2025-016 10 Bijlage 7 - Historisch onderzoek Giel Peetershof (geanonimiseerd)
Tekst van het document
_aelmans
Bouowesdtonefmen Historisch onderzoek
Giel Peetershof te Egchel
rapport AMA230409.005/WGE
datum:
1 mei 2024
opdrachtgever:
Pouderoyen B.V., Wijchenseweg 102 (2e etage) 6538
SX
NIJMEGEN
Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en / of openbaar gemaakt zonder schriftelijke toestemming van Aelmans Milieu Asten. Op al onze werkzaamheden zijn de algemene leveringsvoorwaarden van toepassing, zoals gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel te Eindhoven, onder nummer 17159750
1 mei 2024
1
rapportnummer: AMA230409.005/WGE
VERANTWOORDING
Teamleider / adviseur
Aelmans Milieu Asten Koningsplein 18, 5721 GJ Asten, Tel.nr. 0493-671818, Email: asten@aelmans.com _
‘Aelmans Milieu Asten
z
G
o1
A
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1mei 2024
rapportnummer:
i
AMA230409.005/WGE
SAMENVATTING
Voor een verklaring van de gebruikte terminologie met betrekking tot eventuele verontreinigingen verwijzen wij naar de 'regeling bodemkwaliteit’. Voor een terrein aan de Giel Peetershof te Egchel is een
historisch bodemonderzoek uitgevoerd zoals voorgeschreven in de Nederlandse norm NEN 5725. De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in het volgende overzicht:
Gemeente
Peel en Maas
Adres
Giel Peetershofte Egchel
Kadastraal
Sectie: G
Nr: deels 580, 707 en 1883
Coördinaten
X:196.147
:369.191
Oppervlakte onderzoekslocatie
Circa 17.000 m?
Uit de in het vooronderzoek verzamelde gegevens volgt dat de locatie tussen de jaren '60 en 2003 (deels) in gebruik is geweest als boomgaard. Daarvoor en erna was het terrein in gebruik als landbouwgrond. Door het gebruik als boomgaard is de bovengrond verdacht voor een verontreiniging met persistente bestrijdingsmiddelen (OCB's). In 2010 is voor de herontwikkeling van het terrein een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Normaliter wordt, bij gelijkblijvend gebruik en de afwezigheid van bodembelastende activiteiten, een
termijn van 10 jaar gehanteerd alvorens het onderzoek opnieuw dient te worden uitgevoerd. In overleg met de gemeente Peel en Maas is overeengekomen dat voor deze situatie volstaan kan worden met een historisch onderzoek.
Aangezien bij het voorgaand onderzoek geen onderzoek heeft plaatsgevonden naar persistente bestrijdingsmiddelen (OCB's) dient door het bevoegd gezag (gemeente Peel en Maas) beoordeeld te worden of hiervoor aanvullend veldonderzoek noodzakelijk is. Voor het overige zijn er, op basis van bovenstaande gegevens, geen aanwijzingen gevonden welke zouden kunnen duiden op de aanwezigheid van een bodemverontreiniging en wordt het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek voor de beoogde herontwikkeling derhalve niet noodzakelijk geacht.
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1mei 2024
u
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
INHOUDSOPGAVE
SAMENVATTING 1
INLEIDING
EN
DOEL
2.
VOORONDERZOEK ….
VAN
HET
2.1.
_ GEOGRAFISCHE GEGEVENS.
2.2.
_ HUIDIG
ONDERZOEK
BODEMGEBRUI
2.3.
_ VOORMALIG
2.4.
_ MILIEUVERGUNNINGEN
2.5.
_ BODEMONDERZOEKEN.
BODEMGEBRUIK.. ….
2.6.
_ STORTPLAATSEN …
27.
_ TOEKOMSTIG
2.8.
_ BODEMOPBOUW EN (GEO-)HYDROLOGIE .
GEBRUIK.
281.
Algehele bodemkwaliteit.
28.2.
PFAS...
2.9.
.
_ VELDONDERZOEK.
2.10.
CONCLUSIE
VOORONDERZOEK
.
Bijlage 1.
overzichtstekening
Bijlage 2
. kadastrale gegevens
Bijlage 3.
locatietekening
Bijlage 4..
… boorstaten
Bijlage 5..
… literatuurlijst en geraadpleegde bronnen
Bijlage 6..
… verzamelde informatie
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei 2024
rapportnummer:
1.
2
AMA230409.005/WGE
_ INLEIDING
EN
DOEL VAN
HET ONDERZOEK
In verband met de geplande herontwikkeling aan de Giel Peetershofte Egchel is door Pouderoyen B.V. schriftelijk opdracht verleend om een historisch bodemonderzoek voor deze locatie uit te voeren. Het doel van het vooronderzoek is inzicht krijgen in de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen
op de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. Ook kunnen de resultaten van het vooronderzoek worden gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek. Om
dit doel te bereiken wordt
relevante
informatie over de onderzoekslocatie
en eventueel
de
beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. Dit gebeurt onder-meer door het opvragen van informatie bij de opdrachtgever, de eigenaar en de gemeente, het houden van interviews, uitvoeren van terreininspectie en archiefonderzoek. De te verzamelen informatie heeft betrekking op het voormalige, huidig en toekomstig gebruik, de bodemopbouw, de geohydrologische situatie en financieel-juridische aspecten.
Het onderzoek is uitgevoerd volgens NEN 5725 [1]. Voor zover boringen zijn geplaatst is dit uitgevoerd conform protocol SIKB2001 [3] van de SIKB door hiertoe erkende monsternemers. Asten is hiervoor gecertificeerd en erkend.
Aelmans Milieu
Binnen de methodiek van NEN5725 worden een zevental aanleidingen voor het uitvoeren van een historisch onderzoek benoemd. Gezien het doel van onderhavig onderzoek is aanleiding (a) uit NENS725 van toepassing : “opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren
bodemonderzoek”
Afhankelijk van de aanleiding voor het verrichten van vooronderzoek moet antwoord worden verkregen op een aantal onderzoeksvragen. In het vooronderzoek voor het opstellen van de hypothese
over de bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek gaat het om aspecten die van belang zijn om de kans op bodemverontreiniging in te schatten. Indien deze kans er is, moeten de kritische parameters en de eventuele indeling in deelgebieden met verschillende bodemlagen of
verschillende milieuhygiënische samenstelling uit het vooronderzoek blijken. Het rapport is als volgt opgebouwd:
Hoofdstuk 2 geeft een beschrijving van de verzamelde gegevens van de onderzoekslocatie en/ of de daaromheen liggende percelen, welke tijdens het vooronderzoek naar voren zijn gekomen. De in de tekst aangehaalde literatuurbronnen zijn opgenomen in bijlage 5.
Contactpersoon voor de opdrachtgever was de heer
Aelmans Milieu Asten
p
k
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei 2024
3
rapportnummer: AMA230409.005/WGE
Luchtfoto onderzoekslocatie en omgeving
Aelmans
Milieu
Asten
Afdeli
g Bodem en Bouwstoffen
1 mei 2024
rapportnummer:
4
AMA230409.005/WGE
VOORONDERZOEK
Het vooronderzoek met betrekking tot het bodemonderzoek is uitgevoerd op het standaardniveau, conform NEN 5725. In bijlage 5 en 6 is een overzicht weergegeven van deze (geraadpleegde) informatiebronnen en de verkregen informatie.
2.1.
Geografische gegevens
De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in het volgende overzicht:
Gemeente
Peel en Maas
Adres
Giel Peetershofte Egchel
Kadastraal
sectie:
Coördinaten
X:196.147
Oppervlakte onderzoekslocatie
Circa 17.000 m?
G
Nr:
deels 580, 707 en 1883
Y:369.191
Het vooronderzoek heeft zich gericht zich op de onderzoekslocatie en de direct aanliggende percelen
vanaf de grens van het onderzoeksgebied tot aan 25 meter buiten het onderzoeksgebied Op de onderzoekslocatie is er geen sprake van een calamiteit of overtreding van voorschriften in het kader van de Wet Milieubeheer en/of Wet Bodembescherming en/of andere milieuregelgeving.
2.2.
Huidig bodemgebruik
Het terrein is in gebruik als onbebouwde en onverharde agrarische grond. Aan de noordoostzijde wordt de locatie begrenst door de Gielenhofweg. Aan de noordoostzijde wordt de locatie begrenst door de Klaasenhof en de ontwikkeling van de Giel Peetershof fase |. Aan de zuidoostzijde wordt de locatie begrenst door en groenstrook langs de Roggelseweg. Aan de zuidwestzijde is sprake van agrarische grond. Het onderzoeksterrein is voor zover bekend niet opgehoogd (geweest) met bodemvreemde materialen zoals puin, sintels of gebroken asfalt. Op de onderzoekslocatie hebben voor zover bekend geen
olietanks in of op de bodem gelegen. Er zijn geen gegevens bekend omtrent eventuele activiteiten of calamiteiten op de onderzoekslocatie welke geleid kunnen hebben tot een bodemverontreiniging.
23.
Voormalig bodemgebruik
Uit historisch kaartmateriaal (bron: www.topotijdreis.nl) volgt dat in 1850 al paden aanwezig waren op de locatie en dat ten noordenwesten van de locatie een watergang was gelegen. In de jaren 50 van de vorige eeuw zijn de paden opgeheven, is de noordelijk gelegen Gielenhofweg aangelegd en is het terrein in gebruik genomen als landbouwgrond. Vermoedelijk zijn de paden nimmer verhard geweest
met bodemvreemde materialen. Vanafde jaren ’60 van de vorige eeuw is op het noordwestelijke deel van de locatie een boomgaard zichtbaar. Aan het einde van dejaren ’7 is ook het resterend deel van de locatie in gebruik genomen als boomgaard. Medio jaren ’80 van de vorige eeuw zijn op het
zuidelijke deel enkele paden aangelegd en is de boomgaard op het noordelijke deel verwijderd. Op het zuidelijk gedeelte is de boomgaard, met een tussenpozen eind jaren '90 van de vorige eeuw, zichtbaar tot 2003. Vanaf 2016 is noordelijk van de locatie de Giel Peetershof (fase 1) in ontwikkeling.
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei 2024
rapportnummer:
5
AMA230409.005/WGE
omstreeks 1995
2.4.
omstreeks 2018
Milieuvergunningen
Voor zover bekend hebben in het verleden geen bedrijfsmatige activiteiten plaatsgevonden, zijn geen meldingen ingediend of vergunningen aangevraagd.
2.5.
Bodemonderzoeken
Geohydrologisch onderzoek Roggelseweg Gielenhofweg Jacobusstraat te Egchel, Econsultancy.nl, P&M.GEM.GEO,
11-03-2011.
Ten behoeven van een duurzaam waterbeheer van de voorgenomen ontwikkeling binnen de locatie is een geohydrologisch onderzoek uitgevoerd. Binnen de onderzoekslocatie zijn de peilbuizen Pb01, B4
en B5 geplaatst en bemonsterd. Bij het plaatsen van de peilbuizen zijn geen bodemvreemde bijmengingen aangetoond. Het grondwaterniveau varieerde tussen 0,45 — 1,75 m-mv. Rapportage verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg te Egchel, BKK bodemadvies, 10216.BKK, d.d. 29-06-2010. Naar aanleiding van de beoogde bestemmingsplanwijziging is
een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de onderzoekslocatie en omliggende percelen. Uit de rapportage volgt dat langs de Gielenhofweg (boringen 14 en 15} en elders
(buiten de huidige onderzoekslocatie) sporadisch een bijmenging met baksteen is waargenomen. Uit de analyse
resultaten is gebleken dat de bovengrond plaatselijk zeer licht verontreinigd was met kwik en cadmium. De ondergrond was destijds niet verontreinigd. Het grondwater was, bij toetsing aan de inmiddels vervallen normen
uit de circulaire bodem-
sanering, licht verontreinigd met cadmium, kobalt, nikkel, barium en zink.
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei 2024
rapportnummer:
6
AMA230409.005/WGE
Uit de rapportage volgt dat in het historisch onderzoek de voormalige boomgaarden niet zijn
beschreven. Er heeft dan ook geen analytisch onderzoek plaatsgevonden naar OCB's (Organochloorbestrijdingsmiddelen).
In 2011 is voor de beoogde aanleg van een ontsluitingsweg aan de Jacobusstraat (ong.) te Egchel door BKK
>
Bodemadvies een historisch bodemonderzoek
uitgevoerd (rapport 11337.BKK, d.d. 12 oktober 2011).
7
-
°
.°
|,
‘
De onderzoekslocatie betreft het zuidoostelijk gedeelte van het perceel gemeente Egchel, sectie G, nummer
e
346. De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt
circa 2.095 m? en maakt deel uit van een stuk weiland.
®
De woning aan de Jacobusstraat 81 is noordwestelijk
van de onderzoekslocatie. Uit de rapportage volgt dat
in de omgeving zowel de boven- als de ondergrond
N
Á <
x
#
7
licht verontreinigd is met zware metalen en plaatselijk met PAK en minerale olie. Het grondwater is (bij toetsing aan de inmiddels vervallen streefwaarde) licht verontreinigd met zware metalen, xylenen en benzeen.
Geconcludeerd is dat, doordat er geen verdachte (deel)locaties zijn aangetoond kan worden afgezien van het uitvoeren van een verkennend
2
bodemonderzoek
conform
de NEN
5740.
Stortplaatsen
Uit de Stortplaatsenkaart van de provincie Limburg volgt dat de locatie niet op of in de omgeving van een bekende stortplaats is gelegen.
27.
Toekomstig gebruik
Ter plaatse van het onderzoeksterrein is n de nabije toekomst een uitbreiding van de woonwijk ‘Giel
Peetershof, fase II beoogd.. Er is verder geen informatie beschikbaar over voorgenomen grondwateronttrekkingen en/of mobiele verontreinigingen in het beïnvloedingsgebied. Er is vooralsnog geen informatie beschikbaar over eventuele geplande waterwegen of andere planning voor de aanleg van ondergrondse infrastructuur (tunnels, parkeerkeiders, funderingen, riolen, leidingen, kabels en tanks enz.). Er is geen informatie
beschikbaar met betrekking tot potentieel bodemverontreinigende activiteiten of het in gebruik nemen van grond voor met name specifieke (zeer) gevoelige gebruik zoals (volks)moestuinen, de aanleg van kinderspeelplaatsen, de teelt van gevoelige landbouwgewassen of het laten grazen van gevoelig vee.
2.8.
Bodemopbouw en (geo-Jhydrologie
Het te onderzoeken terrein heeft een hoogteligging gelijk aan ca. 32,5 m + N.A.P. De opbouw van de ondergrond is schematisch weergegeven in figuur A.
De freatische grondwaterspiegel bevindt zich op circa 0,6 m-my. De stromingsrichting van het freatische grondwater is vermoedelijk noordwestelijk, richting de voormalige waterloop, gericht. De stromingsrichting van het grondwater in het eerste watervoerende pakket is globaal zuidwestelijk gericht (zie
uitsnede). Voorgenoemde geohydrologische gegevens zijn ontleend aan de grondwaterkaart van Nederland [6].
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei 2024
7
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
Figuur A: opbouw ondergrond. estsisc
H
ebeid
'
Formatie van Boxtel
Formatie van Beegden
Zwak siig ijn tot matig grof zand
Formatie van Breda
Mariene zanden en kleien
Zandige leem tot grind, uitkomst van Maasafzettingen
Algehele bodemkwaliteit
De gemeente Peel en Maas maakt gebruik van een goedgekeurde bodemkwaliteitskaart en bodembeheerplan van de regio Midden en Noord-Limburg, waarin diffuus verhoogde achtergrondgehalten aan verontreiniging zijn vastgelegd. De boven- en ondergrond van onverdachte locaties voldoet
gemiddeld genomen aan de klasse landbouw/natuur. De gemeente Peel en Maas maakt gebruik van een goedgekeurde bodemfunctieklassenkaart van de
regio Midden en Noord-Limburg. Hierin heeft de locatie de functie Landbouw/natuur toegekend gekregen. Van de regio zuidoost Brabant, noord- en midden Limburg is bekend dat er zich verhoogde achtergrondwaarden aan zware metalen in het grondwater manifesteren. Deze zijn enerzijds toe te
schrijven aan uitloging uit deze verhardingen van zinkassen en depositie van zware metalen door het productieproces van deze zinkassen in de fabriek in Budel-Dorplein (diffuse verontreinigingen). Wanneerdit het geval is op een [ocatie zal de stof zink overheersen bij de verontreinigingen. Een andere bron van verontreiniging met zware metalen in het grondwater zijn de chemische processen die optreden wanneer anaeroob grondwater opkwelt. Doordat n de bodem ijzerhoudende lagen aanwezig zijn kunnen zware metalen in oplossing gaan en in het grondwater terechtkomen. Over het algemeen zijn arseen en nikkel overheersende componenten wanneer deze situatie zich voordoet. 2.8.2.
PFAS
In het rapport “Aanwezigheid PFAS in Nederland Deelrapport B Verdachte locaties”
is een overzicht
opgenomen van potentiële risico-locaties voor het voorkomen van PFAS-verbindingen. Voor de locatie is voor zover bekend geen sprake van een bronlocatie. Opgemerkt wordt dat op basis van recente
gegevens de bovengrond van een groot deel van Nederland mogelijk in lichte mate verontreinigd is met PFAS-verbindingen en dat uitspoeling naar de ondergrond kan plaatsvinden. Door het ministerie is een Handelingskader PFAS opgesteld (versie 29 december 2023) voor hergebruik van PFAS houdende
grond en baggerspecie, waarbij een achtergrondwaarde van 1,9 ug/kgds (PFOA) danwel 1,4 ug/kgds (overige PFAS) is vastgesteld. In opdracht van de provincie Limburg i in 2019-2020 door Geonius een bodemonderzoek uitgevoerd naar PFAS en GenX. De resultaten zijn verwerkt in rapport 370570.D0, d.d. 3 september 2020. Uit de
rapportage volgt dat overwegend gehaltes PFAS zijn aangetroffen onder de 0,8 ug/kgds (destijds geldende norm uit het Handelingskader) en dat wordt aangesloten bij de normen van het ‘Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ van 2 juli 2020.
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei 2024
8
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
Veldonderzoek
Op 4 april 2024 zijn, tijdens het locatiebezoek en verspreid over de locatie, door de heer * z
=g
[van ons kantoor zeven proefboringen geplaatst. De plaatsen van de boringen zijn weergegeven
op de tekening in bijlage 3. Een beschrijving van de bodemopbouw is opgenomen n de boorstaten in bijlage 4. Hieruit volgt dat de
boven- en ondergrond bestaat uit matig fijn zand, waarin geen bodemvreemde bijmengingen zijn aangetroffen. Dit komt overeen met de resultaten van voorgaand bodemonderzoek (BKK, 2011). Op het maaiveld of in het opgeboorde materiaalis geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Evenmin zijn bijmengingen aangetroffen welke, op basis van de NEN5707, aanleiding zouden kunnen
geven tot een bodemonderzoek naar asbest.
2.10.
Conclusie vooronderzoek
Het vooronderzoek heeft zich gericht zich op de onderzoekslocatie en de direct aanliggende percelen vanaf de grens van het onderzoeksgebied tot aan 25 meter buiten het onderzoeksgebied.
De locatie is tussen de jaren '60 en 2003 (deels) in gebruik geweest als boomgaard. Daarvoor en erna was het terrein in gebruik als landbouwgrond. Door het gebruik als boomgaard is de bovengrond verdacht voor een verontreiniging met persistente bestrijdingsmiddelen (OCB's). In 2010 is voor de herontwikkeling van het terrein een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd.
Normaliter wordt, bij gelijkblijvend gebruik en de afwezigheid van bodembelastende activiteiten, een termijn van 10 jaar gehanteerd alvorens het onderzoek opnieuw dient te worden uitgevoerd. In overleg
met de gemeente Peel en Maas, de heer kan worden
s , is overeengekomen dat voor deze situatie volstaan
met een historisch onderzoek.
Aangezien bij het voorgaand onderzoek geen onderzoek heeft plaatsgevonden naar persistente
bestrijdingsmiddelen (OCB's) dient door het bevoegd gezag (gemeente Peel en maas) beoordeeld te worden of hiervoor aanvullend veldonderzoek noodzakelijk is. Voor het overige zijn er, op basis van bovenstaande gegevens, geen aanwijzingen gevonden welke zouden kunnen duiden op de
aanwezigheid van een bodemverontreiniging en wordt het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek derhalve niet noodzakelijk geacht. In bijlage 3 is een tekening van de geografische
afbakening van de onderzoekslocatie voor het bodemonderzoek opgenomen.
Foto’s van de onderzoekslocatie — d.d. 4 april 2024
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei
2024
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
BIJLAGEN
Aelmans Milieu Asten voert zijn bodemonderzoeken zorgvuldig en volgens de geldende normen uit. Elk bodemonderzoek is echter gebaseerd op een beperkt aantal grondboringen: ten opzichte van het totale bodemvolume is slechts een klein
deel (chemisch} onderzocht. Het is dus mogelijk dat plaatselijk afwijkingen in de bodem voorkomen, of dat zich verontreinigende stoffen in de bodem bevinden die niet met dit onderzoek naar voren zijn gekomen.
Een bodemonderzoek is een momentopname en heeft een beperkte geldigheid: na monstername kan immers een nieuwe verontreiniging geïntroduceerd zijn, terwijl een mobiele verontreiniging zich misschien verplaatst.
Aelmans Milieu Asten acht zich dan ook niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard dan ook.
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei
2024
rapportnummer: AMA230409.005/WGE
Aelmans Milieu Asten
OPDRACHTGEVER: AMA230409.005/WGE Pouderoyen B.V.
bijlage 1
WERK:
BRON:
Historisch bodemonderzoek aan de
OpenstreetMap
overzichtstekening
Giel Peetershof (fase II} te Egchel
‘Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei
2024
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
bijlage 2
kadastrale gegevens
Aelmans
Milieu
Asten
Afdeli
g Bodem en Bouwstoffen
Kadastrale
kaart
Uw
referentie:
@
02040
Deze kaart s noordgericht
12345 25
Sschaal 1:
_
6080
100m
kadaster
2000
_ Percechummer Husnummer
Vastgestekde kadastrale grens Voorlopige kadastale grens
‚Administraieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente
Sectie Perceel
_ Helden
s 707
Bebouwing ‚an di uitrekselkunnen geen betrouwbare maten worden ortleend.
Voor een eensluidend uitreksel, geleverd op 3 mei 2024 De bewaarder van het kadasteren de openbare regsters
'De Dienst voor het kadaster en de openbareregiters behoudtzch de telectuele eigendomsrechten voor, Waaronder het auteursrecht en hetdatabankenrecht.
AMAM230409
kadaster
Helden G 707 AMAM230409
03-05-2024-10:14
_
S11177586435
02-05-2024-14:59
_
02-05-2024
- 14:59
1van1
Eigendomsinformatie
©
ALGEMEEN
Kadastrale
Helden
aanduidi
adastrle
G 707
objecideriicate:
Kadastrale grootte
23.060 m?
Grens en grootte
Vastgesteld
Coördinaten
196109
Omschrijving
Terrein (grasland)
031760070770000
- 369124
koorsom (geanonimiseerd)
Koopjaar 2010
Met meer onroerend goed verkregen.
AANTEKENINGEN
Publiekrechtelijke beperking de zin van
de Wet
in Er zijn geen beperkingen bekend
kenbaarheid
publiekrechtelijke bepe onroerende
gen zaken
RECHTEN
1 Eigendom (recht van) Afkomstig uit stuk
Hyp4 58599/54
Naam gerechtigde
Gemeente Peel en Maas
Adres
Wilhelminaplein 1 5981
Postadres
Statutaire zetel
Kvk-nummer
Ingeschreven op
CC
PANNINGEN
Postbus
7088
5980
PANNINGEN
AB
PANNINGEN
50397052 (Bron: Handelsregister) Voor de meest actuele naam,
zetel en adres
raadpleeg het Handelsregiser
Voor en eensluidend uitreksel, de bewaarder van het kadaster en de openbareregisters. De Dienst voor het kadaster en de openbare regiters behouf en aanzien van de kadastale gegevens zich hetrecht voorals bedoeldn arke 2 i Jncto atikel $ d 3 van de Databankerwet Heeft u nog wagen? Neem contact op met de Kantenserie,
20-07-2010 om 10:43
kadaster
Helden G 1883 AMAM230409
03-05-2024-10:13
_
S11177586397
02-05-2024-14:59
_
02-05-2024
- 14:59
1van1
Eigendomsinformatie
©
ALGEMEEN
Kadastrale
ing
aandui
Helden G 1883 adastrle
objecideriicate:
Kadastrale grootte
12.770 m?
Grens en grootte
Vastgesteld
03176018B370000
Coördinaten
196130
- 369241
Omschrijving
Terrein (teelt - kweek)
oopsom (geanonimiseerd) N
Koopjaar 2010
Met meer onroerend goed verkregen.
AANTEKENINGEN
Publiekrechtelijke beperking de zin van
de Wet
in Er zijn geen beperkingen bekend
kenbaarheid
publiekrechtelijke bepe onroerende
gen zaken
RECHTEN
1 Eigendom (recht van) Afkomstig uit stuk
Hyp4 58599/54
Naam gerechtigde
Gemeente Peel en Maas
Adres
Wilhelminaplein 1 5981
Postadres
Statutaire zetel
Kvk-nummer
Ingeschreven op
CC
PANNINGEN
Postbus
7088
5980
PANNINGEN
AB
PANNINGEN
50397052 (Bron: Handelsregister) Voor de meest actuele naam,
zetel en adres
raadpleeg het Handelsregiser
Voor en eensluidend uitreksel, de bewaarder van het kadaster en de openbareregisters. De Dienst voor het kadaster en de openbare regiters behouf en aanzien van de kadastale gegevens zich hetrecht voorals bedoeldn arke 2 i Jncto atikel $ d 3 van de Databankerwet Heeft u nog wagen? Neem contact op met de Kantenserie,
20-07-2010 om 10:43
kadaster
Helden G 2580 AMA230409
03-05-2024-10:14
_
S11177586515
02-05-2024-14:59
_
02-05-2024
- 14:59
1van1
Eigendomsinformatie
©
ALGEMEEN
Kadastrale
ing
aandui
Helden G 2580 adastrle
objecideriicate:
Kadastrale grootte
7.747 M?
Grens en grootte
Vastgesteld
031760258070000
Coördinaten
196190
- 369153
Omschrijving
Terrein (teelt - kweek)
(geanonimiseerd) koopsom EN
Koopjaar 2010
Met meer onroerend goed verkregen.
AANTEKENINGEN
Publiekrechtelijke beperking de zin van
de Wet
in Er zijn geen beperkingen bekend
kenbaarheid
publiekrechtelijke bepe onroerende
gen zaken
RECHTEN
1 Eigendom (recht van) Afkomstig uit stuk
Hyp4 58599/54
Naam gerechtigde
Gemeente Peel en Maas
Adres
Wilhelminaplein 1 5981
Postadres
Statutaire zetel
Kvk-nummer
Ingeschreven op
CC
PANNINGEN
Postbus
7088
5980
PANNINGEN
AB
PANNINGEN
50397052 (Bron: Handelsregister) Voor de meest actuele naam,
zetel en adres
raadpleeg het Handelsregiser
Voor en eensluidend uitreksel, de bewaarder van het kadaster en de openbareregisters. De Dienst voor het kadaster en de openbare regiters behouf en aanzien van de kadastale gegevens zich hetrecht voorals bedoeldn arke 2 i Jncto atikel $ d 3 van de Databankerwet Heeft u nog wagen? Neem contact op met de Kantenserie,
20-07-2010 om 10:43
1 mei
2024
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
bijlage 3
locatietekeningen
Aelmans
Milieu
Asten
Afdeli
g Bodem en Bouwstoffen
\
«
\,
/
/
VBO
BKK
2010
N
\
>
0
60
120
180
240 m
Koringspkin 18 372163 ASTEN
aelmans /
@© boring tot 50 cm-mv boring > 50 cm-mv
i2fifen
Opdrachtgever
Tonnaer Adviseurs
‘Onderwerp
Locatie en boringen
Datum
|4-4-2024 [Tekeningnr:
Toaatie HO Giel Pestershof (fase II te Egchel Projectnummer _ | AMA230409
Getekend
BJA
ISchaal 1:1000
001
| Formaat A3
1 mei
2024
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
bijlage 4
boorprofielen
Aelmans
Milieu
Asten
Afdeli
g Bodem en Bouwstoffen
Meetpunt:
101
L
a Zand
L watg
humous.
#
watg
g
zwat wortsoadend,
iet houige glantenestn Gonserbrue,
k
malg
Zand
zwak
humous,
houderd
Edetmanboor
e 20
z
Z
a
, a
Eoolmanbeer
S
IET
atg
103
Meetpunt:
104
am
442024
aam
442024
e
&
Zand marg H. e
natg Slig
hodige
Alantenesten
dorsenrue.
ederanboor
20
Zend a
,
TE
e
matg SE
Ecetranboor
Zard matig j. zvak l humeus,
houder,
Dm ous:
zaz024 2
aam ous:
142004 s
a
: W
malg
sg,
a
I
atg
zlig
g
aa
z
Zand
zwse vortsoadend,zwak
20
ZE
Projectcode:
atg
humous,
iet houige plantenestn houderd neureal brungeel Ecelmanboor
aelmans
1e
t
106
humous.
s
e hoige Barteresten nouden, neural brungeel Egemmarboor
Meetpunt:
Zand malg
Edelmanbeer
Eoeimarooor
Zand atg
105
L
zoak
n
g
oude
beak
zig
Meetpunt:
o
slig, alg
Gomerrur,
Zard matig n
Meetpunt:
ratg
Bantenesten
rin,
4
1
zwst worsoadend,z0ak
iet hoige
AMA230409
1
ratg
slig, alg
zwst worsoadend,z0ak
iet hoige
Bantenesten
Gomerrur,
Ecetranboor
ZP
a
geskrun,
H. g
Eoeimarcoor
S
oude
IET
Meetpunt:
107
L
a Zand watg # watg g malg humous, zwa worsPeudend, zak
iet houige glantenestn Gonserbrue,
22
aelmans
houderd
Edetmanboor
Zand a
H.
geelren.
Ecetranboor
a
SE
IET
Projectcode: AMA230409
Legenda (conform NEN 5104)
grind
geur Grind, sitig
Klei, zwak sitig
ind, zwak zandig
Klei matig sitig
Grind, matig zandig
Klei, sterk sitig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst stig
e20
geen
geur
zwakke gour matige sterke geur uiterste geur
e
Grind,
rst zandig
Klel, zwak zandig
ZZ zand
s Klei,sterk zandig
Zand,kletg
Zand, zwak sitig leem o
N
Leem, zwak zandig
Zand, sterk sitig
N
Km sterkzondig
z
aa
overige
ss
Veon, zwak klïig Veen, sterk Klelig
Veen, zwak zandig Veen, sterk zandig
sterke uiterste
olie-water reactie olie-water reactie
E ” >10 >100 >1000 >10000
monsters
ongeroerd monster
©
ä
reactie
humeus
veen
Voen, mineralarm
olie-water
‘matige oie-water reactie
z i.d-waarde
toevoegingen zwak
Ê
zwakke
[ vemsenon
Zand, iterst sitig
Ê
anen
geen ole-water reactie
IJ matig humeus È sterk humeus \ífll zwak grindig Ü]]
volumering
overig
4
bijzonder bestanddeel
4
Gemiddeld hoogste grondwaterstand
#
grondwaterstand
#
Gemiddeld
matig grindig sterk grindig
E
laagste grondwaterstand
1 mei
2024
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
bijlage 5
literatuurlijst en geraadpleegde bronnen Nederlands Normalisatie-Instituut, bodem-landbodem, onderzoeksstrategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek NEN 5725, oktober 2023. Nederlands Normalisatie-instituut, bodem-landbodem, Strategi verkennend bodemonderzoek — Onderzoek naar de milieuhygi grond NEN 5740, oktober 2023
voor het uitvoeren van ische kwaliteit van bodem
en
Nederlands Normalisatie-instituut, bodem —Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in de bodem. NEN 5707:C2, december 2017. Nederlands Normalisatie-instituut, Bodem - Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, NEN 5717, oktober 2023 Protocol 2001, plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen,
nemen van grondmonsters en waterpassen, SIKB versie 6.0, februari 2018. Dienst Grondwaterverkenning TNO, Grondwaterkaart van Nederland centrale slenk, Delft/Oosterwolde, november 1983. RIVM, Aanpak van veldonderzoek bij gevallen van lokale bodemverontreii
ing, Den Haag,
januari 1985 (Reeks Bodembescherming nr. 56). Ministerie van VROM, Besluit Bodemkwaliteit, Den Haag, januari 2024 Ministerie van VROM, Regeling Bodemkwaliteit, Den Haag, november 2022 10.
Ministerie van VROM, Besluit Uniforme Saneringen, Den Haag, februari 2006
Algemene bronnen terreinbezoek;
telefonisch contact met opdrachtgever; informatie van de gemeente Peel en Maas; bodemkwaliteitskaart regio Midden- en Noord-Limburg;
historische milieuvergunningen (https://bhic.nl); Bodemkaart van Nederland (https://pdokviewer.pdok.nl/ BRO-bodemkaart); Grondwaterstroming 1° WVP (https://www.grondwatertools.nl/grondwatertools-viewer);
Bodemloket (https://www.bodemloket.nl/kaart); Omgevingsloket Limburg (https://portal.prvlimburg.nl/viewer/app/default);
DINO-loket, informatie over de Nederlandse ondergrond (https://www.dinoloket.nl/ondergrondmodellen);
NAP informatie (https://www.ahn.nl/ahn-viewer); Topografische Atlassen (https://topokeartnederland.nl/); Historische kaarten (http://www.topotijdreis.nl); Militair erfgoed (http://www.ikme.nl/ikmekaart.htm|); Niet gesprongen explosieven (NGE) (https://www.explosievenopsporing.nl/veobommenkaart/); Kadastrale informatie (https://mijn.kadaster.nl); Basisregistratie Adressen en Gebouwen (https://bagviewer.kadaster.nl/);
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
1 mei
2024
rapportnummer:
AMA230409.005/WGE
bijlage 6 Verzamelde
Overzicht informatiebehoefte
ten behoeve
Onderzoeksaspecten
1. Locatiegegevens
van
informatie
het vooronderzoek
alglc/p/e/ele
Eigendoms-situatie
x
Hoogteligging
x
2. Bodemopbouw en
Bodemopbouw
x
geohydrologie
Antropogene lagen in bodem Geohydrologie
x x
3. verwachting
Geval van ernstige verontreiniging
x
bodemkwaliteit
Voorgaande bodemonderzoeken stortplaatsen Bodemkwaliteitskaart
x x x
4. Gebruik en beïnvloeding
Voormalig
x
van de locatie, verdachte
Huidig
x
situatie, activiteiten,
Toekomst
x
calamiteiten
Asbestverdacht
x
S. Terreïnverkenning
Huidig
x
Proefboringen
-
verplicht optioneel
A.
hypothese tbv bodemonderzoek
B.
hypothese tbv nul- of eindsituatie
C.
hypothese ontvangende bodem BBK
D.
hypothese tbv partijkeuring
E.
opstellen Bodemkwaliteitskaart
F.
ontgraven en toepassen cf BBK
G.
risico's bij TUP en projectmatig grondverzet
Aelmans Milieu Asten
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
VERKENNEND BODEMONDERZOEK
locatie
GIELENHOFWEG te EGCHEL
(ong.)
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (0ng.) te Egchel
2
NADERE
2.1.
Algemeen
GEGEVENS
OMTRENT
ONDERZOEKSLOCATIE
Onderstaand zijn de meest relevante algemene locatiekenmerken vermeld. Onderzoekslocatie
Locatieadres:
Gielenhofweg ong
Oppervlakte:
perceel G-707 =
Kadastrale gegevens:
Omschrijving object:
Coördinaten:
igendomssituatie percelen
eigenaar: Adres:
Postcode en woonplaats:
Gemeente
Helden, sectie G, nr. 707, 1883, 2580, 2864,
20.3060 m?
perceel G-188
10.2770 m?
perceel G-258i
7.747 m?
perceel G-2864= perceel G-2865=
10.410 m? 10.260 m?
Terrein/grasland/teelt/kweek/akkerland
X=196.113 en Y = 369.229
de heer | Gielenhofweg 39 5987 NA Egchel
Voor de regionale situering van de onderzoekslocatie wordt verwezen
voor de eigendomsgegevens
2.2.
2865
naar bijlage I en
naar bijlage I.
Vooronderzoek
Van de onderzoekslocatie en de directe omgeving zijn gegevens verzameld die van belang zijn voor het vooronderzoek en voor het opsporen van mogelijke verontreinigingen. De gebruikte informatiebronnen voor het vooronderzoek over de onderzoekslocatie zijn onder andere verkregen bij: : e
Kadaster:
- Kadasterkaart;
- Algemene eigendomsgegevens; e
Gemeente
Peel en Maas
(Dhr.
P
= e
- Luchtfoto; - Bouw- en milieuvergunningen;
--Tankarehief;
_
- Bodemonderzoeken;
Overig:
- ANWB Topografische Atlas Limburg schaal:
1:25000;
2005,
Topografische Dienst Kadaster; - Grote provinciale historische atlas Limburg, Noordhoff,
1837-1844,
Wolters
1992.
De gegevens zijn verkregen middels hierboven vermelde informatiebronnen tijdens een bezoek aan de gemeente Peel en Maas op 3 juni 2010, en een terreininspectie voorafgaande aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden. De volgende dossiers inzake bouwen milieuvergunningen zijn ontvangen en ingezien.
10216.BKK / MG
2
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te Egchel
Tabel 1: Dossiers bouw- en milieuvergunningen.
Locatie
Roggelseweg 87
Dossiers Milieu
Mapnr.
Dossiers Bouw
- 5176 - OUD2012
1644-H 1734-0
-2301
- OUD1302
702-1
- OUD2312
- 6297
302
-2167
- 2494
702-H
- 2494
Gielenhofweg 39
1644-I
- OUD1667
2.2.1. Ligging onderzoekslocatie en omgeving De onderzoekslocatie is gelegen in het buitengebied van Egchel, ten oosten van de
(geanonimiseerd) bebouwde kom. De onderzoekslocatie bestaat uit meerdere percelen die bij NNN (geanonimiseerd) eigendom zijn. De omgeving rondom de onderzoekslocatie wordt n gekarakteriseerd door landbouwgronden en boerderijen. Voor de ligging van de onderzoekslocatie en zijn directe omgeving wordt verwezen naar een topografische kaart die is opgenomen onder bijlage. I. 2.2.2, Historie onderzoekslocatie
en omgeving
De onderzoeksldcatie-was volgens de grote historische atlas van provincie Limburg zo’n 150 jaar geleden in gebruik als landbouwgrond/moeras. Heden ten dage bestaat de onderzoekslocatie uit landbouwgrond.
In het gemeentelijk archief zijn geen gegevens over
deze percelen bekend. In de omgeving van de onderzoekslocatie is het volgende bekend. Perceel nr. G-604, Gielenhofweg
39, is van oudsher in gebruik geweest als agrarisch bedrijf met grond voor
de teelt van asperges en fruitbomen. De eerste bouwvergunning dateert uit oktober 1963 en had betrekking op een uitbreiding. Onderstaand is een overzicht weergegeven van de in het verleden verleende bouwvergunningen voor de locatie Gielenhofweg 39: -
Oktober 1963: Uitbreiding Gielenhofweg 39; 1965: Restauratie kap en vergroting zijbouw;
-
1974:
-
1978: Verbouwing woning Gielenhofweg 39; September 1991: uitbreiding woning Gielenhofweg 37;
Opslag-
+ sorteerloods;
De woning aan de Gielenhofweg 37 is in 1991 aangekocht en betrokken bij de
bedrijfsactiviteiten-binnen-de-inrichting-aan-de-Gielenhofweg-39-Voor de-dichtstbijzijnde boerderij aan de Roggelseweg 87 zijn de volgende bouwvergunningen -
April 1961:
-
1967; Bouw wagenloods en voederhok; 1969: Bouw bedrijfsruimte;
Uitbreiding kippenhokken
Roggelseweg
-
1995: Veranderen garage / berging; 2002: Bouw hooiberg.
verleend:
87;
(geanonimiseerd) een aanvraag ingediend voor een oprichtingsIn janueri 1981 is door j
vergunning, waarin verzocht wordt tot vergunningverlening voor het oprichten en inwerking houden van een van een groenten en fruitbedrijf en tevens reparatie voertuigen. De bedrijfsactiviteiten vonden al plaats vanaf 1963, echter hiervoor is niet eerder een Hinderwetvergunning verleend. Vanaf juli 1995 is vastgesteld dat de werkzaamheden binnen de inrichting vallen onder de AMvB “Besluit akkerbouwbedrijven milieubeheer”.
10216.BKK / MG
3
=
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te Egchel
Binnen de inrichting was sprake van:
-
Opslag van afgewerkte olie en diesel in bovengrondse tanks;
-
Afleverpomp voor diesel;
-
Opslag van bestrijdingsmiddelen.
Voor de locatie is een lozingsvergunning door het Zuiveringschap Limburg afgegeven De WVO-vergunning dateert van juli 1995. Seizoensmatig wordt groentewaswater (asperges) geloosd op een bermsloot. Vanaf
augustus 2005 vinden er binnen de inrichting geen bedrijfsactiviteiten meer plaats.
Voigens informatie uit het dossieronderzoek heeft nabij de woning in het verleden een ondergrondse HBO-tank van 10.000 liter gelegen. Deze tank is omstreeks 1991 uit bodem onder begeleiding van de firma Vissers Oliehandel BV te Horst gesaneerd. Vervolgens is er een nieuwe ondergrondse tank in de bodem aangebracht.
Deze tank had
een volume van 5 m?. Deze ondergrondse HBO-tank diende voor de verwarming van het woonhuis en een gedeelte van de bedrijfsruimte. Deze ondergrondse tank is in februari
1996 gesaneerd door Vissers Oliehandel BV te Horst. Bij het verwijderen van de tanks uit
de bodem zijn geen organoleptische verontreinigingen aangetroffen. Van beide tanksanering zijn certificaten voorhanden die zijn opgenomen
in het gemeentelijk archief.
2.2.3. Terreininspectie
Ten tijde van de terreininspectie zijn de volgende waarnemingen gedaan: De percelen die samen de onderzoekslocatie vormen bestaat uit akkerbouwlanden. Ten tijde van de uitvoering van het bodemonderzoek stond er gras op de percelen. Ten
noorden is de Gielenhofweg nr. 37 en 39 gelegen. Ten oosten is de Roggelseweg gesitueerd. Ten zuiden en westen zijn akkerbouwlanden aanwezig. Voor de ligging van de onderzoekslocatie en zijn directe omgeving wordt verwezen
naar
een topografische kaart die is opgenomen onder bijlage I. In bijlage VIII zijn foto's van de onderzoekslocatie opgenomen. Voor zover bekend hebben er in het verleden in de directe omgeving of binnen de onderzoekslocatie geen calamiteiten plaatsgevonden die een eventuele bodemveront-
reiniging hebben doen opleveren. Er zijn tijdens de terreininspectie geen asbestverdachte —materialen aangetroffen.
2.2.4. Toekomstig
gebruik
Men is voornemens de bestemming
woonbestemming
2.2.5.
van de onderzoekslocatie te wijzigen in
met tuin.
Eerder verrichtte
bodemonderzoeken
Ter plaatse van de onderzoekslocatie hebben in het verleden geen bodemonderzoeken plaatsgevonden. In de directe omgeving van de onderzoekslocatie hebben een drietal bodemonderzoeken plaatsgevonden, welke hier kort worden samengevat.
10216.BKK / MG
4
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (Ong.) te Egchel
Voor de Iocatie Gielenhofweg (ong.) (perceel G-2866) hebben de volgende bodemonderzoeken plaatsgevonden: - vooronderzoek door Öko-Care BV, rapportnr. 200I/RI-3120NIR11JvD, d.d. 7 januari 2002;
- verkennend bodemonderzoek door Öko-Care BV, rapportnr. 2001/RS3120NJvD, d.d. 4 januari
2002;
- aanvullend grondwateronderzoek door Öko-Care BV, rapportnr. 2002/RS3120B/ 2RSJHVH,
d.d. 15 mei 2002.
Uit het verkennend onderzoek blijkt dat in mengmonster GM2 van de bovengrond van het noordelijk deel van de onderzoekslocatie het gehalte aan koper de streefwaarde overschrijdt, maar beneden de bodemgebruikswaarde voor wonen en intensief gebruikt (openbaar) groen ligt. In de overige mengmonsters van de boven- en ondergrond overschrijden geen van de onderzochte parameters de streefwaarden, dan wel de bodemgebruikswaarden voor wonen en intensief gebruikt (openbaar) groen.
In het grondwater zijn licht tot sterk verhoogde gehalten aan zware metalen aangetoond. Uit de resultaten van de uitgevoerde bodemonderzoeken -
-
-
is gesteld dat:
de boven- en ondergrond van de onderzoekslocatie voldoen aan de streefwaarden, dan
wel aan de bodemgebruikswaarden (BGW I) voor wonen en intensief gebruikt (openbaar) groen; het regionale verspreidingskarakter van de aangetroffen verontreinigingen in het grondwater geen aanleiding vormen voor een nader grondwateronderzoek;
de aanwezigheid van zware metalen in verhoogde concentraties in het (freatisch) grondwater dit minder geschikt maakt om het op te pompen en te gebruiken voor het besproeien van consumptiegewassen of voor het drenken van vee dan wel voor de menselijke consumptie;
-
de bodem geschikt is voor de voorgenomen bouw van een woning op de onderzoekslocatie, alsmede de bestemmingsplanwijziging hiervoor.
Voor de locatie Gielenhofweg 33 (perceel G-5813, -5879 en -5880) hebben de volgende bodemonderzoeken plaatsgevonden:
-
verkennend bodemonderzoek door Öko-Care, rapportnr. 2007/RS6856A1HvH, d.d. 30
-
juli 2007. aanvullend oktober
bodemonderzoek
door Öko-Care,
rapportnr.
2008/RS6856B/HvH,
d.d. 16
2008.
Uit het verkennend onderzoek blijkt dat in de bovengrond van het noordoostelijke deel van de onderzoekslocatie (GM-1) een verhoogde gehalte aan PAK ten opzichte van de streefwaarde is aangetoond. In het zuidwestelijk deel van de onderzoekslocatie (GM-2) zijn verhoogde gehalten aan PAK en minerale olie ten opzichte van de streefwaarden
aangetoond. In de ondergrond overschrijden geen van de onderzochte parameters de streefwaarden. Het aangetoonde gehalte aan PAK in GM-1 bevindt zich beneden bodemgebruikswaarde voor bodemgebruiksvorm I (wonen en intensief gebruikt
de
(openbaar) groen, die door de Provincie Limburg wordt gehanteerd, terwijl de gehalten aan PAK en minerale olie in GM-2 de BGW-I overschrijden en aanleiding geven tot aanvullend
onderzoek.
In het grondwater'ter plaatse van de omschreven locatie zijn matig verhoogde gehalten aan koper en zink en licht verhoogde gehalten aan cadmium, chroom en nikkel aangetoond.
10216.BKK / MG
5
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te Egchel
In de bovenliggende bodem van de omschreven locatie wofden zware metalen niet in verhoogde gehalten aangetoond. gezocht worden.
Derhalve moet de oorzaak in regionale omstandigheden
Ter plaatse van het zuidwestelijk deel van het eerder uitgevoerde onderzoek zijn nieuwe boringen geplaatst en is een mengmonster samengesteld van de bovengrond. Dit mengmonster is geanalyseerd op PAK en minerale olie, De aangetoonde gehalten liggen beneden
de streefwaarden
en dus ook
beneden
de BGW-1.
Uit de resultaten van de uitgevoerde bodemonderzoeken is gesteld dat: - de boven- en ondergrond van de omschreven locatie voldoen aan de streefwaarden, dan wel aan de bodemgebruikswaarde voor bodemgebruiksvorm I (wonen en intensief gebruikt (openbaar) groen;
-
de licht tot matig verhoogde gehalten in het grondwater geen aanleiding vormen voor een nader grondwateronderzoek; - de aanwezigheid van zware metalen in verhoogde concentraties in het (freatisch) grondwater dit minder geschikt maakt om het op te pompen en te gebruiken voor het besproeien van consumptiegewassen of voor het drenken van vee dan wel voor de
-
menselijke consumptië; de bodem geschikt is voor de voorgenomen bouw van een woning op deze percelen, alsmede de bestemmingsplanwijziging
hiervoor.
Voor de locatie Gielenhofweg (ong.) (perceel G-4858)
heeft het volgende
bodemonderzoek plaatsgevonden: -
verkennend bodemonderzoek door HMB B.V., rapportnummer 06213101A, d.d. 17 juli 2006.
Uit het verkennend onderzoek blijkt dat in de bovengrond van het zuidoostelijk deel van het perceel een licht verhoogd gehalte aan PAK is aangetoond. Hiervoor zijn ten tijde van het onderzoek geen bronnen of oorzaken naar voren gekomen. Het aangetoonde gehalte ligt beneden de Maximale Waarde voor de klasse wonen uit het Besluit Bodemkwaliteit. De zwak baksteen- en zwak steenhoudende bovengrond ter plaatse van boring 10 is licht verontreinigd met koper, zink en PAK, wat waarschijnlijk te relateren is aan de aangetroffen baksteen- en steenresten. De aangetoonde gehalten liggen echter allen beneden de Maximale Waarde voor de klasse wonen. Voor het overige zijn geen verhoogde gehalten in de bovengrond aangetoond. In de ondergrond zijn eveneens geen verhoogde gehalten aangetoond.
Het grondwater is [icht verontreinigd met cadmium en nikkel. In de bovenliggende bodem van derormschreven \öcatie worden zware metalen niëtn verhoogde gehalten aangetoond. Derhalve moet de oorzaak in regionale omstandigheden gezocht worden,
Uit de resultaten van de uitgevoerde bodemonderzoek is gesteld dat: -
de boven- en ondergrond voldoen aan de streefwaarden, dan wel aan de Maximale Waarden
-
voor de klasse wonen
uit het Besluit Bodemkwaliteit;
de licht verhoogde gehalten in het grondwater geen aanleiding vormen voor een nader grondwateronderzoek;
-
de bodem geschikt is voor de voorgenomen
bouw van woningen, alsmede de
bestemmingsplanwijziging hiervoor.
10216.BKK / MG
6
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te Egchel
2.3.
Bodemopbouw
en geohydrologie
Enig inzicht omtrent de bodemsoort en —opbouw is van belang bij het beoordelen van de aangetoonde stoffen in relatie tot het natuurlijk voorkomen ter plaatse en de mogelijkheid van het doordringen van de aangetoonde stoffen in diepere lagen.
De geohydrologische situatie bepaalt in hoge mate de verspreidingskansen van de aangetoonde stoffen naar de omgeving en is, samen met de aard van de bodem en de mobiliteit van de aangetoonde stoffen, belangrijk bij het verkrijgen van een indruk van de omvang van het beïnvloedingsgebied van mogelijke verontreinigingen.
2.3.1. Geohydrologische gegevens De gegevens uit dit hoofdstuk zijn ontleend aan de grondwaterkaart van Nederland,
kaartblad 57 Oost, 58 West en 58 Oost (Dienst Grondwaterverkenning TNO, november 1974):
De onderzoekslocatie ligt geologisch gezien in de Peelhorst die ten noordoosten wordt begrensd door de Peelrandbreuk en ten zuidwesten door de Feldbiss. Het maaiveld van het onderzoeksterrein bevindt zich globaal op een hoogte van NAP + 33 meter. De deklaag heeft in de omgeving
van het onderzoeksterrein een dikte van circa 5 meter en bestaat uit
zand- en leemafzettingen (Formatie van Nuenen). Het eerste watervoerende pakket bezit een dikte van circa. 100 meter en bestaat aan de
top uit goed doorlatende grove zanden behorende tot de Formaties van Veghel en Sterksel
en aan de basis uit matig doorlatende zanden met inschakelingen van klei behorende tot de Formaties van Kedichem en Tegelen. Onder het eerste watervoerende pakket bevindt zich een scheidende laag bestaande uit kleiige afzettingen (Afzettingen van Brunssum). Onder de scheidende laag bevindt zich het tweede watervoerende pakket bestaande uit pliocene zanden (Formatie van Waubach).
2.3.2. Grondwaterstroming en -onttrekkingen Uit de isohypsenkaarten van het betreffende gebied valt af te leiden dat het grondwater in het eerste watervoerende pakket als freatisch mag worden beschouwd. Het freatisch vlak bevindt zich volgens de gegevens op een diepte van circa NAP + 30 meter, Dit komt overeen met een grondwaterstand van circa 3 m-mv. De regionale grondwaterstroming van het freatisch grondwater is volgens de gegevens
van de dienst grondwaterverkenning van TNO globaal zuidoostelijk gericht. 2.3.3. Grondwateronttrekkingen Voor zover bekend vinden in de directe omgeving geen geregistreerde grondwateront-
trekkingen
plaats. Gelet op het landelijk karakter van de omgeving is het niet uitgesloten
dat er, met name in de zomerperiode, in de omgeving grondwateronttrekkingen ten behoeve van landbouwkundige doeleinden plaatsvinden. Deze onttrekkingen vormen geen noemenswaardige invloed op de grondwaterstand of stromingsrichting van het grondwater,
10216.BKK / MG
7
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (0ng.) te Egchel
2.4.
Achtergrondwaarden
Uit onderzoek dat in het kader van het Grondwaterbeschermingsplan Limburg is uitgevoerd alsmede uit de vele Indicatieve Bodemonderzoeken is gebleken dat in een aantal regio's in Noord- en Midden-Limburg veelvuldig verhoogde gehaltes aan zware metalen in het grondwater worden aangetroffen zonder dat de bovenliggende bodem ter plekke verontreinigd is.
Tevens kan veelal geen verontreinigende bron in de nabijheid worden opgespoord. Deze verhoogde metaalgehaltes gaan over het algemeen samen met een lage pH van het grondwater. Met name zink en cadmium worden vaak in verhoogde concentraties aangetroffen. In een klein aantal gevallen worden ook verhoogde concentraties aan lood en nikkel aangetroffen. Bovenstaande problematiek doet zich met name voor in zandgebieden met een relatief lage grondwaterstand (1 à 2 m-mv) in Noord- en Midden-Limburg met als bodemgebruik
bossen, droge natuurterreinen, braakliggend terrein en in gebieden stroomafwaarts hiervan. Oorzaak hiervan is de depositie van verzurende stoffen op de bodem en het ontbreken van zuurbuffering door bv. bekalking, waardoor zware metalen die zich van
nature in vastgelegde vorm in de bodem bevinden, in oplossing kunnen gaan. 2.5.
Bodemkwaliteitskaart gemeente Helden
In een gezamenlijk project van de Dienst Landelijk Gebied Limburg en de betrokken gemeentes,
zijn in de periode september 2004 tot april 2005 bodemkwaliteitskaarten
met
bijbehorende bodembeheerplannen (in het kader van de Vrijstellingsregeling Grondverzet) opgesteld voor de gemeentes Sevenum, Meijel, Maasbree, Venray en Helden. In deze bodemkwaliteitskaarten is het grondgebied van deze gemeentes ingedeeld in een aantal zones met een milieuhygiënische kwaliteit. De gemeente Helden is ingedeeld in de volgende zones: -
zone buitengebied (schoon); zone bebouwing kernen 1960 -2005;
-
zone bebouwing
-
zone industrieterrein Beringe
Helden-Panningen <1940; 1980 — 2005;
De onderzoekslocatie maakt deel uit van de zone buitengebied. Binnen deze zone is de bovengrond geclassificeerd als zijnde schoon. De ondergrond is eveneens geclassificeerd als"schoon
10216.BKK / MG
°
8
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (0ng.) te Egchel
3.
_ ONDERZOEKSPROGRAMMA
3.1.
Hypothese
Voor het opstellen van het ónderzoeksprogramma is uitgegaan van de resultaten uit het vooronderzoek, waarbij er geen aanleiding is om te veronderstellen dat binnen de onderzoekslocatie bodemverontreinigende activiteiten hebben plaatsgevonden. De boven- en ondergrond ter plaatse van de onderzoekslocatie wordt derhalve als onverdacht
3.2.
beschouwd.
Strategie van het onderzoek
De uitvoering van het verkennend bodemonderzoek is gebaseerd op de onderzoeksstrategie "5.2 grootschalige onverdachte locatie (ONV-GR)" zoals vermeldt in de NEN 5740. Er is sprake van gelijksoortig en extensief gebruik van de bodem, waarop zich weinig tot geen bebouwing bevindt. In tabel 2 staat de onderzoeksopzet vermeldt. Het aantal boringen is gerelateerd aan de oppervlakte van de onderzoekslocatie en worden gelijkmatig verdeeld.
Tabel 2: Aantal boringen en te nemen en te onderzoeken grondmonsters. Veldwerk
Locatie
Boringen
Perceel G-707,
G-1883,
G-2580, G-2864,
6-2865
| 25tot0,5m-mv
Chemisch
Verharding | Onverhard
Grond“ | 7x
Standaard
4 tot 2,0 m-mv
grondpakket
(64.000 m?)
x
onderzoek”
Grondwater Standaard
_ | grondwater
pakket (7x)
3) Inciusief organische stof- en utumgehalte voor een aantal mengmonsters van de bovengrond en van de ondergrond.
) Analyses worden uitgevoerd door een door de Raad van Accreditatie geaccrediteerd laboratorium. Tevens zullen de grondmonsters conform AS 3000 worden voorbewerkt. De grond- en grondwatermonsters op de parameters uit het nieuwe stoffenpakket worden geanalyseerd.
zullen
°) Indien tijdens de monstername significante zintuiglijke verontreinigingen worden aangetroffen,.dan mogen deze zintuiglijke verontreinigde trajecten niet opgemengd worden n een daarvoor gereserveerd mengmonster, maar dient het betreffende grondmonster separaat geanalyseerd te worden.
3.3.
Asbest
De onderzoekslocatie
kan als onverdacht voor aanwezigheid
van asbest worden
be-
schouwd. Tijdens de uitvoering van de veidwerkzaamheden wordt door een VKB 2018 gecertificeerde veldwerker het uitkomend boormateriaal onderzocht op de mogelijke aanwezigheid van asbesthoudende fragmenten. De hypothese is asbest onverdacht.
10216.BKK / MG
9
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te Egchel
4
UITVOERING
4.1.
Veldwerkzaamheden
Op7,9,
VAN
HET
ONDERZOEK
14 en 15 juni 2010 zijn de veldwerkzaamheden door BKK Bodemadvies bv
uitgevoerd. Grond
In eerste instantie zijn de veldwerkzaamheden opgestart met het plaatsen van de 7 peilbuizen op 7 en 9 juni 2010. In verband met de houdbaarheid en conservering van de grondmonsters volgens SIKB-protocol 3001 zijn bij het plaatsen van de peilbuizen geen grondmonsters samengesteld. Als gevolg van een foutieve interpretatie van de schaal zijn drie peilbuizen (Pbl, Pb5 en Pb7) niet op de geplande locatie geplaatst. Desondanks wordt aan de hand van de zeven peilbuizen een goed inzicht verkregen in de grondwaterkwaliteit
binnen de onderzoekslocatie. Boring 01, 05 en 07 zijn wel op de geplande locaties uitgevoerd. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden wordt het freatisch. grondwater op een diepte variërend van 1,5 tot 2,3 m-mv aangetroffen. Vervolgens zijn op 14 en 15 juni 2010,conform de in tabel 2 vermelde onderzoeks-
strategie, voor de bemonstering van de bovengrond 25 boringen met behulp van een edelmanboor verricht tot een diepte van 0,5 m-mv. Voor de bemonstering van de ondergrond zijn 11 boringen (boring 01 t/m 11) met behulp van een edelmanboor doorgezet tot een diepte van 2,0 m-mv.
In trajecten van maximaal 0,5 meter zijn de grondmonsters samengesteld, welke na monstername gekoeld zijn bewaard in glazen potten en voor analytisch onderzoek
aangeboden aan een geaccrediteerd (conform EN-ISO 17025) laboratorium. Grondwater
Conform de onderzoeksstrategie zijn de boringen 01 t/m 07 doorgezet tot een maximale diepte van 4,6 m-mv en afgewerkt tot peilbuis met een filteriengte van 1 meter. Direct na plaatsing
is het grondwater in de peilbuis afgepompt.
Op 18 juni 2010 is door een gecertificeerde veldwerker van BKK Bodemadvies bv het grondwater bemonsterd. Alvorens tot monstername van het grondwater is overgegaan, is de grondwaterstand in de peilbuis gemeten e is eerrhoeveelheidgrondwaterafgepompt — — — —— die gelijk is aan 3 keer de natte stijgbuisinhoud van de betreffende peilbuis. De grondwatermonsters zijn na monsterneming gekoeld bewaard en voor chemische analyse aangeboden aan een geaccrediteerd (conform EN-ISO 17025) laboratorium. De
locatie van de peilbuizen zijn weergegeven op de overzichtstekening in bijlage TI. 4.2.
Veldwaarnemingen
Grond
Tijdens het veldonderzoek is van iedere boring, als ook voor peilbuis 01, 05 en 07, een profielbeschrijving gemaakt en zijn eventuele zintuiglijk waargenomen bodemvreemde
kenmerken genoteerd (zie de boorbeschrijvingen in bijlage IV).
10216.BKK / MG
10
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te-Egchel
De bodemopbouw ter plaatse van de onderzoekslocatie is globaal tot 4,6 meter minus maaiveld als volgt te omschrijven:
0-46
mmv:
Zand, uiterst tot zeer grof, zwak tot sterk siltig, lokaal sporen tot laagjes leem en met in de top zwak humeus.
Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn zowel in het uitkomende boormateriaal als op het maaiveld geen asbesthoudende fragmenten aangetroffen. In tabel 3 zijn de visueel aangetroffen bodemvreemde bijmengingen samengevat. Tabel 3: Aangetroffen bodemvreemde
bijmengingen in de bodem.
Boring (B)
Bodemtraject (m-mv)
Boring 07
0-0,5
Resten
baksteen
Boring 14 Boring 15 Boring 22
0-0,4 0-0,5 0-0,4
Sporen Sporen Sporen
baksteen baksteen baksteen
Sporen
baksteen
Boring 28
Zintuiglijke waarnemingen
0005
Grondwater
De peilbuisspecificaties zijn in tabel 4 weergegeven. Tabel 4: Peilbuisspecificaties, d.d. 18 juni 2010.
Peilbuis (Pb)
Filterstelling (m-mv)
Grondwaterstand (m-mv)
PH C)
EC
PbOT
3,65-4,65
23
44
610
Pb02
2,90-3,90
1,6
47
950
Pb03 Pb04
2,80-3,80 2,50:3,50
1,7 17
44 49
330 380
(us/em)
PbOS
3,35:4,35
19
4,5
460
Pb06
2,50:3,50
16
48
280
Pb07
3,50-4,50
1,7-
5;1
190
Laboratoriumonderzoek
De chemische analyses zijn conform AS 3000 uitgevoerd door het geaccrediteerde laboratorium van Omegam Laboratoria BV te Amsterdam. Grond
Op basis van de plaatselijk aangetroffen bodemopbouw, alsmede de onderzoeksopzet, is een laboratoriumopdracht opgesteld voor het samenstellen van grondmengmonsters en de
chemische analyses van de betreffende grondmengmonsters.
Dè samenstelling van de
grondmengmonsters is in tabel 5 weergegeven.
10216.BKK / MG
11
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (0ng.) te Egchel
Tabel 5: Samenstelling grond(meng)monsters.
Monster-| code
_ Boring +laag nr.
01
_|BG
02
BG _ 03-1,09-1,
01-1,02-1,31-1,
03 04
_[BG 07-1,13-1,14-1,17-1,19-1 BG _ 04-1, 20-1, 21-1, 22-1, 25-1
05
OG
01-2,01-4,
02-3,03-2,
06
_|OG
05:3,07-2,09-3,11:2,
07
|06
04-2,04-4,06-3,10:2,10:3[
18-1,
34-1,
nemingen
Waar-
Bodemlaag (m-mv)
-
0-0,5
baksteen
0-0,5
36-1
28-1,29-1
Sporen |
Resten tot sporen baksteen Sporen baksteen
0-0,5 0-0,5
01-2
z
11-4
-
ol|o|o 1O| o[o|o 5 5
-
5
De samenstelling van de grondmengmonsters heeft conform de richtlijnen uit de NEN 5740 in het laboratorium plaatsgevonden. De grondmengmonsters 01 t/m 07 zijn geanalyseerd
l I
op het standaard
bodempakket
bestaande
°
Organisch stof-, droge stof- en lutumgehalte;
«
Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK);
uit de volgende parameters:
° Zware metalen: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink; «« Minerale olie (GC); (PCB); Polychloorbifenylen Grondwater
De grondwatermonsters zijn geanalyseerd op het standaard grondwaterpakket bestaande uit de volgende parameters: Zware
metalen:
barium, cadmium,
kobalt, koper,
kwik, lood, molybdeen,
nikkel en zink;
Vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEXSN); Vluchtige chlooralifaten; Minerale
olie.
10216.BKK / MG
12
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te Egchel
5.
ONDERZOEKSRESULTATEN
5.1.
Toetsingskader
algemeen
Specifieke achtergrondwaarden zijn binnen de gemeente Helden niet nader vastgesteld. Voor de beoordeling van de analyseresultaten wordt gebruik gemaakt van het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering 2009 (bijlage VIT). De achtergrondwaarde
voor grond is gedefinieerd in de Regeling Bodemkwaliteit (bijlage B), welke de navolgende betekenis
«
heeft:
Achtergrondwaarde: Concentratieniveau waarboven over het aigemeen wel en waaronder geen sprake is van bodemverontreiniging. Deze waarde komt overeen met een bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door
lokale verontreinigingsbronnen. In de Circulaire bodemsanering 2009 worden interventiewaarden voor grond en streef- en interventiewaarden voor grondwater onderscheiden welke de navolgende betekenis hebben:
*
Streefwaarde:
Concentratieniveau waarboven over het algemeen wel en waaronder
geen sprake is van bodemverontreiniging. Deze waarde komt overeen met de achtergrondconcentratie voor het betreffende bodemtype in Nederland of is afgestemd op de detectielimiet bij de gebruikelijke analysemethode; «
Tussenwaarde: Het rekenkundig gemiddelde van de streefwaarde en de interventiewaarde. Bij een overschrijding van deze waarde is nader onderzoek noodzakelijk, teneinde de ernst (omvang) en spoedeisendheid met betrekking tot
saneren (risico's) van de aangetoonde bodemverontreiniging vast te leggen; °
Interventiewaarde:
Die waarde waarboven de functionele eigenschappen die de
bodem heeft voor mens, dier of plant verminderd of dreigen te worden verminderd
en een nader onderzoek moet uitwijzen of saneringsmaatregelen noodzakelijk zijn. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt in voorliggende rapportage de volgende terminologie gebruikt: niet verontreinigd:
‚concentratie
< achtergrondwaarde;
licht verontreinigd: achtergrondwaarde < concentratie < tussenwaarde,. matig verontreinigd: tussenwaarde < concentratie < interventiewaarde; sterk verontreinigd:
5,2.
concentratie > interventiewaarde.
Berekende toetsingswaarden
Het gehalte aan lutum en humus (organische stof) is voor de grondmengmonsters in het laboratorium bepaald voor het berekenen
van de achtergrondwaarden,
tussenwaarden
en
interventiewaarden voor zware metalen, PAK en polychloorbifenylen (PCB's) en minerale olie.
In tabel 6 is een overzicht weergegeven van de grondmengmonsters met de vastgestelde waarden voor humus en lutum en de daaruit berekende toetsingswaarden voor de bovenen ondergrond.
10216.BKK / MG
15
Verkennend bodemonderzoek Gielenhofweg (ong.) te Egchel
Tabel 6 : Voor humus en lutum gecorrigeerde normen voor boven- en ondergrond (mg/kgds)
Monsternummer
Bovengrond (01 t/m 04)
humus (? op ds) Iutum (% op ds)
‘Ondergrond (05 en 06)
30 12
03 10
AW
T
I
Barium [Ba] Cadmium [Cd] Cobalt [Co] Koper [Cu] Kwik [Hg] Lood [Pb] Molybdeen [MD] Nikkel [Ni]
49 036 4,3 20 0,11 32 15 12
143 41 29 58 13 188 96 23
237 79 54 095 25 343 190 34
Zink [Zn}
61
186
31
PAK 10 VROM
15
21
40
PCB (som 7)
00060
0,15
0,30
57
779
1500
Minerale
ofie C10-C40
|
Ondergrond 07 04 44
AW
T
I
49 035 4,3 19 0,10 32 15 12
143 40 29 56 13 184 96 23
237 75 54 92 25 337 190 34
| |
59
181
303
|
15
21
40
|
0,0040
9,10
0,20
|
38
519
1000
|
| |
|
AW
T
I
64 036 54 21 0,11 33 15 14
186 _41 37 60 13 192 96 28
309 78 68 99 26 382 190 41
66
203
340
15
21
40
|
0,0040
0,10
0,20
|
38
519
| |
_
1000
Toelichting bij de tabel: AW
chtergrondwaarde zoals vermeld in de Besluit bodemkwaliteit
T I_
Tussenwaarde zoals vermeld in het Wet Bodembescherming = Interventiewaarde zoals vermeld in het Wet Bodembescherming
5.3.
Toetsingskader in het kader van toekomstige functie.
In het Besluit bodemkwaliteit
zijn normen
opgenomen,
gebaseerd
op wetenschappelijke
zichten, die de geschiktheid van de bodem in relatie tot bepaalde functies aangeven; name de Maximale Waarden Wonen (MWW) en de Maximale Waarde Industrie (MWT).
inmet
De kwaliteitseis voor de bovengrond hangt af van de huidige bodemfunctie van dé onderzoekslocatie. Er zijn volgens de circulaire bodemsanering 2009 zeven bodemfuncties die zijn geclusterd tot drie bodemfunctieklassen. Voor elke bodemfunctieklasse is één generieke norm
afgeleid voor blijvende geschiktheid, op basis van het meest gevoelige scenario binnen de bodemfunctieklasse.
De indeling van de bodemfuncties in bodemfunctieklassen is in tabel 7
weergegeven.
Tabel 7: Indeling in bodemfunctieklassen en naam bodemnorm. Achtergrondwaarden
Landbouw en Natuur Moestuinen
Maximale
Waarde
wonen
Wonen
en
volkstuinen
met tuin
Plaatsen waar kinderen spelen Groen
Maximale Waarde
industrie
met
natuurwaarden
Ander groen, Bebouwing Infrastructuur Industrie
Voor de onderhavige onderzoekslocatie dient te worden getoetst aan de maximale waarden wonen (MWW). De maximale waarden wonen worden bepaald aan de hand van het lutum- en organisch stofgehalte (zie tabel 6), waarbij voor de locatie wordt uitgegaan van een bepaald humus-