CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-027 07 Bijlage 2 Nader bodemonderzoek

Commissie 1 april 2025, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen TAM-IMRO Omgevingsplan "Lanterdweg 5 en Roland 1 Kessel" (2025-027)19.714 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

FN n L

E

p

S

2

NADER

BODEMONDERZOEK

Roland

1

Kessel kenmerk

HMB

B.V.:

24244702B

dù ASBEST

BODEMONDERZOEK/

INVENTARISATIE

DEMENERGIE

BODEMSANERING

NADER

BODEMONDERZOEK

Roland

1

SYSTEMEN

MECHANISCHE

GRONDBORINGEN

Kessel kenmerk

HMB

B.V.:

24244702B

opdrachtgever:

Bureau Leefomgeving B.V. te Venray

datum rapport:

19 augustus 2024

kenmerk:

24244702B

status:

Definitief

uitgevoerd door:

HMB

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) )(geanonimiseerd) dreesiminonaeg(

HMB

B.V.

(geanonimiseerd)

| Voltaweg 8 | 5993 SE Maasbree

| 077-4652808

| info@hmbgroep.nl

| www.hmbgroep.nl

INHOUDSOPGAVE

INLEIDING

(BEKNOPTE)

ACHTERGRONDINFORMATIE

2.1

Onderzoekslocatie

2.2 2.3

Verontreinigingssituatie. Omgeving…

ONDERZOEKSOPZET .

3.1 3.2

Inleiding.… Conceptueel

3.3

Onderzoeksstrategie

NADER

model

BODEMONDERZOEK

…

4.1

Uitvoering veldonderzoek .

4.2

Resultaten

veldonderzoek.

4.3

Laboratoriumonderzoek.

4.4 4.5

Analyseresultaten … Bijgewerkt conceptueel

CONCLUSIES

EN

model

AANBEVELINGEN.

5.1

Conclusies

…

5.2

Aanbevelingen

BIJLAGEN

11

Foto

21

Boorprofielen met legenda en verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk

31

Analysecertificaten

41

Toetsing

E

Achtergrondinformatie

6|

Uittreksel

7|

Risicobeoordeling

81

Historisch en verkennend

analyseresultaten

kadastrale kaart, eigendomsinformatie en situatietekening

(bodem)onderzoek

(2024)

Nader bodemonderzoek 1

Ë

INLEIDING

In opdracht van Bureau Leefomgeving nader bodemonderzoek uitgevoerd. De

B.V. te Venray is door HMB B.V. in juli 2024 een onderzoekslocatie bevindt zich aan de Roland 1 te

Kessel.

Aanleiding Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek zijn enerzijds de voorgenomen wijziging van het bestemmingsplan en anderzijds de resultaten van een historisch en verkennend (bodem)onderzoek (HMB B.V., kenmerk: 24244701H, 28 juni 2024). Uit het voornoemd

onderzoek gehalten

blijkt onder andere koper,

dat op

het terrein

aan

de Roland

nikkel en zink boven de interventiewaarden

1 in de grond

verhoogde

zijn aangetoond.

Doelstelling

De doelstellingen van het nader bodemonderzoek zijn als volgt: «

het bepalen van de aard, mate, reiniging met zware metalen;

oorzaak,

omvang

en

ligging

van

de

bodemveront-

« «

het vaststellen van het tijdstip van ontstaan van de bodemverontreiniging; vaststellen of de verontreiniging tot onaanvaardbare risico's leidt.

Indeling rapport

In de rapportage worden de resultaten van het onderzoek met een samenvatting met conclusies en aanbevelingen.

uitgewerkt.

Het rapport sluit af

Verantwoording

Dit

onderzoek

is

uitgevoerd

met

de

grootst

mogelijke

nauwkeurigheid

en

conform

de

daarvoor opgestelde normen en richtlijnen!. Desondanks dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek boringen

en

slechts

analyses

bestaat

uitgevoerd

uit

locatie een verontreiniging aanwezig Het

onderzoek

maar een

is, voor

van dit bodemonderzoek, Tenslotte kwaliteit

:

zover

bodemonderzoek

wordt van

de

een

wordt.

steekproef, kan

waarbij

niet geheel

een

relatief

uitgesloten

gering

worden

dat

aantal op de

is, die bij dit onderzoek niet aangetroffen is.

van

is geen

Het

toepassing,

onder

partijkeuring.

Door derden

certificaat kan,

(KWALIBO)

uitgevoerd,

ongeacht

de resultaten

een keuring van een af te voeren partij grond verlangd worden.

opgemerkt

dat

onderzochte

locatie.

HMB

B.V.

geen

financieel

of zakelijk

belang

heeft

bij

de

De gebruikte normen en richtlijnen zijn in de navolgende hoofdstukken weergegeven

24244702B

| Roland

1 Kessel

4

Nader bodemonderzoek

Ë

2

(BEKNOPTE)

2.1

Onderzoekslocatie

ACHTERGRONDINFORMATIE

Topografische en algemene gegevens Enkele (topografische) gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergeven Tabeli

in tabel

1.

__ Topografische en algemene gegevens locatie

Algemeen Adres

onderzoekslocatie

Roland

1 te

Kessel

Gemeente

Peel en Maas

Kadastrale aanduiding

Gemeente

Artikel 55

Ten aanzien van deze percelen zijn geen aantekeningen In het kader van het artikel 55 Wet bodembescherming opgenomen. Dit houdt in

Kessel, sectie I, percelen 578, 579 en 580

dat bij het Kadaster geen bodeminformatie

geregistreerd

i

Oppervlakte percelen en onderzoekslocatie | 749 m?

X-coördinaat Y-coördinaat

199.051 366.137

Huidig gebruik

Ter plaatse van de onderzoekslocatie is een combinatie woon-/bedrijfspand aanwezig met verschillende vormen (half)verhardingen. Onder deze verschillende verhardingen liggen volgens de eigenaar géén (puin)funderingslagen. Tijdens de visuele inspectie van de locatie zijn enkele bodembedreigende activiteiten aangetroffen. In de huidige situatie ligt aan de niet-straatzijde van het gebouw een werktuigenopslag met een klinkerverharding als ondergrond. Aan dezelfde zijde, tegen de weg,

ligt een onverhard

gedeelte dat jarenlang

is gebruikt als parkeerplaats.

In bijlage 6 is een situatietekening opgenomen. Invasieve exoten, of aanwijzingen voor aanwezigheid Historisch gebruik Uit historische kaarten blijkt dat er al in 1900 gebruik van het overige terreindeel was toen

ervan, zijn niet aangetroffen?.

bebouwing aan de Roland 1 aanwezig is. Het vermoedelijk weiland/agrarisch op basis van

deze historische bronnen. Rond 1950 begint de omgeving toe te nemen in bebouwing op de locatie. De verschillende bebouwingscontouren nemen vervolgens weer geleidelijk af tot de huidige situatie medio 2000 smederij (hoefsmid) actief.

waargenomen kan worden. Op de Roland Deze activiteiten zijn in de loop der tijd

1 is sinds 1962 een overgegaan tot het

vervaardigen van onder andere siersmeedwerk. De huidige eigenaar is sinds 1996 in bezit van de |ocatie. Daarvóór vonden er circa 15 jaar lang geen bedrijfsmatige smeedwerkzaamheden meer plaats. Op 5 augustus 1997 is een oprichtingsvergunning Wet milieubeheer verleend voor de smederij. In 2000 is er een melding gedaan voor het besluit detailhandel en

ambachtsbedrijven

milieubeheer.

Gelet op het decennialange gebruik van de locatie door menselijke activiteiten, alsook door de smederij-activiteiten, is de bodem verdacht op het voorkomen van heterogene verontreinigingen met zware metalen, PAK, PCB en minerale olie.

2

Voorbeelden

van

bevindingen

kunnen geen

24244702B

| Roland

invasieve

1 Kessel

exoten

zijn

rechten worden

de

Japanse

ontleend.

Duizendknoop

en

de

Reuzenberenklauw.

Aan

de

De inspectie is beperkt en niet genormeerd

5

Nader bodemonderzoek

Ë

Toekomstig gebruik Het voornemen is om

‘wonen’. Hoewel bedrijfsactiviteiten,

de

bestemming

van

de

locatie te wijzigen

van

‘bedrijfsvoering’

naar

de opdrachtgever aangeeft al eerder te zijn gestopt met de wordt middels de voorgenomen wijzigingen de bedrijfsactiviteit formeel

beëindigd. Asbest

Om

vast te stellen of de bodem

van de locatie op voorhand verdacht is op aanwezigheid van

asbest, zijn de volgende acties uitgevoerd: = globale inspectie van de locatie (maaiveld en (aangrenzende) gebouwen); = bestuderen luchtfoto's; = verzamelen informatie over ophogingen, dempingen en/of stort afval of puin. Uit

het

2018)

uitgevoerde

bodemonderzoek

(Econsultancy

blijkt dat het asfalt is gefundeerd

B.V.,

kenmerk:

op grind en op slakken

6194.001,

20

april

met baksteen. Tijdens het

onderzoek is in de betreffende lagen zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetroffen/ aangetoond. Er bestaat derhalve geen aanleiding om asbest in de fundering te verwachten.

Er

zijn

verder

geen

‘asbestverdachte

aanwijzingen

locatie’.

een bodemverontreiniging 2.2

De

gevonden

onderzoekslocatie

die kan

hebben

als

geleid

onverdacht

tot

worden

de

hypothese

beschouwd

voor

met asbest.

Verontreinigingssituatie

Er zijn op de locatie op verschillende

momenten

onderzoeken

uitgevoerd

naar de bodem-

gesteldheid van de locatie. In 2000 werd een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op het naastgelegen adres Lanterdweg 5 welke zintuiglijk sporen puin in de bovengrond

aantoonde, lichte verontreinigingen met zink, PAK, EOX en minerale olie in de bovengrond en sterke verontreiniging met zink en lichte verontreiniging met cadmium, chroom en nikkel in het grondwater. Dit onderzoek concludeerde dat de metalen toe te schrijven waren aan lokaal verhoogde

verhoogde gehalten achtergrondgehalten

verontreinigingen

de

geen

belemmering

(Econsultancy B.V. kenmerk

00081348,

vormde

voor

nieuwbouw

van de zware en dat enige

op

de

locatie.

25 september 2000)

In 2001 werd door hetzelfde bureau een historisch (bodem)onderzoek uitgevoerd welke de nulsituatie vaststelde voor de bodembedreigende activiteiten op de locatie. De conclusie van dit onderzoek luidde dat de locatie verdacht is op het voorkomen van zware metalen- en PAK-verontreinigingen. Daarnaast werd de smeerput ter plaatse van de smederij aangemerkt als te onderzoeken deellocatie alsook de ruw ijzer opslag op het buitenterrein.

Hiervoor bevolen zij een in kaart te brengen.

verkennend

bodemonderzoek

(Econsultancy B.V., kenmerk

aan

01091395,

om

eventuele

verontreinigingen

7 november 2001)

Ten slotte is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de onderzoekslocatie als vervolg op het bovenstaand historisch bodemonderzoek. Binnen dit onderzoek werden in de bovengrond licht verhoogde waarden voor koper, lood en zink, in de ondergrond licht verhoogde gehalten van EOX en in het grondwater een licht verhoogd gehalte zink aangetoond. De conclusie van dit onderzoek was dat de hypothese verdachte locatie van kracht bleef en dat de nulsituatie voldoende is vastgesteld. Zij stelden op basis hiervan dat er geen reden voor nader onderzoek bestond. (Econsultancy B.V., kenmerk 05101572, 17 november 2005).

In

2024

werd

HMB

B.V.

aanzien van de adressen bestemmingsplanwijziging.

een

aantal

zaken

De smeerput

24244702B

ingeschakeld

verondersteld

in de smederij werd

| Roland

1 Kessel

om

historisch

bodemonderzoek

uit te voeren

ten

Lanterdweg 5 en Roland 1. De aanleiding hiervan was een Hieruit bleek de Lanterdweg 5 onverdacht te zijn echter werden

waardoor in 2001

de Roland

1 wél aangemerkt

wel aangekaart als verdacht

werd

als verdacht.

met aanbeveling

om

6

Nader bodemonderzoek

Ë

deze te onderzoeken. van het verkennend verdachte

Daarnaast werd, omdat bedrijfsactiviteiten plaatsvonden na uitvoering bodemonderzoek in 2005, de gehele smederij ook aangemerkt als

locatie.

Naar aanleiding van analyses ter plaatse

overschrijding van

deze van

conclusies werd verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De de smeerputdeellocatie toonden uitsluitend een streefwaarde

het bariumgehalte

in het grondwater aan.

Gedurende

zintuiglijk kolengruis op een aantal plekken waargenomen. Ter werd in een mengmonster een interventiewaardeoverschrijding

de boringen

werd

plaatse van dit kolengruis van nikkel geconstateerd.

Deze overschrijding bleek na uitsplitsing geconcentreerd te zijn ter plaatse van één boring (A04) en naast nikkel ook voor de gehalten koper en zink te gelden. De overige boringen bleken uitsluitend de tussenwaarden en/of de landbouw/natuur-waarden te overschrijden. Op basis van deze resultaten werd aanbevolen nader onderzoek uit te voeren om de aard en mate van deze verontreiniging (gelegen aan de oostzijde onder de klinkerverharde oprit), in

kaart

tijdens

het

onderzoek van Econsultancy B.V. in 2005, bemonsterd. Hieruit bleek het grondwater deze peilbuis uitsluitend streefwaardeoverschrijdingen aan te tonen van de cadmiumloodgehalten.

uit en

Het

te

brengen.

Daarnaast

bovenstaand

werd

historisch

ook

peilbuis,

bodemonderzoek

bodemonderzoek zijn gerapporteerd kenmerk 24244701H, 28 juni 2024) 2.3

de

in

één

vermoedelijk

en

het

geplaatst

daaropvolgende

samengevoegde

verkennend

rapportage.

(HMB

B.V.,

Omgeving

Definiëring omgeving De omgeving wordt gedefinieerd

als de onderzoekslocatie

afstand

In tabel

van maximaal

25

meter.

en de directe

2 zijn de adressen

omgeving

(voor zover bekend)

tot een

en/of een

omschrijving van het gebruik ter plaatse weergegeven. Tabel 1

Omliggende percelen

Windrichting

Adres

Gebruik

Noorden Westen Oosten

Lanterdweg 3

Akkerland Grasland Woonadres

Zuiden

Roland

Woonadres

1 en

3

Gebruik

De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied hoofdzaak benut voor agrarische doeleinden. Voor

van Kessel. Het gebied wordt in zover bekend blijft dit gebruik

ongewijzigd. Bodembedreigende activiteiten Van de omliggende percelen

(voormalige)

brandstoftanks,

zijn

bodembedreigende een

geen

relevante

activiteiten.

olie-/benzine-afscheider

gegevens

bekend

Voorbeelden

of calamiteiten.

met

zijn

Expliciete

betrekking

tot

(ondergrondse)

bronnen

van

PFAS

(inclusief GenX) zijn niet bekend. Bodeminformatie

Van de omliggende

percelen zijn geen

24244702B

1 Kessel

| Roland

bodemonderzoeken

en/of saneringen

bekend.

7

Nader bodemonderzoek

Ë

Bodemopbouw en geohydrologie De locatie ligt globaal op 26 m+NAP. Voor het bepalen van de bodemopbouw en geohydrologische situatie zijn gegevens uit de Grondwaterkaart van Nederland geraadpleegd en/of het DINOloket geïnterpreteerd en verwerkt. In tabel 2 is de geohydrologische indeling van de bodem tot 100 m-mv schematisch weergegeven.

Tabel2

_ Bodemopbouw

Formatie

en geohydrologische situatie

Diepte (m-mv) | samenstelling

Formatie van Boxtel

0-3

Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus; leem, lokaal zandig, lokaal humeus; klei, siltig tot zandig; veen, kleiig

Formatie van Beegden

3-17

Zand,

matig grof tot uiterst grof, lokaal grindig; grind, fijn tot grof,

Iokaal zandig; stenen;

Formatie van Breda

17->100

keien;

blokken;

klei, lokaal siltig tot zandig

Zand, zeer fijn tot matig grof, glauconiethoudend, schelphoudend;

lokaal

klei, siltig tot zandig

Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 2,0 m-mv. Op basis van het isohypsenpatroon van de grondwaterkaart wordt aangenomen dat stromingsrichting van het freatisch grondwater zuidoostelijk gericht is (richting de Maas).

De onderzoekslocatie

bevindt zich niet in een

de

grondwaterbeschermings-

of grondwaterwin-

De regio Limburg-Noord, waaronder de gemeente Peel en Maas, (regionale) bodemkwaliteitskaart. Ter plaatse van de onderzoekslocatie

beschikt over een wordt de boven- en

de

ontgravingskwaliteit

gebied.

Achtergrondgehalten

ondergrond

- volgens

de

ontgravingskaarten

- ingedeeld

in

de

“landbouw/natuur’.

24244702B

| Roland

1 Kessel

8

Nader bodemonderzoek

Ë

3

ONDERZOEKSOPZET

3.1

Inleiding

Op basis van de in het kader (bodem)onderzoek aangetoonde

van het in verhoogde

interventiewaarden ter plaatse van

2024 uitgevoerde historisch gehalten koper, nikkel en

boring A04 is besloten een

en verkennend zink boven de

nader bodemonderzoek

uit te

voeren.

Het nader eventuele

bodemonderzoek spoedeisendheid

heeft als basis de NTA-57553. Voor het bepalen van sanering wordt gebruik gemaakt van het

van de portaal

Risicotoolboxbodem®.

De primaire doelstellingen van

bepalen

van

het nader bodemonderzoek

de

het

=

verontreiniging; het vaststellen

=

daarmee of en in welke mate er sprake is van zorgplicht; vaststellen of de verontreiniging tot onaanvaardbare risico’s

van

aard, het

mate,

tijdstip

oorzaak,

zijn als volgt:

=

van

omvang

ontstaan

van

en

ligging

van

de

bodemverontreiniging

leidt (wel

de

bodemen

of niet met

spoed saneren). 3.2

Conceptueel

model

Op basis van de (beknopte) achtergrondinformatie is vooraf een inschatting gemaakt van de verontreinigingssituatie en zijn onderzoeksvragen geformuleerd. In het ‘conceptueel model”

wordt ingegaan op de bekende gegevens en de informatiebehoeften. Aard, mate, omvang en ligging Wat is aard van de verontreiniging?

De aard (koper, nikkel en zink) van de grondverontreiniging is in voldoende mate bekend. De

bodemverontreiniging

staat

mogelijk

in

relatie

tot

het

kolengruis

dat

ter

plaatse

zintuiglijk waargenomen wordt. In het kader van het eerder uitgevoerde onderzoek is geen verontreiniging grondwater aangetoond, dit dient derhalve niet aanvullend onderzocht te worden.

in

het

Wat

op

de

aangetoond

in

is de

mate

van

de

verontreiniging?

Ook

in relatie

tot de

achtergrondgehalten

locatie?

De

mate

van

verontreiniging

is

bekend.

Koper,

nikkel

en

zink

worden

verhoogde gehalten die de interventiewaarden overschrijden. Er is lokaal weliswaar sprake van verhoogde achtergrondwaarden van zware metalen, echter niet tot deze mate. Wat is de omvang

en ligging van de verontreiniging?

De omvang en ligging van de verontreiniging is onvoldoende onbekend. Op basis van het eerder onderzoek kunnen een aantal observaties worden gedaan over de mogelijk omvang en ligging van

: ‘

de verontreiniging.

Nederlandse Technische Afspraak-5755: juni 2022. Bodem - Landbodem. Strategie voor het uitvoeren van nader Onderzoek - Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging RisicotoolboxBodem.nl/beoordelen.aspx Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

24244702B

| Roland

1 Kessel

9

Nader bodemonderzoek

=

Ê

In noordoostelijke richting bevind zich boring A03,

A04 (de boring geconstateerd). =

In zuidwestelijke boring AO6 tot

waarin

de

richting bevind zich boring A04 en op

AO4, en AO1

overschrijdingen

boring

werden

boring A06, op 17,5 meter afstand direct van 23 meter afstand met inachtname van de

bebouwing en onderliggende fundering. n zuidelijke richting bevinden zich boringen

«

op 12,5 meter afstand van

interventiewaarden

AOS5,

op

10 meter afstand

van

boring

op 20 meter afstand van boring A04.

De grondmonsters afkomstig van de boringen AO3 en AO5 werden in het voorafgaande verkennend bodemonderzoek samengesteld tot grondmengmonster 'A-BG2' (inclusief van de boringen A02

en AO7).

In dit grondmengmonster

landbouw/natuur-waarden aangetoond. De

grondmonsters

aangetoond

afkomstig

uit

AO1

werden

en

nikkel

en

A06

werd

werden

lood en zink in waarden

niet

in

een

aanvankelijk

verhoogd

boven

de

gehalte

samengevoegd

tot

grondmengmonster 'A-BG1' welke, na vaststelling van interventiewaarden overschrijdingen, uitgesplitst werd. In AO1 werd binnen de uitsplitsing een overschrijding van landbouw/natuur-waarden vastgesteld van de lood- en zinkgehalten. In AO06 werd een tussenwaarde

overschrijding

vastgesteld van cadmium,

Hierdoor kan gesteld worden metalen

van

zink

en

landbouw/natuur-waarden

overschrijdingen

kobalt, koper en lood. dat de verontreiniging zich in ieder geval voor alle drie zware

zich op horizontaal vlak beperkt tot:

* =

Mogelijk minder dan 12,5 meter in noordoostelijke richting (boring A03). Minder dan 17,5 of 23 meter afhankelijk van de invloed en diepte van de fundering

=

van de smederij in zuidwestelijke richting (boring A06). Minder dan 20 meter (boring A01) en mogelijk minder dan

10 meter

(boring A05)

in

zuidelijke richting op basis van bovenstaande resultaten.

24244702B

| Roland

1 Kessel

16

Nader bodemonderzoek

Ë

Uit het onderzoek van Econsultancy B.V. uit 2005, komen er drie boringen in de buurt (2, 3 en 5) van huidige boringen welke uitsluitend lichte verontreinigingen aantonen waaronder

koper en zink.

Hoewel

deze niet op de exacte locaties geplaatst zijn als in het onderzoek

in

2024, biedt een vergelijking mogelijk inzicht. Ten opzichte van de resultaten uit het verkennend bodemonderzoek uit 2024 door HMB B.V., komen deze waarden overeen met de waarden uit 2005 voor boring A03. Wat betreft een vergelijking met boring AO4, zijn de

waarden aanzienlijk veel hoger. Mits de resultaten van bovenstaand onderzoek representatief zijn voor de huidige toestand, is het mogelijk dat de verontreiniging zich verder beperkt tot maximaal 7,5 meter in

westelijke

richting ten opzichte

van

boring

ten opzichte van boring AO3 en maximaal boring AO4 (ter plaatse van peilbuis 'BP5').

Over de omvang

A03,

maximaal

5 meter

en ligging op verticaal vlak kunnen

7,5

meter

in zuidelijke

in zuidelijke

richting

ten

richting

opzichte

van

op basis van voorgaande onderzoeken,

geen indicaties gegeven worden. Over de omvang en ligging op horizontaal vlak zijn enkele constateringen gedaan, echter onvoldoende om een uitspraak hierover te doen. Gezien deze informatie

worden

dienen

zowel

de

horizontale

als

de

verticale

contouren

in

het

nader

onderzoek

te

bepaald.

Oorzaak, tijdstip en verspreidingspatroon Wat is de oorzaak van de verontreiniging? De aangetoonde verontreiniging is zeer waarschijnlijk veroorzaakt doordat in het verleden verontreinigd materiaal c.q. bodemvreemde bijmengingen terecht zijn gekomen of door opslag van materialen die geleidelijk deeltjes hebben afgegeven aan de bodem. Mogelijk is

de verontreiniging dan ook gecorreleerd met het voorkomen

van kolengruis.

Wat is het tijdstip van ontstaan van de verontreiniging? Aangezien de bedrijfsactiviteiten gerelateerd kunnen worden

kwestie

(smederij;

zware

metalen),

kan

men

uitgaan

van

met

1962

de

verontreinigingen

als mogelijk

begin

van

in

de

opbouw van de verontreinigingen. Uit de vergunningen blijkt de bouwvergunning van de smederij in 1962 te zijn vrijgegeven. Indien de bedrijfsactiviteiten verantwoordelijk zijn voor de opbouw van de verontreinigingen op de locatie, kan de huidige bodemgesteldheid

veroorzaakt zijn door geringe, geleidelijke vervuiling die door de jaren heen opgebouwd

is.

Ook kan de verontreiniging afkomstig zijn uit het kolengruis. Indien dit het geval is, is de huidige verontreiniging ontstaan uit toevoeging(en) van het kolengruis aan de bodem. Het

tijdstip of tijdstippen hiervan is niet terug te leiden. Er is dus veelvuldig door de jaren heen heeft plaatsgevonden of het

ook niet duidelijk of dit resultaat is van enkele

handelingen. Wat is het verwachtte verspreidingspatroon van de verontreiniging? Verwacht wordt dat er sprake is van een spot met sterke verontreinigingen nikkel

en

met

koper,

zink.

Correlatie met waarnemingen, onderzoekstechnieken en te onderzoeken parameters Is er een relatie tussen de zintuiglijke waarnemingen en de aangetoonde gehalten? Uit de resultaten van het verkennend (bodem)onderzoek blijkt dat er een relatie is tussen de bijmengingen met kolengruis en de analytisch aangetoonde verontreinigingen. Er is echter geen eenduidig verband tussen de aard en mate van de bijmengingen en de aard en mate van de analytisch aangetoonde verontreinigingen. Welke onderzoekstechnieken zijn geschikt voor onderzoek naar de verontreiniging? De verontreiniging kan worden ingekaderd met handboringen in een raster in combinatie met analyses.

24244702B

| Roland

1 Kessel

1i

Nader bodemonderzoek

Ë

Welke parameters dienen te worden onderzocht? Voor verificatie en vastlegging van de omvang

grondmonsters en

naar een

laboratorium

gestuurd

en

mate

van

verontreiniging

worden

voor analytisch onderzoek op koper,

nikkel

zink.

Tot welke waarde dient de verontreiniging in beeld te zijn?

De

omvang

waarden

van

de

bodemverontreiniging

dient in beeld

gebracht

met

te worden

verhoogde

(meer

gehalten boven de interventiewaarden). Daarnaast worden afgeperkt tot de normwaarden ‘wonen’.

gehalten

of minder

boven

de

interventie-

25

met

verhoogde

dient bij voorkeur

Wetgeving en risico'’s Welke wetgeving is van toepassing op de verontreiniging? Vermoedelijk is er geen sprake van een toevalsvondst. toepassing.

Dan

Is er sprake van zorgplicht? Er is mogelijk sprake van zorgplicht indien de verontreiniging

de opbouw van de huidig waargenomen toevoegingen aan de bodem vóór 1987.

dan

verontreiniging

is

m?

de verontreiniging

te

omgevingswet

van

de

is ontstaan

na

waarschijnlijk

1987.

Echter is

ontstaan

door

Is er sprake van een overschrijding van de maximale toelaatbare kwaliteit bodem?

Op

het terrein

wordt de bestemming

gewijzigd

van

industrie

naar wonen

waarmee

in feite

een bodemgevoelige locatie wordt gerealiseerd. Hierdoor dient er gekeken te worden of er sprake is van een sterke grondverontreiniging (interventiewaarden overschrijding) met een

omvang

van meer dan 25 m3. De omvang

is momenteel

Zijn er risico’s ten gevolge van de verontreiniging? Dit dient te worden onderzocht. Gelet op de aard

van

nog in onvoldoende mate bekend.

de

verontreiniging

(koper,

nikkel

en

zink) worden vooralsnog geen risico's verwacht. 3.3

Onderzoeksstrategie

De verontreinigingscontouren in worden voor het bepalen van laboratoriumwerkzaamheden Tabel3

_

de bodem moeten voldoende gedetailleerd vastgelegd de saneringsaanpak. In tabel 3 zijn de veld- en

schematisch

weergegeven.

Onderzoeksstrategie en veld- en laboratoriumonderzoek

Bodemverontreiniging

met zware

metalen

Veldonderzoek Boring tot 1,0 m-| Boring tot 2,0 m-] _ Boring met Aantal boringen en peilbuizen

Laboratoriumonderzoek Grond Grondwater Aantal (meng)monsters

mv

mv

pellbuis

Bovengrond

8

1

-

4

‘Ondergrond 1

-

Koper, nikkel, | Koper, nikkel, zink, lutumen | zink, [utum en organische stof | organische stof

24244702B

| Roland

1 Kessel

12

Nader bodemonderzoek

Ë

4

NADER

BODEMONDERZOEK

4.1

Uitvoering

veldonderzoek

Het veldonderzoek is uitgevoerd door HMB B.V. (bijlage 2, verklaring onafhankelijkheid uitvoering veldwerk) conform de Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-procescertificaat voor

veldwerk

bij milieuhygiënisch

bodemonderzoek

(BRL SIKB 2000) en de protocollen

20015

en 20025.

Op

19 juli 2024

is het veldwerk

uitgevoerd

als omschreven

in paragraaf

3.3.

De

verrichte

boringen zijn gecodeerd vanaf AO1. 4.2

Resultaten

veldonderzoek

Bodemopbouw In bijlage 2 is van elke boring een locatie

is in tabel

Tabel 4

Globale bodemopbouw

Traject (m-mv)

_ | Lithologische

0-15 mmv

Zand, =

boorprofiel opgenomen.

De globale

meter

beschrijving

matig fijn, zwak sitig

minus

maaiveld

Tabel5

__ Zintuiglijke waarnemingen

Boring

| Traject (m)

|0,3-0,6

Zwak

A03

|0-0,3

Sporen baksteen

A07

|0-0,3

Sporen kolengruis

A08

/0,08-0,5

Voor

een

| Zwak

baksteenhoudend

ijzerhoudend

Laboratoriumonderzoek

De monsters

zijn aangeboden

aan

het RvA-geaccrediteerde

laboratorium

Eurofins Analytico

te Barneveld.

In tabel 6 zijn de voor analyses geselecteerde zijn onderzocht, schematisch weergegeven.

s

aangetroffen.

| Zintuiglijke waarnemingen

AOL

B.V.

van de

onderzoekslocatie

Zintuiglijke waarnemingen vaste bodem Bij de uitvoering van het veldwerk zijn bodemvreemde materialen gedetailleerde beschrijving wordt verwezen naar tabel 5.

4.3

bodemopbouw

4 omschreven.

monsters en de stoffen waarop

de monsters

Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen en nemen van grondmonsters Het nemen van grondwatermonsters

24244702B

| Roland

1 Kessel

13

Nader bodemonderzoek Tabel6

_

Ë

Monsteromschrijvingen en geanalyseerde parameters

Monstercode

/ Boringen

Traject (m-mv)' | Geanalyseerde parameters

IWBG-N1 IWBG-O1 IWBG-Z1

A02 A03 AO4

0-0,5 0-0,3 0,08 -0,6

Koper, nikkel, zink en organische stof Koper, nikkel, zink en organische stof Koper, nikkel, zink en organische stof

IWBG-W1

AOS

0,17-0,5

Koper,

nikkel, zink en organische stof

IWOG-1

AO1

0,6-1,0

Koper,

nikkel, zink en organische stof

het betreft de monsternametraject

ale en maximale monsternamediepte. per boring weergegeven

=

4.4

Op

het

analysecertificaat

is

het

Analyseresultaten

Het analysecertificaat is opgenomen

in bijlage 3.

De

met

analyseresultaten

zijn

getoetst

behulp

Besluit” en de Regeling bodemkwaliteit, leefomgeving:9

en

het

Handelingskader.

Landbouw/Natuur!!

en

interventiewaarden.

toepassingsmogelijkheden.

De toetsing

van

BoToVa.

Toetsing

is gebaseerd

Besluit activiteiten leefomgeving’, De

grond

Ook

wordt

wordt

getoetst

indicatief

voor toepassingsmogelijkheden

op

het

Besluit kwaliteit

aan

de

waarden

getoetst

voor

geeft een

indicatie

de

van toepassingsmogelijkheden zodra grond wordt afgevoerd. De toetsing doet geen uitspraak over de (gezondheids)risico’s bij het gebruik van de grond. De toetsingen zijn

opgenomen

in bijlage 4. Informatie over het toetsingskader is opgenomen

in bijlage 5.

In tabel 7 is het resultaat van de toetsing opgenomen. Tabel7

_ Monsteromschrijving

Monstercode

grond(meng)monsters

| Boringen

Grond

(traject m-mv)

soort*

en resultaat toetsing

|Bijzonderheden”’

|Resultaattoetsing””

|-

>LN:

zink (92)

>LN:

koper (26), nikkel (24) en zink (150) zink (77)

_

|Klasse

indeling’”

IWBG-N1

A02 (0 - 0,5)

Zand

IWBG-O1

A03

(0 - 0,3)

Zand

IWBG-Z1

A04(0,08-0,6)

|Zand

|-

>LN:

IWBG-W1

A05(0,17-0,5)

|Zand

|-

-

UN

IwOG-1

AO1

Zand

|-

-

UN

onder ”****’;

staat voor "landbouw/natuur”

(0,6 - 1,0)

| Baksteen

UN _ | Industrie UN

>LN

Landbouw/natuurwaardegrensoverschrijding

UN

Betreft kwaliteitsklasse zoals beschreven

: W

indeling in hoofdnamen: zand, grond (humeus zand), klei, leem of veen voor de mate en voor meer details wordt verwezen naar de boorprofielen n de bijlage 2

-

mate van verhoging (licht, matig of sterk). Tussen haakjes het gemeten gehalte in mg/kg d. betreft indicatieve toetsing aan Besluit en Regeling bodemkwaliteit met het oog op afvoer. geen zintuiglijke waarnemingen of geen verhoogde gehalten boven de waarde Landbouw/Natuur

Besluit van

s

van

° K ”

22

november

2007

Regeling van 13 december 2007,

nr. DJZ2007124397. Tevens zijn navolgende wijzigingen van de Regeling

toepassing

Besluit van 1 januari 2024 Besluit van 1 januari 2024 Mogelijke klassen zijn: ’Landbouw/Natuur’,

’Klasse

Wonen’,

'Klasse

Industrie’,

'Matig

verontreinigd’

en

’Sterk verontreinigd’

24244702B

| Roland

1 Kessel

14

Nader bodemonderzoek 4.5

Bijgewerkt

Aard

en

Ê

conceptueel

model

mate

Zintuiglijk zijn in de bodem aangetroffen/waargenomen.

sporen

tot

kleine

hoeveelheden

baksteen,

kolengruis

en

ijzer

Analytisch zijn verhoogde gehalten koper, nikkel en zink boven de interventiewaarden aangetoond. Daarnaast zijn verhoogde gehalten cadmium, kobalt, lood en molybdeen aangetoond boven de normwaarden landbouw/natuur. Over de relatie tot het kolengruis dat ter plaatse zintuiglijk waargenomen werd in voorgaand onderzoek, is geen concrete uitspraak te doen. Geen van de direct omliggende boringen (A02, AO3, AO4 en AO5 op 5 meter afstand) noch de direct onderliggende bodemlaag (A01 op traject 0,6 - 1,0 m-mv) bevatten kolengruis. Mogelijk is de afwezigheid van deze bijmenging en het gebrek aan interventiewaarde overschrijding een argument voor de hypothese dat er tussen de verontreiniging en het kolengruis een relatie bestaat. Echter is hiervoor onvoldoende bewijs verzameld in zowel dit onderzoek als voorgaande onderzoeken. Omvang Uit resultaten van de onderzoeken boven de interventiewaarden zich

historisch

en

verkennend

blijkt dat de verhoogde gehalten koper, nikkel en zink beperken tot boring AO4 van het eerdere uitgevoerde

(bodem)onderzoek.

Vergelijkbare

hoge

waarden

werden

niet

aangetoond in omliggende boringen en in onderliggende bodemlagen. worden dat de sterke verontreiniging (gehalten>interventiewaarden)

Hierdoor kan gesteld zowel in horizontale

(middels (middels

in verticale richting interventiewaarden-

analyses analyses

IWBG-N1, IWBG-O1, IWOG-1) voldoende

contour in de grond is weergegeven verontreinigingssituatie weergegeven. Tabel8

_ Verontreinigingssituatie

op

IWBG-Z1 en is afgeperkt. de

IWBG-W1) als De horizontale

situatietekening

in

bijlage

6.

In tabel

8 is de

grond

Parameter

Waarde

Maximaal

koper: 220 mg/kg d.S.

gehalten

nikkel: 69 mg/kg d.S. zink: 460 mg/kg d.s. >

Normwaarden

Oppervlakte

(m2)

55

Min. en max. diepte” (m-mv)

0-0,6

Gemiddelde Aantal >

wonen

dikte (m)

0,6

m?

35

Interventiewaarde

Oppervlakte

(m2)

10

Min. en max. diepte” (m-mv)

0-0,5

Gemiddelde Aantal

=

dikte (m)

0,5

m?

5

het

betreft de minimale en maximale

diepte van ligging verontreiniging

Ligging De verontreiniging met zware metalen is gelegen op het centrale oostelijke deel van het terrein gelegen aan Roland 1. De bodem ter plaatse van de verontreiniging is grotendeels

onverhard.

Het

zuidelijke

deel

van

de

verontreiniging

bevindt

zich

onder

een

klinkerverharding.

24244702B

| Roland

1 Kessel

15

Nader bodemonderzoek

Ë

Oorzaak en tijdstip ontstaan verontreiniging De aangetoonde verontreiniging is zeer waarschijnlijk

bodemvreemd

(verontreinigd)

veroorzaakt

doordat

materiaal (zoals kolengruis) in de bodem

in het verleden

terecht is gekomen.

De bodemvreemde materialen zijn waarschijnlijk in de loop der jaren als gevolg van het gebruik van de onderzoekslocatie in de bodem terecht gekomen. Aangenomen is dat de materialen grotendeels voor 1987 in de bodem terecht zijn gekomen. Dergelijke gevallen

worden ook wel benoemd

als ‘historische verontreinigingen’ of ‘oude gevallen’.

Overschrijding maximale toelaatbare kwaliteit bodem Het voornemen is de bestemming van de locatie te

wijzigen

van

'bedrijfsvoering’

‘wonen’.

is nog

niet

bekend.

De

(toekomstige)

toekomstig gebruik van bodemgevoelige locatie.

inrichting het

gebied

van

het

voor

gebied

woondoeleinden

Gelet op het feit dat er sprake is van een bodemgevoelige

wordt

Gelet

uitgegaan

naar

op

het

van

een

locatie dient aanvullend

gekeken

te worden of de grondverontreiniging meer dan 25 m3 boven de interventiewaarden betreft. Dit is bij onderhavige locatie niet het geval, waardoor er geen sprake is van een saneringsverplichting. Risicobeoordeling en spoedeisendheid grondverontreiniging Vanwege het aantreffen van verhoogde gehalten boven de

interventiewaarden

aan

koper,

nikkel en zink in de grond dient conform de omgevingswet gekeken te worden of er actuele risico's zijn voor het voorgenomen gebruik. Gelet op het feit dat het voornemen is om op de locatie te gebruik).

wonen,

is de

risicobeoordeling

uitgevoerd

voor

‘wonen

met

tuin’

(toekomstig

In bijlage 7 zijn de volledige resultaten van de risicobeoordeling opgenomen. Uitgangspunt is een zogenaamde ‘worst-case-benadering’ (toetsing van maximaal aangetoonde gehalten). Op basis van de uitgevoerde toetsing blijkt dat voor de aangetoonde bodemverontreiniging

geen onaanvaardbare risico's optreden.

24244702B

| Roland

1 Kessel

16

Nader bodemonderzoek

Ë

5

CONCLUSIES

5.1

Conclusies

EN

AANBEVELINGEN

In juli 2024 is een nader bodemonderzoek uitgevoerd ten aanzien van het terrein aan de Roland 1 te Kessel. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek is de voorgenomen

wijziging van het bestemmingsplan. Aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek zijn enerzijds de voorgenomen wijziging van het bestemmingsplan en anderzijds de resultaten van een historisch en verkennend (bodem)onderzoek (HMB B.V., kenmerk: 24244701H, 28 juni 2024). Uit het voornoemd onderzoek blijkt onder andere dat op het terrein aan de Roland 1 in de grond verhoogde gehalten koper, nikkel en zink boven de interventiewaarden zijn aangetoond.

Uit de resultaten

van

de uitgevoerde

sterk zijn.

De verontreiniging

(gehalten>normwaarden

en

bevindt

zich

vanaf

verhoogde

bodemonderzoeken

van de bebouwing waarden) aanwezig

maaiveld

gehalten

tot 0,6

koper,

wonen)

m-mv.

De

en

zink

(gehalten>interventie-

heeft een oppervlakte van circa 55 m?2 totale

wonen) van de verontreiniging bedraagt naar schatting verontreinigd (gehalten>interventiewaarden) is. De (sterke) verontreiniging het verleden bodemvreemd

blijkt dat in de grond ten westen

nikkel

omvang

35

m3

(gehalten>normwaarden

waarvan

circa

5 m

sterk

met zware metalen is zeer waarschijnlijk veroorzaakt doordat in (verontreinigd) materiaal (zoals kolengruis) in de bodem terecht

is gekomen. De bodemvreemde materialen zijn waarschijnlijk in de loop der jaren als gevolg van het gebruik van de onderzoekslocatie in de bodem terecht gekomen. Aangenomen is dat de materialen grotendeels voor 1987 in de bodem terecht zijn gekomen. Dergelijke gevallen worden ook wel benoemd als ‘historische verontreinigingen’ of ‘oude gevallen’.

Gelet op het feit dat de grondverontreiniging

boven de interventiewaarde maar 5 m3 betreft,

wordt de maximale toelaatbare kwaliteit bodem (>25 m? boven de interventiewaarden) overschreden. De verontreiniging is derhalve niet saneringsplichtig. Op basis van de uitgevoerde risicobeoordeling blijkt dat er voor de (sterke) met koper, nikkel en zink geen onaanvaardbare risico's optreden. 5.2

niet

verontreiniging

Aanbevelingen

De onderzoeksresultaten

geven

geen

aanleiding

om

(aanvullend)

nader bodemonderzoek

te

adviseren.

Gelet op de huidige resultaten

is er geen verplichting de verontreiniging te saneren.

Bij graafwerkzaamheden in de grond ter plaatse van de (sterke) bodemverontreiniging is sprake van de milieubelastende activiteit ‘graven boven de interventiewaarde’ en dienen de daarvoor geldende regels te worden gevolgd. Dit betekent onder andere dat hiervoor de nodige meldingen dienen te worden gedaan en daarnaast veiligheidsmaatregelen genomen dienen

te

worden.

Het onderzoek is, voor zover van maar een bodemonderzoek is geen

toepassing, onder certificaat (KWALIBO) uitgevoerd, partijkeuring. Door derden kan, ongeacht de resultaten

van dit bodemonderzoek, een keuring van een af te voeren partij grond verlangd Bij afvoer van grond van de locatie kan er sprake zijn van verwerkingskosten.

24244702B

| Roland

1 Kessel

worden.

17

Bijlage Foto

| 1

Foto

01

Het oorspronkelijke boorpunt (A04) werd geplaatst waar aan de rechterzijde op het onverharde gedeelte op bovenstaande foto (restanten van) houten containers te zien zijn.

24244702B

Bijlage Boorprofielen

| 2

met legenda

Verklaring onafhankelijkheid

uitvoering veldwerk

Boring:

aam

_

AOT

1972024 4

a

e

Boring:

2

voang

2

Zanduiterstijn, k S

«\

otun

t

a

|_

Ie

o

ES maoor

,

zvak

j.

Edamannoor

Zand matig lijn, zwak siltig, neutraalruinEdelmarbaor

Zand m etraal

,

zvak g

Zand m

,

e raagee

Edaemanpoor

Gararooor ogegen

m

e

euraabeige!Eoeimanoo etraagel

vetardeg

u

S

g,

Zand mati

S

E N

Eelmaroer

Zand mati

e

1072004

°

Zand matig j. zvak i. v

:

A02

roeirend,

etraskrin,

&

_

N

zvak i.

zvak s

m

s

Boring:

403

Danm:

D «

verharding Zand matig tijn, zwak sitig,

2

matig

grindhoudend,

aa

e r

Boring: _ A04 Danam.

j97

z

Tatggidhuden,zwak Em

u

nz 2 2

Zand matig tijn, zwak sitig, e raage

n

g

e

a

Zand mati

,

Eeimarboor

Zend t

Zan matigijn. natg S.

405

Dm

1072024

n 2

;

Boring: _ AO6

Om

Kermeer

Zand m

1972024

, zvak a

ì

aa g

N OOO em

#

Zand matg n

j

zvak sTig

ettraalei

Edemanpoor

Zandmatg

n

aa

OOO

H. aa

12 _ neuraageen deimantoor

Edamannoor

”

Boring:

zwak i

earaairungeel

\

euraabrn ESAmanooer

Zand matg j. zwak

Klinker Zand matig fjn. zwak siltig.

e

e

vetardeg

;

Detiraabrin, Eacmargoor

Zand

m

Z

k

aa

neuraaigeel

v

, zvak

matg

Ún, zvak sg,

euraa oopegoei Eoeraroosr

k

Zandmatg

i.

euiraae

Edamranboor

zwak g

e

407 f

N

197204 I

Boring:

2 A

Zandmatig

\

ä

2 #

verhardng mangondhoend.sporen n

zvak i.

_

Datum,

A08

197204 ,

lenorus.eureabran

um

Zanamatg j.

Eennareeer . zvak g

n

oo

1 7o0at

L

Klinker Zand mati j. zwak l eJdend,

Egeimarboo

Zandmatgj. zwak sTig

aa

de

@

”

Eceimarooor

Zandmatg j. zwak g n

m

Zand matig fijn, zwak siltig, b

409

D

neurzateige

Edemanboor

vonureg Zanamatg

Ún, zvak

a

emaneoor

Zand

matg j.

e

Zand mati etraagel

Projectcode:24244702B Projectnaam : Kessel, Lanterdweg 5

g

zvak sig ESmaneoor

. zvak , Edamannoor

Gotekend Schaal:

volgens 1:

50

NEN

5104

Legenda (conform NEN 5104)

grind

geur Grind, sitig

Klei, zwak sitig

ind, zwak zandig

Klei matig sitig

Grind, matig zandig

Klei, sterk sitig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst stig

e20

geen

geur

zwakke gour matige sterke geur uiterste geur

e

Grind,

rst zandig

Klel, zwak zandig

ZZ zand

s Klei,sterk zandig

Zand,kletg

Zand, zwak sitig leem Zand, matig sitig

N

Leem, zwak zandig

Zand, sterk sitig

N

Km sterkzondig

anen

geen ole-water reactie zwakke

olie-water

reactie

‘matige oie-water reactie sterke uiterste

olie-water reactie olie-water reactie

z i.d-waarde

ss

E ” >10 >100 >1000 >10000

monsters

Zand, iterst sitig

overige toevoegingen zwak

ongeroerd monster

humeus

© Veen, mineralarm

Veon, zwak klïig

Veen, sterk Klelig

Veen, zwak zandig

Veen, sterk zandig

blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand atdichting bentonieumikolieukleiatdichting

IJ matig humeus È sterk humeus \ífll zwak grindig Ü]]

volumering

overig

4

bijzonder bestanddeel

4

Gemiddeld hoogste grondwaterstand

#

grondwaterstand

#

Gemiddeld

matig grindig sterk grindig

E

laagste grondwaterstand

VERKLARING

ONAFHANKELIJKHEID

Projectcode:

_

UITVOERING

VELDWERK

24244702B

Projectieider:

Lanterdweg

BRL SIKB:

s @

1000 2000

_ Monsterneming voor partijkeuringen _ Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek

s

2100

_ Mechanisch

D

6000

_ Milieukundige begeleiding van (water)bodemsaneringen,

Locati

5

Kessel

(geanonimiseerd)

boren

in de waterbodem

Protocollen:

ingrepen

en nazorg

D D

1001 1002

_ Monsterneming voor partijkeuringen grond en baggerspecie _ Monsterneming voor partijkeuringen niet-vormgegeven

@

2001

_

D E E

2002 2003 2018

_ Het nemen van grondwatermonsters _ Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek _ Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem

s

2101

_

D

6001

_ Milieukundige begeleiding landbodemsanering

bouwstoffen

Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen

Mechanisch

methoden

en nemen

van grondmonsters

boren

met conventionele

en nazorg

D

6002

_ Milieukundige begeleiding van landbodemsanering met in-situ

D

6005

_ Milieukundige begeleiding van graven in de bodem en saneren van

D

6006

_ Milieukundige begeleiding van saneren van de bodem met in situ

methoden de

en nazorg

bodem

technieken en grondwatersaneringen

Ik verklaar dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen. Handtekening:

(geanonimiseerd)

(geanonimiseerd)

Bijlage

| 3

Analysecertificaat

<$ eurofins ’ HMB

—

analytico’

B.V.

T.a.v.

(geanonimiseerd)

Voltaweg

8

5993

MAASBREE

SE

NETHERLANDS

Analvsecerti Datum:

24-Jul-2024

Hierbij ontvangt

u de resultaten van het novolgende

Certificoatnummer/versie

2024094963/1

uw project/verslagnummer

24244702B

Uw projectnaam

Kessel,

uw

laboratoriumonderzoek.

Lonterdweg

5

ordernummer

uw datum aanlevering monster(s)

_ 19-Jul-2024

pit certificaat mag uitsluitend

in zijn geheel worden

De anolyse

alleen betrekking

resultaten

hebben

gereproduceerd.

op het beproefde

object.

De grondmonsters worden tot 4 weken na dotum ontvongst bewaard en watermonsters tot 2 weken no datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nodien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaord dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 werkdag voor ofloop voan de standaardbewaorperiode

ondertekend

aan ons te retourneren.

Voor de kosten van het langer beworen

van monsters verwijzen wij naor de prijslijst.

Beworen

tot:

Dotum:

Wij vertrouwen

Naam:

erop uw opdracht

onalysecertificaat

nog vragen

Hondtekening:

hiermee naor verwochting

hebben

verzoeken

te hebben

wij U contoct

uitgevoerd,

op te nemen

mocht U naar aanleiding van dit

met de ofdeling Verkoop

en Advies.

(geanonimise rd)

Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.

119 (geanonimiseerd) Technical Monager

eurofins Analyti Gildeweg 42-46 NL-3774NB Borneveld _ +31(0)34 2426300 _ Info-envGeurofins.nl

w eurofins.nl

Venecoweg $ B-9810 Nozareth 432 (0)9 22277 89 belgie-env@eurofins.be

w eurofins.be

_

BNP Paribas S.A. 227 924525 188N: NL7SBNPR0227924525 BIC: BNPANL2A KYK/COC: 09088623

BTWAAT: NL 8043.14.883.B01

_

Eurofins Anolytico B.V. Ís ISO 14001: 2015 gecertificeerd door TÜ en erkend door het Vloonse, het Brusselse Gewest, het Waalse Gewesten door de overheid van Luxemburg.

<$ eurofins | —

Analysecerti

analytico

icaat

Uwproject/verslagnummer

_ 242447028

Uw projectnaam uw

Kessel,

Lonterdweg

5

ordernummer

(geanonimiseerd)

Eenheid

Anolyse

Certificaatnummer/Versie

2024094963/1

stortdatum

22-Jul-2024

onalyse

Datum einde onalyse

24-Jul-2024

Ropportagedatum gijloge

24-Jul-2024/15:59

Pagina

11

1

8,c

2

4

3

s

Voorbehandeling Cryogeen

molen

Bodemkundige

s

Droge stof

S

Orgonische

s

gevoerd

uitgevoerd

Uitgevoerd

uitgevoerd

Uitgevoerd

844

86.2

855

867

49

onalyses % %

(m/m)

(m/m)

ds

3.0

3.0

13

13

<o.7

Gloeirest

% (m/m)

ds

97

96

98

s

100

Korrelgrootte < 2 pm (Lutum)

%

(m/m)

ds

41

70

3.3

3.3

27

2

26

<5.0

141

<.0

stof

Metalen

s

Koper (cu)

mg/kg

ds

S

Nikkel

mg/kg

ds

141

24

<a0

64

44

s

zink n)

mg/kg ds

92

150

25

77

<0

Nr.

Uw monsteromschrijving IWBG-N1 A02 (0-50)

Opgegeven Grond

(AS3000)

14336491

1WBG-01

A03 (0-30)

Grond

(AS3000)

14336492

A0S (17-50)

Grond

(AS3000)

14336493

IWBG-Z1

A04 (8-30)

Grond

(AS3000)

14336494

1WO6-1

A04

Grond

(AS3000)

14336495

(Ni)

IWBG-W1

AO4 (30-60)

(60-100)

monstermatrix

Monster nr

Akkoord Pr.coörd. eurofins Anolyti

it certificaot mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Gildeweg

4244

venecoweg

NI-3771N8

Sorneveld

8-9810

+31(0)34

2426300

432

(0)9

s

BNP

Poribos

S..

B1C:

BAPANL2A

227

9245

25

Nozoreth

22277

Eurofins TÜv en

59

1nfo-envGeurotins.nl

belgie-env@eurofins.be

KeK/CoC:

09088623

weweurofins.nl

www.eurofins.be

BTW/VAT:

NL

8043.14.883.801

Anolytico

erkend

Woolse Gewest

B.V.is 150

14004:

door het Vlaamse,

2015 gecertificeerd

het Brusselse

Gewest,

en door de overheid van Luxemburg.

door het

A @N

VA

TESTEN RvA

LO10

<$ eurofins | —

analytico

Bijlage (8) met de opgegeven

deelmonsterinformatie

behorende

bij het onalysecertificaat.

2024094963/1 Pogino

Monster nr.

uw monsteromschrijving

Borcode

Boornr

14336491 ossss9s192

_

o536595182

30

19-ul2024

1

1942024

1

19-Jul-2024

1

(17-50) 17

IWBG-11

Honsteromsch. /Monsternome 10

(0-30)

A0S

905

14336494

50

0

1WBG-W1

oszss9s188

50

AO4 (8-30)

AO4 (30-60)

904

8

30

19-Jul2024

1

_

804

30

60

19-Jul2024

2

_

801

19-ul2024

3

14336495 os36594901

A03

803

uw dotum monstername

(0-50) 0

1WBG-01

14336493

o536594909

A02

802

14336492 os36598176

Van Tot

IWBG-N4

1W0G-1

A01

(60-100) 60

100

turofins Analyti

Gildeweg 4744

venecoweg

NI-3771NB

Borneveld

8-9810

+31(0)34

2426300

432

s

BNP Poribos

Nozoreth

(0)9 22277

18RN: 59

1nfo-envGeurofins.nl

belgie-envGeurofins.be

weweurofins.nl

www.eurofing.be

B1C: _

S..

227

924525

M7LBNPRO22792452s SNPANL2A

KVK/COC:

09088623

BTWAVAT:

NL

B043.14.883.801

_

Eurofins Anolytico B.V.

is 150 14004:

TÜven

erkend

door het

Vlaamse,

Woolse

Gewest

en door de overheid

2015 gecertificeerd door

het Brusselse van

Gewest,

Luxemburg.

het

1/1

<$ eurofins | —

analytico

Bijlage (C) met methodeverwijzingen

behorende

bij onalysecertificaat 2024094963/1 Pagina

Analyse

Methode

Techniek

Methode

referentie

wo106

Voorbehondeling

As3000

Droge Stof

wo104

Gravimetrie

pb 3010-2 en NEN-EN 15934

Orgonische stof (gloeiverlies)

wo109

Gravimetrie

pb 3010-3 en NEN 5754

Korrelgrootte

wo171

Sedimentatie

pb 3010-4

Koper (Ccu)

wo423

ICP-MS

pb 3010-5 en NEN-EN-IS0 17294-2

Nikkel

wo423

ICP-MS

pb 3010-5 en NEN-EN-IS0 17294-2

wo423

ICP-MS

pb 3010-5

Voorbehandeling

Cryogeen

molen

Bodemkun

e analyses

< 2 um

(lutum)

en NEN

5753

Metalen

(ND)

Zink (Zn)

Nadere

informotie

over de toegepaste

onderzoeksmethoden

alsmede

stoan vermeld in ons overzicht "Specificaties anolysemethoden",

en NEN-EN-IS0

17294-2

een clossificotie van de meetonzekerheid

versie juni 2024.

eurofins Anolyti

Gildeweg 4744

venecoweg

NI-3771NB

Borneveld

8-9810

+31(0)34

2426300

432

(0)9

s

BNP

Poribos

S.A.

227

9245

25

Nozoreth

2227759

1nfo-envGeurofins.nl

belgie-envGeurofins.be

weweurofins.nl

www.eurofing.be

BTWAVAT:

NL

B043.14.883.801

Eurofins Anolytico

B.V.is 150 14004:

TÜv en

erkend

door het Vlaamse,

Woolse

Gewest

en door de overheid

2015 gecertificeerd

het Brusselse van

Gewest,

Luxemburg.

door het

1/1

Bijlage

| 4

Toetsing analyseresultaten

Uw Project

Kessel, Lanterdweg

5 (242447028)

-

e

aa

edenepecsreie

wetten

eworns

onsteronsieg

M2M-202400435633

IWBG-N1 A2 (0-50}

ew.

Gemeten

Gss0

Gestandaardseerde

RG

Rapporagegrens

am

Monsten

19-07-2024

waarde

N

Waarde

T

Tussenwaarde

ï

Interveriiewaarde

-

<

meetwaarde

landbouwnatuur

Waardelandbouwinatuur

n De toetsing is met de grootste zorg samengesteld door Eurofins Analytico B.V. en HMB B.V.. Bron toetsing: Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa):

beheer Rijkswaterstaat

Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.

Uw Project

Kessel, Lanterdweg 5 (242447028)

Versie

2018

Certicaat Toetsing

2024094963 BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet

Analyse

Eenheid

Gw.

Bodemtypecorrectie Fractie < 2 ym

70

Organische stof volgens gloeiverlies methode

30

Metalen

IWBG-01 A03 (0-30) 550

Oordeel

RS

1N

T

1

Koper (Cu)

mg/kg ds

s

10

35

675

us

190

Zink (Zn)

mo/kg d.s.

20

140

430

0720

Nikkel (Ni)

mofkg ó.s.

Eurofins M2M-20240045634

Monsteromschrijving IWBG-O7 03 (9-30)

4

Datum Monstem 19-07-2024

Legenda om

Gemeten

GssD.

Gestandaardseerde

waarde

aG

Rapportagegrens

m

Waarde

T

Tusserwaarde

1

Interveniewaarde

meetwaarde

landbouwinatuur

e De toetsing is met

Bron toetsing:

de grootste zorg samengesteld

door Eurofins Analytico B.V. en

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa):

beheer

Rijkswaterstaat

HMB

B.V.. Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.

100

Uw Project

Kessel, Lanterdweg

Versie

2018

Certifcaat Toetsing

5 (242447028)

2024094963 BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet

Analyse

Eenheid

ew.

TWBG-W1 AOS (17-50) GS.S.D

Oordeel

RS

LN

T

1

Bodemtypecorrectie Fractie

< 2 um

Organische

33

stof volgens gloeiverlies methode

13

Metalen

Koper (Cu)

mgkg

d.s.

<50

693

-

s

40

us

190

Nikkel

mg/kg

d.s.

<a0

7.37

-

4

35

7.

100

mg/kg d.s.

25

55.6

-

20

140

430

720

(ND)

Zink (Zn) Eurofins

Monsteromschrijving

M2M-202400435635

‚m Monsterr

IWBG-W1 AOS (17-50)

19-07-2024

nda

Gemeten

waarde

Gss0

Gestandaardseerde

RG

Rapporagegrens

N

Waarde

T

Tussenwaarde

ï

Interveriiewaarde <

De toetsing is met

Bron toetsing:

meetwaarde

landbouwnatuur

Waardelandbouwinatuur

de grootste zorg samengesteld

door Eurofins Analytico B.V. en

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa):

beheer

Rijkswaterstaat

HMB

B.V..

Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.

Uw Project

Kessel, Lanterdweg

Versie

20.18

Certifcaat Toetsing

5 (242447028)

2024094963 BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb, door HMB .V. aangepast naar Omgevingswet

Analyse

Eenheid

IWBG-Z1 AO4 (8-30) AO4 (30-60)

ew.

GSsD

Oordeel

RS

LN

T

1

190

Bodemtypecorrectie

Fractie < 2 um

33

Organische stof volgens gloeiverlies methode

13

Metalen

Koper (Cu)

mgkg

d.s.

u

218

-

s

40

us

Nikkel

mg/kg

d.s.

64

168

-

4

35

675

(ND)

100 720

Eurofins

Monsteromschrijving

M2M-202400435636

Datum Monstern:

IWBG-ZI AD4 (8-30) AO (30-60) _ 19-07-2024

ew.

Gemeten

Gss0

Gestandaardseerde

waarde

RG

Rapporagegrens

N

Waarde

T

Tussenwaarde

ï

Interveriiewaarde <

meetwaarde

landbouwnatuur

Waardelandbouwinatuur

n De toetsing is met de grootste zorg samengesteld door Eurofins Analytico B.V. en HMB B.V. Bron toetsing: Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa):

beheer Rijkswaterstaat

Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.

Uw Project

Kessel, Lanterdweg

Versie

2018

Certifcaat Toetsing

5 (242447028)

2024094963 BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet

Analyse

Eenheid

ew.

TWOG-1 AO1 (60-100) GS.SD

Oordeel

RS

LN

T

1

Bodemtypecorrectie Fractie

< 2 um

Organische

27

stof volgens gloeiverlies methode

<07

Metalen

Koper (Cu)

mgkg

d.s.

<50

7.07

-

s

40

us

190

Nikkel

mg/kg

d.s.

41

13

-

4

35

675

100

mg/kg d.s.

<20

321

-

20

140

430

720

(ND)

Zink (Zn) Eurofins

Monsteromschrijving

M2N-202400435637

‚m Monsterr

IWOG:-1 AO (60-100}

19-07-2024

nda

Gemeten

waarde

Gss0

Gestandaardseerde

RG

Rapporagegrens

N

Waarde

T

Tussenwaarde

ï

Interveriiewaarde <

De toetsing is met

Bron toetsing:

meetwaarde

landbouwnatuur

Waardelandbouwinatuur

de grootste zorg samengesteld

door Eurofins Analytico B.V. en

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa):

beheer

Rijkswaterstaat

HMB

B.V..

Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.

Uw Project

Kessel, Lanterdweg

Certifcaat Toetsing Versie

5 (242447028)

2024094963 BoToVa T1 kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet 2048

analyse

Eenheid

Gw.

IWBG-N1 AO2 (0-50) GSS.D

Oordeel

RG

f

wo

ND

w

sa

100

190

100

100

0720

720

Bodemtypecorrectie Fractie

< 2 um

41

Organische stof volgens gloeiverlies methode

30

Metalen

Koper (Cu)

mgfkg

d.

E

393

-

s

40

Nikkel (N)

mgkg

d.s.

u

273

-

4

35

Zink (2n)

m

o

140

Eurofins Nr,

M2M-202400435633

Mensteromschriing IWBG-N?

A2 (0-50)

T

Datum Monsterame 19072024

0200

Indicatie kwaliteitskiasse Landbouw!Natuur

Legends w

Gemeten

Gssp.

Gostandaardiseerde

waarde

aa

Aappoagegrens

N

Waarde

andbouwtnatuur

wo

Waarde

woren

o

Waarde

ndustie

w

Intervertiewzarde / waarde sterk vrontreinigd Waarde

E

e

meetwaarde

landbouwnatuur

s o

toetsing Is met de grootste zorg samengesteld door Eurofins Analytico B.V. en HMB 8.V.. Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing,

Bron toetsing:

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa): beheer Rijkswaterstaat.

Uw Project

Kessel, Lanterdweg

Certifcaat Toetsing Versie

5 (242447028)

2024094963 BoToVa T1 kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet 2048

analyse

Eenheid

Gw.

IWBG-01 AO3 (0-30) GSS.D

Oordeel

RG

f

wo

ND

w

Bodemtypecorrectie Fractie

< 2 um

70

Organische stof volgens gloeiverlies methode

30

Metalen

Koper C

Nikkel (N)

mise mgkg

d.s.

0 4

35

100

100

Zink (2n)

mgfkg

d.

20

140

0720

720

Eurofins Nr,

M2M-202400435634

Mensteromschriing IWBG-O1

09

(0:30)

Datum Monsterame 19072024

0200

Indicatie kwalieitskiasse Klasse industrie

Legends w

Gemeten

Gssp.

Gostandaardiseerde

aa

Aappoagegrens

N

Waarde

andbouwtnatuur

wo

Waarde

woren

o

Waarde

ndustie

w

Intervertiewzarde / waarde sterk vrontreinigd

W

o

e

waarde meetwaarde

toetsing Is met de grootste zorg samengesteld door Eurofins Analytico B.V. en HMB 8.V.. Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing,

Bron toetsing:

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa): beheer Rijkswaterstaat.

Uw Project

Kessel, Lanterdweg 5 (242447028)

Certifcaat Toetsing Versie

2024094963 BoToVa T1 kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet 2048

analyse

Eenheid

IWBG-W1 Gw.

AOS

(17-50)

GSS.D

Oordeel

RS

f

wo

ND

w

sa

190

190

Bodemtypecorrectie Fractie

< 2 um

33

Organische stof volgens gloeiverlies methode

13

Metalen

Koper (Cu)

mgfkg

d.

50

693

-

s

40

Nikkel

mgkg

d.s.

<a0

737

-

4

3

mgfkg

d.

25

556

-

20

140

voor de uitkomst

van

Zink

(N) (2n)

Eurofins Nr,

Mensteromschriving

M2M-202400435635

IWBG-W1

Gemeten

A05 (17:50}

Datum Monsterame

aa

Rapportagegrens

N

Waarde

andbouwtnatuur

wo

Waarde

woren

o

Waarde

ndustie

w

Intervertiewzarde / waarde sterk vrontreinigd Waarde

is met

de grootste

Landbouw!Natuur

waarde

Gostandaardiseerde

Bron toetsing:

Indicatie kwaliteitskiasse

19072024

Gssp.

De toetsing

0200

meetwaarde

landbouwnatuur

zorg samengesteld

door Eurofins Analytico

B.V.

en HMB

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa): beheer Rijkswaterstaat.

B.V..

Deze zijn niet verantwoordelijk

deze toetsing,

100

100

0720

720

Uw Project

Kessel, Lanterdweg

Certifcaat Toetsing Versie

5 (242447028)

2024094963 BoToVa T1 kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet 2048

analyse

Eenheid

IWBG-Z1 A04 (8-30) AO (30-60)

Gw.

GSS.D

Oordeel

RG

f

wo

ND

w

sa

100

190

100

100

0720

720

Bodemtypecorrectie Fractie

< 2 um

33

Organische stof volgens gloeiverlies methode

13

Metalen

Koper (Cu)

mgfkg

d.

u

28

-

s

40

Nikkel (N)

mgkg

d.s.

64

168

-

4

35

Zink (2n)

m

o

140

Eurofins Nr,

M2M-202400435638

Mensteromschriing IWBG-Z!

A04(8:30) A04(30-80)

e

Datum Monsterame

_ 19:07-2024

0200

Indicatie kwaliteitskiasse Landbouw!Natuur

Legends w

Gemeten

Gssp.

Gostandaardiseerde

waarde

aa

Aappoagegrens

N

Waarde

andbouwtnatuur

wo

Waarde

woren

o

Waarde

ndustie

w

Intervertiewzarde / waarde sterk vrontreinigd Waarde

E

e

meetwaarde

landbouwnatuur

s o

toetsing Is met de grootste zorg samengesteld door Eurofins Analytico B.V. en HMB 8.V.. Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing,

Bron toetsing:

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa): beheer Rijkswaterstaat.

Uw Project

Kessel, Lanterdweg 5 (242447028)

Certifcaat Toetsing Versie

2024094963 BoToVa T1 kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem, door HMB B.V. aangepast naar Omgevingswet 2048

analyse

Eenheid

IWOG-1 Gw.

AO1

(60-100)

GSSD

Oordeel

RS

f

wo

ND

w

sa

190

190

Bodemtypecorrectie Fractie

< 2 um

27

Organische stof volgens gloeiverlies methode

<07

Metalen

Koper (Cu)

mgfkg

d.

50

707

-

s

40

Nikkel

mgkg

d.s.

41

13

-

4

35

mgfkg

d.

<20

321

-

20

140

voor de uitkomst

van

Zink

(N) (2n)

Eurofins Nr,

Mensteromschriing

M2M-202400435637

IWOG-1

Gemeten

AO

(60-100)

Datum Monsterame

aa

Rapportagegrens

N

Waarde

andbouwtnatuur

wo

Waarde

woren

o

Waarde

ndustie

w

Intervertiewzarde / waarde sterk vrontreinigd Waarde

is met

de grootste

Landbouw!Natuur

waarde

Gostandaardiseerde

Bron toetsing:

Indicatie kwaliteitskiasse

19072024

Gssp.

De toetsing

0200

meetwaarde

landbouwnatuur

zorg samengesteld

door Eurofins Analytico

B.V.

en HMB

Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa): beheer Rijkswaterstaat.

B.V..

Deze zijn niet verantwoordelijk

deze toetsing,

100

100

0720

720

Bijlage

| 5

Achtergrondinformatie 1.

Toelichting

Vooronderzoek Ook wel bekend

bij verschillende onderzoeken/onderzoekstappen

als

historisch

onderzoek.

Het

betreft

het

verzamelen

van

informatie

over

de

locatie

middels archiefonderzoek, historisch bronnen en kaarten en een locatie-inspectie. Het vooronderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5717 (waterbodem) en de NEN 5725 (landbodem). In het geval van asfaltonderzoek is de opzet omschreven in de CROW 210. Verkennend

bodemonderzoek

Op basis van de gekozen strategie (onverdachte of verdachte locatie) worden en/of peilbuizen geplaatst. Een aantal grond- en grondwatermonsters wordt

een aantal boringen geanalyseerd op de

relevante

kwaliteit voldoende

parameters.

In de rapportage

wordt verwoord

of de milieuhygiënische

voor hetgeen is voorgenomen of dat nader bodemonderzoek bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5740. Nader

noodzakelijk

is.

Het

mate,

en ligging van

is

verkennend

bodemonderzoek

Het in één

of meerdere

fasen

vaststellen

van

de aard,

oorzaak,

omvang

een

verontreiniging. In de rapportage wordt de verontreinigingssituatie omschreven. Over het algemeen wordt ook een risicobeoordeling uitgevoerd). Uitvoering (behoudens voor asbest) conform de NTA 5755.

Verkennend asbest in grondonderzoek Onderzoek naar asbest in de bodem met minder dan 50 gewichtsprocent bodemvreemd materiaal. In de rapportage wordt verwoord of het asbestgehalte aanleiding geeft tot nader onderzoek. Uitvoering conform

de

NEN

5707.

Verkennend asbest in puinonderzoek Onderzoek naar asbest in funderingslagen, stortlocaties en wegen met meer dan 50 gewichtsprocent bodemvreemd materiaal. In de rapportage wordt verwoord of het asbestgehalte aanleiding geeft tot nader onderzoek. Uitvoering conform de NEN 5897. Nader asbest in grond- of puinonderzoek Onderzoek naar de oorzaak, mate, omvang worden

de verontreinigingssituatie

en ligging van een asbestverontreiniging.

omschreven.

Over

uitgevoerd, Uitvoering conform de NEN 5707 of NEN Verkennend

waterbodemonderzoek

Onderzoek

voor

het

bepalen

van

de

het

algemeen

wordt

kwaliteit

van

ook

een

In de rapportage risicobeoordeling

5897.

milieuhygiënische

de

waterbodem

en

daaruit

vrijkomende baggerspecie. In de rapportage wordt verwoord dat de milieuhygiënische kwaliteit voidoende is voor hetgeen is voorgenomen of dat nader waterbodemonderzoek noodzakelijk is. Het verkennend waterbodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5720. Partijkeuring Ook wel bekend als APO4. Een onderzoek gericht op het vervoeren en elders toepassen bouwstof. In de rapportage worden de hergebruiksmogelijkheden verwoord.

van grond

of

Asfaltonderzoek

Onderzoek naar de laagopbouw conform

de CROW

210.

en teerhoudendheid

van asfalt. Het asfaltonderzoek

wordt uitgevoerd

2.

Toetsingskader

De toetsingen worden

conform de geldende richtlijnen uitgevoerd. Voor parameters anders dan asbest

geschiedt

BoToVa

dit

middels

normwaarden De

(Bodem

Toets-

en

Validatieservice).

In

de

toetstabellen

zijn

ook

de

voor de geanalyseerde parameters weergegeven.

toetsingswaarden

Leefomgeving

zijn

Bijlage

opgenomen

IIA en

Besluit

in de

Kwaliteit

Regeling

Bodemkwaliteit

Leefomgeving

bijlage Vd.

bijlage De

B,

Besluit

Activiteiten

meest

recente

versies zijn

te raadplegen via wetten.overheid.nl. De toetsingswaarden zijn als volgt gedefinieerd: Waarde Landbouw/natuur

Voor grond en baggerspecie bij regeling vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door Iokale verontreinigingsbronnen. Deze waarden zijn (door gemeenten) vastgesteld in het project ‘achtergrondwaarden

2000

(AW

2000)'.

Interventiewaarde

Waarde waarmee voor verontreinigende stoffen in grond en grondwater het concentratieniveau wordt aangegeven waarboven sprake is van ernstige vermindering of dreigende vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. In het grondwater aangeduid als signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering. Streefwaarden grondwater Aanduiding

van

het

iijkpunt

voor

de

milieukwaliteit

verwaarloosbare risico's voor het ecosysteem diep en ondiep grondwater. Tussenwaarde

voor

de

lange

termijn,

uitgaande

van

waarbij voor metalen onderscheid wordt gemaakt tussen

(formeel vervallen)

Voor grond: het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. Voor grondwater: het rekenkundig gemiddelde van de streefwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek wordt uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat. Naast

de

toetsing

aan

bodemkwaliteitsklassen

verontreinigd’).

bovenstaande

waarden

kan

ook

(indicatief)

getoetst

('Landbouw/natuur’,

de

‘Wonen’,

‘Industrie’,

‘Matig

verontreinigd’

worden of

aan 'Sterk

Waterbodem

De analyseresultaten toetsingskaders:

kunnen

getoetst

worden

aan

de

voorwaarden

voor

de

volgende

generieke

1.

toepassen

2.

Inhoudend: het gericht plaatsen van bagger waarbij een nieuwe waterbodem ontstaat. Daarvoor wordt de waterbodemkwaliteit, met behulp van het toetsingsprogramma BoToVa, onderverdeeld n de klassen ‘niet verontreinigd’, "licht verontreinigd’, ‘matig verontreinigd’ of ‘sterk verontreinigd’'2. Ook de kwaliteit van de ontvangende waterbodem is van belang; verspreiden over aangrenzend perceel

in oppervlaktewater

hiervoor wordt

de msPAF-toets!?

toepasbare (verspreidbare) 3.

toepassing

gebruikt tenzij al bekend

is dat sprake

is van

op landbodem

de waterbodemkwaliteit wordt in het kader van deze toepassing onderverdeeld klassen ‘landbouw/natuur, ‘wonen’, ‘industrie’, ‘matig verontreinigd’ of verontreinigd’!+

2

De normwaarden zijn afkomstig uit de Regeling Bodemkwaliteit

”

‘Vrij

msPAF

toepasbare

vrij

baggerspecie(zie punt 1)

bagger'

kan

zonder

aanvullende

toetsingen

onder

meer

verspreid

worden

in de sterk

op

het

aangrenzende perceel. Een aanvullende toetsing met behulp van msPAF is alleen noodzakelijk bij de klassen licht of matig verontreinigd meer stoffen Potentieel Aangetaste Fractie van lagere organismen. De msPAF-toets is een methode om ecologische risico's te bepalen. De toets geeft een indicatie over het deel van de

aanwezige organismen dat nadelige gevolgen kan ondervinden als gevolg van het aanwezige

mengsel van

verontreinigingen. Op basis van het criterium dat de verspreidbare hoeveelheid bagger minimaal gelijk moet blijven, is de norm gesteld op msPAF-metalen < 50% en msPAF-organisch <15%. Naast de mSPAF zijn 7 stoffen individueel genormeerd te weten cadmium, kwik, lood, molybdeen, nikkel, PCB en minerale olie

De analyseresultaten worden, na omrekening

tot gehalten standaardbodem, getoetst aan de normwaarden

voor toepassen van grond op of in de bodem

(Regeling bodemkwaliteit)

3.

Betrouwbaarheid

van

Bodemonderzoeken

worden

en

methoden.

gehele

ISO

9001

Het

onderzoeken

op zorgvuldige proces

kwaliteitssysteem.

van

wijze verricht volgens

offerte

Analyses

tot en

vinden,

met

tenzij

de algemeen

rapportage

anders

gebruikelijke inzichten

is geborgd

vermeld,

in een

plaats

in

gecertificeerd

geaccrediteerde

laboratoria.

HMB

B.V.

streeft

bij elk milieuhygiënisch

onderzoek

naar een

optimale

representativiteit.

Echter,

een

dergelijk onderzoek is gebaseerd op het verrichten van een beperkt aantal monsterlocaties en het nemen en analyseren van een beperkt aantal monsters. Hierdoor blijft het mogelijk, dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van grond en/of grondwater aanwezig zijn, welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. HMB

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=e0806aff-099c-4bf5-967c-39d1611916db