CConstaterende datPeel en Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-078 12 Toelichting - Bijlage 9 - Advies document archeologie (Econsultancy) (geanonimiseerd)

Raad 27 juni 2024, gemeente Peel en MaasBij agendapunt: Vaststellen “Bestemmingsplan Vieruitersten 24 Meijel”, wijziging van Agrarisch- Intensieve veehouderij naar Agrarisch Grondgebonden en vergroten van het bouwvlak (2024-078)3.661 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Eco/nsultancy ADVIESDOCUMENT VIERUITERSTEN TE

ARCHEOLOGIE

24

MEIJEL

GEMEENTE

PEEL

EN

MAAS

©O Archeologie

adviesdocument archeologie Vieruitersten 24 te Meijel Opdrachtgever

Rapportnummer | 7490001 Versienummer! | , Datum | 28 oktober 2021

Vestiging | | mourg Rijksweg Noord 39 6071 088

KS

Swalmen

- 5001600

Opsteller Paraaf

Kwaliteitscontrole Paraaf

© Econsultancy bv, Swalmen Foto's en tekeningen: Econsultancy bv, tenzij anders vermeld. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Econsul-

tancy aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek. ISSN: 2210-8777 (Analoog rapport) ISSN: 2210-8785 (Digitaal rapport E-depot) ! Versie 1 betreft een rapport waarvan geen beoordeling van de bevoegde overheid i ontvangen, bij versie 2 is het rapport wel beoordeeld door de bevoegde overheid.

Administratieve gegevens plangebied

Projectcode Toponiem

17490001 Viertersten 24

Opdrachtgever

Gemeente Plaats Provincie

Peelen Maas Meijel Limburg

Kadastrale gegevens

Gemeente Meijel, Sectie F, perceel 232 (ged ) 913 en 1597 (ged)

Omvang plangebied

Girea 2,65 hectare

Coördinaten centrum plangebied

X:190.525

Bevoegde overheid

Gemeente Peel en Maas

Deskundige namens de bevoegde overheid

ArchAeO Archeologische Advisering en

V: 374450

Ondersteuning

Beheer en plaats documentatie

Econsultancy, Swalmen

Uivoerder

Econsultancy,

Kwaliteitszorg Econsuitancy is onder meer gecertificeerd voor protocollen 4001, 4002, 4003 en 4004 van de BRL SIKB 4000. Verder i Econsuitancy ld van de Nederlandse Vereniging van Archeologische Opgravingsbedrijven (NVAO). De leden van de NVAO bieden kwalitatief hoogstaand archeologisch onderzoek. Het lidmaatschap is een waarborg voor kwaliteit en betrouwbaarheid. Tevens is Econsultancy aangesloten bij de Vereniging van Ondernemers in Archeologie (VOIA). De VOIA behartigt de belangen van meer dan 100 bedrijven in alle takken van de archeologie. Betrouwbaarheid

Dit onderzoek is op zorgwuldige wijze uitgevoerd, conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een booronderzoek wordt in het algemeen uitgevoerd door het steekproefsgewijs onderzoeken van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een booronderzoek, onmogelik is garanties af te geven ten aanzien van de aan- of afwezigheid van archeologische waarden. In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altjd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsuitancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.

Rappon 17480001 verie 1

Eco/nsu\canc*y INHOUDSOPGAVE

1

INLE! IDING. 11

2

Aanleiding tot het onderzoek en leeswijzer …

QUICKSCAN.

21 22 23 24

Doelstelling en onderzoeksvragen … Huidige situatie van het plangebied Toekomstige situatie. _ Archeologische waarden .

25 3

_

Beschrijving van het historische gebruik

CONCLUSIE

EN

ADVIES

LITERATUUR.. BRONNEN.

LIJST VAN

TABELLEN

Tabell.

Geraadpleegd historisch kaartmateriaal

LIJST

_

VAN

AFBEELDINGEN

Figuur 1. Figuur 2. Figuur 3.

Het plangebied op de topografische kaart Het plangebied op een luchtfoto situering van het plangebied binnen de archeologische beleidskaart.

Figuur 4.

Het plangebied op historische kaarten.

BIJLAGEN

Bijlage 1 Bijlage 2

Rappon 17480001

AMZ-cyclus Planontwerp

Eco/nsu\tar\c*y 1

INLEIDING

1.1

_ Aanleiding tot het onderzoek en leeswijzer

Econsultancy heeft in opdracht van een adviesdo-cument archeologie opgesteld voor de locatie Vieruitersten 24 te Meijel in de gemeente Peel en Maas (zie figuur 1 en 2). De initiatiefnemer wil het plangebied omvormen van een intensieve veehouderij naar een paardenhouderij. Het archeologisch onderzoek is noodzakelijk om te bepalen of er archeologische waarden aanwezig zijn binnen het plangebied en of deze door de voorgenomen bodemingrepen kunnen worden aangetast. Binnen het kader van de Erfgoedwet (juli 2016), voortvloeiend uit het Verdrag van Malta uit 1992, is men verplicht voorafgaand archeologisch onderzoek uit te voeren (zie bijlage 1).

2

QUICKSCAN

21

_ Doelstelling en onderzoeksvragen

Het doel van de quickscan is om een beeld te geven van de archeologische verwachting het opstellen van een gespesificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Hiervoor wordt een inventarisatie gemaakt van bekende archeologische en historische kaarten. Aan de hand van deze inventarisatie wordt het archeologisch advies opgesteld. Bij het uitvoeren van deze werkzaamheden zijn de volgende bronnen geraadpleegd:

4 22

het Archeologische Informatie Systeem (ARCHIS); historisch kaartmateriaal;

bouwhistorische gegevens; de recente topografische kaart (schaal 1:25.000); recente luchtfoto's;

de archeologische verwachtingskaarten van de gemeente Peel en Maas; _ Huidige situatie van het plangebied

Vigerend beleid Sinds 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. Het doel van deze wet is te voorkomen dat archeologische waarden uit het verleden verloren gaan. In deze wet zijn de gemeenten verantwoordelijk voor het beheer van het bodemarchief binnen hun grondgebied. Voor een goed beheer van dit bodemarchief gebruikt de gemeente een archeologische beleidskaart. De archeologische beleidskaart geeft een gemeentebreed overzicht van bekende en te verwachten archeologische waarden. De kaart maakt inzichtelijk waar en bij welke ruimtelijke ingrepen een archeologisch onderzoek verplicht is en wordt als toetsingskader gebruikt voor ruimtelijke procedures. Het plangebied valt binnen het bestemmingsplan Buitengebied Peel en Maas (2014). Volgens dit bestemmingsplan heeft het centrale deel van het plangebied een dubbelbestemming Waarde Archeologie 2. Volgens de bijbehorende planregels is archeologisch onderzoek hier noodzakelijk bij bodem-

ingrepen groter dan 100 m? en dieper dan 40 cm beneden maaiveld. De rest van het plangebied heeft geen dubbelbestemming archeologie. Hiervoor zijn geen planregels vastgesteld.2 ? Portaal voor Ruimtelijke Plannen.

Rappor 17480.001 verie 1

Pagina1van $

Eco/nsu\tar\c*y De dubbelbestemming s afgeleid van de archeologische beleidskaart en de bijbehorende beleidsnota van de gemeente Peel en Maas. Volgens de beleidskaart (zie Figuur 3) ligt het centrale deel van het plangebied in een AMK-terrein van zeer hoge archeologische waarde of een cultuurhistorisch object met archeologische waarde, waarbij het voor het plangebied om een (cultuurhistorische) boerderij zou gaan.

De rest van het plangebied

ligt in een gebied met lage verwachting

(waarvoor ook volgens de

beleidskaart geen voorschriften tellen).3 Volgens de archeologische overzichts- en verwachtingenkaart van de gemeente Peel en Maas heeft het plangebied geheel een lage verwachtingswaarde, maar ligt binnen het plangebied historische

Boerderij de Kwakvors (boerderij B 85).+ 23

Toekomstige

situatie

Het toekomstige gebruik/inrichting van het plangebied kan gevolgen hebben op het in-/ex-situ behoud van de archeologische waarde. In het plangebied is de bouw van een paardenhouderij gepland, bestaande uit verschillende gebouwen en mestkuilen ten noordwesten van de verharde weg en een paardrijdbak ten zuidoosten van de weg (zie bijlage 2). De geplande werkzaamheden kunnen tot gevolg hebben dat eventueel aanwezige archeologische waarden worden verstoord. 24

_ Archeologische

waarden

Voor de uikomst van het onderzoek is het van belang de bekende archeologische waarden (al dan niet volledig onderzocht) te beschrijven. Een belangrijke informatiebron is het landelijke ARCHeologisch Informatie Systeem (ARCHIS), dat beheerd wordt door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE).5 In dit systeem worden alle archeologische gegevens verzameld en via internet zijn deze door bevoegden te raadplegen. Er zijn in ARCHIS geen AMK-terreinen of vondstmeldingen bekend in een straal van 800 meter rond het plangebied. 25

_ Beschrijving van het historische gebruik

In het plangebied kunnen naast archeologische sporen ook historische relicten voorkomen die nog in het landschap zichtbaar zijn. Het gaat hierbij om historisch geografische relicten zoals nederzettingsvormen en wegen- en kavelpatronen. Veel van deze bewaard gebleven historische geografie geeft door de herverkavelingen in de tweede helft van de 20° eeuw een incompleet beeld van het historisch

landschap. Historische kaarten van vóór de herverkaveling zijn een goede aanvulling op het huidige incomplete beeld.

3 Sueur & Van Dijk, 2012 & 2015 * Sueur & Van Dijk, 2012 & 2015 * Archeologisch informatiesysteem Archis3, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), Amersfoort.

Rappor 17480.001 verie 1

Pagina2 van S

Historisch kaartmateriaal

De situatie van het plangebied is op verschillende historische kaarten als volgt: Tabel |.

Geraadpleegd historisch kaartmateriaal

Bron

Periode | Kaartblad _ |Schaal | Omschrijvingplangebied _ | Bijzonderheden/directe

Miltair topografische kaart®

18501864

(nettekening}

omgeving

|52

1:50.000 | Nat veengebied

Molenbaan op 120 meter ten

noordwesten van het plange-

bied al aanwezig als onverhard pad door de Peel

Miltaire topografische kaart

(veldminuuty

1895

71

1:50.000

| Nat veengebied

Kanaal van Deume

op 120

meter ten noordoosten van het

plangebied gegraven.

Miltair topografische kaart (eldminuut)

1805

71

1:50.000 | Nat veengebied

Miltaire topografische kaart

1926

71

1:50.000

| Nat veengebied

1929

71

1:50.000

| Veengebied is deels ontgon-

(eldminuut)

Miltaire topografische kaart

(veldminuuty

_ | Rest van het plangebied nog in

nen. Weg door het plangebied | gebruik als (deels natte) heide

n verkaveling ten westen hiervan zijn aangelegd. Woing in het plangebied gerealseerd.

Topografische kaart

1945

588

1:25.000 | Plangebied is verder verkaveld | Kaveis in het plangebied

Topografische kaart

1058

588

1:25.000 | Achterde woning is een kleine | Kavels in het plangebied schuur gebouwd ‘bestaan uit akker en nat

enbebouwd met woning en weg

_ | bestaan uit akker en nat grastand

grasland

Topografische kaart

1067

588

1:25.000 | Agrarisch bedrijfuigebreid _ | Rest van het plangebied

Topografische kaart

1088

588

1:25.000 | Agrarisch bedrijf verder uitge-

akkerland en grastand.

breid

Op basis van het beschikbare gedetailleerde historische kaartmateriaal blijkt dat het plangebied tot in de jaren ’20 van de 20° eeuw onderdeel was van de natte veengebieden van de Peel. Nadat het gebied vanaf de jaren '20 werd ontgonnen i in eerste instantie de nog bestaande weg door het plangebied met daaraan een woonhuis gerealiseerd. De rest van het plangebied is in fasen ontgonnen tot akkerland en grasland. De rest van de bebouwing in het plangebied is op basis van de kaarten gebouwd tussen de jaren ’50 en 80 van de 20° eeuw (zie figuur 4).

Bouwhistorische gegevens

Bij het raadplegen van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen

(BAG) van de bestaande bebou-

wing blijkt dat twee schuren in het plangebied in 1978 en 1982 zijn gebouwd, maar bij de woning en

een vierde schuur staat opvallend genoeg 1900 als bouwjaar.7 Bij het raadplegen van het gemeente-

lijk archief van de gemeente Peel en Maas (contactpersoon (geanonimiseerd) NNN (geanonimiseerd) NNN biijkt dat er geen bouwdossiers bekend zijn van vooroorlogse bebouwing. Er bestaan überhaupt geen bouwdossiers van de voormalige gemeente Meijel van voor 1943. Wel zou de woning in het plangebied in 1953 opnieuw opgebouwd zijn, mogelijk na verwoesting in de Tweede Wereldoorlog. Mogelijk hebben de twee ge-

© kadaster Topotijdreis (bron voor deze kaart en de hierop volgende kaarten in deze tabe!). 7 Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG).

Rappor 17480.001 verie 1

Paginavan S

Eco/nsu\canc*y bouwen in het plangebied een (standaard)datering datum meer bekend zijn.

3

CONCLUSIE

EN

1900 gekregen omdat er geen bouwdossiers- en

ADVIES

Op grond van de bekende gegevens

is het volgende advies opgesteld: Op de archeologische ver-

wachtings- en beleidskaarten heeft het plangebied landschappelijk gezien een lage verwachtingswaarde. Dit beeld wordt bevestigd door de historische kaarten die aangeven dat het plangebied tot in de jaren '20 van de 20 eeuw onderdeel was van de natte veengebieden van de Peel. Pas vanaf 1929 is het gebied ontgonnen en staat de eerste bebouwing in het plangebied vermeld. Deze woning, waarbij pas vanaf de jaren '50 aanvullende bebouwing is gerealiseerd, is op de archeologische verwachtingskaart aangemerkt als historische boerderij. Mogelijk hangt dit samen met de (waarschijnlijk

foutieve) datering van 1900 die bij het Kadaster op deze woning en één van de schuren staat vermeld, mogelijk vanwege het ontbreken van een bouwjaar.

(geanonimise rd) N (geanonimiseerd) archeologisch adviseur Aan de hand van deze gegevens is er overleg geweest met M voor de gemeente Peel en Maas. Samen zijn we tot de volgende conclusie gekomen: Zoals besproken, zit er iets ‘scheef in de waarneming op de archeologische verwachtings- en beleidskaarten. De boerderi lijkt wel als cultuurhistorisch object te zijn opgenomen, maar de ‘archeologische’ waarde ervan i twijfelachtig. Als de boerderij uit de jaren '30 (behalve een representatief voorbeeld van ontginningsboerderij uit begin 1900) geen verdere betekenis heeft (en waarschijnlijk n het nieuwe plan wordt gehandhaafd) is een nader archeologisch bureau- en booronderzoek niet nodig. Bovenstaand advies is van Econsultancy, in overleg met de archeologisch adviseur voor de gemeente Peel en Maas. Wij willen de opdrachtgever erop wijzen dat dit advies nog niet betekent dat de bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit document zullen eerst moeten worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Peel en Maas), die vervolgens een besluit neemt. Mochten tijdens graafwerkzaamheden toch archeologische waarden worden aangetroffen, dan dient hiervan melding te worden gemaakt conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet uit juli 2016 bij het Minis-

terie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (de Riijksdienst voor het Cultureel Erfgoed®).

® Infodesk email: info@cultureelerfgoed.nl of tel: 033-4217456.

Rappor 17480.001 verie 1

Pagina & van $

Eco/nsu\canc*y LITERATUUR

Sueur, C. en K.M. van Dijk 2012: Archeologische Overzichts- en verwachtingsskaart gemeente Peel en Maas, Past2Present-The Missing Link Sueur, C. & K.M. van Dijk, 2015: Gemeente Peel en Maas, Actualisatie Archeologische overzichts- en verwachtingskaart. ACVU-HBS/Buro de Brug bv/The Missing Link.

BRONNEN

Archeologisch informatiesysteem Archis3, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), Amersfoort, oktober

2021.

https://archis.cultureelerígoed.nl Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG), internetsite, oktober 2021. http://bagviewer.kadaster.nl Kadaster Topotijdreis; internetsite, oktober 2021. htip;/www.topotijdreis.nl/ Publieke Dienstverlening Op de Kaart (PDOK); internetsite, oktober 2021. htips://pdokviewer.pdok.nl

Rappor 17480.001 verie 1

Pagina S van

Figuur 1.

Het plangebied op de topografische kaart

adviesdocument archeologie Vieruitersten 24 in Meijel, (17490.001). Het plangebied op de topografische kaart (1:25.000). Bron: J.W. van Aalst, wrww.opentopo.nl. Legenda

D

pergenes

Rappon 17480001 verie 1

Figuur 2.

Het plangebied op een luchtfoto

Y

+

o nsu\nancy’..

025

075

100

125m

wears adviesdocument archeologie Vieruitersten 24 in Meijel,

Het plangebied op een luchtfoto uit 2020. Bron: PDOK Legenda plangebied

Rappon 17480001 verie 1

1000 (17490.001)

1e

Ecn/nsul(an* Figuur 3.

Situering van het plangebied binnen de archeologische beleidskaart. oo

!

s

r

*

i }

Á p . £

Q

!

>

+

100500

19100

9 N

+ 0100

Er.o/nsultan* 200

300

10000

400500m

adviesdocument archeologie Vieruitersten 24 in Meijel, (17490.001). Het plangebied op de gemeentelijke beleidskaart. Bron: Sueur & Van Dijk, 2015

Rappon 17480001 verie 1

Ï

adesdocument archeologie Vienutersten 24in Mjel,

(17490.001)

Legenda bij de gemeentelijke beleidskaart. Legenda

DD

ZEZNN

plangebied

waarde

Panologschregne

—_—

opentite

elen . ScManes: miades og

3072

em

Vergames B em ertenwe: 980 opoetiee

10022

oppetsite

a

aa 4 de andetoge s Gebesmet e

Oroetee 20 02 Oppentite 20 t G OE

’

p

Legenda Overig Gereeneen

o

acedosen

terteny

penteeasen

Topogate

Copto

e

water(ot0 vectr)

Rappon 17480001 verie 1

10022

naensees

n

a

r

Ozege

e

vastgestede oge waarde:

Van rkswegedor minsteri OC RCE) em oo e a

aam |

g

aa

ze

voge webetegseh waore

j

A

teenen

t Arheogce de n

tersche Bewonneerren

v wereaorere wm atebeg woedegre i veo a

; R R\’/êí;'0\\ b fA Situatie circa 1929.

Bron: Topotijdreis.

adviesdocument archeologie Vieruitersten 24 in Meijel,

4 Situatie circa 1962. Bron: Topotijdreis.

(17490.001)

Het plangebied op historische kaarten uit de 19e en 20e eeuw eeuw.

Eco/nsu\tar\c*y Bijlage 1

AMZ-cyclus

Het AMZ-proces Archeologisch onderzoek in Nederland wordt in het algemeen uitgevoerd binnen het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ). Het gehele traject van de AMZ omvat een aantal stappen die elkaar kunnen opvolgen, afhankelijk van het resultaat van de voorgaande stappen. Om inhoudelijke, prijs- en planningstechnische redenen kan er soms voor gekozen worden om bepaalde stappen gelijktijdig uit te voeren. Bovendien kan, indien reeds voldoende gegevens bekend zijn, een stap worden overgeslagen. Elke stap eindigt met een rapport met daarin een advies voor de vervolgstappen. Na elke stap wordt er een

besluit genomen

door de bevoegde

overheid, gemeente,

provincie of de

Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, op basis van de resultaten van het archeologisch onderzoek. Indien na een bepaalde stap blijkt dat geen nader vervolgonderzoek nodig is, wordt het archeologisch

onderzoek afgesloten. Ook kan de bevoegde overheid besluiten dat een vindplaats van zo groot belang is, dat deze

ín sítu behouden

moet worden.

Dan

dienen de archeologische

resten

in de grond

beschermd te worden door planaanpassing of planinpassing. Het begint met het bepalen van de onderzoeksplicht. Gemeentelijke, provinciale en landelijke archeologische waardenkaarten geven aan of het plangebied in een gebied ligt met een archeologische verwachting. Indien dit het geval is, dan zal er in het kader van de planprocedure onderzoek verricht moeten worden om te bepalen of er archeologische waarden binnen het plangebied aanwezig zijn. Hiermee start de zogenaamde AMZ-cyclus (zie schema). De eerste

fase: Bureauonderzoek

Elk archeologisch onderzoek begint met een bureauonderzoek. Dit heeft tot doel het verwerven van informatie, aan de hand van bestaande bronnen, over bekende of verwachte archeologische waarden, binnen het plangebied om tot een gespedificeerd verwachtingsmodel te komen, op basis waarvan een beslissing genomen kan worden ten aanzien van een eventuele vervolgstap. De tweede fase: Inventariserend VeldOnderzoek (IVO)

Het doel van een IVO is het aanvullen en toetsen van het gespedificeerde verwachtingsmodel. Het IVO moet informatie geven over de aan- of afwezigheid, de aard, het karakter, de omvang, de datering, de gaafheid, de conservering en de inhoudelijke kwaliteit van de archeologische waarden. Inventariserend Veldonderzoek; Booronderzoek en Veldkartering Door een booronderzoek kan er een goede inschatting gemaakt worden van de kans op archeologische waarden (grondsporen en daarmee samenhangende voorwerpen). Bij het booronderzoek is een onderscheid aangebracht in een verkennende, karterende en waarderende fase. De verkennende fase heeft tot doel inzicht te krijgen in de vormeenheden van het landschap, voor zover deze van

invloed zijn op de locatiekeuze. Op deze manier worden kansarme zones uitgesloten en kansrijke zones geselecteerd voor de volgende fasen. Tijdens de karterende fase wordt het onderzoeksgebied systematisch onderzocht op de aanwezigheid van archeologische vondsten of sporen. De waarderende fase sluit aan op de karterende fase. Het waarnemingsnet kan verdicht worden om de horizontale begrenzing, ligging en omvang van archeologische vindplaatsen vast te stellen. Een veldkartering wordt uitgevoerd wanneer vondsten of sporen aan de oppervlakte worden verwacht en zichtbaar zijn op het moment dat het onderzoek uitgevoerd wordt. Dit type onderzoek bestaat uit het systematisch belopen van het maaiveld van het plangebied.

Rappon 17480001 verie 1

Eco/nsu\canc*y Inventariserend Veldonderzoek; Proefsleuven

Als uit vooronderzoek blijkt dat binnen het plangebied archeologische resten aangetroffen kunnen worden kan de bevoegde overheid beslissen tot een proefsleuvenonderzoek, Proefsleuven zijn lange sleuven van minimaal twee tot vijf meter breed die worden aangelegd in de zones waar in de voorgaande onderzoeksfase aanwijzingen voor vindplaatsen zijn aangetroffen. De KNA schrijft voor dat bij een dergelijk onderzoek minimaal 5% van het te verstoren gebied onderzocht dient te worden. Variant archeologische begeleiding Als het vooronderzoek niet voldoende informatie heeft opgeleverd om de archeologische waarde van de archeologische resten te bepalen en indien proefsleuvenonderzoek door praktische redenen niet uitvoerbaar is, kan besloten worden tot proefsleuven variant archeologische begeleiding van de sloop- of graafwerkzaamheden. Dit betekent dat archeologen bij het graafwerk aanwezig zijn om het werk te volgen en eventuele resten te documenteren. Wanneer tijdens de werkzaamheden vondsten (van hoge archeologische waarde) naar boven komen, die aanleiding geven tot nader onderzoek, kan

alsnog besloten worden om tot een opgraving over te gaan. De derde fase: Opgraven Indien de archeologische resten niet in situ bewaard kunnen blijven, maar wel van belang zijn voor de wetenschap, kan de bevoegde overheid besluiten over te gaan tot een opgraving. Het doel hiervan i volgens de KNA het documenteren van gegevens en het veiligstellen van materiaal van vindplaatsen om daarmee informatie te behouden, die van belang is voor kennisvorming over het verleden. Variant archeologische begeleiding Als het vooronderzoek niet voldoende informatie heeft opgeleverd om de archeologische waarde van de archeologische resten te bepalen, kan besloten worden tot een opgraving variant archeologische begeleiding van de sloop- of graafwerkzaamheden. Dit betekent dat archeologen bij het graafwerk aanwezig zijn om het werk te volgen en eventuele resten te documenteren. Wanneer tijdens de werkzaamheden vondsten (van hoge archeologische waarde) naar boven komen, die aanleiding geven tot nader onderzoek, kan alsnog besloten worden om tot een opgraving over e gaan.

Rappon 17480001 verie 1

Schema van de Archeologische Monumenten Zorg Vergunningaanvraag/uimtelijke ontwikkeling v

Toetsing aan archeologisch beleid (Gemeente, Provincie, Rijk)

» | Vergunningverlening

indien geen onderzoek

nood-

zakelijk wordt geacht

v

Bureauonderzoek”

(verzamelen gegevens en opstellen verwachtingsmodel} v

Besluit

(door de bevoegde overheid op basis van resultaten) v

Inventariserend

veldonderzoek”

v

Verkennend

v

veldonderzoek

D **

Door middel van

- terreininspectie

booronderzoek*

Karterend veldonderzoek

Door middel van:

-

»|Bij geen of geringe kans op aanwezigheid van archeologie. Einde onderzoek, vrijgeven voor Iunctie (eventueel met bouwkundige voorwaarden). Ook kan besloten worden over te gaan op het begeleiden van de graafwerkzaamheden door archeologen.*””

- oppervlaktekartering

-- booronderzoek** proefsleuven"*

Y

a Besluit

(door de bevoegde overheid op basis van resultaten) v

Bewezen of hoge kans op de aanwezigheid van archeologie g

Waarderend veldonderzoek door middel van proefsleuven*”” (variant begeleiding)

»|Bij geen of geringe kans op aanwezigheid van archeologi de onderzoek, vrijgeven voor Iunctie (eventueel met bouwkundige voorwaarden). Ook kan besloten worden over te gaan op het begeleiden van de graafwerkzaamheden door archeologen.*””

v

Besluit

(door de bevoegde overheid op basis van resultaten) v

Opgraven”* Verwijderen van de archeologische resten door archeo-

v

Beschermen Bescherming van de archeologie door planaanpassing

»|Bij geen of geringe kans op aanwezigheid van archeologie, wel archeologische waarden aanwezig maar geen vervolgonderzoek noodzakelijk op grond van waardering. Einde onderzoek, vrijgeven voor functie (eventueel met bouwkundige voorwaarden).

logen (variant begeleiding) Combinatie bureauonderzoek en IVO verkennende of karterende fase mogelijk, indien een PVA aanwezig is. * Voorafgaand aan het booronderzoek dient een PvA worden opgesteld, toetsing door de bevoegde overheid * Voorafgaand aan het onderzoek dient een PVE en PA te worden opgesteld, toetsing door de bevoegde overheid. ** Na een verkennend booronderzoek kan de bevoegde overheid besluiten dat een aanvullend karterend bureauonderzoek moet worden uitgevoerd. “* Een combinatie van bureauonderzoek en IVO karterende en waarderende fase door middel van proefsleuven is mogelij, indien een PvA en een goedgekeurd PvE aanwezig is en met inster g van de bevoegde overheid. *** Een combinatie van bureauonderzoek en IVO karterende en waarderende fase door middel van proefsleuven of een IVO karterende en waarderende fase door middel van proefsleuven is mogelijk, indien een PA en een goedgekeurd PVE aanwezig is en met instemming van de bevoegde overheid

Rappon 17480001 verie 1

Eco/nsulcanc* Bijlage

2

Rappon 17480001 verie 1

Planontwerp

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=PeelenMaas&id=110a664d-10fb-4b10-936f-b4dfa6644079