2024-109 03 2e bijstellingsrapportage 2024
Tekst van het document
Inhoud Inleiding ....................................................................................................................................................3 Resultaat...............................................................................................................................................3 Hoofdstuk 1: Bijstellingen programma’s ...................................................................................................5 Hoofdstuk 2: Bijstellingen projecten/grondexploitatie ...............................................................................7 Storting in / dekking uit reserves exploitatie en projecten.....................................................................9
2
Inleiding De Begroting 2024 is op 14 november 2023 vastgesteld en in het voorjaar is de 1ste Bijstellingsrapportage 2024 vastgesteld. Inmiddels zijn er enkele ontwikkelingen geweest waardoor de begroting op onderdelen niet meer de actuele stand van zaken weergeeft. Met deze bijstellingsrapportage worden voorstellen gedaan om de begroting zodanig aan te passen (vooral in financiële zin) dat er weer een actueel beeld ontstaat. De bijstellingen in deze rapportage zijn gemaakt op basis van reële inschattingen. Voor zover deze bijstellingen een structureel karakter hebben worden ze meegenomen in de Begroting 2025. In hoofdstuk 1 zijn de bijstellingen op de programma’s opgenomen en in hoofdstuk 2 de bijstellingen van de investeringsprojecten en de grondexploitatie.
Resultaat Deze bijstellingsrapportage sluit met een positief resultaat van € 1.275.000 in 2024. Voor de jaren 2025 en verder zijn er geen structurele financiële effecten. Het voorstel is om dit positieve resultaat toe te voegen aan het begrotingssaldo 2024. Dit saldo is op dit moment € 346.000 en wordt dan € 1.621.000. Het negatief resultaat van de 1ste bijstellingsrapportage van € 651.000 in 2024 is onttrokken uit het begrotingssaldo 2024.
3
Programma
Bijstelling Bijstelling lasten 2024 baten 2024
Bijstelling Bijstelling lasten 2025 baten 2025
Bijstelling Bijstelling lasten 2026 baten 2026
Bijstelling Bijstelling lasten 2027 baten 2027
2.1 Werk en Inkomen
619.000
-
-
-
-
-
-
-
Financierings- en algemene dekkingsmiddelen
400.000
2.683.000
-
-
-
-
-
-
Kostenplaatsen
164.000
-
-
-
-
-
-
-
Projecten/grondexploitatie
575.000
-
-
-
-
-
-
-
Saldo lasten en baten
1.758.000
2.683.000
-
-
-
-
-
-
Saldo 2de bijstellingsrapportage 2024
925.000
Mutatie (bestemmings)reserves
225.000
Saldo exploitatie na dekking bestemmingsreserves
Mutatie bestemmingsreserves Reserve Schering en inslag Risicoreserve grondexploitatie Reserve fonds infrastructurele werken Reserve herziening bestemmingsplannen
575.000
1.275.000
-
Toevoeging Onttrekking 25.000
-
projecten
-
490.000
projecten
-
60.000
projecten
225.000
-
exploitatie
225.000
575.000
4
-
-
-
Hoofdstuk 1: Bijstellingen programma’s Algemene dekkingsmiddelen Bijstelling lasten 2024 0
Bijstelling baten 2024
Toelichting
2.177.000 Algemene uitkering n.a.v. Meicirculaire 2024 506.000 Algemene uitkering n.a.v. Septembercirculaire 2024
400.000 400.000
0 Pensioenvoorziening 2.683.000
Algemene uitkering n.a.v. Meicirculaire 2024 (baten incidenteel) In de Meicirculaire 2024 zijn diverse mutaties opgenomen die effect hebben op de omvang van de algemene uitkering van Peel en Maas. Uiteindelijk resulteert een positief effect van € 2.177.000 waarvan een deel bestemd is voor NLW (zie programma 2.1) en een ander deel ingezet zal worden ter compensatie van de kosten bij de invoering van de Omgevingswet door een toevoeging aan de reserve herziening bestemmingsplannen. Bruto -effect meicirculaire 2024
2.177.000
Doorbetalen WSW-middelen aan NLW Invoering Omgevingswet t.b.v. kosten 2024 Effect t.o.v. begrotingssaldo
619.000 225.000 1.333.000
Het positieve effect uit de Meicirculaire wordt voornamelijk veroorzaakt door een afrekening van het BTW Compensatiefonds (BCF) over 2023 en actualisatie van de maatstaven waar de verdeling op gebaseerd is. Gemeenten hebben over 2023 minder BTW gedeclareerd bij het BCF dan verwacht, waardoor er een overschot is over dat jaar. Tekorten en overschotten in het BCF worden verrekend met het gemeentefonds. Daarmee ontstaat een voordeel voor de gemeenten. Het gemeentefonds wordt verdeeld over gemeenten via een aantal maatstaven zoals inwoners, oppervlakte land e.d.. Bij veel van die maatstaven wordt voorafgaand aan een jaar een inschatting gemaakt en deze wordt gedurende het jaar bijgesteld als de werkelijke aantallen/ gegevens bekend zijn. Bij deze circulaire zijn de gegevens m.b.t. de maatstaven eenpersoonshuishoudens, huishoudens met een laag inkomen en inwoners ouder dan 75 jaar geactualiseerd wat per saldo leidt tot een voordeel voor Peel en Maas. Verder zijn bij deze circulaire extra middelen toegevoegd voor de sociale werkvoorziening (loon- en prijsbijstelling en bevordering infrastructuur) en compensatie voor de invoering van de Omgevingswet. Deze middelen willen we inzetten om de kosten die hiermee samenhangen te dekken.
Dat betekent dat we de middelen met betrekking tot de Omgevingswet willen toevoegen aan de daarvoor bestemde reserve (herziening bestemmingsplannen) en de WSW-middelen opnemen bij programma 2.1 Werk en inkomen. Algemene uitkering n.a.v. Septembercirculaire 2024 (baten incidenteel) In de Septembercirculaire 2024 is de algemene uitkering ten opzichte van de Meicirculaire positief bijgesteld. De reden daarvoor is de afrekening van het BTW Compensatie Fonds (BCF). Voor de Rijksoverheid is het BCF budgettair neutraal. Dat betekent dat wanneer gemeenten in totaal meer BTW declareren dan in het fonds is opgenomen de algemene uitkering wordt gekort. Als gemeenten minder aan BTW declareren bij het BCF dan wordt het overschot aan de algemene uitkering toegevoegd. Over 2024 is er een overschot op het BCF en dus wordt de algemene uitkering verhoogd. Omdat wij vooraf dit mogelijke voordeel niet al inboeken, ontstaat nu een financieel voordeel van € 506.000. Pensioenvoorziening (lasten incidenteel) Met ingang van 2020 is er een pensioenvoorziening in eigen beheer voor (voormalige) wethouders en hun nabestaanden. Jaarlijks worden er actuariële waardenberekeningen opgesteld van de pensioenverplichting die de gemeente heeft. Door de rentedaling van dit jaar is de rekenrente gedaald. 5
Dit betekent volgens de prognose in 2024 dat de toekomstige pensioenverplichtingen onvoldoende oprenten. Hierdoor ontstaat er een tekort om in de toekomst aan de pensioenverplichtingen te voldoen. In 2024 zal een bedrag van € 400.000 moeten worden toegevoegd aan de pensioenvoorziening in eigen beheer.
Programma 2.1 Werk en inkomen Bijstelling lasten 2024
Bijstelling baten 2024
Toelichting
619.000
0 Bijdrage NLW (algemene uitkering)
619.000
0
Bijdrage NLW (algemene uitkering) (lasten incidenteel) Zoals al eerder is aangekondigd worden de middelen voor de Wet sociale werkvoorziening (WSW) die onderdeel zijn van de integratie-uitkering Participatie in 2024 opgehoogd om gemeenten tegemoet te komen bij de financiële uitdagingen die zij ervaren rondom de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven. Verder wordt de rijksbijdrage voor beschut werk verhoogd en zijn de budgetten aangepast vanwege loon-en prijsindexatie. Volgens afspraak met onze WSW-organisatie NLW betalen we de extra rijksmiddelen voor loon- en prijsindexatie door aan NLW. De extra middelen voor de infrastructuur worden in samenspraak met de regiogemeenten ingezet ten behoeve van de NLW en het onderzoek naar de toekomst van NLW.
Kostenplaatsen Bijstelling lasten 2024
Bijstelling baten 2024
Toelichting
164.000
0 BsGW
164.000
0
BsGW (lasten incidenteel) Naar aanleiding van het negatieve jaarrekeningresultaat 2023 (-/- € 1.293.000) en de gewijzigde verwerking van het Ondernemings- en ontwikkelplan (OOP) (-/- € 4.000.000) heeft het Algemeen Bestuur van BsGW besloten dat er € 5.293.000 bijgestort moet worden in 2024 om het weerstandsvermogen weer op het vereiste niveau te krijgen. Het aandeel van Peel en Maas hierin bedraagt € 181.000. De gewijzigde verwerking van het OOP betreft geen kostenverhoging, maar een verschuiving van de lasten die nu in één keer genomen moeten worden in plaats van uitgesmeerd over de periode 2024 tot en met 2027. Als een gevolg hiervan is de begroting 2024 tot en met 2027 van de BsGW naar beneden bijgesteld en het “OOP-deel” dat in de begroting 2024 was opgenomen (€ 600.000) inmiddels door BsGW teruggestort. Het aandeel van Peel en Maas hierin bedroeg € 17.000. Per saldo moet er daarom € 164.000 bijgeraamd worden. Op basis van de laatst vastgestelde bestuursrapportage verwacht BsGW over het boekjaar 2024 een positief resultaat van € 800.000.
6
Hoofdstuk 2: Bijstellingen projecten/grondexploitatie Onderwerp: Komremmers N275 in Beringe Voor de aanpassing van de rotonde Bonaparte in Beringe is eerder een budget beschikbaar gesteld van € 200.000. Na uitvoerig overleg met Provincie Limburg is gebleken dat er geen aanpassingen aan de rotonde worden gedaan. Wel heeft de provincie toestemming gegeven aan de gemeente om twee komremmers op de N275 te realiseren (langs de Noordervaart en op de Noorderbaan). Deze realisatiekosten komen voor rekening van de gemeente Peel en Maas. De provincie draagt hier financieel niet aan bij. Dit budget is begin 2023 geïndexeerd als gevolg van forse prijsstijgingen. Het budget is bij raadsbesluit van februari 2023 verhoogd met € 80.000. Daarnaast is in de 2de Bijstellingsrapportage 2023 op basis van de globale raming een bedrag bijgeraamd van € 80.000. Hiermee is een budget beschikbaar van € 360.000, waarvan inmiddels € 55.000 aan voorbereiding besteed is (per saldo resteert € 305.000). Momenteel is een actuele raming opgesteld op basis van aangepaste eisen Provincie Limburg*, bodemen asfaltonderzoeken, een korte compacte uitvoeringsduur en extra maatregelen voor het omleiden van verkeer. De raming bedraagt € 395.000 (incl. VAT). De extra vraag om middelen bedraagt € 90.000. (* provincie eis dat beide rijbanen worden opgebroken om naden in de lengterichting te voorkomen i.v.m.
rijbegeleidingssystemen van auto’s). De extra kapitaallasten, bij een afschrijvingstermijn van 40 jaar, bedragen € 4.000. Deze kunnen opgevangen worden binnen het programma 1.2 Beheer fysieke leefomgeving. Uitvoering is gepland voor het 2e kwartaal 2025. Infra centrum Kessel Op 6 juli 2021 heeft de raad € 300.000 beschikbaar gesteld voor aanpassing van de aangrenzende infrastructuur rondom gemeenschapshuis De Paort in Kessel. Sinds die tijd hebben we de prijzen moeten indexeren en is het huidige budget niet meer toereikend. Omdat we gebruik maken van duurzame materialen zoals gebakken klinkers en natuursteen ontstaat een flinke stijging van de kosten. Ook het percentage dat we berekenen over het subtotaal (staartkosten) is flink gestegen ten opzichte van 2021. Om de herinrichting in de openbare ruimte in 2025 te kunnen realiseren zal een bedrag bijgeraamd moeten worden van € 125.000. De extra kapitaallasten, bij een afschrijvingstermijn van 40 jaar, bedragen € 4.000. Deze kunnen opgevangen worden binnen het programma 1.2 Beheer fysieke leefomgeving. Doorontwikkeling Panningen Zuid In het raadvoorstel voor het realisatiekrediet huisvesting Buurtcollege is aangegeven dat in de eerstvolgende bijstellingsrapportage een aanvullend voorbereidingskrediet gevraagd wordt van € 150.000 voor de doorontwikkeling van Panningen Zuid.
Door het situeren van het Buurtcollege op de locatie van de voormalige basisschool Panningen Zuid is een aanpassing van het ontwerp nodig voor de locatie Panningen Zuid (het noordelijke deel van het oorspronkelijke plangebied). Ook met het ontwerp voor het SV Egchel-terrein kan worden gestart. Dekking vindt plaats uit de reserve risico’s grondexploitaties. De actuele stand van de vrije beschikkingsruimte van deze reserve is momenteel, na de voorgestelde bijstellingen, € 1.201.000. Impuls gezonde leefomgeving ringovenpark Panningen In het project Ringovenpark bestaat het deelproject ‘In het Ringovenpark kan iedereen ontmoeten, beleven en bewegen’. Voor dit deelproject heeft ‘ZonMw kennisketen’ maximaal € 40.000 subsidie beschikbaar gesteld. De subsidie biedt de mogelijkheid om de sobere inrichting van het ontmoetingsplein met een moestuin en een plukbos binnen het project “een klimaatbestendig Ringovenpark” op te plussen. Daarom is gekozen voor een educatief programma met de GGD met daarin gezonde keuzes die gekoppeld worden aan de moestuin en het plukbos. Tevens biedt dit programma ook kansen om de sociale cohesie tussen jong, oud en met/zonder beperking extra te stimuleren en te bevorderen doordat samengewerkt wordt in moestuin/plukbos. Van de € 40.000 is € 5.000 gereserveerd voor het educatieve programma van de GGD en de rest voor de aanleg van moestuin/plukbos.
Het subsidiebedrag van € 40.000 moet budgettair neutraal als inkomst en uitgave worden bijgeraamd.
7
Extra kosten evacuatieroute Baarlo Als gevolg van het ophogen van delen van de evacuatieroute moet een rivierkundige berekening worden gemaakt. Deze berekening heeft betrekking op het betreffende gebied in Baarlo in relatie tot het dijktracé Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) dat in de toekomst moet zorgen voor de hoogwaterveiligheid van Baarlo. Deze extra kosten zijn het gevolg van gemaakte ontwerpkeuzes voor de evacuatieroutes en bedragen € 25.000. De kosten kunnen worden gedekt uit de reserve Schering en Inslag. Na de wijzigingen in de 1ste bijstellingsrapportage 2024 bedraagt de stand van deze reserve € 267.000. Bedrijventerrein de Schor Maasbree Bij raadsbesluit van 21 december 2021 zijn twee voorbereidingskredieten beschikbaar gesteld voor de uitbreiding bedrijventerrein de Schor (320703) en de nieuwe ontsluitingsweg bedrijventerrein de Schor (210713) en respectievelijk € 120.000 te dekken uit de reserve risico’s grondexploitatie en € 100.000 te dekken uit de reserve fonds infrastructurele werken. Voor zowel de uitbreiding als de ontsluiting van het bedrijventerrein De Schor zijn door ruimtelijke factoren en door signalen vanuit de omgeving, meerdere mogelijkheden bekeken en daardoor meer onderzoeken verricht. Voor de uitbreiding heeft dit een koerswijziging tot gevolg gehad.
Nu wordt een uitbreiding in noordelijke richting onderzocht in plaats van het eerder beoogde uitbreidingsgebied oost. Voor de ontsluiting werd gekoerst op een nieuwe aansluiting vanuit de zuidoosthoek van het bestaande bedrijventerrein naar de Provincialeweg N275. Mede op aandringen van de provincie en de externe klankbordgroep is een verkeersstudie uitgevoerd, waarin meerdere ontsluitingsvarianten zijn onderzocht. Uit deze studie kwam de genoemde en reeds eerder beoogde nieuwe ontsluiting als beste variant naar voren. Ook heeft de provincie gevraagd een verkeersmodelanalyse uit te voeren om het effect op het onderliggend wegennet in kaart te brengen. Bovenstaande aanvullende onderzoeken en studies zorgden voor meerkosten en extra inzet om deze te begeleiden. Dit heeft ertoe geleid dat het eerder beschikbaar gestelde krediet niet toereikend is. Tot eind 2025 verwachten we nog een aanvullend krediet van € 150.000 nodig te hebben voor beide projecten, te weten € 90.000 voor ex- en interne kosten plan uitbreiding bedrijventerrein de Schor en € 60.000 voor ex- en interne kosten nieuwe ontsluitingsweg. Dekking van de € 90.000 aan extra voorbereidingskosten bedrijventerrein kan plaatsvinden ten laste van de reserve risico’s grondexploitatie (de actuele stand van de vrije beschikkingsruimte van deze reserve na verwerking van voorgestelde mutatie is momenteel € 1.201.000).
De dekking van de kapitaallasten (bij een afschrijvingstermijn van 5 jaar) van € 60.000 meerkosten voorbereiding ontsluitingsweg kunnen, net als het oorspronkelijke krediet, ten laste van de reserve fonds infrastructurele werken worden gebracht (de actuele stand van de vrije beschikkingsruimte van deze reserve, na verwerking van de voorgestelde mutaties, is momenteel € 1.656.000). Het totaal van de kosten van ontsluitingsweg van € 160.000 zal hiervoor overgeheveld worden van de reserve fonds infrastructurele werken naar de reserve dekking kapitaallasten. De grondaankopen die benodigd zijn voor beide projecten zullen plaatsvinden vanuit de grondbank en eventueel de post strategische verwervingen. Deze zullen pas na akkoord van de grondexploitatie die samen met de wijziging omgevingsplan zal worden aangeboden aan de raad ten laste van de grondexploitatie worden gebracht. Meuleveld Maasbree Het gebied Meuleveld in Maasbree is het gebied gelegen ten zuiden van de Molenstraat en ten noorden van de Westeringlaan. Omstreeks 2006-2007 is de lintbebouwing aan de Molenstraat mogelijk gemaakt (fase 1). Nu de kavels in het plangebied In den Bosch zijn verkocht wordt conform de woonagenda 20232024 het plan Meuleveld opgepakt. Het gebied in eigendom van de gemeente is ongeveer 3,5 ha groot (van de voormalige sportvelden resteert nog ongeveer 3 ha en verder 3 recent aangekochte kavels).
De gronden staan administratief verantwoord in de grondbank. Aangrenzend aan dit gebied ligt nog een perceel van een projectontwikkelaar van ca. 0,6 ha. Gevraagd wordt een voorbereidingskrediet beschikbaar te stellen voor de ontwikkeling van dit gebied (inof exclusief grond van de projectontwikkelaar) voor het realiseren van woningbouw in de kern Maasbree. Daarbij behoort ontwikkeling in meerdere fasen tot de mogelijkheid. De voorbereidingskosten betreffen zowel externe kosten als interne kosten en worden geraamd op € 250.000. Dekking kan plaatsvinden ten laste van de reserve risico’s grondexploitatie. De actuele stand van de vrije beschikkingsruimte van deze reserve is, na verwerking van de voorgestelde mutaties, momenteel € 1.201.000
8
Storting in / dekking uit reserves exploitatie en projecten Reserve herziening bestemmingsplannen Toevoeging compensatie Omgevingswet algemene uitkering Vrij beschikbaar bedrag (na verwerking bijstellingen)
€ €
Reserve risico’s grondexploitatie Onttrekking doorontwikkeling Panningen-Zuid Onttrekking uitbreiding bedrijventerrein De Schor (project) Onttrekking Meuleveld (project) Vrij beschikbaar bedrag (na verwerking bijstellingen)
€ 150.000 € 90.000 € 250.000 € 1.201.000
Reserve Schering en inslag Onttrekking extra kosten evacuatieroute Baarlo (project) Vrij beschikbaar bedrag (na verwerking bijstellingen)
€ €
Reserve fonds infrastructurele werken Onttrekking interne kosten ontsluitingsweg (project) Vrij beschikbaar bedrag (na verwerking bijstellingen)
€ 160.000 € 1.656.000
9
225.188 760.000
25.000 267.000
10