
265
NH3
1,300
344,50 kg/j
835
NH3
0,630
526,05 kg/j
4
NH3
0,830
332 kg/j
150
NH3
0,450
67,50 kg/j
(BWL 2009.12)
”
D 13-12.4
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd
luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens:; fokzeugen, inclusief
biggen tot 25 kg; guste en dragende zeugen) (BWL 2010.02)
m
D244
luchtwassysternen anders dan
biologisch of chemisch; gecombineerd luchtwassysteem 85% emissiereductie met watergordijn en biologische wasser (Varkens; dekberen, 7 maanden en ouder) (BWL 2007.02)
m
D
gedeeltelijk roostervloer;
3.2.15.4
uchtwassystemen anders dan biologisch of chemisch; gecombineerd Iuchtwassysteem 85% emissiereductie
met watergordijn en biologische wasser (Varkens: vleesvarkens, opfokberen van circa 25 kg tot 7
maanden, opfokzeugen van circa 25 kg tot eerste dekking } (BWL 2010.02)
Resultate
vergund beoogd
Re7aAgYanRu (20 mei2020) pagina
20/23
AERIUS
5
Resultaten
@ CALCULATOR
’
vervoer big 194303, 368669
f
NOx 100
2,17 kg/j <1kg/j
m
Voerwig
Aantal
voe
stof
Standaard
Licht verkeer
1000,0/jaar
NOx NH3
<1kg/j <1kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
2.334,0/jaar NOx
210 kg/j
NH3
<1kg/j
Locatie (KY) NOx NH3
Standaard
Standaard
Licht verkeer
194344, 368750 1,15 kg/j <1kg/j
1.600,0/jaar
Zwaar vrachtverkeer
’
vervoer zeug
NOx
<1kgjj
NH3
<1kgjj
562,0/jaar NOx
<1kgjj
NH3
<1kg/j
Naam
vervoer mest
ocatie (K,V)
194291, 368646
NOx NHs
1,35 kg/j <1kg/j
100m
Resulaten
soort
Voerwig
Aantal voertuigen
Stof
Emissie
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
1926,0/jaar NOx
1,35 kg/j
NH3
<i1kgjj
vergund
Re7aA9YanRua (2omei 2020}
beoogd
pagina21/23
AERIUS
Resultaten
@ CALCULATOR
vervoer tussen locaties
Naam
194378, 368814
<1kg/j <1kgjj
# Aantal
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
\ '‚
voerwigen
Stof
Emissie
338,0/jaar
NOx NH3
<ikgjj <1kg/j
Naam
Bronnen biggenstallen
1942495, 368732 N
/
4,91 kgjj
N
I_‘_I uitstoot
Spre
ho
STAGE IV, 75
Lossen voer
Warmte
Stof
Emissie
NOx
4,91 kg/j
Stof
Emissie
NOx
3,61 kg/j
inhoud (MW)
4140
730 kW, bouwjaar 2019/0, Cat. R
Bronnen zeugen 194506, 368867
3,61 kg/j
Voertuig
Uitstoot
Omschrijving
Spreiding
_ Warmte
hoe
STAGEIV,75-
_
Lossenvoer
3045
130 kW, bouwjaar 2019/01, Cat. R
Resultate
vergund
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
beoogd
pagina22/23
AERIUS @ CALCULATOR Disclaimer
Resultaten
_ Hoewelverstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelikheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden
informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerkin Europa. Alle rechten di niet expliiet worden verieend, zijn voorbehouden
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS Database
versie 2019A_20200403_6c571f965a _
versie 2019A_20200403_6c571f9654
Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: teps:/wwwaerius.nl/nlffactsheetsrelease/aerius-calculator-2019A
Resultaten
_
vergund
Re7aAgYanRu (20 mei2020)
beoogd
pagina 23/23
Bijlage 2: Onherroepelijke Vergunning Wet natuurbescherming 2015
3
Voortoers Natura2000- Bestemmingsplan De Horsten
provincie limburg ;ä &
Besluit van Gedeputeerde Staten van Limburg
Vergunning Artikel 16/19d Natuurbeschermingswet 1998
H.M.M. Rutten Holding B.V., De Horsten 20 te Egchel Zaaknummer:
Kenmerk:
Verzonden:
2014-0012
2015/71566
d.d.
US OKT, 2015
1 oktober
2015
1.
Aanvraag
Bij brief van 24 december 2013, ontvangen op 24 december 2013, heeft FarmConsult namens H.M.M. Rutten Holding B.V., Wethouder Tielenstraat 4 te Egchel een vergunning ex artikel 16/19d van de
Natuurbeschermingswet 1998 (Nbw 1998) aangevraagd voor het oprichten en exploiteren van een varkenshouderij, op de locatie De Horsten 20 te Egchel. De inrichting is gelegen nabij de Natura 2000gebieden “Leudal”, “Swalmdal’, “Groote Peel en “Deurnsche Peel en Mariapeel". De aanvraag is geregistreerd onder nummer 2014-0012. Op 30 juni 2015 zijn aanvullende gegevens ontvangen.
2.
Procedure en zienswijze
21.
Procedure
De aanvraag wordt afgehandeld met toepassing van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. De aanvraag om vergunning en een ontwerp van dit
besluit hebben van 5 augustus 2015 tot en met 15 september 2015 voor een ieder ter inzage gelegen in het gouvernement te Maastricht (bibliotheek) en het gemeentehuis van de gemeente Peel en Maas.
Gedurende deze termijn kon een ieder bij het bestuursorgaan schriftelijk dan wel mondeling zienswijzen inbrengen. Het ontwerpbesluit en de kennisgeving konden in genoemde periode tevens worden geraadpleegd via de internetsite van de Provincie Limburg (www.limburg.nl). Binnen de termijn waarin de
aanvraag en het ontwerpbesluit ter inzage hebben gelegen zijn geen zienswijzen ingediend. Op grond van artikel 2, vijfde lid, en/of artikel 2a, vierde lid, van de Nbw 1998, is voor het besluit op de aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, overeenstemming vereist met het/de
college(s) van Gedeputeerde Staten van alle provincies waarin (delen van) Natura 2000-gebieden zijn gelegen waarvoor het aangevraagde project/de aangevraagde andere handeling gevolgen kan hebben. Het aangevraagde project/de aangevraagde andere handeling kan gevolgen hebben voor (delen van)
Natura 2000-gebieden gelegen in de provincies Noord-Brabant. Met het college van Gedeputeerde Staten van voornoemde provincie bestaat overeenstemming over het voorliggende besluit. 22.
Zienswijzen ten aanzien van de aanvraag
Ter voldoening aan het bepaalde in artikel 44, tweede en derde lid, van de Nbw 1998 hebben wij het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Peel en Maas n de gelegenheid gesteld hun zienswijze naar voren te brengen over de aanvraag. De gemeente Peel en Maas heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om een zienswijze naar
voren te brengen met betrekking tot deze aanvraag.
Zaaknummer:
2015/71566
2
3.
Beoordelingskader en de beschermde gebieden
31.
Natuurbeschermingswet 1998
Artikel 19d van de Nbw 1998 heeft betrekking op de vergunningplicht in verband met Natura 2000-
gebieden (Habitatrichtlijn- en Vogelrichtlijngebieden) binnen en buiten Nederland. Op grond van artikel 19d, eerste lid, van de Nbw 1998 is een vergunning van Gedeputeerde Staten vereist voor de uitvoering van projecten of andere handelingen die de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van
soorten in een Natura 2000-gebied kunnen verslechteren of een signíficant verstorend effect kunnen hebben op de soorten waarvoor het gebied is aangewezen. Zodanige projecten of andere handelingen zijn in ieder geval projecten of handelingen die de natuurlijke kenmerken van het gebied kunnen aantasten.
Bij het beslissen op een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de Nbw
1998 dient overeenkomstig het bepaalde in artikel 19e van de Nbw 1998 rekening te worden gehouden met de gevolgen die een project of andere handeling kan hebben gelet op de instandhoudingsdoelstellingen van het betrokken Natura 2000-gebied. Tevens kan rekening worden
gehouden met vereisten op economisch, sociaal en cultureel gebied, alsmede met regionale en lokale bijzonderheden.
Voor zover een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de Nbw voorziet in een project of andere handeling welke stikstofdepositie veroorzaakt op voor stikstof gevoelige habitats in een Natura 2000-gebied, is van belang dat op 1 juli 2015 de Programmatische Aanpak
Stikstof (PAS) in werking is getreden. De PAS bestaat uit een wijziging van de Nbw 1998, alsmede uit het Besluit grenswaarden programmatische aanpak stikstof, de Regeling programmatische aanpak stikstof en het desbetreffende programma. Doel van de PAS is het vinden van evenwicht tussen
ecologie en economie. Daartoe bevat de PAS enerzijds maatregelen die leiden tot een (verdere) afname van stikstofdepositie en het op een redelijke termijn behalen van de instandhoudingsdoelstellingen van de in de PAS opgenomen Natura 2000-gebieden. Anderzijds komt
via de PAS een gedeelte van de met de maatregelen bereikte afname van stikstofdepositie weer beschikbaar voor nieuwe economische ontwikkelingen die stikstofdepositie veroorzaken op voor stikstof gevoelige Natura 2000-gebieden. De PAS voorziet voor aanvragen om een vergunning als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de Nbw 1998 die zijn ingediend vóór 1 juli 2015, in overgangsrecht. Zo volgt uit artikel 67a van de Nbw 1998 dat de artikelen 19km, 19kn en 19ko onder omstandigheden niet van toepassing zijn op deze categorie vergunningaanvragen. Daarnaast kent het vierde lid van 19km van de Nbw 1998 voor deze aanvragen een specifieke uitzondering op het in het derde lid van dezelfde bepaling opgenomen externe salderingsverbod voor projecten en andere handelingen die betrekking hebben op een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer en stikstofdepositie veroorzaken op een
in de PAS opgenomen Natura 2000-gebied. Als resultaat van een en ander is het regime van de PAS voor een belangrijk gedeelte niet van toepassing op vergunningaanvragen als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de Nbw 1998 die weliswaar voorzien in het veroorzaken van stikstofdepositie op een in
de PAS opgenomen Natura 2000-gebied, maar zijn ingediend vóór 1 juli 2015.
Zaaknummer:
2015/71566
3
Met inachtneming van het vorenstaande en de huidige jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, geldt voor de beoordeling van aanvragen om een vergunning als bedoeld in artikel 19d, eerste lid, van de Nbw 1998 die voorzien in het veroorzaken van
stikstofdepositie op voor stikstof gevoelige Natura 2000-gebieden én vallen onder het overgangsrecht van de PAS, in zoverre het volgende. Voor zover een zodanige vergunningaanvraag voorziet in het veroorzaken van stikstofdepositie op een stikstofgevoelig Habitatrichtlijngebied, kan de vergunning in zoverre worden verleend indien voor de
exploitatie van de inrichting niet eerder een vergunning op grond van de Nbw 1998 of de Natuurbeschermingswet (oud) is verleend én de aanvraag niet voorziet in een toename van stikstofdepositie op de voor stikstof gevoelige habitats ten opzichte van de situatie met de laagst toegestane ammoniak/NOx-emissie op grond van de Wet milieubeheer of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in de periode tussen 7 december 2004 en de datum waarop wordt besloten op de
aanvraag (= de referentiesituatie). Voorziet bedoelde aanvraag ten opzichte van voornoemde referentiesituatie (wel) in een toename van stikstofdepositie op de voor stikstof gevoelige habitats in een Habitatrichtlijngebied en is sprake van een project, dan dient ingevolge artikel 19f van de Nbw 1998 een
passende beoordeling te worden overgelegd. In een zodanige situatie kan de aangevraagde vergunning
in zoverre uitsluitend worden verleend indien door middel van een rechtsgeldige externe saldering, andere mitigerende (beheer)maatregelen of een adequate ecologische onderbouwing uit deze passende beoordeling blijkt dat significante effecten op het betreffende Habitatrichtlijngebied zijn uitgesloten casu quo de zekerheid is verkregen dat de natuurlijke kenmerken van dat gebied niet zullen worden aangetast. Voor zover een vergunningaanvraag als hier bedoeld voorziet in het veroorzaken van stikstofdepositie op een Vogelrichtlijngebied, dan is het hiervoor gestelde in relatie tot Habitatrichtlijngebieden van overeenkomstige toepassing. Dit laatste met dien verstande dat als referentiesituatie geldt de situatie met de laagst toegestane ammoniak/NOx-emissie op grond van de Hinderwet, de Wet milieubeheer of de Wet
algemene bepalingen omgevingsrecht in de periode tussen de datum waarop het desbetreffende gebied ter uitvoering van de Vogelrichtlijn is aangewezen en de datum wordt besloten op de
vergunningaanvraag. Let wel: in voorkomend geval dat een Vogelrichtlijngebied is aangewezen vóór 10 juni 1994, dient 10 juni 1994 als begindatum van de bij de referentiesituatie aan te houden periode te worden gehanteerd.
Overigens kán bij de beoordeling van vergunningaanvragen als bedoeld in de artikelen 19d, eerste lid, van de Nbw 1998 die (mede) voorzien in het veroorzaken van stikstofdepositie op een Limburgs Vogelrichtlijngebied, de door ons college bij besluit van 27 november 2012 vastgestelde Beleidslijn
“Toetsing stikstofdepositie bij Limburgse Vogelrichtlijngebieden” (verder: de beleidslijn) n aanmerking worden genomen. Voorziet de betreffende vergunningaanvraag in een project en wordt deze beleidslijn in aanmerking genomen, dan dient aan de hand van een aan deze beleidslijn gerelateerde passende beoordeling te worden aangetoond dat voor zover de vergunningaanvraag voorziet in een (tijdelijke) toename van stikstofdepositie op één of meer Limburgse Vogelrichtlijngebieden bedoelde toename in de
vorm van een externe saldering of anderszins wordt gemitigeerd. Volgens de beleidslijn geldt daarbij in de regel als toetsmoment 7 december 2004, hetgeen tevens veronderstelt dat in voorkomend geval dat extern wordt gesaldeerd, dit dient plaats te vinden met ammoniak/NOx-rechten die op deze datum bij de saldogevende locatie(s) aanwezig waren op grond van de Hinderwet of de Wet milieubeheer.
Zaaknummer:
2015/71566
4
De beleidslijn “Toetsing stikstofdepositie bij Limburgse Vogelrichtlijngebieden” maakt als bijlage 2 onderdeel
uit van dit besluit.
Wordt een vergunningaanvraag (mede) beoordeeld op grond van de artikelen 19e U/m 19h van de Nbw
1998, dan dient er verder op grond van huidige jurisprudentie vanuit te worden gegaan dat bij wijziging of uitbreiding van een bestaande inrichting — waarvoor nog niet eerder een vergunning krachtens de Nbw
1998 is verleend — de aanvraag betrekking dient te hebben op de exploitatie van de gehele inrichting na uitbreiding of wijziging. Daarnaast kan aan de hand van recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (uitspraken van 5 november 2014, zaaknummer
201401834/1/R6, 19 december 2014, zaaknummers 201110075/4/R4 en 201201853/3/R4) en 11 maart 2015, zaaknummers 201207642/1 en 201307354/1) worden afgeleid, dat in voorkomend geval dat de kritische depositiewaarden reeds worden overschreden een toename van stikstofdepositie niet per
definitie betekent dat de natuurlijke kenmerken van het betreffende Natura 2000-gebied worden aangetast. Of van een zodanige aantasting sprake is casu quo het aangevraagde project het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen belemmert, dient ook in een dergelijke situatie beoordeeld te worden
aan de hand van alle relevante feiten en omstandigheden. Ingevolge artikel 15a, tweede lid, van de Nbw 1998 vervalt een besluit houdende de aanwijzing van een Beschermd Natuurmonument voor zover en met ingang van het tijdstip waarop dat Beschermd Natuurmonument deel uitmaakt van een aangewezen Natura 2000-gebied (Vogelrichtlijngebied of
Habitatrichtlijngebied). Indien met toepassing van artikel 15a, tweede lid, van de Nbw 1998 een besluit ‘houdende de aanwijzing van een natuurmonument als Beschermd Natuurmonument geheel of gedeeltelijk is vervallen, heeft de instandhoudingsdoelstelling voor het op grond van artikel 104, eerste lid, aangewezen Natura 2000-gebied mede betrekking op de doelstellingen ten aanzien van het behoud, herstel en ontwikkeling van het natuurschoon of de natuurwetenschappelijke betekenis van het gebied zoals bepaald in het vervallen besluit (zie artikel 15a, derde lid, van de Nbw 1998). 32.
3.21.
De kenmerken van de beschermde gebieden
_ Gebiedsbeschrijving Leudal
Natura 2000 Landschap
:Beekdalen
Status Gemeente
:Habitatrichtlijn :Leudal
Oppervlakte
:circa 315 ha.
Gebiedsbeschrijving
Bij brief van 19 mei 2003 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het natuurgebied Leudal aangemeld bij de Europese Commissie als speciale beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn 92/43/EEG. Het besluit Natura 2000-gebied Leudal, inhoudende de aanwijzing als speciale
beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn 92/43/EEG, is per 7 mei 2013 definitief geworden. Het Leudal omvat de dalen van een aantal beken die vanuit de Roerdalslenk naar het dal van de Maas
stromen. Door het hoogteverschil zijn de beken diep ingesneden en is de stroomsnelheid van het water vrij groot. Zaaknummer:
2015/71566
5
De kern van het beekdal wordt gevormd door twee meanderende beken, de Zelsterbeek of Roggelsebeek en de Leubeek of Tungelroysebeek. Met name de Zelsterbeek is voor een groot deel aan kanalisatie ontkomen, ditzelfde geldt voor het stroomafwaartse deel van de Leubeek. De genormaliseerde trajecten van beide beken zijn in 2000 weer meanderend gemaakt. De vegetatie rondom de beken is zeer gevarieerd. De afgesneden meanders van de beken herbergen soortenrijke moerasvegetaties. Ten oosten van het klooster liggen veldrusschraallanden. De natte tot vochtige bossen behoren tot het elzenbos, vogelkers-essenbos en haagbeukenbos. Lokaal komen gagelstruwelen en
berkenbroekbossen voor. Hoger op de gradiënt, op de flanken van de beekdalen, bestaan de bossen uit eiken-beukenbossen, eiken-berkenbossen en naaldbossen.
Plaatselijk komen matig voedselrijke tot
voedselrijke graslanden voor en zijn enkele heideterreintjes aanwezig. Aangewezen habitattypen en -soorten met bijbehorende instandhoudingsdoelen Leudal is aangewezen voor de volgende natuurlijke habitattypen zoals opgenomen in bijlage I van
Richtljn 92/43/EEG; prioritaire typen zijn aangeduid met een sterretje (*): »
_H3260A Beken en rivieren met waterplanten (waterranonkels): uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit.
- _ H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden): uitbreiding oppervlakte en behoud kwaliteit Eiken-haagbeukenbossen.
-
H91E0C *Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen): uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit.
Leudal is aangewezen voor de volgende soort zoals opgenomen in bijlage II van Richtlijn 92/43/EEG: =
H1337 Bever: behoud omvang en kwaliteit leefgebied voor uitbreiding populatie.
3.2.2.
_ Gebiedsbeschrijving
Swalmdal
Natura 2000 Landschap
:Beekdalen
Status
:Habitatrichtlijn
Gemeente
:Beesel, Roermond
Oppervlakte
:circa 122 ha.
Gebiedsbeschrijving
Bij brief van 19 mei 2003 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het natuurgebied Swalmdal aangemeld bij de Europese Commissie als Speciale beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn 92/43/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (Pb L 206). Het besluit Natura 2000-gebied Swalmdal, inhoudende de aanwijzing als speciale beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn 92/43/EEG, is per 4 juni 2013 definitief geworden. De Swalm is een meanderende beek in Midden-Limburg, diep ingesneden in het Maasterrassenlandschap. De beek ligt op de overgang van het plateau tussen Maas en Riijn naar het Maasdal. Op
diverse plaatsen aan de voet van de terrassen treedt kwel op en ontspringen bronnetjes. Hier zijn soortenrijke elzenbroekbossen ontstaan
Zaaknummer:
2015/71566
6
In de beek komt de gemeenschap van vlottende waterranonkel voor. Het gebied bestaat verder uit rietlanden, moeras, vochtige graslanden, plaatselijk inunderende hooilanden, bosjes en struwelen. Verder
behoort ook een stroomdalgrasland nabij de Maas tot het gebied. Aangewezen habitattypen en —soorten met bijbehorende instandhoudingsdoelen Het Swalmdal s aangewezen voor de volgende natuurlijke habitattypen zoals opgenomen in bijlage | van Richtlijn 92/43/EEG; prioritaire habitattypen zijn aangeduid met een sterretje (*): = _ H3260A Beken en rivieren met waterplanten (Waterranonkels): behoud opperviakte en kwaliteit. - _ H6120 *Stroomdalgraslanden: uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit. = _ H91E0C *Vochtige alluviale bossen (Beekbegeleidende bossen): uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit. Het Swalmdal is aangewezen voor de volgende soorten zoals opgenomen in bijlage I! van Richtlijn 92/43/EEG:
= * =
H1016 Zeggekorfslak: behoud omvang en kwaliteit leefgebied voor behoud populatie. _ H1163 Rivierdonderpad:behoud omvang en kwaliteit leefgebied voor behoud populatie. H1337 Bever: behoud omvang en kwaliteit leefgebied voor uitbreiding populatie.
3.2.3.
_ Gebiedsbeschrijving Groote Peel
Natura 2000 Landschap
:Hoogvenen
Status
:Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn
Gemeenten
:Asten, Nederweert, Peel en Maas
Oppervlakte
:circa 1.410 ha.
Gebiedsbeschrijving
Bij besluit van de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 29 oktober 1986 (J.4755; Stcrt. 1986, nr. 214) is natuurgebied Groote Peel aangewezen als Speciale beschermingszone als bedoeld in de Vogelrichtlijn, richtlijn 78/409/EEG.
Bij brief van 19 mei 2003 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het natuurgebied Groote Peel aangemeld bij de Europese Commissie als Speciale beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn, richtlijn 92/43/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 21 mei 1992
inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (Pb L 206). Het besluit Natura 2000-gebied Groote Peel, inhoudende de aanwijzing als speciale beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn 92/43/EEG en Vogelrichtlijn 79/409/EEG, i per 10 september 2009 definitief geworden. De Groote Peel vormt tezamen met de nabijgelegen Deurnsche Peel en Mariapeel het restant van wat
eens een uitgestrekt oerlandschap was van levend hoogveen. Deze peelhoogvenen werden grotendeels afgegraven tot op de zandondergrond. De Groote Peel is samen met de Deurnsche Peel en Mariapeel de
zuidelijkste representant van de vlakke subatlantische hoogvenen, die elders en ook in de Peelregio door afgraving, ontginning en verveningen grotendeels zijn verdwenen. In de Groote Peel is n het verleden wel turf gewonnen, maar het gebied is vervolgens niet n cultuur gebracht. Het Brabantse deel is machinaal verveend waardoor er nauwelijks een puttenstructuur aanwezig is. Het Limburgse deel is grotendeels met de hand verveend, waardoor een groot areaal veenputten aanwezig is. Door erosie van de resterende hoge delen is de puttenstructuur vaak onduidelijk. Zaaknummer:
2015/71566
4
De Groote Peel is een open en uitgestrekt gebied dat wordt gekenmerkt door een complex van hogere horsten en lager gelegen slenken. Het gebied kent daardoor een grote landschappelijke afwisseling van open vochtige en droge heideterreinen, pijpestrootjessavannen, struwelen en bosjes en moerassige laagten met veenputten en plaatselijk bossen en natte heiden. Door eerdere vernattingsmaatregelen zijn verschillende grote plassen ontstaan. In enkele veenputten vindt veengroei plaats.
Jaarlijks worden in het gebied van de Groote Peel circa 150 vogelsoorten waargenomen waarvan circa 95 soorten als broedvogel. Zeer belangrijk is het voorkomen van Zwarte stern, Kleinst en Klein Waterhoen, Porseleinhoen, Geoorde fuut, Roerdomp, Blauwborst, Bruine kiekendief, Wespendief,
Kwartel en Waterral. In winter- en trektijd wordt het gebied bevolkt door vele soorten steltlopers en eenden. Het gebied is bekend als pleisterplaats voor doortrekkende Kraanvogels terwijl in de
winterperiode ca. 3.000 Rietganzen de Groote Peel als overwinteringsgebied gebruiken. Aangewezen habitattypen en -soorten en bijbehorende instandhoudingsdoelen De Groote Peel is aangewezen voor de volgende natuurlijke habitattypen zoals opgenomen in bijlage I van Richtlijn 92/43/EEG: = _ H4030 Droge heiden: behoud oppervlakte en kwaliteit.
= _ H7120 Herstellende hoogvenen: behoud oppervlakte en verbetering kwaliteit. De Groote Peel is aangewezen voor de volgende soorten zoals opgenomen in bijlage I van de Vogelrichtlijn: = _ A119 Porseleinhoen: uitbreiding omvang en/of verbetering kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 5 paren.
A127 Kraanvogel: behoud omvang en kwaliteit Ieefgebied. A272 Blauwborst: behoud omvang en kwaliteit Ieefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 200 paren.
Verder is de Groote Peel aangewezen voor de volgende andere geregeld voorkomende trekvogels waarvoor het gebied van betekenis is als broed-, rui- en/of overwinteringsgebied en rustplaatsen biedt in hun trekzones (artikel 4.2): = A004 Dodaars: behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 40 paren. * AO08 Geoorde Fuut: behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 40 paren.
A039 Taigarietgans: behoud omvang en kwaliteit leefgebied. = _ AO39 Toendrarietgans: behoud omvang en kwaliteit Ieefgebied. A041 Kolgans: behoud omvang en kwaliteit leefgebied. = A276 Roodborsttapuit: behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 80 paren.
Zaaknummer:
2015/71566
Beschermd
Natuurmonument
Het voormalig Beschermd Natuurmonument en staatsnatuurmonument Groote Peel valt in het geheel binnen de begrenzing van het Natura 2000-gebied Groote Peel. Ingevolge artikel 15a, tweede en derde lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 vervalt van rechtswege de status van de benoemde natuurmonumenten.
Het Beschermd Natuurmonument Groote Peel is aangewezen op 13 november 1990 (NMF-90-8848;
Stcrt. 1990, nr. 235). Het Staatsnatuurmonument Groote Peel is aangewezen op 13 november 1990 (NMF-90-8858; Stcrt. 1990, nr. 235).
3.2.4.
_ Gebiedsbeschrijving Deurnsche Peel en Mariapeel
Natura 2000 Landschap
:Hoogvenen
Status
:Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn
Gemeenten
:Deurne, Horst aan de Maas, Venray
Oppervlakte
:circa 2.736 ha.
Gebiedsbeschrijving Bij brief van 19 mei 2003 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het natuurgebied Deurnsche Peel en Mariapeel aangemeld bij de Europese Commissie als Speciale beschermingszone in het kader van de Habitatrichtljn, richtlijn 92/43/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen
van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (Pb L 206). Bij besluit van de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 12 mei 1992, kenmerk J. 927234
is natuurgebied ‘Deurnese Peelgebieden’ aangewezen als Speciale beschermingszone als bedoeld in de Vogelrichtlijn, richtlijn 79/409/EEG. Bij besluit van de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 29 oktober 1986, kenmerk J. 4755 is natuurgebied ‘Mariapeel’ aangewezen als Speciale
beschermingszone als bedoeld in de Vogelrichtlijn, richtlijn 79/409/EEG. Het besluit Natura 2000-gebied Deurnsche Peel en Mariapeel, inhoudende de aanwijzing als speciale beschermingszone in het kader van de Habitatrichtlijn 92/43/EEG en Vogerichtlijn 79/409/EEG, is per 10 september 2009 definitief geworden. Het gebied bestaat uit de drie deelgebieden Deurnsche Peel, Mariapeel en Grauwveen. Tezamen met de nabijgelegen Groote Peel zijn het restanten van wat eens een uitgestrekt oerlandschap was van levend
hoogveen.
Deze peelhoogvenen werden grotendeels afgegraven tot op de zandondergrond. Deze
gebieden zijn de zuidelijkste representanten van de vlakke subatlantische hoogvenen, die elders en ook in de Peelregio door afgraving, ontginning en verveningen grotendeels zijn verdwenen. Door de
verschillende verveningsgeschiedenis van de onderdelen van het gebied is er een grote en fijnschalige variatie in vegetatie en landschap, met gradiënten naar iets mineraalrijker milieu. In de oudste veenputten
is al lange tijd sprake van hoogveengroei op miniatuurschaal. Op de grote restveeneenheden is nog een relatief grote veendikte aanwezig, waarop door herstelbeheer inmiddels ook op verschillende plaatsen ontwikkeling van hoogveenbegroeiingen plaats vindt.
Zaaknummer:
2015/71566
9
In Noord-Brabant liggen de deelgebieden de ‘eigenlijke’ Deurnese Peel, Liesselse Peel (westelijk van het Kanaal van Deurne) en Helenapeel, en los daarvan een drietal kleinere deelgebieden de Bult in het noordwesten, de Heitrakse Peel en Het Zinkske in het zuiden.
In de Deurnsche Peel is tot in de jaren zeventig turf gewonnen, de sporen hiervan zijn nog duidelijk
zichtbaar. In sommige oude turfputten zijn goed ontwikkelde hoogveenvegetaties te vinden. Het gebied bestaat uit een complex van fragmenten levend hoogveen, beginstadia van regenererend hoogveen, natte heide op rustend hoogveen en droge heide op minerale gronden, opgaand loof- en naaldbos, graseen bouwianden en open water (sloten, kanalen en plassen). Het gebied aan de Limburgse kant wordt ook de Mariapeel genoemd en bestaat uit vier complexen
(Grauwveen, Driehonderd Bunders, Horster Driehoek, Mariaveen). Het landschap kenmerkt zich door een rijke afwisseling van onder andere hogere, droge en lage, vochtige heideterreinen en moerasachtige gedeelten, open en gesloten bossen, veenputten, wijken, vennen en open water. Het Mariaveen is een
open heidegebied met enkele zandruggen. Na hersteimaatregelen in de jaren negentig herstelt het hoogveen zich weer. Grauwveen bestaat uit een complex van fragmenten levend hoogveen, beginstadia
van regenererend hoogveen, droge en vochtige heide, moeras en opgaand loofbos. Er zijn turfgaten aanwezig. Het Mariaveen is een open heidegebied met enkele zandruggen. Na herstelmaatregelen in de jaren negentig herstelt het hoogveen zich weer. Aangewezen habitattypen en -soorten en bijbehorende instandhoudingsdoelen De Deurnsche Peel en Mariapeel is aangewezen voor de volgende natuurlijke habitattypen zoals
opgenomen in bijlage I van Richtlijn 92/43/EEG; prioritaire habitattypen zijn aangeduid met en sterretje : = _ H4030 Droge heiden: behoud oppervlakte en kwaliteit. = H7110A ‘Actieve hoogvenen (hoogveenlandschap): uitbreiding oppervlakte en verbetering kwaliteit. - _ H7120 Herstellende hoogvenen: behoud oppervlakte en verbetering kwaliteit. Enige achteruitgang in
oppervlakte ten gunste van habitattype actieve hoogvenen, hoogveenlandschap (H7110A), is toegestaan.
De Deurnsche Peel en Mariapeel is aangewezen voor de volgende vogelsoorten, welke worden beschermd op grond van artikel 4, eerste lid, van Richtlijn 79/409/EEG: = A127 Kraanvogel: behoud omvang en kwaliteit leefgebied. = _ A224 Nachtzwaluw: behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 3 paren. = _ A272 Blauwborst: behoud omvang en kwaliteit Ieefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 350 paren.
Het gebied is aangewezen voor de volgende trekkende vogelsoorten, welke worden beschermd op grond van artikel 4, tweede lid, van Richtlijn 79/409/EEG: =
_ A004 Dodaars: behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een populatie van ten minste 35 paren.
- _ AO39 Toendrarietgans: behoud omvang en kwaliteit eefgebied. =
A041 Kolgans: behoud omvang en kwaliteit leefgebied.
= _ A276 Roodborsttapuit:
behoud omvang en kwaliteit leefgebied met een draagkracht voor een
populatie van ten minste 120 paren.
Zaaknummer:
2015/71566
10
Beschermde
Natuurmonumenten
De voormalige Beschermde Natuurmonumenten en Staatsnatuurmonumenten Deurnse Peel, Grauwveen en Mariapeel vallen geheel binnen de begrenzing van het Natura 2000-gebied. Ingevolge artikel 15a, tweede en derde lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 vervalt van rechtswege de status van de genoemde natuurmonumenten.
Het Beschermd Natuurmonument Deurnse Peel is aangewezen op 11 december 1980 (NLB/N-43947; Stcrt. 1981, nr. 21). Het Beschermd Natuurmonument Grauwveen is aangewezen op 26 maart 1984 (NLB/GS/GA-586; Stort. 1984, nr. 65).
Het Staatsnatuurmonument Deurnse Peel is aangewezen op 8 mei 1981 (NLB/BB/GA-41654; Stcrt. 1981, nr. 103). Het Staatsnatuurmonument Mariapeel is aangewezen op 21 september 1976 (NLB/N22663; Stcrt. 1976, nr. 188).
Zaaknummer:
2015/71566
11
4.
Overwegingen
41.
Aanvraag
De aanvraag heeft betrekking op het oprichten en exploiteren van een varkenshouderij van H.M.M. Rutten Holding B.V., gelegen op de locatie De Horsten 20 te Egchel. Er wordt vergunning gevraagd voor de situatie als weergegeven in tabel 1. Emissie
Type Code Stal Biggenopfok (gesp. biggen) 0114542 Opfokzeugen D3.2.1542 Kraamzeugen (inc!. biggentotspenen) _ D 1.2.17.4 Dekberen, 7 maanden en ouder D244 Guste en dragende zeugen D1.3.124 Vleesvarkens D3.215.4.2
(kgNHs/dier/
Aantaldieren _ jaar) 6.240 300 300 4 980 12.480 Totaal
_ Totaal (kg NHs/
011 0,53 125 0,83 0,63 0,53
jaar)
686,4 159,0 375,0 33 617,4 66144 8.455,5
Tabel 1 aangevraagde situatie
De ‘Code Stal' in tabel 1 en volgende betreft de code zoals opgenomen in de bijlage behorende bij de Regeling ammoniak en veehouderij, zoals laatstelijk gewijzigd 8 juni 2015 (Staatscourant 2015, nr. 15020). 42.
_
Habitatrichtlijngebieden
De Habitatrichtlijngebieden “Leudal”, “Swalmdal’, “Groote Peel" en “Deurnsche Peel en Mariapeel” zijn op 7 december 2004 aangewezen als speciale beschermingszone onder de Habitatrichtlijn en tevens op de
lijst van gebieden van communautair belang geplaatst. 42.1. _ Uitgangssituatie Habitatrichtlijngebieden “Leudal”, “Swalmdal”, “Groote Peel” en “Deurnsche Peel en Mariapeel” De situatie op 7 december 2004 was zodanig dat nog geen bedrijfsactiviteiten plaatsvonden op de locatie Horsten 20 te Egchel. Daarom geldt een emissie van O kg NH:/ jaar als referentiesituatie. 42.2.
_ Externe saldering Habitatrichtlijngebieden
Uit de overgelegde passende beoordeling blijkt dat de aanvrager ter mitigatie van de in de aanvraag voorziene toename van stikstofdepositie op de Habitatrichtlijngebieden “Leudal”, “Swalmdal”, “Groote Peel en “Deumsche Peel en Mariapeel” ten opzichte van de op 7 december 2004 voor de inrichting
vigerende vergunning verleend onder de Wet milieubeheer, ammoniakrechten heeft opgekocht van de locaties Keup 3 te Helden, Visdijk 3 te Nederweert-Eind, Hub 1 te Egchel en Melkweg 11 te Egchel
Zaaknummer:
2015/71566
12
Voor de opgekochte ammoniakrechten van de saldogevende locaties, zoals weergegeven in tabel 2, bestond blijkens de bij besluiten van 17 maart 1998, 1 juli 1997, 21 mei 2002 en 29 augustus 2000 onder de Wet milieubeheer verleende vergunningen, toestemming op 7 december 2004. Ook sinds 7 december 2004 heeft voor deze opgekochte ammoniakrechten onverkort toestemming bestaan bij of krachtens de Wet milieubeheer of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Tussen de in de aanvraag voorziene toename van stikstofdepositie op voornoemde
Habitatrichtlijngebieden en de afname van stikstofdepositie op deze gebieden als gevolg van de voorgestelde saldering, bestaat directe samenhang. Relevant in dit verband is mede dat de onder de Wet milieubeheer verleende vergunningen, voor de saldogevende locaties, ter hoogte van de opgekochte ammoniakrechten daadwerkelijk zijn ingetrokken ten gunste van de voorliggende aanvraag. Dit blijkt uit de desbetreffende intrekkingsbesluiten, van 6 november 2012, 28 juni 2015, 28 december 2012, 16 juni 2015, en de tussen aanvrager en de exploitanten van de saldogevende locaties op 11 september 2012, 26 juni 2015, 23 december 2013, 20 mei 2015 gesloten overeenkomsten, waarin de ter mitigatie van de toename opgekochte ammoniakrechten zijn vastgelegd. Emissie
Type
(kg NH3/dier/
_ Totaal (kg NH3/
Code Stal
Aantaldieren _ jaar)
jaar)
D321.1
2.000
3,00
6.000,0
D1.1.10.2
1.720
0,23
395,6
120 236 184
2,50 2,50 1,30
300,0 590,0 239,2
Keup 13 te Helden
Vleesvarkens Hub 1 te Egchel Biggenopfok (gesp. biggen)
Kraamzeugen (incl. biggentot spenen) _ D 1.2.11 Guste en dragende zeugen 0133 Guste en dragende zeugen 0137 Dekberen, 7 maanden en ouder
D22
2
1,70
34
Opfokzeugen
D3.2.92
10
1,10
110
03214
398
3,00
1.194,0
F4.100
2.059
0,68
1.400,1 10.133,3
Melkweg 11 te Egchel
Vleesvarkens Visdijk 3 te Nederweert-Eind
Vleeskalkoenen Intrekking 4 saldogevende locaties
Totaal
Tabel 2 intrekking/vervallen ammoniakrechten Keup 3 te Helden, Visdijk 3 te Nederweert-Eind, Hub
1 te
Egchel en Melkweg 11 te Egchel
Zaaknummer:
2015/71566
13
43. _ Vogelrichtlijngebieden Het Vogelrichtlijngebied ‘Deurmnsche peel en Mariapeel' is op 29 oktober 1986 (Mariapeel) en op 12 mei
1992 (Deurnsche Peelgebieden) en het Vogelrichtlijngebied 'Groote Peel is op 29 oktober 1986 aangewezen als speciale beschermingszone onder de Vogelrichtlijn. Mede gezien de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 7 september
2011 (zaaknummer 201003301/4/R2), geldt als referentiedatum met betrekking tot stikstofdepositie op voornoemde gebieden 10 juni 1994. 43. _ Uitgangssituatie Vogelrichtlijngebieden “Groote Peel” en “Deurnsche Peel en Mariapeel”
De situatie op 10 juni 1994 en op 7 december 2004 was zodanig dat nog geen bedrijfsactiviteiten plaatsvonden op de locatie Horsten 20 te Egchel. Daarom geldt een emissie van 0 kg NH:/ jaar als referentiesituatie.
Vastgesteld dient te worden dat de aanvraag voorziet in een toename van stikstofdepositie op de
Vogelrichtlijngebieden “Groote Peel” en ‘Deurnsche Peel en Mariapeel” ten opzichte van de situatie op 10 juni 1994 alsmede de situatie op 7 december 2004 voor de beoogde locatie van aanvrager. Gezien de bij
de aanvraag behorende passende beoordeling en de betrokken beleidslijn “Toetsing stikstofdepositie bij Limburgse Vogelrichtlijngebieden”, kan met betrekking tot Vogelrichtlijngebied “Deurnsche Peel en Mariapeel” de situatie op 7 december 2004 als referentiesituatie worden genomen en bestaat — mede
gelet op onderstaande saldering - de zekerheid dat de natuurlijke kenmerken van voornoemde Vogelrichtlijngebieden niet zullen worden aangetast. 43.2. _ Externe saldering Vogelrichtlijngebied Uit de overgelegde passende beoordeling blijkt dat de aanvrager ter mitigatie van de in de aanvraag voorziene toename van stikstofdepositie op de Vogelrichtlijngebieden “Groote Peel” en “Deurnsche Peel
en Mariapeel ten opzichte van de bedrijfssituatie op 7 december 2004, ammoniakrechten heeft opgekocht. 44.
_
Deze saldering is beschreven onder paragraaf 4.2.2. Effecten op de beschermde natuurgebieden
De inrichting ligt nabij onderstaande beschermde gebieden: Naam gebied
Afstand in km
Leudal
56
Swalmdal
74
Groote Peel
80
Deumsche Peel en Mariapeel
74
Tabel 3 afstand tot de beschermde gebieden
Zaaknummer:
2015/71566
14
Bij de beoordeling van de vergunningaanvraag wordt getoetst of het project dan wel de andere handeling, gelet op de instandhoudingsdoelstelling(en), de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van
soorten kan verslechteren of een significant verstorend effect kan hebben op de soorten waarvoor de gebieden zijn aangewezen. Zure depositie leidt in voedselarme milieus, zoals die aanwezig zijn in de nabij gelegen natuurgebieden, tot verrijking van het milieu (vermesting). Tevens neemt de zuurgraad toe (verzuring). Deze processen hebben een negatieve invloed op de natuurwaarden. Het verspreidingsmodel Pluim Plus (versie 4.4), waarmee de stikstofdepositie op beschermde natuurgebieden kan worden berekend, houdt rekening met de feitelijke omstandigheden van de veehouderijbedrijven en de windrichting. Door de invoer van de feitelijke gegevens van de gebouwen (stallen), zoals onder andere staltype, gebouwhoogte, uittreedsnelheid en het aantal dieren, kan het rekenmodel een (relatief) nauwkeurige weergave maken van de stikstofdepositie op de nabij gelegen natuur.
Om een goed beeld te krijgen van de depositie op de Natura 2000-gebieden is, gebruikmakend van het computermodel Pluim Plus (versie 4.4), de depositie berekend op verschillende punten. Het dichtstbijzijnde punt per gebied hebben wij overgenomen in tabel 4 (zie ook bijlage 1). Weergegeven is de depositie in de bestaande en aangevraagde situatie. Depositie
Depositie
aangevraagde
uitgangssituatie
_ situatie
(molN/ha/jaar)
Afname
Naam
X-coördinaat
Y-coördinaat
(molN/ha/ jaar)
Leudal
193 752
363 163
23
14
09
Swalmdal
198662 _ 363288
19
11
08
Groote Peel
187 841
373575
18
12
06
Deumsche Peel en Mariapeel
190 367
375 226
21
13
08
Tabel 4 depositie op de beschermde gebieden
Uit de berekeningen blijkt dat de stikstofdepositie als gevolg van de aangevraagde situatie n voornoemde beschermde gebieden niet toeneemt. Uit de aanvraag blijkt verder dat er geen andere - niet aan stikstofdepositie gerelateerde - negatieve effecten (zoals geluid, trilingen, licht, grondwaterstand-/grondwaterkwaliteitveranderingen etc.) te
verwachten zijn die de natuurlijke kenmerken van voornoemde beschermde gebieden kunnen aantasten.
Zaaknummer:
2015/71566
15
45.
Conclusie
‘Op grond van bovenstaande beoordeling concluderen wij dat gelet op de instandhoudingdoelstellingen
onderhavige door H.M.M. Rutten Holding B.V., Wethouder Tielenstraat 4 te Egchel aangevraagde activiteiten voor de locatie De Horsten 20 te Egchel geen (significante) negatieve effecten zullen veroorzaken op de betrokken Natura 2000-gebieden.
Het natuurschoon en de natuurwetenschappelijke
betekenis zullen geen negatieve gevolgen ondervinden, mits deze vergunning en de daaraan verbonden voorschriften worden nageleefd. Tegen deze achtergrond is vergunningverlening voor de aangevraagde activiteiten in overeenstemming met het bepaalde in de Natuurbeschermingswet 1998.
Zaaknummer:
2015/71566
16
5.
Besluit
Gelet op het bepaalde in de Natuurbeschermingswet 1998 en voorgaande overwegingen, besluiten wij 4
aan H.M.M. Rutten Holding B.V. een vergunning krachtens artikel 19d van de Nbw 1998 te verlenen voor het in de nabijheid van de Natura 2000-gebieden “Leudal”, “Swalmdal”, “Groote
Peel’ en “Deumsche Peel en Mariapeel” oprichten en exploiteren van een varkenshouderij zoals aangevraagd d.d. 24 december 2013 met kenmerk 2014-0012 op de locatie De Horsten 20 te Egchel;
2.
aan de vergunning de beperkingen te stellen en voorschriften te verbinden, zoals opgenomen onder hoofdstuk 7;
3.
6.
dat de aanvraag en de bijbehorende stukken ontvangen op 24 december 2013, aangevuld op 30 juni 2015, deel uitmaken van deze vergunning, behoudens en voor zover daarvan bij dit besluit niet wordt afgeweken.
_ Rechtsbescherming
Als dit besluit uw belang rechtstreeks raakt en u het met de inhoud van dit besluit niet eens bent, kunt u, tegen betaling van de verschuldigde griffierechten, beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak
van de Raad van State. U moet dan binnen zes weken na de dag waarop dit besluit ter inzage is gelegd een beroepschrift indienen. Op deze procedure is de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Het beroepschrift moet worden ondertekend en ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de datum; een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht alsmede de redenen van het beroep (motivering). Het beroepschrift moet worden gericht aan: Raad van State; Afdeling
bestuursrechtspraak; Postbus 20019; 2500 EA Den Haag. Als u een beroepschrift heeft ingediend, dan kunt u tevens de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verzoeken een voorlopige voorziening te treffen. Voor meer informatie verwijzen wij u naar de internetpagina van de
Raad van State, www.raadvanstate.nl. Klik op 'ONZE WERKWIJZE.
Zaaknummer:
2015/71566
Klik op ‘Bestuursrechtspraak’.
17
7.
Voorschriften
Aan deze vergunning worden de volgende voorschriften verbonden: .
De vergunning heeft betrekking op het houden van de dieraantallen op de stalsystemen op de locatie De Horsten 20 te Egchel zoals weergegeven in onderstaande tabel: Type
Code
Biggenopfok (gesp. biggen)
D1.1.1542
6.240
Opfokzeugen
D3.21542
300
Kraamzeugen (incl. biggen tot spenen)
D1.2.174
300
Dekberen, 7 maanden en ouder3
D244
Guste en dragende zeugen
D1.3.124
Vleesvarkens
D3.2.15.4.2
stal
Aantal dieren
4
980 12.480
De ‘Code Stal in bovenstaande tabel betreft de code zoals opgenomen in de bijlage behorende bij de Regeling ammoniak en veehouderij, zoals laatstelijk gewijzigd 8 juni 2015 (Staatscourant 2015, nr. 15020).
.
De vergunning heeft betrekking op de emissie van 8.455,5 kg NH; / jaar, resulterend in een stikstofdepositie op de beschermde natuurgebieden, zoals weergegeven in onderstaande tabel: Depositie Naam
X-coördinaat
Y-coördinaat
Leudal
193752
363
163
14
Swalmdal
198 662
363 288
11
Groote Peel
187841
373575
12
Deumsche Peel en Mariapeel
190 367
375
13
Zaaknummer:
2015/71566
226
(mol N/ha/ jaar)
18
8.
_ Afschriften
Een afschrift van dit besluit hebben wij verzonden aan:
.
(geanonimiseerd) s besluit op de H.M.M. Rutten Holding ... , aanvraag;
s
FarmConsult, Postbus 1, 5830 MA Boxmeer, ter kennisname;
.
Burgemeester en Wethouders van de gemeente Peel en Maas, Postbus 7088, 5980AB Panningen, ter kennisname;
.
Ministerie van Economische Zaken, DG Regio, Postbus 20401, 2500 EK te Den Haag, ter kennisname;
#
Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant, p.a. Omgevingsdienst Brabant-Noord, tLa.v. Groene Wetten Vergunningverlening, Postbus 88, 5430 AB te Cuiijk.
Zaaknummer:
2015/71566
19