2025-051 01 Raadsvoorstel - Ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Regio Noord-Limburg
Tekst van het document
Raadsvoorstel Raadsvergadering: 30 september 2025 Voorstel: 2025-051 Zaaknummer: 1894/2025/3129081 Documentnummer: 1894/2025/3187336 Datum collegebesluit: 3 juni 2025 Onderwerp Ontwerp Gemeenschappelijke Regeling Regio Noord-Limburg Openbaarheid Alle stukken zijn openbaar. Voorstel De gemeenteraad wordt overeenkomstig artikel 1, derde lid, van de Wet Gemeenschappelijke regelingen de gelegenheid gegeven om zienswijze in te dienen omtrent het ontwerpbesluit Gemeenschappelijke Regeling Regio Noord-Limburg. Inleiding In februari jl. bent u per raadsinformatiebrief geïnformeerd over het voornemen van de acht Noord-Limburgse colleges om de regionale samenwerking per 1 januari te formaliseren in een gemeenschappelijke regeling – meer specifiek: een openbaar lichaam. Directe aanleiding van dit voornemen was de constatering dat de bestuurlijke en ambtelijke intensiteit en de financiële belangen rondom de regionale samenwerking zijn toegenomen. Mede in het licht van de toekenning van de Regio Deal II heeft het burgemeestersoverleg van de regio opdracht gegeven aan het bureau &Van de Laar om te adviseren over de meest optimale organisatievorm voor de Regio Noord-Limburg, passend bij de (regionale) inhoudelijke opgaven. De meest passende vorm is een openbaar lichaam onder de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) gebleken. Op 24 maart jl.
hebben wij als college het gesprek met uw raad gevoerd over dit voornemen; op 16 april is er tijdens een regionale bijeenkomst nader stilgestaan bij de karakteristieken van een openbaar lichaam. Beoogd effect Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) is uw raad bevoegd om een formele zienswijze te geven op een ontwerp van een gemeenschappelijke (college)regeling. Met voorliggend voorstel wordt u hiermee in de gelegenheid gesteld. In de ontwerpregeling hebben we de zienswijzen als uitgangspunt genomen die de Noord-Limburgse gemeenteraden in 2024 bij de wijziging van diverse gemeenschappelijke regelingen naar voren hebben gebracht. Daarnaast hebben we geanticipeerd op de op 16 april jl. uitgesproken wens om in de nieuwe gemeenschappelijke regeling een formele raadsadviescommissie in te bouwen. Voor zover wij kunnen overzien, ligt er daarmee een vrij complete ontwerpregeling voor. Vanzelfsprekend staat het uw raad vrij om een zienswijze te formuleren. Argumenten 1.1 De voorgenomen formalisering van de Regio Noord-Limburg geeft opvolging aan de aanbevelingen van &Van de Laar en het Regionale Aanjaagteam In opdracht van het burgemeestersoverleg van de regio heeft &Van de Laar geadviseerd over de meest optimale organisatievorm, met als conclusie dat een openbaar lichaam op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) het
1.2
1.3
1.4
1.5
meest passend is. Naar aanleiding hiervan is het Regionaal Aanjaagteam ingesteld, bestaande uit diverse regionale bestuurders, waarbij tevens is gekeken naar alternatieve vormen voor een openbaar lichaam. Het eindadvies van het aanjaagteam werd op 20 december 2024 opgeleverd, met als conclusie -opnieuwdat het openbaar lichaam de best passende vorm is. Op 25 februari 2025 hebben de colleges vervolgens het proces vastgesteld om per 1 januari 2026 de regionale samenwerking te formaliseren in een openbaar lichaam. De samenwerking krijgt meer slagkracht, zonder dat er raadsbevoegdheden overgaan De ontwerpregeling gaat uit van een collegeregeling. Dat wil zeggen: er gaan géén raadsbevoegdheden, over naar het openbaar lichaam. Een belangrijk kaderstellend document voor de regionale samenwerking is de Regiovisie. Deze wordt –ook in de nieuwe situatie- door de gemeenteraden vastgesteld. Binnen de kaders van de Regiovisie kunnen de colleges bevoegdheden overdragen die het openbaar lichaam in staat stellen om de toekende taken uit te voeren. Daartoe stelt het algemeen bestuur (AB) één keer per 4 jaar een uitvoeringsprogramma vast, en jaarlijks een begroting (waarop de gemeenteraad een zienswijze kan geven).
Doordat er zometeen een algemeen bestuur (AB) en dagelijks bestuur (DB) zijn die –binnen de afgebakende taken, bevoegdheden en kaders- besluiten kunnen nemen, wint de samenwerking aan slagkracht. Voorliggende ontwerpregeling bouwt voort op de zienswijzen van de NoordLimburgse gemeenteraden bij de wijziging van de gemeenschappelijke regelingen in 2024, en is juridisch extern getoetst Naar aanleiding van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) zijn alle gemeenschappelijke regelingen in 2024 gewijzigd. De kaderstellende en controlerende bevoegdheden voor gemeenteraden zijn toen verruimd. Op initiatief van de regionale raadswerkgroep hebben de Noord-Limburgse gemeenteraden in 2024 een uniforme zienswijze opgesteld, die vervolgens is verwerkt in de gemeenschappelijke regelingen. Deze zienswijze vormde het vertrekpunt bij het ontwerpen van voorliggende regeling. De ontwerpregeling is vervolgens ook extern juridisch getoetst door hetzelfde advocatenkantoor dat in 2024 de wijziging van de ontwerpregelingen heeft begeleid. Daarmee zou de ontwerpregeling een goed fundament moeten vormen voor de regionale samenwerking in een openbaar lichaam. De democratische positie van de gemeenteraden verbetert aanzienlijk ten opzichte van de bestaande praktijk Het uitgangspunt van de wetgever in de Gemeentewet is helder: publieke samenwerking gaat boven private samenwerking.
Dat komt doordat de positie van gemeenteraden, en zeker na de wijziging van Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), sterker is in een publiekrechtelijk construct. Zo geldt bijvoorbeeld het vragenrecht van een raadslid ook richting het samenwerkingsverband, heeft de gemeenteraad een zienswijzerecht bij belangrijke besluiten en kan de lokale rekenkamer onderzoek doen naar het samenwerkingsverband. Ook bestaat de mogelijkheid om een gemeenschappelijke raadsadviescommissie in te stellen; een gremium dat optreedt als adviseur van het algemeen bestuur (AB), maar ook een rol vervult als rapporteur richting de eigen raad. Dit gremium is wettelijk niet verplicht, maar in voorliggende ontwerpregeling kiezen we er bewust voor om de democratische positie van de gemeenteraad te versterken, en zeker ten opzichte van het huidige samenwerkingsconvenant waarbij de raden formeel op afstand staan. Tijdens de regionale raadsbijeenkomst op 16 april j. hebben de aanwezige raadsleden aangegeven graag een formele positie voor de gemeenteraden te willen borgen binnen het openbaar lichaam. Aangezien deze wens is geuit wordt er in de ontwerpregeling al geanticipeerd op een raadsadviescommissie. Informeren en afstemmen via de raadsklankbordgroep Regionale Samenwerking In Peel en Maas werken we al geruime tijd met een raadsklankbordgroep Regionale Samenwerking.
Tijdens een complex proces als het instellen van een gemeenschappelijke regeling én de vaststelling van een regionale visie is het belangrijk om hierover met elkaar (college en raad) het gesprek aan te gaan. Zodat
Gemeente Peel en Maas
1894/2025/3187336
Pagina 2 van 4
zowel de gemeenteraad als het college vanuit ieders specifieke positie een afgewogen besluit kan nemen. Kanttekeningen 1.1 Het spoor 'governance' en het spoor 'inhoud' gaan op een parallelle wijze op route naar de gemeenteraden Tijdens de regionale raadsbijeenkomst op 16 april jl. werd de wens uitgesproken dat de ontwerpregeling (governance) en de Regiovisie (inhoud) gelijktijdig worden voorgelegd. Hoewel de ontwerpregeling zo is opgesteld dat deze universeel hanteerbaar is, hebben we de sporen governance en inhoud wel nader op elkaar afgestemd. De periode waarin de gemeenteraad een zienswijze kan geven op de ontwerpregeling komt ongeveer overeen met de reactietermijn op de startnotitie voor de regiovisie. 1.2 Juridisch aandachtspunt met betrekking tot de vaststelling van de subsidieregeling De gemeenschappelijk regeling betreft de overdracht van enkel bepaalde collegebevoegdheden aan een openbaar lichaam. Eén van die bevoegdheden is het vaststellen van subsidieregelingen voor regionale en nationale investerings- en stimuleringsfondsen en het op basis daarvan verlenen van subsidies. Binnen gemeente Peel en Maas is het vaststellen van subsidieregelingen inderdaad een bevoegdheid van ons college, Echter: het vaststellen van subsidieplafonds is binnen Peel en Maas een bevoegdheid van de gemeenteraad.
Deze bevoegdheid wordt dus met het treffen van dit openbaar lichaam niet mee overgedragen. Dit vraagt om extra actie bij het vaststellen van de subsidieregelingen. Als de gemeenteraad de definitieve versie ontvangt ter vaststelling, wordt de gemeenteraad tevens gevraagd om het vaststellen van een subsidieplafond voor deze regelingen over te dragen aan het openbaar lichaam. 1.3 De oprichting van een nieuwe entiteit regelt niet alles 'vanzelf' Met het treffen (oprichten) van een regeling ontstaat er in juridische zin een organisatie, maar er moet vervolgens ook nog in praktische zin een organisatie gebouwd worden. De voorbereidingen hiervoor worden momenteel getroffen. Gedacht kan worden aan mandaten die de individuele colleges moeten geven aan het openbaar lichaam, het uitvoeringsprogramma, een eerste begroting, of producten zoals een directiestatuut of huishoudelijk regelement. Maar ook in personele zin is het belangrijk om op te merken dat (een deel van) de medewerkers van het regiobureau op dit moment een overeenkomst voor onbepaalde tijd heeft c.q. hebben met een gemeente. Met deze medewerkers zal gesproken worden over een passende oplossing, zoals bijvoorbeeld: in dienst treden bij het openbaar lichaam of gedetacheerd worden.
Het oprichten van een openbaar lichaam is dus niet alleen een juridische aangelegenheid, maar vergt in de nabije toekomst ook nadere organisatiekeuzes. Alternatieven Financiën De aanleiding om de regio te formaliseren tot een openbaar lichaam is niet financieel van aard. Wel kan er op financieel vlak een belangrijke wijziging plaatsvinden: de samenwerking krijgt een eigen begroting, waar alle gemeenteraden jaarlijks een zienswijze op kunnen geven. Waar de netwerksamenwerking nu nog vooral leunt op de gemeente Venlo (en daarvoor ook een vergoeding betaalt), zal het beoogde samenwerkingsverband diensten zoals ICT, administratie of juridische advisering zelf moeten organiseren. Daarbij is samenwerking met de individuele gemeenten (bijvoorbeeld aan de hand van dienstverleningsovereenkomsten) nog altijd denkbaar maar hiermee worden de kosten van de samenwerking transparanter. Juridische afwegingen Zie argumenten en kanttekeningen.
Gemeente Peel en Maas
1894/2025/3187336
Pagina 3 van 4
Communicatie Anders dan met uw raad is op dit moment geen nadere communicatie van toepassing. Burgemeester en wethouders van de gemeente Peel en Maas,
de gemeentesecretaris/directeur, K.H. Werps-Aerts
de burgemeester B.C.M. Vostermans
Behandelend portefeuillehouder: burgemeester B.C.M. Vostermans Bijlage(n): - Ontwerpregeling Regio Noord-Limburg Ter inzage: N.v.t.
Gemeente Peel en Maas
1894/2025/3187336
Pagina 4 van 4